CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

d717b7d0-83f1-4271-b128-be38ba1750b2.pdf

Raadsvergadering 7 oktober 2021, gemeente DrontenBij agendapunt: 5: Afdoening van ingekomen stukken aan de raad12.974 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Geachte Raadsleden, Op 23 juni is een informatiebrief verzonden namens het VuurwerkCheck team. VuurwerkCheck is een stichting die de belangen van vuurwerkverkooppunten op lokaal niveau vertegenwoordigd. Ik wil deze brief nogmaals onder uw aandacht brengen nu de behandeling van dit onderwerp op korte termijn aan de orde is. In bijlage de brief met alle informatie en voorts een kopie van het RIVM rapport d.d. 30 september 2020 met de onderstaande samenvattende conclusie. 5.Samenvattende conclusies en aanbevelingen Het algemene beeld dat uit deze studie naar voren komt, is dat de emissies naar het milieu door het afsteken van vuurwerk rond de jaarwisseling leiden tot beperkte, meestal tijdelijk effecten op de kwaliteit van het oppervlaktewater, de bodem en de lucht. Lokale, mogelijk ernstiger, effecten kunnen met deze studie echter niet worden vastgesteld. Bij het vormen van uw mening zou u de volgende vragen moeten stellen Wanneer de schade aan publieke eigendommen voornamelijk ontstaat buiten de tijden waarvoor het afsteekverbod gaat gelden hoeveel invloed heeft een afsteekverbod dan? Wanneer de overlast al in de maanden voor de wettelijk toegestane afsteektijden begint hoeveel invloed heeft een afsteekverbod dan? Hierbij ie het goed te weten dat de schade aan verkeersborden, afvalbakken, bushokjes enz. niet veroorzaakt kan worden door legaal siervuurwerk.

Bij dit soort vernielingen is altijd sprake van illegaal zwaar vuurwerk. In 2020 is het zwaardere vuurwerk F3 verboden in Nederland. Ook het knalvuurwerk, de vuurpijlen en singleshots zijn verboden. De laatste artikelen hadden een onevenredig groot aandeel de veroorzaakte overlast en optredend letsel omdat deze op mens en dier werden gericht en afgestoken. Dit oneigenlijke gebruik van vuurwerk is een halt toegeroepen met het verbod op deze artikelen. Als laatste wil ik u informeren over het initiatief van de vuurwerkbranche om maatregelen te treffen om het verkochte vuurwerk veiliger te maken (door afmeting voorkomen van omvallen, plaatsing pictogrammen als gebruiksaanwijzing, een mailing kort voor oud en nieuw met nogmaals de gebruiksaanwijzing om siervuurwerk veilig af te steken. Ook is het ministerin I&W gevraagd de vuurwerkbril verplicht te stellen (ministerie acht dit niet haalbaar) de branche gaat door met uitdelen van de vuurwerkbrillen. Elk oogletsel door siervuurwerk had voorkomen kunnen worden door het dragen van een vuurwerkbril.

Ik verzoek u dan ook aansluiting te zoeken bij het landelijkbeleid. Zoals de staatsecretaris op 1 juli in het tweeminutendebat heeft aangegeven geen afsteek verbod voor siervuurwerk tijdens de jaarwisseling 2021 – 2022. Met vriendelijke groet, VuurwerkCheck [naam]

Aan:

Het College van B&W Gemeente Dronten Postbus 100 8250 AC Dronten gemeente@dronten.nl

Emmen, 23 juni 2021 Onderwerp:

Afsteekverbod siervuurwerk.

Referte:

Gemeentelijk enquête over vuurwerk en carbid.

Geachte leden van de gemeenteraad,

VuurwerkCheck is een stichting die de belangen van de lokale vuurwerkverkopers vertegenwoordigd. Op verzoek van de verkooppunten in uw gemeente heb ik kennis genomen van de enquête en de daarin gestelde vragen. Op de achterliggende bladzijde vindt u achtergrond informatie die van groot belang is om een objectief besluit te kunnen nemen.

In Nederland geldt met uitzondering van 31 december 18:00 uur tot 1 januari 02:00 uur een afsteekverbod. De reacties die voortvloeien uit de enquêtes hebben dus geen relatie met het afsteken van siervuurwerk gedurende de toegestane afsteektijden. Om een lappendeken aan regelingen te voorkomen verzoek ik u aansluiting te zoeken bij het landelijke beleid ten aanzien van afsteken van siervuurwerk. Tevens wil ik u wijzen op de mogelijkheid dat een afsteekverbod op termijn gaat botsen met Europese Dienstenrichtlijn en Herschikkingsrichtlijn. Ik verzoek u mij de mogelijkheid te bieden om het standpunt van VuurwerkCheck toe te lichten, bij voorkeur voorafgaand aan een raadvergadering waarin een mogelijk in te voeren afsteekverbod wordt besproken. Mocht u naar aanleiding van bovengenoemde opmerkingen, vragen hebben, kunt u contact opnemen met [naam] telefoonnummer XXXX.

