CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

201714778-Bijlage 9 Ecologisch onderzoek

Raadsavond 9 december 2025, gemeente DuivenBij agendapunt: Verzoek Adviesrecht BOPA Welleveldsestraat 2 Duiven9.592 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Aanvullende maatregelen of andere vervolgstappen zijn niet aan de orde.

Projectcode: P08410 Versie: 1.0

Pagina 25 van 29

Rapportage Quickscan flora en fauna Welleveldsestraat 2 te Duiven

7 Conclusie en aanbevelingen Op basis van de resultaten van dit verkennend onderzoek zijn de belangrijkste conclusies en aanbevelingen als volgt: Gebiedsbescherming De beoogde ruimtelijke ontwikkeling veroorzaakt geen (significante) negatieve effecten op beschermde natuurgebieden als gevolg van directe verstoring (licht, geluid en trillingen). Wettelijk beschermde houtopstanden zijn niet aanwezig. Er geldt geen omgevingsvergunning of plicht tot kapmelding bij de provincie. Een substantieel, negatief effect van de beoogde ontwikkeling op de stikstofemissie en depositie en daarmee op Natura 2000-gebieden kan niet worden uitgesloten en kan desgewenst nader onderzocht worden d.m.v. een stikstofberekening. Soortenbescherming De aanwezigheid van essentieel leefgebied van de onderstaande beschermde soorten kan niet worden uitgesloten. Deze soorten zijn beschermd onder de Habitatrichtlijn en Vogelrichtlijn. Omdat negatieve effecten op deze soorten als gevolg van de beoogde ruimtelijke ontwikkeling mogelijk zijn en hierdoor wellicht verbodsbepalingen uit de Omgevingswet worden overtreden, is aanvullend soortenonderzoek noodzakelijk. • -

Scenario 1: Enkel gebruik weiland; Rugstreeppad

●

Scenario 2: Sloop bebouwing; Vleermuizen (gewone- en ruige dwergvleermuis, gewone grootoorvleermuis & laatvlieger) Huismussen Gierzwaluw Uilen (kerkuil & steenuil) Steenmarter Kleine marterachtigen Boerenzwaluw Rugstreeppad

-

Aanvullend soortenonderzoek Omreden dat de aanwezigheid van enkele door de Omgevingswet beschermde soorten niet kunnen worden uitgesloten, adviseert GRAS Advies deze soorten definitief vast te stellen, dan wel uit te sluiten d.m.v. een aanvullend soortenonderzoek. Wanneer de aanwezigheid van een soort hiermee wordt vastgesteld, zal blijken welke vervolgstappen mogelijk zijn en/of een omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteit noodzakelijk is. Indien geen soortspecifiek, ofwel aanvullend soortenonderzoek wordt uitgevoerd kan er mogelijk geen omgevingsvergunning op basis van een flora- en fauna-activiteit worden verleend. De aanwezigheid van (beschermde) soorten uit onderstaande soortgroep is aannemelijk. Aanvullend soortenonderzoek en een mogelijke omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteit zijn niet nodig mits tenminste één van de daaropvolgende maatregelen wordt toegepast: ●

(Broed)vogels: Wanneer werkzaamheden binnen het broedseizoen vallen, dienen de aanwezige bosschages/bomen met nesten en de omgeving hiervan niet te worden verstoord.

Verstoring van broedende vogels is verboden Verstoring van broedvogels kan voorkomen worden door de voorgenomen werkzaamheden buiten het broedseizoen uit te voeren. Het broedseizoen is globaal aan te geven tussen 15 maart en 15 juli, afhankelijk van weersomstandigheden en de specifieke soort. Eerdere en latere broedgevallen zijn ook beschermd conform de Omgevingswet. Projectcode: P08410 Versie: 1.0

Pagina 26 van 29

Rapportage Quickscan flora en fauna Welleveldsestraat 2 te Duiven

De aanwezigheid van algemene soorten waaronder de haas, konijn, egel en algemene muissoorten valt niet uit te sluiten. Deze soorten zijn in de provincie Gelderland vrijgesteld. Een aanvullend soortenonderzoek en omgevingsvergunning flora- en fauna-activiteit voor deze soorten is niet nodig. Desondanks geldt voor deze soorten de zorgplicht. Zorgplicht In artikel 11.27 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal), is de zorgplicht voor alle in het wild voorkomende planten en dieren vastgelegd. Lid 1 van het artikel luidt als volgt: 1. “Degene die een flora- en fauna-activiteit of een activiteit als bedoeld in artikel 11.22, eerste lid, onder b tot en met g, verricht en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de belangen, bedoeld in artikel 11.23, is verplicht: a. “alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen; b. voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen: die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; en c.

