16. 201590656 Bijlage bij toelichting 11 – Zienswijzennota anoniem – ON-BP ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’.pdf
Tekst van het document
Zienswijzennota, Ontwerpbestemmingsplan “Vitaal Centrum, IKC Remigius”
Inhoud 1. Inleiding 1.1 Aanleiding nota 1.2 Splitsing in twee afzonderlijke bestemmingsplannen 1.3 Leeswijzer 2. Zienswijzen 2.1 Zienswijzenoverzicht en ontvankelijkheid 2.2 Samenvatting en beantwoording 2.3 Wijzigingen 3. Ambtshalve wijzigingen 4. Bijlagen bij zienswijzennota
1
1 Inleiding 1.1 Aanleiding nota Het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ heeft van donderdag 28 juli 2022 tot en met 7 september 2022 voor iedereen ter inzage gelegen. Gedurende deze termijn was iedereen bevoegd een zienswijze op het bestemmingsplan kenbaar te maken aan de gemeenteraad van Duiven. De formele aankondiging van de terinzagelegging is gepubliceerd in de Duiven Post en het digitale Gemeenteblad. In deze periode zijn vijf zienswijzen kenbaar gemaakt. 1.2 Splitsing in twee afzonderlijke bestemmingsplannen De aard en inhoud van de zienswijzen heeft er toe geleid dat het ontwerpbestemmingsplan is opgesplitst in twee afzonderlijke bestemmingsplannen. Er is geconstateerd dat de verschillende zienswijzen zijn gericht op specifieke onderdelen van het bestemmingsplan. Door de inhoudelijke bespreking van de verschillende thema’s van elkaar te scheiden zijn deze in het vervolg niet meer afhankelijk van elkaar. Zodoende heeft eventuele vertraging in de procedure op een specifiek thema geen invloed op de voortgang van de overige in beide plannen opgenomen ontwikkelingen. Het ontwerpbestemmingsplan wordt op de volgende wijze opgesplitst. Het originele ontwerpbestemmingsplan, ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’, wordt verkleind door de huidige locatie van IKC Remigius, gelegen aan het Droopad 1, uit het plan te halen.
In het nieuwe bestemmingsplan ‘Droopad 1’ wordt de huidige locatie van IKC Remigius, met de daarop geprojecteerde uit te werken woonbestemming afzonderlijk vastgelegd. In de behandeling en beantwoording van de zienswijzen wordt onder het kopje ‘conclusie zienswijze’ aangeven op welke van de twee plannen deze betrekking heeft.
1.3 Leeswijzer Hoofdstuk 2.1 van de nota geeft allereerst een overzicht van de binnengekomen zienswijzen met daarbij een ontvankelijkheidsverklaring. Hoofdstuk 2.2. bevat een samenvatting van de ingebrachte zienswijzen en voorziet deze van een inhoudelijke beoordeling en beantwoording. In hoofdstuk 2.3 worden de conclusies en eventuele wijzigingen ten opzichte van het ontwerpplan op een rij gezet. In hoofdstuk 3 worden de ambtshalve wijzigingen uiteengezet.
2
2. Zienswijzen 2.1
Zienswijzenoverzicht en ontvankelijkheid
Nr. Indieners van de zienswijzen 1 T. Gieben 2 H.P.G.R. van den Berk 3 Dhr. & Mevr. SiemesGeurtsen
4
E. Ebben-Teunissen
5
K. Te Winkel- Jentink
2.2
Adres
Ontvangstdatum
Documentnr.
Ontvankelijkheid
Droopad 3, 6921 BX Duiven Iepenlaan 3, 6921 XJ Duiven Iepenlaan 5, 6921 XJ Duiven. Deze zienswijze is mede ondertekend door de bewoners/ eigenaren van Iepenlaan nr. 1,7,9,11,13,15,17 & 21 en Eikenlaan nr. 1,2,3,4,5,7,9 en Kastanjelaan nr. 2B & 4. Wilgenlaan 112, 6921 HK Duiven. Namens de klankbordgroep IKC-Remigius. Wilgenlaan 27, 6921 HE Duiven. Mede namens de bewoners/ eigenaren van Wilgenlaan nr. 1 t/m 69 (oneven) en Wilgenlaan nr. 112
22 augustus 2 september 2022 5 september 2022
201577503 201578865 201579328
ja ja ja
6 september 2022
201579105
ja
5 september 2022
201579083
ja
Samenvatting en beantwoording
Indiener van zienswijze 1 1.1
Samenvatting
Beantwoording
Conclusie zienswijze
Indiener van de zienswijze merkt op dat de huidige locatie van IKC Remigius in de uitloop van het stadspark ligt met een gracht en veel groen. Indiener van de zienswijze is
In bestemmingsplan ‘Droopad 1’ is de huidige locatie van IKC Remigius voorzien van een nader uit te werken woonbestemming. Daarbij zijn nu enkel de maximale bouwhoogte en het
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
3
van mening dat een gebouw van 4 bouwlagen te hoog is en afbreuk zal doen aan het park.
maximaal aantal toegestane wooneenheden opgenomen. Dit plan legt daarmee de beweegruimte vast waarbinnen het college bevoegd is een nadere invulling van het gebied uit te werken. Een definitief uitgewerkt bouwplan is er op dit moment nog niet, vandaar is het ook niet te beoordelen of het plan afbreuk doet zal doen aan het park. Nadere toelichting: woningbouw op deze locatie kan pas tot stand komen nadat het college van burgemeester en wethouders een uitwerkingsplan heeft opgesteld, waaraan een stedenbouwkundig plan ten grondslag ligt. Bij een nadere uitwerking wordt nadrukkelijk gekeken naar de wijze waarop het ontwerp aansluit op haar directe omgeving, waaronder het Droopark aan de westzijde, en de impact die het heeft op de naastgelegen percelen. Voor dit nader uit te werken bouwplan wordt op een later moment een nieuwe procedure opgestart met een bijpassend participatietraject. Daarover wordt u als omwonende te zijner tijd actief op de hoogte gesteld.
1.2
Indiener van de zienswijze geeft aan dat het bouwvlak op deze locatie 20 meter van zijn perceel komt te liggen en is van mening dat zijn privacy op het gehele perceel, met name de tuin, zal verdwijnen ten gevolgen van de nieuwbouw. Indiener van de zienswijze maakt vanwege bovenstaande bezwaar tegen de maximum toegestane 4 bouwlagen aan de zijde van Droopad 3 en
Allereerst moet worden opgemerkt dat een meting heeft uitgewezen dat de afstand van het bouwvlak binnen de bestemming ‘Woongebied Uit te werken 1’ tot de perceelsgrens van indiener van de zienswijze niet 20 meter, maar over de gehele lengte 28 tot 30 meter bedraagt. Een definitief uitgewerkt bouwplan is er op dit moment nog niet, vandaar is het ook niet te 4
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
1.3
verzoekt de maximale bouwhoogte terug te brengen naar maximaal 3 woonlagen.
beoordelen of de privacy van omliggende percelen onevenredig wordt geschaad.
Indiener van de zienswijze doet de suggestie om langs het voetpad en de gracht meer groen in de vorm van treurwilgen aan te brengen om zodoende voor iedereen een mooie oplossing en landelijk gezicht te realiseren.
Nadere toelichting: bij een nadere uitwerking zal enkel gebruik gemaakt worden van de maximaal toegestane vier bouwlagen aan de zijde van het Droopad wanneer aangetoond kan worden dat dit niet zal leiden tot een onevenredige aantasting van de privacy van de omliggende percelen. Dit geeft op dit moment geen aanleiding tot het wijzigen van de in het ontwerpplan opgenomen rondvoorwaarden. De gronden waar indiener van de zienswijze aandacht voor vraagt vallen buiten het plangebied van bestemmingsplan ‘Droopad 1’ en hebben vandaar geen betrekking op het juridisch bindend deel van voorliggend ontwerpbestemmingsplan.
