1b. Raadsvoorstel Meerjarenbegroting Duiven 2023-2026.docx
Tekst van het document
*ZFEF9D3CC28* RAADSVOORSTEL Onderwerp : Meerjarenbegroting Duiven 2023-2026 __________________________________________________________________________ Zaak- & documentnr. : Z/22/094664/201579902
Opsteller
Portefeuillehouder
Afdeling : Financiën & Belastingen
: J. Goossen
: Mark Jordens
Telefoonnr. 0630201341 __________________________________________________________________________ Samenvatting De Voorjaarsnota 2022 liet al zien dat het financieel meerjarenperspectief 2023 – 2025 positief is. Dit wordt vooral veroorzaakt door de rooskleurige accressen in de meicirculaire. Alleen het jaar 2026 laat een klein positief resultaat zien omdat het ministerie nog geen oplossing heeft geboden voor dit zogenoemde ravijnjaar. Over het definitief toekennen van structurele extra gelden voor de Jeugdzorg is eveneens nog geen uitspraak gedaan. De meerjarenbegroting is voor alle jaren in ieder geval wel sluitend. Het college stelt de raad voor om de meerjarenbegroting vast te stellen. Hiermee wordt feitelijk alleen het begrotingsjaar 2023 vastgesteld. De jaren 2024-2026 geven structureel inzicht in de beleidskeuzes. Beslispunten 1. De (meerjaren-)Programmabegroting 2023-2026 - in het bijzonder de volgende onderdelen - vast te stellen: • De programma’s • De paragrafen • De voorcalculaties • De vervangingsinvesteringen • De mutaties op de reserves en voorzieningen • De nieuwe belastingtarieven 2023. Vooruitlopend op de besluitvorming rond het Watertakenplan is in deze begroting al uitgegaan van een extra stijging van het tarief voor rioolheffing met 0,7%.
Vooruitlopend op de besluitvorming rondom de afschaffing van hondenbelasting is in deze begroting de opbrengst niet meegenomen en geen nieuw tarief vastgesteld. In de berekeningen van de afvalstoffenheffing is rekening gehouden met een stijging van het poorttarief bij het afvalaanbiedstation van € 12 naar € 14. 2. Geen inflatiecorrectie toe te passen op de tarieven voor Rioolheffing, Afvalstoffenheffing en OZB. 3. Alle huishoudens eenmalig met € 150 te compenseren voor de stijgende lasten. 4. De Bestemmingsreserve “Woningbouwopgave” te vormen en hier vanuit de Algemene Reserve een bedrag van € 300.000 in te storten. 5. Het overschot (€ 1.372.201) in 2023 te storten in de Algemene Reserve. 6. De intentie uit te spreken om de overschotten in de jaarschijven 2024 t/m 2026 te storten in de Algemene Reserve.
Pagina 1
Aanleiding Het door de gemeente Duiven al enige jaren gevoerde duurzame financieel beleid zorgt er mede voor dat er een begroting kan worden gepresenteerd die meerjarig structureel en reëel sluitend is. Hiermee wordt voldaan aan de eis van de toezichthouder. De grote accressen in het Gemeentefonds dragen bij aan dit perspectief. Doordat het Rijk deze gelden nog niet voor het jaar 2026 toe wil kennen is het in dat jaar een moeilijke opgave om ambities en wensen met een langere looptijd financieel te dekken. Aanpassing voorcalculaties: • In de zomerperiode zijn alle voorcalculaties (lasten en baten) voor budgetten bestaand beleid geactualiseerd. Het gaat hierbij om kleine aanpassingen (tot € 10.000) die er voor zorgen dat de budgetten toereikend zijn en aangepast aan het huidige prijsniveau. • In de voorcalculaties is de actuele activamodule verwerkt. In het afgelopen jaar is een aantal investeringskredieten afgesloten of in tijd verplaatst (vervroegd of uitgesteld), waardoor de kapitaallasten in de diverse jaren wijzigen. • Het renteresultaat is verslechterd aangezien de verkopen op de bedrijventerreinen resulteren in lagere bedragen die toegerekend worden aan de grondexploitatie. Eveneens leidt het aflopende hypothekensaldo tot lagere renteopbrengsten. • De geraamde huuropbrengsten van het gebouw op het Eilandplein zijn veel lager dan eerder was aangenomen.
