CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

Technische vragen Perspectiefnota 2025.pdf

Raadsvergadering 11 juli 2024, gemeente DrontenBij agendapunt: 4: Raadsvoorstel Perspectiefnota 20254.647 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Technische vragen Perspectiefnota 2025

Inhoudsopgave _Toc256000000Schriftelijke vragen raad inzake Perspectiefnota 2025 ......................... 3 Vraag 1 - CU ..................................................................................................... 3 Vraag 2 - CU ..................................................................................................... 3 Vraag 3 - CU ..................................................................................................... 4 Vraag 4 - VVD ................................................................................................... 5 Vraag 5 - VVD ................................................................................................... 6 Vraag 6 - VVD ................................................................................................... 6 Vraag 7 - VVD ................................................................................................... 6 Vraag 8 - VVD ................................................................................................... 7 Vraag 9 - VVD ................................................................................................... 7 Vraag 10 - VVD .................................................................................................. 7 Vraag 11 - VVD ..................................................................................................

7 Vraag 12 - VVD .................................................................................................. 8 Vraag 13 - VVD .................................................................................................. 8 Vraag 14 - VVD .................................................................................................. 8 Vraag 15 - VVD .................................................................................................. 9 Vraag 16 - VVD .................................................................................................. 9 Vraag 17 - VVD ................................................................................................ 10 Vraag 18 - VVD ................................................................................................ 10 Vraag 19 - VVD ................................................................................................ 11 Vraag 20 - VVD ................................................................................................ 11 Vraag 21 - VVD ................................................................................................ 11 Vraag 22 - VVD ................................................................................................ 11 Vraag 23 - VVD ................................................................................................

12 Vraag 24 - VVD ................................................................................................ 12 Vraag 25 - VVD ................................................................................................ 12 Gebundelde vragen - VVD ................................................................................. 13

Technische vragen Perspectiefnota 2025

2

Schriftelijke vragen raad inzake Perspectiefnota 2025 Onderstaand treft u de beantwoording van de vragen aan.

Vraag 1 - CU Sociaal Domein - PM In de perspectiefnota staat bij sociaal domein dat het budget nog moet worden vastgesteld en er een pro memorie is op dit moment. Dat budget straks gekoppeld wordt, maar technisch gezien blijft nu onduidelijk hoeveel er binnen het sociaal domein te besteden valt en ook welke ruimte er zit of misschien juist helemaal niet. Hoe gaan we de percentages meten, aan welke 0-meting (er worden veel percentages benoemd, maar ten opzichte van wat worden die dan vastgesteld?) of beginnen we op 0 en vanuit welke vragen gaan we hier dan percentuele waardes aan verbinden? (Pagina 10) Antwoord Binnen het sociaal domein zijn we op dit moment bezig met het ontwikkelen van nieuw beleid waar uitvoeringsmaatregelen aan gekoppeld zullen gaan worden. Hiertoe zijn een tweetal raadsbijeenkomsten (buiten de cyclus om op 16 mei en 05 juni) gepland. Op 05 juni informeren we de raad over het financiële kader beleid sociaal domein, waarin structurele en incidentele middelen benoemd staan. Voor 2025 zijn de begrote structurele middelen vrijwel gelijk aan 2024 (€ 71.029.000,). Een knelpunt kan ontstaan bij de incidentele lasten die begroot zijn; die vervallen eind 2024 inzake het wegvallen van de verlengde beleidsperiode.

Concreet betekent dit in de huidige begroting dat er een uitdaging is van circa € 600.000 in de incidentele subsidiemiddelen, ervan uitgaande dat de personele lasten in de begroting 2025 vastgesteld worden. Deze incidentele lasten zijn onderwerp van gesprek, omdat hier mogelijk uitdagingen zitten voor maatschappelijke subsidiepartners. We nemen dit bedrag mee in de begroting van 2025 en beschouwen 2025 als overgangsjaar. Op basis van maatschappelijke effecten en nieuw te vormen beleidsdoelstellingen wordt besproken en bepaald - op welke wijze de gesubsidieerde activiteiten in de incidentele middelen bijdragen aan de beleidsdoelen - of er alternatieven zijn die doelmatiger zijn - wat er gebeurt indien (een deel van) deze incidentele middelen niet ingezet worden.

