CConstaterende datDuiven
Koppel je AI →
Document · PDF

1a. Raadsvoorstel Vaststellen integrale laadvisie 2025 - getekend

Raadsavond 9 december 2025, gemeente DuivenBij agendapunt: Integrale laadvisie en het uitvoeringsprogramma plaatsing laadpalen1.632 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Onderwerp : Vaststellen integrale laadvisie 2025 __________________________________________________________________________ Zaak- & documentnr. : Z/25/141813 201709368

Opsteller : Florian Sloots, Amber Koertshuis

Portefeuillehouder

: J. Zwaga-Komen

Afdeling : Ruimte, Samenleving en Ontwikkeling Tel.nr:

0651379873

__________________________________________________________________________ Samenvatting De gemeenteraad heeft de bevoegdheid om kaders te stellen en financiële middelen beschikbaar te stellen. Dit doet zij door het besluit te nemen om de integrale laadvisie 2025 voor de gemeente Duiven vast te stellen (zie bijlage 2). De laadvisie bevat nieuwe kaders voor de doelgroepen voor openbare laadinfrastructuur, het onder voorwaarden toestaan van snelladers in woonkernen, laadinfrastructuur op nieuwbouwlocaties en laden van bouwvoertuigen. Ook gaat de laadvisie in op de gekozen plaatsingsstrategieën, participatie en het uitvoeringsmodel dat bij de gemeente Duiven past. Binnen de kaders van de laadvisie wordt de plaatsing van laadpalen uitgevoerd aan de hand van het zogenaamde plaatsingsbeleid, ofwel de beleidsregels. Het college heeft binnen de kaders van de huidige laadvisie nieuw aangescherpt plaatsingsbeleid vastgesteld. Dit bestaat uit een leidraad en een plankaart met plekken waar laadpalen kunnen komen. Zo zorgt de gemeente voor genoeg laadmogelijkheden voor verschillende soorten elektrische voertuigen Beslispunten 1. De raad besluit om de integrale laadvisie 2025 vast te stellen; 2. De raad besluit dat de integrale laadvisie tweejaarlijks geëvalueerd en waar nodig herzien dient te worden 3.

De raad besluit om de integrale laadvisie die is vastgesteld op 15 februari 2022, in te trekken.

Aanleiding Vanuit de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) is elke gemeente verplicht om een integrale laadvisie vast te stellen én tweejaarlijks te herijken, daarom moet er regelmatig een nieuwe visie opgesteld worden. Voor het plaatsingsbeleid, bestaande uit de plaatsingsleidraad en de plankaart is het ook aan te raden om deze periodiek te evalueren en waar nodig aan te passen. Op basis van ervaring uit de afgelopen jaren, analyse van data, trends en ontwikkelingen, evaluatie van de visie en het beleid uit 2022 is een nieuwe integrale laadvisie opgesteld. De nieuwe laadvisie vervangt de vorige versie uit 2022. Planning Om te voldoen aan de landelijke verplichting om de laadvisie periodiek te herijken is het noodzakelijk om een nieuwe laadvisie vast te stellen. De vorige versie is in 2022 vastgesteld. Het vaststellen van nieuwe kaders is ook nodig zodat het college daar met plaatsingsbeleid uitvoering aan kan geven en in kan spelen op de actuele behoefte aan laadinfrastructuur. Dit is zowel om ervoor te zorgen dat aanvragen vanuit EV-rijders gerealiseerd kunnen worden, als ook om afspraken over proactieve plaatsing van laadpalen met de provincie en de concessiehouder na te komen. Beoogd effect Het nieuwe beleid biedt structuur om de openbare laadinfrastructuur uit te breiden naar een toekomstbestendig netwerk.

Dit moet inwoners, bezoekers en bedrijven het vertrouwen geven om over te stappen naar elektrische mobiliteit. Het biedt kaders voor de nieuwe plaatsingsleidraad die is opgesteld om een zorgvuldige inpassing van laadinfrastructuur in de openbare ruimte en het elektriciteitsnet te waarborgen. Met de bijbehorende nieuwe plankaart kan het netwerk de komende jaren verder uitgebreid worden wanneer de vraag toeneemt. Dit gebeurt met name op aanvraag; als er een vraag voor een laadpaal komt dan ligt in de plankaart vast waar deze geplaatst kan worden. De realisatie volgt dan de toename in de behoefte. Daarnaast kan zo ook een nieuwe locatie gerealiseerd worden als een laadpaal veel gebruikt wordt, of proactief op strategische locaties, zoals een plek waar veel bezoekers komen.

