19. 201651715-Bijlage 13 - Cultuurhistorisch onderzoek
Tekst van het document
STICHTING IN ARCADIË
Graafstaete II te Duiven Cultuurhistorisch onderzoek 1 oktober 2022
Graafstaete II te Duiven Cultuurhistorisch onderzoek 1 september 2022
Opdrachtgever SAB adviseurs in ruimtelijke ontwikkeling Erik Zwartkruis
STICHTING IN ARCADIË
STICHTING IN ARCADIË Daam Fockemalaan 22 3818 KG Amersfoort 033 4480035 www.stichtinginarcadie.nl 1 september 2022 Projectmedewerkers Stichting In Arcadië Drs R.H.M. van Immerseel, historicus K. Miedema, BA historicus M. Bos, BASc beheerspecialist groen erfgoed Alle foto’s zijn gemaakt door Stichting In Arcadië, tenzij anders vermeld. Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand, of openbaar gemaakt, in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op welke manier dan ook, zonder schriftelijke toestemming van Stichting In Arcadië. 4
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
IN HOUD 1.
Inleiding en methodologie 1.1 Inleiding 1.2 Methodologie
7 9 9
2.
Ontwikkelingsgeschiedenis 2.1 Oudste geschiedenis 2.2 Middeleeuwen 2.3 De 19e eeuw en 20e eeuw
11 13 15 19
3.
Actuele situatie, analyse en waardestelling 3.1 Werkmethode 3.2 Actuele situatie 3.3 Analyse en interpretatie 3.4 Waardestelling
23 25 25 29 29
4. Literatuur en noten
30
5
STICHTING IN ARCADIË
6
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
1 Inleiding
7
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1153
1104
8
1 SEPTEMBER 2022
1 SEPTEMBER 2022
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
STICHTING IN ARCADIË
1.1
Inleiding
Graafstaete is een van de bedrijventerreinen van Duiven, behorend bij de bedrijvenzone rondom de rijksweg A12 ten noordwesten van de dorpskern. Graafstaete I omvat reguliere bedrijvigheid (groothandel en industrie) met onder meer één van de grootste Intratuin vestigingen van Nederland. De gemeenteraad heeft op 10 maart 2022 het college van burgemeester en wethouders de opdracht gegeven om plannen te ontwikkelen voor de uitbreiding van de bedrijventerreinen Centerpoort-Noord en Graafstaete. Graafstaete zal in zuidwestelijke richting worden uitgebreid. Dit betreft de gronden ten noorden van buurtschap De Eng, ten oosten van de Engsestraat en ten zuiden van de Nieuwgraaf. Het plangebied – Graafstaete II – is circa 7,5 hectare groot en bestaat uit agrarische gronden met de waarde ‘landschap’. Het zuidelijke deel van het onderzoeksgebied maakt onderdeel uit van het rivierduin ‘de Eng’ dat binnen de archeologische databank ARCHIS II onder AMK-nummer 3845 geregistreerd staat als terrein van hoge archeologische waarde. Ter voorbereiding op de planvorming is het noodzakelijk de historische ontwikkeling van het plangebied in kaart te brengen, zodat duidelijk wordt of en zo ja welke cultuurhistorische waarden het plangebied herbergt. Stichting In Arcadië is vanuit haar expertise gevraagd om de aanwezigheid van de cultuurhistorische waarden voor deze locatie te onderzoeken en te benoemen.
1.2 Methodologie Het cultuurhistorisch onderzoek wordt uitgevoerd conform de methodiek Richtlijnen Tuinhistorisch Onderzoek (Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, 2012) en bestaat uit:
Historisch onderzoek In het cultuurhistorisch onderzoek wordt een overzicht gegeven van de historische ontwikkeling van het plangebied. Het onderzoek is gebaseerd op archief- en literatuuronderzoek, beschikbaar kaartmateriaal en terreinstudie. Het onderzoek zal zich richten op de ruimtelijke structuur van het plangebied.
Beschrijving en inventarisatie actuele situatie Deze onderzoeksfase richt zicht op de actuele situatie van het plangebied. De huidige situatie wordt op hoofdlijnen geïnventariseerd en vastgelegd door middel van kartering en beschrijving. Voor deze inventarisatie wordt veldonderzoek gedaan en gebruik gemaakt van het door de opdrachtgever (of de gemeente) digitaal te leveren kaartmateriaal (GBKN) en een recente luchtfoto (winterbeeld) van de actuele situatie.
