D01b. Rekenkameronderzoek vergrijzing in Duiven
Tekst van het document
Regionale Woondeal Gemeenten hebben in regionaal verband afspraken gemaakt over de verdeling van woningen. In de Regionale Woondeal27 is afgesproken dat de gemeente Duiven tussen 2023 en 2030 780 woningen bijbouwt (bruto). Gemiddeld moet de gemeente Duiven daarmee 130 woningen per jaar toevoegen. Dit is minder dan de aantallen waar in de Woonvisie 2021-2030 naar gestreefd wordt. De afgelopen 10 jaar (2013-2024) zijn er gemiddeld 36 woningen per jaar toegevoegd in Duiven. Komende jaren is de bouwopgave daarmee ruim drie keer zo groot als de afgelopen 10 jaar, zoals blijkt uit onderstaande figuur. Tabel 5-1 - Woningbouwopgave gemeente Duiven (BAG) 2013-2024 Gerealiseerde woningen 2013-2024
361
Gemiddeld per jaar toegevoegd
+36
2023-2030 In totaal toe te voegen 2023-2030 (Regionale Woondeals) (bruto)
780
Gemiddeld per jaar toe te voegen (2023-2030)
+130
26 27
Regionaal woningmarktonderzoek 2019 en gemeentelijke inventarisatie april 2021 Woondeal 2.0 Regio Arnhem-Nijmegen
Vergrijzing in Duiven
27 van 46
In samenwerking met woningcorporaties, zorg- en welzijnspartijen, bewonersorganisaties en de provincie Gelderland hebben de gemeenten van de GMR regionale woonzorgafspraken gemaakt over het huisvesten van ouderen én inwoners die (tijdelijk) meer ondersteuning nodig hebben. Dit zijn de zogenaamde aandachtsgroepen van het woonzorgbeleid.
Mobiliteitsvisie Het Mobiliteitsplan Duiven 2016-2026 loopt op zijn einde, waardoor de gemeente Duiven op moment van schrijven een nieuw mobiliteitsplan heeft opgesteld dat in de raad besproken gaat worden. In juni 2024 is het Ambitieplan Mobiliteit vastgesteld door de gemeenteraad. De drie belangrijkste thema’s en de bijbehorende ambities zijn: • Verkeersveiligheid (daling in verkeersongevallen). • Actieve mobiliteit (inwoners stimuleren vaker lopend of fietsend te gaan). • Bereikbaarheid (bereikbaarheid van huidige en toekomstige woonwijken en bedrijventerreinen). In de Mobiliteitsvisie wordt duidelijk op welke manier de gemeente de ambities waar gaat maken en wat daarvoor nodig is tot 2040. De belangrijkste onderzoeken en aanpassingen voor de eerste vier jaar (2026-2029) komen in een uitvoeringsagenda te staan. De gemeente probeert door middel van de STOMP-benadering (Stappen, Trappen, OV, MaaS, Privévoertuig) een verandering in het mobiliteitsgebruik binnen de gemeente te bewerkstelligen. Voor een betere en veiligere woonomgeving, is het belangrijk om naar mogelijkheden voor fietsers en voetgangers te kijken. Geïnterviewden geven aan dat vergrijzing als thema en de gevolgen voor de gemeente soms sterker naar voren mogen komen in beleid en visie, zodat de raad hier beter op kan sturen.
Vergrijzing in Duiven
28 van 46
5.4
Toetsing aan het normenkader
Onderstaande tabel bevat het normenkader. De beoordeling van de normen laat zien dat er ruimte is voor verbetering. Norm
Beoordeling
De raad houdt bij het vaststellen van beleid en sturingsinstrumenten rekening met de effecten van vergrijzing
Vergrijzing wordt als thema in het coalitieakkoord, de programmabegroting en in beleid en visie meegenomen. Voorbeelden zijn de woonzorgvisie, de nota grondbeleid en het document Samen sterk. Tegelijkertijd geven geïnterviewden aan dat vergrijzing als thema en de gevolgen voor de gemeente soms sterker naar voren mogen komen in beleid en visie, zodat de raad hier beter op kan sturen. De gemeente Duiven heeft weinig concrete (SMART) beleidsdoelen om te sturen op de effecten van vergrijzing, bijvoorbeeld rondom de huisvesting van ouderen of het bevorderen van zelfredzaamheid van ouderen. De behoefte aan woningen voor senioren en mensen met een zorgvraag is gekwantificeerd maar het is onduidelijk hoe en waar die gerealiseerd kunnen worden. De gemeente Duiven heeft een aantal strategische- en beleidsdocumenten waarin vergrijzing is meegenomen, zoals Samen sterk, het coalitieakkoord en de programmabegroting en de woonzorgvisie. Integraal seniorenbeleid ontbreekt. Toekomstbestendigheid van het bestaande beleid is een aandachtspunt, omdat de werkelijkheid snel verandert en beleid daarop mee moet kunnen bewegen. Om hier zicht op te krijgen is ook frequente monitoring noodzakelijk.
De gemeente heeft concrete beleidsdoelen om te sturen op de effecten van vergrijzing
Het beleid van de gemeente rondom vergrijzing is toekomstbestendig
: er is geen verbeterpotentieel : er is verbeterpotentieel : verbeteringen zijn noodzakelijk N.t.b. : (nog) niet te beoordelen
Vergrijzing in Duiven
29 van 46
6
Uitvoering en realisatie
Dit hoofdstuk geeft antwoord op de volgende onderzoeksvragen: • • • • •
Heeft de gemeente passende verordeningen om te sturen op de effecten van vergrijzing? Zijn er voldoende concrete locaties in beeld om te sturen op de effecten van vergrijzing? Zijn er voldoende middelen en ambtelijke capaciteit om te sturen op de effecten van vergrijzing? Hoe zijn maatschappelijke partners betrokken bij beleid en uitvoering en welke aanvullende instrumenten levert dit op? Welke informatie heeft de raad nodig om zinvol te kunnen controleren en sturen waar dat nodig is?
