5. 201551169 - bijlage 1 bij de regels Handleiding erfinrichting oeverwallandschap.pdf
Tekst van het document
Eigen initiatief Als u zelf wilt bijdragen aan het landschap, kan u het beste een klein bosje of een houtsingel aanleggen of enkele hoogstamfruitbomen of solitaire bomen aanplanten. De gemeente helpt graag met deskundig advies en een financiële bijdrage.
Handleiding voor erfinrichting
Wat te planten? Boomweide Plant op overhoeken aan de weg groepen bomen, in een ruim plantverband. De bomen gebruikte men vroeger voor de bouw (eik), voor de vervaardiging van klompen (populier, wilg) of gereedschappen (es). De ruimte onder de bomen is begroeid met gras. Bosje Gemengde beplanting van bomen en struiken. Zie verder bij houtsingels. Haag Plant rond de siertuin, de moestuin of de kruidentuin een haag van beuk, haagbeuk of liguster aan. Een haag van veldesdoorn of meidoorn omzoomt de boomgaard. Struweelhaag Plant een losse haag van meidoorn aan op de rand van het erf of op een perceelgrens. Hoogstamboomgaard Hoogstamfruitbomen van appel, peer, pruim, noot of meikers. Plant aan in rijen. De boomgaarden bieden nestgelegenheid voor broedvogels, o.a. de steenuil. Wegbeplanting/laan Plant in de wegberm(en) en langs de oprit bomen van de zelfde soort (eik, es) op regelmatige afstanden aan.
Voor meer informatie over het Landschapsontwikkelingsplan Duiven en uw landschap kunt u terecht bij de beleidsmedewerker Groen, Natuur en Landschap van de gemeente. Gemeente Duiven Huib Aalders T 0316-279347 / E h.aalders@duiven.nl
Oeverwallenlandschap
Houtsingel Een houtsingel is een gemengde beplanting van 5 tot 15 m. breed. Plant vooral zomereiken, aangevuld met ruwe berk, zwarte els, lijsterbes. Gebruik struikvormers als meidoorn, veldesdoorn, boswilg, Gelderse roos, hazelaar en hondsroos. Afzagen van de singel na een periode van 1012 jaar; hakhoutbeheer. In de dichte begroeiing vestigen zich vogels, insecten en paddenstoelen. Knotbomen Plant regelmatige rijen van schietwilg, zwarte populier of zwarte els langs greppels en sloten. Solitaire bomen Plant naast het woonhuis forse solitaire bomen; paardenkastanje, linde of noot. Pas in de directe omgeving van het huis enkele losse hoogstamfruitbomen, sierappels of sierperen toe. Leibomen Plant leilindes of leiperen aan voor de schaduwwerking; dus aan de zonzijde van de woning. Tuinplanten Omzoom binnen de tuinen de plantvakken met buxus. Typische soorten van de boerderijtuin zijn sering, boerenjasmijn, hulst, bessen. Traditionele snijbloemen zijn flox en dahlia.
COLOFON Opdrachtgever: Gemeente Duiven Plan redactie en opmaak: Haagsteegpartners Met dank aan Stichting Landschapsbeheer Gelderland Drukwerk: Drukkerij Modern Bennekom Uitgave 2014
Copyright 2014 Niets uit deze uitgave mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt zonder vooraf schriftelijke toestemming van Haagsteegpartners. Deze uitgave is met grootste zorgvuldigheid opgesteld. Noch de makers, noch de uitgever stellen zich echter aansprakelijk voor eventuele schade als gevolg van eventuele onjuistheden en/of onvolkomenheden in deze uitgave.
Landschap van de oeverwal De oeverwal bestaat uit hoog gelegen zandige en zavelige afzettingen van de Rijn. Van oudsher werd de vruchtbare grond gebruikt voor akkerbouw en fruitteelt. Zo ontstond een intensief bewoond gebied met veel boerderijen, dorpen met kronkelende wegen en kavelgrenzen (bepaald door verschillen in bodem en reliëf. Bijzondere elementen zijn hier de twee oude Rijnlopen Aa (bij Groessen) en Lee (langs het Looveld).
Landschapsbeeld Besloten kleinschalig landschap, bepaald door kronkelige wegen, onregelmatige blokverkaveling, bebouwing (waaronder T-boerderijen) en gevarieerde beplantingen. Aan de zuidzijde begrensd door de hoge rivierdijk. Doorsnijding door het tracé van de A12 (en de A15). Bebouwing Verspreid liggende bebouwing in linten langs kronkelige wegen. Grondgebruik Bouwland, boomgaarden. Op de laag gelegen kommen grasland. Beplantingen Wegbeplantingen, boomweides, solitairen, boomgaarden, houtsingels, bosjes, erfbeplantingen. De erven maken deel uit van het landschap; er is geen scherp onderscheid tussen de erfplantingen en de landschappelijke beplantingen.
Onze visie op de oeverwallen Het oeverwallenlandschap heeft een dicht gevarieerd beplantingspatroon met ecologische waarden. We streven naar een verdere verdichting met streekeigen beplantingen op erven en in het landschap; met name rondom het tracé van de Betuwelijn en de A15. Daarnaast willen we de twee oude Rijnlopen zichtbaar maken.