Cultuurhistorische analyse en waardestelling Deze onderzoeksfase omvat de synthese van het historisch onderzoek en de inventarisatie van de actuele situatie en resulteert in een cultuurhistorische analyse en waardestelling van de actuele situatie van het plangebied. Een specifieke architectuur- en bouwhistorische beschrijving en waardestelling van de eventueel voorkomende individuele bouwwerken is niet relevant, aangezien het plangebied geen bebouwing kent.
Recente luchtfoto met daarop weergegeven het studiegebied (oranje). De rode lijnen geven de kadastrale percelen aan, de nummers van de percelen zijn in de kaart vermeld. Een deel van het perceel 1104 wordt in dit onderzoek behandeld. 9
STICHTING IN ARCADIË
10
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
2 Ontwikkelingsgeschiedenis
11
STICHTING IN ARCADIË
12
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
2.1 Oudste geschiedenis Duiven ligt in een landelijk gebied dat bekend staat als de Westelijke Liemers. Tussen het Laat-Weichselien (15 tot 12 duizend jaar geleden) en halverwege het Holoceen (ca. 5 duizend jaar geleden) ontstond hier een uitgebreid complex van rivierduinen. Het buurtschap De Eng, ten zuiden van het plangebied, is gelegen op de noordflank van het rivierduin ‘de Eng’. Veel rivierduinen uit deze tijd zijn reeds verdwenen onder een laag rivierklei of veenafzetting, maar ter hoogte van De Eng steekt het rivierduin boven het klei uit (een donk). 1 Deze is zichtbaar in het landschap door een steilrand, die goed herkenbaar is op historische en topografische kaarten. Uit eerder archeologisch onderzoek is gebleken dat het rivierduin al vanaf het Laat-Mesolithicum bewoond werd en een nederzetting vormde. ‘’Vanaf de Vroege IJzertijd zijn de hoger gelegen delen van het rivierduin gebruikt voor bewoning en heeft men in de periferie de opslag [spiekers en dergelijke] van gewassen en eventuele ambachtelijke activiteiten op de flank van het duin laten plaatsvinden. Ervan uitgaande dat de bewoning zich te allen tijde op de top van het rivierduin bevond, zal de flank er in verhouding ‘leeg’ hebben bijgelegen met her en der een spieker en voor de rest grasland en/of akkerland.’’ 2 De agrarische gronden binnen het plangebied maken deel uit van het noordelijke komgebied.
De komgebieden vormen de laagst gelegen delen van het rivierenlandschap en liepen bij hoogwater als eerste onder. In het komgebied is het rivierduin afgedekt met een dikke laag komklei.3 Deze laag is ontstaan in de IJzertijd en Romeinse tijd door vernatting en opslibbing van de Rijn en de IJssel. 4
Geomorfologische kaart met daarop duidelijk zichtbaar de twee rivierduinen (geel) in en rondom Duiven, die verloren in het landschap liggen. De rest van het gebied rondom Duiven betreft rivierkomvlakte (mintgroen). De noordflank van het rivierduin ‘de Eng’ is onderdeel van het plangebied, dat in rood is weergegeven.
Tijdens archeologisch proefsleuvenonderzoek aan de Lithograaf 1 in 2016, ten noordoosten van het huidige plangebied, is prehistorisch vondstmateriaal aangetroffen in het komkleipakket. Het materiaal is sterk gefragmenteerd, dat erop duidt dat het materiaal als afval of verspoeld materiaal afkomstig is van de hoger gelegen nederzetting ten zuidwesten van de vindplaats. 5 In het desbetreffende perceel met een hoge archeologische verwachting zijn verder geen bewoningssporen aangetroffen.6 In 2019 is bureauonderzoek gedaan naar het overloopparkeerterrein, direct ten zuidoosten van het plangebied, en is een gespecificeerde archeologische verwachting opgesteld. De bovenste laag, bestaande uit komafzettingen, is ontgonnen voor de landbouw en in de afgelopen 200 jaar niet bewoond. In de onderliggende rivierduinafzettingen worden archeologische resten van bewoning verwacht uit de periode tussen het neolithicum en de late middeleeuwen.7
13
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
De Lymers amts carten. Atlas, bevattende 49 in kleuren getekende kaarten en een titelblad in sepia (omstreeks 1723 vervaardigd). Op folio no. 38 zijn Duiven en de Loowaard afgebeeld. Op de kaart zijn duidelijk drie soorten landschappen te herkennen: een strokenverkaveling met achterdijk (boven), een onregelmatige blokverkaveling (rechtsonder) en de buurtschap De Eng (linksonder). Gelders Archief, inv. nr. 2764-0039.
