A1b. 201662065-Evaluatie Maatschappelijk werk op school
Tekst van het document
Evaluatie Maatschappelijk werk op school Duiven en Westervoort 2024
Samenvatting Het ‘Maatschappelijk werk op school’ (MOS) biedt, met zo’n 216 casussen per jaar, veel preventieve ondersteuning aan ouders en kinderen. Als laagdrempelige vraagbaak vangen ze veel potentiële problemen af waardoor opschaling van zorg minder nodig is. Ouders zijn erg tevreden over het MOS, vooral over de inhoud die ze ervan krijgen, de prettige bejegening en de betrokkenheid die wordt getoond. Hoewel veel ouders nog in een traject zitten, zien zij al positieve verbetering en geeft 76,5 % aan zelfstandig verder te kunnen. Onderwijsprofessionals en verwijzers vinden dat het MOS goede informatie biedt en waardeert de degelijke en uitgebreide terugkoppeling die ze geven. Ze ervaren het MOS als deskundig en resultaatgericht. Maatschappelijk werkers zien het bieden van inzichten als belangrijkste onderdeel van hun werk. De juiste bejegening en betrokkenheid zijn daarbij de belangrijkste eigenschappen van het MOS.
2
Inleiding Voor u ligt de evaluatie van het maatschappelijk werk op school (MOS) in de gemeenten Duiven en Westervoort voor het jaar 2023. Maatschappelijk werk zorgt ervoor dat er aansluiting is met de doelgroep, op scholen, in buurthuizen etc. Het MOS is dus maatschappelijk werk, maar door op school aanwezig te zijn makkelijk benaderbaar voor ouder(s) en onderwijsprofessionals. Deze extra inzet van het MOS is tijdelijk bekostigd door Nationaal Programma Onderwijs (NPO)-gelden, soms ook coronagelden genoemd. Uit de evaluatie moet blijken of deze extra inzet heeft geleid tot effectieve begeleiding voor ouders en kinderen in het basisonderwijs of integrale kindcentra (IKC). De extra inzet is gestart in januari 2022 en tijdelijk verlengd tot en met 2024. Deze evaluatie gaat over de periode van januari 2023 tot en met het eerste kwartaal van 2024. Deze evaluatie is opgesteld in samenwerking met de educatieve partners, de kinderopvangorganisaties, welzijnsorganisatie Santé én inwoners. Aanleiding Na de coronapandemie hebben de gemeenten Duiven en Westervoort extra subsidies verleend aan Santé Partners. Hiervoor leverde Santé Partners aanvullend maatschappelijk werk op basisscholen en IKC’s voor de periode van 1 januari 2022 tot 1 augustus 2023. De subsidie was mogelijk door het Nationaal Programma Onderwijs (NPO).
De NPO middelen zijn bedoeld om onderwijsvertragingen in te halen die kinderen hebben opgelopen tijdens de coronaperiode. Het gaat om achterstanden op cognitief, sociaal en emotioneel vlak. Opzet De evaluatie is opgebouwd uit een kwalitatief en kwantitatief onderzoek. Voor dit onderzoek is gebruik gemaakt van: - Cijfers van Santé partners - Interview met de Specialistische Ondersteuner Jeugd (SOJ) Westervoort - Een digitale vragenlijst verspreid onder ouders, verwijzers en maatschappelijk werkers De vragenlijst is in de periode van 27 maart tot en met 19 april uitgezet via onderwijscontacten binnen 1stroom en via het personeel- en cliëntenbestand van Santé Partners. Alle deelnemers zijn geïnformeerd over het doel van de vragenlijst en het anonieme karakter van de vragenlijst. Aanvullend is de evaluatie van het MOS als agendapunt besproken in de netwerkbijeenkomsten 12- in beide gemeenten. Deze netwerkbijeenkomsten worden goed bezocht door vertegenwoordigers van basisscholen en IKC’s. Feedback van deze vertegenwoordigers is meegenomen in deze evaluatie. Impact maatschappelijk werk op school Het MOS is in de gemeente Duiven ingezet op 10 locaties in het primair onderwijs (Montessori IKC De Groene Ring heeft 2 locaties) met 4 uur per week per locatie. Het MOS wordt op 2 locaties in het voortgezet onderwijs ingezet met 1 uur per week per locatie.
In Westervoort betreft het 6 locaties (4,6 uur per week per locatie).