Pagina 1 van 9

Achtergrondinformatie: Afsteekverbod Een aantal gemeenten introduceren een lokaal afsteekverbod in een poging om de overlast door vuurwerk in te perken. Een afsteekverbod richt zich enkel op het afsteken van legaal siervuurwerk van 18:00 uur oudjaarsavond tot 02:00 uur nieuwjaarsnacht. De rest van de tijd is het afsteken van siervuurwerk al verboden. In de aanloop naar de verkiezingen van 2021 heeft stemwijzer gepeild hoe de Nederlanders staan tegen over het afsteken van siervuurwerk. Op de vraag of het komende jaarwisseling weer mogelijk moet zijn om siervuurwerk af te steken antwoorde 58% van ruim 3.3 miljoen unieke respondenten dat komende jaarwisseling 2021 - 2022 gewoon weer gevierd moet kunnen worden met het afsteken van een mooi stuk siervuurwerk. Landelijk gezien is er dus geen meerderheid voor een afsteekverbod. Meerdere gemeenten hebben bij het treffen van de voorbereidingen voor een afsteekverbod de betrokken ondernemers en de bevolking (door wie de vertegenwoordigers toch gekozen zijn) niet gehoord. Bij het invoeren van een afsteekverbod moet gekeken worden naar een drietal zaken: Is de maatregel geschikt, proportioneel en noodzakelijk.

Geschikt: De argumenten die de meeste gemeenten gebruiken zijn overlast en schade, milieu, huftergedrag Om te beoordelen of een afsteekverbod een geschikt middel is om overlast tegen te gaan moet worden vastgesteld wanneer de overlast daadwerkelijk wordt ondervonden. De meeste gemeenten vragen via een enquête naar het ondervinden van overlast. Veel voorkomen reacties zijn dat de overlast al maanden voor oud en nieuw begint, het lijken wel bommen en granaten enz. Wanneer deze reacties voorkomen zou een gemeente afdoende kennis in huis moeten hebben om de link te leggen met illegaal vuurwerk. De link tussen begint maanden voor de jaarwisselingen het afsteken op illegalen tijden zou nog makkelijker gemaakte moeten kunnen worden. Helaas worden deze argumenten ook in gemeentelijke stukken gebruikt zonder daar de juiste duiding aan te geven en worden deze reacties gebruikt als argument voor een afsteekverbod. In Nederland geldt met uitzondering van 31 december 18:00 uur tot 1 januari 02:00 uur een afsteekverbod. De reacties die voortvloeien uit de enquêtes hebben dus geen relatie met het afsteken van siervuurwerk gedurende de toegestane afsteektijden. Conclusie: Een afsteekverbod is geen geschikt middel om overlast tegen te gaan. De schade waarnaar in gemeentelijke verslagen verwezen wordt betreft veelal opgeblazen brievenbussen, vuilnisbakken, bushokjes enz.

Pagina 2 van 9

Het siervuurwerk dat verkocht mag worden in Nederland heeft niet de kracht om deze vorm van vernieling te veroorzaken. Heeft een afsteekverbod van legaal siervuurwerk invloed op vernielingen die veroorzaakt worden door illegaal vuurwerk is dan de vraag die gesteld moet worden. Conclusie: Een afsteekverbod is geen geschikt middel om schade tegen te gaan (de optredende schade vloeit voornamelijk voort uit afsteken van illegaal vuurwerk). Milieu Een veel gebruikt argument is milieu. De onderstaande feiten zijn overgenomen uit Duits onderzoek. 50.000 kg consumentenvuurwerk stoot evenveel CO2 uit als 520 liter benzine (dus zeg maar 8000 km rijden met een gemiddelde auto). De totale verkoop komt dan overeen met ca. 2.2 miljoen gereden kilometers. In Nederland worden ca. 122.5 miljard kilometer per jaar gereden. Dus aandeel CO2 is ongeveer 0,0018% van de CO2 wegverkeer (laat staan wat de industrie daar nog aan toevoegt). 637% van de pyrotechnische lading niet milieurelevant omdat dit afkomstig is van hernieuwbare bronnen zoals houtskool Plastics worden momenteel op grote schaal al vervangen door karton en papier; Fijnstof de uitstoot van fijnstof ligt volgens Duits onderzoek aanzienlijk lager dan veelal wordt aangenomen (ca. 1/3 van de verwachte hoeveelheden). Wel moet er verschil worden gemaakt in soorten fijnstof.

