CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

5. 201687094-Participatieverslag herijken subsidiebeleid Duiven

Raadsavond 15 april 2025, gemeente DuivenBij agendapunt: Herijken subsidiebeleid Duiven2.412 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Participatieverslag Participatiebijeenkomst 13 januari 2025

Opzet van dit document 1) Inleiding 2) Resultaten vragenlijst 3) Input per uitgangspunt

4) Individuele gesprekken maatschappelijke partners

Inleiding In het kader van het project ‘herijken subsidiebeleid’ vond op 13 januari 2025 de participatiebijeenkomst met subsidieontvangers uit Duiven plaats. Bijna 30 verenigingen en stichtingen waren aanwezig. De gemeenteraad heeft op de informele avond van 8 oktober 2024 (als eerste verkenning) aangegeven wat zij belangrijk vinden in subsidieverstrekking. Dit zijn de uitgangspunten van het subsidiebeleid. Tijdens de participatiebijeenkomst gaven verenigingen hun mening over de uitgangspunten en gingen we hierover het gesprek aan met elkaar. In dit participatieverslag geeft de gemeente de input van de verenigingen weer. Ook geeft de gemeente aan of en op welke wijze de input wordt verwerkt. Voorafgaand aan de bijeenkomst konden de verenigingen via een vragenlijst aangeven hoe belangrijk zij een uitgangspunt vinden. De resultaten van de vragenlijst zijn op de volgende pagina weergegeven.

Resultaten vragenlijst Verenigingen konden op een schaal van 1-5 (1= zeer onbelangrijk / 5 = zeer belangrijk) aangeven hoe belangrijk zij een uitgangspunt vinden. Onderstaand zijn (van hoog naar laag) de gemiddelde scores per uitgangspunt getoond. De vragenlijst is door ongeveer 30 verenigingen ingevuld. Uitgangspunt

Score

Uitgangspunt

Score

Subsidiebedragen jaarlijks indexeren

4,65

Burgerinitiatieven mogelijk maken

4

De criteria moeten transparant en toetsbaar zijn

4,46

Duidelijke criteria voor reserveopbouw

3,96

Inzicht verschaffen aan de maatschappij

4,46

3,92

Sturing op maat

4,12

De hoogte van het subsidiebedrag moet in verhouding staan

3,81 3,35

Inclusie stimuleren

4,04

Subsidies koppelen aan gemeentelijke doelen

Inzicht in de effecten van subsidies

4

Stimuleren onderlinge samenwerking

Conclusie vragenlijst ➢ Met een laagste score van 3,35 kan de conclusie getrokken worden dat geen enkel uitgangspunt onbelangrijk wordt gevonden. ➢ Subsidiebedragen jaarlijks indexeren wordt als meest belangrijk ervaren. ➢ Subsidies koppelen aan gemeentelijke doelen en stimuleren onderlinge samenwerking wordt als minst belangrijk ervaren.

Input per uitgangspunten Tijdens de participatiebijeenkomst werden de verenigingen opgesplitst in drie groepen. De groepen rouleerden langs drie tafels waar de uitgangspunten werden besproken. Op de volgende pagina’s is per uitgangspunt* de input van de verenigingen weergegeven. De gemeente geeft per ‘inputonderdeel’ aan of en op welke wijze de input wordt verwerkt in het subsidiebeleid. *Subsidiebedragen jaarlijks indexeren en burgerinitiatieven mogelijk maken zijn niet verder besproken met verenigingen. Hier gaat expliciet de gemeente over in de uitwerking. *De hoogte van het subsidiebedrag moet in verhouding staan (vermogenstoets en cofinanciering) en duidelijke criteria voor reserveopbouw is als één financieel uitgangspunt behandeld vanwege de onderlinge afhankelijkheid. *Onder sturing op maat werd ‘administratieve last in verhouding tot subsidiebedrag’ en ‘inzicht in de effecten van subsidies’ behandeld.

Subsidies koppelen aan gemeentelijke doelen Input

Overnemen

Niet overnemen

Verenigingen hebben behoefte aan concrete doelen en beleid voor een langere tijd. Ook is er behoefte aan meer diepgang in de doelen. Hier kun je dan beter op toetsen.

n.v.t.*

De doelen mogen breder zijn. Een vereniging kan zich ook inzetten voor meerdere doelen. Wanneer je aan meerdere doelen kunt voldoen of een bijdrage levert, kun je hiervoor wellicht een hoger subsidiebedrag krijgen. De gemeente heeft een dorpskarakter. Dit karakter moet ook terug te vinden zijn in de beleidsdoelen. Dus veel meer het dorpse karakter in de gaten houden. De beleidsdoelen mogen wat lokaler en mogen komen uit het karakter zoals we hier bij elkaar zitten.

n.v.t.

