CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

DOED vragen herindeling TIP Beantwoord

Raadsavond 27 januari 2026, gemeente DuivenBij agendapunt: Principebesluit Gemeentelijke herindeling1.937 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

T = Technisch (moeten voorafgaand aan de politieke avond worden beantwoord) I = Informatief (moeten voorafgaand aan de politieke avond worden beantwoord) P = Politiek (worden tijdens de politieke avond door de portefeuillehouder mondeling beantwoord) Vragen politieke avond 25 november 2025 Betreft: Principebesluit 1. In het inwonersrapport geeft 57,2% van de inwoners aan dat een fusie zal leiden tot een grotere afstand tussen inwoner en gemeente, en 45,7% vreest minder aandacht voor lokale problemen. Hoe heeft het college deze uitkomsten gewogen bij het opstellen van dit principebesluit? P Politieke vraag 2. Slechts 20,9% van de inwoners geeft aan te willen deelnemen aan vervolggesprekken, terwijl 79,1% dit niet wil, vaak omdat men vindt dat “de gemeente toch doet wat zij wil.” (Geen vraag? Maar politiek:) P Politieke vraag 3. Hoe duidt het college deze lage participatiebereidheid en wat betekent dit voor de legitimiteit van het vervolgproces? P Politieke vraag 4. Veel inwoners geven aan onvoldoende informatie te hebben over concrete gevolgen (belastingen, voorzieningen, bereikbaarheid, loketten). Waarom wordt een principebesluit voorgelegd zonder dat deze informatie vooraf beschikbaar is? I Een principebesluit vormt, zoals bekend, het formele startpunt van het herindelingstraject.

In deze fase zijn (en kunnen) de concrete gevolgen voor belastingen, voorzieningen, bereikbaarheid en loketten nog niet volledig uitgewerkt. Die worden pas in de vervolgstappen van het traject onderzocht en toegelicht. Het college wijst erop dat dit gebruikelijk is: ook beoogde partnergemeenten, Doesburg, Westervoort en Zevenaar, nemen een principebesluit zonder dat alle details vooraf beschikbaar zijn. Het principebesluit geeft richting en maakt het mogelijk om samen met inwoners en raden de verdere stappen in de uitwerking zorgvuldig vorm te geven. 5. 39,6% van de inwoners maakt zich zorgen over het verdwijnen van voorzieningen in de dorpen. Kan het college aangeven welke voorzieningen gegarandeerd behouden blijven bij een eventuele fusie? I

Los van de voorzieningen die wettelijk in iedere gemeente gegarandeerd aanwezig moeten zijn, zoals de gemeentelijke dienstverlening, kan het college geen harde garanties geven over het behoud van overige voorzieningen bij een eventuele fusie. Die garantie kan het college evenmin geven voor de gemeente Duiven zonder een fusie. Het is ook aan de gemeenteraad van de fusiegemeente om deze voorzieningen te bewaken en waar mogelijk te versterken. Uit de inwonersraadpleging blijkt dat veel inwoners het behoud van voorzieningen belangrijk vinden; dit vraagt om nadrukkelijke aandacht in de voorbereidingen. Het college merkt daarbij op dat ook de beoogde fusiepartners het behoud van voorzieningen als belangrijk thema zien, waardoor we hierin gezamenlijk kunnen optrekken. Dit komt ook tot uitdrukking in de gezamenlijke uitgangspuntennotitie. In het voorstel staat dat de financiële effecten pas in 2026 worden onderzocht. 6. Waarom is gekozen voor een principebesluit zonder voorafgaande financiële onderbouwing? I Het principebesluit markeert het begin van het herindelingstraject en geeft richting aan de verdere uitwerking. In deze fase zijn de financiële effecten nog niet volledig uitgewerkt; die worden in de vervolgstappen onderzocht en onderbouwd met een herindelngsscan.

Dit is gebruikelijk bij herindelingen: eerst wordt in principe besloten tot samenwerking, daarna volgt de financiële analyse. Daarbij is onder meer van belang dat het beeld van de financiële effecten blijft veranderen. Zo heeft de besluitvorming van de gemeenteraden bij de vaststelling van de begrotingen effect op de voorzieningen, de reserves en de belastingen. Bovendien moet de gemeenteraad op een later moment nog instemmen met zowel het herindelingsontwerp als het herindelingsadvies, waardoor er meerdere momenten zijn om de financiële onderbouwing mee te wegen in de besluitvorming. 7. Welke kosten worden in de periode 2025–2026 verwacht voor het fusieproces (organisatie, communicatie, projectleiding, externe ondersteuning)? I Het is te verwachten dat het aandeel van Duiven in de kosten voor de periode tussen het principebesluit en het herindelingsontwerp netto ongeveer €50.000 zal bedragen (na aftrek van provinciale subsidie). Dit betreft zaken zoals projectorganisatie, communicatie, inwonersraadpleging en extern advies. Deze kostenraming is gebaseerd op ervaringen van eerdere herindelingen in het land en op advies van externe deskundigen. De voorbereiding van het herindelingsontwerp is een gezamenlijk proces met de beoogde fusiegemeenten, waarbij elke gemeente een gelijk aandeel in de gezamenlijke kosten bijdraagt.