Vraag 2 - CU Personeelsstop Hoe wordt de personeelsstop bedoeld i.c.m. de huidige openstaande vacatures? (O.a. veel vacatures op het gebied van financiën en control lijken wel blijvend relevant.) (Pagina 9) Antwoord Op pagina 10 van de perspectiefnota wordt het volgende aangegeven: ‘We zien nu dat de aanpassing naar de werkelijkheid een correctie vraagt van incidenteel in 2025 1,2 miljoen en rond de 4,7 miljoen structureel. Vooruitlopend op de Programmabegroting 2026-2029 heeft het college de organisatie de opdracht gegeven na verwerking van deze aanpassingen in de personeelslasten in te

Technische vragen Perspectiefnota 2025

3

zetten op een formatiestop voor de bestaande taken en verantwoordelijkheden'. Er is geen sprake van een personeelsstop en de genoemde formatiestop betekent dat vacatures binnen de vastgestelde formatie ingevuld kunnen worden, alsmede dat er vacatures kunnen ontstaan vanuit nieuwe taken en verantwoordelijkheden.

Vraag 3 - CU Aanwenden incidentele middelen / omgang incidentele middelen sinds 2015 Voorgesteld wordt maximaal 2,5 miljoen incidenteel beschikbaar te stellen voor 2025. Kunt u aangeven hoeveel gelden incidenteel beschikbaar zijn gesteld in de begrotingen sinds 2015, het jaar van de decentralisaties? In het bijzonder zien we graag de bestemmingsreserve sociaal domein hierin opgenomen. Kunt u ook aangeven welke onbenutte bedragen vanuit Sociaal Domein (WMO) sinds 2015 naar de Algemene Reserve zijn overgeheveld? (Pagina 10) Antwoord Sinds 2015 zijn geen onbenutte bedragen WMO naar de Algemene Reserve overgeheveld. Het resultaat op de transitieposten Jeugd en WMO is in alle jaren gesaldeerd en ten laste gebracht van de bestemmingsreserve Sociaal Domein die daarvoor gevormd is. Ten tijde van de decentralisaties zijn de aanwezige middelen in de bestemmingsreserve WMO overgebracht naar de nieuw gevormde bestemmingsreserve Sociaal Domein. Verwacht werd dat er bij de decentralisaties tekorten zouden kunnen ontstaan die voorlopig afgedekt konden worden met de aanwezige middelen. Feitelijk een bufferfunctie bedoeld om in de tijd wellicht zaken bij te stellen. Bij de jaarrekening 2017 was duidelijk dat er inderdaad sprake was van forse tekorten voornamelijk in de Jeugd. De verwachting was dat de bestemmingsreserve SD eind 2018 leeg zou zijn.

In die tijd heeft onderzoeksbureau Berenschot een rapport opgesteld waarin het tekort werd ingeschat op 2,9 miljoen per jaar. In het rapport werden maatregelen voorgesteld waarmee het tekort teruggebracht zou kunnen worden tot € 800.000 per jaar vanaf 2022. In 2018 is besloten van het jaarrekeningresultaat 2017 € 5 miljoen extra te storten in de bestemmingsreserve Sociaal Domein. In de in 2018 opgestelde kadernota 2019 is besloten dat de tekorten voor de jaren 2019 en 2020 hieruit gedekt zouden worden. Het structurele tekort vanaf 2021 kon gedekt worden uit de toen aanwezige begrotingsruimte. Ook is de collegeplanning 2018-2022 opgesteld waarin incidentele middelen voor acties opgenomen zijn. Bij het opstellen van de jaarrekening 2020 bleek dat voor het afdekken van de tekorten 2019 en 2020 € 1.249.000 minder nodig is geweest. De collegeplanning 2018-2022 liep af in 2022 en daarmee vervielen ook de incidentele middelen. Omdat nog niet duidelijk was welke acties men voort wilde zetten is besloten tot een verlengde beleidsperiode 2023-2024 en daarbij behorende incidentele middelen voor € 1.104.000 per jaar. In totaal dus € 2.208.000 waarvan € 1.249.000 gedekt wordt uit het restant bestemmingsreserve SD en het restant ten laste van het begrotingssaldo.

Technische vragen Perspectiefnota 2025

4

Vraag 4 - VVD Ravijn-maximalisatie Wat wordt bedoeld met "ravijn maximalisatie" en hoe vertaalt zich dat financieel? (zie dictum) (Raadsvoorstel, pagina 2 of Perspectiefnota, pagina 4) Antwoord De VNG heeft meermaals advies gegeven over de ravijnjaren. Wij werken in lijn hiervan. Voor ons betekent dat in ieder geval dat we een aantal zaken in onze begroting hebben op te nemen, zodat we naar het juiste (financiële) plaatje kijken. Als wij het straks over de gevolgen van de ravijnjaren moeten hebben, is het belangrijk om niet in een scenario zitten waarin diverse onderdelen nog niet of nog niet voldoende zijn opgenomen. Zowel het (beter) verwerken van het SVP en Dronten 2050 alsook de aanpassing in de personeelslasten zijn financiële vertalingen van de ravijn maximalisatie. Het gat in de begroting van de jaren 2026 tot 2028 kan hierdoor beter worden gepresenteerd.