Het is wenselijk om nieuwe ontwikkelingen zoals erfuitbreiding, nieuwbouw en aanleg van beplantingen af te stemmen op de karakteristiek van het landschap. Dit werkboekje vormt de verdieping van het LOP Duiven voor het oeverwallenlandschap. Het biedt u informatie over de achtergronden van uw landschap. Als u bouwplannen heeft voor uw huis of bedrijf, of als u van plan bent uw erf of land anders in te richten, kunt u rekening houden met de streekeigen kenmerken van uw landschap. De gemeente Duiven wil meehelpen door u deskundige begeleiding en een financiële bijdrage te bieden.
Inrichtingsprincipes Erfinrichting Agrarische erven Door de aanplant van een houtsingel aan de rand van het erf zal uw bedrijf beter opgaan in de omgeving. Solitairen kunnen de voorzijde van het erf accentueren. Als de gebouwen een goede verschijningsvorm hebben, is ‘wegplanten’ meestal niet nodig. Bij nieuwbouw kunt u hemelwater opvangen in een zaksloot. Door hierlangs een beplanting van elzenhakhout aan te brengen, wordt het bedrijf optimaal ingepast. Tuinen bij woningen Sluit bij de tuininrichting aan op de traditionele boerderijtuinen met een duidelijke strak ingerichte voorkant (boomgaard, siertuin, moestuin en hagen) en een achterkant (bijgebouwen, forse beplantingen met struiken en hoge bomen) die op het landschap aansluit. Gebruik streekeigen beplantingen en vermijd schuttingen, coniferen en andere niet-inheemse planten. Bomen met afwijkende bladkleur Plant opvallende bomen niet aan de rand van het erf, maar in de tuin.
Erfbeplanting in vier lagen De gebouwen zijn goed ingepast als de erfbeplanting in vier lagen is opgebouwd. Allereerst solitaire bomen; hoger dan 10 m. Ten tweede de laag van de hoogstamfruitbomen, geriefhoutbosjes en houtsingels; hoogte 3-10 m. De derde laag bestaat uit de sierstruiken in de tuin; hoogte 1,5-3 m. Tenslotte de strakke haagbeplantingen; hoogte 1,0-1,5 m.
Nu
Aantrekkelijk erf voor dieren Veel dieren profiteren van nestkasten, takkenhopen en holten in (oude) bomen. Laat ruimte tussen takkenrillen en onder schuttingen voor egels en andere kleine zoogdieren. Maak het erf niet te netjes, houd het gevarieerd. Inheemse soorten Vermijd het gebruik van exoten. Ze zijn meestal van weinig waarde voor dieren. Gebruik inheemse struik- en boomsoorten die nectar, bessen of noten leveren. Plant coniferen en andere niet-inheemse struiken niet als erfscheiding. Wanneer u ze toch wil aanplanten, dan binnen de tuin.
Inpassen bebouwing
Compact erf met ontwikkelingsrichting zowel in diepte als breedte
Enkelvoudige rechthoekige vorm en
Inrichtingsprincipes
variërende kaprichting van gebouwen
Hoofd- en bijgebouw los
Aandacht trekken / afleiden Beplanting kan gebruikt worden om aandacht af te leiden van bijvoorbeeld nieuwe of ontsierende bebouwing op het erf.
Entree maken Het erf kan een meer statige indruk krijgen door een entree. Dat kan door het aanbrengen van een haag, solitaire bomen en een boomgaard op het voorerf of bomenrijen langs een lange oprijlaan.
Structuur versterken Erfbeplanting levert een bijdrage aan het versterken van de landschapsstructuur, door het doorzetten van structuren, zoals houtsingels.
Achtergrond maken Beplanting kan gebruikt worden om een achtergrond te geven aan bebouwing zodat deze meer op gaat in het landschap.
Zadeldak, kan met wolfseinde, en steile kap
Nieuwe woningen in het buitengebied Combineer uw bouwplan altijd met een landschapsplan. Zorg voor aansluiting op de omgeving, door de woning op de weg te oriënteren. Gebruik streekeigen beplantingen aan de randen van het bouwperceel en vermijd schuttingen, coniferen en andere niet-inheemse planten. Overige bebouwing Ook voor niet-agrarische bedrijven in voormalige boerderijen is een streekeigen inrichting van uw erf wenselijk. Door de aanplant van een houtsingel aan de rand van het erf zullen de bedrijfsgebouwen beter opgaan in de omgeving. Met enkele solitairen kunt u de voorzijde van het erf accentueren.
Streefbeeld
Landschappelijk inpassen andere elementen Hekwerk Sluit het erf en de omliggende percelen niet onnodig af. Vermijd gebiedsvreemde materialen; kies voor een houten hek. Gebruik bij voorkeur gekloofde palen van eik of kastanje. Laat noodzakelijke afrasteringen wegvallen door beplanting. Afrasteringen Maak paardenbakken niet te opzichtig. Gebruik bij voorkeur bruin of groen schriklint. Zorg voor een afrastering rondom bomen in het weiland. Verlichting en schotels Vermijd overvloedige verlichting op het erf. Plaats de verlichting zo laag mogelijk bij de grond. Plaats satellietschotels op de grond, eventueel afgeschermd met een enkele struik.