b-1 Groep Walraven - Vragen Over en Weer ingekomen stukken Raadsavond 18-06-2024 met schr antw_
Tekst van het document
Vragen Lijst Ingekomen Stukken Raadsavond 18 juni 2024 A2a. College van B&W - Kennisgeving Onderzoek Maatschappelijk Vastgoed (SCHRIFTELIJK) •
Wat is de beweegreden om een kerk die een maatschappelijke functie heeft te rekenen tot het accommodatiebeleid? Antwoord: Of een kerk onderdeel is van het accommodatiebeleid is afhankelijk of de exploitant voldoet aan de criteria die we gaan stellen voor het accommodatiebeleid. Denk hier bijvoorbeeld aan dat de accommodatie als ontmoetingsplaats beschikbaar moet zijn voor andere (maatschappelijke) functies. Deze criteria stellen we met het accommodatiebeleid vast.
•
Waarom is er vanuit het Sociaal Domein behoefte aan nader inzicht en een integraal afwegingskader voor maatschappelijk vastgoed? Antwoord: Het Sociaal Domein subsidieert maatschappelijke activiteiten die veelal in maatschappelijk vastgoed / voorzieningen een plek krijgen. Bijvoorbeeld hoe toekomstbestendig is het etc. Het Team Vastgoed heeft vervolgens dat perspectief nodig om te bepalen hoe toekomst zeker een huisvestingsverzoek is, dit omdat we vastgoed in de regel neerzetten voor de lange termijn. Vastgoed steeds veranderen is kostbaar en dus is inzicht in perspectief nodig.
•
Welke inzet in uren wordt er gevraagd van de diverse genoemde afdelingen om in integraal accommodatiebeleid op te stellen? Antwoord: De kennisgeving benoemt het initiatief om een Plan van Aanpak Accommodatiebeleid op te stellen. Dit Plan van Aanpak zal inzicht geven de inhoudelijke opdracht voor dit beleid alsmede de voorwaarden die nodig zijn om tot dit beleid te komen. De benodigde ambtelijke capaciteit is onderdeel van deze voorwaarden.
•
Waarom moeten er externe partijen ingehuurd worden om bijvoorbeeld een integrale kostprijs te berekenen. Waarom kunnen we dat zelf niet? Antwoord: De externe partij moet snappen hoe wij integrale kostprijzen berekenen. De externe partij is echter meer bedoeld om het proces te begeleiden.
•
Waarom is er externe integrale begeleiding van het proces nodig? Waarom kan het proces niet intern worden opgepakt? Antwoord: Het opstellen van integraal accommodatiebeleid vraagt om specialistische kennis, die de gemeente maar eens per 4 jaar nodig heeft. Ook is het wenselijk om een neutrale procesleider te hebben om tot integrale overwegingen tussen beleidsafdelingen te komen. Op deze werkwijze kunnen de eigen beleidsambtenaren vanuit hun eigen rol werken.
•
Wat zijn de gevolgen als we het accommodatiebeleid niet updaten? Welke kosten besparen we dan? Antwoord: We weten dan niet of de maatschappelijke vraag vanuit de beleidsdomeinen goed vertaald wordt in huisvesting en of er veranderingen zijn waar we in de huisvestingsstructuur al rekening mee moeten houden.
•
Wat is een alternatief om toch inzicht te krijgen zonder een nieuw accommodatiebeleid? Antwoord: Het alternatief is dat we doorgaan op de huidige werkwijze, waar individuele beleidsafdelingen op hun “eigen” invulling geven aan de gelieerde beleidsvraagstukken. Accommodatiebeleid is nodig om de huisvestingsplanning scherp weg te zetten, om investeringen in vastgoed te beschermen. Vastgoed is een grote kostenpost in de gemeentebegroting.
•
Kan het accommodatiebeleid vanuit het project GTS niet geüpdatet worden? Antwoord: Het GTS-beleid stamt uit 2013 en is op onderdelen ingehaald door de tijd. Evaluatie van het huidige GTS-beleid is een startpunt voor het accommodatiebeleid.
