CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

4. 201589889-Was-wordt lijst behorende bij Afvalstoffenverordening Duiven 2023

Raadsavond 26 september 2023, gemeente DuivenBij agendapunt: Afvalstoffenverordening Duiven 20235.738 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was-wordt-tabel behorend bij Afvalstoffenverordening Duiven 2023 Artikel 1 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 1. Begripsomschrijvingen In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan: a. wet: Wet Milieubeheer; b. inzamelen: de activiteiten gericht op het ophalen of innemen van afvalstoffen die binnen de gemeente ter inzameling worden aangeboden en het feitelijk ophalen en innemen daarvan; c. ter inzameling aanbieden: de wijze van overdragen van afvalstoffen aan een inzamelende persoon of instantie, inclusief het achterlaten van afvalstoffen in daartoe door of vanwege de inzamelende persoon of instantie geplaatste inzamelmiddelen of voorzieningen of op een daartoe aangewezen plaats; d. inzamelmiddel: een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel, bijvoorbeeld een huisvuilzak, minicontainer, afvalemmer, kca-box of big bag, ten behoeve van één huishouden; e. inzamelvoorziening: een voor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of -plaats, bijvoorbeeld een verzamelcontainer, wijkcontainer of brengdepot, ten behoeve van meerdere huishoudens; f. inzameldienst: de krachtens artikel 5, eerste lid, aangewezen inzameldienst, belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen; g. andere inzamelaars: de krachtens artikel 5, tweede lid, aangewezen personen en instanties, belast met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen; h.

gebruiker van een perceel: degene die in de gemeente feitelijk gebruik maakt van een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikel 10.21 en artikel 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen

Artikel 1. Definities Hieronder zijn de definities opgenomen die van belang zijn in deze verordening en de daarop berustende bepalingen. Voor alle (overige) definities wordt aangesloten bij de definities zoals deze zijn gegeven in de Wet Milieubeheer en onderliggende regelgeving. In deze verordening wordt verstaan onder: a. inzamelmiddel: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel, ten behoeve van een huishouden; b. inzamelplaats: daartoe op grond van artikel 5 aangewezen plaats; c. inzamelvoorziening: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of plaats ten behoeve van meerdere huishoudens; d. perceel: perceel in de gemeente Duiven waar geregeld huishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan;

geldt; i. straatafval: huishoudelijke afvalstoffen van zeer beperkte omvang en gewicht, zoals proppen, papier, sigarettenpeuken, kauwgom, plastic bekertjes en blikjes, verpakkingsmateriaal, etenswaren, niet zijnde klein chemisch afval, ontstaan buiten een perceel; j. wegen: de wegen als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder b van de Wegenverkeerswet1994; k. motorrijtuigen: alle voertuigen, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder c van de Wegenverkeerswet1994. l. Perceel: ieder gebouw of gedeelte van een gebouw, geheel bestemd voor zelfstandige bewoning; m. Bedrijfsafval: afvalstoffen niet zijnde huishoudelijk afval of straatafval.

Artikel 2 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 2. Indiening aanvraag 1. Indien een aanvraag voor een inzamelvergunning of ontheffing minder dan drie weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager de inzamelvergunning of ontheffing nodig heeft wordt ingediend, kan het college besluiten de aanvraag niet te behandelen. 2. Voor bepaalde, door het college aan te wijzen, inzamelvergunningen of ontheffingen kan de in het eerste lid genoemde termijn worden verlengd tot ten hoogste acht weken. 3. Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.

Artikel 2. Doelstelling De toepassing van deze verordening is gericht op de bescherming van het milieu en een schone leefomgeving, met inbegrip van een doelmatig beheer van afvalstoffen.

Artikel 3 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 3. Persoonlijk karakter van de inzamelvergunning of ontheffing De inzamelvergunning of ontheffing is persoonsgebonden, tenzij bij of krachtens verordening anders is bepaald.

Artikel 3. Aanwijzing van de inzameldienst 1. Burgemeester en wethouders wijzen de inzameldienst aan die is belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. 2. Aan de aanwijzing kunnen voorschriften worden verbonden en beperkingen worden gesteld. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. 3. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over de wijze waarop de inzameldienst huishoudelijke afvalstoffen inzamelt.

