11. 201726847-Bijlage 6 bij de motivering - Memo luchtkwaliteit
Tekst van het document
Memo Luchtkwaliteit Sportpark Westervoort Gemeente Westervoort
Projectnummer: 4291.01 Versie: concept Datum: 30-04-2025
Inhoud Inhoud .......................................................................................................................................... 0 1.
Inleiding ............................................................................................................................... 1 1.1 Aanleiding ................................................................................................................ 1 1.2 Doelstelling van het onderzoek............................................................................ 1
2.
Wettelijk kader .................................................................................................................... 2
3.
Onderzoek............................................................................................................................ 3 3.1 NIBM-tool ................................................................................................................. 3 3.2 Lokale luchtkwaliteit .............................................................................................. 3
4.
Conclusie ............................................................................................................................. 5
Memo luchtkwaliteit
Buro Ontwerp & Omgeving
1.
Inleiding
1.1
Aanleiding De gemeente Westervoort werkt aan de gebiedsontwikkeling Westervoort Noord. Hiervoor zijn in 2024 een kaderdocument en een gebiedsvisie vastgesteld. Onderdeel van deze gebiedsontwikkeling is de verplaatsing van de sportvelden aan de Brouwerslaan, zodat hier woningbouw kan worden gerealiseerd. De beoogde locatie voor de verplaatsing van het sportpark is gelegen op agrarische gronden ten noordoosten van de kern Westervoort, globaal gelegen tussen De Smidse en de Horsterstraat. De in het koersdocument aangewezen locatie betreft de kadastrale percelen bekend als gemeente Duiven, sectie H nummers 1800, 1801, 1805 en 1806, met een gezamenlijke oppervlakte van ongeveer 17,5 hectare. Voor de realisatie van het sportpark is Buro Ontwerp & Omgeving gevraagd om een onderzoek locatieontwikkeling uit te voeren. Het doel is om te komen tot een advies ten aanzien van de kansen en bedreigingen van de realisatie van een sportpark op de beoogde locatie, alsmede aanbevelingen te doen voor eventueel noodzakelijke vervolgonderzoeken en aanvullende randvoorwaarden voor het ontwerp van het sportpark. Het onderzoek locatieontwikkeling vormt zo het kader voor een eventuele vervolgfase (ontwerp- en procedurefase). Samen met diverse andere onderzoeken vormt onderhavige quickscan een onderdeel van het advies ten aanzien van de locatieontwikkeling.
1.2
Doelstelling van het onderzoek De doelstelling van dit onderzoek is tweeledig. Enerzijds is de doelstelling het onderzoeken of het project in betekenende mate bijdraagt aan de verslechtering van de luchtkwaliteit ter plaatse. Anderzijds wordt de luchtkwaliteit ter plaatse van het projectgebied onderzocht, om aan te tonen dat er, in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, sprake is van een aanvaardbare luchtkwaliteit om een nieuw sportpark te gebruiken.
1
Memo luchtkwaliteit
2.
Buro Ontwerp & Omgeving
Wettelijk kader
De hoofdlijnen voor regelgeving rondom luchtkwaliteitseisen staan beschreven in de instructieregels opgenomen in het Bkl. Ter bescherming van de gezondheid zijn voor het aspect luchtkwaliteit instructieregels opgenomen in paragraaf 5.1.4.1 Bkl. Volgens deze regels gelden zogeheten omgevingswaarden voor onder andere de in de buitenlucht voorkomende stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2,5). Een activiteit is toelaatbaar als aan één van de volgende voorwaarden wordt voldaan: • Er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde; • Het project leidt per saldo niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit; • Het project draagt alleen niet in betekenende mate bij aan de luchtverontreiniging. De beoordeling van de luchtkwaliteit vindt niet overal plaats. Voor een activiteit die niet in betekenende mate (NIBM) bijdraagt aan de luchtverontreiniging, is geen toetsing aan de rijksomgevingswaarden voor stikstofdioxide en fijnstof nodig. Uit artikel 5.53 en 5.54 Bkl volgt dat een project niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit als de toename van de concentratie NO2 en PM10 niet hoger is dan 1,2 ug/m3. Dat is 3% van de omgevingswaarde voor de jaargemiddelde concentraties. Er zijn twee mogelijkheden om aannemelijk te maken dat een project binnen de NIBM-grens blijft: 1.
Motiveren dat het project binnen de getalsmatige grenzen van een aangewezen categorie blijft. Onder deze 'standaardgevallen NIBM' vallen kantoren, woonwijken en het telen van gewassen. Dit moet wel onder een bepaalde omvang blijven conform artikel 5.54 Bkl. Valt een project binnen de genoemde categorie, maar niet binnen de gestelde grenzen? Het is dan mogelijk om alsnog via detailberekeningen aannemelijk te maken dat de 3%-grens niet wordt overschreden;
2.
Op een andere manier aannemelijk maken dat een project de 3%-grens niet overschrijdt. Soms kan een kwalitatieve berekening voldoende zijn. Met de NIBM-tool kan op een eenvoudige en snelle manier berekend worden of een project in betekenende mate bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Soms zijn detailberekeningen nodig als aanvulling op de NIBM-tool.