als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt: die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd.” Deze zorgplicht wordt nader geconcretiseerd omdat initiatiefnemers op grond van lid 2 verplicht zijn zich ervan dienen te vergewissen dat op de locatie van de voorgenomen activiteit, geen in het wild levende dieren van beschermde soorten of hun belangrijke leefgebieden of natuurlijke habitats aanwezig zijn (Bron: BIJ12, 2024).

Projectcode: P08410 Versie: 1.0

Pagina 27 van 29

Rapportage Quickscan flora en fauna Welleveldsestraat 2 te Duiven

Bronnen BIJ12 (2024a). Juridisch kader. Behorende bij kennisdocumenten soortbescherming. Versie 2.0, januari 2024. BIJ12 (2023a). Kennisdocument Huismus Passer domesticus, Versie 2.1, februari 2023. BIJ12 (2024b). Kennisdocument Gewone dwergvleermuis Pipistrellus pipistrellus. Versie 2.0, april 2024. BIJ12 (2023b). Kennisdocument Gierzwaluw Apus apus, Versie 2.0, juli 2023. BIJ12 (2017a). Kennisdocument Rugstreeppad Bufo calamita, Versie 1.0, juli 2017 Utrecht. BIJ12 (2024c). Kennisdocument Kleine marterachtigen. Versie 1.0, januari 2024. BIJ12 (2017b). Kennisdocument Kamsalamander, versie 1.0, juli 2017. BIJ12 (2017c). Kennisdocument Das Meles meles. Versie 1.0, juli 2017. BIJ12 (2017d). Kennisdocument Bever Castor fiber, Versie 1.0 juli 2017, Utrecht. Bodemdata (z.d.). Bodemkaart van Nederland. https://bodemdata.nl/basiskaarten. Datum geraadpleegd: 1102-2025. Bouwens, S. (2017). Handreiking Kleine Marters in relatie tot soortbescherming. Provincie Noord-Brabant. Zoogdiervereniging, 13 oktober 2017. Creemers, R.C.M., & van Delft, J.J.C.W. (2009). De amfibieën en reptielen van Nederland. Nederlandse Fauna 9. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, European Invertebrate Survey – Nederland, Leiden. Guillon, C.P., de Groot, M.R, van Hees, S.R.W, van der Wijngaart, T., & Faber, P.A. (2022). Ruimtelijke bescherming van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) onder de Omgevingswet.

Juli 2022. Hunink, S. (2024). Lijst beschermde soorten Omgevingswet. Natuurinclusief, Borculo. 14 februari, 2024. Interprovinciaal overleg (IPO). (2022). Natuurnetwerk Nederland (ehs). Atlas Leefomgeving. Ministerie van Economische Zaken. (2018). Natura 2000-gebieden. Atlas Leefomgeving. Nationale Databank Flora en Fauna (z.d.). https://ndff-ecogrid.nl/ Datum geraadpleegd: 06-02-2025. Patronale Dienst voor Organisatie en Kontrole van de Bestaanszekerheidstelsels (PDOK). https://app.pdok.nl/viewer/?origin=pdoknl. Datum geraadpleegd: 06-02-2025. Provincie Gelderland (z.d.). Gelders Natuurnetwerk kernkwaliteiten. https://geoportaal.gelderland.nl/portaal/apps/webappviewer/index.html?id=6e75f771b9ea4401848acefe9f489843. Datum geraadpleegd: 06-022025 RAVON (z.d.). www.RAVON.nl. Amfibieën en reptielen. Datum geraadpleegd: 07-01-2025. SOVON (z.d.). www.SOVON.nl. Vogelsoorten. Datum geraadpleegd: 07-01-2025. Stichting Floron (2011). Nieuwe Atlas van de Nederlandse Flora. KNNV Uitgeverij, Nijmegen. 176p Vleermuisvakberaad Netwerk Groene Bureaus, Zoogdiervereniging (2021). Vleermuisprotocol 2021, januari. Vlinderstichting (z.d.). Grote vos. https://www.vlinderstichting.nl/vlinders/overzicht-vlinders/details-vlinder/grote-vos Datum geraadpleegd: 06-02-2025.