Technische vragen Perspectiefnota 2025

5

Vraag 5 - VVD OZB Aangeven wordt dat voor wat betreft de belastingtarieven uitgegaan wordt van een verhoging van 6,5%. Hoe wordt voorkomen dat bij de OZB-tarieven (weer) van dusdanige aannames uitgaan dat achteraf moet worden geconstateerd dat de OZB tarieven te hoog zijn vastgesteld? (zie dictum) (Raadsvoorstel, pagina 2) Antwoord Bij het opstellen van de begroting 2025 wordt rekening gehouden met een indexatie van 6,5%. Dit houdt in dat de opbrengsten uit OZB in de begroting worden opgehoogd met 6,5%. De hoogte van deze opbrengsten vormt het uitgangspunt voor het berekenen van het uiteindelijke OZB-tarief. In december 2024 zal aan de hand van de meest recente kerncijfers van GBLT de verordening OZB 2025 ter vaststelling worden voorgelegd aan de raad. Indien de verwachting van GBLT is dat de WOZ-waarden zullen stijgen, zal het uiteindelijke tarief voor 2025 met minder dan 6,5% t.o.v. 2024 worden opgehoogd om met het nieuwe berekende tarief én de verwachte WOZ-waarden uit te komen op het begrote bedrag voor het jaar 2025. GBLT doet een inschatting op basis van de cijfers welke in oktober 2024 voorhanden zijn. Het kan in 2025 dus voorkomen bij het opleggen van de aanslagen dat de inschatting te laag of te hoog is geweest. We hebben dan meer of minder opbrengsten dan in de begroting is opgenomen.

Vraag 6 - VVD Incidentele uitgaven Het college wenst 2,5 miljoen euro beschikbaar te stellen voor incidentele uitgaven. Hoe wordt dit bedrag ingevuld, waarop is de hoogte van dit bedrag gebaseerde hoe wordt dit bedrag gedekt? (zie dictum) (Raadsvoorstel, pagina 2 of Perspectiefnota, pagina 10) Antwoord Het bedrag zal voornamelijk bestaan uit een eenmalige post voor de praktijkschool (0,9 miljoen) en de ontwikkelingen ten behoeve van Dronten 2050 (1,4 miljoen voor onze groeiopgaaf). Deze zullen gedekt worden uit de algemene reserves. Overige incidentele lasten zullen daardoor met incidentele baten moeten worden opgelost of met een verbetering van het structurele begrotingssaldo.

Vraag 7 - VVD Brede welvaart Gesteld wordt 'in het licht van het thema Brede Welvaart': Brede Welvaart betreft een regio groter dan onze gemeente. Op welke wijze onderscheiden we de rollen voor onze gemeente en die voor onze omringende gemeenten? (Raadsvoorstel, pagina 2) Antwoord Brede welvaart wordt in de gemeente Dronten gebruikt als sturingsinstrument om te kunnen sturen op maatschappelijke effecten. Op deze manier wil de gemeente impact realiseren in de wijk, het dorp en in de gemeente. Om zo goed mogelijk bij te dragen aan de brede welvaart van onze inwoners hier en nu en in de toekomst is samenwerking op alle verschillende niveaus nodig. Zo ook op regionaal niveau. Er is geen eenduidige manier waarop we de rollen voor onze gemeente en die voor omringende gemeenten onderscheiden, omdat deze per opgave verschillen.

Technische vragen Perspectiefnota 2025

6

Vraag 8 - VVD Naamswijziging Met welke Raadsleden/werkgroepen is overleg gevoerd om van Kadernota naar Perspectiefnota te komen? (Raadsvoorstel, pagina 3) Antwoord Er is geen overleg met Raadsleden/werkgroepen gevoerd. De verordening stelt vast jaarlijks een 'nota' op te leveren. De verandering van de naamgeving van de nota is toegelicht in de aanbiedingsbrief: "Bij deze manier van denken hoort een Perspectiefnota waarmee een beeld van (toekomstige) ontwikkelingen wordt geschetst en uw raad in staat stelt richtinggevende uitspraken te doen en kaders mee te geven. Dit stimuleert adaptief denken enerzijds en eigentijds bestuur anderzijds. Het moedigt medewerkers, college en raad aan om buiten de gebaande paden te denken en creatieve oplossingen te vinden voor complexe problemen, met tastbare resultaten voor onze inwoners."

