CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 15 - Woondeal Regio Arnhem Nijmegen1.pdf

Raadsavond 26 januari 2021, gemeente DuivenBij agendapunt: Afwegingsnotitie uitbreidingslocaties10.487 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

§ Gemeenten en provincie gaan bij voorgenomen nieuwe vestiging van bedrijven die werken met arbeidsmigranten in overleg over de huisvesting van deze personen. 60. Woonwagenbewoners Met de invoering van het landelijk beleidskader gemeentelijke woonwagen- en standplaatsenbeleid stellen gemeenten het beleid voor woonwagens en standplaatsen vast als onderdeel van het volkshuisvestingsbeleid. Het beleid dient voldoende rekening te houden met en ruimte te geven voor het woonwagenleven van woonwagenbewoners. Een woningzoekende woonwagenbewoner die dit wenst, zou binnen een redelijke termijn kans moeten hebben op een standplaats. De corporaties zijn een belangrijke partij om in de huisvesting van woonwagenbewoners, voor zover deze tot de doelgroep behoren, te voorzien. Voorwaardelijk voor effectief woonwagen- en standplaatsenbeleid is dat de behoefte helder is. Het Rijk ondersteunt de partijen via het programma bij Platform 31 zowel met de ontwikkeling van het beleid, zoals het in beeld brengen van de behoefte, alsook bij de implementatie ervan door middel van een kennis- en leerprogramma voor gemeenten. 61. Studenten en jongerenhuisvesting Gemeenten en minister werken samen om de vraag en het aanbod naar studenten- en jongerenhuisvesting in evenwicht te brengen. Daarover zijn afspraken gemaakt in het landelijk actieplan studentenhuisvesting 2018-2021.

Aanvullend daarop worden in deze woondeal de volgende afspraken gemaakt tussen Rijk en regio. § Gezien de tekorten aan studentenhuisvesting op korte termijn, bezien partijen samen of de inzet van flexibele of tijdelijke woningen ook op de korte termijn voor de huisvesting van studenten uitkomst kan bieden (zie ook afspraak 8). § De gemeenten Nijmegen en Arnhem zetten de geïntensiveerde lokale samenwerking met (private) huisvesters, onderwijsinstellingen, studenten en internationale studenten voort. In dit overleg worden vraag en aanbod van studentenwoningen in beeld gebracht en wordt bekeken wat nodig is om – nu en in de toekomst – te voldoen aan de onderling afgestemde behoefte. § Voor Nijmegen is dit al duidelijk. In Nijmegen is er tot 2030 behoefte aan circa 2.000 extra studenteneenheden. Er zijn afspraken gemaakt over 900 eenheden met de studentenhuisvester SSH&. De gemeente zoekt samen met de SSH& zoeken naar locaties, in het bijzonder rondom de ontwikkeling van de knopen en campussen, om in de tweede helft van de opgave te voorzien. Ook kijkt de gemeente met de SSH& naar de mogelijkheden in Dukenburg in combinatie met een goede OV en fietsverbindingen met de campus. Meer flexibele bouwvormen en combinaties met ouderen of andere doelgroepen worden daarbij nadrukkelijk verkend.

§ De gemeente Nijmegen blijft samen met de instellingen voor hoger onderwijs, SSH& en studentenorganisaties de vraag-aanbodsituatie monitoren met de jaarlijkse lokale monitor studentenhuisvesting van KENCES als belangrijke onderlegger.

16

Overige thema’s 62. Stikstofaanpak Voor projecten die onderdeel uitmaken van de woondeal geldt dat zij twee weken exclusieve voorrang krijgen op de ontstane stikstofdepositieruimte als gevolg van de novembermaatregelen (waaronder de snelheidsverlaging) zoals aangegeven in de ministeriële regeling, zodra die in werking treedt. Vervolgens zijn er vier weken exclusieve voorrang geborgd voor woondealprojecten en projecten van meer dan 100 woningen. Daarna kunnen alle projecten een aanvraag voor stikstofdepositieruimte doen. Daar waar deze bank onvoldoende ruimte kan bieden, doordat de depositie beperkende maatregelen zoals de snelheidsverlaging niet of niet snel genoeg ruimte opleveren zullen we per project in overleg gaan om te onderzoeken of saldering met een nieuwe (externe) maatregel mogelijk is. Wanneer de provincie in haar actieplan wonen de maatregel over het toevoegen van flexibele capaciteit opneemt kan deze capaciteit door gemeenten ingezet worden om de vergunningaanvragen versneld te behandelen. Door in te zetten op circulaire bouw en natuurinclusieve bouw zoals elders in deze woondeal beschreven draagt de woningbouw ook zelf bij aan het verminderen van de stikstofdepositie (en het vergemakkelijken van vergunningverlening). 63. Woningcorporaties § Woningcorporaties in de regio staan voor een grote investeringsopgave.