6.1
Verordeningen
Algemene verbindende voorschriften (AVV’s) zoals verordeningen hebben ‘externe werking’ en creëren juridisch afdwingbare rechten en plichten voor burgers en organisaties. Dat is de hoogste vorm van lokale regelgeving en kent ook het zwaarste vaststellingsproces: altijd via de raad.
Huisvestingsverordening De gemeente Duiven heeft een Huisvestingsverordening 202428 waarin is geregeld wanneer iemand in aanmerking komt voor een sociale huurwoning. Toewijzing geschiedt in eerste instantie op basis van inschrijfduur. Voor specifieke (gelabelde) woningen kan de woningcorporatie voorrang geven aan mensen met een specifieke woonbehoefte, zoals een levensloopbestendige woning. Er zijn regels voor urgentieverklaringen.
Doelgroepenverordening De gemeente Duiven heeft een doelgroepenverordening29. De doelgroepenverordening definieert de doelgroepen voor sociale huurwoningen, sociale koopwoningen en geliberaliseerde woningen voor middenhuur en regelt wat de zogenaamde instandhoudingstermijn van sociale huurwoningen is. Dit zijn regels over hoe lang nieuwbouw sociale huur ook als sociale huur beschikbaar moet blijven. De wettelijke instandhoudingstermijn is 10 jaar, in de doelgroepenverordening van de gemeente Duiven is dit opgerekt tot 25 jaar. Door middel van een verwijzing naar de doelgroepenverordening in een bestemmingsplan kan meer sturing worden gegeven aan de samenstelling van de toekomstige woningvoorraad.
Uitvoering Wmo Inwoners van de gemeente Duiven kunnen op grond van de Verordening maatschappelijke ondersteuning Duiven 202330 aanspraak maken op een Wmo-voorziening.
28 29
30
Huisvestingsverordening Gemeente Duiven 2024 | Lokale wet- en regelgeving Doelgroepenverordening Duiven 2023 | Lokale wet- en regelgeving https://lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR696930/1
Vergrijzing in Duiven
30 van 46
Deze verordening is bedoeld voor alle inwoners van de gemeente Duiven die een beroep willen doen op een voorziening vanuit de Wmo 2015, die mantelzorg verlenen of op een andere wijze te maken hebben met de Wmo 2015.
6.2
Ontwikkellocaties
Gewenste ontwikkelingen in het fysieke domein vinden plaats op specifieke locaties. In deze paragraaf bekijken we of er voldoende locaties zijn waarin de gemeente kan sturen op de effecten van vergrijzing en de gestelde doelen. De gemeente Duiven heeft een aantal woningbouwprojecten. We bespreken twee locaties die tijdens de interviews als relevant naar voren zijn gekomen.
Droopad Aan het Droopad in Duiven is de huidige schoollocatie Remigius (die een nieuw schoolgebouw krijgt) door de gemeenteraad aangewezen als toekomstige woningbouwlocatie. Het gaat om minimaal 30 en maximaal 50 woningen. Bij dit nieuwbouwproject staat ontmoeten centraal en er komen verschillende niveaus van koopwoningen. Senioren zijn niet de enige, maar wel een van de belangrijke doelgroepen waarvoor de nieuwbouw bedoeld is. De bestaande voorraad woningen veroudert. Het gaat niet alleen om technische veroudering, maar ook om de geschiktheid van woningen voor de huidige doelgroep. Een belangrijk deel van de woningen is gebouwd in jaren ‘70 en ’80 vanwege de groeikerntaak. Het is belangrijk om te kijken naar wat de wijk, de woningen en de huidige bewoners nodig hebben om de wijken toekomstbestendig te maken. Dit vraagstuk kan meegenomen worden in de woonzorgvisie, bijvoorbeeld door gericht seniorencomplexen toe te voegen.
Eilandplein (Blijfwijk) Voor het Eilandplein in Duiven is het woonzorgconcept ‘Blijfwijk’ uitgewerkt en onderzocht door de gemeente Duiven, Vivare en de Liemerije (initiatiefnemers). Een ‘Blijfwijk’ is een wijk met een sterke sociale structuur waar inwoners in alle levensfasen, en ongeacht hun zorgvraag, zo lang mogelijk binnen de eigen wijk kunnen blijven wonen. Inwoners vormen het vertrekpunt voor de aanpak. In de praktijk betekent dit bijvoorbeeld dat er passende woningen voor senioren met en zonder zorgvraag worden toegevoegd en dat er gekeken wordt naar voorzieningen (zoals ontmoetingsruimtes en dagbesteding voor senioren) en naar de inrichting van de openbare ruimte. Door corona en door wisselingen van bestuurders is het geen lineair proces geweest en is er vertraging opgetreden. Inmiddels is er sprake van een omslagpunt en beginnen verschillende zaken te lopen. Ook zijn naast de gemeente, Vivare en Liemerije verschillende andere partijen aangesloten (Proscoop, Santé Partners, STMG Thuiszorg en Woonzorg Nederland). De Blijfwijk is geen project met einddatum, maar een beweging die doorgaat. Het wordt gezien als een vernieuwende aanpak. Omdat er in Duiven ook uitbreidingslocaties zijn aangewezen voor woningbouw, kunnen de lessen uit de Blijfwijk-beweging ook worden vertaald naar een nieuwe woonwijk.
Vergrijzing in Duiven
31 van 46
Zoals in één van de interviews werd gezegd: “Sturing zit aan de ene kant op visie en beleid, en aan de andere kant op bouwen en creëren.”