Artikel 4 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 4 Intrekking of wijziging van de inzamelvergunning of ontheffing De inzamelvergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd: a. indien ter verkrijging daarvan onjuiste dan wel onvolledige gegevens zijn verstrekt; b. indien op grond van verandering van de omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de inzamelvergunning of ontheffing, moet worden aangenomen dat intrekking of wijziging moet worden gevorderd in het belang van de bescherming van het milieu; c. indien de aan de inzamelvergunning of ontheffing verbonden voorschriften en beperkingen niet zijn of worden nagekomen; d. indien van de inzamelvergunning of ontheffing geen gebruik wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn dan wel, bij gebreke van een dergelijke termijn binnen een redelijke termijn; e. indien de houder dit verzoekt.

Artikel 4. Regulering van andere inzamelaars 1. Het is voor anderen dan de inzameldienst verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen, tenzij de inzamelaar: a. daartoe is aangewezen door burgemeester en wethouders; b. bij nadere regels van burgemeester en wethouders van het verbod is vrijgesteld; of c. verplicht is tot inname, bedoeld in artikel 9.5.2, derde lid, aanhef en onderdeel b, of vierde lid, van de Wet milieubeheer. 2. Op de aanwijzing van een inzamelaar, bedoeld in het eerste lid, onder a, is artikel 3, tweede lid, van overeenkomstige toepassing.

Artikel 5 wordt als volgt gewijzigd:

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 5. Aanwijzing inzameldienst en andere inzamelaars 1. Het college wijst een inzameldienst aan die belast is met het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen. 2. Naast de inzameldienst kan het college andere inzamelaars aanwijzen die belast zijn met het afzonderlijk inzamelen van categorieën huishoudelijke afvalstoffen. 3. Het college kan aan het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen voorschriften en beperkingen verbinden in het belang van de bescherming van het milieu.

Artikel 5. Aanwijzing van inzamelplaats Burgemeester en wethouders dragen zorg voor ten minste één daartoe ter beschikking gestelde plaats waar in voldoende mate gelegenheid wordt geboden om huishoudelijke afvalstoffen, met inbegrip van grof huishoudelijk afval, achter te laten.

Artikel 6 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 6. Afzonderlijke inzameling 1. Door de inzameldienst of andere inzamelaars worden de volgende categorieën huishoudelijke afvalstoffen afzonderlijk ingezameld: a. groente-, fruit- en tuinafval; b. banden; c. klein chemisch afval; d. harde kunststoffen; e. glas: verpakkingsglas en vlakglas; f. oud papier en karton; g. kunststof verpakkingen, blik en drankenkartons (afgekort PMD); h. textiel; i. afgedankte elektrische en elektronische apparaten (afgekort AEEA); j. bouw- en sloopafval; k. verduurzaamd hout; l. frituurvet; m. grof tuinafval; n. asbest en asbesthoudend afval; o. gasflessen, brandblussers en overige drukhouders; p. grof huishoudelijk afval; q. grond; r. huishoudelijk restafval; s. kabels; t. kadavers van kleine huisdieren;

Artikel 6. Algemene verboden Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen: a. ter inzameling aan te bieden aan een ander dan de inzameldienst of een inzamelaar als bedoeld in artikel 3, eerste lid; b. over te dragen aan een ander dan een inzamelaar als bedoeld in artikel 4, eerste lid; of c. achter te laten op een andere plaats dan de inzamelplaats, bedoeld in artikel 5.

u. matrassen; v. oud ijzer / metalen: aluminium, lood, messing, raffineer, rood koper; w. overig restafval; x. Piepschuim / geëxpandeerd polystyreenschuim 2. Het college kan een omschrijving vaststellen van de categorieën huishoudelijke afvalstoffen als bedoeld in het eerste lid. 3. In belang van de bescherming van het milieu en / of een doelmatige inzameling van huishoudelijke afvalstoffen kan het college andere categorieën van huishoudelijke afvalstoffen aanwijzen die gescheiden worden ingezameld.

Artikel 7 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 7. Inzamelmiddelen en – voorzieningen 1. De inzameling kan plaatsvinden via: a. een inzamelmiddel voor de gebruiker van een perceel; b. een inzamelvoorziening voor de gebruikers van een aantal percelen; c. een inzamelvoorziening op wijkniveau; d. een brengdepot op lokaal of regionaal niveau. 2. Het college kan aanwijzen via welk al dan niet van gemeentewege verstrekt inzamelmiddel of via welke inzamelvoorziening de inzameling van een bepaalde categorie huishoudelijke afvalstoffen ten behoeve van de gebruiker van een perceel plaatsvindt.

