1b. Raadsvoorstel Transitievisie Warmte Duiven - 201522817.docx
Tekst van het document
** RAADSVOORSTEL Onderwerp : Transitievisie Warmte Duiven __________________________________________________________________________ Zaak- & documentnr. : Z/21/083626 /ADV/21/201522817Opsteller Portefeuillehouder : G. Tiedink Team
: A. Meijs : Ruimte, Samenleving en Ontwikkeling __________________________________________________________________________ Samenvatting De Transitievisie Warmte (TVW) geeft met een globaal tijdspad tussen nu en 2050 aan wanneer in welke wijk of buurt, aan de hand van wijkuitvoeringsplannen wordt gestart met het loskoppelen van aardgas. Bij de wijken waarmee wordt gestart zijn ook de warmtealternatieven in beeld gebracht. Beslispunten 1. De gemeenteraad besluit tot vaststelling van de Transitievisie Warmte gemeente Duiven. 2. De gemeenteraad besluit tot starten met wijkuitvoeringsplannen in de De Vergert en Centrum/Oud-Zuid na vaststelling van de Transitievisie Warmte. Aanleiding In 2015 is het akkoord van Parijs vastgelegd en ondertekend door 195 landen, met als gezamenlijke doelstelling om de opwarming van de aarde te beperken tot 1,5 °C of 2 °C. Na het ondertekenen van het akkoord van Parijs is in Nederland een reductiedoelstelling van 95% CO2 ten opzichte van 1990 vastgelegd in de Klimaatwet van 2019. In het Klimaatakkoord staat beschreven hoe deze doelstelling behaald wordt. Eén van de vereisten hiervoor is dat elke Nederlandse gemeente in 2021 een Transitievisie Warmte vast moet stellen. Hier wordt in een globaal tijdpad tussen nu en 2050 beschreven wanneer welke buurten of wijken van het aardgas kunnen worden losgekoppeld.
Het loskoppelen van aardgas draagt bij aan de reductiedoelstelling van CO2. Voor de startwijken maakt de gemeente ook al de mogelijke warmte-alternatieven bekend. Bij het aanduiden van de volgorde van de wijken is rekening gehouden met de koppelkansen, kansen voor inzet van restwarmte, gelijkvormige woningen en al lopende initiatieven van inwoners. De Transitievisie Warmte dient elke vijf jaar te worden geactualiseerd om innovaties en nieuwe inzichten mee te nemen. Beoogd effect De transitievisie levert een bijdrage aan de pijler ‘energietransitie’ binnen het programma Circulaire Economie (CE). Op deze manier wordt door gemeente Duiven en door alle andere Nederlandse gemeenten een invulling gegeven aan de Nederlandse energietransitie en wordt Nederland minder afhankelijk van fossiele brandstoffen.
Pagina 1
Argumenten 1.1 De Transitievisie Warmte is een eerste stap naar ‘gasloos’ en draagt bij aan het realiseren van CO2-reductiedoelstellingen Door te stoppen met het gebruik van deze fossiele brandstof en over te stappen op duurzamere vormen van energie, neemt de uitstoot van broeikasgassen af. 1.2 Het opstellen van een Transitievisie Warmte is een verplichting uit het Klimaatakkoord Om onze landelijke CO2-uitsoot te verminderen is elke Nederlandse gemeente verplicht om een Transitievisie Warmte op te stellen. In verband met de organisatie van een inloopbijeenkomst voor inwoners van de startwijken (zie ‘participatie en communicatie’) wordt de Transitievisie Warmte in 2022 behandeld door de gemeenteraad. Dit is bekend bij de Rijksoverheid. Door de Transitievisie Warmte voor gemeente Duiven vast te stellen wordt voldaan aan de eis vanuit het Klimaatakkoord. 1.3 De Transitievisie Warmte geeft richting aan inwoners, vastgoedeigenaren en stakeholders. Deze eerste Transitievisie Warmte geeft inzicht en houvast in het globale tijdspad van wijken die van het aardgas worden gekoppeld. Betrokkenen wordt uitgelegd op basis van welke criteria de volgorde van wijken en buurten tot stand is gekomen en kunnen daarop anticiperen. Elke vijf jaar wordt de Transitievisie Warmte geactualiseerd om rekening te houden met de meest recente innovaties en ontwikkelingen.