De woningbouwopgave en het aandeel sociale huur daarin vraagt veel van de corporaties. Tegelijkertijd ligt er een grote opgave in de verduurzaming en het betaalbaar houden van de bestaande woningvoorraad. Om te beoordelen of deze ambities te realiseren zijn wordt door het Rijk een onderzoek gedaan naar de investeringscapaciteit van de woningcorporaties in de regio. § Voor woningcorporaties en verhuurders die investeren in de nieuwbouw van huurwoningen in de gemeenten waar de woningschaarste nu en/of in de toekomst groot is, geldt een vermindering op de verhuurderheffing van €25.000,-. Deze vermindering van €25.000,- geldt reeds voor de gemeenten Arnhem en Nijmegen en gaat gelden voor alle gemeenten die bij deze woondeal partij zijn. De inwerkingtreding van deze maatregel is om en nabij de ondertekendatum van de woondeal gepland. § In binnenstedelijke projecten is het mengen van wonen en werken, wonen en voorzieningen en verschillende woonsegmenten gewenst. Partijen willen met woningcorporaties onderzoeken welke mogelijkheden corporaties hebben in de DAEB-tak (Dienst van Algemeen Economisch Belang) dan wel in de niet-DAEB-tak, om te investeren in leefbaarheid, bedrijfsonroerend vastgoed en maatschappelijk vastgoed. Partijen kijken hierbij vooruit naar aanpassingen in wet- en regelgeving die het kabinet wil doorvoeren naar aanleiding van de evaluatie van de Woningwet.

Te denken valt aan samenwerkingsvormen (een wijkontwikkelingsmaatschappij of een vergelijkbare vorm in het kader van herstructurering) tussen gemeente, corporaties en private partijen. § Gemeenten en provincie gaan in gesprek met corporaties over hoe door middel van gezamenlijke inkoop en het toepassen van conceptbouw betaalbaar en snel gebouwd kan worden. Corporaties verkennen hierin de ontwikkelingen in de branche (zoals de Woonstandaard van Aedes en de Bouwstroom van het Netwerk Conceptueel Bouwen). Een goede leefbaarheid wordt meegenomen in deze verkenning, net als de kwaliteit van de woningen en de openbare ruimte. § In de Prestatieafspraken Arnhem 2020 zijn afspraken over de aanpak van schimmelwoningen gemaakt. De regio zal in overleg met de woningcorporaties onderzoeken hoe verbetering van veilig en gezond wonen gerealiseerd kan worden. Zo wordt al onderzocht hoe anders kan worden omgegaan met brandveiligheid en asbestsanering. De aanpak van schimmelwoningen zoals vormgegeven in de Prestatieafspraken Arnhem 2020 dienen als voorbeeld om afspraken in de gehele regio te maken. § Partijen verkennen de mogelijkheden voor experimenten waarbij corporaties in het verlengde van hun kerntaak kunnen werken aan energietransitie en leefbaarheid voor een wijk, waarbij ze zich ook mogen richten op particulier bezit en een integrale wijkaanpak.

Partijen kijken hierbij zowel naar het huidige wettelijk kader als vooruit naar aanpassingen in wet- en regelgeving die het kabinet wil doorvoeren naar aanleiding van de evaluatie van de Woningwet.

17

DEEL 2: UITVOERING EN SAMENWERKING Deze woondeal markeert het startschot van een intensieve en langjarige samenwerking tussen regio, provincie en het Rijk. De verschillende overheidslagen bundelen hun krachten om het functioneren van de woningmarkt in de regio ArnhemNijmegen structureel te verbeteren, de bouwproductie met oog voor circulariteit en duurzaamheid op niveau te brengen en de leefbaarheid te vergroten. Voor de uitvoering van deze woondeal is echter niet alleen de samenwerking tussen overheidslagen maar ook de samenwerking met corporaties en private partijen van cruciaal belang. AFSPRAKEN 64. De regio, het Rijk en de provincie richten een versnellingstafel in waarin publieke en private partijen samenwerken aan de uitvoering van de opgaven uit de woondeal. a. Naast de drie overheidslagen worden de woningcorporaties, projectontwikkelaars, beleggers en maatschappelijke organisaties uitgenodigd deel te nemen aan de Versnellingstafel, onder voorwaarde dat men zich voor lange termijn aan de woningbouwopgave en aan de in deze woondeal opgenomen afspraken committeert. b. De Versnellingstafel maakt in 2020 een uitvoeringsprogramma waarin alle afspraken uit deze woondeal worden geoperationaliseerd. c.