Best practice Duiven: Blijfwijk Doel: Ongeacht je zorgvraag in alle levensfasen (blijven) wonen in de Blijfwijk. Locatie: Duiven-Zuid. Kenmerken: Aanwezigheid voorzieningen en zorgvoorzieningen (dagbesteding, huisartsen), aanwezigheid vergrijzende bevolking, geschikte woningvoorraad, community. Aanpak: Cultuurverandering, preventie, zorgtredenwoningen. Sterke kanten: Gebiedsgerichte benadering, domein overstijgend en alliantie met bewoners. Vertrekpunt voor de aanpak: Gezondheid, wonen en fysieke ruimte. Partners: gemeente Duiven, Vivare, Liemerije, Santé Partners, thuiszorgorganisaties en inwoners.
Periodieke updates Er is niet gebleken dat de raad periodiek updates krijgt over de woningbouwplannen en uitvoering. Dit maakt het lastig voor de raad om op dit onderwerp te sturen.
Samenwerking met ontwikkelaars Om te zorgen dat de afspraken rondom sociale huur (30% sociale huur zoals regionaal is vastgelegd) ook terugkomen in nieuwbouw, probeert de gemeente op voorhand samen met de betreffende woningcorporatie en de ontwikkelaar om tafel te zitten. De gemeente Duiven staat ontwikkelaars niet toe zelf sociale huur te exploiteren, dit mag alleen via een woningcorporatie. Dit is vastgelegd in de doelgroepenverordening. Dit brengt woningcorporaties in de positie, mee te praten bij de ontwikkeling van nieuwe wijken en geeft de gemeente een sturingsmiddel. De gemeente sluit anterieure overeenkomsten met ontwikkelaars waarin concrete afspraken worden gemaakt over bijvoorbeeld het aantal woningen, de segmenten en de openbare ruimte.
Best Practice Doesburg: Aanpassing openbare ruimte in afstemming met inwoners De route van de grote parkeerplaats aan de rand van het centrum van Doesburg naar het centrum was moeilijk toegankelijk door smalle stoepen. Daar is de stoep aan één kant verbreed en zijn er rollatorpaden aangelegd. Dit is een voorbeeld van hoe de gemeente Doesburg de openbare ruimte beter toegankelijk maakt voor senioren.
6.3
Beschikbare capaciteit en middelen
Duidelijke keuzes in ambities Idealiter worden visies en beleid doorvertaald naar de begroting. Zonder financiën en concrete doelen blijft het ‘een praatstuk’. Om de gemeente financieel gezond te houden, beschrijft de coalitie in het coalitieakkoord dat er duidelijke keuzes gemaakt moeten worden in ambities om geld en ambtelijke capaciteit zorgvuldig in te kunnen zetten.
Vergrijzing in Duiven
32 van 46
Onderdeel daarvan is het gesprek voeren over wat tot de gemeentelijke taken behoort en wat de samenleving zelf (al) doet. Sturing vanuit de gemeente op financieel gebied is maar beperkt mogelijk. Een voorbeeld waarop de gemeente met beleid kan bezuinigen zijn voorliggende voorzieningen: eerder kon je vanuit de Wmo bijvoorbeeld een douchebeugel krijgen, nu wordt men gestimuleerd dit zelf te kopen bij de bouwmarkt. Uit de interviews blijkt dat de ambtelijke fusie positief is geweest voor de capaciteit van de gemeenten Duiven en Westervoort. Er zijn zaken die de gemeenten zonder ambtelijke fusie niet voor elkaar hadden gekregen. Ook regionale samenwerking helpt de capaciteit en daadkracht te verhogen, is de ervaring van geïnterviewden. De programmabegroting bevat voor zowel het programma Maatschappij als voor het programma Omgeving een kostenoverzicht. Er is voor beide programma’s een tekort aan financiële middelen. Om bijvoorbeeld meer grip te krijgen op de kosten van maatwerkvoorzieningen (programma Maatschappij) zet de gemeente in op preventie en doet de gemeente een groter beroep op onderlinge hulp. Om de financiën van de gemeente op orde te brengen en te houden moeten er bezuinigingen doorgevoerd worden.
Geen financiële ruimte op begroting De provincie Gelderland publiceerde een dashboard met de kengetallen van de financiën van de 51 Gelderse gemeenten.31 Hieruit blijkt dat er geen financiële ruimte is op de begroting. Vergeleken met de andere gemeenten scoort de gemeenten Duiven neutraal als het gaat om solvabiliteit en schuldpositie. De mogelijkheden om de belastingen te verhogen (de zogenaamde belastingcapaciteit) zijn volgens de provincie beperkt en uit de grondexploitatie behaalt de gemeente weinig rendement.
31
https://geldersefinancien.nl/mosaic/financieel-toezicht/kengetallen-begroting
Vergrijzing in Duiven
33 van 46
Figuur 6-1 - Financiële kengetallen Duiven 2025, provincie Gelderland
6.4
Samenwerking met maatschappelijke partners
Gemeenten zijn voor de uitvoering van beleid vaak afhankelijk van maatschappelijke partners. Voor dit onderzoek is specifiek gekeken naar woningcorporaties, welzijnsorganisaties en zorgpartijen. De gemeente kan via subsidies en afspraken sturen op het realiseren van beleid. De inhoud van deze paragraaf is voornamelijk gebaseerd op de interviews.
Prestatieafspraken Woonzorg Nederland 2023-2025 Vergrijzing komt op verschillende punten in de prestatieafspraken tussen de gemeenten Duiven en Westervoort en Woonzorg Nederland terug. De prestatieafspraken gaan in op een aantal zaken zoals het onderzoek naar de levensloopgeschiktheid van woningen (Companen, juni 2021), de woonzorgvisie en deelname aan MultiDisciplinair Overleg (MDO’s), maar zijn net als de doelen in de woonvisie en de woonzorgvisie weinig concreet. Het is daarom onwaarschijnlijk dat de afspraken direct bijdragen aan het behalen van de doelen van de gemeente op het gebied van wonen en zorg.