Het fijnstof dat ontstaat bij afsteken van siervuurwerk is hygroscopisch (water bindend) en snel worden opgenomen en afgevoerd. Fijnstof uit het verkeer heeft deze eigenschap niet en kan dus weken tot maanden constant aanwezig blijven. Zware metalen Het is een misverstand dat siervuurwerk (grote hoeveelheden) zware metalen bevat. Na het van kracht worden van de CE-normering op siervuurwerk is het gebruik van verboden zware metalen uitgesloten. Onderzoek toont aan dat bijvoorbeeld de depositie van koper door het gebruik van siervuurwerk marginaal is. Conclusie: Een afsteekverbod heeft een zeer beperkte invloed op het milieu. Zelfs wanneer een landelijk verbod op siervuurwerk zal worden doorgevoerd is de positieve invloed op het milieu marginaal. Eén autovrije dag per jaar levert meer winst op voor het milieu dan het invoeren van een landelijk afsteekverbod voor siervuurwerk. Er zijn dus meer geschikte oplossingen te bedenken om milieuwinst te behalen dan het invoeren van een afsteekverbod. Huftergedrag Sommige mensen zijn bang om over straat te gaan en lastige gevallen te worden door individuen die vuurwerk naar mens en dier gooien.

Pagina 3 van 9

In 2020 is een verbod op knalvuurwerk, singel shots en vuurpijlen ingevoerd. Hiermee verdwijnen de artikelen, die door oneigenlijk gebruik zorgde voor de genoemde overlast, uit het straatbeeld. Het oneigenlijk gebruik van vuurwerk valt niet te verwijten aan de vuurwerkverkopers. De individuen die de keuze maken om artikelen op een oneigenlijke wijze te gebruiken vallen buiten de invloedsfeer van de vuurwerkverkopers. Het is dan mogelijk om allerlei (flauwe) vergelijkingen te trekken zoals je moet geen auto’s meer verkopen want die kunnen harder dan de toegestane snelheid. Ook de autoverkopers zijn niet verantwoordelijk voor het gedragen van de autobezitters. Conclusie: Een afsteekverbod is niet geschikt om huftergedrag tegen te gaan. Opvoeding en mentaliteit hebben een grote invloed op voorkomend huftergedrag. De individuen die dit soort gedragingen ten toon spreiden, al dan niet onder invloed van drank en drugs, hebben een beperkt besef van verantwoordelijkheid en een groot gebrek aan respect voor de medemens. Een afsteekverbod zal geen bijdrage vormen aan het voorkomen van huftergedrag, zolang er geen mentaliteitsverandering optreedt zal huftergedrag blijven bestaan. Overall conclusie voor de geschiktheid van de maatregel afsteekverbod Een afsteekverbod is geen geschikt middel.

Proportioneel: Om te beoordelen of een maatregel proportioneel is moet gekeken worden naar de voor- en nadelen van de maatregel. Het betreft een lokaal afsteekverbod hiermee worden de plaatselijke ondernemer(s) onevenredig hard geraakt. Er zal zeker sprake zijn van een afname van omzet, een deel van de mensen zal zich houden aan het afsteekverbod wat resulteert in een daling van de omzet. Onder de kop geschikt is al aangetoond dat de maatregel geen of een zeer beperkte invloed heeft op de te realiseren effecten. Om deze zeer bepekte effecten te behalen wordt een niet te handhaven, lokale maatregel ingevoerd die niet alleen het plezier dat de meeste mensen hebben in het afsteken van siervuurwerk met oud en nieuw maar ook de levensvatbaarheid van ondernemingen aantast, afbreuk doet aan de waarde van de eigendommen van de betrokken ondernemers en voor een deel van de ondernemers betekend dat een groot deel van hun pensioen vervliegt. Landelijk gezien is de verhouding tussen voor- en tegenstanders van een afsteekverbod in het voordeel van de tegenstanders (58 % is voor het mogen afsteken van siervuurwerk met oud en nieuw (bron Stemwijzer 2021).

Het grootste deel van de bevolking zal dus een traditie in moeten leveren, terwijl er geen enkele aanwijzing is dat de overlast of schade zal afnemen (deze wordt voornamelijk veroorzaakt door illegaal vuurwerk waarop dit afsteekverbod geen invloed heeft omdat het altijd al verboden is om illegaal vuurwerk te bezitten en af te steken). Conclusie: Vooral de ondernemers worden onevenredig hard getroffen door een lokaal afsteekverbod.

Pagina 4 van 9

De winst die behaald zal worden door de maatregel weegt niet op tegen de schade die door de betrokken ondernemers ondervonden wordt. De maatregel is voor de ondernemers niet proportioneel. Voor de bevolking is deze maatregel ook niet proportioneel omdat een meerderheid van de bevolking de wil van de minderheid wordt opgedrongen. Deze maatregel zal bijdragen aan een verdere polarisering van de samenleving. Een niet nageleefd verbod zal automatisch leiden tot een hogere mate van overlast. Zeker wanneer de verhouding tussen voor en tegenstaander zo dicht bij elkaar ligt. In het recente verleden hebben we constateren dat de Brexit gezorgd heeft voor een aanzienlijke polarisatie van de Britse bevolking. Deze polarisatie gaat zo ver dat familieleden geen contact meer met elkaar hebben. De verhoudingen voor- en tegenstanders van een afsteekverbod liggen iets verder uit elkaar maar toch dicht genoeg bij elkaar om problemen te veroorzaken. Er zou zo maar eens sprake kunnen zijn van het creëren van een nieuw probleem terwijl door het niet handhaafbare karakter van de maatregel gewenste doel niet bereikt wordt. Noodzakelijk: Om te beoordelen of de maatregel noodzakelijk is moet worden gekeken naar alternatieven om de optredende schade, letsel en overlast te voorkomen. In het bovenstaande is al geconcludeerd dat de maatregel niet geschikt en niet proportioneel is.