Aan de Versnellingstafel worden afspraken gemaakt over de versnelling van de bouwproductie op korte termijn (tot 2025) en langjarige afspraken over de sturing op een stabiele bouwstroom die minder afhankelijk is van conjuncturele schommelingen. d. De Versnellingstafel bewaakt daartoe de gehele planningsketen van initiatief tot realisatie. Knelpunten worden hier geagendeerd en opgelost met als doel de planuitval zo laag mogelijk te maken en een continue bouwstroom te realiseren. e. Circulariteit is een vast agendapunt van de Versnellingstafel. Binnen de Versnellingstafel wordt een werkgroep circulariteit opgezet. In het uitvoeringsprogramma (zoals genoemd onder punt b) wordt concreet invulling gegeven aan de werkorganisatie. f. Onder regie van de Versnellingstafel wordt een werkgroep huisvesting arbeidsmigranten ingericht. De werkgroep zorgt voor een plan van aanpak om de huisvesting van arbeidsmigranten op korte en lange termijn te verbeteren. g. De regio neemt het initiatief voor de inrichting van de Versnellingsafel en zit deze voor. De voorzitter zorgt ook voor periodieke rapportages over de voortgang. 65. Onderdeel van de Versnellingstafel is een bestuurlijk overleg woondeal. De minister en de voorzitter van de regio nemen het initiatief voor dit bestuurlijk overleg. 66.

Het Rijk ondersteunt de inrichting van de Versnellingstafel en het uitvoeringsprogramma met een financiële bijdrage van €750.000,-. De provincie ondersteunt de inrichting van de Versnellingstafel met een financiële bijdrage van €250.000,-. 67. Specifiek voor de inzet van de Woningbouwimpuls geldt het volgende: • Het Rijk draagt met de woningbouwimpuls bij aan de bouw van betaalbare woningen voor starters en mensen met een middeninkomen. Bij de inzet van middelen geeft het Rijk prioriteit aan de woondealregio’s, inclusief de woondealregio Arnhem-Nijmegen. • De regio inventariseert welke woningbouwprojecten tegen publieke financiële belemmeringen aanlopen en met een bijdrage uit de impuls geholpen kunnen zijn. Het gaat daarbij in ieder geval om woningbouwlocaties in de Kanaalzone/Nijmegen (o.a. Winkelsteeg, Station Nijmegen Dukenburg en Station Nijmegen Goffert), Spoorknoop Arnhem-Oost, Station Arnhem Presikhaaf, Arnhem Centrum Oost en Station Nijmegen. Ook de verdichtingslocaties in de Nijmeegse binnenstad (bv. Molenpoort passage, Vlaamse gas) en Waalfront worden hierin meegenomen. • Het Rijk ondersteunt de regio bij het beoordelen van de kansrijkheid van geïnventariseerde projecten en het komen tot een goede prioritering en fasering van projecten. Voor kansrijke projecten wordt een businesscase opgesteld.

18

• •

Het indienen van en de besluitvorming over de aanvragen zal plaatsvinden conform de in de AMvB en ministeriele regeling Woningbouwimpuls genoemde procedure en voorwaarden. Het Rijk ondersteunt de regio bij het uitwerken van prioritaire projecten tot kwalitatief goede aanvragen en stelt daarbij ook de kennis van het Expertteam Woningbouw beschikbaar.

68. Naast de Versnellingstafel wordt een brede Samenwerkingstafel Arnhem-Oost ingericht gericht op het integrale stadsvernieuwingsprogramma. 69. De regio en provincie zorgen dat afspraken uit deze woondeal worden geborgd in de te herijken (sub)regionale woonagenda'(s).

Ten Slotte Door ondertekening van dit akkoord committeren partijen zich om samen te werken aan de geformuleerde afspraken. In het bestuurlijk overleg van deze woondeal bespreken zij de voortgang van de gemaakte afspraken en de voortgang van de acties die daaruit voortvloeien. Desgewenst kan het akkoord worden aangevuld met nadere afspraken. Aldus overeengekomen en ondertekend op 4 maart 2020 te Nijmegen,

Burgemeester Arnhem Dhr. A. Marcouch

Burgemeester Nijmegen Dhr. H.M.F. Bruls

Voorzitter Gemeenschappelijk Orgaan regio Arnhem Nijmegen Dhr. A. Marcouch

Gedeputeerde Provincie Gelderland Dhr. P. Kerris

Minister voor Milieu en Wonen Mw. S. van Veldhoven – Van der meer

19

BIJLAGE: KAART LOCATIES EN PLANCAPACITEIT

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=e08f1706-e029-442d-b2fc-51ecd104fe33