✓

Toelichting Met het subsidiebeleid wil de gemeente subsidies doelgerichter inzetten en subsidies (waar mogelijk) koppelen aan doelen en beleid. Voor elke subsidieregeling wordt een concreet en helder subsidiedoel opgesteld. Het subsidiebeleid bepaalt echter niet de (achterliggende) inhoudelijke doelen van een beleidsterrein. Desondanks neemt de projectgroep dit punt intern wel mee. Als een verenging aan meerdere doelen kan bijdragen, dan kan een vereniging subsidie aanvragen via meerdere subsidieregelingen. Zie toelichting bij het eerste onderdeel.

n.v.t.

*In het subsidiebeleid worden geen inhoudelijke beleidsdoelen

n.v.t.

opgenomen. Het inhoudelijke beleid wordt in andere documenten opgenomen. Hier gaat het subsidiebeleid niet over. Het subsidiebeleid stelt subsidieregelingen op die bijdragen aan het inhoudelijke beleid.

Sturing op maat Input Betrokkenheid en de korte lijnen met de gemeente worden als waardevol gezien.

Het is het recht van de gemeente om verenigingen om een verantwoording te vragen. Het geld is namelijk van de samenleving. Erg wenselijk dat er gesprekken plaatsvinden. Dit is een wisselwerking tussen de gemeente en de vereniging. Vragen kunnen wederzijds gesteld worden.

Overnemen

Niet overnemen

✓

✓

✓

*Staffel: in het subsidiebeleidskader wordt een staffel opgenomen verdeeld over meerdere categorieën. De categorieën zijn gebaseerd op de hoogte van het subsidiebedrag. Per categorie staat aangegeven wat de gemeente en de subsidieontvanger moeten doen.

Toelichting In de staffel* is bij elke categorie opgenomen dat er contact is tussen de gemeente en de subsidieontvanger. Boven de 10.000 euro moeten subsidieontvangers verantwoorden. Onder de 10.000 euro geldt een actieve meldingsplicht als activiteiten niet zijn uitgevoerd en voert de gemeente een steekproef uit. In de staffel zijn de gesprekken tussen de gemeente en de subsidieontvanger opgenomen.

Stimuleren onderlinge samenwerking Input Onderlinge samenwerking gebeurt op dit moment al, maar moet geen verplichting worden. De gemeente zou een actieve rol kunnen spelen om inzicht te creëren welke andere partijen er zijn om mee samen te kunnen werken. Je moet elkaar weten te vinden en elkaar leren kennen. De gemeente kan bijvoorbeeld avonden organiseren. Tijdens de gesprekken tussen de verenigingen en de accounthouders, kan de gemeente ook suggesties aandragen om samenwerking te bevorderen.

Overnemen

Niet overnemen

Toelichting

✓

De gemeente gaat onderlinge samenwerking niet verplichten, maar stimuleren.

✓

De gemeente heeft een faciliterende functie om verenigingen bij elkaar te brengen. De gemeente vervult deze rol als kansen zich voordoen.

✓

Als de accounthouder hier inzicht in heeft, worden deze suggesties aangedragen in het gesprek.

De criteria moeten transparant en toetsbaar zijn Input Aan de voorkant moet het duidelijk zijn wat er van een vereniging wordt verwacht en waar een verenging aan moet voldoen als het een subsidie aanvraagt.

Het evenredig verdelen van het subsidiebudget (als het subsidieplafond is bereikt) werd als beste optie aangegeven. De tendermethode is kwalitatief wel een goede methode, maar moeilijk uit te voeren en vergt veel administratieve lasten. Voor sommige verenigingen is het niet duidelijk onder welk beleidsveld subsidie aangevraagd kan worden, omdat ze domein overstijgend werken. De gemeente moet kijken of domein overstijgende regelingen gehanteerd kunnen worden. Het opstellen van een meerjarenplan bij de aanvraag wordt door sommige verenigingen als zinvol gezien, omdat het ze dwingt om vooruit te kijken.

Overnemen

✓

✓

✓

✓

Niet overnemen

Toelichting Op de website en in de betreffende regeling wordt aan de voorkant duidelijk aangegeven wat de voorwaarden zijn om voor subsidie in aanmerking te komen. De staffel geeft ook aan wat er bij een subsidiebedrag wordt verwacht van een vereniging. De gemeente gaat in principe het budget evenredig verdelen als het plafond is bereikt. De tendermethode wordt alleen toegepast als er objectieve criteria opgesteld kunnen worden. De gemeente begrijpt dat bepaalde subsidieontvangers domein overstijgend werken en neemt dit punt mee in het opstellen van de regelingen. Bij elke regeling bekijkt de gemeente of het indienen van een meerjarenplan nodig is.