In plaats van het invoeren van een niet te handhaven afsteekverbod zou aandacht moeten worden besteed aan het terugdringen van illegaal vuurwerk (grootste veroorzaker van schade aan gemeentelijke en particuliere eigendommen). Het beperken van letsel kan worden bewerkstelligd door het verplichten van een vuurwerkbril, laat kleine kinderen achter de ramen kijken naar het vuurwerk, de artikelen waarmee op elkaar geschoten kan worden of naar elkaar gegooid kan worden zijn inmiddels verboden. Hierbij valt te denken aan een voorlichtingsprogramma van scholen zoals door 4vuurwerkveilig wordt verzorgd. Hier zou extra aandacht moeten worden gegeven aan de gevaren van illegaal vuurwerk (verwondingen, schade aan gemeentelijke eigendommen waar de belastingbetaler voor opdraait dus veelal ook eigen ouders, gevaar bij opslag en dreigende sluiting van woningen). Overlast door afval Veel importeurs zetten al in op toepassen van milieuvriendelijkere materialen en vervangen plastics door karton. Gemeente kan in overleg met de verkooppunten opruimen stimuleren. Gemeente plaats containers bij verkooppunten en de verkooppunten geven bij inlevering van vuurwerkafval een tegoedbon voor de aankoop van vuurwerk voor de volgende jaarwisseling. Op deze manier neemt de overlast door het afval af.

Verbod op gevaarlijke artikelen: Vanuit de branche en overheid zijn de laatste jaren artikelen verboden die verantwoordelijk zijn voor de meeste verwondingen (babypijltjes, romeinse kaarsen, knalvuurwerk, vuurpijlen, singelshots enz.).

Pagina 5 van 9

Voorts zal nog steviger worden ingezet op het uitdelen van Persoonlijke veiligheid: vuurwerkbrillen, een vuurwerkbril zou zo normaal moeten worden ervaren als het omdoen van een veiligheidsgordel in de auto. Laat kinderen van achter het raam kijken naar het afgestoken vuurwerk, Combinatie drank, drugs vuurwerk: Er moet worden ingezet op een landelijke campagne waarin de combinatie drank/ drugs/ vuurwerk wordt belicht bewust on-beschonken afsteker. Conclusie: De voorgestane effecten van een afsteekverbod kunnen door andere maatregelen bereikt worden. Bij het invoeren van verboden ontstaat in Nederland vaak extra weerstand zeker wanneer deze moeilijk uitlegbaar zijn (zie ook avondklokrellen en rellen tegen coronamaatregelen). Een verbod maakt de activiteit (afsteken van ziervuurwerk) vaak extra spannend. Er zijn andere oplossingen om de gewenste effecten te behalen dus de maatregel is niet noodzakelijk.

Pagina 6 van 9

Aanvullende argumenten tegen het invoeren van een afsteekverbod: In het onderstaande worden bijkomende argumenten opgesomd om een (lokaal) afsteekverbod niet door te voeren. Veiligheid opslag en verkoop Sinds het in werking treden van het Vuurwerkbesluit in 2004 is gebouwd aan een netwerk van vuurwerkverkooppunten dat controleerbaar is op zowel de opslag als de verkoop. De opslag moet voldoen aan veel voorschriften constructief en installatietechnisch. In het opgebouwde systeem worden zeer frequent controles doorgevoerd en kunnen artikelen, ook na levering worden geblokkeerd voor de verkoop. Op deze wijze kunnen artikelen die ook maar een kleine afwijking, bijvoorbeeld een afwijkende brandduur van een lontje, uit de verkoop worden gehouden om zo de consumenten maximaal te beschermen. Het invoeren van een afsteekverbod zal onvermijdelijk leiden tot een afname in de omzet. De betrokken verkooppunten zullen op termijn de verkoop niet op een bedrijfseconomische wijze kunnen voortzetten. Het wegvallen van de legale verkoop biedt openingen aan de illegale verkoop/ illegale opslag.