Vraag 9 - VVD Effect gericht sturen Gesteld wordt dat het bouwen van het fundament (effect gericht sturen) tijd vergt en zal meer tijd kosten dan de duur van deze collegeperiode. Kan het traject nader worden gespecificeerd o.a. m.b.t. het bouwen van het fundament en de implementatie ervan in de organisatie? (Aanbiedingsbrief, pagina 3) Antwoord Effect gericht denken en werken volgens het principe van Brede Welvaart is niet een proces met een kop en staart, maar een ontwikkeling in de organisatie gericht op het kunnen sturen hoe uitvoering bijdraagt aan een beoogd effect. Het managementteam stelt daartoe concernplannen vast met daaraan gekoppeld jaarlijkse team/ en uitvoeringsplannen. Voor 2024 en 2025 zet het managementteam daartoe onder meer in op een - kwaliteitsimpuls P&C cyclus, waarbij toegewerkt wordt naar SMART en effectgerichte doelstellingen; - verbeteren en bewaken kwaliteit college en raadsvoorstellen, gericht op raad en college in positie te brengen effect gericht te kunnen sturen. - het inrichten van P-control proces gericht op strategische personeelsplanning.

Vraag 10 - VVD Participatie Participatie. Gesteld wordt 'niet van toepassing. Hoe is dit te rijmen met continueren inwonersparticipatie m.b.t. toekomstberaad en jongerenpanel. (Raadsvoorstel, pagina 4) Antwoord Dit kopje gaat alleen over de participatie bij dit specifieke onderwerp, de Perspectiefnota. Niet over het beleid bij inhoudelijke onderwerpen.

Vraag 11 - VVD Inhuur Het college heeft de opdracht gegeven aan de ambtelijke organisatie om inhuur op een verantwoord niveau te brengen. Was het eerder onverantwoord? Welk niveau is verantwoord voor het college? Hangt hier een percentage aan of een andere vorm van een KPI? En wat doet het college eraan om het aantrekkelijker te maken om in dienst van de gemeente zelf te komen? (Algemeen, pagina 4) Technische vragen Perspectiefnota 2025

7

Antwoord Inhuur vindt plaats vanwege specifieke kennis en vervanging ten behoeve van bestaande werkzaamheden en piekbelasting. Gezien de situatie op de arbeidsmarkt en het moment van ontwikkeling van Dronten met specifieke beleidsvragen is er sprake van een verantwoorde inhuur. Maar een omvang van inhuur die wij naar de toekomst niet vanzelfsprekend achten. Derhalve zien wij mogelijkheden de omvang van inhuur terug te brengen ten opzichte van vorig jaar. Dat dient wel verantwoord plaats te vinden, zonder dat continuïteit van werk en ontwikkeling in gevaar komt door.

Vraag 12 - VVD Meerjarenbegroting De meerjarenbegroting laat voor de komende jaren substantiële tekorten zien. Wat zijn voor het college de scenario's om die tekorten het hoofd te bieden? Is het huidige beleid nu niets doen in de hoop dat deze tekorten heel gauw worden gecompenseerd door hogere rijksbijdragen? (Structureel begrotingsresultaat, pagina 5) Antwoord Dit betreft een politieke vraag en geen technische vraag.

Vraag 13 - VVD Afschrijvingslasten De toename van de afschrijvingslasten staan op 0: betekent dat we in de periode t/m 2028 niet aanvullend investeren? Of tegen hogere rente moeten lenen? (Financiële hoofdlijnen, pagina 6) Antwoord De 0 op afschrijvingslasten refereert naar de impact op het begrotingssaldo door het SVP, niet op de afschrijvingslasten zelf. In de lopende begroting is rekening gehouden met een toename van lasten die voortkomen uit het SVP. Deze zijn echter algemeen opgenomen en nog niet aan geplande investeringen gekoppeld. Bij de begroting 2025 wordt dit beter verwerkt, zodat inzichtelijk is hoeveel we per jaar willen investeren (en in welke objecten) en wat de impact op het begrotingssaldo hierdoor zal zijn. De grootste impact op de begroting 2025 zal zijn als we geld moeten lenen om grote investeringen te kunnen financieren. Om die reden is in de perspectiefnota een inschatting gemaakt voor de komende jaren en onder die noemer is de impact op het begrotingssaldo inzichtelijk gemaakt (aantrekken vreemd vermogen). Er zullen naast de investeringen voor het SVP ook aanvullende investeringen in de begroting worden opgenomen. Deze worden bij de programmabegroting verder uitgewerkt in 1 totaal overzicht. De inschatting bij de perspectiefnota is dat dit een beperkte impact zal hebben op de exploitatiebegroting / het begrotingssaldo.

