CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

7) CDA - Voorjaarsnota 2023 vragen CDA TIP met antw (aangevuld 1).docx

Raadsavond 11 juli 2023, gemeente DuivenBij agendapunt: Voorjaarsnota 2023 gemeente Duiven2.764 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorjaarsnota 2023 Vragen van de fractie van CDA Duiven-Groessen-Loo Algemeen/Raadsvoorstel 1. De gevolgen van de meicirculaire worden (voor de raad) pas bekend na 18 juni. Wanneer kunnen de technische vragen gesteld worden over de meicirculaire? Daar zal tijdens de Voorjaarsnotamarkt op 29 juni ruimte voor zijn. 2. In het raadsvoorstel lezen we dat zowel 2024 en 2027 niet sluitend zijn. Volgens argument 5.2 wordt dan geen goedkeuring van de provincie verwacht. Komt het college bij de begroting met voorstellen om deze goedkeuring wel te krijgen en zo ja, op welke wijze wordt de raad (tijdig) betrokken (zie ook kanttekening 5.1)? Maar op blz 6 VJN lees ik dat we uitgedaagd worden bij de vjn een aantal denkrichtingen mee te geven om tot een sluitend 2024 te komen. Tijdens de behandeling van deze Voorjaarsnota zou ook vanuit de gemeenteraad met voorstellen kunnen worden gekomen om de begroting sluitend te krijgen. Of in ieder geval denkrichtingen aan te dragen om dit te kunnen bewerkstelligen in de beperkte tijd die rest tot vaststelling van de begroting. 3.

Klopt het (wat in kanttekening 1.1 staat) dat de GR’en de loonstijgingen en inflatiecorrecties volledig in rekening brengen bij de deelnemende gemeente en de gemeente daarvoor slechts gedeeltelijk gecompenseerd wordt via het gemeentefonds? In de circulaire worden gemeenten gecompenseerd voor de loonstijgingen voor het percentage dat in het Centraal Economisch Plan (CEP) is opgenomen. Voor 2024 is dat 4,22%, in 2025 4,18% in 2026 3,58% en in 2027 3,22%. Als de gemeenschappelijke regelingen in hun begrotingen een hoger percentage hanteren is het inderdaad zo dat er sprake is van een gedeeltelijke compensatie. 4. Blz 2. Nieuwsbrief PAUW: Waar kunnen we deze nieuwsbrief vinden en wat betekent dit in vergelijk met de indexeringen die de gemeenschappelijke regelingen toepassen? De nieuwsbrief is een intern stuk dat de gebruikers van deze applicatie ontvangen. Voor het tweede gedeelte van de vraag verwijzen we naar het voorgaande antwoord. 5. In het onderdeel Argumenten zijn de onderwerpen genummerd met 1.1, 3.1, 5,1, 5,2 en 5.3. Klopt dat wel? Als het goed is worden hier argumenten aangegeven die behoren bij de beslispunten die in het voorstel worden genoemd. Dus argument 3.1 hoort bij beslispunt 3. Programma 1 Bestuur 6.

Tabel Financieel (totaal) overzicht: Het saldo VJN 2023 jaar 2023 (-3.651.935) en jaar 2024 (-2.566.088) wijkt af van de bedragen die in de tabel staan op blz 4 van het raadsvoorstel (2023: -3.511.85 / 2024: -2,365.838). Welke tabel is correct? De cijfers in het raadsvoorstel kloppen. In het overzicht op pagina 8 van de Voorjaarsnota zijn oude cijfers blijven staan bij de tussentelling op regel 10 “Saldo Voorjaarsnota”. 7.