Goed bestuurlijk en ambtelijk contact, gedeelde zorgen Maatschappelijke partners (woningbouwcorporaties, zorg- en welzijnsorganisatie) zijn betrokken geweest bij de totstandkoming van de woonzorgvisie. Met de woonzorgvisie werken de gemeente en maatschappelijke partners samen aan een gezamenlijke aanpak door op basis van de lokale woonzorgopgave ambities te vertalen naar concrete prestatieafspraken over wonen, welzijn en zorg. In de woonzorgvisie staan doelen waar iedereen vóór is. Dit helpt om commitment te krijgen maar het maakt het lastiger voor de raad om te prioriteren, bij te sturen en de effectiviteit van beleid vast te stellen. Het werken aan de woonzorgvisie creëert bewustwording voor het probleem en voor mogelijke oplossingsrichtingen en hun gevolgen. Door samen te werken aan het thema intensiveert de relatie met zorgpartners.
Vergrijzing in Duiven
34 van 46
De daadwerkelijke uitvoering van de woonzorgvisie komt ná vaststellen van de visie en ligt voornamelijk bij de maatschappelijke partners. Er komt een uitvoeringsprogramma. De bedoeling is dat de raad op basis van de uitvoeringsagenda kan evalueren of voorgenomen acties zijn uitgevoerd. De uitvoeringsagenda zal acties op het gebied van de volgende onderwerpen bevatten: • Wonen. • Inrichting van de buitenruimte. • Samenleven. • Welzijn. • Gezondheid. • Inrichten van zorg. Het ambtelijk en bestuurlijk contact met maatschappelijke partners is in de afgelopen jaren goed geweest, er zijn korte lijntjes. Bestuurlijk overleg vindt voornamelijk plaats met de grote partners, kleine partijen zijn bestuurlijk niet aangehaakt. Ondanks dat het contact goed is, is er geen structureel overleg en hebben niet alle gesproken maatschappelijke partners het idee dat de gemeente naar hun ideeën luistert. Daarnaast zijn er tussen de gemeente en de woningcorporaties soms verschillen in inzicht. Idealiter zouden de gemeente en de woningcorporaties een meer gezamenlijke visie hebben. Een geïnterviewde opperde het idee om vanuit de gemeente of de regio een denktank op te zetten waarin verschillende partijen kunnen meedenken en hun ideeën kwijt kunnen, zonder vast te lopen op de kosten en ‘beren op de weg’ te zien.
Voldoende middelen voor de eigen taak, middelen nodig voor preventie en verandering Tijdens de interviews geven de maatschappelijke partners aan dat ze (door anders te gaan werken) voldoende middelen hebben om hun eigen taak uit te voeren maar dat er méér geld nodig is voor preventie en voor (projectleiderschap bij) verandertrajecten. Zoals iemand het verwoordde: de kost gaat voor de baat uit. De maatschappelijke partners hebben er begrip voor dat de gemeente deze middelen niet kan leveren maar ook zij kunnen dan niet leveren. Er zijn transitiebudgetten beschikbaar, bijvoorbeeld uit het Nationaal Zorgakkoord. Maatschappelijke partners geven aan dat het ontbreekt aan capaciteit en menskracht om een goede aanvraag te doen. Eén geïnterviewde deed de suggestie om dergelijke aanvragen meer in regionaal verband te doen. Dit punt kwam ook aan de orde rondom de verpleeghuiszorg en de huisvesting van doelgroepen. Dit moet regionaal afgestemd worden. Een mogelijke verbetering door regionale afstemming zit in het verkrijgen van IZA-transformatiemiddelen. Door regionale afstemming en kennisdeling (projectleiders) kunnen aanvragen eerder succesvol zijn.
Langer zelfstandig thuis, meer druk op zorg De gemeente en de maatschappelijke partners zien een stijgende zorgbehoefte. De zorgvragen lopen vooral bij de eerstelijnszorg hoog op, “het loopt ze over de schoenen”. De gevolgen van vergrijzing zijn geen toekomstvraagstuk maar zijn nu al sterk zichtbaar. De eerstelijnszorg probeert nu al om daar waar mogelijk zorgvragen als welzijnsvraagstukken te (laten) indiceren.
Vergrijzing in Duiven
35 van 46
Een voorbeeld uit een interview is het belang om flexibeler om te gaan en beter te communiceren over de indicatie van zorguren. Als een zorgmedewerker aangeeft dat een cliënt te veel of te weinig thuiszorg krijgt, zou de gemeente het aantal zorguren eigenlijk direct aan moeten passen om zorguren voor anderen vrij te maken of om duurdere zorg te voorkomen, zonder te wachten op de volgende indicatieronde. Een gezamenlijke zorg van de gemeente en de maatschappelijke partners is het arbeidsmarktperspectief. De uitstroom richting pensioen wordt aankomende jaren zo groot, dat het niet realistisch is om te denken dat er straks voldoende mensen werken in de zorg. Het wordt nu echt zichtbaar. Zorg- en welzijnsorganisaties proberen slimmer samen te werken en het werk slimmer te organiseren. Bijvoorbeeld door lichtere taken te beleggen bij zij-instromers die minder hoog zijn opgeleid. Er komen geen verpleeghuizen of verpleeghuisbedden bij. Het zou mooi zijn als de huidige zorg (kwaliteit en kwantiteit) gehandhaafd kan worden. Kwaliteitsverbetering of uitbreiding is geen optie. Dit betekent dat mensen langer zelfstandig thuis moeten wonen en ook dat mantelzorgers méér taken moeten doen, ook voor hun naasten in een verpleeghuis (bijvoorbeeld wassen, aankleden, ondersteunen bij de maaltijden). Hierdoor neemt wel de druk op mantelzorgers toe, waar aandacht voor moet zijn.