Illegaal vuurwerk dat veel zwaarder is dan het veilige siervuurwerk wat in Nederland is toegestaan zal zorgen voor meer schade en gevaarlijke situaties bij de opslag (veelal onder het bed, op zolder of in een schuurtje midden in een woonwijk zonder alle veiligheidsvoorzieningen die de legale verkooppunten wel hebben. Met het totaalverbod (verkopen en afsteken) tijdens de jaarwisseling 2020 -2021 is gebleken dat er toch aanzienlijke hoeveelheden vuurwerk werden afgestoken, dit terwijl er geen legaal vuurwerk verkocht werd in Nederland, België en Duitsland. De consument heeft zijn heil gezocht in de illegale handel. Overlast Overlast vindt voornamelijk plaats op de momenten dat mensen iets niet verwachten. Uit peilingen blijkt dat de ervaren overlast tijdens de wettelijk toegestane afsteektijden ca. de helft is van de buiten deze tijden ervaren overlast. De meeste gemeenten in Nederland evalueren de jaarwisseling en leggen de overlast, schade en kosten van de jaarwisseling vast. Wanneer naar overlast wordt gekeken zie je steeds de termen het lijken we bommen of het lijkt wel een oorlogsgebied voorbijkomen. Dit soort overlast past bij de geluidniveaus die geproduceerd worden door illegaal knalvuurwerk. Een afsteekverbod voor legaal siervuurwerk heeft hier geen invloed op.

De overheid heeft de afgelopen jaren, al dan niet in overleg met de branche, een aantal artikelen verboden, die door oneigenlijk gebruik, de meeste schade en overlast veroorzaakte (babypijtjes, romeinse kaarsen, knalvuurwerk, vuurpijlen en singelshots). Deze artikelen werden op mens en dier gericht en afgeschoten (oneigenlijk gebruik). Het verbod dat in 2020 is ingevoerd op vuurpijlen, knalvuurwerk en singelshots zal voor verder afname in het oneigenlijke gebruik en daarmee het aantal veroorzaakte letsels.

Pagina 7 van 9

Handhaving In de meeste evaluatierapporten van de politie wordt aangegeven dat het handhaven van afsteken van illegaal vuurwerk of het op illegale tijden afsteken van legaal siervuurwerk een uiterst lastige zaak is. De afsteker moet op heterdaad worden betrapt. Wanneer de overtreding wordt waargenomen door handhavers maar het vuurwerk wordt vanuit een groep gegooid dan is het nog steeds uiterst lastig om te handhaven (wie was de overtreder). Momenteel is handhaving niet in staat om afdoende te handhaven. Het invoeren van een afsteekverbod zal niet bijdragen aan een efficiëntere handhaving. Er moet immers nog steeds sprake zijn van heterdaad. Het afsteekverbod voegt alleen 8 extra uren per jaar toe om het verbod te handhaven. Meedenken in handhaving Naast het verbeteren van de handhaving door extra toezicht op websites die illegaal vuurwerk verkopen en het uit de lucht halen van die websites kan een aanzienlijke slag worden toegebracht aan de handel in illegaal vuurwerk. Naast het toezicht op deze websites kan worden ingezet op een snuffelhond of een geautomatiseerde variant daarvan om explosieven op te sporen. De inzet zal dan in eerste instantie moeten plaatsvinden op de pakketpost uit landen zoals Polen, Hongarije, Roemenië, Italië enz. Van het werk met snuffelhonden op Schiphol is bekend dat al bij een fractie van een gram herkenning plaatsvindt.

Op deze wijze kan het illegale vuurwerk al in de postsorteercentra worden onderschept. Vanuit deze opzet zal dan vervolging moeten plaatsvinden met andere straffen dan een boete (deze wordt veelal binnen een paar dagen terugverdiend met de verkoop van illegaal vuurwerk, daardoor blijft het te aantrekkelijk om illegaal vuurwerk te verkopen). In 2020 is voor het eerst een maatregel toegepast die mogelijk een effect gaat hebben op de opslag en verkoop van illegaal vuurwerk. In Winterswijk is een woning gesloten. Dit betekent dat de bewoners gedurende een bepaalde tijd geen toegang meer hebben tot hun woning. Mogelijk heeft dit middel een afschrikkende werking omdat dan door het gedrag van een individu mogelijk een heel gezin op straat staat. Een dergelijke straf heeft een aanzienlijke afschrikkende werking, beter dan een boete die binnen een paar dagen weer terugverdiend is met de verkoop van het illegale vuurwerk. Wanneer het risico te groot wordt zal het animo afnemen. Een afsteekverbod zal op termijn afbreuk doen aan deze maatregelen omdat, bij wegvallen van de legale markt, gezocht gaat worden op de illegale markt. In plaats van het invoeren van een niet te handhaven afsteekverbod zou aandacht moeten worden besteed aan het terugdringen van illegaal vuurwerk (grootste veroorzaker van schade aan gemeentelijke eigendommen).

Hierbij valt te denken aan een voorlichtingsprogramma van scholen zoals door 4vuurwerkveilig wordt verzorgd. Hier zou extra nadruk moeten worden gegeven aan de gevaren van illegaal vuurwerk (verwondingen, schade aan gemeentelijke eigendommen waar de belastingbetaler voor opdraait dus veelal ook eigen ouders, gevaar bij opslag en dreigende sluiting van woningen).