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
Nadere toelichting: de suggestie van indiener van de zienswijze is kenbaar gemaakt bij de verantwoordelijke afdeling van de gemeente Duiven. De mogelijkheden voor het aanbrengen van meer groen op deze aangewezen plek worden in de komende periode nader onderzocht. Indieners van zienswijze 2 2.1
Samenvatting
Beantwoording
Conclusie Zienwijze
Indiener van de zienswijze stelt dat het vroegtijdig amoveren van gebouwen niet bijdraagt aan de klimaatdoelstelling om CO2 terug te dringen en het zuinig omgaan met bouwmaterialen. Hierbij wordt aangehaald dat bakstenen gebouwen honderden jaren
Bij het vaststellen van in het ‘Integraal Huisvestingsplan Primair onderwijs Duiven’ is op 20 november 2018 door de gemeenteraad reeds besloten om het gebouw voor IKC Remigius te vervangen voor een nieuw gebouw. Daarbij is al gekeken naar renoveren of nieuwbouw, waarbij
Zienswijze geeft geen aanleiding om een van beide bestemmingsplannen te wijzigen.
5
gebruikt kunnen worden en derhalve niet na maximaal 50 jaar gesloopt dienen te worden. Daarnaast wordt aangevoerd dat een belangrijk deel van de kosten van bakstenen wordt gevormd door het gebruik van gas.
de keuze is gevallen op nieuwbouw. Bij nieuwbouw van een onderwijsaccommodatie wordt daarbij breder gekeken dan enkel duurzaamheidsaspecten. Hierbij wordt naar de volgende criteria gekeken: - Ruimtelijk (locatie, omvang, inpassing, vervuiling) - Onderwijsconcept (in hoeverre kan dit ingepast worden) - Technisch (mogelijkheden en consequenties) - Maatschappelijk (duurzaam, emotionele waarde, m.v.o, programma) - Financieel (investering, grond, exploitatie) - Bestuurlijk (concurrentiepositie, besluitvorming, politiek haalbaarheid) - Juridisch (monument, bestemmingsplan, contractuele omstandigheden) De volgende kwaliteiten zijn beneden de norm op de huidige locatie: - De huidige locatie sluit niet aan bij de eisen van het huidige onderwijs; - De indeling van het pand zijn niet optimaal voor de toepassing van een goede onderwijsmethode; - Het pand kent een slecht binnenklimaat; - Bij renovatie is het moeilijker om te voldoen aan de actuele regelgeving; - Exploitatie van het pand is niet optimaal en efficiënter in een nieuw te bouwen 6
-
2.2
Indiener van de zienswijze refereert naar een uitspraak van wethouder Knuiman (zonder bronvermelding) en stelt dat, in tegenstelling tot deze uitspraak, de groene omgeving van de nieuwe locatie van IKC Remigius géén voordeel oplevert ten opzichte van de huidige locatie.
2.3
Indiener van de zienswijze trekt tevens in twijfel of de verkeersveiligheid voor de scholieren op de beoogde nieuwe locatie van IKC Remigius veiliger is dan op huidige locatie.
pand; In een nieuw pand kan de veiligheid voor werknemers en scholieren beter gegarandeerd worden.
Vanuit dit afwegingskader is geconcludeerd dat nieuwbouw de voorkeur heeft gekregen. Daarbij geeft nieuwbouw de mogelijkheid om te kiezen voor zoveel mogelijk duurzame materialen en een energetisch optimaal gebouw waarbij wordt gekozen voor een aardgas-loos pand. Het laatste deel van het ontwerp van de inrichting van het centrumplan voorziet in een groene omgeving en verbinding vanaf de Rijksweg naar het Patersbosje. In het voorlopige ontwerp van de omgeving is ‘groen waar het kan’ het uitgangspunt. Het is om die reden dat de norm van maximaal betegelde ruimte wordt gehanteerd (600 m2), de rest van de school omgeving is niet betegeld. Daarmee wordt getracht een zo groen mogelijke inpassing van het schoolgebouw te realiseren.
De nieuwe locatie van IKC Remigius is weldegelijk verkeersveiliger omdat het niet aan een doorgaande weg ligt, zoals nu het geval is. Deze nieuwe locatie ligt tevens aan een doorgaande fietsroute waarmee het nieuwe IKC ook per fiets goed bereikbaar is. De school ligt daarnaast aan de achterzijde van het parkeerterrein waar enkel haal- en brengverkeer op het moment dat de school open of dicht gaat aanwezig zal zijn. De huidige locatie van IKC Remigius is wat dat betreft ongunstiger omdat 7
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
2.4
dit een doorgaande (drukke) route betreft waar ook overig verkeer passeert. Indiener van de zienswijze verzoekt om na Vroeger bestond het Bouwbesluit WBO (Wet op te gaan of de geplande omvang van het het Basisonderwijs) voor de grootte van een buitenspeelterrein leidt tot een schoolplein. Deze wet is inmiddels vervallen. Nu verantwoorde ontwikkeling van toekomstige is er de modelverordening onderwijshuisvesting schoolgaande kinderen en zo nodig het plan van de VNG (Vereniging van Nederlandse aan te passen. Gemeenten) voor de grootte van het schoolplein. De verordening onderwijshuisvesting van Duiven heeft deze modelverordening ongewijzigd overgenomen. Het verharde gedeelte heeft ten minste een oppervlakte van 3m2 per leerling, met een minimum van 300 m2. Bij een school van meer dan 200 leerlingen kan worden volstaan met een oppervlakte van het verharde gedeelte van 600 m2. De inrichting van het speelplein is zodanig dat in ieder geval de jongste leerlingen in staat worden gesteld op een bij hun leeftijd passende wijze te spelen.
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
Naast het verharde schoolplein is een onverhard deel van de schoolomgeving beschikbaar om te spelen. Daarmee voldoet de school ruimschoots aan de door de verordening benoemde criteria. Ten behoeve van de kinderopvang is een apart en omheind speelplein opgenomen in het plan. Dit plein heeft een oppervlakte van 144 m2, zijnde de norm voor 48 kindplaatsen. 2.5
Indiener van de zienswijze verzoekt onderzoek te doen naar hittestress voor de nieuwe locatie van IKC Remigius en de eventuele financieel consequenties van daarvan in beeld te brengen.
Het uitvoeren van een onderzoek naar hittestress is geen wettelijke verplichting. Het ontbreken van een onderzoek naar hittestress geeft daarom geen aanleiding tot het wijzigen van het plan. 8
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
Nadere toelichting: in het voorlopige ontwerp van de omgeving is ‘groen waar het kan’ het uitgangspunt. Het is om die reden dat de norm van maximaal betegelde ruimte wordt gehanteerd (600 m2), de rest van de school omgeving is niet betegeld. Daarmee wordt de kans op hittestress zo gering mogelijk gemaakt. Het regenwater dat op het betegelde plein valt, wordt opgevangen en geïnfiltreerd of afgevoerd richting de wadi. De koelende werking van het schoolplein wordt verder ondersteund door een extra aanplant van bomen en struiken, waardoor meer schaduw wordt gecreëerd. De bestaande bomen in de omgeving worden gerespecteerd. De gevolgen van hittestress zijn extra ernstig als het schoolgebouw wat ouder is en bijvoorbeeld niet goed geventileerd of gekoeld kan worden. In dit nieuwe gebouw is hiervan geen sprake, het gebouw wordt Bijna Energie Neutraal gebouwd (BENG) en gebouwd volgens de geldende kwaliteitseisen. Het binnenklimaat van het nieuwe pand is optimaal door: 1. de aanwezigheid van een goed werkend ventilatiesysteem; 2. de aanwezigheid van goede spuiventilatievoorzieningen. 2.6
Indiener van de zienswijze stelt dat er in voorliggend bestemmingsplan onvoldoende rekening is gehouden met de in de ‘Omgevingsvisie Duiven’ opgenomen ‘Hoofdgroenstructuur kern’. Daarbij verzoekt
Op dit moment wordt de vermeende strijdigheid met de Omgevingsvisie niet herkent aangezien de ontwerpopgave voor deze locatie nog in het verschiet ligt. Bij een nadere uitwerking wordt nadrukkelijk gekeken naar de wijze waarop het 9
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
2.7
indiener van de zienswijze om overeenkomstig de omgevingsvisie rekening te houden met de ‘Hoofdgroenstructuur kern’ in het bestemmingsplan en daartoe een groenbestemming van voldoende omvang op te nemen aan de zijde van de Dennenlaan en de westzijde van de watergang gelegen aan de Italiaanse hoek, een en ander conform de verkavelingsstructuur van het gemeentebestuur op 15 april 2021.
ontwerp aansluit op haar directe omgeving en daarmee de wijze waarop het plan aansluit op de ‘Hoofdgroenstructuur kern’. Het opnemen van een groenstrook kan daar onderdeel van uitmaken als dit ontwerptechnisch inpasbaar is. Deze zienswijze geeft vandaar geen aanleiding tot wijzigingen in het ontwerpbestemmingsplan.