• De extra reclameopbrengsten die in 2019 nog in de Koersnotitie waren opgenomen als bezuinigingsmaatregel worden niet gerealiseerd en uit de voorcalculaties verwijderd. • De areaaluitbreiding zorgt voor hogere kosten op het vegen van wegen en groenonderhoud. Het beheersysteem openbare ruimte is in het kader van IBOR geüpdatet waarbij is gebleken dat er meer areaal aanwezig is binnen de gemeente dan in eerste instantie is verwerkt in de contracten. • De doorbelastingen van gemeenschappelijke regelingen zijn geactualiseerd. Bovenstaande aanpassingen zorgen er voor dat het in de Voorjaarsnota 2022 gepresenteerde saldo voor de jaren 2023 t/m 2026 lager uitvalt. Nieuwe belastingtarieven: Hieronder zijn de belastingtarieven voor het jaar 2023 vermeld. In het overzicht zijn, ter vergelijking, de tarieven voor 2022 opgenomen. De tarieven van de rechten, waaronder de leges en tarieven huur sportaccommodaties zijn divers. Daarom zijn deze tarieven niet opgenomen in het overzicht. In de tarieven voor OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing zijn, vooruitlopend op het raadsbesluit, geen stijgingen als gevolg van de inflatiecorrectie verwerkt. De aangekondigde aanvullende stijging van 0,7% in het nieuwe (nog vast te stellen) Watertakenplan is wel verwerkt. De kostenstijging op het gebied van afval is volledig verrekend in het variabele tarief. Dat is het tarief per lediging.
Vooruitlopend op de besluitvorming over afschaffing van de hondenbelasting is hier in deze begroting al rekening mee gehouden. Op basis van onderstaande tarieven zijn de opbrengsten in de voorcalculaties aangepast. Deze aanpassing zorgt er voor dat het in de Voorjaarsnota 2022 gepresenteerde saldo voor de jaren 2023 t/m 2026 hoger uitvalt.
Belastingsoort OZB eigenarenbelasting: - woningen, % van vastgestelde waarde - niet-woningen, % van vastgestelde waarde
Tarief 2023
Tarief 2022
0,1229 0,1997
0,1229 0,1997
Pagina 2
OZB gebruikersbelasting niet-woningen, % van vastgestelde waarde Afvalstoffenheffing vastrecht Afvalstoffenheffing variabel: - per lediging 140 liter container restafval - per lediging 240 liter container restafval - per storting ondergrondse container Rioolheffing, per m3 Toeristenbelasting: - hotel, hostel, pension en B&B - kampeerterrein en camperplaats Reclamebelasting, Centrum Duiven
0,1528
0,1528
179,00
179,00
7,40 13,17 2,07 1,80
5,00 8,90 1,40 1,79
2,00 1,10 750,00
2,00 1,10 750,00
Van voorcalculaties naar concept meerjarenbegroting 2023-2026 In de voorcalculaties van deze begroting zijn alle gevolgen van de in juli vastgestelde Voorjaarsnota verwerkt inclusief de overgenomen amendementen (1 fte jongerenwerk en 0,5 fte jeugdboa) en de gevolgen van de meicirculaire. Naar aanleiding van raadsbesluiten in januari inzake de uitvoeringsagenda van het Mobiliteitsplan en in juni over de sloop van De Wiekslag en de herinrichting openbare ruimte zijn er ook begrotingswijzigingen gemaakt die gevolgen hebben voor het resultaat. In totaal leidt dit tot de volgende financiële resultaten: 2023 € 1.372.201
2024 € 1.996.774
2025 € 3.143.366
2026 € 282.394
In de periode tussen het opmaken van de Voorjaarsnota en deze Meerjarenbegroting is alleen de aanvullende wens inzake het vervolgproces Natuurinclusieve ontwikkeling van het gebied tussen Duiven en Westervoort toegevoegd. Deze is ook in bovenstaande cijfers verwerkt. De financiële gevolgen van de septembercirculaire zijn van groot belang voor deze begroting. Deze is op 21 september gepubliceerd en zal aansluitend financieel worden vertaald. Via een kennisgeving zal de gemeenteraad op de hoogte worden gesteld van de financiële gevolgen. Planning 15 november is de wettelijk verplichte aanleverdatum bij de Provincie voor de vastgestelde programmabegroting. Dit is de planning: 18 oktober 2022 08 november 2022