Pagina 2

Argumenten 1.1 De integrale laadvisie is een strategisch document dat nodig is om tijdig passende laadinfrastructuur voor elektrische voertuigen te realiseren De integrale laadvisie heeft een zichttermijn van 10 tot 15 jaar. Met de blik op de verwachte ontwikkelingen en behoeften in 2030/2035 wordt regie genomen op het plaatsen en opschalen van de laadoplossingen die nodig zijn. Een nieuwe versie is nodig om het inmiddels verouderde beleid te vervangen. In de nieuwe integrale laadvisie worden keuzes gemaakt over welke gebruikersgroepen en typen laadinfrastructuur de gemeente de komende jaren faciliteert en welke typen plaatsingsstrategieën, participatie en uitvoeringsmodel daarbij het beste bij de gemeente passen. Zo realiseren we tijdig een toegankelijk, betaalbaar, betrouwbaar en veilig laadnetwerk. 1.2 De nieuwe laadvisie speelt in op nieuwe ontwikkelingen op het gebied van duurzame mobiliteit We verwachten een transitie naar batterij-elektrisch personenvervoer, maar ook een transitie voor andere doelgroepen in het vervoer naar elektrisch rijden. De laadvisie besteedt aandacht aan deze doelgroepen; zoals bezoekers, taxi- en doelgroepenvervoer, logistiek- en vrachtvervoer in de gemeente Duiven. In lijn met de ambities op het gebied van schoon- en emissieloos bouwen (SEB) is ook een aanpak opgenomen voor de laadbehoefte van bouwvoertuigen.

Het openbare laadnetwerk speelt ook een belangrijke rol in de transitie van deze vervoersstromen. 1.3 De ontwikkeling van snelladers kan een belangrijke bijdrage leveren aan het openbare laadnetwerk binnen de gemeente Snelladers kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de laadbehoefte van specifieke doelgroepen binnen de woonkernen. Omdat snelladers meer fysieke ruimte innemen en hogere vermogens vragen is een zorgvuldige afweging nodig. Met de nieuwe laadvisie worden snelladers onder voorwaarden toegestaan, mits ze in de openbare ruimte ingepast kunnen worden, en het elektriciteitsnet niet te veel belasten. In het plaatsingsbeleid zijn deze criteria verder uitgewerkt. 2.1 Snelle ontwikkelingen en nieuwe inzichten vragen om flexibiliteit De inzichten rondom duurzame mobiliteit veranderen snel. Prognoses worden voortdurend aangepast aan veranderende verkoopcijfers en bij verschillende doelgroepen ontstaat meer behoefte aan laadinfrastructuur. Om in te spelen op veranderingen en nieuwe inzichten biedt het beleid richting voor de komende jaren, en zal het tweejaarlijks herijkt worden. Op die manier kan tijdig een passende rol voor de gemeente gekozen worden ten aanzien van nieuwe ontwikkelingen en kan het laadnetwerk op de juiste manier aangevuld worden.

Kanttekeningen 1.1 Het uitbreiden van de doelgroepen van de laadvisie betekent een grotere rol van de gemeente in de ontwikkeling van openbare laadinfrastructuur Om het laadnetwerk tijdig uit te breiden en in te spelen op de toekomstige laadbehoefte van verschillende doelgroepen moet goed gekeken worden naar de behoefte en het gebruik van de laadinfrastructuur. Bij nieuwe ontwikkelingen moet deze weer verder uitgewerkt worden. Hier is de komende jaren mogelijk meer inzet voor nodig. Dit wordt net als het beleid tweejaarlijks geëvalueerd om passend bij te sturen. 1.2 De herziening van de laadvisie omvat nog niet alle gebruikersgroepen Voor de gebruikersgroepen logistiek- en vrachtvervoer wordt momenteel een aanpak ontwikkeld. In het kader van het lopende project dat zich richt op de opschaling van het verduurzamen van bedrijventerreinen, is ervoor gekozen om de rol van de gemeente ten