14
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
2.2 De middeleeuwen
Boven: Detail De Lymers amts carten. Atlas, folio 18, omstreeks 1723, met ‘Ehedem Gemeinheit’ (Duits voor ‘voorheen gemeenheid’) Gelders Archief, inv.nr. 27640039. Midden: Pré-kadastrale kaart uit 1813 met overpad tussen Engestraat en achterliggende gronden. Gelders Archief, toegang 0874, inv.nr. 64-0001.
In de 11e en 12e eeuw werden de rivieren bedijkt en werd de ruimte voor de rivier, de Rijn, beperkt tot de uiterwaarden.7 Het proces van zand-, grind- en kleiafzetting in de gebieden binnen de dijken kwam daarmee tot stilstand. De hoger gelegen randen van het komkleigebied werden vervolgens bezet door boerderijen, terwijl de gebieden zelf hoofdzakelijk functioneerden voor de veeteelt en als hooiland. Deze natte gronden werden daartoe eerst ontgonnen. Op De Lymers amts carten uit 1723, de eerste kaart waarop het plangebied duidelijk in kaart is gebracht, is goed te zien dat het gebied ten oosten van De Eng een oude ontginning betreft gezien de onregelmatige blokverkaveling. Later werd het gebied ten noorden hiervan ontgonnen, waarbij vanaf de achterdijk (‘die meer slaegen’, de huidige Meerstraat) lange evenwijdig lopende sloten werden gegraven. De Meerstraat en Engsestraat zijn bij de ontginning aangelegd als dijken en liggen nog altijd hoger in het landschap. Door de betere waterbeheersing werd het mogelijk de gronden, die eerder moerassig en waardeloos waren, te gebruiken voor landbouw.8 Alleen de allerslechtste laaggelegen gronden bleven over en werden als gemeenschappelijke grond door de omliggende boeren gebruikt.
De grond tussen ‘Die Bauerschaft Engck’ en de strokenverkaveling wordt aangeduid met ‘Ehedem Gemeinheit’ (Duits voor ‘voorheen gemeenheid’), dat erop duidt dat dit gemeenschappelijke grond betrof. Dit is niet opmerkelijk aangezien de verscheidene kavels rondom in handen waren van verschillende eigenaren en hierdoor ontsloten werden. Op de pré-kadastrale kaart uit 1813 loopt over deze grond tevens een pad naar ‘Die Achter Lohen’, zodat ook deze gronden werden ontsloten. Op een wijzigingskaart uit 1881-1887 is dit pad weer verdwenen en zijn er aanpassingen aangegeven voor de kavelgrenzen. Duidelijk zichtbaar hierop is ook de brede afwatering vanaf de ‘Engsche straat’, die langs de steilrand van het rivierduin loopt en vervolgens noordelijk afwatert tussen de weilanden.
Onder: Wijzigingskaart Duiven sectie A2 uit 1881-1887. met aanpassingen kavelgrenzen en brede afwatering. Gelders Archief, toegang 1117 inv.nr. 221. 15
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
Kaart Van Den Rhynstroom van boven de Stad Emmerik tot beneden de Stad Arnhem door landmeter J. Engelman, 1790. Opvallend is dat De Eng niet staat weergegeven. De Meerstraat en Engsestraat zijn wel zichtbaar en voorzien van een bomenrij.
‘Duyven’ (folio 86) en buurtschap ‘Den Enk’ (folio 87) op de Hottinger -atlas uit 1773-1794. Duidelijk zichtbaar is dat De Eng hoger gelegen is. De contouren van de steilrand zijn daarbij helder weergegeven. Verder valt op dat er dwars over De Eng een weg loopt en dat de bebouwing links gecentreerd is, aan de Engsestraat. Versfelt HJ. De Hottinger-atlas van Noord- en Oost-Nederland 1773-1794. Groningen: Heveskes, 2003.