: Ronde tafel/Politieke avond : Behandeling Gemeenteraad
Beoogd effect In het kader van het budgetrecht van de raad moet de begroting ter vaststelling aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Na vaststelling door de raad kan het college het voorgestane beleid tot uitvoering brengen. Argumenten 1.1 De gemeente Duiven heeft een structureel sluitende meerjarenbegroting. Alle jaarschijven van deze begroting sluiten met een positief saldo. Alleen 2026 sluit af met een lager positief resultaat. De belangrijkste reden voor dit beeld is het zogenaamde
Pagina 3
“Ravijnjaar” in het Gemeentefonds. Vanuit het Rijk worden tot nu toe geen toezeggingen gedaan voor de periode na de volgende verkiezingen. De aangekondigde kortingen worden wel doorgetrokken. Hierdoor valt het bedrag van de Algemene Uitkering voor Duiven in 2026 ver terug. Op dit moment is de VNG nog volop bezig de minister te overtuigen hiervoor een oplossing aan te dragen. Mogelijk gaat hier in de septembercirculaire nog uitsluitsel over worden gegeven. Ook de uitkomst van de arbitragezaak over extra geld voor Jeugdzorg speelt hierin een belangrijke rol. Ook hiervoor wil de minister nog geen structureel extra geld toekennen. Voorlopig nemen we hier 75% van op. Vanuit het rijk en VNG is aangegeven dat er rekening kan worden gehouden met 100% toerekening maar voorzichtigheidshalve wordt eerst de septembercirculaire afgewacht. Direct na publicatie van de septembercirculaire zal deze worden doorgerekend en zullen de financiële gevolgen hiervan via een kennisgeving aan de raad worden meegedeeld. 1.2 Het weerstandsvermogen is op orde. Bij een maximaal risico is de ratio voor weerstandsvermogen van 1,31 voldoende. Dat betekent dat de stand van de Algemene Reserve per 1 januari 2023 voldoende is om het maximale risico, dat in de paragraaf Weerstandsvermogen is beschreven, op te kunnen vangen.
In het weerstandsvermogen is het risico meegenomen dat de Algemene Uitkering lager uit kan vallen omdat de accressen niet worden gerealiseerd doordat het rijk de voorgenomen investeringsplannen niet of niet geheel kan realiseren. Voor een mogelijk aanhoudende hoge inflatie is geen bedrag opgenomen in het weerstandsvermogen. De systematiek van het Gemeentefonds werkt zo dat we voor dergelijke kostenstijgingen via de Algemene Uitkering worden gecompenseerd. De ratio voor de solvabiliteit (de verhouding tussen eigen vermogen en vreemd vermogen) is nu 34,0% en stijgt in de komende jaren langzaam naar het gewenste niveau van 35%. 1.3 De afvalstoffenheffing vraagt dit jaar extra aandacht. Jaarlijks worden de budgetten voor het inzamelen en verwerken van afval geactualiseerd. Op basis van het totaal van de kosten en opbrengsten wordt uiteindelijk het tarief voor vastrecht en het variabel tarief (per lediging) becijferd. In de aanloop naar deze begroting is gebleken dat de stijging van de kosten van het afvalaanbiedstation vragen om een stijging van het poorttarief van € 12 naar € 14. Op basis van dit hogere tarief zijn de berekeningen voor de afvalstoffenheffing gemaakt. Heel recent is de aanbesteding van de afvalinzameling afgerond. Uit de resultaten blijkt dat de kosten voor de inzameling stijgen met € 310.876.