Indiener van de zienswijze beargumenteerd dat de kauwenpopulatie, die overnachten in de hoge bomen op het terrein van de bestaande Remigiusschool, onderbelicht is in de ‘Quickscan natuuronderzoek IKC Remigius en Woonpark Duiven’. Indiener van de zienswijze verzoekt om het natuuronderzoek op dit punt aan te vullen en de gevolgen van deze kauwenpopulatie voor de beoogde nieuwe bestemming van de gronden in het onderzoek weer te geven.
De wet natuurbescherming geeft voor vogels het volgende aan: Artikel 3.1 1. Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen; … 4. Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen; 5. Het verbod, bedoeld in het vierde lid, is niet van toepassing indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende 10
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
vogelsoort. Lid 4 geeft aan dat je vogels niet opzettelijk mag verontrusten. Lid 5 geeft direct daarna aan dat het verbod niet van toepassing is op het moment dat de staat van instandhouding van de soort niet wezenlijk wordt beïnvloed. Dit is bij de kauw het geval. De kauw verkeert in een gunstige staat van instandhouding. Het verstoren van de kauw leidt niet tot schade aan de populatie. De slaapplaats van kauwen valt niet onder de vaste rust en verblijfplaatsen. De vogels verblijven de ene dag in een groep bomen en de andere dag kan dit en andere groep bomen zijn. Daardoor genieten deze verblijfplaatsen ook niet de bescherming die voor sommige andere soorten wel gelden. Tenslotte geldt voor de kauw, dat de soort een landelijke vrijstelling artikel 3.1 Wnb bezit. De kauw mag vanwege deze indeling het hele jaar worden verstoord. Het Besluit natuurbescherming schrijft in artikel 3.1 vervolgens voor: Als vogels en dieren van soorten als bedoeld in artikel 3.15, eerste lid, van de wet worden aangewezen: a. Canadese gans (Branta Canadensis en Branta hutchinsii hutchinsii); b. houtduif (Columba palumbus); c. kauw (Corvus monedula); 11
d. konijn (Oryctolagus cuniculus); e. vos (Vulpes vulpes), en f. zwarte kraai (Corvus corone corone).
2.8
Indiener van de zienswijze verzoekt om de Platanus Acerifolia Plataan als waardevolle boom aan te duiden op de verbeelding van het bestemmingsplan om zodoende de bescherming van deze boom te waarborgen.
2.9
Indiener van de zienswijze verwijst naar paragraaf 3.3.2 van de plantoelichting. Onder te titel ‘Toetsing’ wordt aangeven dat het aantal van 70 woningen dat met voorliggend bestemmingsplan wordt toegestaan, gelijk is aan het aan wat nu juridisch planologisch opgenomen is in de uitwerkingsplicht rondom het gemeentehuis. Indiener van de zienswijze geeft aan dat het huidige plan maximaal 50 woningen toestaat. Vandaar verzoekt de indiener van de zienswijze om het maximaal aantal woningen dat in ‘Woongebied – Uit te werken 1’, lid 6.2.1 sub a. van de planregels aan te passen naar: het aantal woningen bedraagt niet meer dan 30, en de toelichting hierop aan te passen.
Het aanwezig zijn van de kauwen in de bomen is hierdoor niet relevant en daardoor ook niet vermeld in de quickscan. De zienswijze geeft daardoor geen aanleiding tot het aanvullen van het betreffende onderzoek. Het beleid van de gemeente Duiven is om geen waarde toe te kennen aan specifieke bomen. Dat geldt eveneens voor de plataan in kwestie. Daarbij moet aangegeven worden dat bij nieuwe ontwikkelingen de mogelijkheden voor de instandhouding van dergelijke bomen in alle gevallen onderzocht wordt. Indiener van de zienswijze heeft juist opgemerkt dat er een discrepantie bestaat tussen het huidige toegestane hoeveel woningen en het aantal dat maximaal is toegestaan binnen de nieuwe bestemming ‘Woongebied - Uit te werken 1’ (huidige locatie IKC Remigius). De tekst is dan ook onterecht opgenomen in de plantoelichting en dient te worden verwijderd. Nadere toelichting: vanwege de huidige woningnood is ervoor gekozen om meer woningen toe te staan in het centrumgebied dan momenteel is toegestaan in het huidige bestemmingsplan ‘Vitaal centrum’. De huidige locatie van IKC Remigius biedt de mogelijkheid om passende woningen op een passende plek (inbreidingslocatie) te realiseren. Gezien de opzet en omvang van het terrein is uit een eerste analyse naar voren gekomen dat de 12
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’te wijzigen.
Plantoelichting van bestemmingsplan ‘Droopad 1’ wordt tekstueel aangepast. De zin ‘Dit aantal is gelijk aan wat nu juridischplanologisch is opgenomen in de uitwerkingsplicht rondom het gemeentehuis’ wordt verwijderd.
2.10
2.11
Indiener van de zienswijze deelt de stellingname van de gemeente, dat de gevolgen voor bezonning pas aan de orde komen op het moment dat er een uitgewerkt plan ligt, niet. Dit vanwege het kleine terrein en de mogelijke grote impact die de toekomstige ontwikkeling kan hebben op de bestaande bebouwing. Indiener van de zienswijze verzoekt om een bezonningsstudie uit te voeren voor ‘Woongebied – Uit te werken 1’ (huidige locatie IKC Remigius). Indiener van de zienswijze wijst er op dat het merendeel van de gebouwen in het centrum bestaat uit 2 of 3 bouwlagen. Langs de ‘Hoofdgroenstructuur kern’ is op
realisatie van 50 woningen op deze locatie, mits er wordt gebouw in meerdere bouwlagen, haalbaar is. Woningbouw op deze locatie kan pas tot stand komen nadat het college van burgemeester en wethouders een uitwerkingsplan heeft opgesteld, waaraan een stedenbouwkundig plan ten grondslag ligt. Bij een nadere uitwerking wordt nadrukkelijk gekeken naar de wijze waarop het ontwerp aansluit op haar directe omgeving, waaronder het stadspark aan de westzijde, en de impact die het heeft op de naastgelegen percelen. Voor dit nader uit te werken bouwplan wordt op een later moment een nieuwe procedure opgestart met een bijpassend participatietraject. Daarover wordt u als omwonende te zijner tijd actief op de hoogte gesteld. Bij de huidige bestemmingssystematiek is reeds rekening gehouden met de meest nabijgelegen woningen. De maximaal toegestane bouwlagen zijn trapsgewijs ingestoken om ervoor te zorgen dat de meest nabijgelegen woningen hier niet onevenredig door worden belemmerd ten aanzien van het verlies van zon-/daglicht. De gemeente blijft daarmee bij het standpunt dat een bezonningsstudie uitgevoerd zal worden wanneer er sprake is van een definitief bouwplan. Zodoende kan er gerekend worden met de feitelijk beoogde situatie. Met enkel grondgebonden woningen is het beoogde aantal van maximaal 50 woningen op deze locatie niet haalbaar.
Deze locatie sluit daarnaast direct aan op het bestaande 13
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
slechts een tweetal uitzonderingen na (Eilandplein en Candea) het aantal bouwlagen beperkt tot maximaal 3. Relamant beargumenteerd dat er uit ruimtelijke overwegingen geen reden is waarom op de nieuwe locatie voor woningbouw 4 of 5 bouwlagen passend zijn.
2.12
Indiener van de zienswijze wijst erop dat er in het vigerende plan ‘Vitaal Centrum’ een functieaanduiding ‘Wonen uitgesloten’ is opgenomen aan het uiterste noordoostelijke gedeelte van het plangebied en dat deze aanduiding in dit nieuwe plan is verdwenen.
