A10c. bijlage - Bijlage bij Statenbrief.pdf
Tekst van het document
Bijlage bij Statenbrief
Datum
14 juni 2022 Zaaknummer
2021-016004 Blad
1 van 6
Onderwerp
Startnotitie ‘Naar een nieuwe kaart van Gelderland: verkennen, puzzelen en afspreken’ Portefeuillehouder
Peter Kerris
De Koers Ruimte en Leefomgeving In de benen-op-tafel sessie van 16 maart jongstleden hebben wij u laten zien dat we 1,8 keer Gelderland nodig hebben als we alle beleidsambities bij elkaar optellen. De ruimtedruk is groot en de urgentie van de opgaven hoog. In de door u in 2021 vastgestelde Koers Ruimte en Leefomgeving geeft u aan dat we de Gelderse ruimte slim moeten inrichten: ambities combineren waar het kan en keuzes maken waar het moet (PS2021-470). Inrichtingskwesties hebben immers niet alleen een ruimtelijke impact, maar ook gevolgen voor economische prestaties, sociale kansen en de gezondheid van mensen. Dus niet alles zomaar combineren. Maar combineren zien als kunst: gericht op Gaaf Gelderland, zo stelt u in uw Koers Ruimte en Leefomgeving. De provincie als middenbestuur heeft een duidelijke rol in dit keuzeproces. In de Koers Ruimte en Leefomgeving geeft u expliciet aan dat u zich “eigenaar voelt van het vraagstuk hoe alle opgaven landen in Gelderland”. U wijst hierbij op de gebiedscoördinerende rol van de provincie, zoals beschreven in de Omgevingswet. Partnerschap staat daarbij voor u voorop: samen met inwoners, ondernemers, (koepel)organisatie en medeoverheden wilt u tot keuzes in de Gelderse gebieden komen. Deze uitgangspunten, naast de werkwijzen en acties uit uw Koers Ruimte en Leefomgeving, vormen de kaderstellende basis onder deze Startnotitie.
Gelderse ruimtelijke “puzzel” Het nieuwe Kabinet herkent en ondersteunt de kijk- en werkwijze uit uw Koers Ruimte en Leefomgeving. Ook op nationaal niveau wordt de complexiteit van “de ruimtelijke puzzel” duidelijk gevoeld. Niet voor niets wordt gesproken over de ‘ruimtelijke verbouwing’ van Nederland. Minister De Jonge legt in zijn Kamerbrief de
Datum
14 juni 2022 Zaaknummer
2021-016004 Blad
2 van 6
nadruk op de rol van de provincie als ‘gebiedsautoriteit’ bij het leggen van de ‘ruimtelijke puzzel’ in de regio (zie ook kader). De provincies worden door de Minister optimaal in positie gebracht met de opdracht: om de nationale programma’s – op het terrein van verstedelijking, de energietransitie en in het landelijk gebied inclusief stikstof – te combineren met regionale opgaven. En: om tot concrete regionale ruimtelijke voorstellen te komen en deze plannen in te dienen bij het Rijk. De uiteindelijke “uitvoeringsarrangementen”, die ontstaan in samenspraak met het Rijk, waarborgt dat de opgaven ruimtelijk inpasbaar zijn en dat de cruciale samenhang in uitvoering van de verschillende opgaven en programma’s tot stand komt. Aan de voorkant geeft de minister op inhoud mee dat het bodem en watersysteem sturend dient te zijn bij regionale keuzes. Daarnaast is het geheel voorzien van een strakke procesplanning met als doel om binnen afzienbare tijd tot krachtige gebiedsaanpakken te komen met duidelijke afspraken over inhoud, rollen, verantwoordelijkheden en de inzet van middelen.
Belangrijke punten uit de brief over de ruimtelijke puzzel en de rol van de provincie: 1. Dit kabinet formuleert een zeer ambitieuze agenda voor het fysieke domein. Om deze agenda de komende jaren goed te kunnen uitvoeren, moeten we er met elkaar zeker van zijn dat alle programma’s en plannen ruimtelijk passen. 2. De twaalf provincies wordt gevraagd om tussen 1 oktober 2022 en 1 juli 2023 de opgaven ruimtelijk te vertalen en te combineren. Deze ruimtelijke puzzel sluit nauw aan op de huidige provinciale rol in de ruimtelijke ordening. 3. Hiervoor maakt het kabinet op 1 oktober 2022 op basis van de nationale programma’s duidelijk welke nationale opgaven in een provincie landen. 4. De provincie bepaalt daarbij zelf of deze ‘ruimtelijke puzzel’ op het schaalniveau van de provincie of op het schaalniveau van regio’s daarbinnen wordt gelegd. 5. Actieve betrokkenheid van alle gemeenten, waterschappen, Rijkspartijen en private en maatschappelijke partijen is daarbij cruciaal. Alleen dan kan interbestuurlijk een arrangement ontstaan dat de overheden onderling bindt. 6. Een arrangement per provincie waarborgt dat alle opgaven ruimtelijk inpasbaar zijn en genereert inzicht in de samenhang van de verschillende programma’s.