3
In 2023 zijn er 216 trajecten met kinderen en/of gezinnen gestart vanuit het MOS. Hiervan zijn er in de gemeente Duiven 151 begeleid (met 35 uit de periode 2022) en 111 trajecten beëindigd. Veertig trajecten zijn doorgezet naar 2024. In Westervoort zijn in dezelfde periode 65 trajecten met kinderen en/of gezinnen uitgevoerd (met 14 uit de periode 2022) en 53 trajecten beëindigd. Twaalf trajecten met kinderen en gezinnen liepen door naar 2024. Inhoudelijk gaan in de gemeente Duiven de meeste vragen over de sociaal emotionele ontwikkeling van kinderen (37%), opvoedondersteuning (17%) en de relatie tussen jeugd en ouders (13%). In mindere mate wordt het MOS gevraag voor uitdagingen in de omgang met leeftijdsgenoten, het verwerking van nare gebeurtenissen en gedragsproblemen. Ook in Westervoort gaan de meeste vragen over sociaal emotionele ontwikkeling (33%) en opvoedondersteuning (22%). Opvallend is dat in Westervoort daarna vooral casussen zijn over gedragsproblemen (21%) en in veel mindere mate de relatie met ouders (6%). De SOJ vult aan dat er goed contact is tussen haar en de maatschappelijk werker op school in Westervoort. Ze wordt benaderd voor consultatie en wanneer opschaling van zorg nodig lijkt. Deze gevallen zijn echter beperkt en de SOJ merkt dat er veel wordt afgevangen door het MOS.
De SOJ ziet dat het vooral voor ouders een fijne en toegankelijke vraagbaak is die snel gevonden wordt. Tot slot wordt de signaleringsfunctie van de maatschappelijk werker zeer gewaardeerd door de SOJ. Deze signalen dragen bij aan het gezamenlijk formuleren van meer gericht preventief aanbod door de gemeenten en sociale partners. Op basis van deze gegevens komt het beeld naar voren dat het MOS al veel preventief werk levert op vooral sociaal emotionele ontwikkeling en opvoedondersteuning. Dit wekt de indruk dat er door deze inzet veel potentiële problemen in de kiem worden aangepakt en opgelost door het Maatschappelijk werk waardoor opschaling van zorg minder nodig lijkt. Ervaringen (Resultaten vragenlijst) In totaal hebben 40 personen gereageerd op de vragenlijst ‘evaluatie maatschappelijk werk’. Deze groep was verdeeld in: • 45% (n = 18) ouders (en hun kinderen); • 45% (n = 18) verwijzers/onderwijsprofessionals; en • 10% (n = 4) maatschappelijk werkers. Resultaten van ouders Achttien ouders, met kinderen in de leeftijdscategorie van 4 tot en met 11 jaar hebben de vragenlijst ingevuld. Het gaat in alle gevallen om ouders en kinderen die tijdens het invullen nog ondersteuning krijgen van het MOS. Het grootste deel van de ouders zijn ‘erg tevreden’ over het contact met het maatschappelijk werk.
Er wordt gedeeld dat zowel voor ouders als kinderen er sprake is van een prettig en constructief contact. Zoals een van de ouders schrijft: “Een fijne ondersteuning voor ouders, een positieve open persoon die snel vertrouwd aanvoelt voor het kind”.
4
Maatschappelijk werkers worden vooral gewaardeerd voor de manier waarop ze ouders en kinderen bejegenen en hoe ze hun betrokkenheid tonen. Dit zijn ook de punten die ouders het belangrijkste vinden aan hun contact met de maatschappelijk werkers. Ouders zijn zeer tevreden over de deskundigheid en betrouwbaarheid. Ouders geven aan dat ze de resultaatgerichtheid van de maatschappelijk werkers minder goed kunnen beoordelen omdat ze nog midden in het proces zitten, desondanks wordt dit grotendeels tevreden beoordeeld. Van de ouders geeft 76,5 % aan dat ze nu weer zelfstandig verder kunnen. Ze geven aan dat de betrokken kinderen nu al beter in hun vel zitten en de situatie in het gezin in vele gevallen al is verbeterd door de inzet. Inhoudelijk zijn ouders het meest tevreden over de informatie die ze naar aanleiding van de gesprekken hebben ontvangen. Dit wordt gevolgd door de twee onderdelen die ouders het belangrijkste vinden, de inhoud en de hulp die de gesprekken bieden voor de gestelde hulpvraag. Er wordt vooral gewaardeerd dat kinderen (en hun ouders) concrete tips krijgen en een persoon waarbij ze zich op hun gemak voelen en die een luisterend oor biedt. Het merendeel van de ouders zou al liever eerder contact hebben gehad met een maatschappelijk werker (64,7 %) en beveelt het ook werk aan bij anderen (72,2%).