2.13
Indiener van de zienswijze geeft aan dat het voet-/fietspad naar de Rijksweg nu, net als in het vigerende bestemmingsplan de bestemming ‘Woongebied – Uit te werken’ draagt. Indiener van de zienswijze verzoek het voet- /fietspad naar de Rijksweg de bestemming ‘Verkeer’ te geven.
2.14
centrumcomplex. Door te werken met meerdere bouwlagen wordt er, met name aan de noordzijde van het perceel directe aansluiting gezocht met centrumgebied, waardoor de winst in aantallen relatief hoog is en impact op de direct omwonenden relatief laag. Zie tevens de nadere toelichting bij zienswijze 2.9. Deze functieaanduiding is per abuis niet overgenomen in het nieuwe plan. Het ontwerpplan wordt hier op aangepast.
De huidige bestemming voorziet in de mogelijkheid om hier een voet-/ fietspad aan te leggen. Daarmee is het niet noodzakelijk om deze bestemming te wijzigen. Door de huidige bestemmingsplansystematiek aan te houden wordt er tevens ruimte geboden om te voorzien in een passend ontwerp van zowel de woningen als het voet-/ fietspad voor deze zone. Indiener van de zienswijze merkt op dat de De geactualiseerde grondexploitatie voor Vitaal gronden van de Remigiusschool aan het Centrum Duiven, inclusief de gronden van de Droopad 1 nooit onderdeel hebben huidige IKC Remigius, wordt voor de vaststelling uitgemaakt van het project ‘Vitaal Centrum’ van het bestemmingsplan vastgesteld en en derhalve ook niet meegenomen zijn in de vervangt daarmee de vigerende grondexploitatie 14
De verbeelding en planregels van het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ worden aangepast door de functieaanduiding ‘Wonen uitgesloten’ op te nemen aan de noordzijde van de bestemming ‘Woongebied – Uit te werken 2’ conform het bestemmingsplan ‘Vitaal centrum’ Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
Zienswijze geeft aanleiding tot het aanvullen van paragraaf 6.1 van beide plannen.
grondexploitatie voor het project ‘Vitaal Centrum’. Indiener van de zienswijze verzoek een onderzoek toe te voegen naar de economische uitvoerbaarheid deze in relatie tot gemaakte kosten en opbrengsten uit het project Vitaal Centrum en de afbraak en nieuwbouw van de school daarin te betrekken.
per 01-01-2022 De vigerende grondexploitatie is de grondexploitatie zoals openomen in de jaarrekening 2021. Door vaststelling van de jaarrekening is deze grondexploitatie daarmee de vastgestelde grondexploitatie geworden. En is er in de begroting een voorziening getroffen voor het tekort in de grondexploitatie conform de richtlijnen van de BBV. Daarmee is de grondexploitatie economisch uitvoerbaar. De gemeente heeft de geldelijke middelen om de ontwikkeling te financieren. Voor het tekort in de geactualiseerde grondexploitatie zal bij vaststelling door de raad eveneens voorziening getroffen worden conform de richtlijnen van de BBV. Deze voorziening zal dan in de begroting worden verwerkt en wordt tevens verwerkt in de jaarrekening 2022. Door het instellen van een voorziening ter dekking van het tekort van de geactualiseerde grondexploitatie is de economische uitvoerbaarheid van de geactualiseerde grondexploitatie aangetoond. De grondexploitatie wordt met een separaat besluit bekrachtigd door de gemeenteraad en wijzig daarmee voorliggend plan niet. De verantwoording hiervan is opgenomen in hoofdstuk 6.1 van de plantoelichting.
Indieners van zienswijze 3 3.1
Samenvatting
Beoordeling
Conclusie zienswijze
Indieners van de zienswijze verzoeken de
Het uitvoeren van een onderzoek naar
Zienswijze geeft geen
15
gemeente onderzoek te doen naar hittestress en de eventuele financieel consequenties van daarvan in beeld te brengen. Dit vanwege de ligging van de nieuwe locatie van de school in de nabijheid van de bebouwing van het gemeentehuis en de parkeerplaatsen rond het gemeentehuis en op het Liemersplein.
hittestress is geen wettelijke verplichting. Het ontbreken van een onderzoek naar hittestress geeft daarom geen aanleiding tot het wijzigen van het plan.
aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
Nadere toelichting: in het voorlopige ontwerp van de omgeving is ‘groen waar het kan’ het uitgangspunt. Het is om die reden dat de norm van maximaal betegelde ruimte wordt gehanteerd (600 m2), de rest van de school omgeving is niet betegeld. Daarmee wordt de kans op hittestress zo gering mogelijk gemaakt. Het regenwater dat op het betegelde plein valt, wordt opgevangen en geïnfiltreerd of afgevoerd richting de wadi. De koelende werking van het schoolplein wordt verder ondersteund door een extra aanplant van bomen en struiken, waardoor meer schaduw wordt gecreëerd. De bestaande bomen in de omgeving worden gerespecteerd.
3.2
Indieners van de zienswijze verzoeken de gemeente om na te gaan of de geplande
De gevolgen van hittestress zijn extra ernstig als het schoolgebouw wat ouder is en bijvoorbeeld niet goed geventileerd of gekoeld kan worden. In dit nieuwe gebouw is hiervan geen sprake, het gebouw wordt Bijna Energie Neutraal gebouwd (BENG) en gebouwd volgens de geldende kwaliteitseisen. Het binnenklimaat van het nieuwe pand is optimaal door: 1. de aanwezigheid van een goed werkend ventilatiesysteem; 2. de aanwezigheid van goede spuiventilatievoorzieningen. Vroeger bestond het Bouwbesluit WBO (Wet op het Basisonderwijs) voor de grootte van een 16
Zienswijze geeft geen aanleiding om het
omvang van het buitenspeelterrein leidt tot een verantwoorde ontwikkeling van toekomstige schoolgaande kinderen en zo nodig het plan aan te passen.
3.3
Indieners van de zienswijze stellen dat er in voorliggend bestemmingsplan onvoldoende rekening is gehouden met de in de ‘Omgevingsvisie Duiven’ opgenomen ‘Hoofdgroenstructuur kern’. Daarbij verzoeken indieners van de zienswijze om overeenkomstig de omgevingsvisie rekening te houden met de ‘Hoofdgroenstructuur kern’ in het bestemmingsplan en daartoe een
schoolplein. Deze wet is inmiddels vervallen. Nu is er de modelverordening onderwijshuisvesting van de VNG (Vereniging van Nederlandse Gemeenten) voor de grootte van het schoolplein. De verordening onderwijshuisvesting van Duiven heeft deze modelverordening ongewijzigd overgenomen. Het verharde gedeelte heeft ten minste een oppervlakte van 3m2 per leerling, met een minimum van 300 m2. Bij een school van meer dan 200 leerlingen kan worden volstaan met een oppervlakte van het verharde gedeelte van 600 m2. De inrichting van het speelplein is zodanig dat in ieder geval de jongste leerlingen in staat worden gesteld op een bij hun leeftijd passende wijze te spelen. Naast het verharde schoolplein is een onverhard deel van de schoolomgeving beschikbaar om te spelen. Daarmee voldoet de school ruimschoots aan de door de verordening benoemde criteria. Ten behoeve van de kinderopvang is een apart en omheind speelplein opgenomen in het plan. Dit plein heeft een oppervlakte van 144 m2, zijnde de norm voor 48 kindplaatsen. Bij een nadere uitwerking wordt nadrukkelijk gekeken naar de wijze waarop het ontwerp aansluit op haar directe omgeving en daarmee de wijze waarop het plan aansluit op de ‘Hoofdgroenstructuur kern’. Het opnemen van een groenstrook kan daar onderdeel van uitmaken als dit ontwerptechnisch inpasbaar is. Deze ontwerpopgave wordt in de toekomst nog vormgegeven.