Vraag 14 - VVD Personeelslasten De personeelslasten wordt structureel opgehoogd met 4,7 miljoen Euro. Welk deel hiervan wordt veroorzaakt door formatie-uitbreidingen? In hoeverre is bij die ophoging rekening gehouden met de jaarlijkse optredende onder uitputting? (Personeelslasten, pagina 9) Antwoord

Technische vragen Perspectiefnota 2025

8

De totale structurele ophoging is gedaan op basis van formatie en kan gekenmerkt worden als formatie-uitbreiding of formatie-bijstelling. Onder uitputting zal naar alle waarschijnlijkheid plaatsvinden, omdat door o.a. verloop /vacatures (tijdelijk) de formatie niet volledig ingevuld kan worden. Een (tijdelijke) oplossing hiervoor is om de financiële middelen te gebruiken voor inhuur. Dit is relatief duur. Het uitgangspunt bij de begroting is om hier bewust mee om te gaan.

Vraag 15 - VVD Structurele ophoging Om de financiën te verbeteren worden de personeelskosten opgehoogd met 4,7 mln. struc. Waarbij we ook rechtdoen aan werkelijke situatie. Kan stapsgewijs worden uitgelegd hoe dit werkt? Graag in tabelvorm, met een was-wordt. Of werden de 4,7 mln. kosten voor personeel wel al uitgegeven maar waren niet begroot? (Personeelslasten, pagina 9) Antwoord De werkelijke situatie vraagt om een formatie die past bij de opgaven waar we voor staan en het kwaliteitsniveau wat wij hebben te leveren. Wij hebben de formatie tegen het licht gehouden en gefixeerd op de per januari jl. bekende formatieaantallen en hierbij extra getoetst naar de vraag vanuit de verwachtingen voor 2025. Met de conclusie dat de gefixeerde aantallen voldoende wordt geacht voor de uitvoering van de taken. Deze fixatie vraagt een her allocatie van in totaal 4,7 miljoen structureel en daarmee samenhangende zichtbaarheid. Bij de begroting worden de gebruikelijke overzichten verstrekt die inzicht geven in deze her allocatie van de financiële middelen die hiermee gemoeid gaan.

Vraag 16 - VVD Omgevingswet Kan worden toegelicht welke nieuwe taken/verantwoordelijkheden het betreft mede door de invoering van de Omgevingswet? Ook in perspectief van 'lasten' voor inwoners en ondernemers? (OFGV, pagina 9) Antwoord Bij de omvang van de formatie OFGV is nog geen rekening gehouden met de impact van de Omgevingswet. Onderdeel van deze nieuwe wet zijn vier aanvullingssporen. Het aanvullingsspoor Bodem, Natuur, Grondeigendom en Geluid. Hierdoor wordt vergunningverlening complexer en is integraliteit vereist, bijvoorbeeld door middel van een intake- of omgevingstafel. De Omgevingswet beoogt meer ruimte te bieden voor lokaal maatwerk en het beleid hiervan vast te leggen in het Omgevingsplan. Maatwerk vraagt om specifiek advies. Hoe groot die vraag is, moet nog blijken. Op basis van een aangekondigde evaluatie in 2025 zal uitwijzen welke effecten de Omgevingswet heeft ten opzichte van de kosten verdeelsystematiek 2024-2026 voor de OFGV. Daarnaast hebben het Plan van Aanpak robuustheid OFGV (I&W), het verbeterplan visitatie OFGV (ODNL) en het ontwikkelplan OFGV (opdracht nieuwe OFGV-directeur) gezamenlijk een relatie met de gewenste doorontwikkeling. Het geheel van verbeteringen en ontwikkelingen (nieuwe taken en verantwoordelijkheden) zorgt voor de toekomstbestendige dienst die de deelnemers vragen en mogen verwachten.

Een eerste inschatting is dat dit voor Dronten ± € 3 ton gaat bedragen. In de Programmabegroting 2025 zal dit gespecificeerd worden.