8. 1.A.3, maakt het gevraagde budget van € 30.000 onderdeel uit van de implementatiekosten (1.a.3.a in de tabel onder 1.5)? Dit omdat het bedrag niet apart opgenomen is. Antwoord: Het totaal van de extra kosten die gemoeid zijn met de (invoering van) de WOO wordt deels gedekt uit de beschikbaar gestelde rijksmiddelen. Dit bedrag is echter niet voldoende, vandaar dat voor het totale pakket, inclusief implementatie, € 30.000 extra budget wordt aangevraagd. 9. Staan er tegenover de extra kosten voor de dienstverlening (1.4.a) ook extra legesopbrengsten? Antwoord: Ja, dat klopt. Deze extra leges zijn al in de begroting verwerkt. 10. 1.4.g Kunnen de communicatiekosten van ruimtelijke projecten ten laste worden gebracht van die ruimtelijke projecten (mede gelet op punt 3.4.2)? Ja, de communicatiekosten van ruimtelijke projecten kunnen, afhankelijk welke afspraken daar over gemaakt zijn, ten laste worden gebracht van die ruimtelijke projecten. Wat is de reden dat deze kosten al meerjarig worden meegenomen nu het Beleidskader Participatie nog moet worden vastgesteld? Antwoord: De inzet van de communicatieadviseur loopt vanaf 2022 en is afwachting van het resultaat eenmalig gefinancierd. Geconstateerd is dat zolang er veel grote projecten lopen deze inzet zijn vruchten afwerpt. Voorgesteld wordt dan ook om de inzet voor de coalitieperiode te verlengen.

Er is geen directe samenhang met het vaststellen van het beleidskader participatie. 11. 1.5.1.b, betreft die een ‘fout in het voordeel van de inwoner’? Zo ja, om welk bedrag gaat het per woningbezitter? Het is een ‘fout’ in het voordeel van de inwoner. Welk bedrag daarmee gemoeid is per woningbezitter, is onbekend. 12. 1.C.1. ‘Er zijn technische, procedurele, culturele en financiële uitdagingen om in lijn met de Visie op dienstverlening te kunnen werken’. Wat zijn deze risico’s? Antwoord: Hierbij valt te denken aan: - beperkte capaciteit en middelen om de digitale dienstverlening verder te ontwikkelen; - andere prioriteiten qua inzet van mensen en middelen op doorontwikkeling; - vergaande wettelijke eisen aan informatieverwerking die niet altijd bijdragen aan een gastvrije dienstverlening. Denk aan de beperkte mogelijkheden om (klant)gegevens te delen op grond van de AVG, waardoor het gewenste principe van “1x verstrekken van gegevens” moeilijk haalbaar is en inwoners bij de verschillende gemeentelijke loketten alsnog soms opnieuw hun gegevens moeten aanleveren. - het werken volgens de uitgangspunten van de visie op dienstverlening vraagt om een cultuurverandering binnen de ambtelijke organisatie en een andere inrichting van processen en werkwijzen. Dit vraagt tijd en continue aandacht. 13. 1.4 a.

Waarom wordt deze verhoging gekoppeld aan de coalitieperiode, en niet aan de periode van de te verwachten piek, dus t/m 2028? Zie antwoord bij vraag P18, 1.4.a 14. 1.4.c. proceskosten. Waarom wordt hier alleen 45.000 gevraagd voor de extra te verwachten proceskosten en 20.000 voor betere communicatie in plaats van financiële ruimte om te komen tot een betere schatting van de WOZ-waarde? Antwoord Voor 2023 kunnen de kosten niet meer beïnvloed worden. Voor latere jaren zijn de te maken proceskosten afhankelijk van de maatregelen die landelijk worden getroffen om de hausse aan WOZ bezwaren in te dammen en wordt ingezet op extra communicatie om het aantal WOZ bezwaren in te perken.

Uit jaarlijks onderzoek van de Waarderingskamer (openbare informatie, zie www.waarderingskamer.nl) ligt het landelijke gemiddelde van de toewijzingen rond de 40%. Onze organisatie zit daar dus ruim onder. Onze processen worden regelmatig gecontroleerd en daar waar nodig verder geoptimaliseerd. Hierbij wordt bijvoorbeeld gebruik gemaakt van luchtfotografie en mutatiedetectie, zodat de objectkenmerken juist in de systemen staan. In 2016 heeft het CDA al vragen gesteld of het mogelijk is om informeel bezwaar in te dienen tegen de WOZ-beschikking. Hoeveel inwoners hebben hier over de jaren 2021 (informeel bezwaar ingediend in 2022) en 2022 (informeel bezwaar ingediend in 2023) gebruik van gemaakt? Het is altijd mogelijk om informeel bezwaar in te dienen. In 2022 is daar ongeveer 80 keer gebruik van gemaakt. In 2023 is er veel aandacht in de media geweest, waardoor er ongeveer 250 informele reacties zijn geweest. Opmerking: het is goed dat veel burgers dit traject hebben gekozen en dat blijven doen. Het vergt wel iets van de organisatie om iedereen binnen de bezwaartermijn van 6 weken te kunnen helpen. Met zulke aantallen is daar geen capaciteit voor. Hierdoor zijn in samenspraak met de burger/belanghebbende ongeveer 70 bezwaren omgezet naar een formeel bezwaar, welke wel persoonlijk worden afgehandeld. 15.