Deze zienswijze geeft geen aanleiding tot wijzigingen in het 17
ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
3.4
3.5
groenbestemming van voldoende omvang op te nemen aan de zijde van de Dennenlaan en de westzijde van de watergang gelegen aan de Italiaanse hoek, een en ander conform de verkavelingsstructuur van het gemeentebestuur op 15 april 2021. Indieners van de zienswijze verwijzen naar paragraaf 3.3.2 van de plantoelichting. Onder te titel ‘Toetsing’ wordt aangeven dat het aantal van 70 woningen dat met voorliggend bestemmingsplan wordt toegestaan, gelijk is aan het aan wat nu juridisch planologisch opgenomen is in de uitwerkingsplicht rondom het gemeentehuis. Indieners van de zienswijze geven aan dat het huidige plan maximaal 50 woningen toestaat. Vandaar verzoekt de indiener van de zienswijze om het maximaal aantal woningen dat in ‘Woongebied – Uit te werken 1’, lid 6.2.1 sub a. van de planregels aan te passen naar: het aantal woningen bedraagt niet meer dan 30, en de toelichting hierop aan te passen.
Indieners van de zienswijze verzoeken om de Platanus Acerifolia Plataan als waardevolle boom aan te duiden op de verbeelding van het bestemmingsplan om zodoende de bescherming van deze boom
ontwerpbestemmingsplan.
Indieners van de zienswijze hebben juist opgemerkt dat er een discrepantie bestaat tussen het huidige toegestane hoeveel woningen en het aantal dat maximaal is toegestaan binnen de nieuwe bestemming ‘Woongebied - Uit te werken 1’ (huidige locatie IKC Remigius). De tekst is dan ook onterecht opgenomen in plantoelichting en dient te worden verwijderd. Nadere toelichting: vanwege de huidige woningnood is ervoor gekozen om meer woningen toe te staan in het centrumgebied dan momenteel is toegestaan in het huidige bestemmingsplan ‘Vitaal centrum’. De huidige locatie van IKC Remigius biedt de mogelijkheid om passende woningen op een passende plek (inbreidingslocatie) te realiseren. Gezien de opzet en omvang van het terrein is uit een eerste analyse naar voren gekomen dat de realisatie van 50 woningen op deze locatie, mits er wordt gebouw in meerdere bouwlagen, haalbaar is. Het beleid van de gemeente Duiven is om geen waarde toe te kennen aan specifieke bomen. Dat geldt eveneens voor de plataan in kwestie. Daarbij moet aangegeven worden dat bij nieuwe ontwikkelingen de mogelijkheden voor de 18
Plantoelichting van bestemmingsplan ‘Droopad 1’ wordt tekstueel aangepast. De zin ‘Dit aantal is gelijk aan wat nu juridischplanologisch is opgenomen in de uitwerkingsplicht rondom het gemeentehuis’ wordt verwijderd.
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
te waarborgen. 3.6
Indieners van de zienswijze beargumenteren dat de kauwenpopulatie, die overnachten in de hoge bomen op het terrein van de bestaande Remigiusschool, onderbelicht is in de ‘Quickscan natuuronderzoek IKC Remigius en Woonpark Duiven’. Indieners van de zienswijze verzoeken om het natuuronderzoek op dit punt aan te vullen en de gevolgen van deze kauwenpopulatie voor de beoogde nieuwe bestemming van de gronden in het onderzoek weer te geven.
instandhouding van dergelijke bomen in alle gevallen onderzocht wordt. De wet natuurbescherming geeft voor vogels het volgende aan: Artikel 3.1 1. Het is verboden opzettelijk van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn te doden of te vangen; … 4. Het is verboden vogels als bedoeld in het eerste lid opzettelijk te storen; 5. Het verbod, bedoeld in het vierde lid, is niet van toepassing indien de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort. Lid 4 geeft aan dat je vogels niet opzettelijk mag verontrusten. Lid 5 geeft direct daarna aan dat het verbod niet van toepassing is op het moment dat de staat van instandhouding van de soort niet wezenlijk wordt beïnvloed. Dit is bij de kauw het geval. De kauw verkeert in een gunstige staat van instandhouding. Het verstoren van de kauw leidt niet tot schade aan de populatie. De slaapplaats van kauwen valt niet onder de vaste rust en verblijfplaatsen. De vogels 19
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
verblijven de ene dag in een groep bomen en de andere dag kan dit en andere groep bomen zijn. Daardoor genieten deze verblijfplaatsen ook niet de bescherming die voor sommige andere soorten gelden. Tenslotte geldt voor de kauw, dat de soort een landelijke vrijstelling artikel 3.1 Wnb bezit. De kauw mag vanwege deze indeling het hele jaar worden verstoord. Het Besluit natuurbescherming schrijft in artikel 3.1 vervolgens voor: Als vogels en dieren van soorten als bedoeld in artikel 3.15, eerste lid, van de wet worden aangewezen: a. Canadese gans (Branta Canadensis en Branta hutchinsii hutchinsii); b. houtduif (Columba palumbus); c. kauw (Corvus monedula); d. konijn (Oryctolagus cuniculus); e. vos (Vulpes vulpes), en f. zwarte kraai (Corvus corone corone).
3.7
Indieners van de zienswijze delen de stellingname van de gemeente, dat de gevolgen voor bezonning pas aan de orde komen op het moment dat er een uitgewerkt
Het aanwezig zijn van de kauwen in de bomen is hierdoor niet relevant en daardoor ook niet vermeld in de quickscan. De zienswijze geeft daardoor geen aanleiding tot het aanvullen van het betreffende onderzoek. Bij de huidige bestemmingssystematiek is reeds rekening gehouden met de meest nabijgelegen woningen. De maximaal toegestane bouwlagen zijn trapsgewijs ingestoken om ervoor te zorgen 20
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
plan ligt, niet. Dit vanwege het kleine terrein en de mogelijke grote impact die de toekomstige ontwikkeling kan hebben op de bestaande bebouwing. Indieners van de zienswijze verzoeken om een bezonningsstudie uit te voeren voor ‘Woongebied – Uit te werken 1’ (huidige locatie IKC Remigius). 3.8
3.9
Indieners van de zienswijze wijzen er op dat het merendeel van de gebouwen in het centrum bestaat uit 2 of 3 bouwlagen. Langs de ‘Hoofdgroenstructuur kern’ is op slechts een tweetal uitzonderingen na (Eilandplein en Candea) het aantal bouwlagen beperkt tot maximaal 3. Relamant beargumenteerd dat er uit ruimtelijke overwegingen geen reden is waarom op de nieuwe locatie voor woningbouw 4 of 5 bouwlagen passend zijn.
dat de meest nabijgelegen woningen hier niet onevenredig door worden belemmerd ten aanzien van het verlies van zon-/daglicht. De gemeente blijft daarmee bij het standpunt dat een bezonningsstudie uitgevoerd zal worden wanneer er sprake is van een definitief bouwplan. Zodoende kan er gerekend worden met de feitelijk beoogde situatie. Met enkel grondgebonden woningen is het beoogde aantal van maximaal 50 woningen op deze locatie niet haalbaar. Deze locatie sluit daarnaast direct aan op het bestaande centrumcomplex. Door te werken met meerdere bouwlagen wordt er, met name aan de noordzijde van het perceel directe aansluiting gezocht met centrumgebied, waardoor de winst in aantallen relatief hoog is en impact op de direct omwonenden relatief laag.
Zie tevens de nadere toelichting bij zienswijze 2.9. Indieners van de zienswijze merken op dat De geactualiseerde grondexploitatie voor Vitaal de gronden van de Remigiusschool aan het Centrum Duiven, inclusief de gronden van de Droopad 1 nooit onderdeel hebben huidige IKC Remigius, wordt voor de vaststelling uitgemaakt van het project ‘Vitaal Centrum’ van het bestemmingsplan vastgesteld en en derhalve ook niet meegenomen zijn in de vervangt daarmee de vigerende grondexploitatie grondexploitatie voor het project ‘Vitaal per 01-01-2022 Centrum’. Indieners van de zienswijze verzoeken een onderzoek toe te voegen De vigerende grondexploitatie is de naar de economische uitvoerbaarheid deze grondexploitatie zoals openomen in de in relatie tot gemaakte kosten en jaarrekening 2021. Door vaststelling van de opbrengsten uit het project Vitaal Centrum jaarrekening is deze grondexploitatie daarmee en de afbraak en nieuwbouw van de school de vastgestelde grondexploitatie geworden. En daarin te betrekken. is er in de begroting een voorziening getroffen 21
Zienswijze geeft geen aanleiding om het bestemmingsplan ‘Droopad 1’ te wijzigen.