16
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
Kadastraal Minuut Plan Duiven sectie A 1e blad uit 1818. De rode lijn geeft de contouren van het studiegebied weer. Gelders Archief, toegang 0874, inv.nr. 64-0002 17
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
Actueel Hoogtebestand Nederland, kaartlaag shaded reliëf. Goed zichtbaar is dat de buurtschap De Eng hoger gelegen is dan het omringende landschap, als ook de Meerstraat en Engsestraat. De contouren van de steilrand zijn daarbij helder weergegeven. Verder valt op dat aan de noordoostzijde van de rivierduin een deel is afgegraven en geëgaliseerd.
18
1 SEPTEMBER 2022
Actueel Hoogtebestand Nederland, kaartlaag hillshade. Goed zichtbaar is dat de buurtschap De Eng hoger gelegen is dan het omringende landschap. De contouren van de steilrand zijn daarbij helder weergegeven.
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
2.3 De 19e en 20e eeuw Het Kadastraal Minuut Plan Duiven sectie A 1e blad, gekarteerd in 1818, waarvoor de Oorspronkelijke Aanwijzende Tafel in 1832 is opgesteld, geeft voor het eerst een nauwkeurig beeld van het grondbezit en perceelgebruik van het bezit. De meeste percelen binnen het plangebied staan geregistreerd als weiland (perceelnr. 276; 277; 278; 341; 343) of als bouwland (perceelnr. 344; 349; 350) en zijn in bezit van lokale landbouwers of middenstanders als een smid, metselaar en slager. De lager gelegen gronden zijn in gebruik als weiland en de hoger gelegen gronden als bouwland. Opvallend zijn de boomgaard (perceelnr. 345) en het wilgenbosch tussen de Engsestraat en het hoger gelegen rivierduin (perceelnr. 275), waar tevens naar verwezen wordt als moeras. De boomgaard is verdwenen op de topografische kaart uit 1931. Een grotere boomgaard is terug te vinden op perceelnummer 341, die zichtbaar is op de topografische kaarten uit 1868 en 1906 en een luchtfoto uit 1944. Deze boomgaard is weer verdwenen in de jaren ‘60. Vermoedelijk houdt het rooien van de boomgaard verband met het egaliseren van de grond. Op het Actueel Hoogtebestand Nederland valt op dat dit perceel lager gelegen is dan de rest van het rivierduin. Duiven blijft tot 1800 een kleine nederzetting.
Begin 19e eeuw wordt Duiven beter ontsloten door de aanleg van de weg tussen Arnhem en Zevenaar en de verlenging van de spoorlijn van Amsterdam naar Arnhem naar de Duitse grens. Ondanks de verbeterde infrastructuur blijft de ontwikkeling van Duiven achter ten opzichte van vergelijkbare kernen. Duiven begint zich pas na de Tweede Wereldoorlog te ontwikkelen, wanneer zij in de Tweede (1966) en Derde (1976) Nota Ruimtelijke ordening wordt aangewezen als groeikern. Vanaf 1965 worden tevens nieuwe uitgestrekte bedrijventerreinen gebouwd langs de Rijksweg A12, die in de Tweede Wereldoorlog is aangelegd. Voor de aanleg van deze weg wordt de middeleeuwse Meerstraat afgebogen. Het gedeelte van het komgebied tussen Duiven en Westervoort, dat tot stedelijk uitloopgebied wordt ontwikkeld, ligt door deze verstedelijking los van de rest van het komgebied dat aan de noordzijde van de A12 ligt. Door het open karakter van het weidegebied is de steilrand van de rivierduin van De Eng goed herkenbaar, als ook de bebouwing boven het duin haar hoger ligging bebouwing.
19
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
Topografische kaart 1850. www.topotijdreis.nl
Topografische kaart 1868. www.topotijdreis.nl
Topografische kaart 1906. www.topotijdreis.nl
Topografische kaart 1958. www.topotijdreis.nl
Topografische kaart 1966. www.topotijdreis.nl
Topografische kaart 1993. www.topotijdreis.nl
20
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
Topografische kaart 1931. www.topotijdreis.nl
1e Nederlandse Bosstatistiek (1938-1942). Kaart Groen Erfgoed, Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed
Topografische kaart 1995. www.topotijdreis.nl
Topografische kaart 2011. www.topotijdreis.nl
1 SEPTEMBER 2022
21
STICHTING IN ARCADIË
Luchtfoto 1944. Wageningen University WOII. Dotka ID code 157608.