Artikel 7. Gescheiden afvalinzameling 1. Burgemeester en wethouders stellen regels over de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk door de inzameldienst worden ingezameld, over de frequentie van de inzameling van elk van deze bestanddelen, en over de locaties van deze inzameling bij of nabij elk perceel. 2. In ieder geval de volgende bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen worden afzonderlijk ingezameld: a. Groente- fruit- en tuinafval; b. papier en karton; c. Glas; d. Textiel; e. Kunstststof verpakkingsmateriaal, f. Drankenkartons; g. metalen verpakkingen; h. Elektrische en elektronische apparatuur; i. Klein chemisch afval; j. Bouw en sloop afval; k. Verduurzaamd hout; l. Grof tuinafval; m. Asbest en asbesthoudend afval; n. Grof huishoudelijk afval; o. Huishoudelijk restafval;

p. q. r. s. t. u. v.

Autobanden; Dakleer/bitumen; Overige kunstoffen; Gips; Piepschuim; Metalen/Oud ijzer; Matrassen.

3. Kunststof verpakkingsmateriaal, metalen verpakkingen en drankkartons worden gezamenlijk ingezameld.

Artikel 8 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 8. Frequentie en wijze van inzamelen 1. Huishoudelijk restafval wordt ten minste één maal per twee weken bij elk perceel ingezameld. 2. Groente-, fruit- en tuinafval wordt ten minste één maal per twee weken afzonderlijk bij elk perceel ingezameld. 3. Kunststof verpakkingsafval, blik en drankenkartons worden gezamenlijk ten minste één maal per twee weken bij elk perceel ingezameld. 4. In afwijking van lid 1, 2 en 3 wordt bij hoogbouw en/of bij speciaal door het College aangewezen gebieden niet bij maar nabij elk perceel ingezameld. 5. Het college is bevoegd om, in afwijking van lid 1, 2 en 3 van dit artikel, al dan niet tijdelijk, een andere inzamelingsfrequentie vast te stellen. 6. In afwijking van lid 2 wordt groente-, fruit- en tuinafval bij hoogbouw en/of in door het College aangewezen delen van Duiven niet afzonderlijk ingezameld. 7. In afwijking van het in het eerste en het tweede lid bepaalde, worden huishoudelijk restafval en groente-, fruit-, en tuinafval bij gebruikers van een perceel / percelen waar een (ondergrondse) verzamelcontainer aan is toegewezen, niet afzonderlijk en alleen nabij elk perceel ingezameld. 8. Het college kan de frequentie van

Nieuwe tekst Artikel 8. Gescheiden aanbieding 1. Het is verboden de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, bedoeld in artikel 7, anders dan afzonderlijk: a. ter inzameling aan te bieden; b. achter te laten op een inzamelplaats als bedoeld in artikel 5. 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen. Deze regels kunnen voor categorieën van gevallen of personen een vrijstelling inhouden van het verbod, bedoeld in het eerste lid.

inzameling vaststellen van de overige categorieën huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk in aangewezen delen van de gemeente bij of nabij elk perceel worden ingezameld.

Artikel 9 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 9. Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen in te zamelen. 2. Het verbod geldt niet voor de inzameldienst of andere inzamelaars. 3. Het verbod geldt niet voor personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben gekregen voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen.

Artikel 9. Tijdstip van aanbieding Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan op de door burgemeester en wethouders daartoe bepaalde dag en tijden. Deze kunnen voor verschillende bestanddelen verschillend worden vastgesteld.

Artikel 10 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 10. Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden aan een ander dan de inzameldienst, andere inzamelaars of de personen/instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben voor categorieën van huishoudelijke afvalstoffen.

Artikel 10. Wijze en plaats van aanbieding 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouders te stellen regels over het gebruik van: a. inzamelmiddelen voor het aanbieden ter inzameling bij een perceel; b. inzamelvoorzieningen voor het aanbieden ter inzameling nabij een perceel. 2. Het is verboden om een inzamelmiddel na afloop van de bepaalde dag en tijden, bedoeld in artikel 9, buiten een perceel te laten staan; 3. Het is verboden om afvalstoffen te plaatsen op of naast een inzamelmiddel of een algemene inzamelvoorziening;

4. De eigenaar van het pand is verplicht de faciliteiten (zoals de afvalpas en inzamelmiddelen), die in bruikleen zijn en bij het perceel horen, ter beschikking te stellen aan de huurders; 5. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen voor categorieën van percelen. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod inhouden.