Zienswijze geeft aanleiding tot het aanvullen van paragraaf 6.1 van beide plannen.
voor het tekort in de grondexploitatie conform de richtlijnen van de BBV. Daarmee is de grondexploitatie economisch uitvoerbaar. De gemeente heeft de geldelijke middelen om de ontwikkeling te financieren. Voor het tekort in de geactualiseerde grondexploitatie zal bij vaststelling door de raad eveneens voorziening getroffen worden conform de richtlijnen van de BBV. Deze voorziening zal dan in de begroting worden verwerkt en wordt tevens verwerkt in de jaarrekening 2022. Door het instellen van een voorziening ter dekking van het tekort van de geactualiseerde grondexploitatie is de economische uitvoerbaarheid van de geactualiseerde grondexploitatie aangetoond. De grondexploitatie wordt met een separaat besluit bekrachtigd door de gemeenteraad en wijzig daarmee voorliggend plan niet. De verantwoording hiervan is opgenomen in hoofdstuk 6.1 van de plantoelichting. Indieners van zienswijze 4 4.1
Samenvatting
Beantwoording
Conclusie Zienwijze
Indieners van de zienswijze kunnen zich niet verenigen met de positionering van het bebouwingsvlak van de nieuw te bouwen school. Tijdens vergaderingen van de klankbordgroep is meermaals verzocht het bouwvlak van de nieuw te bouwen school te verplaatsen in westelijke richting, zodat het huidige voet-/fietspad, de groenstrook en het speelterrein aldaar in tact blijft. Naar
De huidige concrete plannen die momenteel in het verschiet liggen voor het centrum voorzien niet in extra aanvullende openbare parkeervoorzieningen en deze ontwikkelingen zullen dan ook ten gevolge hebben dat de parkeerdruk in het centrum de komende jaren gaat toenemen. Dit geldt specifiek voor het Liemersplein, waar nu de grootste restcapaciteit ligt. De belangrijkste oorzaak hiervan is de
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
22
mening van de indieners van de zienswijze is daar tot op heden onvoldoende gemotiveerd waarom deze verplaatsing naar mening van de gemeente geen optie is. Indieners van de zienswijze verzoeken deze keuze nader te onderbouwen. Indieners van de zienswijze voegen hier aan toe: gekeken naar het bijgevoegde parkeeronderzoek en de veronderstelde plannen die er in het centrum in het verschiet liggen, die aanvullende parkeervoorzieningen opleveren, zijn de indieners van de zienswijze er stellig van overtuigd dat het opschuiven van het bouwvlak in westelijke richting zeer wel mogelijk is en zelfde financiële voordelen heeft voor de gemeente. Indieners van de zienswijze stellen vandaar voor om de veronderstelde overcapaciteit aan parkeerplaatsen te gebruiken om het bebouwingsvlak van de nieuwe school ca. 15 meter in westelijke richting te verschuiven om zodoende recht te doen aan de wens van de klankbordgroep (en bewoners/ eigenaren als direct belanghebbenden).
woningbouw op het Remigiusplein. Er is recentelijk een parkeernotitie opgesteld met daarin de gevolgen van de toekomstige ontwikkelingen en de invloed daarvan op parkeren. De uitkomsten daarvan is dat de parkeerdruk in het centrum gaat toenemen tot een parkeerdruk van tussen de 73% en 82%, dit is afhankelijk van het aantal leegstaande winkelpanden. Daarnaast wordt het Liemersplein gebruikt voor evenementen. Niet alleen betekent het verkleinen van het Liemersplein een toename van de huidige en toekomstige parkeerdruk in het centrum, het betekent ook dat een aantal evenementen op het Liemersplein niet meer in de huidige vorm plaats kunnen vinden en de parkeercapaciteit tijdens evenementen nog verder beperkt wordt. Zo kan een deel van het Liemersplein nog gebruikt worden wanneer de IJsbaan er staat. Dat zal bij het verkleinen van het Liemersplein niet meer mogelijk zijn. In de huidige situatie met de voorziene ontwikkelingen in het centrum en de IJsbaan betekent het dat er een parkeerdruk in het centrum ontstaat van 84%. Dit is tegen de grens aan van de maximale acceptabele parkeerdruk in het centrum van 85%. Wanneer de huidige leegstand wordt opgelost komt de parkeerdruk zelfs boven dit percentage uit.
Wanneer van het Liemersplein alleen al een kwart van de huidige capaciteit (ongeveer 50 parkeerplaatsen, overeenkomstig met het voorstel om de school 15 meter te verplaatsen) wordt afgehaald betekent dit al dat de parkeerdruk in het centrum in de huidige 23
situatie met ontwikkelingen toeneemt van 73% naar 80%. Wanneer deze toename ook in de situatie met het verminderen van de huidige leegstand wordt meegenomen dan komt de parkeerdruk in het centrum uit op 89%. Dit is boven de maximale acceptabele parkeerdruk van 85%. Gelet op het bovenstaande is het niet wenselijk het bouwvlak van de nieuw te bouwen school in westelijke richting te verplaatsen en daarmee het Liemersplein te verkleinen.
4.2
Nadere toelichting: tijdens de klankbordgroepen is het punt van parkeren en het verschuiven van de onderwijsaccommodatie meerdere malen aan de orde geweest. Tijdens al deze klankbordgroepen is aangegeven dat dit om hierboven genoemde redenen niet kan. Met de ontwerpen van het nieuwe gebouw is ook aan de klankbordgroep getoond hoe het nieuwe gebouw komt te liggen ten opzichte van de woningen en het fietspad. Aan de ligging van het gebouw is niets veranderd sinds de plannen zijn getoond in de klankbordgroep. Indieners van de zienswijze wijzen erop dat Het nieuw aan te leggen fiets- en voetpad zal in de groenbestemming tussen de nieuw te de huidige ontwerpen niet snelheid verhogend bouwen school en de bestaande woningen werken ten opzichte van het huidige fiets- en aan de Wilgenlaan ruimte geeft om het voetpad. Wanneer het nieuw aan te leggen fietsvoet-/ fietspad nog verder in de richting van en voetpad verder opschuift ten opzichte van de daaraan grenzende achtertuinen te het huidige ontwerp wordt er juist een afname verleggen. Daarbij vrezen indieners van de van de gereden snelheid verwacht op het zienswijze dat het nieuw aan te leggen voet- fietspad.
Er zullen bij de aanleg van het nieuwe /fietspad snelheid-verhogend zal werken fiets- en voetpad meer bochten gemaakt moeten met als gevolg meer geluidhinder en ten opzichte va het huidige pad, die met minder mogelijk verkeersgevaar voor alle snelheid genomen kunnen worden. De vrees 24
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
omwonenden.
4.3
4.4
Indieners van de zienswijze geven aan dat zij uit het ontwerpbestemmingsplan, en dan met name de plankaart, niet duidelijk af kunnen leiden hoe een mogelijk toekomstige terreininrichting er uit kan gaan zien. Met name de toekomstige inrichting van de groenstrook die tussen de nieuwe maatschappelijke bestemming en de bestaande woningen/ tuinen ligt is hier van belang. Indieners van de zienswijze vrezen ervoor dat er vrijwel niets meer over blijft van de groenstrook en het speelterrein. Omdat door de gemeente steeds wordt aangegeven dat de toekomstige terreininrichting nog wordt ontworpen, blijft de onduidelijkheid over deze inrichting bestaan. Indieners van de zienswijze geven aan dat voorliggend ontwerpbestemmingsplan onvoldoende duidelijk maakt waar wat gebouwd kan worden en hoe dat er concreet en op een hoger detailniveau uit gaat zien. Dit geldt voor alle in het plan opgenomen bestemmingen. Hierdoor voelt het voor de indieners van de zienswijze onzeker en beidt het plan onvoldoende rechtszekerheid en informatie waar het gaat om dergelijke ingrepen die invloed hebben
van de indieners van de zienswijze is vandaar niet terecht. Daarbij loopt het gesprek over het ontwerp van de openbare ruimte momenteel nog zie beantwoording zienswijze 4.3. De zienswijze geeft vandaar geen aanleiding tot het wijzigen van het plan. De gemeente is momenteel samen met de landschapsarchitect voor dit project in gesprek met de belanghebbenden om te komen tot een zo goed mogelijk (en gedragen) ontwerp. Deze zorgen van de indieners van de zienswijze zullen nadrukkelijk meegenomen worden in deze ontwerpopgave.