22
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
Luchtfoto 2020. www.app.pdok.nl
1 SEPTEMBER 2022
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
3 Actuele situatie, analyse en waardestelling
23
STICHTING IN ARCADIË
24
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
3.1 Werkmethode In het voorgaande hoofdstuk is inzicht ontstaan in de ruimtelijke structuur, opbouw en gelaagdheid van de actuele situatie. Het tuinhistorisch onderzoek bestaat uit een presentatie van de feitelijke gegevens. Een belangrijk deel van deze gegevens zijn waarnemingen binnen het object van onderzoek zelf. Andere gegevens bestaan uit kaartmateriaal, oude foto’s, beschrijvingen, luchtfoto’s en relevante archivalia. Door gegevens uit verschillende bronnen met elkaar te vergelijken zijn conclusies getrokken over de aanleg- en gebruiksgeschiedenis en wordt hiervan een interpretatie gegeven. Uit het historisch onderzoek naar de aanleg- en gebruiksgeschiedenis en de wijzigingen per periode valt af te leiden welke onderdelen en aspecten uit verschillende fasen in het object van onderzoek bewaard zijn gebleven. Hieruit is in principe ook de relatieve betekenis van deze onderdelen voor het historisch karakter van de totale aanleg vast te stellen. Dit werkt door in de waardestelling. Bewaarde onderdelen en aspecten uit aanlegfasen in het verleden kunnen een hoge, een positieve en een indifferente monumentwaarde hebben. De onderdelen en aspecten zijn getoetst aan de hand van de criteria gaafheid (authenticiteit) en zeldzaamheid. NB oudere parkonderdelen hebben niet per definitie een hogere cultuurhistorische waarde.
In het voorliggende hoofdstuk wordt een globaal overzicht gegeven van de actuele situatie van het studiegebied. Het hoofdstuk wordt afgesloten met een analyse en interpretatie van de actuele situatie en een tuinhistorische waardestelling. De tuinhistorische waardestelling voor het Sint Jozefklooster betreft een interne waardestelling. Een contextuele waardestelling waarbij de vergelijking gemaakt wordt met andere soortgelijke objecten behoort niet tot het voorliggende project. Belangrijke elementen van een interne waardestelling zijn: • De stedenbouwkundige of landschappelijke situering; • De vorm, onderliggende structuren; • Het idee achter het ontwerp; • De samenhang tussen aanleg en gebouwde elementen; • De gebruikte materialen en beplanting en de afwerking; • De bouwkundige elementen (gebouwen, bruggen, tuinsieraden etc.); • Andere historische aspecten.
De waardestelling is onafhankelijk en objectief en dus toetsbaar, verifieerbaar en reproduceerbaar. ‘Onafhankelijk’ wil in dit verband zeggen dat de waardestelling alleen op de tuin- en cultuurhistorische waarden is gebaseerd, los van de staat van onderhoud, gebruikersbelangen, eventuele ontwerpoverwegingen en financiële aspecten. De waardestelling heeft een beperkte geldigheidsduur. Waarden zijn niet statisch en kunnen in de loop van de tijd veranderen als gevolg van nieuwe inzichten en gewijzigde omstandigheden. Immers, vergelijkingen met referentieobjecten, vergelijkingen met resultaten uit eerder onderzoek, en maatschappelijke ontwikkelingen beïnvloeden de waardestelling. De waardestelling is zuiver gebaseerd op de bestaande situatie. De waarde van verdwenen onderdelen of verdwenen gebouwen kan immers op geen enkele wijze getoetst of geverifieerd worden. Zicht op de stijlrand richting de boerderij. 25
STICHTING IN ARCADIË
26
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
3.2 Actuele situatie Bescherming Een deel van het terrein is beschermd als Archeologisch Monument (AMK) onder het nummer 3845. Het terrein heeft een hoge archeologische waarde en bevat sporen van bewoning. Op het terrein werden bij karteringen in 1950 en 1980 vondsten gedaan uit de Romeinse tijd en de Late Middeleeuwen. Mogelijk dateren enkele vondsten uit de Vroege Middeleeuwen.
Typering Het plangebied ligt tussen het dorp en de industrieterreinen van Duiven in. Aan de noordzijde ligt een sloot / brede watergang met daarachter de Meerstraat en bedrijventerrein Centerpoort Nieuwgraaf. Aan de oostzijde ligt tevens een sloot / brede gang met daarachter bedrijventerrein Graafstaete I. Aan de zuiden westzijde liggen een evenementenparkeerplaats, enkele weilanden met randbeplantingen, enkele bedrijven en de boerderij De Mariënboom. Aan de westzijde loopt de Engsestraat.