Technische vragen Perspectiefnota 2025

9

Vraag 17 - VVD Vermogenspositie Vermogen is in de jaarrekening 2023 weer gestegen. Hoe schat u het verloop van onze vermogenspositie in voor de komende jaren? Graag kwantificeren. (Geen verwijzing) Antwoord Het vermogen is opgebouwd uit de algemene reserve, bestemmingsreserves en het nog te bestemmen jaarrekeningresultaat. Het verloop van het begrotingssaldo wordt in prognose weergegeven in de eerste tabel van de Perspectiefnota. Bij de Programmabegroting wordt de begroting inclusief meerjarenraming vastgesteld. Wij verwachten dat het verloop de komende jaren niet gelijk zal zijn aan de prognose van de Perspectiefnota, doordat omstandigheden veranderen, informatie vanuit o.a. wet- en regelgeving, circulaires en derde partijen verwerkt moet worden. Maar ook besluitvorming vanuit de raad heeft impact op het vermogen van de gemeente. Aangezien veel van deze informatie (nog) niet voorhanden is, is de onderstaande tabel opgebouwd met behulp van voorhanden cijfers uit Jaarstukken 2023, Tussentijdse financiële rapportage april 2024, begroting 2024, en de projectie vanuit deze perspectiefnota. Het vermogen is voor de periode 2023-2028 weergegeven.

Het resultaat 2023 is verdeeld conform raadsvoorstel. voor de jaren 2024 t/m 2028 wordt verondersteld dat het jaarresultaat ten gunste/laste komt van de de Algemene reserve. Op basis van bovenstaande prognose daalt het vermogen met ruim 36 miljoen (- 33,2%). Zoals reeds aangegeven is dit een projectie op onvolledige informatie en niet vastgestelde besluitvorming van de raad.

Vraag 18 - VVD Burgerzaken De KPI voor burgerzaken om binnen 5 werkdagen een aanvraag te kunnen doen en binnen 10 werkdagen te kunnen afhalen heeft als uitzondering benoemd “Voor het afhaalmoment zijn wij afhankelijk van de leverancier van de producten. Of zij hun dienstverleningsnorm van 5 dagen kunnen garanderen ligt buiten onze invloedsfeer.” Ondanks dat het buiten de “invloedsfeer” ligt van de gemeente bepaald de gemeente deze KPI en maakt die de afspraak met de inwoner en is de gemeente verantwoordelijk voor het behalen van deze afspraak ondanks externe factoren. (Zie het als de turnaround time van een vliegtuig aan de gate, veel partijen maar een verantwoordelijke om die tijd te halen). Indien blijkt dat externe partijen voor vertraging zorgen moet de gemeente daarop acteren. Deelt de gemeente dit? (SMART bijlage, pagina 5) Antwoord Dit betreft een politieke vraag en geen technische vraag.

Technische vragen Perspectiefnota 2025

10

Vraag 19 - VVD Indexatie Waarom kan deze niet SMART gemaakt worden? Je kunt deze toch SMART maken dat je doel is om de indexatie te volgen en bij afwijkingen (ten negatieve voor de inwoner) deze binnen x jaar weer gelijk te trekken naar het niveau van alleen indexatie verhogingen? (SMART bijlage, pagina 7) Antwoord Er is geen beleid opgesteld voor het opgenomen doel. Er is gekozen om nieuw beleid te formuleren ten aanzien van de gemeentelijke belastingen van waaruit SMART doelen kunnen worden geformuleerd. We kennen verschillende gemeentelijke belastingen en leges waarbij het indexatiepercentage zoals opgesteld in de Perspectiefnota gebruikt wordt. Wij achten het zinvol om de verschillende belastingen en heffingen te analyseren aangezien er verschillende doelstellingen zijn voor het heffen van belastingen en innen van leges.

Vraag 20 - VVD Gemeentelijke belastingen Aangegeven wordt dat de hoogte van de gemeentebelastingen is afgestemd op het voorzieningenniveau en de maatschappelijke effecten. Is het niet zo dat de hoogte van de gemeentebelastingen(mede) afhankelijk is van de inflatieontwikkelingen? (SMART bijlage, pagina 7) Antwoord Dat is correct. Zoals in de Perspectiefnota is opgenomen wordt voorgesteld om dit beleidsdoel te laten vervallen en nieuw beleid op te stellen.

Vraag 21 - VVD Meerjarenbegroting In hoeverre sluiten de SMART-doelstellingen van de meerjarenbegroting aan bij het thans getoonde financieel-meerjarenperspectief? (SMART bijlage, pagina 8 Antwoord Met het opgenomen financiële meerjarenperspectief zouden de geformuleerde SMARTdoelstelling niet gerealiseerd worden. Echter, de beoordeling van deze SMART doelstelling vindt plaats bij de Programmabegroting, niet de Perspectiefnota.