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
Voor een nadere toelichting wordt tevens verwezen naar de beantwoording van zienswijze 4.4.
Voorliggend bestemmingsplan voorziet in twee verschillende bestemmingstechnieken. Voor het nieuw te bouwen schoolgebouw is een directe bestemming opgenomen met bijbehorend bouwvlak. Deze aspecten zijn vastgelegd op de verbeelding behorende bij het bestemmingsplan. Het schoolgebouw mag enkel binnen de contouren van dit bouwvlak gebouwd worden. Het schoolgebouw en overige bouwwerken moeten voldoen aan de bouwvoorschriften die vastgelegd zijn in de 25
Zienswijze geeft geen aanleiding om de bestemmingsplannen te wijzigen.
op de directe leefomgeving.
bestemmingsplanregels. Zowel de verbeelding als de bestemmingsplanregels zijn juridisch bindend en daarmee is de rechtszekerheid van het plan gewaarborgd. Daarnaast is de verschijningsvorm van het schoolgebouw zeer gedetailleerd opgenomen in de plantoelichting. De locatie achter het gemeentehuis en de huidige locatie van het IKC Remigius zijn voorzien van een nader uit te werken woonbestemming op de verbeelding. Daarbij zijn nu enkel de maximale bouwhoogte en het maximaal aantal toegestane wooneenheden opgenomen in de planregels. Dit plan legt daarmee de beweegruimte vast waarbinnen het college bevoegd is een nadere invulling van het gebied uit te werken. Een uitgewerkt bouwplan is er op dit moment nog niet en kan zodoende ook niet worden opgenomen in het bestemmingsplan. Voor dit nader uit te werken bouwplan wordt op een later moment een nieuwe procedure opgestart met een bijpassend participatietraject. Daarover wordt u als omwonende te zijner tijd op de hoogte gesteld.
4.5
Gezien bovenstaande uiteenzetting wordt geconcludeerd dat er volledige transparantie wordt geboden over de op dit moment bekende bouwplannen. Daarbij zijn deze zaken in voorliggend plan op de juiste wijze planologischjuridisch geborgd. Indieners van de zienswijze geven aan dat De gemeente deelt deze visie niet volledig. De het de insteek is geweest om als klankbordgroep is in het leven geroepen om te klankbordgroep mede vorm te mogen geven mee te denken over de inpassing van het nieuw aan de wens voor de ontwikkeling van een te bouwen schoolgebouw. De ontwerp opgave 26
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC
nieuw IKC-Remigius. Echter is er, naar mening van de indieners van de zienswijze, slechts in beperkte mate naar de klankbordgroep geluisterd en afwijkend gehandeld, zonder dit te onderbouwen naar de klankbordgroep als gesprekspanter in deze. Indieners van de zienswijze willen graag serieus genomen worden en verwachten dan ook dat de gemeenteraad hiernaar zal handelen en in deze zienswijze tegemoet zal komen.
4.6
4.7
Indieners van zienswijze 5
Indieners van de zienswijze zijn van mening dat er elementaire afwegingen en onderbouwingen van keuzes ontbreken in dit plan. Deze keuze dienen dan ook nader onderbouwd te worden. Indieners van de zienswijze geven aan dat er sprake is van woningbouw op locaties direct grenzend aan het toekomstige IKC, deze locaties vraagt om een nauwkeurigere afbakening van situering van de bebouwing, temeer omdat het Vitaal Centrum van Duiven een behoorlijk kwetsbaar en complex gebied is. Vandaar vraagt dit plan naar mening van de indieners van de zienswijze vooral om een duidelijker toekomstbeeld, met een beleidskader dat meer rechtszekerheid beidt dan in dit plan is weggelegd. Samenvatting
voor het schoolgebouw zelf heeft niet in de invloedsfeer van de klakbordgroep gelegen. Desondanks is de input vanuit de klankbordgroep, onder andere over de balkons, wel meegenomen.
Zoals eerder vermeld is de gemeente momenteel samen met de landschapsarchitect voor dit project in gesprek met de belanghebbenden om te komen tot een zo goed mogelijk (en gedragen) ontwerp. Deze input vanuit de klankbordgroep zal meegenomen worden in deze ontwerpopgave. In de beantwoording van zienswijzen 4.1 t/m 4.5 worden deze zaken nader onderbouwd. In de veronderstelling hiermee tegemoet te komen aan het verzoek van de indieners van de zienswijze. De zienswijze wordt gevolgd. Om dit aspect te borgen wordt er in de bestemming ‘Woongebied – Uit te werken 2’ een functieaanduiding ‘Wonen uitgesloten’ aan de zuidzijde van dit plangebied. Zodoende wordt de afstand van deze woningen tot het nieuw te bouwen schoolgebouw geborgd.
Beoordeling
27
Remigius’ te wijzigen.
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen. De verbeelding en planregels van het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ worden aangepast door de functieaanduiding ‘Wonen uitgesloten’ op te nemen aan de zuidzijde van de bestemming ‘Woongebied – Uit te werken 2’.
Conclusie zienswijze
5.1
Indieners van de zienswijze kunnen zich niet verenigen met de positionering van het bebouwingsvlak van de nieuw te bouwen school. Tijdens vergaderingen van de klankbordgroep is meermaals verzocht het bouwvlak van de nieuw te bouwen school te verplaatsen in westelijke richting, zodat het huidige voet-/fietspad, de groenstrook en het speelterrein aldaar in tact blijft. Naar mening van de indieners van de zienswijze is daar tot op heden onvoldoende gemotiveerd waarom deze verplaatsing naar mening van de gemeente geen optie is. Indieners van de zienswijze verzoeken deze keuze nader te onderbouwen. Indieners van de zienswijze voegen hier aan toe: gekeken naar het bijgevoegde parkeeronderzoek en de veronderstelde plannen die er in het centrum in het verschiet liggen, die aanvullende parkeervoorzieningen opleveren, zijn de indieners van de zienswijze er stellig van overtuigd dat het opschuiven van het bouwvlak in westelijke richting zeer wel mogelijk is en zelfde financiële voordelen heeft voor de gemeente. Indieners van de zienswijze stellen vandaar voor om de veronderstelde overcapaciteit aan parkeerplaatsen te gebruiken om het bebouwingsvlak van de nieuwe school ca. 15 meter in westelijke richting te verschuiven om zodoende recht te doen aan de wens van de klankbordgroep (en bewoners/ eigenaren als direct
De huidige concrete plannen die momenteel in het verschiet liggen voor het centrum voorzien niet in extra aanvullende openbare parkeervoorzieningen en deze ontwikkelingen zullen dan ook ten gevolge hebben dat de parkeerdruk in het centrum de komende jaren gaat toenemen. Dit geldt specifiek voor het Liemersplein, waar nu de grootste restcapaciteit ligt. De belangrijkste oorzaak hiervan is de woningbouw op het Remigiusplein. Er is recentelijk een parkeernotitie opgesteld met daarin de gevolgen van de toekomstige ontwikkelingen en de invloed daarvan op parkeren. De uitkomsten daarvan is dat de parkeerdruk in het centrum gaat toenemen tot een parkeerdruk van tussen de 73% en 82%, dit is afhankelijk van het aantal leegstaande winkelpanden. Daarnaast wordt het Liemersplein gebruikt voor evenementen. Niet alleen betekent het verkleinen van het Liemersplein een toename van de huidige en toekomstige parkeerdruk in het centrum, het betekent ook dat een aantal evenementen op het Liemersplein niet meer in de huidige vorm plaats kunnen vinden en de parkeercapaciteit tijdens evenementen nog verder beperkt wordt. Zo kan een deel van het Liemersplein nog gebruikt worden wanneer de IJsbaan er staat. Dat zal bij het verkleinen van het Liemersplein niet meer mogelijk zijn.