Uitgaande van kostendekkendheid moet ook het tarief voor de afvalstoffenheffing stijgen. Een deel van de kostenstijging kan in 2023 worden opgevangen door de inzet van de voorziening Afvalinzameling. In die voorziening zit nog € 119.590 die kan worden ingezet. Voorgesteld wordt de kostenstijging te verwerken in het variabele tarief van de afvalstoffenheffing ofwel het tarief per lediging. Bij een gelijkblijvend tarief voor vastrecht en een gelijkblijvend aantal ledigingen stijgt het tarief per lediging daardoor met 48%. Voor een gemiddeld gezin dat 10 ledigingen per jaar heeft betekent dit een kostenstijging van € 24. 1.4 Structurele belastingverlagingen kunnen voor problemen zorgen in 2026. Tijdens de behandeling van de Voorjaarsnota is er volop gesproken over mogelijke belastingverlagingen en ook over afschaffing van de hondenbelasting. Besluitvorming hieromtrent vindt plaats in de raadsvergadering van november. Het college gaat er van uit dat de raad het voorstel zal volgen. In de voorcalculaties van deze begroting zijn de opbrengsten hondenbelasting dan ook niet meegenomen. Naast het afschaffen van de hondenbelasting (inclusief enige investeringen) is er dan nog weinig structurele ruimte voor verdere belastingverlaging gelet op de onzekerheden en financiële ruimte in het jaar 2026.
Pagina 4
1.5 De stelpost prijsstijgingen wordt op het huidige niveau gehandhaafd. In de voorcalculaties is een stelpost voor prijsstijgingen opgenomen. Omdat alle budgetten in 2023 tegen de lopende prijzen zijn verwerkt, zou deze stelpost nu geheel of gedeeltelijk kunnen komen te vervallen. Aangezien het inflatiepercentage op dit moment nog altijd erg hoog is, is het advies om de stelpost nog aan te houden om onverwachte kostenstijgingen in 2023 op te kunnen vangen. Gezien de marktprijsontwikkelingen bij de woningbouwprojecten en de scholenbouw is het niet onwaarschijnlijk dat er volgend jaar een beroep op deze stelpost moet worden gedaan om de kostenstijging in de beschikbare budgetten op te kunnen vangen. 1.6 De aangenomen amendementen en moties bij de Voorjaarsnota zijn verwerkt Alle bij de Voorjaarsnota aangenomen amendementen en moties zijn verwerkt. Naar aanleiding van het amendement inzake de jongerenwerker is in de jaren 2023 tot en met 2025 jaarlijks een budget van € 70.000 opgenomen voor 1 extra fte die zich specifiek in Duiven in kan zetten voor jongerenwerk/straatcoaching. Dekking daarvoor komt uit de Algemene Reserve.
Naar aanleiding van het amendement inzake de jeugdboa is in de jaren 2023 tot en met 2025 jaarlijks een budget van € 35.000 opgenomen voor een halve fte die zich enkel in de gemeente Duiven in gaat zetten als reguliere handhaver, maar ook als specialist in het monitoren en aanspreken van jeugdgroepen. Naar aanleiding van de motie ‘Rattenvanger van Hamelen 2.0’ wordt op dit moment bekeken welke aanvullende maatregelen genomen kunnen worden. De motie ‘ondertekenen en toepassen manifest #mijnstemtelt’ gaf aan dat het manifest moest worden ondertekend en de jongeren daarover worden geïnformeerd. De ondertekening is gebeurt en nu wordt een afspraak gepland om de jongeren te informeren. In het kader van de motie ‘van fysiek naar digitaal’ wordt nu geregeld dat de salarisspecificaties nu digitaal worden verzonden. Voor de motie ‘bitterballen’ wordt nog gekeken naar de mogelijkheid om dit te verzorgen omdat aanlevering lastig is vanwege de vroege sluitingstijden van mogelijke leveranciers. 2.1 Geen extra lastenverhoging. In de meicirculaire is rekening gehouden met een inflatiepercentage van 3%. De verwerkingskosten voor afval stijgen en in het nieuwe Watertakenplan is een benodigde stijging van 0,7% per jaar opgenomen.