Contouren van het Archeologisch Monument 3845.
Het plangebied bestaat uit het kadastrale perceel H1553 en het oostelijke deel van het perceel H1104.
Recente luchtfoto met daarop weergegeven het studiegebied. 27
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
Zicht over de weides en de stijlrand. De ruige kruiden links geven de grens aan van de stijlrand. Op de achtergrond zijn de diverse bedrijfsgebouwen zichtbaar van het industrieterrein.
Zicht op begroeide steilrand met op de achtergrond de boerderij De Mariënboom. Zicht over het studiegebied vanaf de hoek van de Engsestraat en Meerstraat (noordwestelijke hoek).
28
1 SEPTEMBER 2022
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
Omschrijving actuele situatie Het grootste gedeelte van het plangebied bestaat uit een weiland met daarin de volgende elementen: • Een sloot / droge greppel dat een perceel aan de oostzijde afsluit van de rest van het terrein. Aan de zuidzijde is de sloot / droge greppel onderbroken; • Ontwateringsgreppels in de weides; • Een steilrand die begroeid is met ruige kruiden. Op de helling staat een fluweelboom, sleedoorn, meidoorn en een populier; • Een smalle strook van het boerenerf van de boerderij. Deze strook is verhard met betonplaten waarop diverse elementen staan van het boerenbedrijf. In het weiland liggen diverse hoogteverschillen die op te delen zijn in vier delen: 1. Het noordoostelijke weiland ligt op een hoogte van ca. +9,2-9,3m NAP. Het weiland heeft in de noord-zuidelijke richting ontwateringsgreppels; 2. Het noordwestelijke weiland ligt aan de noordzijde op ca. +9,2m NAP en aan de zuidzijde op ca. +9,4-9,6m NAP. Het weiland heeft in de noord-zuidelijke richting ontwateringsgreppels; 3. Het weiland in het midden wordt door een slingerende geul doorsneden. Ten noorden en oosten van deze geul ligt het weiland op ca. +9,2-9,3m NAP, nabij de noordoostelijke stal loopt het weiland op naar +9,8m NAP. Het weiland heeft in de west-oostelijke richting ontwateringsgreppels. De zuidelijke oever van de geul gaat over in een steilrand naar het hogere gedeelte van dit terrein.
Langs de geul ligt het weiland op ca. +10,0m NAP, in het midden ligt het op ca. +10,5m NAP. Het weiland heeft in de west-oostelijke richting ontwateringsgreppels; 4. Het zuidelijke deel ligt aan de noordwestzijde op ca. +9,7-10,0m NAP en aan de zuidzijde op ca. +9,5-9,7m NAP.
De Actuele Hoogtekaart van Nederland (Hillshade). De nummers corresponderen met de tekst.
1. 2. 3.
4.
29
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
Weilanden met ontwateringsgreppels en perceelgreppels
Geëgaliseerd weiland
30
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
3.3 Analyse en interpretatie • De hoger gelegen gronden van het plangebied maken onderdeel uit van de rivierduin ‘De Eng’ en zijn vanaf de prehistorie in gebruik geweest als bouwland. Door de eeuwenlange bemesting is het rivierduin verder opgehoogd, waardoor het geheel het uiterlijk van een eng heeft gekregen en zijn naam hieraan dankt. • De bebouwing op de eng centreerde zich aan zuidzijde, aan de Engsestraat. De lagere gronden maakten deel uit van het noordelijk komgebied en omvatten veelal moerassig gebied. In de middeleeuwen werden deze ontgonnen ten behoeve van de landbouw. • De contouren van het rivierduin zijn door het open karakter van het weidegebied nog herkenbaar aanwezig in het landschap middels een steilrand, dat nog resteert van de historische structuur.
• Aan de westzijde van het plangebied is een smalle strook van het boerenerf van de boerderij Mariënboom. Deze verharde strook is onderdeel van een latere verbreiding van het erf. • De Meerstraat en Engsestraat zijn bij de ontginning aangelegd als dijken en liggen nog altijd hoger in het landschap. Ten gevolge van de aanleg van de rijksweg A12 in de jaren ‘60 en de verdere verstedelijking van het gebied resteert van de Meerstraat slechts het deel langs de (perceel)grens van het plangebied. • De relatie van het plangebied als onderdeel van de ontginningen aan de voet van het rivierduin is door de verstedelijking verloren gegaan. Daarbij is het komgebied tussen Duiven en Westervoort gescheiden van de rest van het komgebied dat aan de noordzijde van de A12 ligt.