In de huidige situatie met de voorziene ontwikkelingen in het centrum en de IJsbaan betekent het dat er een parkeerdruk in het centrum ontstaat van 84%. Dit is tegen de grens aan van de maximale 28
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
belanghebbenden).
5.2
Indieners van de zienswijze wijzen erop dat de groenbestemming tussen de nieuw te
acceptabele parkeerdruk in het centrum van 85%. Wanneer de huidige leegstand wordt opgelost komt de parkeerdruk zelfs boven dit percentage uit. Wanneer van het Liemersplein alleen al een kwart van de huidige capaciteit (ongeveer 50 parkeerplaatsen, overeenkomstig met het voorstel om de school 15 meter te verplaatsen) wordt afgehaald betekent dit al dat de parkeerdruk in het centrum in de huidige situatie met ontwikkelingen toeneemt van 73% naar 80%. Wanneer deze toename ook in de situatie met het verminderen van de huidige leegstand wordt meegenomen dan komt de parkeerdruk in het centrum uit op 89%. Dit is boven de maximale acceptabele parkeerdruk van 85%. Gelet op het bovenstaande is het niet wenselijk het bouwvlak van de nieuw te bouwen school in westelijke richting te verplaatsen en daarmee het Liemersplein te verkleinen. Nadere toelichting: tijdens de klankbordgroepen is het punt van parkeren en het verschuiven van de onderwijsaccommodatie meerdere malen aan de orde geweest. Tijdens al deze klankbordgroepen is aangegeven dat dit om hierboven genoemde redenen niet kan. Met de ontwerpen van het nieuwe gebouw is ook aan de klankbordgroep getoond hoe het nieuwe gebouw komt te liggen ten opzichte van de woningen en het fietspad. Aan de ligging van het gebouw is niets veranderd sinds de plannen zijn getoond in de klankbordgroep.
Het nieuw aan te leggen fiets- en voetpad zal in de huidige ontwerpen niet snelheid verhogend 29
Zienswijze geeft geen aanleiding om het
bouwen school en de bestaande woningen aan de Wilgenlaan ruimte geeft om het voet-/ fietspad nog verder in de richting van de daaraan grenzende achtertuinen te verleggen. Daarbij vrezen de indieners van de zienswijze dat het nieuw aan te leggen voet-/fietspad snelheid-verhogend zal werken met als gevolg meer geluidhinder en mogelijk verkeersgevaar voor alle omwonenden.
5.3
5.4
Indieners van de zienswijze geven aan dat zij uit het ontwerpbestemmingsplan, en dan met name de plankaart, niet duidelijk af kunnen leiden hoe een mogelijk toekomstige terreininrichting er uit kan gaan zien. Met name de toekomstige inrichting van de groenstrook die tussen de nieuwe maatschappelijke bestemming en de bestaande woningen/ tuinen ligt is hier van belang. Indieners van de zienswijze vrezen ervoor dat er vrijwel niets meer over blijft van de groenstrook en het speelterrein. Omdat door de gemeente steeds wordt aangegeven dat de toekomstige terreininrichting nog wordt ontworpen, blijft de onduidelijkheid over deze inrichting bestaan. Indieners van de zienswijze geven aan dat voorliggend ontwerpbestemmingsplan
werken ten opzichte van het huidige fiets- en voetpad. Wanneer het nieuw aan te leggen fietsen voetpad verder opschuift ten opzichte van het huidige ontwerp wordt er juist een afname van de gereden snelheid verwacht op het fietspad. Er zullen bij de aanleg van het nieuwe fiets- en voetpad meer bochten gemaakt moeten ten opzichte va het huidige pad, die met minder snelheid genomen kunnen worden. De vrees van de indieners van de zienswijze is vandaar niet terecht. Daarbij loopt het gesprek over het ontwerp van de openbare ruimte momenteel nog zie beantwoording zienswijze 5.3. De zienswijze geeft vandaar geen aanleiding tot het wijzigen van het plan. De gemeente is momenteel samen met de landschapsarchitect voor dit project in gesprek met de belanghebbenden om te komen tot een zo goed mogelijk (en gedragen) ontwerp. Deze zorgen van de indieners van de zienswijze zullen nadrukkelijk meegenomen worden in deze ontwerpopgave.
ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
Zienswijze geeft geen aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan ‘Vitaal Centrum, IKC Remigius’ te wijzigen.
Voor een nadere toelichting wordt tevens verwezen naar de beantwoording van zienswijze 5.4.
Voorliggend bestemmingsplan voorziet in twee verschillende bestemmingstechnieken. 30
Zienswijze geeft geen aanleiding om beide
onvoldoende duidelijk maakt waar wat gebouwd kan worden en hoe dat er concreet en op een hoger detailniveau uit gaat zien. Dit geldt voor alle in het plan opgenomen bestemmingen. Hierdoor voelt het voor de indieners van de zienswijze onzeker en beidt het plan onvoldoende rechtszekerheid en informatie waar het gaat om dergelijke ingrepen die invloed hebben op de directe leefomgeving.
Voor het nieuw te bouwen schoolgebouw is een directe bestemming opgenomen met bijbehorend bouwvlak. Deze aspecten zijn vastgelegd op de verbeelding behorende bij het bestemmingsplan. Het schoolgebouw mag enkel binnen de contouren van dit bouwvlak gebouwd worden. Het schoolgebouw en overige bouwwerken moeten voldoen aan de bouwvoorschriften die vastgelegd zijn in de bestemmingsplanregels. Zowel de verbeelding als de bestemmingsplanregels zijn juridisch bindend en daarmee is de rechtszekerheid van het plan gewaarborgd. Daarnaast is de verschijningsvorm van het schoolgebouw zeer gedetailleerd opgenomen in de plantoelichting. De locatie achter het gemeentehuis en de huidige locatie van het IKC Remigius zijn voorzien van een nader uit te werken woonbestemming op de verbeelding. Daarbij zijn nu enkel de maximale bouwhoogte en het maximaal aantal toegestane wooneenheden opgenomen in de planregels. Dit plan legt daarmee de beweegruimte vast waarbinnen het college bevoegd is een nadere invulling van het gebied uit te werken. Een definitief uitgewerkt bouwplan is er op dit moment nog niet en kan zodoende ook niet worden opgenomen in het bestemmingsplan. Voor dit nader uit te werken bouwplan wordt op een later moment een nieuwe procedure opgestart met een bijpassend participatietraject. Daarover wordt u als omwonende te zijner tijd op de hoogte gesteld.
Gezien bovenstaande uiteenzetting wordt 31
bestemmingsplannen te wijzigen.
5.5
5.6
5.7
geconcludeerd dat er volledige transparantie wordt geboden over de op dit moment bekende bouwplannen. Daarbij zijn deze zaken in voorliggend plan op de juiste wijze planologischjuridisch geborgd. Indieners van de zienswijze geven aan dat De gemeente deelt deze visie niet volledig. De het de insteek is geweest om als klankbordgroep is in het leven geroepen om te klankbordgroep mede vorm te mogen geven mee te denken over de inpassing van het nieuw aan de wens voor de ontwikkeling van een te bouwen schoolgebouw. De ontwerp opgave nieuw IKC-Remigius. Echter is er, naar voor het schoolgebouw zelf heeft niet in de mening van de indieners van de zienswijze, invloedsfeer van de klakbordgroep gelegen. slechts in beperkte mate naar de klankbordgroep geluisterd en afwijkend Zoals eerder vermeld is de gemeente gehandeld, zonder dit te onderbouwen naar momenteel samen met de landschapsarchitect de klankbordgroep als gesprekspanter in voor dit project in gesprek met de deze. Indieners van de zienswijze willen belanghebbenden om te komen tot een zo goed graag serieus genomen worden en mogelijk (en gedragen) ontwerp. Deze input verwachten dan ook dat de gemeenteraad vanuit de klankbordgroep zal meegenomen hiernaar zal handelen en in deze zienswijze worden in deze ontwerpopgave. tegemoet zal komen.