Buiten de zogenaamde aandachtsgebieden (die liggen in de grotere stedelijke agglomeraties) blijft toetsing aan het onderwerp luchtkwaliteit in het omgevingsplan beperkt tot de aanleg van auto(snel)wegen en langere tunnelbuistrajecten. De rijksomgevingswaarden voor luchtkwaliteit gelden niet voor arbeidsplaatsen. Daartoe behoren bijvoorbeeld bedrijventerreinen, maar ook bedrijfswoningen. Ten slotte moet in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties afgewogen worden of de luchtkwaliteit ter plaatse van het initiatief aanvaardbaar is om een nieuw sportpark te realiseren.
2
Memo luchtkwaliteit
Buro Ontwerp & Omgeving
3.
Onderzoek
3.1
NIBM-tool Het voorgenomen initiatief voorziet in de realisatie van een nieuw sportpark. Gezien het gebruik van een sportpark niet onder de standaardgevallen NIBM valt, is het noodzakelijk aan te tonen dat het project alsnog de 3% grens niet overschrijdt. Met behulp van de NIBM-tool kan worden bepaald of een project in betekenende mate bijdraagt aan de luchtverontreiniging. Navolgende afbeelding toont de ingevulde NIBM-tool.
De verkeersaantrekkende werking is afkomstig uit de ‘Verkeerskundige quickscan sportpark Duiven/Westervoort’. Hierin wordt aangegeven dat de maximale verkeersbewegingen per etmaal 825 bedragen. Daarnaast wordt er worst-case uitgegaan van 25 vrachtwagenbewegingen per etmaal. Hiermee komt de totale verkeersgeneratie op 850 verkeersbewegingen per etmaal. Het aandeel vrachtverkeer bestaat dan uit circa 3% van de verkeersbewegingen. Uit de NIBM tool blijkt dat de bijdrage van het extra verkeer niet-in-betekende-mate is. Het is niet noodzakelijk dit aspect nader te onderzoeken. 3.2
Lokale luchtkwaliteit In het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is tevens de lokale luchtkwaliteit onderzocht, zodat onacceptabele gezondheidsrisico's kunnen worden uitgesloten. Hiertoe is het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit (CIMLK) uit het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (NSL) van de rijksoverheid geraadpleegd. Het CIMLK geeft inzicht in de concentraties stikstofdioxide (NO2) en fijnstof (PM10 en PM2,5) in het projectgebied tussen 2023 en 2030. Het CIMLK maakt duidelijk dat de concentraties luchtvervuilende stoffen in de peiljaren 2023, 2025 en 2030 in het projectgebied onder de grenswaarden liggen die op Europees niveau zijn vastgesteld ter bescherming van mens en milieu tegen schadelijke gevolgen van luchtverontreiniging. De blootstelling aan luchtverontreiniging is hierdoor beperkt en leidt niet tot onaanvaardbare gezondheidsrisico's. Voor NO2 en PM10 verbindingen geldt een grenswaarde van 40 µg/m3. Voor PM2,5 geldt een grenswaarde van 20 µg/m3. 3
Memo luchtkwaliteit
Buro Ontwerp & Omgeving
Het rekenpunt (27364178_10342) ligt op circa 1,45 km afstand van het projectgebied. Dit rekenpunt ligt aan de Rijksweg A12. Het rekenpunt kent de volgende gemeten waarden voor NO2, PM10 en PM2,5 in 2023: NO2: 19,3199 µg/m3 PM10: 15,8211 µg/m3 PM2,5: 8,7392 µg/m3 De hoeveelheid NO2, PM10 en PM2,5 in het projectgebied blijven ruimschoots onder de gestelde grenswaarden. Daarnaast wordt direct naast de Rijksweg A12 gemeten. Het projectgebied ligt op circa 1,45 km van het meetpunt, waardoor het aannemelijk is dat er ter plaatse van het projectgebied minder schadelijke stoffen worden gemeten. De monitoringstool maakt dus duidelijk dat de concentraties luchtvervuilende stoffen in de peiljaren 2023, 2025 en 2030 in het projectgebied onder de grenswaarden liggen die op Europees niveau zijn vastgesteld ter bescherming van mens en milieu tegen schadelijke gevolgen van luchtverontreiniging. De blootstelling aan luchtverontreiniging is hierdoor beperkt en leidt niet tot onaanvaardbare gezondheidsrisico's.
4
Memo luchtkwaliteit
4.
Buro Ontwerp & Omgeving
Conclusie
Uit het voorgaande blijkt dat het aspect luchtkwaliteit geen belemmering vormt voor het gebruik van een nieuw sportpark. Allereerst blijkt uit de NIBM-tool dat er met het gebruik van het nieuwe sportpark geen sprake is van een in betekenende mate bijdrage aan de verslechtering van de luchtkwaliteit ter plaatse van het projectgebied. Daarnaast toont het onderzoek aan dat, in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, onacceptabele gezondheidsrisico's kunnen worden uitgesloten.
5