Vraag 22 - VVD Realistische begroting Kan het college verder onderbouwen waarom zij “Een realistische en uitvoerbare begroting” niet SMART kunnen maken en willen laten vervallen als beleidsdoel? (SMART bijlage, pagina 8) Antwoord Zoals in de bijlage van de Perspectiefnota is opgenomen is een realistische en uitvoerbare begroting geen beleidsdoel op zich. Het is subjectief van aard, maar wel iets om na te streven. Het zou altijd een realistische en uitvoerbare begroting moeten zijn. In de Programmabegroting krijgt dit onderwerp aandacht. Ook is er bij de begrotingsbehandeling voor de raad de mogelijkheid om het college hierop te bevragen.

Technische vragen Perspectiefnota 2025

11

Vraag 23 - VVD Crisisfunctionarissen Beleidsdoel is vakbekwame crisisfunctionarissen inzetten, zijn die er al, of moeten worden aangesteld of opgeleid? (SMART bijlage, pagina 10) Antwoord Onze lokale crisisorganisatie is momenteel grotendeels op sterkte met vakbekwame crisisfunctionarissen. Door een hoog personeelsverloop ontstaan er soms echter ‘gaten’ in de organisatie. Het werven, opleiden en vakbekwaam maken van nieuwe crisisfunctionarissen is daardoor een continue aandachtpunt. Daarnaast doorlopen de crisisfunctionarissen jaarlijks een opleidings-, trainings-, en opleidingsprogramma om vakbekwaam te blijven

Vraag 24 - VVD Ruimte voor jongeren U stelt dat er binnen een straal 500m ruimte moet zijn voor jongeren om samen te komen. Is bekend welke impact dit heeft op het aantal voorzieningen? Waarop is deze 500m gebaseerd in relatie tot deze doelgroep? En ook 150m (SMART bijlage, pagina 23) Antwoord We willen kinderen en jongeren binnen de genoemde afstanden de mogelijkheid bieden om te kunnen bewegen, ontmoeten, sporten en spelen. Op basis van onderzoek is per leeftijdscategorie een afstand tot een voorziening bepaald. Jongere kinderen spelen dichterbij huis dan oudere kinderen. Voor kinderen ouder dan 6 jaar wordt een grotere actieradius gehanteerd dan voor kinderen onder de 6 jaar. In het in 2018 vastgestelde Speelruimteplan is de richtlijn van de actieradius voor kinderen van 0-5 jaar maximaal 150 meter. Voor kinderen vanaf 6 tot 11 jaar is dat volgens het Speelruimteplan 400 meter. Uit onderzoek blijkt dat kinderen die in het bezit zijn van een smartphone of smartwatch wat verder weg mogen. De afstand is hierop aangepast naar maximaal 500 meter. Voor jongeren vanaf 12 jaar hanteren we dezelfde actieradius. De nog te realiseren voorzieningen per doelgroep zijn opgenomen in het Speelruimteplan 2018. In 2025 worden voor de doelgroep jongeren van 12-18 jaar twee voorzieningen gecreëerd.

Vraag 25 - VVD MFG/MFC MFG/MFC is niet geschikt voor o.a. de Kans / Chillpoint of andere ontmoetingsvormen. Hoe kijkt het college naar deze ontwikkeling icm dat deze doelen nog niet SMART gemaakt zijn? Kijkend naar deze voorbeelden zullen we de beleidsdoelen ook niet behalen doordat er geen rekening gehouden is met deze vormen van ontmoeten. (SMART bijlage, pagina 29) Antwoord Dit betreft een politieke vraag en geen technische vraag.