Pagina 3

aanzien van laadinfrastructuur voor deze gebruikersgroep in de komende periode nader uit te werken. 2.1 Het tweejaarlijks herzien van het beleid kost tijd en middelen De herziening van de integrale laadvisie is een verplichting voortkomend uit de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL). De termijn voor actualisatie, en de verplichting om dit ook voor onderliggend plaatsingsbeleid uit te voeren, liggen niet vast. De ervaringen van de afgelopen drie jaar laten echter zien dat een periodieke actualisatie wel degelijk noodzakelijk is. Inzichten uit de toepassing van het beleid en nieuwe maatschappelijke ontwikkelingen hebben ertoe geleid dat het plaatsingsbeleid deze cyclus flink is aangepast om de nodige nieuwe locaties te kunnen selecteren, en om zorgvuldige inpassing mogelijk te maken. De verwachting is dat een herziening over twee jaar opnieuw aan de orde zal zijn. Ook de plankaart vraagt om regelmatige bijstelling inclusief een participatieproces. In de praktijk blijkt dat naarmate het participatieproces langer geleden heeft plaatsgevonden, de weerstand tegen het plaatsen van laadpalen op eerder vastgestelde locaties toeneemt. Door tweejaarlijks te evalueren kan bepaald worden op welke onderdelen actualisatie nodig is en doelmatig gewerkt worden. Financiële paragraaf De realisatie van laadinfrastructuur wordt aan de markt over gelaten, via het concessiemodel.

Het plaatsen van laadpalen in de openbare ruimte is daardoor in de meeste gevallen kosteloos voor de gemeente, tenzij de gemeente aanvullende eisen stelt of meer strategische laadpalen wil plaatsen. Beleidsvorming en uitvoering van de laadvisie en het plaatsingsbeleid vraagt ambtelijke capaciteit van de afdelingen RSO en R&B. Bijvoorbeeld voor het nemen van verkeersbesluiten, het ontwikkelen en uitvoeren van een aanpak voor de nieuwe doelgroepen, en de tweejaarlijkse evaluatie van het beleid. Versnelling in de ontwikkeling van elektrisch vervoer kan ertoe leiden dat er op termijn meer capaciteit en budget nodig is. Met het vastleggen van de laadvisie worden de kaders en budgetten voor de komende periode vastgelegd. Op dit moment is de ambtelijke bezetting en het begrootte jaarlijkse budget voor laadinfrastructuur voldoende. Met het vastleggen van de laadvisie wordt nu geen aanvullend structureel budget gevraagd. Participatie en communicatie Uit ervaring blijkt dat inwoners en andere belanghebbenden met name betrokken willen worden bij de ontwikkeling van plaatsingscriteria en locatiekeuze van laadinfrastructuur in de directe omgeving.

Participatie heeft conform de aanpak met de participatiescan op het niveau raadplegen en adviseren plaatsgevonden, en was erop gericht om mensen te betrekken bij het opstellen van nieuw plaatsingsbeleid; de plaatsingsleidraad en de bijbehorende plankaart met locaties voor nieuwe laadpalen. Zie bijlage 5 voor een beschrijving van het participatietraject en de uitkomsten.

Pagina 4

Intergemeentelijke samenwerking Het beleid voor openbare laadinfrastructuur wordt per gemeente vastgesteld, maar gemeenten worden ondersteund door de regionale organisatie. Duiven valt onder de zogenoemde GO-RAL regio: Gelderland en Overijssel. Vanuit de regio worden gemeenten ondersteund, bijvoorbeeld bij nieuwe ontwikkelingen en de regionale concessie voor het plaatsen van laadpalen in de openbare ruimte. De huidige concessie loopt tot 15 maart 2027. Wanneer de keuze voor deelname aan de volgende concessieperiode voorligt besluit het college opnieuw over deelname. Bijlagen 201712320 - Raadsbesluit vaststellen integrale laadvisie 2025 201712312 - Integrale laadvisie 2025 - Gemeente Duiven 201712314 - Plaatsingsleidraad openbare laadinfrastructuur & plankaart 201712315 - Plankaart openbare laadpalen – Gemeente Duiven 201712316 - Procesbeschrijving participatie

Duiven, 4 november 2025 Burgemeester en wethouders van gemeente Duiven, A.F. (Anton) van der Gaag secretaris

Digitaal verzegeld door Zynyo B.V. Datum: 26-11-2025 16:29 CET Document ID: e1b57d6c-2951-451b-a0f4-ed397c8a030b

mr. H.B. (Huub) Hieltjes burgemeester

Pagina 5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Duiven&id=123923cb-7e40-4552-afe6-ae52fb9ccb55