Artikel 11 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 11. Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan de gebruikers van percelen Het is anderen dan gebruikers van percelen verboden om huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden.

Artikel 11 Inzameling bedrijfsafvalstoffen door inzameldienst Burgemeester en wethouders kunnen bestanddelen van bedrijfsafvalstoffen aanwijzen die worden ingezameld door de inzameldienst die is aangewezen op grond van artikel 3.

Artikel 12 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 12. Afzonderlijk ter inzameling aanbieden Het is verboden om de categorieën huishoudelijke afvalstoffen zoals bepaald in artikel 6, eerste lid, anders dan afzonderlijk ter inzameling aan te bieden. 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen aan te bieden aan anderen dan de krachtens artikel 5 aangewezen inzameldienst en andere inzamelaars. 2. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor de bij nadere regels aan te wijzen categorieën van personen. 3. Het in het tweede lid gestelde verbod geldt niet voor het aanbieden van categorieën huishoudelijke afvalstoffen aan personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of

Artikel 12. Aanbieding ter inzameling van bedrijfsafvalstoffen Het is verboden anders dan in overeenstemming met artikel 11 bedrijfsafvalstoffen ter inzameling door de inzameldienst aan te bieden of over te dragen, of bij een inzamelplaats als bedoeld in artikel 5, achter te laten.

ministeriële regeling een inzamelplicht hebben gekregen voor die categorieën huishoudelijke afvalstoffen.

Artikel 13 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 13. Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Het is de gebruiker van een perceel, voor wie krachtens artikel 7 tweede lid een inzamelmiddel of inzamelvoorziening is aangewezen, verboden de huishoudelijke afvalstoffen anders aan te bieden dan via het betreffende inzamelmiddel, de betreffende inzamelvoorziening of het betreffende brengdepot. 1. Het is verboden andere categorieën huishoudelijke afvalstoffen via een inzamelmiddel of inzamelvoorziening aan te bieden dan de categorie waarvoor dit inzamelmiddel of deze inzamelvoorziening krachtens artikel 7 tweede lid is bestemd. 2. Het college kan regels stellen omtrent het gebruik van een van gemeentewege verstrekt inzamelmiddel. 3. Het college kan regels stellen omtrent de plaats en wijze waarop huishoudelijke afvalstoffen moeten worden aangeboden. 4. Het college kan categorieën huishoudelijke afvalstoffen aanwijzen die zonder inzamelmiddel ter inzameling kunnen worden aangeboden. 5. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen op andere wijze ter inzameling aan te bieden dan krachtens dit artikel is bepaald.

Artikel 13. Regeling van inzameling van bedrijfsafvalstoffen 1. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen voor het aanbieden, overdragen of achterlaten van bedrijfsafvalstoffen. Deze regels kunnen mede worden vastgesteld voor anderen dan de inzameldienst. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod inhouden.

Artikel 14 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 14. Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden Het college stelt de dagen en tijden vast waarop categorieën huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling kunnen worden aangeboden.

Artikel 14. Dumpingsverbod 1. Het is verboden zonder ontheffing van burgemeester en wethouders, buiten een inrichting, hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu te veroorzaken, door een afvalstof, een stof of een voorwerp op of in de

1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen op andere dagen en tijden ter inzameling aan te bieden dan krachtens het eerste lid is bepaald.

bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins daar te plaatsen. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op: a. het aanbieden, overdragen of achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen in overeenstemming met deze verordening; b. het composteren van huishoudelijk groente-, fruit- of tuinafval op het perceel waar dit is ontstaan; c. het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen, met inbegrip van daarbij niet te vermijden plaatsing van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen op de weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994; d. handelingen die zijn verboden bij of krachtens de Wet bodembescherming, de Waterwet of het Besluit bodemkwaliteit. 3. Indien de overtreder van dit artikel onbekend is, wordt de persoon tot wie de aangetroffen afvalstof, stof of voorwerp kan worden herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met dit artikel.