Omdat de begrotingsresultaten hiervoor de ruimte bieden, kunnen de tarieven voor OZB, rioolrecht en afvalstoffenheffing eenmalig worden bevroren voor inflatiecorrectie. De benodigde tariefstijging van 0,7% uit het Watertakenplan voor de rioolheffing en de stijging van de afvalstoffenheffing vanwege de hogere inzamelingskosten worden wel gehandhaafd. 3.1 Inwoners krijgen een éénmalige compensatie voor de lastenstijgingen. De verwachte stand van de Algemene Reserve per 31-12-2022 bedraagt ongeveer € 11,7 miljoen. De berekende bovengrens van het weerstandsvermogen is ongeveer € 9 miljoen. Uitgaande van een gemiddeld risico is er op dit moment ongeveer € 2,7 miljoen incidenteel geld beschikbaar. In de gemeente Duiven hebben we ongeveer 10.800 huishoudens. Met dit incidentele geld willen we alle inwoners tegemoet gekomen. Per huishouden wordt daarom een eenmalige compensatie voorgesteld van € 150. Daarmee wordt € 1,6 miljoen van het overschot in de Algemene Reserve gebruikt. Dit bedrag is bedoeld om inflatiestijging en energiekosten op te vangen. Maar kan ook worden gezien als compensatie voor de kostenstijging van de afvalstoffenheffing en de rioolheffing. De compensatie moet ten goede komen aan alle huishoudens van de gemeente Duiven dus ook degenen die kwijtschelding van gemeentelijke belastingen krijgen.
Het resterende overschot in de Algemene Reserve is beoogd om een eventuele compensatie ook volgend jaar mogelijk te maken indien dit nodig wordt geacht.
Pagina 5
4.1 Voor de woningopdracht zijn extra middelen nodig. Zoals het rijk grote ambities heeft op het gebied van het versnellen van de woningbouw, wil ook het college van Duiven extra inzetten op nog verdere versnelling van de locale woningbouwopgave. Los van de hiervoor reeds ter beschikking gestelde voorbereidingskredieten is deze aanvullende versnelling alleen mogelijk wanneer daar aanvullende financiële middelen tegenover staan. Het college stelt daarom voor om voor de komende drie jaar (2023 t/m 2025) € 100.000 per jaar vrij te maken voor de gewenste versnelling. Deze in totaal € 300.000 te storten in een nieuw te vormen bestemmingreserve “versnelling woningbouw’. Hierdoor kan in de komende periode de ambitie worden gerealiseerd zonder gevolgen voor het structurele financiële beeld van de begroting. Omdat de markt volop aan het veranderen is, komt er nog een analyse en een plan voor wat er exact nodig is. Daar zal in de volgende Voorjaarsnota op terug worden gekomen. Kanttekeningen 1.1 Vaststelling van de begroting is het definitieve startpunt van de nieuwe cyclus. Tot het moment waarop de gemeenteraad op 8 november de jaarschijf 2023 zal vaststellen is er nog niets definitief. In de voorliggende begroting zijn alle ambities, speerpunten en wensen uit de Voorjaarsnota gehonoreerd. Het staat de raad vrij om daarin andere keuzes te maken.
2.1 Er zijn verschillende mogelijkheden om de lastendruk te verlagen. Tijdens de behandeling van de Voorjaarsnota 2022 heeft de wethouder Financiën een toezegging gedaan om te gaan kijken hoe de lastendruk van de inwoners kan worden verlaagd. Middels dit voorstel geeft de wethouder hier gehoor aan. 2.2 De Algemene Uitkering kan lager uitvallen en de inflatie blijft hoog. In de meicirculaire 2022 zijn grote stijgingen van de Algemene Uitkering aangekondigd. Uitgaande van de investeringsplannen van de verschillende ministeries stijgen de uitgaven van het Rijk en daarmee ook de accressen. De vraag is echter wel of het Rijk de ambitieuze investeringsplannen ook daadwerkelijk kan realiseren. Als dat namelijk niet lukt, zullen de accressen negatief worden bijgesteld en daarmee ook de Algemene Uitkering voor Duiven. Ondertussen blijft het inflatiecijfer op dit moment erg hoog. In de Voorjaarsnota is uitgegaan van een stabilisatie van de inflatie waardoor een stelpost voor 5% inflatie voldoende werd geacht. De stabilisatie van de inflatie blijft vooralsnog achterwege. 2.3 Afschaffing hondenbelasting en verhoging bijdrage VGGM zijn nog niet in de cijfers verwerkt. In de gepresenteerde cijfers zijn een tweetal zaken nog niet verwerkt. Tijdens de behandeling van de Voorjaarsnota is gesproken over de mogelijke afschaffing van de hondenbelasting.