Pagina 8 van 9

Illegaal Vuurwerk In Nederland wordt naar schatting 2 - 3 miljoen kilogram illegaal (knal)vuurwerk per jaar afgestoken. Dit soort vuurwerk zorgt voor de meeste overlast. Het afsteken vindt meestal plaats in het holst van de nacht gedurende het gehele jaar met een piek naar de jaarwisseling. Het gaat hier vooral om knalvuurwerk met extreem veel kracht (een Bigboy heeft ca. 100 gram flashkruit sommige Cobra’s tot 60 gram). In legaal vuurwerk mag maximaal 2 gram flash kruit aanwezig zijn, dit betreft de zwaarste legale artikelen. In de meeste legale artikelen is niet meer dan 1 gram flashkruit aanwezig. Illegaal vuurwerk gedraagt zich dan ook door de grote hoeveelheden flashkruit “massa explosief”, met andere woorden; als één artikel afgaat gaan alle omringende artikelen op nagenoeg het zelfde moment mee af. Door de veel geringere hoeveelheden kruit in legaal siervuurwerk komt dit fenomeen niet voor!

In 2020 is in Nederland een verbod ingevoerd op knalvuurwerk. We kunnen er vanaf dit jaar dan ook vanuit gaan dat alle knallen die we horen voortkomen uit het gebruik van illegaal vuurwerk. Het invoeren van een afsteekverbod heeft geen invloed op het afsteken van illegaal vuurwerk. De vernietigende kracht die bij het afsteken van illegaal knalvuurwerk vrijkomt wordt door individuen gebruikt om vernielingen aan te richten. Met een illegaal stuk knalvuurwerk is het mogelijk verkeersborden, bushokjes, brievenbussen enz. te vernielen. Het siervuurwerk wat in Nederland verkocht mag worden zal dit soort vernielingen niet kunnen veroorzaken. Illegaal vuurwerk wordt opgeslagen in schuurtjes, op zolder, in kluisjes op scholen en andere niet geschikte locaties. Veelal wordt het illegale vuurwerk verhandeld uit rugtassen van scholieren en kofferbakken van auto’s. De handelaren in illegaal vuurwerk hebben een enkel respect voor hun omgeving, ze stellen hun omgeving immers bloot aan de vernietigende kracht van het illegale knalvuurwerk. Invoeren van vuurwerkzones i.p.v. vuurwerkvrije zones In de regel voeren gemeenten vuurwerkvrije zones in rond dierenweides, ziekenhuizen, verzorgingshuizen enz. Deze maatregel is makkelijk uit te leggen en zal eerder door de inwoners worden geaccepteerd. Bij het invoeren van vuurwerkzones is er sprake van een concentratie van het afsteken van vuurwerk.

Nadelen bij deze manier van reguleren is dat er een groter aantal vuurwerk afsteken de mensen aanwezig zijn op een beperkte oppervlakte. Het risico op letsel zal daarmee toenemen omdat het in acht nemen van de geadviseerde (staat op verpakking) veilige afstand door het grotere aantal aanwezige personen bemoeilijkt wordt. Daarnaast moeten de mensen naar de aangewezen locatie met vuurwerk concentratie grotere hoeveelheden vuurwerk staan open en bloot omdat de artikelen niet een voor een naar buiten gebracht kunnen om afgestoken te worden, parkeerproblemen, rijden onder invloed van alcohol, concentratie handhavers dus onderbezetting handhavers elders. Een dergelijk maatregel lijkt daarom niet verstandig.

Pagina 9 van 9

Milieulast van vuurwerk

A. van Leeuwenhoeklaan 9 3721 MA Bilthoven Postbus 1 3720 BA Bilthoven www.rivm.nl KvK Utrecht 30276683 T 030 274 91 11 info@rivm.nl

Bijlage(n) Horend bij Ons kenmerk

1 Brief nr:

Contactpersoon

Datum 30 september 2020 Behandeld door

1. Algemene inleiding Jaarlijks worden tijdens de jaarwisseling miljoenen kilogrammen vuurwerk afgestoken in Nederland (Tabel 1). Dit memo beschrijft op hoofdlijnen de milieulast voor de bodem, het oppervlaktewater en de lucht als gevolg van het afsteken van dit vuurwerk tijdens de jaarwisseling. Voor de analyse is gebruik gemaakt van gegevens van de landelijke emissieregistratie (een samenwerkingsverband onder regie van het RIVM, www.emissieregistratie.nl). De gegevens over vuurwerkemissie uit de emissieregistratie zijn verder uitgewerkt (door (Dröge and Roex 2018) in de factsheet "Emissieschattingen Diffuse bronnen Emissieregistratie Afsteken vuurwerk." Het betreft emissies van gasvormige componenten, zware metalen en fijn stof. Andere componenten worden niet geregistreerd. Tabel 1. Hoeveelheid afgestoken vuurwerk per jaar in Nederland (Dröge and Roex 2018). Jaar Vuurwerk (miljoen kg) 2000 13,6 2005 15,3 2010 17,5 2015 17,2 2016 16,4 Componenten in vuurwerk en emissie naar het milieu Vooral het siervuurwerk bevat zware metalen om bepaalde kleureffecten te veroorzaken, maar ook het knalvuurwerk draagt bij aan de emissie van specifieke componenten (Tabel 2). Siervuurwerk draagt bij aan de emissie naar de bodem en naar het oppervlaktewater via het riool. Knalvuurwerk heeft hier nauwelijks een aandeel in.