• De percelen van het plangebied zijn voor het eerst duidelijk in kaart gebracht op De Lymers amts carten uit 1723, waarop de 3 voormalige soorten ontginningen zijn weergegeven: de blokverkaveling, de strokenverkaveling en de rivierduin. • De blokverkaveling is door verstedelijking geheel verdwenen. Van de strokenverkaveling zijn de percelen behorende bij het plangebied als restant nog overgebleven. De rest van de strokenverkaveling is bij de aanleg van de bedrijventerreinen Nieuwgraaf en Graafstaete I verdwenen. De Eng is grotendeels bewaard, maar het oorspronkelijke reliëf is op een tweetal plaatsen aangetast. Op perceel 1554 is het duin verhoogd ten behoeve van de bouw van een loods en de zuidzijde van perceel 1553 is geëgaliseerd na het rooien van de boomgaard.
Recente luchtfoto met daarop weergegeven de relicten. 31
STICHTING IN ARCADIË
32
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
1 SEPTEMBER 2022
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
3.4 Waardestelling In het plangebied zijn nog enkele cultuurhistorische restanten te herkennen. De hoofdstructuren - de perceelgrenzen, de dijken, de ontwateringsgreppels, de steilrand en een deel van het overpad - zijn nog herkenbaar aanwezig, als restanten van de historische structuren, maar door de verstedelijking ontbreekt de landschappelijke context en vormt het terrein geen samenhang met het omliggende landschap. Het gebied ligt ingesloten tussen het bedrijventerrein, de bebouwing, een doodlopende weg en een fietspad. Vanaf het fietspad is een zicht op de (historische) eng, die herkenbaar in het landschap ligt door zijn verhoogde ligging met steilrand en bebouwing, waarvan een smalle strook van het boerenerf onderdeel uitmaakt van het plangebied. Het reliëf van de eng is in de loop der tijd zwaar aangetast. Aan de oostzijde zijn stukken geëgaliseerd en aan de noordwestzijde is een klein deel opgehoogd, waardoor de functie van het overpad vervalt. Desondanks zijn de eng als rivierduin en de strokenverkaveling met dijken nog relatief goed herkenbaar. De cultuurhistorische waarde van het plangebied is positief.
Recente luchtfoto met daarop weergegeven de waardestelling van het plangebied. www.kadastralekaart.nl
33
STICHTING IN ARCADIË
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
4 Literatuur en noten
34
1 SEPTEMBER 2022
GRAAFSTAETE II TE DUIVEN, CULTUURHISTORISCH ONDERZOEK
STICHTING IN ARCADIË
1 SEPTEMBER 2022
Literatuur ADC ArcheoProjecten Rapport 537, Duiven de Eng, Graafstaete vindplaats 1, een archeologische opgraving, Amersfoort februari 2006. RAAP Rapport 1272, Rapport Gemeente Duiven. Een archeologische waarden- en verwachtingskaart met AMZ-adviezen, Weesp november 2006. RAAP Rapport 3814, Plangebied overloopparkeerterrein Intratuin te Duiven; Archeologisch vooronderzoek: een bureauonderzoek, Weesp 11 april 2019. RAAP Notitie 5516, Plangebied Lithograaf 1 te Duiven, gemeente Duiven; Archeologisch vooronderzoek: proefsleuvenonderzoek, Weesp juni 2016. Bijlage 3 bij Raadsvoorstel Welstandsnota „Ruimtelijke Kwaliteit, Samen Doen!‟ Beeld van Duiven: Karakteristiek en gebiedsbeschrijvingen, december 2012. L.J. Pons (Stichting voor Bodemkartering Wageningen), Rapport no. 343: De bodemgesteldheid van een gedeelte van de Lijmers (het binnendijkse land van de gem. Westervoort, Duiven (ged.) en Zevenaar(ged.), Wageningen augustus 1953.
Noten 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8.
ADC ArcheoProjecten 2006: 45. RAAP 2006: 59. ADC ArcheoProjecten 2006: 11. RAAP 2016: 17. RAAP 2016: 3. RAAP 2019: 29. Bijlage 3 bij Raadsvoorstel Welstandsnota 2012: 7. Pons 1953: 16.
35