Pag 24: Verwacht wordt dat de aanpak na 2026 zijn vruchten af gaat werpen en de extra formatie dan niet meer nodig is. Waarop wordt deze verwachting gebaseerd? Antwoord: De aanpak van complexe casussen op het snijvlak van zorg & veiligheid is volop in ontwikkeling. De komende jaren wordt dit verder opgebouwd en ingevuld. De formatie voor de regiefunctie blijft wel nodig na 2026 maar de verwachting is dat de procesregiefunctie vanaf 2026 is ingebed in de reguliere processen en in de reguliere formatie van het sociaal domein. Programma 2 Maatschappij

16. In 2.1 wordt gesproken over woningnood, ook voor specifieke doelgroepen. Komen deze specifieke doelgroepen aan bod in de nog op te stellen ‘Woonzorgvisie’ of is dit het geval bij de in 2024 te actualiseren Woonvisie? Antwoord: In de woonzorgvisie deze specifieke groepen (aandachtsgroepen) aan bod. 17. Op pagina 28 komt de energietoeslag aan bod. Gesproken wordt over een lagere claim op de Algemene Reserve. Kunnen we die lagere claim nu al zien in de voorjaarsnota en zo ja, waar? Antwoord: De afschaling op het budget Noodfonds Energielasten Duiven is niet te zien in de Voorjaarsnota. Dit wordt zichtbaar in de begroting 2024. 18. Onder de kop ‘Komst Procesopvanglocatie COA’ wordt melding gemaakt van een onderzoek naar een locatie van 800-2500 m² voor de opvang van alleenreizende minderjarige vreemdelingen. Op welke wijze wordt de raad hierbij betrokken aangezien we in het geval van de AZC+-locatie alleen een bestuursopdracht ontvingen? Bij het AZC+-onderzoek heeft de raad de onderzoeksrapportage ontvangen en hebben we tijdens de thema-avond van 15 november 2022 uitgebreid over het rapport van gedachten gewisseld. Dit wat mede input voor het collegebesluit van 29 november 2022. In het algemeen is het college op grond van de kruimelgevallenregeling uit het Besluit omgevingsrecht bevoegd gezag tot het

verlenen van een tijdelijke vergunning. Dit betekent dat de locatiekeuze in principe niet meer ter instemming aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Uiteraard houden wij u van de ontwikkelingen op de hoogte. 19. Meerdere partijen ontvingen een mail van Omroep Gelderland met betrekking tot de Gelrepas (2.4.c). In de mail wordt verwezen naar artikelen waaruit blijkt dat met de Gelrepas activiteiten kunnen worden afgenomen die, volgens Omroep Gelderland, vallen onder kwakzalverij (bericht 1 en bericht 2). Is het, gelet op de in de voorjaarsnota genoemde verhoging van het budget mogelijk de regeling zo aan te passen dat dergelijke activiteiten niet meer bekostigd kunnen worden via de Gelrepas? Antwoord Wij gaan de kaders aanscherpen, zodat alternatieve geneeswijze en behandelingen vanuit de zorg niet onder de Gelrepas vallen. 20. Graag ontvangen wij een doorkijk naar de toekomst voor wat betreft de opvang van oorlogsvluchtelingen uit Oekraïne (2.4.d). De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid heeft bij brief van 20 juni 2023 onder andere de voorzitter van de VGGM en onze burgemeester geïnformeerd over de opgave noodopvang Oekraïense vluchtelingen. Hij gaf aan de gestelde doelstelling van 90.000 GOO-plekken per 1 juli 2023 ongewijzigd blijft en dat op dit moment de onzekerheid rond de ontwikkeling van de instroom nog te groot is om de opgave voor begin 2024 te bepalen.