Vermogenstoets en reserveopbouw Input Een vermogenstoets is bijna altijd maatwerk. Het vaststellen van één norm voor de hoogte van het toegestane eigen vermogen is lastig. Vermogen en reserves zijn nodig om een vereniging draaiende te houden en toekomstige investeringen te kunnen bekostigen (bijv. onderhoud accommodatie). Het gaat om het verhaal achter de cijfers. De verenigingen zijn het erover eens dat er geen subsidiegeld naar partijen moet gaan die de activiteiten zelf kunnen betalen.

Reserveopbouw met subsidiegeld kwam niet voor bij de aanwezige verenigingen. Verenigingen gaven daarbij aan dat het niet de bedoeling is dat met subsidiegeld reserves worden opgebouwd.

Overnemen

Niet overnemen

Toelichting De gemeente benadert de vermogenstoets als maatwerk en kijkt naar het verhaal achter de cijfers.

✓

✓

✓

De gemeente gaat goed kijken wat een vereniging nodig heeft aan subsidie om de activiteiten uit te voeren. De vermogenstoets is hier een onderdeel in. Als subsidiegeld niet wordt uitgegeven, dan wordt dit in principe teruggevorderd. Reserveopbouw is alleen toegestaan onder voorwaarden.

Cofinanciering Input Veel verenigingen doen al aan cofinanciering: er wordt contributie geheven, sponsoring gezocht en/of extra inkomsten gevonden door middel van acties of fondsen. Als een vereniging extra middelen binnenhaalt, dan is het soms lastig om extra activiteiten te organiseren door een gebrek aan vrijwilligers. Als verenigingen minder subsidiegeld nodig hebben omdat ze geen extra activiteiten kunnen organiseren, dan is het eerlijk dat de gemeente kijkt hoeveel subsidie nodig is.

Het is goed dat de gemeente cofinanciering als een inspanningsverplichting ziet. De inspanningsverplichting kan ook in de vorm van het leveren of uitlenen van diensten of goederen ‘in natura’. Ook verenigingen kunnen onderling goederen of diensten uitwisselen. Dit is een vorm van samenwerking dat gezien kan worden als cofinanciering. Hierdoor kunnen activiteiten goedkoper geleverd worden.

Overnemen

✓

✓

Niet overnemen

Toelichting De gemeente wil cofinanciering stimuleren. Als een subsidieontvanger aanvullende middelen binnenhaalt, dan kijkt de gemeente samen met de vereniging welke aanvullende activiteiten uitgevoerd kunnen worden. Als er extra middelen zijn binnengehaald en de vereniging kan of wil geen extra activiteiten uitvoeren, dan kijkt een gemeente goed naar wat een vereniging nodig heeft. Het subsidiebedrag kan dan minder worden. De gemeente is blij met deze inzet van verenigingen. Bij het beoordelen van de inspanningsverplichting voor cofinanciering, kijkt de gemeente ook naar dergelijke inspanningen.

Inclusie stimuleren Input De verenigingen geven aan achter dit idee te staan. Het moet echter wel praktisch en haalbaar blijven. De ambitie moet er zijn, maar het moet niet ten koste van alles gaan. De veiligheid moet ook gewaarborgd zijn bij het stimuleren van inclusie. Mensen moeten zelf aan kunnen geven dat ze ergens aan mee moeten kunnen doen. Een vereniging geeft hierbij aan dat de gemeente hier ook actief in mee moet doen en haar steentje bij moet dragen. Bijvoorbeeld: het bereiken van andere doelgroepen. Verenigingen geven aan dat de gemeente wel moet faciliteren en ondersteunen. Het stimuleren van inclusie kost vaak meer dan dat het oplevert. Dat maakt het lastig. Denk bijvoorbeeld aan prikkelarme uurtjes versus commerciële uren.

Overnemen

✓

✓

✓

Niet overnemen

Toelichting Er wordt van gesubsidieerde organisaties een inspanning (in redelijkheid) verwacht om deelname aan activiteiten voor elke inwoner mogelijk te maken. De gemeente is zich ervan bewust dat niet alles mogelijk is. Waar verenigingen kwetsbare groepen moeilijk kunnen bereiken, ondersteunt de gemeente hen (waar mogelijk) om met deze inwoners in contact te komen. De gemeente verwacht dat de verenigingen eerst naar andere middelen kijken om inclusie te bevorderen. Als dat niet lukt, kunnen de extra kosten van inclusie meegenomen worden in de aanvraag.

Inzicht verschaffen aan de maatschappij Input

Overnemen

Niet overnemen

Transparantie wordt als gewenst gezien.

De gemeente neemt het onderdeel transparantie (onder de noemer publieke verantwoording) mee in de staffel.

