2-b1 Lokaal Alternatief - loonsverhoging CAO VVT met antwoord
Tekst van het document
Vragen Over en Weer Lijst ingekomen stukken Kennisgeving A051 B1 brief inzake loonsverhoging CAO VVT Mondeling In de ontvangen brief lezen wij een loonsverhoging van 5% in Oktober dit jaar en 2x een verhoging in 2024. Lokaal alternatief vindt het belangrijk dat onze ouderen de zorg krijgen die nodig is, juist in de thuissituatie. 1. Wij zouden graag willen weten hoe de gemeente reageert op deze loonsverhoging, komen daarmee de tarieven vanuit de zorgverlener van Huishoudelijke hulp en/of thuisverpleging onder druk te staan? En zo ja, gaat de gemeente mee in een verzoek om de tarieven te herzien? 2. Zo nee, waarom gaat de gemeente niet mee? In de wetenschap dat inwoners straks niet de juiste hulp krijgen, bijvoorbeeld door faillissement van zorgverleners, of nieuwe partijen zich niet meer willen committeren aan de gemeente Duiven en daarmee een extra risico loopt op problemen bij de uitvoering van de WMO opdracht? 3. Heeft dit verhogen van het budget nog effect op de gemeentelijke begroting? En zo ja, is er een inschatting te maken over welke bedragen dat gaat? Antwoord: We kopen via centraal Gelderland alle maatwerkvoorzieningen Wmo in Huishoudelijke hulp, dagbesteding en ambulante begeleiding. We hebben dus regionale inkoop en prijsafspraken. Daar committeren wij ons aan.
Er zijn voortdurend gesprekken met zorgaanbieders over de dienstverlening en de prijsafspraken die wij met aanbieders hebben. Op dit moment geldt de CAO VVT 2022-2023, maar op 22 juni jl. zijn tussentijds extra loonsverhogingen afgesproken tussen de partijen betrokken bij deze cao (ActiZ en Zorgthuisnl als werkgeverspartijen; de vakbonden FNV, CNV, NU'91 en FBZ als werknemerspartijen). Deze loonsverhogingen zijn ingegeven door maatschappelijke druk, aantrekkelijk werkgeverschap en hoge inflatie. Er is dus sprake van factoren die zich buiten de gemeentelijke invloeden begeven. De loonstijging vanuit de CAO VVT (verpleeg-, verzorgingstehuizen en thuiszorg) ziet er als volgt uit: • 5% met een bodem van € 125 op 1 oktober 2023 • 2,5% met een bodem van € 75 op 1 maart 2024 • 2,5% met een bodem van € 75 op 1 oktober 2024 Bij de voorjaarsnota 2023 is al melding gemaakt van een te verwachten tekort, waardoor voor dit jaar al € 200.000 incidenteel is bijgeraamd. De verwachting is dat dit niet voldoende is, zoals ook al aangegeven bij de voorjaarsnota 2023. Op basis van de laatste berekeningen verwachten we een nu nog tekort van € 500.000, veroorzaakt door tariefstijging en stijging van het aantal cliënten. Op dit moment wordt er georiënteerd op de mogelijkheden om de kosten terug te dringen zonder de kwaliteit in het geding te laten komen.
Dit zal echter wel betekenen dat we nu moeten investeren om later effecten te zien.