Projectcode: P08410 Versie: 1.0

Pagina 28 van 29

Rapportage Quickscan flora en fauna Welleveldsestraat 2 te Duiven

Zoogdiervereniging (z.da.). Eekhoorn. https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/eekhoorn Datum geraadpleegd: 06-02-2025. Zoogdiervereniging (z.db.). Steenmarter. https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/steenmarter Datum geraadpleegd: 06-02-2025. Zoogdiervereniging (z.d.c). Otter. https://www.zoogdiervereniging.nl/zoogdiersoorten/otter Datum geraadpleegd: 06-02-2025.

Projectcode: P08410 Versie: 1.0

Pagina 29 van 29

Rapportage Quickscan flora en fauna Welleveldsestraat 2 te Duiven

Bijlage 1: Veldwerk inventarisatie en indicatoren ●

Bebouwing en overige complexen: Kenmerken zoals gaten, spleten, kieren, luiken, holten en andere openingen in wanden, kozijndelen, muren en afwerking, stootvoegen, schachten en bekisting, onder dakgoten of dakpannen, onder enige dakbedekking of afwerking zoals loodslabben, dakbeschot en boeiboorden, tussen schotten, balken, aanleunende delen en ventilatieopeningen, spouwmuren, zolders, kelders, kruipruimten en platte daken.

●

Lijnvormige elementen: Structuurvormende eenheden met aansluitende delen en/of opzichzelfstaande doorlopende elementen waaronder akkers, grasland, bomenrijen, lanen, wegdelen, watergangen, muren, aaneensluiting van panden, complexen of andere vormen van bebouwing, een aaneensluiting van scheidingslijnen tussen open velden of open water of andere kenmerken die sterk afwijken van kenmerken van naastgelegen en verbonden structuren zoals begroeiing.

●

Vegetatie: Kenmerken van staande en liggende vegetatie waaronder type, kwantiteit, soorten, hoogte, dikte, dichtheid en algemene doorlaatbaarheid en toegankelijkheid, locatie en afstand t.o.v. mogelijk verstorende elementen, aaneensluiting van vegetatie, aaneensluiting en ligging t.o.v. routebepalende elementen of andere mogelijke habitatfuncties, losse bast delen, leeftijd en aanwezigheid van dood hout.

●

Rust- verblijf- en broedplaatsen: Indicerende kenmerken beschreven onder ‘Bebouwing en overige complexen’ en kenmerken aanwezig in bomen of andere houtige elementen, in palen, kasten, zolders en afgesloten ruimtes zoals takjes, bedding en andere isolerende materialen, als dan niet verzameld, holen of kuilen in vegetatie, bodem of in andere al dan niet aangebrachte structuren, hopen van takken, puin of andere dekking creërende materialen, zandplaatsen en de verplaatsbaarheid van zand.

●

Water: Kwaliteit waaronder helderheid, diepte, stroming en stabiliteit, aanwezigheid van waterplanten en oevervegetatie, aansluiting met andere waterpartijen of watergangen, bodem en oeverkenmerken, helling van het talud, fluctuaties, mate van verstoring en ligging.

●

Sporen: Kenmerken waaronder excrementen zoals braaksels, braakballen en uitwerpselen, latrines, delen van eischalen, nesten en prooiresten, delen van vacht zoals haren en veren, pootafdrukken, wissels, krabsporen, knaagsporen, voedselresten, voedselverzamelplaatsen en wroetsporen.

●

Overige: Geluiden zoals zang, roep en bewegingsgeluiden, geur, smeerplekken, aanwezigheid van waardplanten en zaadplanten of overige voedselbronnen waaronder vruchtdragende vegetatie of knaagdieren, aanwezigheid en volledigheid van (essentiële) habitatfuncties, aansluiting met omliggende habitatfunctie leverende gebieden en algemene verstoringsfactoren.

Projectcode: P08410 Versie: 1.0

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=d7b651ba-1ec4-4e21-acb0-cf1d0e34f50b