Overigens zijn de kosten die in 2025 zijn gemaakt voor de fase van het intentiebesluit tot het principebesluit eveneeens zo’n €50.000 netto.

8. Graag uitgesplitst in incidenteel en structureel. I De kostenraming is gebaseerd op de ervaringen van eerdere herindelingen in het land. De kosten zijn naar hun aard incidenteel. 9. In de inwonersraadpleging worden zorgen geuit over het “opvangen” van financiële problemen uit andere gemeenten. Welke analyses zijn er gemaakt van de financiële positie, schuldenlast en investeringsopgaven van Westervoort, Doesburg en Zevenaar, en de mogelijke gevolgen daarvan voor Duiven? I Tijdens de informele raadsavond op 28 oktober jl. is een eerste analyse gepresenteerd van de financiële situatie van de gemeenten Duiven, Westervoort, Zevenaar en Doesburg. De precieze financiële gevolgen zullen op een later tijdstip, bijvoorbeeld tijdens de herindelingsscan, verder worden uitgewerkt. Het is gebruikelijk om eerst een principebesluit te nemen voordat dergelijke onderzoeken kunnen plaatsvinden. 10. Wat zijn de verwachte effecten van harmonisatie van tarieven (bijv. OZB, afvalstoffenheffing, parkeertarieven) voor inwoners van Duiven? I Graag inzicht in mogelijke scenario’s. I Vaststelling van deze tarieven is in principe een zaak van een nieuw te vormen gemeenteraad. In de voorbereiding zal in overleg tussen de fusiepartners een overzicht van verschillen en overeenkomsten worden opgesteld en zullen verschillende scenario’s (bv.

laagste tarief, gemiddeld tarief, gelijkblijvende opbrengst e.a.) worden opgesteld waaruit een voorstel voor de nieuwe gemeenteraad kan worden geformuleerd. 11. De raadpleging laat zien dat 72,5% van de inwoners een lokaal gemeenteloket essentieel vindt. Kan het college aangeven waar fysieke loketten in de nieuwe gemeente worden voorzien? I Nee. Het principebesluit heeft als doel om richting te geven voor het herindelingsontwerp. De precieze uitwerking volgt op een later moment. 12. In het voorstel staat dat “dienstverlening onder druk kan komen te staan”. Welke concrete dienstverleningsrisico’s zijn geïdentificeerd en welke beheersmaatregelen worden getroffen? I Het bouwproces van een nieuwe organisatie (en nieuw bestuur) gaat in fasen. In de fase van voorbereiding (tot fusiedatum) gaat het “gewone werk” normaal door en zullen inwoners en anderen er weinig effect van ondervinden. Direct na fusiedatum zal een periode zijn (in ieder geval 1 à 2 jaar) waarin er startvraagstukken zullen zijn en soms nog storingen of leerpunten opdoemen. Na die periode zal dat soms ook

nog wel gebeuren maar zullen inwoners en anderen ook de vruchten kunnen gaan plukken van een sterkere en effectieve organisatie en bestuur. 13. Worden wijk- of kerngebonden teams gegarandeerd in de nieuwe organisatie? I Zo ja: hoe wordt dit vormgegeven? I Zo nee: waarom niet, gezien de nadruk van inwoners op nabijheid en maatwerk? I Een en ander wordt in de volgende fases van het herindelingsproces uitgewerkt. 14. Kan het college toelichten hoe lokale voorzieningen, sportverenigingen, buurthuizen, scholen en dorpsbudgetten worden geborgd binnen één grotere gemeentelijke organisatie? I Zie het antwoord op vraag 5. 15. 40,1% van de inwoners vreest verlies van het dorpskarakter. Hoe wordt dit risico ondervangen in het fusieproces? I Door het formuleren van lokale en gezamenlijke uitgangspunten om het belang van dorpen en kernen centraal te blijven stellen en door actief te sturen op een vorm van bestuur en organisatie in de nieuwe gemeente die hier zo goed mogelijk rekening mee houdt. In de collectieve uitgangspuntennotitie is hier ook het een en ander over vastgelegd. 16.

