CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

A2b. bijlage -Onderbouwing bijbetaling aannemer

Raadsavond 26 maart 2024, gemeente DuivenBij agendapunt: - informatie van het college ter kennisname847 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 1: Onderbouwing bijbetaling aannemer Opgesteld door: G. Oosterink Gemeente Duiven, 08-02-2024

Recht op bijbetaling De afgelopen jaren hebben onvoorziene omstandigheden plaatsgevonden. Door o.a. Covid, de energiecrisis, maar ook door de krapte op de arbeidsmarkt zijn de prijzen fors gestegen ten opzichte van het prijspeil 2019/2020. Dit was op het moment van aanbesteden niet te voorzien en heeft er voor gezorgd dat de prijzen fors zijn gestegen. De aannemer heeft daarom recht op een prijsverbetering, dit is juridisch getoetst en volgt ook uit een uitspraak van de Raad van Arbitrage in Bouwgeschillen (bijlage 2). Het recht op bijbetaling bij kostenverhogende omstandigheden wordt omschreven in paragraaf 47 van de UAV 2012 (bijlage 1). Het gaat om prijsstijgingen veroorzaakt door omstandigheden die van dien aard zijn dat bij het tot stand komen van de overeenkomst geen rekening behoefde te worden gehouden met de kans dat zij zich zouden voordoen, die de aannemer niet kunnen worden toegerekend en die de kosten aanzienlijk verhogen. De Raad van Arbitrage voor de Bouw heeft ook een uitspraak gedaan over de hoogte van het recht op bijbetaling bij kostenverhogende omstandigheden. Uit de uitspraak blijkt dat: - Op de desbetreffende post sprake moet zijn van een stijging van meer dan 20 %; - En dat dat ertoe moet leiden dat het werk meer dan 5 % duurder wordt, waarbij alleen het surplus voor vergoeding in aanmerking komt.

Overeengekomen bijbetaling Uit de uitspraak van de Raad van Arbitrage voor de Bouw volgt ook dat de aannemer niet volledig gecompenseerd hoeft te worden. De aannemer heeft een ondernemersrisico en de ‘normale’ inflatie hoeft niet te worden gecompenseerd. Bij het verzoek om bijbetaling was het voorstel van de aannemer om alle bestekposten met 27.5% te indexeren. De vraag is of dit aannemelijk is, omdat de bestekposten verschillend zijn met betrekking tot inzet van personeel en materieel. De uitleg hierbij is dat de werkzaamheden integraal worden benaderd, waardoor de ene bestekpost invloed heeft op de andere. Het zou daarom niet reëel zijn om de bestekposten verschillend te indexeren. Hierdoor zou er scheefgroei ontstaan in de aanbieding. Om het zuiver en overzichtelijk te houden is er daarom voor gekozen om toch van een vast percentage bijbetaling per bestekpost uit te gaan. Hoewel de regels voor bijbetaling op papier helder zijn, blijkt dit in de praktijk een puzzel waar men samen uit moet komen op basis van redelijkheid en billijkheid. Dit is ook beaamt door de aanbestedingsjurist.

De totale indexatie, gebaseerd op de interne indexatiegegevens van Dolmans, is 31% tot en met 2024 en ten opzichte van het aanbestedingsjaar 2019. De onderbouwing van deze interne indexatiegegevens van Dolmans is op verzoek in te zien. Van aannemer X komt de totale indexatie lager uit, maar deze volgt wel dezelfde lijn. Jaar

Dolmans 2020 basisjaar 2021 1,91 2022 6,93 2023 11,72 2024 7,5 2025 x

Aannemer X basisjaar

Cum. 1,02 1,09 1,22 1,31 x

3,4 4 7,35 8 x

Cum. 1,03 1,08 1,15 1,25 x

De prijsverbetering voor 2024 is na onderhandeling overeengekomen op 22%. Hiermee is de prijsverbetering van 22% voor 2024 reëel en marktconform. Voor 2023 is er geen prijsverbetering gevraagd of toegekend. De aannemer is niet voornemens om voor 2025 weer een prijsverhoging te vragen, tenzij de prijsstijgingen buitensporig zijn en opzichte van 2024. Ook is overeengekomen het contract op 31 december 2025 te laten eindigen in plaats van 31 maart 2026. Bij een nieuwe aanbesteding kan het contract dan van 1 januari tot 31 december lopen conform het financiële boekjaar. Dit zorgt voor meer transparantie en overzicht in kosten. De aannemer vraagt hiervoor geen vergoeding. Dit is financieel gezien aantrekkelijk voor de gemeente. Dit is hieronder toegelicht. Aanvullende afspraken beëindiging contract Het huidige contract loopt van 1 april t/m 31 maart. De looptijd is ontstaan door een bezwaar tijdens de aanbestedingsprocedure eind 2019/ begin 2020. Hierdoor is de opdracht later gegund. Bij een nieuwe aanbesteding is het de wens om het contract weer van 1 januari tot 31 december te laten lopen. Bij het groenonderhoud wordt gewerkt met een beeldbestek, waarbij de totale onderhoudskosten per jaar, over 52 weken worden verdeelt. Dit zorgt ervoor dat de kosten maandelijks ongeveer hetzelfde zijn, hoewel de werkzaamheden per maand fors verschillen.

In de wintermaanden is er bijvoorbeeld nauwelijks schoffelwerk nodig in vergelijking met bijvoorbeeld het voor- en najaar als het onkruid groeit. Het laatste contractjaar wordt de opdracht niet voor 12 maanden, maar voor 9 maanden verstrekt. Theoretisch gezien zou de aannemer dan 3 maanden minder uitbetaald krijgen. In dit contract gaat het om een bedrag van € 240.000 voor de maanden januari t/m maart. In de praktijk voert de aannemer in deze maanden nauwelijks onderhoud uit en is dit bedrag nodig om in het hoogseizoen het onderhoud uit te kunnen voeren. Deze kosten zijn dus eerder gemaakt. De aannemer gaat daarom vaak niet akkoord met deze theoretische benadering en vraagt om een bijbetaling. Dolmans gaat in dit contract wel akkoord met de aanpassing van de looptijd van het contract zonder financiële compensatie.

Pagina 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=417f8f07-a3a6-4b90-973e-cc1a078e01bf