A4a. College van B&W - Kennisgeving Voorgenomen besluit aanvraag subsidie MDT (SCHRIFTELIJK)
• Over hoeveel jongeren en jongvolwassenen hebben we het en moet deze groep verplicht meedoen of is het vrijwillig? De aanvraag is gedaan voor ongeveer 290 afgeronde MDT trajecten. De deelname is vrijwillig, maar met bijvoorbeeld leerplicht en de RSD kunnen afspraken gemaakt worden waarbij deelname minder vrijblijvend is en kan bijdragen aan een traject dat is ingezet om iemand (weer) te stimuleren. • Als het een vrijwillige deelname betreft, welke verwachting is er met het aantal jongeren en jongvolwassenen in dit project gaan participeren?
Er is rekening gehouden met uitval in de aanvraag voor de subsidie. De subsidie wordt bepaald op basis van afgeronde trajecten. Streven is dus om 290 deelnemers te laten afronden. Er is nog wel een kanttekening. De subsidieaanvraag wordt nu behandeld én de aanvragers krijgen naar rato een subsidie verstrekt als er meer aangevraagd is dan beschikbaar. In het najaar weten we hoe dat uiteindelijk uitpakt voor de aanvraag van 1Stroom. • Hoe leeft dit project bij de jongeren en jongvolwassenen? De dorpsgesprekken zijn hiervoor niet voldoende. Is er ook actief bij de doelgroep geïnventariseerd? Zowel landelijk als regionaal zien we belangrijke signalen van jong volwassenen die met mentale problemen kampen. Landelijk zijn er campagnes zoals: “hey, het is OK” en de “Checkers” is recent gelanceerd door “Mind US”. Allemaal met de focus op mentale gezondheid. In de gesprekken die professionals met jongeren in Duiven en Westervoort hebben merken we deze signalen ook. • In hoeverre is dit project een verantwoordelijkheid van de gemeente of zou dit juist beter passen als scholen dergelijke trajecten/projecten faciliteren of dat ouders en jongvolwassenen dit zelf organiseren of kan dat niet omdat er een cofinanciering moet plaatsvinden? Het aanvragen van de subsidie is in deze ronde speciaal open gesteld voor gemeenten.
Het is complex om een dergelijk project te starten en er moet aan allerlei eisen voldaan worden. De scholen die onder de stichting Quadraam vallen zijn in een eerdere subsidieronde al verbonden aan Hope XXL en dus betrokken bij MDT in deze regio. Deelnemers van die MDT trajecten kunnen eventueel een tweede traject doen en dus doorgeleid worden naar dit project (mits ze daarvoor in aanmerking komen). • Waarom is Westervoort nodig voor het project? Betekent dit dat als het college en de gemeenteraad van Westervoort dit project niet wil doen dat het project aan Duivense kant ook niet doorgaat? Er is een minimaal en maximaal gesteld aan het subsidiebedrag in de eisen. Om aan het minimale subsidiebedrag te komen moeten er voldoende deelnemers zijn. Er is ingestoken op dit minimale subsidiebedrag, namelijk 360.000 euro (voor Duiven) en 180.000 euro (voor Westervoort) en dus in totaal €540.000,-. Er is dus rekening gehouden met het risico dat Westervoort niet meedoet. Als Westervoort niet meedoet, kan het project dus doorgaan omdat het minimale subsidiebedrag gehaald wordt met alleen de deelname van Duiven. Het college gaat er wel van uit dat Westervoort meedoet.
• Onder argumenten 2.1 van het Collegevoorstel cofinanciering en partnerschap wordt verwezen naar Bijlage 2. Wij kunnen deze bijlage niet bij de stukken vinden, kan Bijlage 2 aan de stukken worden bijgevoegd? https://duiven.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Index/3626fc78-2511-42f5-bd7b2b5ac0cbfd13 Deze link verwijst naar het collegebesluit met deze bijlagen, het betreft de vergadering van het college van B&W van 23 april jl. • Kan de gemeenteraad ook Bijlage 1 en Bijlage 3 van het Collegevoorstel cofinanciering en partnerschap ontvangen, door ze aan de stukken toe te voegen? Ook deze twee bijlagen kunnen wij niet vinden. https://duiven.bestuurlijkeinformatie.nl/Agenda/Index/3626fc78-2511-42f5-bd7b2b5ac0cbfd13 Deze bijlagen staan in dezelfde link, zoals aangegeven bij de vorige vraag.