Een ouder adviseert het MOS vaker door school te laten aanbevelen en het onbevooroordeelde en cliëntgerichte karakter ervan meer te benadrukken. Samengevat geven ouders het MOS gemiddeld een 8 als rapportcijfer. Verwijzers en educatieve partners In Westervoort lieten eind 2023 personele wisselingen zien dat dit direct onrust en verwarring bij de educatieve partners teweegbracht. Aansluitend was er onduidelijkheid over de invulling van het MOS. Hierop is er een (definitie)discussie geweest tussen het onderwijs, Sante partners en de gemeente over de rol en positie van het maatschappelijk werk. De discussie ging over de definitie (schoolmaatschappelijk werk of maatschappelijk werk die op school komt) en over de verwachtingen die daarbij ontstaan zijn. Op basis van deze discussie hebben de gemeente en Sante ervoor gekozen de rol steviger in te kaderen. Dit maakt dat scholen zorgen hebben over de zichtbaarheid van de maatschappelijk werker. Sante daarentegen kijkt vanuit de bedrijfsvoering naar de inzet van het maatschappelijk werk. Deze keuze is niet geheel naar tevredenheid van het onderwijs. De periode tot en met 2023 wordt daardoor als zeer positief ervaren en de periode daarna iets minder positief. Onderwijsprofessionals en verwijzers hebben veel waardering voor de maatschappelijk werkers op hun school of IKC.
Verwijzers vinden dat het maatschappelijk werk vooral inzetbaar moet zijn voor opvoedkundige vragen en sociaal-emotionele problemen bij kinderen. Deze uitspraken sluiten daarmee goed aan bij de cijfers rondom problematiek zoals die door Santé partners zijn geregistreerd. 5
Verwijzers zijn net als ouders vooral zeer tevreden over de informatie die ouders naar aanleiding van de gesprekken hebben ontvangen. Het belangrijkste (60%) vindt men de hulp die gesprekken bieden aan ouders en kinderen. Hierbij wordt echter opgemerkt dat verwijzers niet aanwezig zijn bij deze gesprekken, maar dat ze zich baseren op de degelijke en uitgebreide terugkoppeling die ze van de maatschappelijk werkers krijgen. Verwijzers en educatieve partners zijn zeer tevreden over de bereikbaarheid en toegankelijkheid van de maatschappelijk werkers. Over de verwachtingen en mogelijkheden die het maatschappelijk werk biedt is men tevreden. Over de maatschappelijk werkers zelf zijn de verwijzers zeer tevreden. Verwijzers vinden de deskundigheid van de maatschappelijk werker het belangrijkste, gevolgd door de resultaatgerichtheid. Verwijzers zien dat kinderen weer beter in hun vel zitten en de situatie ook verbeterd. Bij afgesloten trajecten zien ze dat het kind beter om kan gaan met de bestaande problemen. Alle verwijzers bevelen het maatschappelijk werk aan bij anderen en geven het een 8,5. Het liefste zien ze dat het MOS zichtbaar is en een vast gezicht biedt op elke school. Bij voorkeur voert het MOS de ouder/kind gesprekken op school zelf en wordt de aanwezigheid verhoogd.
Zoals omschreven was dit het geval in de periode 2023 in Westervoort, waar de educatieve partners positiever over zijn. Maatschappelijk werkers De vragenlijst is in aangepaste vorm als ‘zelfevaluatie’ ook voorgelegd aan de maatschappelijk werkers (n = 4). Maatschappelijk werkers ervaren dat het bieden van inzichten aan ouders en kinderen een van de belangrijkste onderdelen van de gesprekken zijn en hun betrokkenheid en bejegening als belangrijkste eigenschap voor dit werk. De werkers zijn kritisch op het effect dat ze hebben. Hoewel ze tevreden zijn met wat ze voor elkaar krijgen merken ze op dat het effect sterk afhankelijk is van de situatie. Maatschappelijk werkers zijn graag goed zichtbaar op school en een vast gezicht voor ouders en kinderen. Ze geven zichzelf een 8,5 als rapportcijfer en verwachten dat 7 tot 8 van de 10 casussen geen andere (duurdere) vorm van hulp nodig heeft. Maatschappelijk werkers zien de meerwaarde op het gebied van preventie. Dankzij de goede verbinding met scholen wordt voorkomen dat problemen groter worden of escaleren. Door korte interventies gericht op ouders en kinderen zorgt dat het gezin sneller op eigen kracht zelfstandig verder kan, zonder dat specialistische hulp nodig is. Net als de SOJ is er volgens maatschappelijk werkers meer uit het MOS te halen door bredere thema’s te ontdekken en een collectief aanbod te creëren.