Artikel 15 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 15. Het in bijzondere gevallen ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen In afwijking van hetgeen in deze paragraaf is bepaald kan het college regels stellen omtrent het in bijzondere gevallen ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan de inzameldienst of andere inzamelaars.

Artikel 15. Zwerfafval in de openbare ruimte 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen van beperkte omvang en gewicht die zijn ontstaan buiten een perceel, achter te laten in de openbare ruimte, anders dan in daartoe bestemde afvalbakken of andere middelen ter inzameling van deze afvalstoffen; 2. Reclamedrukwerk, ander promotiemateriaal en de verpakking daarvan, die in weerwil van het eerste lid in de openbare ruimte wordt weggeworpen of achtergelaten, wordt terstond opgeruimd door degene die het in de betreffende omgeving onder het publiek

verspreidde; Het is verboden zwerfafval te veroorzaken door ter inzameling gereedstaande afvalstoffen of inzamelmiddelen te doorzoeken of te verspreiden, te stoten, te schoppen, omver te werpen of door deze anderszins te behandelen Na artikel 15 wordt een artikel ingevoegd, luidende: Bestaande tekst

Nieuwe tekst Artikel 15a. Ongeadresseerd drukwerk 1. In dit artikel wordt verstaan onder: - huis-aan-huisblad: ongeadresseerd blad dat met een vaste frequentie gratis huis aan huis wordt verspreid in een geografisch beperkt gebied, waarvan tenminste 10% van de inhoud bestaat uit informatie over en nieuws uit het eigen verspreidingsgebied, niet zijnde reclame; - ongeadresseerd reclamedrukwerk: reclamedrukwerk of proefmonsters van producten die gratis huis aan huis worden verspreid zonder vermelding van naam, adres of postbus en woonplaats van de ontvanger, niet zijnde: a. een huis-aan-huisblad of andere informatie over werkzaamheden of activiteiten in de buurt die voor de bewoners of gebruikers van een woning, bedrijf of woonschip in die buurt van belang zijn om te weten; b. drukwerk van vrijwilligers of nietcommerciële organisaties. 2. Een huis-aan-huisblad mag worden bezorgd bij een perceel, tenzij de bewoner of gebruiker expliciet kenbaar heeft gemaakt geen prijs te stellen op het ontvangen ervan. 3. Ongeadresseerd reclamedrukwerk mag uitsluitend worden bezorgd bij een perceel als de bewoner of gebruiker kenbaar heeft gemaakt prijs te stellen op het ontvangen ervan.

Artikel 16 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 16. Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst Het is verboden bedrijfsafvalstoffen aan te bieden aan de inzameldienst.

Artikel 16. Zwerfafval rondom inrichtingen 1. Degene die een inrichting drijft waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, draagt zorg voor de aanwezigheid in of nabij de inrichting van een steeds voor gebruik door het publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbak of soortgelijk middel voor het houden van afval; 2. Degene die de inrichting drijft verwijdert zo vaak als nodig etenswaren, verpakkingen, afval of andere materialen, die kennelijk uit de inrichting afkomstig zijn of voor de inrichting zijn bestemd, binnen een straal van ten minste 25 meter van de inrichting; 3. De vorige leden gelden niet voor situaties waarin wordt voorzien door het Activiteitenbesluit milieubeheer.

Artikel 17 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 17. Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst Het college kan regels stellen voor het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst.

Artikel 17 Afval en verontreiniging op de weg 1. Het is verboden een weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994, te verontreinigen of het milieu nadelig te beïnvloeden door afvalstoffen, stoffen of voorwerpen te laden, te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten; 2. Degene die in strijd met het eerste lid de weg verontreinigt of het milieu nadelig beïnvloedt, of diens opdrachtgever, zorgt terstond na de beëindiging van de werkzaamheden van die dag voor het reinigen van de weg, of zoveel eerder als nodig is om de veiligheid van het verkeer of de bescherming van het wegdek te verzekeren.

Artikel 18 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 18. Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging Het is verboden buiten een daarvoor door het college bestemde plaats en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer een afvalstof, stof of voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins te plaatsen op een wijze die aanleiding kan geven tot hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu. 1. Het college kan van het verbod ontheffing verlenen. 2. Het verbod is niet van toepassing op: a. het overeenkomstig deze verordening ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen; b. het thuis composteren van groente-, fruit- en tuinafval; c. voor zover de (afval)stoffen tijdelijk op de weg geraken of worden gebracht als onvermijdelijk gevolg van het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen dan wel het verrichten van andere werkzaamheden op of aan de weg. 3. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover de Wet bodembescherming of het Besluit bodemkwaliteit voorziet in de beoogde bescherming van het milieu.

