CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel Rapport Rekenkamer inzake Participatie bij woningbouwopgave in Dronten via Dronten Ontwikkelt_566461_.pdf

Raadsvergadering 4 juli 2024, gemeente DrontenBij agendapunt: 6k: AKKOORD Raadsvoorstel Rapport Rekenkamer inzake Participatie bij woningbouwopgave in Dronten via Dronten Ontwikkelt1.328 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

RAADSVOORSTEL Zaaknummer: Documentnummer: Indiener: Rekenkamer Dronten Datum: 22 maart 2024 Portefeuille(s): Raadsaangelegenheden Portefeuillehouder(s): J. van der Meulen (voorzitter Rekenkamer Dronten) Begrotingsprogramma: 0. Bestuur en ondersteuning Begrotingsdoel (nummer + duiding): n.v.t. Contactpersoon: M. Lankhuijzen Tel.nr.: 0321-388974 Emailadres: rekenkamer@dronten.nl Onderwerp Rapport Rekenkamer inzake Participatie bij woningbouwopgave in Dronten via Dronten Ontwikkelt. Samenvatting In 2017-2018 heeft de Rekenkamer Dronten een onderzoek uitgevoerd naar het participatiebeleid van de gemeente Dronten. Middels het in maart 2023 nieuw gestarte onderzoek inzake participatie bij woningbouwopgave in Dronten via Dronten Ontwikkelt, wil de Rekenkamer Dronten in kaart brengen op welke wijze de aanbevelingen uit het eerdere onderzoek zijn opgevolgd. Aangezien de gemeente Dronten een grote opgave heeft als het gaat om de woningbouw, heeft de Rekenkamer in dit onderzoek specifiek gekeken naar de uitwerking van de aanbevelingen bij het participatietraject van de woningbouwopgave. Daarbij is ook gekeken naar hoe de gemeenteraad zijn rol daarin heeft gepakt. Voorstel Wij stellen u voor: 1. Het college op te dragen de volgende aanbevelingen over te nemen: 

Spreek als college de consequenties van een participatieplan goed door met de raad. Dit gaat verder dan het alleen op papier aanbieden van een participatieplan, bijvoorbeeld in de vorm van een informatiebrief. Neem de tijd om goed met elkaar door te spreken en te begrijpen waarom welke keuzes worden gemaakt ten aanzien van de participatie en wat dit betekent voor de rol van de raad en het college. Neem als college de raad duidelijk mee als er tussentijdse wijzigingen of aanscherpingen in de participatieaanpak plaatsvinden. Het meenemen van de raad reikt verder dan alleen een terugkoppeling op papier. Ga als college met de raad in gesprek over de wijzigingen of aanscherpingen en onderbouw in dit gesprek hoe de gevolgde aanpak zich verhoudt tot de oorspronkelijke uitgangspunten in het participatieplan. Weeg als college voorafgaand aan een participatietraject expliciet af welke doelgroepen je wilt bereiken met de participatie. Hierbij zou het uitgangspunt vanuit de Uitvoeringsnota inwonersparticipatie ‘diversiteit is belangrijk - Uitgangspunt is dat zoveel mogelijk geïnteresseerden en belanghebbenden met verschillende invalshoeken en belangen meepraten – altijd nageleefd moeten worden. Als je dat doet, moet de ruimte (tijd en capaciteit) daarvoor daadwerkelijk worden gecreëerd. Mocht dat niet mogelijk of, gelet op de inhoud van de opgave, niet nodig zijn, is het

Bijlage(n):

De Rede 1 8251 ER Dronten

Postbus 100 8250 AC Dronten

Telefoon 14 0321

www.dronten.nl

aan het college om dit expliciet te maken en met de raad aan de voorkant van het participatieproces te bespreken. Het is aan te bevelen om bij de verdere ontwikkeling van de participatie bij de woningbouwopgave en de toepassing van de Drontense principes dit uitgangspunt te blijven hanteren. Blijf als college bij participatietrajecten investeren in het verwachtingenmanagement richting de participanten. Maak duidelijk welke invloed ze wel en niet hebben. Dit gerelateerd aan de ‘participatietredes’ uit het Drontens Participatiemodel. Zorg ook voor een duidelijke terugkoppeling van de resultaten van de doorlopen participatie en informeer de participanten hoe deze resultaten worden gebruikt in het vervolg van het project/beleidsproces. Borg als college in de organisatie de concernbrede verantwoordelijkheid voor participatie. Een onderdeel binnen de organisatie moet systeemverantwoordelijkheid dragen voor participatie

2. De raad op te dragen de volgende aanbevelingen over te nemen: 

De raad heeft zelf ook een verantwoordelijkheid en hoeft niet te wachten op het initiatief van het college. Agendeer als raad proactief participatieplannen en tussentijdse rapportages daarover om de opzet en uitvoering van participatie te bespreken, te begrijpen en zo nodig bij te sturen. Zorg er als raad voor dat bij langlopende en complexe trajecten die over raadsperiodes heen doorlopen, een expliciete overdracht plaatsvindt van de oude naar de nieuwe raad. Dit kan in de vorm van een overdrachtsdossier in het kader van het inwerkprogramma. Zorg er hierbij specifiek voor dat de kaders voor participatie en de gevolgen hiervan voor de rol van de raad helder zijn beschreven. Hiervoor ligt ook een belangrijke verantwoordelijkheid bij de griffie in samenwerking met de ambtelijke organisatie.