1.4 Het vaststellen van de visie dient als input voor Regionale Energie Strategie (RES) Nederland is onderverdeeld in 30 energieregio’s (RES-regio’s) om te onderzoeken waar en hoe duurzame elektriciteit het best opgewekt kan worden. Binnen de Regionale Structuur Warmte (RSW), dat binnen de RES Regio Arnhem-Nijmegen gaat over warmte, maken gemeenten met elkaar afspraken over de verdeling van deze warmte. Het vaststellen van de Transitievisie Warmte zorgt voor input die regionaal wordt meegenomen in de verdeling van beschikbare warmte uit bronnen in de regio. 2.1
De uitgangspunten voor betrokkenen zijn leidend tijdens de wijkuitvoeringsplannen
Om zorgvuldig om te gaan met belangen van inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties zijn zeven uitgangspunten opgesteld, die gedurende het gehele proces centraal staan, te weten:
Pagina 2
• • • • • • •
Laagste totale nationale kosten voor inwoners en bedrijven. Iedereen moet mee kunnen in de warmtetransitie. Natuurlijke momenten benutten. Inzetten op besparing. Zorgvuldig en transparant proces gericht op breed draagvlak. Volksgezondheid en milieuvriendelijke oplossingen. Ruimte en rekening houden met nieuwe technologieën en accepteren van tussentijdse oplossingen.
Kanttekeningen 1.1 De Transitievisie Warmte kan voor weerstand zorgen bij inwoners Inwoners vinden het niet prettig als de gemeente voor hen bepaalt dat woningen van aardgas worden losgekoppeld. Ondanks dat de gemeente de plannen voor het aardgasalternatief samen met inwoners oppakt, kan er weerstand ontstaan tegen het besluit om woningen van aardgas te koppelen. 1.2 Er is nog veel onzeker Op basis van technische aspecten kan een logische volgorde van wijken en buurten worden gemaakt ten aanzien van loskoppelen van aardgas. De betaalbaarheid en mogelijkheden van een aantal warmte-alternatieven zijn op dit moment nog onzeker. Het opstellen van wijkuitvoeringsplannen en actualiseren van Transitievisies Warmte zorgen voor een steeds concreter beeld van de energietransitie. Een belangrijk uitgangspunt voor het afkoppelen van aardgas is dat iedereen mee kan doen (zie argument 2.2). 1.3 Beschikbare bovenlokale warmtebronnen zijn ontoereikend voor de hele regio De Transitievisie Warmte geeft inzicht in de mogelijke warmteoplossingen per wijk/gebied en in de beschikbare duurzame warmtebronnen. Van deze warmtebronnen worden twee grote bronnen (de AVR en de RWZI Nieuwgraaf), beide gelegen in de gemeente Duiven, als bovenlokale bron benoemd. Meerdere gemeenten in de regio kijken naar deze bronnen als alternatief voor aardgas in hun gebouwde omgeving.
Uit analyses is gebleken dat de potentie van deze bovenlokale bronnen niet toereikend is voor de warmtevraag van de hele regio. Het is dan ook van belang te sturen op een efficiënte verdeling van deze restwarmte om de maatschappelijke kosten voor de warmtetransitie zo laag mogelijk te houden. Met de gemeenten binnen het zogenaamde warmtecluster AVR (Arnhem, Duiven, Rheden, Westervoort, Zevenaar en Montferland) wordt overleg gevoerd over dit verdelingsvraagstuk. Hoe de verdeling er uit zal komen te zien zal pas blijken in de toekomst. De aannames in de Transitievisie Warmte over de beschikbaarheid van bronnen zijn dan ook nog uiterst onzeker. Hoewel deze warmtebron misschien voor de hand ligt, worden alle opties opengehouden om samen met inwoners te onderzoeken welk warmte-alternatief het beste past in de wijk.
2.1 Het aardgasvrij maken van startwijken is een grote opgave Pagina 3
De uitvoering van de aardgasvrije doelstellingen in de startwijken en het proces richting 2050 is een grote opgave voor de organisatie die vraagt om extra tijd en inzet van ambtenaren. De mate waarin het Rijk voornemens is met extra middelen de gemeenten te ondersteunen is nog onduidelijk, maar wel is duidelijk uit het Klimaatakkoord dat het maken van wijkuitvoeringsplannen een taak is waar de gemeente mee moet starten. 2.2 Het vinden van een passende oplossing vergt tijd In de Transitievisie Warmte zijn De Vergert en Centrum/Oud-Zuid aangemerkt als startwijken met een termijn van 2022 tot en met 2030. Het jaartal 2030 is gebaseerd op het Klimaatakkoord, waarin is afgesproken dat de eerste 1,5 miljoen bestaande woningen moeten worden losgekoppeld van aardgas. Vanwege de verschillende factoren die van belang zijn in een succesvolle uitvoering van de aardgasvrije doelstellingen in de gemeente Duiven zal 2030 geen harde deadline zijn. Financiële paragraaf De warmtetransitie vraagt investeringen van woningeigenaren voor isolatie, installaties of de aanleg van nieuwe warmtebronnen. Doorgaans levert dit een besparing in de energielasten op, of meerwaarde voor de woning. Toch betekent dit niet automatisch dat elke maatregel betaalbaar en financierbaar is.