Hier zal in dezelfde raadsvergadering van de behandeling van de begroting een besluit worden genomen. In dat voorstel worden nog wat extra kosten opgevoerd vanwege de kapitaallast van een investering en beheerkosten van de honden uitlaatplekken. Maar als je die verrekend met het wegvallen van de opbrengst dan is er voldoende financiële ruimte voor dit besluit. In de Voorjaarsnota is aangegeven dat de bijdragen van alle verbonden partijen zijn geactualiseerd behalve die van de VGGM. Tegen de begroting van de VGGM was een zienswijze ingediend. Zeer recent is de aangepaste begroting van de VGGM alsnog vastgesteld. Die besluitvorming was te laat om een en ander nog te kunnen verwerken in de voorcalculaties. In de Najaarsnota zal de aangepaste bijdrage aan de VGGM worden verwerkt. In het financiële overzicht bij deze begroting tonen we de financiële gevolgen wel alvast om de raad een beter inzicht in de cijfers te geven.
Pagina 6
Financiële paragraaf Onderstaande tabel geeft inzicht in de ontwikkelingen van de voorjaarsnota naar de meerjarenbegroting. Omschrijving 2023 2024 2025 2026 Saldo na Voorjaarsnota 1.699.886 2.163.608 3.233.652 65.215 Begrotingswijzigingen na eerdere raadsbesluiten: BGW 3 Uitvoeringsagenda Mobiliteitsplan 37.603 32.436 28.103 26.103 BGW 11 Sloopkosten De Wiekslag en aanleg - 11.253 - 11.253 - 11.253 - 11.253 bouwweg Saldo voor Begroting 1.726.236 2.184.791 3.250.502 80.065 Aanpassingen voorcalculaties -458.564 -798.675 -989.353 -928.521 Belastingopbrengsten 134.529 610.658 882.217 1.130.850 Saldo na inbrengen cijfers 1.402.201 1.996.774 3.143.366 282.394 Ontwikkelingen na de Voorjaarsnota: Aanvullende wens natuurinclusieve ontwikkeling -30.000 Gevolgen septembercirculaire Begrotingssaldo 1.372.201 1.996.774 3.143.366 282.394 Nog te verwachten besluiten: Afschaffen hondenbelasting -191.661 -203.363 -208.182 -212.529 Aanvullende bijdrage VGGM -68.000 -68.000 -68.000 -68.000 Saldo 1.112.540 1.725.411 2.867.184 1.865 Het advies is om het overschot in 2023 van € 1.372.201 te storten in de Algemene Reserve en de intentie uit te spreken om dit eveneens te doen met de overschotten in de volgende jaren.
Inclusief de onttrekking voor de eenmalige compensatie van € 150 per huishouden zal de stand van de Algemene Reserve zich dan als volgt ontwikkelen: 1-1-2022 1-1-2023 1-1-2024 1-1-2025 1-1-2026 1-1-2027
€ 7.110.647 € 11.713.526 € 11.465.727 € 13.462.501 € 16.605.867 € 16.888.261
De stijging van de stand van de Algemene Reserve in 2022 wordt verklaard door onttrekkingen voor de dekking van de kosten voor de incidentele zaken uit de Voorjaarsnota 2022 verrekend met het jaarrekeningresultaat 2021. Participatie en communicatie Er gaat een persbericht uit. Intergemeentelijke samenwerking N.v.t. Bijlagen 201580029 Raadsbesluit Meerjarenbegroting 2023-2026 201579682 Concept-Meerjarenbegroting 2023-2026
Pagina 7
Duiven, 28 september 2022. Burgemeester en wethouders van Duiven, mr. drs. R.J. (Rutger) den Haan secretaris
mr. H.B. (Huub) Hieltjes burgemeester
Pagina 8