De status van het provinciaal ruimtelijk perspectief In uw Koers Ruimte en Leefomgeving beschrijft u de werkwijze om tot ruimtelijke keuzes te komen. Met behulp van de ontwerpende methodiek van “uitzoomen, inzoomen, koppelen en kiezen” werkt u toe naar een wenkend en werkend provinciaal perspectief voor de Gelderse gebieden. Twee stappen hebben wij daarin al gezet: • De bestaande Gelderse beleidsambities zijn op kaart gezet, zodat we ons een beeld kunnen vormen van waar opgaven in Gelderland landen en met welke impact. In de beeldvormende sessie van dd. 16 maart 2022 zijn deze kaartbeelden met u besproken (bijlage 1). • De uitwerking van ontwikkelrichtingen in twee sporen. Spoor 1: In zeven focusgebieden (zie hieronder) – waar de ruimtedruk hoog en/of de noodzaak tot kiezen groot is – is met de ontwerpende werkwijze uit de Koers Ruimte en Leefomgeving een start
Datum
14 juni 2022 Zaaknummer
2021-016004 Blad
3 van 6
gemaakt en zijn kansrijke ontwikkelrichtingen gevonden. Steeds met het bodem- en watersysteem als vertrekpunt (voor de uitwerkingen per gebied zie bijlage 2). Spoor 2: Ook voor de andere Gelderse gebieden worden nog ontwikkelrichtingen uitgewerkt (spoor 2).
1.Kop van de Veluwe Dit is een gebied met 2 gezichten. De randmeerkust met de A28 als bepalende drager en de Ijsselvallei waar de rivier het meest sturende element is. In dit gebied speelt de fundamentele keuze of de Kop van de Veluwe zich gaat ontwikkelen als onderdeel/overloopgebied van de regio Zwolle (inclusief passende voorzieningen, verbindingen) en/of zich vooral ontwikkelt als zelfstandig gebied met de focus op de ‘eigen’ opgaven. De overgangszone van de Veluwe bij de Randmeerkust verdient extra richting op ruimte voor verstedelijking, landbouw en natuur. 1. Food Valley Zuid Dit gebied bestaat uit 4 kernen – Wageningen, Ede, Veenendaal, Rhenen – met een behoorlijke verstedelijkingsambitie – 25.000 – 30.000 woningen = een extra Veenendaal erbij – terwijl dit gebied nu niet als hoog ‘stedelijk’ is aan te merken. De druk op tussenliggende landbouw-/ natuurgebied (Binnenveld) neemt toe. Past dit hier wel? En welke combinaties zijn mogelijk om het gebied toekomstbestendig in te richten met bodem en water als belangrijk drager?
Datum
14 juni 2022 Zaaknummer
2021-016004 Blad
4 van 6
3. Liemers Dit gebied wordt bij doortrekking van de A15 een nieuw knooppunt van de A15/A12/A18. Dit geeft een extra impuls aan het gebied als logistiek cluster en internationale verbinding (in verbinding met Emmerich). Ook de regio-express draagt bij aan de bereikbaarheid van dit gebied. Naast de eigen woningbouwopgave (4.000 – 5.000 woningen) is dit gebied een overloopgebied van Arnhem maar ook een landbouwgebied dat onder druk staat. Daarbij is het gebied vanuit bodem en watersysteem kwetsbaar te noemen. Wat kan de Liemers aan? 4. Vallei Oost Een transitiegebied waar het huidige grondgebruik hard botst met de waarden van de naastgelegen Veluwe. De huidige concentratie van intensieve veehouderij past niet bij de ambities van de omgevingsvisie. Dit vergt een herinrichting van het gebied met een kapitaalkrachtige hefboom om die transitie voor elkaar te krijgen. Kan de woningdruk vanuit het westen en de Vallei deze hefboom zijn om dit gebied te ontwikkelen als nieuw woongebied (hoge ligging naast A1/A30)? Daarnaast vergt het robuust maken van de Veluwe extra inzet op het bodem en watersysteem van de Veluwe. 5. Middengebied Arnhem Nijmegen Dit gebied ligt tussen Rijn en Waal waar Park Lingezegen het groene hart is. De Linge is de hoofdader voor de waterbeschikbaarheid binnen dit gebied.