De emissies naar de lucht per kilogram vuurwerk zijn voor siervuurwerk ongeveer een factor 2 hoger dan voor knalvuurwerk. Daarnaast wordt aangenomen dat de totale hoeveelheid vuurwerk bestaat uit 85% siervuurwerk en 15% knalvuurwerk (Dröge and Roex 2018). De

Versie: 0.1

Pagina 1 van 28

emissies naar lucht door siervuurwerk zijn hiermee ongeveer een factor 10 hoger dan voor knalvuurwerk.

Datum 30 september 2020

Tabel 2. Emissiefactoren voor afsteken van vuurwerk (g/kg vuurwerk) (Dröge and Roex 2018) en www.emissieregistratie.nl. Knalvuurwerk Siervuurwerk Vuurwerk totaal Gasvormige componenten - koolstofdioxide 22 47 43,3 - koolstofmonoxide 2,5 7,5 6,9 - methaan 0,4 0,9 0,8 - waterstofsulfide 0,6 1,3 1,2 - zwaveldioxide 1 2,1 1,9 - distikstofoxide 1 2,1 1,9 - stikstof(di)oxide 0,3 Stofvormige componenten * - strontium 4,3 3,7 - barium 13,4 11,4 - koper 6,8 5,8 - antimoon 1,1 0,9 - zink 0,7 0,6 - overige 52 113 104 stofvormige componenten Fijn stof (PM10) * 5 13,9 12,6**

* Het deel van de emissie van stofvormige componenten dat als fijn stof in de lucht terecht komt, wordt geschat op 10%. Dit betreft dus 10% van de som van stofvormige componenten Sr, Ba, Cu, Sb, Zn en overige stofvormige componenten. ** De laatste inzichten zijn dat de emissiefactor voor PM10 (naar de lucht) veel hoger is dan 12,6 g/kg, namelijk 42,7 g/kg (Visschedijk, Meesters et al. 2020). Deze informatie kwam te laat om nog te verwerken in onderliggend memo, maar het heeft geen invloed op de uitkomsten van onderliggende studie, omdat deze emissiefactoren hier verder niet worden gebruikt.

Door gebruik te maken van de landelijke emissiegegevens per jaar geeft de onderliggende studie een globaal, gemiddeld beeld. Het kan zijn dat regionaal de effecten op het milieu groter of kleiner zijn. De studie gaat alleen in op de stoffen die in de factsheet (Dröge and Roex 2018) zijn genoemd. In Tabel 3 is de verdeling van de emissies over de compartimenten weergegeven. Belasting van het oppervlaktewater vindt alleen indirect plaats via het riool en niet direct via bijvoorbeeld afspoeling.

Versie: 0.1

Pagina 2 van 28

Tabel 3. Relatieve verdeling van vuurwerkemissie over de compartimenten (Dröge and Roex 2018). Lucht Direct Indirectoppervlaktewater riool Gasvormige 100% 0% 0% stoffen Fijnstof 100% 0% 0% (PM10) Stofvormige 30% 0% 16%* stoffen *

Datum 30 september 2020

Bodem 0% 0% 54%*

* In een zeer recente publicatie (Visschedijk, Meesters et al. 2020) wordt uitgegaan van 14% naar riool, 56% naar bodem.

Verpakkings- en constructiemateriaal Het afval afkomstig van vuurwerk bestaat grotendeels uit verpakkings- en constructiemateriaal. Dit materiaal blijft op de plek waar het vuurwerk wordt afgestoken of valt korte tijd na lancering op de bodem. Voor de constructie van siervuurwerk wordt papier, karton, hout, kunststof en Chinaklei gebruikt. In knalvuurwerk wordt vrijwel alleen papier gebruikt. Na het afsteken van vuurwerk komen deze materialen als vast afval op de bodem terecht. Na verloop van tijd wordt het merendeel met het huishoudelijk afval of straatvuil afgevoerd (Brouwer, Hulskotte et al. 1995). Van de hoeveelheden verpakkings- en constructiemateriaal zijn geen recente data bekend. (Brouwer, Hulskotte et al. 1995) schatten de hoeveelheid papier- en kartonafval dat in 1992 ontstond na het afsteken van knalvuurwerk op 630 ton. De schatting van de hoeveelheid afval door siervuurwerk was toen 2335 ton papier/karton, 80 ton hout, 80 ton kunststof en 80 ton klei. Aangezien de afgestoken hoeveelheid vuurwerk sinds 1992 met een factor 2 tot 3 is toegenomen, kan worden aangenomen dat ook de hoeveelheid afval afkomstig van vuurwerk sterk is toegenomen. Tabel 4 geeft een schatting van de hoeveelheid afval die vrijkomt per kilogram afgestoken vuurwerk.