Artikel 18. Geen opslag van afval in de open lucht Het is verboden afvalstoffen op een voor het publiek waarneembare plaats in de open lucht en buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben, anders dan door het in overeenstemming met paragraaf 2 van deze verordening aanbieden, achterlaten of overdragen van huishoudelijke afvalstoffen.

Artikel 19 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 19. Achterlaten van straatafval 1. Het is verboden straatafval in de openbare ruimte achter te laten zonder gebruik te maken van de van gemeentewege of anderszins geplaatste of voorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen. 2. Het is verboden om andere afvalstoffen dan straatafval achter te laten in daartoe van

Artikel 19. Ontdoen van autowrakken Het is verboden zich te ontdoen van een autowrak dat afkomstig is van een perceel, anders dan door afgifte aan een inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken.

gemeentewege of anderszins geplaatste of voorgeschreven bakken, manden of soortgelijke voorwerpen. Na artikel 19 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende: Bestaande tekst

Nieuwe tekst Artikel 19a. Kadavers van gezelschapsdieren 1. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder gezelschapsdier verstaan: een dier dat de mens in of rond het huis houdt en verzorgt, niet zijnde een hobby- of landbouwhuisdier. 2. Burgemeester en wethouders wijzen een of meer verzamelplaatsen aan waar kadavers van gezelschapsdieren worden ingezameld. 3. Van ingezamelde kadavers wordt aangifte gedaan bij Rendac Son B.V. De kadavers worden bewaard en overgedragen aan Rendac Son B.V. in overeenstemming met het bepaalde bij of krachtens artikel 3.1 van de Wet dieren. 4. Uiterlijk op de eerste werkdag die volgt op de dag waarop het gezelschapsdier dood is aangetroffen, geeft de houder van het kadaver dit af op een aangewezen verzamelplaats. 5. Tot het tijdstip van afgifte bewaart de houder het kadaver zodanig dat er geen vermenging is met ander materiaal. 6. Het vierde lid is niet van toepassing op het kadaver dat wordt begraven op een terrein dat ter beschikking staat van de houder van het kadaver of dat uiterlijk de eerste werkdag na overlijden wordt afgegeven aan een ondernemer die is erkend op grond van artikel 24, eerste lid, onder b, c of d, van de Verordening 1069/2009/EG.]

Artikel 20 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 20. Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereed staande afvalstoffen

Artikel 20. Toezichthouders Overtreding van het bij of krachtens de artikelen

1. Het is verboden afvalstoffen of inzamelmiddelen die ter inzameling gereed staan te doorzoeken en te verspreiden. 2. Het is verboden tegen afvalstoffen of inzamelmiddelen, die ter inzameling gereed staan, te stoten, te schoppen, deze omver te werpen of deze anderszins te behandelen waardoor er zwerfafval ontstaat.

4, 6, 8 tot en met 10 en 12 tot en met 19a bepaalde en de daarbij gegeven voorschriften en beperkingen, is een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a, onderdeel 3, van de Wet op de economische delicten.

Artikel 21 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 21. Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren De houder of beheerder van een inrichting waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, is verplicht: a. een afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp in of nabij de inrichting op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben, waarin het publiek afval kan achterlaten; b. zorg te dragen dat deze afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp van een zodanige constructie is dat het afval daarin deugdelijk geborgen blijft en dat die afvalbak, -mand of voorwerp steeds tijdig wordt geledigd; c. zorg te dragen dat dagelijks, uiterlijk één uur na sluiting van de inrichting, doch in ieder geval terstond op eerste aanzegging van een ambtenaar, belast met de toezicht op de naleving van dit artikel, in de nabijheid van de inrichting achtergebleven afval, voor zover kennelijk uit of van die inrichting afkomstig, wordt opgeruimd.

Artikel 21. Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.