3. De raad en het college op te dragen de volgende aanbeveling over te nemen: 

Wees je als raad en college bewust van de nieuwe fase van de woningbouwopgave die verder gaat dan de voorverkenning van de groeiopties. De woningbouwopgave komt later in een fase waarin uitwerking in concrete woningbouwprojecten plaatsvindt, vaak in de vorm van gebiedsontwikkelingen. Dit vraagt om een andere participatieaanpak. Voer als college met de raad het gesprek over de nieuwe aanpak, specifiek voor de woningbouwopgave en de implicaties daarvan voor de rol van de raad en het college.

4. Het college op te dragen de raad uiterlijk in het eerste kwartaal 2025 te informeren over de voortgang van de opvolging van de aanbevelingen en de raad opnieuw te informeren op het moment dat de aanbevelingen volledig zijn uitgevoerd en geïmplementeerd. Inleiding Het voorliggende onderzoek betreft Participatie bij woningbouwopgave in Dronten via Dronten Ontwikkelt. De centrale onderzoeksvraag luidt: Op welke wijze is invulling gegeven aan participatie bij de woningbouwopgave die de gemeente Dronten heeft en in hoeverre is hierbij opvolging gegeven aan eerder gedane aanbevelingen door de Rekenkamer over het participatiebeleid (en/of aan inzichten op het gebied van participatie, sindsdien in de literatuur ontstaan)?

De daarbij geformuleerde deelvragen zijn: Uitwerking aanbevelingen participatiebeleid 1. In welke mate zijn de aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport (Evaluatie Participatiebeleid Dronten) opgevolgd? Participatie bij woningbouwopgave 2. Hoe is de beleidsvorming ten aanzien van de woningbouwopgave opgezet en aangepakt? 3. Op welke wijze is bij deze beleidsvorming invulling gegeven aan inwoners- en overheidsparticipatie? 4. In welke mate heeft de raad daarbij zijn kaderstellende en controlerende rol in kunnen vullen? 5. In welke mate zijn daarbij de aanbevelingen uit het Rekenkamerrapport (Evaluatie Participatiebeleid Dronten) opgevolgd? Leren 6. Wat levert de gevolgde participatie op voor de gemeente Dronten (raad, college, organisatie) en voor inwoners, bedrijven en (vrijwilligers)organisaties? 7. In hoeverre wordt er periodiek geëvalueerd om te bezien of de gekozen aanpak resulteert in het gewenste resultaat? Argumenten De Rekenkamer is een onafhankelijk orgaan, dat ten dienste staat aan de raad. De Rekenkamer voert onderzoeken uit en kijkt daarbij vooral naar de doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid van het gevoerde beleid. Door in te stemmen met de aanbevelingen en het rapport vast te stellen, geeft de gemeenteraad aan de aanbevelingen en bevindingen van de rekenkamer te onderschrijven.

Zowel de gemeenteraad als het college worden op deze wijze gestimuleerd om de aanbevelingen ook uit te voeren. Bevindingen en conclusies  Er heeft na het rekenkameronderzoek uit 2018 een duidelijke beleidsontwikkeling op het vlak van participatie plaats gevonden binnen de gemeente Dronten. De aanbevelingen uit het vorige onderzoek zijn grotendeels herleidbaar opgevolgd. Dit heeft geresulteerd in onder andere een visie van de raad (Raadsvisie op inwonersparticipatie), een uitvoeringsnota van het college (Uitvoeringsnota inwonersparticipatie) en een uitgewerkt stappenplan voor de organisatie in de vorm van een ‘Drontens Participatiemodel’;  Er is door het college een Participatieplan uitgewerkt waarin duidelijke doelen en een planning zijn opgenomen, ook is de rolverdeling tussen raad en college geëxpliciteerd. In dit Participatieplan is doorlopende participatie met kerngroepen uit de samenleving beschreven en participatie in drie rondes welke gekoppeld zijn aan de mijlpalen van 'Dronten;  In de uitvoering is gedeeltelijk afgeweken van het Participatieplan, zo is de planning opgeschoven en zijn ook een aantal participatievormen afwijkend uitgevoerd. Reden hiervan is o.a. de capaciteit in de organisatie.

 Verloop in de gemeenteraad na de gemeenteraadsverkiezingen heeft er toe geleid dat het voor de huidige raad niet duidelijk is welke kaders er voor Dronten Ontwikkelt, de woningbouwopgave en de participatie gelden.  De raad heeft behoefte aan een betere positionering en communicatie, zowel vanuit

het college als vanuit de raad zelf. De communicatie over de verwachtingen van participatie richting de samenleving kan verbeterd worden door een duidelijke terugkoppeling richting participanten te geven.

Communicatie en vervolgproces Het eindrapport Participatie bij woningbouwopgave in Dronten via Dronten Ontwikkelt is gepubliceerd op de gemeenteraadspagina. Bijlagen Bijlage(n) bij dit voorstel: 1. Eindrapport – Participatie bij woningbouwopgave in Dronten via Dronten Ontwikkelt. Rekenkamer Dronten, J. van der Meulen, voorzitter

M.Lankhuijzen, ambtelijke secretaris

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/82/documents/617