De staatssecretaris gaf aan dat hij de veiligheidsregio’s en gemeenten in augustus over de opgave richting februari 2024 informeert. Tot die tijd vraagt hij om te blijven toewerken naar de landelijke inspanningsverplichting van 90.000 opvangplekken. Momenteel onderzoeken we de mogelijkheid om in Liemersverband samen te werken aan de huisvesting van vluchtelingen. Ook moeten we naar verwachting voor de opvanglocaties aan de Schoolstraat op zoek naar een vervangende locatie als de realisatie van de woningbouwplannen voor de Groene Ring daadwerkelijk in 2024 begint. Na de zomer maken we de balans op wat deze ontwikkelingen voor de opvang van Oekraïners in de gemeente Duiven betekent. Uiteraard informeren wij u over de koers die we dan willen volgen. .

21. Pagina 41: Onderwijsachterstandenbeleid: O.a. extra handjes op de groep. Aan welke items is er nog meer geld uitgegeven van de OAB-middelen? Antwoord: De items zijn: VVE mogelijk maken vanaf 2 jaar, aanschaf woordenschatprogramma LOGO 3000, uitvoering geven aan leesstimuleringsprogramma “Voorleestrein” door Mikado. 22. Hoe kan het dat dit geld ‘opgemaakt moest worden’? Was het niet beter geweest om hier een planning op te maken met de betreffende kinderopvangorganisaties zodat dit niet ad hoc nog uitgegeven moet worden? Antwoord: Het rijk werkt t.a.v. de OAB-middelen met periodes van vier jaar. Die laatste periode liep tot en met 2022, waarna moet worden afgerekend met het rijk. De grootste kostenpost is voorschoolse educatie (VE). Het is op voorhand moeilijk in te schatten hoeveel peuters een VE- indicatie krijgen. Het aantal VE-peuters was gedurende deze periode vrij laag, vandaar dat er geld overbleef. Het aantal VE-peuters is inmiddels gegroeid. Voor de periode 2023-2026 is bovendien samen met de onderwijsbesturen en besturen kinderopvang een begroting opgesteld met meerdere bestedingsdoelen, in de verwachting dat er geen onder- of overschrijdingen meer zijn. Deze begroting wordt jaarlijks gemonitord in het besturenoverleg en zo nodig bijgesteld.

23. Kan er vanaf nu structureel OAB-middelen ingezet voor ‘extra handen op de groep’ indien een groep een hoog aantal VVE-kinderen opvangt? Zo nee, wat is hier de reden van? Antwoord: Ja, die regeling is ook voor de komende jaren van kracht. De hoogte van het budget maakt het mogelijk de “zware” locaties structureel extra te ondersteunen 24. Op welke wijze worden de gebruikers betrokken bij het nog op te stellen ‘Beheerplan spelen”? Wordt bij dat plan ook een koppeling gelegd met de onderhoudscontracten v.v. (2.5.1.l)? Antwoord: Het participatiegedeelte is nog niet definitief vormgegeven. In ieder geval worden de basisscholen betrokken en worden er wandelingen georganiseerd langs de speeltuinen in de buurt. Tijdens de wandelingen worden gerichte vragen gesteld over buitenspelen, maar ook vooral goed geluisterd en gekeken naar de plekken en de wijze waarop kinderen spelen. x Het onderhoudscontract zelf is een contractueel document waarin afspraken gemaakt worden over b.v. uurtarieven bij reparaties aan speeltoestellen. Het contract heeft geen directe relatie met het strategisch beheerplan. Wel wordt er in het strategisch beheerplan ingegaan op het onderhoud van speeltoestellen en voorzieningen. 25. Ten behoeve van de raadsvergadering van 27 juni stelden wij een Over&Weer vraag met betrekking tot de aanplant van bomen.