Artikel 22 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 22. Afvalbakken bij evenementen voor

Artikel 22. Wijzigingen als gevolg van de

het verbruiken van eet- en drinkwaren De organisator van een evenement waar eet- of drinkwaren worden verkocht en / of verstrekt die ter plaatse kunnen worden genuttigd, is verplicht: a. een afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp in of nabij de inrichting op een duidelijk zichtbare plaats aanwezig te hebben, waarin het publiek afval kan achterlaten; b. zorg te dragen dat deze afvalbak, -mand of soortgelijk voorwerp van een zodanige constructie is dat het afval daarin deugdelijk geborgen blijft en dat die afvalbak, -mand of voorwerp steeds tijdig wordt geledigd; c. zorg te dragen dat dagelijks, uiterlijk twaalf uur na sluiting van het evenement, doch in ieder geval terstond op eerste aanzegging van een ambtenaar, belast met de toezicht op de naleving van dit artikel, in de nabijheid van de inrichting achtergebleven afval, voor zover kennelijk van (bezoekers van) het evenement afkomstig, wordt opgeruimd.

Omgevingswet en overgangsrecht Op het tijdstip waarop de Omgevingswet in werking treedt, wordt deze verordening gewijzigd als volgt: a. in artikel 14, tweede lid, onder d, wordt “Waterwet” vervangen door “Omgevingswet”; b. in artikel 16 vervallen de aanduiding “1.” voor het eerste lid, en het tweede en derde lid; c. in artikel 18 vervalt “en buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer” en na het slot van het artikel wordt toegevoegd “Het verbod geldt niet als voor de opslag van afvalstoffen een omgevingsvergunning is afgegeven.”; d. in artikel 19 wordt “anders dan door afgifte aan een inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken” vervangen door “anders dan door afgifte aan de houder van een omgevingsvergunning voor het demonteren van autowrakken of wrakken van tweewielige motorvoertuigen”; e. in artikel 21 wordt na “Wet algemene bepalingen omgevingsrecht” ingevoegd “of artikel 18.6 van de Omgevingswet”.

Artikel 23 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 23. Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal Degene die in de openbare ruimte reclamebiljetten of dergelijke of ander promotiemateriaal onder het publiek verspreidt, is verplicht deze of de verpakking daarvan terstond op te ruimen of te laten opruimen, indien deze in de omgeving van de plaats van uitreiking op de weg of een andere voor het publiek toegankelijke plaats door het publiek worden weggeworpen.

Artikel 23. Intrekking oude verordening De Afvalstoffenverordening Duiven 2012 wordt ingetrokken.

Artikel 24 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 24. Zwerfafval bij vervoeren, laden en

Artikel 24. Inwerkingtreding en citeertitel

lossen of overige werkzaamheden Het is verboden afvalstoffen, stoffen of voorwerpen zodanig te laden, te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten dat de weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig kan worden beïnvloed. 1. Indien bij het laden of lossen of vervoeren van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen deze weg wordt verontreinigd of het milieu nadelig wordt beïnvloed, is degene die genoemde werkzaamheden verricht alsmede diens opdrachtgever verplicht deze weg te reinigen of te laten reinigen: 2. direct na het ontstaan van de verontreiniging, indien de verontreiniging gevaar voor de veiligheid van het verkeer of beschadiging van het wegdek oplevert; 3. direct na beëindiging van de werkzaamheden, indien de verontreiniging geen gevaar voor de veiligheid van het verkeer of beschadiging van het wegdek oplevert; 4. indien de werkzaamheden langer dan een dag duren, elke dag direct na beëindiging van de werkzaamheden.

1. Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Afvalstoffenverordening 2023 gemeente Duiven

Artikel 25 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 25. Verbod opslag van afvalstoffen Het is verboden afvalstoffen op voor het publiek zichtbare plaats in de open lucht en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben. 1. Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid gestelde verbod. 2. Het verbod is niet van toepassing op het overdragen of ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan de inzameldienst, andere inzamelaars of de personen of instanties die in het kader van producentenverantwoordelijkheid bij algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling een inzamelplicht hebben voor categorieën van huishoudelijke

Nieuwe tekst

afvalstoffen.

Artikel 26 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 26. Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden Het is de eigenaar of kentekenhouder verboden zich te ontdoen van een autowrak, dat afkomstig is van een huishouden, anders dan door afgifte aan inrichtingen genoemd in artikel 6 van het Besluit Beheer Autowrakken.