✓ Het publiceren van de bedragen (via het subsidieregister) roept vragen op. Zonder toelichting is het dus nog vaag en niet transparant. Borg vooral dat je geen scheve gezichten krijgt. Er wordt onder andere benoemd om het per sector te publiceren. Dus sportverenigingen krijgen samen x duizend euro. Meerdere organisaties onderschrijven dit. Maak ook duidelijk wat er werkelijk wordt geïnvesteerd in een vereniging. Het kan om meer gaan dan alleen het subsidiegeld. Het kan bijvoorbeeld ook om een kunstgrasveld gaan.

Toelichting

✓

De openbaring van het subsidieregister (welke organisatie welk bedrag krijgt) is een wettelijke verplichting voor de gemeente. Dit mag niet per thema of domein.

✓

In het subsidieregister wordt alleen het verstrekte subsidiebedrag opgenomen.

Langdurig partnerschap Input Er worden vaak al meerjarenplannen geschreven voor de aanvraag. Indien het de administratieve handelingen verlicht is het goed om meerjarensubsidies uit te keren. Dat geeft een stukje stabiliteit voor de vereniging. Voor kleine verenigingen zijn meerjarensubsidies echt een uitkomst. Zzp’ers kunnen makkelijker behouden worden, omdat je zekerheid aan hen kan bieden. Meerdere jaren geniet de voorkeur.

Verenigingen geven aan dat tijdens de looptijd van een meerjarensubsidie het wel mogelijk moet zijn om nieuwe activiteiten aan te kunnen bieden. Er moet ruimte zijn voor uitbreiding.

Overnemen

✓

✓

✓

Niet overnemen

Toelichting De gemeente neemt de optie om meerjarige subsidies te verstrekken op in het subsidiebeleid. Per regeling wordt afgewogen of een eenjarige of meerjarige subsidie gewenst is. De gemeente neemt de optie om meerjarige subsidies te verstrekken op in het subsidiebeleid. Hierbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen grote of kleine verenigingen.

Als een meerjarige subsidie wordt verstrekt, kan een vereniging samen met de gemeente altijd kijken wat er nog meer gedaan kan worden.

Individuele gesprekken maatschappelijke partners (1/3) Met enkele grote maatschappelijke partners zijn individuele gesprekken gevoerd. De uitgangspunten zijn toegelicht aan de partners en zij konden hun mening hierover geven. Op de volgende pagina’s zijn de kernpunten van de gesprekken samengevat.

Individuele gesprekken maatschappelijke partners (2/3) ➢ De partners vinden het belangrijk om naast gemeentelijke doelen, een bijdrage te leveren aan maatschappelijke effecten. Dit biedt partners ook een grotere flexibiliteit in het uitvoeren van activiteiten. ➢ Het meetbaar maken van resultaten wordt als lastig ervaren door de partners. Inzicht in de effecten gaat niet alleen over de cijfers. Het gaat ook over de verhalen achter de cijfers (de kwalitatieve toelichting). ➢ Samenwerking en ontmoeting kan meer bevorderd worden. Zowel tussen de partners en de gemeente, als tussen de partners onderling. Voorkomen dat er dubbele dingen gedaan worden en elkaar niet als concurrenten zien. ➢ Meerjarige subsidies worden als grote meerwaarde gezien. Hiermee kunnen maatschappelijke effecten beter bereikt worden, het vermindert de administratieve lasten en het stelt partners in staat om (financieel) verder vooruit te kijken. ➢ Het hebben van een financiële buffer is belangrijk voor de partners. Een vermogenstoets bij subsidieverstrekking moet maatwerk zijn. De ene partner kan meer vermogen nodig hebben dan de andere partner. Net als een vermogenstoets is cofinanciering ook maatwerk. Subsidieontvangers kunnen niet altijd eigen inkomsten genereren.

Individuele gesprekken maatschappelijke partners (3/3) ➢ De partners ondersteunen transparantie en publieke verantwoording. Het moet ook duidelijk zijn waarom de ene partij wel subsidie ontvangt en de andere partij niet. Er zijn geen bezwaren tegen objectiviteit in de toetsing (bijv. rendement voor de samenleving of kwaliteit van de activiteiten). ➢ Het bevorderen van inclusie moet in redelijkheid. Een inspanningsverplichting hierin zou wel terecht zijn. Met het stellen van inclusie-eisen moet de gemeente ook kijken naar de impact hiervan op de samenleving. ➢ Het is prettig dat de gemeente zo concreet mogelijk benoemt ‘wat’ het wil bereiken met het verstrekken van subsidies. Partners kunnen dan scherpere keuzes maken. De ‘hoe’ vraag moet bij de partners liggen. Het is prima om handvatten vanuit de gemeente mee te krijgen. De partners wensen wel ruimte en vertrouwen om zelfstandig invulling te geven aan de activiteiten.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=3ed0c858-f87a-47a5-969d-709d2db5059c