Een klimaatbestendig middengebied vergt investeringen in een groenblauw raamwerk met de Linge als hoofdader. Is verdere verstedelijking hier wel verstandig? Water vormt hier immers een reëele toekomstige bedreiging. Moet Nijmegen zich niet meer focussen op een sprong in zuidelijke richting over de stuwwal? 6. Rivierenland West De landschappelijk lijnen en open karakter in dit gebied bieden ruimte voor de realisatie van nationale opgaven. De A15 als logistieke en energiecorridor en de A2 als verbinding tussen Amsterdam-UtrechtEindhoven kruisen elkaar hier. Veel arbeidsmigranten en praktisch geschoolde arbeidskrachten werken in dit gebied. Een gebied in de uithoek van Gelderland maar centraal tussen 4 verstedelijkingsgebieden – Utrecht, Brabant, Arnhem-Nijmegen, FoodValley en Zuidelijke Randstad. Met de Hollandse waterlinie als culturele drager. Wordt dit gebied vooral productiegebied voor Nederland of ontwikkelt ze een eigen regionale ruimtelijke kwaliteit? 7. Centrale Achterhoek Dit gebied is groot door kleinschalig te zijn. Met een sterke en gespecialiseerde maakindustrie. Maar ook een gebied dat zich ontwikkelt van krimpregio naar groeiregio en zich wil presenteren als ‘place to be’ en hoopt op een volwaardige A18. Waar een deel gericht is op de stadsregio Arnhem en deels op Twente.
Droogte vergt ingrijpende ruimtelijk ingrepen in het watersysteem om het gebied te blijven kunnen gebruiken voor grondgebonden landbouw. Met ruimtelijk consequenties maar ook kansen. Investeren we vooral bij bestaande regionale knooppunten en bestaande voorzieningen (concentreren)? Of biedt meer spreiding kansen om opgaven te koppelen?
Datum
14 juni 2022 Zaaknummer
2021-016004 Blad
5 van 6
Fasen Aanpak Gelderse Ruimte Puzzel: verkennen, puzzelen, afspreken Zoals gezegd, willen wij niet te wachten tot oktober 2022; het moment waarop de Minister kenbaar maakt welke nationale opgaven in welke provincie landen en met welk streefniveau. Wij willen voortvarend het gesprek met partners over de Gelderse ruimtedruk en het belang van een samenhangende aanpak van opgaven voeren. Daarom voorzien we mijlpalenplanning van de minister van een Gelderse aanpak bestaande uit drie fasen: verkennen, puzzelen en afspreken. Op hoofdlijnen zien de drie fasen van de Aanpak Gelderse Ruimte Puzzel er als volgt uit (voor een verdere uitwerking, zie bijlage 3): Nu – okt 2022
Fase 1: verkennen
Communicatie: 1. We openen het gesprek over de ruimtedruk in Gelderland en de dilemma’s die de ruimtelijk puzzel met zich meebrengt door op 23 juni een dag met gemeenten en waterschappen te organiseren. 2. We benutten in september de Dag van Gelderland om aandacht te vragen voor de ruimtelijke puzzel. Partners: We gaan in lopende partnerschappen in gesprek over Het Gelderse ruimtelijke perspectief en menukeuzes die daar in zitten. En houden dit tegen de beelden en perspectieven van partners aan, om gevoel te krijgen bij mogelijke overeenkomsten en verschillen. Politiek: 1. We sturen in juni PS een startnotitie. 2. Aan het eind van deze fase voorzien we een PSmoment over de uitkomsten van de verkenningen.
okt 2022 – juli 2023
Fase 2 Puzzelen
Communicatie: 1. Er van uitgaande dat het Rijk 1 oktober met haar vraag/opdracht aan provincies komt willen we de wethoudersdag van de Gelders Academie op 7 oktober gebruiken om de start van de puzzelfase te markeren. 2. We organiseren een ‘tour de Gelderland’ om de ruimtelijke puzzel breed onder de aandacht te brengen. Partners: Vanuit de inzichten uit de verkenningsfase confronteren we verschillende doelen met elkaar en
Datum
14 juni 2022 Zaaknummer
2021-016004 Blad
6 van 6
komen tot een regionaal bod (“arrangement”) richting Rijk. Wederom benutten we de regionale samenwerkingsstructuur hiervoor. Politiek: 1. We nemen PS mee in de vraag/opdracht van het Rijk 2. We organiseren in aanloop naar de verkiezingen een benen-op-tafel over het proces en de uitkomsten in de regio om het politieke debat te voeden. 3. Aan het eind van deze fase voorzien we een PS-moment over de uitkomsten van de Gelderse puzzel.
juli 2023 – okt 2023
Fase 3: afspraken maken
Communicatie: De te voeren strategie is afhankelijk van voortgang en dynamiek in proces. Partners: We inventariseren impact van de gemaakte keuzes op het provinciaal beleid en de Gelderse omgevingsvisie en omgevingsverordening en bespreken dit met partners. Politiek: 1. Aan het eind van deze fase voorzien we een PS moment over het arrangement met het Rijk. 2. We nemen PS mee in de doorontwikkeling van ons beleid, visie en verordening en starten in samenspraak de daarvoor bestemde actualisatieprocessen.