Daarnaast betekent dit dat wijken en buurten meer zullen merken van mensen met problematisch gedrag omdat ze thuis blijven wonen, ook als ze een indicatie hebben. De maakbaarheid van de verpleeghuiszorg is voorbij. Wat ook drukt op de capaciteit van zorgmedewerkers is uitval. Om bijvoorbeeld het toenemende aantal ouderen en het afnemende aantal zorgmedewerkers op te vangen, kijkt de thuiszorg kritisch naar benodigde uren per cliënt. In de praktijk betekent dit vaak dat huidige cliënten minder uren thuiszorg krijgen, maar dezelfde zorg blijven vragen. Dit verhoogt de druk op de thuiszorgmedewerkers en daarmee de kans op uitval.
Verhuiscoach De huidige woningvoorraad bevat getalsmatig voldoende nultredenwoningen om te voorzien in de behoefte van senioren. Dit betekent niet dat alle mensen passend wonen. Dat gaat dan niet alleen over nieuwbouw maar ook over bestaande bouw. Daarom zetten de gemeenten Duiven, Westervoort en Zevenaar in samenwerking met woningcorporaties uit de regio en de provincie Gelderland nu een verhuismakelaar in om senioren die in een niet-levensloopbestendige woning wonen te stimuleren om te verhuizen naar een meer aangepaste woning. Daarmee komen ook woningen vrij voor gezinnen. Op dit moment richt het project zich op 55-plussers in sociale huurwoningen, vanaf halverwege 2025 komen ook 55-plussers in koopwoningen in aanmerking. Het is belangrijk in te zetten op de doelgroep 55-plus, omdat de verhuisbereidheid afneemt bij ouderen boven de 70. Daarom zet de gemeente met de verhuiscoach in op deze groep.
Ontmoetingsplekken en zorg concentreren De gemeente kijkt samen met maatschappelijke partners naar de mogelijkheden om zorg en voorzieningen en seniorenhuisvesting te concentreren, waar de Blijfwijk een voorbeeld van is.
Vergrijzing in Duiven
36 van 46
Zo kunnen ook zorgprofessionals efficiënter werken. Hiervoor werkt de gemeente samen met de woningcorporatie en zorgorganisaties.
Stimuleren ontmoeten en voorliggend veld Een gevolg van vergrijzing is een grotere eenzaamheid en een gebrek aan hulp als mensen dat nodig hebben. Mensen kunnen vastlopen en hebben behoefte aan een netwerk en een steun in de rug. Samen met welzijnsorganisaties stimuleert de gemeente het ‘voorliggend veld’. Zorg en welzijn moeten meer gaan samenwerken, meer signaleren en aan preventie doen en minder beschikkingen/indicaties afgeven. Het voorliggend veld versterken kan door op wijkniveau aanwezig te zijn en mensen te helpen om elkaar te ondersteunen. Pas als je daarin investeert, kun je aan de achterkant geld besparen en duurdere zorg voorkomen, is de overtuiging. Voor deze ontwikkeling zijn beroepskrachten nodig en steunpunten. Dat hoeft niet fulltime en overal, maar deze mensen moeten wel bereikbaar/vindbaar zijn voor de doelgroep zelf en voor vrijwilligers die mensen op het juiste spoor kunnen zetten. Zo kun je bevorderen dat mensen langer zelfstandig thuis wonen. Een ander concept waaraan regionaal wordt gewerkt is voorzorgcirkels32, met de bedoeling om het netwerk van ouderen te versterken, zodat ze met hulp van hun omgeving langer thuis kunnen blijven wonen en minder eenzaam worden. De gemeente Duiven werkt hier niet actief aan mee.
Duidelijkheid naar inwoners Zowel de gemeente als maatschappelijke partners geven aan dat het belangrijk is om het eerlijke verhaal te vertellen aan inwoners: dat het niet mogelijk is om de huidige zorg in de toekomst voort te zetten. Dat mensen zich erop moeten voorbereiden dat ze meer zelf moeten doen, dat ze zelf hulp moeten organiseren en bieden en dat ze waar mogelijk hun woning levensloopbestendig moeten maken.
Inspelen op toekomstscenario’s In hoofdstuk 3 (paragraaf 3.3) werden twee toekomstscenario’s geschetst met betrekking tot vergrijzing. Een positief scenario waarbij mensen zo lang mogelijk actief deelnemen aan de samenleving en een negatief scenario waarin actieve deelname aan de maatschappij voor verschillende bevolkingsgroepen wordt belemmerd. Om richting een positief toekomstscenario te gaan ligt er een aantal taken bij de gemeente. De gemeente kan met beleid (nog meer) inzetten op preventieve gezondheidsmaatregelen, om de actieve jaren van de bevolking te verlengen. Dit kan een positief effect hebben op bijvoorbeeld het voorzieningenniveau in de gemeente, op het bestrijden van eenzaamheid en op het behouden van mantelzorgers. Inzetten op preventieve gezondheidsmaatregelen kan (mits effectief) op termijn kosten in het sociaal domein besparen. Ook is het belangrijk in te zetten op een hoge arbeidsparticipatie in alle lagen van de bevolking, om eventuele belemmeringen van een actieve deelname aan de maatschappij weg te nemen.
32
Voorzorgcirkels | NLZVE
Vergrijzing in Duiven
37 van 46
Naast deze taken, is het van belang dat de gemeente Duiven oog blijft houden voor veranderingen in de samenleving. Met een groter wordende groep actieve ouderen zal in de toekomst tijd en inkomen anders over de levensloop verdeeld worden, wat wellicht om veranderingen in het huidige beleid en de manier van uitvoering vraagt. Daarnaast laten prognoses een tekort aan zorgprofessionals zien in de toekomst, een tekort dat niet voldoende aangevuld kan worden door mantelzorg. Technologie zal daarom in de toekomst een grotere rol spelen (zorgrobots, AI). Het is belangrijk voor de gemeente en maatschappelijke partners om oog te hebben voor ontwikkelingen en samen na te denken over en in te spelen op kansen. Een lange termijnvisie voor ouderen(zorg) is hierbij essentieel, waarbij financiën geen belemmering vormen.