Verschillen en overeenkomsten in de resultaten
6
Zowel ouders als verwijzer zijn erg tevreden over het MOS, in het bijzonder de informatie die ouders naar aanleiding van de gesprekken hebben ontvangen. Net als ouders zien verwijzers dat met de inzet van het MOS kinderen weer beter in hun vel zitten en de situatie in het gezin verbeterd. Verschillend wordt er gedacht over de belangrijkste eigenschappen. Ouders waarderen vooral de bejegening en betrokkenheid terwijl verwijzers juist de deskundigheid en resultaatgerichtheid van het MOS. Maatschappelijk werkers sluiten vooral aan bij ouders dat de bejegening en betrokkenheid nodig is om goede ondersteuning te bieden. Verwijzers en maatschappelijk werkers willen het MOS graag goed zichtbaar op school en dat het een vast gezicht bieden voor ouders en kinderen. Alle partijen geven het MOS als rapportcijfer een 8,5. Financiële situatie In Duiven ontving welzijnsorganisatie Santé Partners tot en met 2022 via gemeentelijke beschikking de financiële middelen om 0,4 Fte aan maatschappelijk werk op school te bieden. Met de komst van de NPO-gelden is dit medio 2022 aanvullend gefinancierd met nog eens 0,65 Fte. In totaal is daarmee in de periode vanaf september 2022 tot en met eind 2024 het totale aanbod voor maatschappelijk werk op school in Duiven 1,05 Fte.
In Westervoort ontving welzijnsorganisatie Santé Partners in de periode vóór de NPO gelden geen specifiek budget om maatschappelijk werk op school te bieden. Met de komst van de NPO-gelden is er vanaf juni 2022 tot en met eind 2024 voor het maatschappelijk werk op school 0,8 Fte gefinancierd. De tijdelijke NPO-middelen eindigen dit jaar. De begroting van 2025 en verder is op dit moment zonder bekostiging voor aanvullend maatschappelijk werk. Als deze tijdelijke middelen niet worden aangevuld, dan valt het aanbod maatschappelijk werk terug naar het structurele niveau van 2022 voor de gemeenten Duiven (0,4 Fte) en Westervoort (0 Fte). Dit resulteert daarmee in een marginale inzet van maatschappelijk werk op school en een toename van aanvragen voor jeugdhulp. Conclusie Het MOS biedt, met zo’n 216 casussen per jaar, veel preventieve ondersteuning aan ouders en kinderen. Zowel ouders, verwijzers en de maatschappelijk werkers zelf zijn, met een gemiddeld rapportcijfer van 8,5, erg tevreden over de inzet en aanwezigheid van het MOS. Ook de SOJ, gesitueerd bij de gemeente, ervaart het MOS als een prettige en belangrijke samenwerkingspartner in het preventieve veld. In bijna alle trajecten die het MOS oppakt wordt een verbetering in de situatie ervaren en komen kinderen (en ouders) in hun kracht om problemen zelfstandig het hoofd te bieden.
Het MOS sluit goed aan bij ouders en verwijzers door de juiste bejegening, betrokkenheid, deskundigheid en resultaatgerichtheid. Ze bieden ouders en kinderen de juiste informatie en inzichten. Verwijzers en de 7
SOJ krijgen een gedegen en uitvoerige terugkoppeling zodat die goed kunnen aansluiten op het kind en de ouders. Als laagdrempelige vraagbaak met een signalerende functie heeft het MOS een belangrijke rol voorkomen van problemen of het escaleren hiervan. Met de beperkte inzet die het vraagt, is het daarmee een kosteneffectieve manier om zwaardere en duurdere vormen van zorg te voorkomen. Terugkeren naar de bekostiging en invulling van het maatschappelijk werk in 2022 zorgt dat het MOS praktisch gezien wordt opgeven en heeft, gezien de opbrengsten, niet de voorkeur.
8