Ten tijde van het indienen van de voorliggende vragen is hierop (logischerwijs) nog geen reactie gekomen. Vraag in het kader van de voorjaarsnota is of de extra aanplant van bomen (al dan niet op verzoek van inwoners) onderdeel uit maakt van het nieuwe onderhoudscontract bomen (2.5.1.m)? Niet direct maar indirect wel. Planten van bomen is iets anders dan onderhouden van bomen. Natuurlijk is er invloed op elkaar. Indien er nieuwe bomen bijkomen stijgen de beheerkosten. 26. Onder punt 2.5.2.c wordt melding gemaakt van een investeringskrediet voor IKC Het Klokhuis. De laatste jaren is geïnvesteerd in meerdere scholen en mogelijk komen er nog meer investeringen aan. Is het mogelijk een geactualiseerd (aangepast aan de huidige prijzen) overzicht te ontvangen voor de resterende geplande investeringen? Antwoord: In het door de Gemeenteraad in 2018 vastgestelde IHP (Integraal Huisvestingsplan Basisonderwijs) is ook een Uitvoeringsagenda met investeringsplan opgenomen. Het thans benodigde Investeringskrediet voor IKC Het Klokhuis ten behoeve van Verduurzaming en Klimaatverbetering (Frisse Scholen) maakt onderdeel uit van dit plan, en is als laatste IKC-onderwijsaccommodatie opgenomen in de planning. Met deze thans voorliggende krediet-votering kan de realisatie van IHP2018 worden afgesloten.

Voor de overige onderwijsaccommodaties zijn reeds de kredieten en de benodigde aanvullende middelen beschikbaar gesteld. Dit betreft samengevat de kredieten t.b.v. de vervangende nieuwbouw van IKC Remigius, de nieuwbouw van De Droomgaard, (vervangende nieuwbouw Wereldwijzer/Wiekslag) maar ook ten behoeve van de Verduurzaming en Klimaatverbetering van IKC De Kameleon, IKC De Groene Ring (Zuid), IKC Joannes, IKC Het Veer en het Huisvestingsplan (leerplein) en de verduurzaming van IKC Bernadette Loo. Er zijn dus geen geplande investeringen meer

Programma 3 Omgeving 27. Op bladzijde 52 staat dat de kosten van het zwerfafval in 2023 nog betaald kunnen worden uit restantgelden. Vraag is of er genoeg geld beschikbaar is. Er is voldoende geld beschikbaar. 28. 3.A.1, in de planning lezen we niet dat in 2024 nieuwe woningmarktcijfers beschikbaar komen en welke beleidsmatige activiteiten worden ondernomen (o.a. inventarisatie inbreidingslocaties). Ontbreken deze of staan deze zaken niet meer op de planning voor 2024? Antwoord: In de Groene Metropoolregio (GMR) wordt elke 3 jaar een woonbehoefteonderzoek uitgevoerd. In 2022 is dit woonbehoefteonderzoek weer uitgevoerd, de rapportage (d.d. 14 maart 2023) is opgesteld door bureau Companen, in opdracht van de GMR. Middels een kennisgeving aan de Raad d.d. 29 maart 2023 (Kennisgeving Woonbehoefteonderzoek GMR 2022) bent u hierover geïnformeerd. In 2024 vindt er, mede naar aanleiding van dit onderzoek, een evaluatie plaats van het woningbouwprogramma. Dit evaluatiemoment is ook opgenomen in de Woonagenda 2023-2024 29. Is een indicatie te geven wanneer aan de uitbreiding bedrijventerreinen op lange termijn (3.4.13) kan gaan spelen? Antwoord: Het huidige Regionaal Programma Werklocaties (RPW) kent een looptijd tot en met 2024. Dit betekent dat in de loop van dit jaar en in 2024 wordt gewerkt aan een nieuw RPW.

Eén van de uitgangspunten is hoe de vraag naar bedrijfsruimte in de Groene Metropoolregio de komende jaren te faciliteren. Door te kijken naar ruimte op bestaande bedrijventerreinen, maar ook door te kijken waar nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt kunnen of zouden moeten worden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=f72e27e7-71f7-4d28-9523-0fd221bf2e76