6.5
Raadsinformatie voor de controlerende taak
Om kaders te kunnen en stellen en te kunnen controleren, is de informatiepositie van de gemeenteraad belangrijk: het college moet raadsleden proactief informeren zodat zij de juiste informatie hebben om hun taak uit te voeren. De raad in Duiven stuurt vooral via het vaststellen van nieuw beleid.
Best practice Westervoort en Duiven: informele raadsavonden In de gemeente Westervoort (één keer per jaar) en de gemeente Duiven (twee keer per jaar) zijn er informele avonden over het thema wonen, in de raad. Ambtenaren praten de raad dan bij over alle landelijke, regionale en lokale ontwikkelingen. Ook wordt het Dashboard Sociaal Domein vier keer per jaar gepresenteerd aan de raad. Deze avonden werken goed om de raad te informeren.
Het college organiseert regelmatig avonden met de raad, zoals bijpraatsessies. Daarin verdiept het college met de raad specifieke onderwerpen. Santé Partners heeft bijvoorbeeld een keer verteld wat zij als organisaties doen op het gebied van preventie en ouderenzorg. In het algemeen is er eens per twee weken de mogelijkheid om de raad bij te praten. Soms wordt door drukte in de agenda een onderwerp doorgeschoven naar achteren. Daardoor wordt de raad soms later geïnformeerd dan vanuit de planning van het college wenselijk is. De ambtelijke organisatie probeert datagestuurd te werken, met bijvoorbeeld het Dashboard sociaal domein. Het is onduidelijk in hoeverre dit de raad voldoende informatie biedt. Het dashboard bevat diverse cijfers en ontwikkelingen maar geeft niet aan waar de sturingsruimte zit voor de raad of welke scenario’s er zijn. In de jaarstukken wordt een update gegeven van de acties die zijn gedaan rondom de programmadoelen, zoals het vaststellen van een visie. Er ligt een kans in het aanbrengen van focus en prioritering door de raad. Doordat er nu een veelheid is aan doorgaans algemene doelen, bestaat het risico dat de raad het zicht verliest op voortgang, realisatie en effecten van beleid.
Vergrijzing in Duiven
38 van 46
6.6
Toetsing aan het normenkader
Onderstaande tabel bevat het normenkader. De beoordeling van de normen laat een positief beeld zien, met enkele verbetermogelijkheden. Norm
Beoordeling
Er is voldoende ambtelijke capaciteit en er zijn voldoende middelen om de beleidsdoelen te realiseren.
Ondanks dat geld en ambtelijke capaciteit zorgvuldig in moeten worden gezet om ambities te kunnen behalen, ervaart de gemeente dat de ambtelijke fusie positief is geweest voor de capaciteit van de gemeente. Er zijn zaken die de gemeente zonder ambtelijke fusie niet voor elkaar had gekregen. Maatschappelijke partners geven aan dat er extra budgetten nodig zijn voor bijvoorbeeld preventie en verandering. De raad heeft hiervoor bij de begrotingskeuzes geen extra middelen beschikbaar gesteld. De gemeente kiest hier voor een faciliterende rol. De gemeente heeft een passende verordening (beleidsregels) voor de Wmo, een huisvestingsverordening die de toegang tot sociale huur regelt en een doelgroepenverordening die regels bevat over de instandhoudingstermijn voor sociale huurwoningen. De gemeente heeft een aantal woningbouwlocaties waar aandacht is voor woningen voor ouderen. De gemeente voert een dynamisch grondbeleid waarbij bij ieder ruimtelijk initiatief een afweging wordt gemaakt welke houding, rol en inzet van instrumenten het meest geschikt is. Voor de uitvoering is de gemeente gedeeltelijk afhankelijk van maatschappelijke en commerciële partijen. De maatschappelijke partners in zorg en welzijn geven aan dat de budgetten onder druk staan en dat de arbeidsmarkt krap is. Er moet anders gewerkt worden.
Alle partijen zien de urgentie en partijen geven aan dat zij de noodzakelijke stappen zetten om beleidsdoelen te kunnen (blijven) realiseren. Samen wordt gewerkt aan passende oplossingen. Voor inwoners betekent dit dat niet alles kan en dat er meer van mensen zelf verwacht wordt. Het verkrijgen van transitiebudgetten is een knelpunt.
De gemeente heeft passende verordeningen waarmee de doelen gerealiseerd kunnen worden.
De gemeente heeft concrete projecten waarmee de doelen gerealiseerd kunnen worden.
De maatschappelijke partners zijn in staat om de afgesproken beleidsdoelen te realiseren.
Vergrijzing in Duiven
39 van 46
De gemeenteraad heeft voldoende informatie om haar controlerende taak te kunnen uitvoeren.
De gemeenteraad krijgt via informele raadsbijeenkomsten voldoende informatie om de kaderstellende taak (vaststellen van beleid) uit te voeren. Voor de controlerende taak (bijsturen) ontvangt de raad een aantal keer per jaar de stand van zaken, bijvoorbeeld met het Dashboard sociaal domein. Het is onduidelijk in hoeverre de raad op basis hiervan kan sturen. Via een uitvoeringsprogramma kunnen doelen wellicht beter gerealiseerd worden. Een dergelijk uitvoeringsprogramma is er nog niet.
: er is geen verbeterpotentieel : er is verbeterpotentieel : verbeteringen zijn noodzakelijk N.t.b. : (nog) niet te beoordelen
Vergrijzing in Duiven
40 van 46
Bijlage 1 Onderzoeksverantwoording Het rekenkameronderzoek kent vier fasen: de aankondiging, de deskresearch, de verdieping en tot slot de analyse en rapportage.
Fase 1: Aankondiging Het onderzoek startte op woensdag 4 september 2024 met een online ambtelijke kick-off met de ambtelijke contactpersonen van de drie gemeenten. Naast een toelichting op de uitgangspunten van het onderzoek werd dit gesprek benut om praktische afspraken te maken over het verkrijgen van relevante informatie, planning van de interviews en overige zaken.
