c-6 GroenLinks-PvdA - vragen raadsleden beantw
Tekst van het document
Raadsavond 24 februari 2026, Vraag met betrekking tot Noodpakket Schriftelijk Inwoners hebben ons benaderd met zorgen over de oproepen om een noodpakket in huis te hebben. Zij geven aan dat dit voor sommige mensen – zoals inwoners zonder stevig netwerk, mensen met een beperking of inwoners met een kwetsbare psychische gezondheid – juist stress of onzekerheid kan oproepen. Ook bereiken ons signalen dat sommige inwoners graag willen bijdragen aan een initiatief om deze groepen te ondersteunen, maar dat zij nog geen contact hebben gezocht met de gemeente. Vragen aan het college: 1. Herkent het college dat de communicatie over noodpakketten bij sommige inwoners gevoelens van stress of onzekerheid kan oproepen? Denk vooruit is een uitnodiging aan iedereen om de eigen rol te pakken. Wij kunnen ons zeker voorstellen dat de campagne Denk vooruit voor onrust kan zorgen bij sommige inwoners. Zo kunnen mensen onzeker of angstig zijn voor een mogelijke noodsituatie. Ook kan het zijn dat iemand hulp nodig heeft om zich voor te bereiden. De campagne roept daarom ook op om met elkaar te praten. Dat helpt om je gesteund te voelen. Je hoort hoe anderen ermee omgaan en je kunt elkaar helpen. Overigens kan vooruitdenken ook paniek voorkomen.Wie voorbereid is, staat sterker, houdt zijn hoofd makkelijker koel en kan ook iets betekenen voor anderen.
NB: De campagne “Denk vooruit” is geen specifieke gemeentelijke campagne. De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) bundelt de informatie, en werkt hierbij samen met alle ministeries en regionale, lokale en maatschappelijke partners. 2. Heeft het college inzicht in welke groepen inwoners hierdoor mogelijk extra worden geraakt, zoals ouderen zonder netwerk, mensen met een beperking of inwoners met een kwetsbare psychische gezondheid? Daar hebben wij geen concreet inzicht in. Het is vooral belangrijk dat inwoners daar zelf inzicht in hebben en elkaar hulp bieden. Daar roept de campagne ook toe op. De campagne is niet alleen gericht op noodpakketten, maar ook op het bespreken van het thema met elkaar. Vaak denken mensen bij voorbereiden aan spullen die je in huis moet hebben, of afspraken die je moet maken. Maar het is ook belangrijk om met elkaar in gesprek te gaan. 3. Wordt er binnen de gemeente al gewerkt met laagdrempelige vormen van voorbereiding voor inwoners, zoals scenario-oefeningen of mentale voorbereiding (naast de trainingen voor professionals)?
Op dit moment niet. We richten ons nu in eerste instantie op een inventarisatie van mogelijke locaties voor noodsteunpunten waar onze inwoners terecht kunnen bij een (langdurige) noodsituatie. Zie hierover ook de kennsigeving “Stand van zaken maatschappelijke weerbaarheid” van 23 december 2025 (opgenomen bij de ingekomen stukken van de raadsvergadering van 27 januari 2026). 4. Is het college bereid om de signalen van inwoners die willen bijdragen aan een ondersteunend initiatief verder te verkennen en hier samen met hen en maatschappelijke partners in op te trekken? Wat kan het college daarin betekenen? We zijn er toe bereid dat in een later stadium te doen. In de genoemde kennisgeving hebben we aangekondigd: “In een later stadium willen we maatschappelijke netwerken in kaart brengen en activeren. Hierbij hebben we oog voor onze kwetsbare inwoners. Ook gebruiken we ons eigen netwerk en bestaande overlegstructuren hiervoor.” 5. Is het college bereid om – waar nodig – bekendheid te geven aan dergelijke initiatieven, zodat ook inwoners die niet vanzelfsprekend een noodpakket kunnen samenstellen worden bereikt? Zie het antwoord op de vorige vraag.