Technische vragen Perspectiefnota 2025

12

Gebundelde vragen - VVD SMART bijlage vragen 1. Wanneer komen de SMART-indicatoren voor de programma's Onderwijs, Verkeer, Leefbaarheid en Cultuur? (SMART bijlage, pagina 7) 2. Wanneer verwacht het college dat deze wel SMART gemaakt kan worden en op het gewenste niveau is i.p.v. categorie 4? (SMART bijlage, pagina 10) 3. Waarom inzetten op een 7,6, is weinig ambitieus? (SMART bijlage, 11) 4. Hoe kan het dat we geen KPI’s of meetbare doelen hebben om onze kleine en grote evenementen te monitoren in een gemeente met zoveel en grote evenementen? Aantal meldingen, decibels, verkeersoverlast en incidenten zijn meetbaar en inzichtelijk? Waarom verwijzen we hier naar corona, de laatste corona maatregelen vervielen maart 2022 waardoor we alweer 2 jaar evenementen zonder beperkingen gehad hebben? (SMART bijlage, pagina 13) 5. 4,5% groei in werkgelegenheid is een meetbaar cijfer, waarom is dit SMART beleidsdoel nog niet op het gewenste niveau en wanneer wel? (SMART bijlage, pagina 16) 6. Hier wordt aangegeven dat “Het beleidsdoel is SMART gemaakt, maar wordt op dit moment nog niet gemeten” maar wanneer en hoe gaat het college dit wel meten? Zonder (nul)meting zegt het minimaal behalen van een 7 niets. (SMART bijlage, pagina 17) 7. U stelt meermaals in dit onderwerp dat de doelstelling niet behaald is en daarom niet gepresenteerd.

Met welk doel definieert u doelstellingen nadat deze behaald zijn? (SMART bijlage, pagina 17) 8. In hoeverre is de geformuleerde doelstelling ten aanzien van voorzieningen voor jongeren (Beleidsdoel 2) realistisch? (SMART bijlage, pagina 23) 9. 70% beoordeeld met een 7 of hoger is een meetbaar cijfer, waarom is dit SMART beleidsdoel nog niet op het gewenste niveau en wanneer verwacht het college van wel? (SMART bijlage, pagina 23) 10. Wanneer verwacht het college dat deze (meetbare)beleidsdoelen SMART en op het gewenste niveau zijn? Wij moeten als gemeente toch toetsen dat de Meerpaal zijn doelen behaald waar wij ze voor inhuren? (SMART bijlage, pagina 27) 11. Bij programma 6 zijn nog geen SMART doelen geformuleerd. Deze gaan we nog wel dit jaar bij het nieuwe beleid ihkv het sociaal domein formuleren. Hoe gaat het college hiermee om? Bijvoorbeeld in relatie tot het inzetten van mensen en middelen. (SMART bijlage, pagina 31) 12. Wanneer verwacht het college dat deze (meetbare)beleidsdoelen SMART en op het gewenste niveau zijn? De doelen zijn als KPI toch heel meetbaar? In het beleidsplan Inburgeren, Integreren en Participeren (2021-2025) zijn de volgende beleidsdoelen opgenomen: 1. We nemen het perspectief van de klant als uitgangspunt bij onze dienstverlening; 2. Statushouders zijn in toenemende mate geïntegreerd;

Technische vragen Perspectiefnota 2025

13

3. 80% van alle Drontense inburgeringsplichtigen heeft binnen een periode van 10 weken, vanaf de datum inschrijving gemeente, een persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP); 4. 80% van alle Drontense inburgeringsplichtigen behaalt het inburgeringsexamenbinnen de gestelde termijn van drie jaar; 5. 70% van alle Drontense inburgeringsplichtigen werkt binnen 1 jaar na datuminschrijving gemeente ‘naar vermogen’; 6. 80% van alle Drontense inburgeringsplichtigen is binnen 18 maanden. (SMART bijlage, pagina 32) 13. Volgens de beleidsdoelen “Minimaal 300 woningen per jaar te realiseren;” maar hebben we er maar 250 gehaald en was het doel eigenlijk 350. In tijden van woningnood zouden deze beleidsdoelen prioriteit moeten hebben om SMART en op het gewenste niveau te zijn. Wanneer verwacht het college dat deze (meetbare)beleidsdoelen SMART en op het gewenste niveau zijn? De doelen zijn als KPI toch heel meetbaar? (SMART bijlage, pagina 38) 14. Bij de SMART doelen wordt geen link gelegd me de hiervoor benodigde middelen. Is dit bewust? Hoe kunnen wij nu beoordelen of de beoogde effecten opwegen tegen de hiervoor in te zetten middelen? (SMART bijlage, algemeen) 15. Op verschillende plekken staat excellente dienstverlening.

Welk overall streefcijfer wordt gezocht? Waaruit bestaat deze en hoe zwaar wegen de verschillende onderliggende KPI's? (SMART bijlage, algemeen) Antwoord Het document is bedoeld om u te informeren over de stappen die we zetten op het gebied van SMART begroten. De uitkomsten van het SMART maken van de beleidsdoelstellingen krijgt een passend vervolg in de begroting 2025, waarin het resultaat van dit proces wordt getoond. Dit is ook een moment om inhoudelijk op de diverse beleidsdoelstellingen in te gaan.

Technische vragen Perspectiefnota 2025

14

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/83/documents/710