Fase 2: Deskresearch Voor dit onderzoek zijn relevante landelijke onderzoeken geraadpleegd over vergrijzing en de gevolgen voor gemeentelijk beleid. Daarnaast zijn gemeentelijke bronnen bestudeerd. Een lijst met geraadpleegde bronnen is opgenomen in Bijlage 3.
Fase 3: Verdieping In week 6 – week 13 van 2025 vonden interviews plaats met ambtelijk en bestuurlijk betrokkenen en met externe actoren. Een lijst met geïnterviewde personen is opgenomen in Bijlage 2. De interviews vonden plaats via beeldbellen of op locatie. In sommige gevallen betrof het een duointerview. Van alle interviews zijn gespreksverslagen opgesteld, die ter accordering aan de geïnterviewden zijn voorgelegd. Op 11 februari 2025 was een groepsgesprek met de gemeenteraad.
Fase 4: Analyse en rapportage In deze fase zijn de uitkomsten van het onderzoek geanalyseerd om te komen tot de beantwoording van de deelvragen en centrale onderzoeksvraag. Allereerst zijn de resultaten uit de deskresearch (feitelijkheden over ontwikkelingen, doelen, instrumenten, uitvoering en realisatie) gekoppeld aan de resultaten van de interviews. De informatie uit de interviews is enerzijds gebruikt om hiaten in de deskresearch op te vullen en anderzijds om het perspectief van stakeholders en betrokkenen helder te krijgen. De bevindingen zijn vervolgens getoetst aan het normenkader (zie volgende pagina). De normen zijn bedoeld om te toetsen of de bevindingen in lijn zijn met wat je mag verwachten van effectief overheidsbeleid in alle fasen van de beleidscyclus.
Vergrijzing in Duiven
41 van 46
Norm Effectief beleid De raad heeft voldoende inzicht in de omvang van vergrijzing; De raad heeft voldoende inzicht in wat de vergrijzing gaat betekenen voor gemeentelijk beleid; De raad houdt bij het vaststellen van beleid en sturingsinstrumenten rekening met de effecten van vergrijzing; De gemeente heeft concrete beleidsdoelen om te sturen op de effecten van vergrijzing; Het beleid van de gemeente rondom vergrijzing is toekomstbestendig Effectieve uitvoering Er is voldoende ambtelijke capaciteit en er zijn voldoende middelen om de beleidsdoelen te realiseren; De gemeente heeft passende verordeningen waarmee de doelen gerealiseerd kunnen worden; De gemeente heeft concrete projecten waarmee de doelen gerealiseerd kunnen worden; De maatschappelijke partner zijn in staat om de afgesproken beleidsdoelen te realiseren; De gemeenteraad heeft voldoende informatie om haar controlerende taak te kunnen uitvoeren.
Hierbij is gebruik gemaakt van vier categorieën met een kleurcode, niet om af te rekenen maar om verbetermogelijkheden te onderscheiden: : er is geen verbeterpotentieel : er is verbeterpotentieel : verbeteringen zijn noodzakelijk N.t.b. : (nog) niet te beoordelen De resultaten van het onderzoek zijn beschreven in een concept-nota van bevindingen.
Fase 5: Ambtelijk wederhoor en bestuurlijke reactie De concept-nota van bevindingen is voorgelegd aan de ambtelijke organisatie in het kader van het ambtelijk wederhoor. De ambtelijke reactie is door de rekenkamer ontvangen. Na verwerking hiervan is het eindrapport, inclusief conclusies en aanbevelingen, door de rekenkamer aangeboden aan het college ten behoeve van een bestuurlijke reactie.
Vergrijzing in Duiven
42 van 46
Bijlage 2 Lijst geïnterviewde personen #
Organisatie
Functie
1
1Stroom
Beleidsadviseur Wmo (o.a.) & beleidsadviseur sociaal domein
2
1Stroom
Adviseur Wonen en Strategisch ontwikkelaar Ruimtelijke Ontwikkeling
3
Gemeente Duiven
Wethouder sociaal domein en wethouder fysiek
4
Vivare
Adviseur assetmanagement
5
STMG
Directeur Ondersteuning Thuis/Transitiemanager
6
Liemosa
Netwerkcoördinator
7
Liemerije
Bestuurder
8
Hulp in Gelderland
Directeur/eigenaar
Raadsgesprek 11 februari 2025: Aanwezig: DOED, Lokaal Alternatief, VVD, GroenLinks, D66, Pro Duiven en PvdA (14 raadsleden) Afwezig: CDA
Vergrijzing in Duiven
43 van 46
Bijlage 3 Lijst geraadpleegde bronnen Landelijke bronnen • • • • • • • • • • • • • • • • • • •
• • • • • • • • •
ABF Primos Demografie 2014. Online Dashboard: Prognose van bevolking en huishoudens naar kenmerken in een toekomstig jaar. Aedes (maart 2025): Driedubbele vergrijzing: we moeten haast maken. AlleCijfers.nl (stand 1 januari 2024). Ranglijst: inwoners naar leeftijdsgroep per gemeente in Nederland. Alzheimer Nederland (z.d.). Factsheet: Feiten en cijfers over dementie. BDO (januari 2025). BDO-Benchmark Nederlandse gemeenten 2025. Beter Oud (2019). Top 10 seniorvriendelijke woonomgeving. Centraal Bureau voor de Statistiek (2018). Regionale prognose 2017-2040; bevolking, intervallen, regio-indeling 2015. Centraal Bureau voor de Statistiek (2024). Jongeren en ouderen per gemeente. Centraal Bureau voor de Statistiek (2024). Regionale kerncijfers Nederland. Divosa (27 maart 2025). Medebewindstaken: balans is zoek, meer inzicht nodig. Economisch Instituut voor de Bouw (februari 2024). Ouderenhuisvesting. Woongedrag en verhuisdynamiek van ouderen. Kenniscentrum sport & bewegen (2022). Inspiratietool leefomgeving senioren (kenniscentrumsportenbewegen.nl). Koen Enneking (30 april 2024). Huishoudelijke hulp? Probeer zelf fitter te worden. Binnenlands Bestuur. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelatie (2022). Programma Wonen en zorg voor ouderen. Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (2022). Programma een thuis voor iedereen.
Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (juni 2023). Factsheet Wonen en zorg voor ouderen. Movisie (2013). Toolkit Verzilveren. Nederland Zorgt voor Elkaar (z.d.). Wat zijn voorzorgcirkels? Reactie van ministerie van Volksgezondheid Welzijn & Sport (VWS) en het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) op rapport ‘Ruimte voor ouderen, met een inspirerende leefomgeving en mobiliteit als basis’ van Raad voor Ouderen (RvO) (mei 2024). Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (28 mei 2020). Landelijke nota gezondheidsbeleid 2020-2024. Rijksoverheid (16 september 2022). Integraal zorgakkoord samen werken aan gezonde zorg. Rijksoverheid (14 maart 2025). Invulling van de inkomens- en vermogensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo per 1 januari 2027 | Nieuwsbericht | Rijksoverheid.nl Rijksoverheid (januari 2023). Gala - Gezond en Actief Leven Akkoord Rijksoverheid (z.d.). Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) | Zorg en ondersteuning thuis. SCP (2024): Investeren in vitale ouderen. Van der Gaag, N. & De Beer, J. (2017). Gouden tijden, slechte tijden ... wat brengt de vergrijzing ons? Demos: bulletin over bevolking en samenleving (33) Veiligheid.nl website. Thuis onbezorgd mobiel. Vereniging van Nederlandse Gemeenten (11 oktober 2022). Position Paper Opmerkingen van de VNG op de Begroting van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.
Vergrijzing in Duiven
44 van 46
• • •
Website ANBO-PCOB Woonzorg Nederland, KAW en Alzheimer Nederland (2024). Toolkit Dementievriendelijk Woongebouw. Wyzer (22 maart 2024). Vergrijzing en krappe woningmarkt. Binnenlands Bestuur.
Regionale bronnen • • • • • • • • • •
Companen (14 maart 2023). Woonbehoefteonderzoek 2022. Groene Metropoolregio ArnhemNijmegen. Companen (juni 2021). Huisvestingsopgave wonen met zorg. De Liemers. Groene Metropoolregio (2023). Dashboard: Woningmarktmonitor Regio Arnhem-Nijmegen Groene Metropoolregio (8 maart 2023). Samenwerkingsagenda voor de woningbouwopgave Groene Metropoolregio website: Project Woondeal regio Arnhem-Nijmegen https://geldersefinancien.nl/mosaic/financieel-toezicht/kengetallen-begroting. Inkoop sociaal domein Centraal Gelderland website Liemerse Woonagenda: de koers voor 2020-2025 (juli 2020). Provincie Gelderland (2021). Actieplan Klimaatadaptatie. Welkom bij Avan
Gemeentelijke bronnen • • • • • • • • • • • • • • • • • • • • •
1Stroom (ambtelijke samenwerking Gemeenten Duiven en Westervoort) dashboard. Sociaal Domein Q4 2023 Duiven. 1Stroom (ambtelijke samenwerking Gemeenten Duiven en Westervoort) (5 november 2020). Toekomstvisie en transformatieagenda Sociaal Domein bijlage Samen Sterk. 1Stroom (ambtelijke samenwerking Gemeenten Duiven en Westervoort) (7 november 2024). Programmabegroting 2025-2028. Boot (2 september 2022). Uitvoeringsprogramma Klimaatadaptatie 2023 – 2027. Regio de Liemers. Boot (6 mei 2022). Oplegdocument ‘Duivense oplegger’. Gemeente Duiven (10 april 2018). Woningbouwprogramma Duiven 2018-2027. Gemeente Duiven (15 februari 2022). Omgevingsvisie Duiven. Gemeente Duiven (5 oktober 2023). Programmabegroting Duiven 2024-2027. Gemeente Duiven (19 november 2024). Raadsvoorstel Nota Grondbeleid 2024. Gemeente Duiven (december 2024). Woonzorgvisie Gemeente Duiven 2024-2030. Gemeente Duiven (juli 2025). Jaarstukken 2024. Gemeente Duiven (mei 2021). Woonvisie Duiven 2021-2030. Gemeente Duiven (november 2023). Coalitieakkoord Duiven 2023-2026. Gemeente Duiven websitepagina ‘Iedereen doet mee’. Gemeente Duiven websitepagina ‘Stimuleringsbeleid’. Gemeente Duiven, Vivare, Liemerije (23 juli 2024). Uitvoeringsplan Blijfwijk 2024-2025. Bijlage 3- Uitvoeringsagenda Blijfwijk 2024-2025. Gemeente Duiven, Vivare, Liemerije (1 augustus 2024). Programmaplan Blijfwijk Duiven.
Notitie Woningbouwprogramma gemeente Duiven 2018-2027. Prestatieafspraken 2023-2025 (december 2022). Gemeente Duiven, gemeente Westervoort, Woonzorg Nederland. Raad voor Sociaal Domein Duiven website. Santé Partners websitepagina ‘Welzijn gemeenten Duiven en Westervoort’
Vergrijzing in Duiven
45 van 46
Contactgegevens Ipsos I&O Enschede Zuiderval 70 Postbus 563 7500 AN Enschede 053 - 200 52 00 KVK-nummer 08198802 nl-info-publiek@ipsos.com www.ipsos-publiek.nl
Ipsos I&O Amsterdam Piet Heinkade 55 1019 GM Amsterdam 020 – 308 48 00 nl-info-publiek@ipsos.com www.ipsos-publiek.nl