Artikel 27 wordt als volgt gewijzigd:

Bestaande tekst Artikel 27. Strafbepaling Een gedraging in strijd met de volgende artikelen is een strafbaar feit in de zin van artikel 1a, onder 3, Wet op de economische delicten: Strafbepaling Artikel 9 Inzamelverbod huishoudelijke afvalstoffen behoudens aanwijzing Artikel 10 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen aan anderen Artikel 11 Verbod op het ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen door anderen dan de gebruikers van percelen Artikel 12 Afzonderlijk ter inzameling aanbieden Artikel 13 Ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen Artikel 14 Dagen en tijden voor het ter inzameling aanbieden Artikel 16 Ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan de inzameldienst Artikel 17 Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen aan een ander dan de inzameldienst Artikel 18 Voorkomen van diffuse

Nieuwe tekst

milieuverontreiniging Artikel 29 Achterlaten van straatafval Artikel 20 Voorkomen van zwerfafval bij ter inzameling gereed staande afvalstoffen Artikel 21 Afvalbakken in inrichtingen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren Artikel 22 Afvalbakken bij evenementen voor het verbruiken van eet- en drinkwaren Artikel 23 Wegwerpen van reclamebiljetten of ander promotiemateriaal Artikel 24 Zwerfafval bij vervoeren, laden en lossen of overige werkzaamheden Artikel 25 Verbod opslag van afvalstoffen Artikel 26 Afgifte autowrakken afkomstig uit een huishouden

Artikel 28 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst Artikel 28. Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht aangewezen ambtenaren.

Nieuwe tekst

Artikel 29 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 29. Inwerkingtreding 1. Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2016. 2. In afwijking van het eerste lid treedt treden artikel 8. lid 1 en artikel 8 lid 2. in werking op 1 februari 2016.

Artikel 30 wordt als volgt gewijzigd:

Bestaande tekst Artikel 30. Overgangsbepaling Vergunningen verleend krachtens de

Nieuwe tekst

verordening bedoeld in artikel 27, tweede lid, blijven - voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken – nog gedurende één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening van kracht en worden beschouwd als een aanwijzing bedoeld in artikel 2 van deze verordening. 1. Ontheffingen verleend krachtens de verordening bedoeld in artikel 27, tweede lid, blijven - voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken – nog gedurende één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening van kracht en worden beschouwd als een ontheffing als bedoeld in deze verordening. 2. Voorschriften en beperkingen opgelegd krachtens de verordening bedoeld in artikel 27, tweede lid, blijven- indien en voor zover de bepalingen ingevolge welke deze voorschriften en beperkingen zijn opgelegd, ook zijn vervat in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken – nog gedurende één jaar na de inwerkingtreding van deze verordening van kracht. 3. Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om een vergunning op grond van de verordening bedoeld in artikel 27, tweede lid, is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvraag is beslist, wordt deze aanvraag beschouwd als een aanvraag tot aanwijzing, als bedoeld in artikel 2 van deze verordening. 4.

Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een aanvraag om een ontheffing op grond van de verordening bedoeld in artikel 27, tweede lid, is ingediend en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening nog niet op die aanvraag is beslist, wordt deze aanvraag beschouwd als een aanvraag tot ontheffing, als bedoeld in deze verordening. 5. Op een aanhangig beroep of bezwaarschrift, betreffende een vergunning of ontheffing bedoeld in het eerste lid, dan wel voorschrift of beperking bedoeld in het tweede lid dat voor of na het tijdstip bedoeld in artikel 27, eerste lid, is ingekomen binnen de voordien geldende beroepstermijn, wordt beslist met toepassing van de verordening bedoeld in

Pagina 20

artikel 27, tweede lid. 6. De intrekking van de verordening bedoeld in artikel 27, tweede lid, heeft geen gevolgen voor de geldigheid van op basis van die verordening genomen nadere regels en aanwijzingsbesluiten, indien en voor zover de rechtsgrond waarop de aanwijzingsbesluiten zijn gebaseerd ook vervat is in deze verordening en voor zover zij niet eerder zijn vervallen of ingetrokken. Artikel 31 wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 31. Citeerbepaling Deze verordening wordt aangehaald als Afvalstoffenverordening 2016 van de gemeente Duiven.

Pagina 21

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=ed6c57c9-7843-446e-b5fa-8af0b21beb2f