Het voorstel spreekt over het ontwikkelen van “een nieuwe Liemerse identiteit.” Hoe wordt gewaarborgd dat de bestaande identiteit van Groessen, Loo en Duiven behouden blijft en niet verwatert? I De identiteit van deze lokale gemeenschappen (en die van de andere kernen, dorpen en steden in de nieuw te vormen gemeente) zijn en blijven de basis voor het maatschappelijk leven van onze inwoners. Een (deels nog te ontwikkelen) Liemers identiteit zal daar bij aansluiten en gericht zijn op het typische meerkernige en veelal kleinschalige samenlevingspatroon in de nieuwe gemeente. 17. De inwoners geven aan dat maatwerk per dorp essentieel is. Welke instrumenten krijgt een toekomstige Liemerse gemeente om daadwerkelijk per kern te differentiëren in beleid en uitvoering? T Een gemeente heeft een groot aantal mogelijke instrumenten om dit vorm te geven. Zowel organisatorisch (gebiedsgericht werken), bestuurlijk (bv. kernwethouders) als financieel (bv. specifieke fondsen). Inzet hiervan begint met het goed aansluiten op behoeften, waarden en kenmerken van iedere kern, bijvoorbeeld op basis van een “dorpenagenda”. In de voorbereiding van de nieuwe gemeente zullen deze instrumenten (en evt. andere) worden geïnventariseerd en uitgewerkt tot een voorstel voor een in de nieuwe gemeente toe te passen totaalaanpak. Het is

uiteindelijk aan de nieuwe gemeente(raad) om te beslissen hoe deze instrumenten in de nieuwe gemeente zullen worden ingezet. 18. Wat is het handelingsperspectief als één van de vier gemeenten besluit het fusietraject niet voort te zetten? T Op dit moment wordt daar niet van uitgegaan en er zijn dus ook (nog) geen terugvalopties onderzocht. Mocht het zich voordoen, dan zal aan de hand van de situatie en de onderliggende drijfveren daarvan bepaald moeten worden wat voor alle partijen de beste oplossing kan zijn. 19. Is het mogelijk dat de herindelingsdatum wordt aangepast of het proces wordt stopgezet indien maatschappelijke of financiële risico’s anders uitvallen dan nu aangenomen? T Tot het moment van vaststellen van het herindelingsadvies kunnen gemeenteraden zelf bepalen of er reden is om het proces anders in te richten op basis van de dan beschikbare gegevens. Daarna is het aan andere partijen (Provincie, Minister van BZK, Tweede Kamer en Eerste Kamer) om dat te bepalen. Gemeenten kunnen daarin zonodig nog wel invloed uitoefenen, maar niet meer zelf bepalen. 20. De raadpleging benoemt zorgen over bureaucratisering en langzamere besluitvorming. Welke organisatorische waarborgen worden ingebouwd om juist snellere besluitvorming te realiseren? I Beeldvorming hierover is niet altijd juist.

In de huidige situatie loopt besluitvorming soms traag vanwege regionale afhankelijkheid, gebrek aan specifieke deskundigheid of gebrek aan bestuurskracht. Dat wordt in een nieuwe situatie juist aangepakt. Uiteraard zal een nieuwe grotere gemeente moeten beschikken over een effectief bestuursmodel en instrumentarium en daar kan in de voorbereiding al veel aan gedaan worden. 21. Veel essentiële keuzes (financiën, loketten, dienstverlening, sociaal statuut, huisvesting, organisatie) worden pas ná dit principebesluit uitgewerkt. Waarom zijn deze niet vooraf beschikbaar gesteld zodat de raad een volledig geïnformeerde afweging kan maken? I Er komt nog een finaal moment voor de gemeenteraden om een besluit te nemen (herindelingsontwerp/advies). Dit principebesluit moet juist de basis leggen om dat goed voor te bereiden en de gemeenteraden de mogelijkheid te geven om daarvoor zelf de kaders vast te leggen. 22. Op welke wijze wordt de raad in staat gesteld om elk vervolgbesluit afzonderlijk te beoordelen en sturend bij te sturen? I

De volgende stap in besluitvorming is weer aan de gemeenteraden (herindelingsontwerp/advies). Besluitvorming daarna is veelal gericht op voorbereiding van besluitvorming door de nieuwe gemeenteraad (na fusiedatum). De in de voorbereiding te nemen stappen kunnen door raden worden gemonitord en eventueel bijgestuurd via een in te richten procesorganisatie voor de voorbereiding (bijvoorbeeld een gezamenlijke fusiecommissie). 23. Het participatierapport beschrijft dat een aanzienlijk deel van de inwoners afhaakt vanwege wantrouwen (“de gemeente doet toch wat zij wil”). Welke concrete maatregelen gaat het college nemen om dit vertrouwen te herstellen? P Politieke vraag 24. Inwoners vragen expliciet om een duidelijke en objectieve weergave van de voor- en nadelen van een fusie. Wanneer en op welke wijze wordt deze informatie alsnog verstrekt voordat vervolgbesluiten worden genomen? P Politieke vraag 25. Het college heeft bij de discussie over Welleveldsestraat aangegeven dat er geen AZC op de plek gaat komen waar de Oekraïners gehuisvest worden.? Blijft deze belofte dan staan bij een fusie of kan een nieuwe raad deze belofte naast zich neerleggen? P Politieke vraag

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=cdfcf6b9-8968-4f39-b895-39db3bc8460e