Om ze betaalbaar te maken, en om ervoor te zorgen dat iedereen (met een grote en kleine portemonnee) mee kan in de warmtetransitie, zijn er subsidies en financieringsregelingen (duurzaamheidsleningen) nodig. De Rijksoverheid speelt hier een belangrijke rol in. De gemeentelijke opgave en hiermee gepaarde uitgaven kunnen niet zonder extra financiële steun van het Rijk worden gerealiseerd. De mate waarin het Rijk voornemens is met extra middelen de gemeenten te ondersteunen is echter nog onduidelijk. Naar verwachting neemt het kabinet daarover op zijn vroegst in 2022 een besluit, na gesprekken en onderhandelingen tussen de VNG en het Rijk. Het huidige budget voor het programma Circulaire Economie (CE), waar het uitvoeren van de Transitievisie Warmte valt onder de programmalijn 'Energietransitie’, is procesgeld opgenomen. Verwacht wordt dat deze middelen niet toereikend genoeg zullen zijn, onder andere op basis van het onderzoek dat de Raad voor Openbaar Bestuur1 heeft uitgevoerd. Eventuele benodigde investeringsmiddelen zijn nog niet gebudgetteerd. De proceskosten van de wijkuitvoeringsplannen zijn wel opgenomen. Vooralsnog wachten we het standpunt van extra budget van het Rijk in deze af. Participatie en communicatie In maart 2021 is de Transitievisie Warmte aangekondigd via verschillende gemeentelijke kanalen, met de oproep om initiatieven uit de buurt te melden.
Ter ondersteuning worden er wekelijks nieuwsberichten gedeeld op de website ‘Samen1Nergie’ in de categorie aardgasvrij wonen.
1 ‘Van Parijs naar praktijk’
Pagina 4
In juni 2021 is het proces tot aan de vaststelling gedeeld met inwoners en is er een klankbordgroepbijeenkomst Circulaire Economie georganiseerd met technische toelichting, die ook aan de gemeenteraad is gegeven. Daarin hebben we bekeken hoe de Transitievisie Warmte overkomt op geïnteresseerde inwoners uit de gemeente en welke vragen er leven bij inwoners. Onze verdere communicatie geven we onder andere vorm op basis van de ervaringen die we tijdens deze bijeenkomst hebben opgedaan. In september 2021 hebben inwoners van de startwijken een brief ontvangen met meer informatie over het voornemen de betreffende wijk als startwijk aan te merken. In dezelfde week zijn de startwijken ook via diverse media bij de overige inwoners bekend gemaakt. De inwoners van de startwijken zijn in de brief uitgenodigd voor een inloopbijeenkomst op 5 oktober 2021. Ruim 80 inwoners hebben de inloopavond bezocht in een positief kritische stemming (zie bijlage: ‘memo inloopbijeenkomst’). Hiernaast is de mogelijkheid voor inwoners opengesteld om zowel online als offline vragen te stellen en plaatsen we artikelen op website en sociale media waarin wij het proces van de Transitievisie Warmte en de technische kant toelichten. Tijdens de ronde tafel is er ook de mogelijkheid vragen te stellen over de Transitievisie Warmte.
Uitvoering De wijkuitvoeringsplannen van de startwijken doen we samen met inwoners en kennen een doorlooptijd van ongeveer acht jaar. Hierin wordt het alternatief voor aardgas verder in detail uitgewerkt op gebied van haalbaarheid en betaalbaarheid. Naast het maken van wijkuitvoeringsplannen is landelijk afgesproken dat gemeenten de Transitievisie Warmte elke vijf jaar actualiseren, onder andere vanwege de verwachte technische ontwikkelingen. Bijlagen 201533041 – Transitievisie Warmte gemeente Duiven 201533067 – TVW Bijlage E 201533068 – TVW Bijlage F 201533069 – TVW Bijlage G 201533070 – TVW Bijlage H 201533071 – Samenvatting voor inwoners 201533073 – Memo inloopbijeenkomst 5 oktober 2021 201533072 – Raadsbesluit
Duiven, 19 oktober 2021. Burgemeester en wethouders van Duiven,
mr. drs. R.J. (Rutger den Haan) secretaris
mr. H.B. (Huub) Hieltjes burgemeester
Pagina 5