Omdat er geen nadere gegevens bekend zijn over de hoeveelheid afval die achterblijft in het milieu, wordt er in dit memo verder niet op ingegaan. Tabel 4. Hoeveelheid afval die vrijkomt bij het afsteken van vuurwerk (g/kg vuurwerk) (Brouwer, Hulskotte et al. 1995). Afval Knalvuurwerk Siervuurwerk Papier/karton 900 540 Hout 18 Klei 18 Kunststoffen 18 Leeswijzer In de volgende hoofdstukken wordt een schatting gemaakt van de milieubelasting van vuurwerkemissies voor oppervlaktewater (Hoofdstuk 2), de bodem (Hoofdstuk 3) en de lucht (Hoofdstuk 4).

Versie: 0.1

Pagina 3 van 28

2. Effecten van vuurwerk op kwaliteit van het oppervlaktewater

Datum 30 september 2020

Emissies van verontreinigende stoffen van vuurwerk naar het riool Emissies van zware metalen uit vuurwerk naar het oppervlaktewater vinden plaats door emissies uit regenwaterriolen, via overstorten en via effluenten van rioolwaterzuiveringsinstallaties (rwzi’s) (Van Duijnhoven 2018). De emissies naar het riool vinden plaats via de hemelwaterafvoer, dat wil zeggen na een regenbui. De belangrijkste emissie naar het riool bestaat uit de zware metalen antimoon, barium, strontium en zink (Tabel 5). 10% van deze metaalemissie is in de vorm van fijnstof. Andere stofvormige componenten die geëmitteerd worden zijn vooral kaliumcarbonaten, sulfaten en -sulfieten in stofvorm, maar die worden niet apart geregistreerd en zijn daarom in deze studie niet meegenomen. In deze studie wordt gebruik gemaakt van de emissiegegevens uit 2016. Dit is het meest recente jaar uit de factsheet van (Dröge and Roex 2018). Tabel 5. Vuurwerkemissies naar riool (kg) in 2016 (Dröge and Roex 2018).

Stof 2016 Antimoon 2.503 Barium 30.858 Koper 15.590 Strontium 9.942 Zink 1.561 Hoeveelheid rioolwater waarin de metalen terecht komen In de factsheet “Effluenten RWZI’s, regenwaterriolen, niet aangesloten riolen, overstorten en IBA’s” (Van Duijnhoven 2018) wordt uitgegaan van 0,52 miljard m3 afstromend hemelwater per jaar, 0,96 miljard m3 afvalwater per jaar en 0,36 miljard m3 rioolvreemd water per jaar, dat via het gemengde rioolstelsel bij de ruim 300 rwzi’s terecht komt. Voor deze studie wordt verondersteld dat de zware metalen uit het vuurwerk na de eerste bui na de jaarwisseling het gemengde rioolstelsel instromen en volledig in het influent van de rwzi terechtkomen. Dit is een conservatieve aanname. Mogelijk zijn hier meerdere buien voor nodig, maar het ligt voor de hand dat tijdens de eerste bui die groot genoeg is om afstroming naar het riool te veroorzaken de meeste zware metalen het riool instromen. Verder wordt aangenomen dat er 185 dagen per jaar neerslag valt (KNMI 2011). Bij een gemiddelde regendag spoelt er (0,52 miljard m3/185 dagen =) 2,8 miljoen m3 regenwater het gemengde rioolstelsel in. Daarnaast is er per dag gemiddeld (0,96 miljard m3/365 dagen =) 2,6 miljoen m3 afvalwater en de hoeveelheid rioolvreemd water is (0,36 miljard m3/365 dagen =) 1,0 miljoen m3 dagelijks.

In totaal is dit 6,4 miljoen m3 water dat dagelijks via het gemengde rioolstelsel naar de rwzi’s wordt afgevoerd. Met dit volume wordt de gemiddelde concentratie(toename) van de zware metalen in het influent van rwzi’s berekend na de eerste regenbui na de jaarwisseling. Versie: 0.1

Pagina 4 van 28

Verwijdering van de zware metalen in de rwzi In Tabel 6 is het verwijderingsrendement in de rwzi weergegeven van de zware metalen die afkomstig zijn uit vuurwerk. Hiervoor zijn verschillende bronnen gebruikt, die niet dezelfde percentages geven. Voor het vervolg is gebruik gemaakt van de gemiddelde waardes. Vier van de vijf metalen worden voor meer dan 75% verwijderd. Alleen de verwijdering van strontium is beperkt. Tabel 6. Schatting van het verwijderingsrendement in rwzi’s van zware metalen afkomstig uit vuurwerk. Stof VerwijderingsVerwijderingsVerwijderingsrendement (%) rendement (%) rendement (%) (Van Duijnhoven (Watson database)* (CBS 2020) ** 2018) Antimoon 93 99 Barium 82 71 Koper 92 94 Strontium 18 0 Zink 67 84 * Berekend met influent en effluent data uit de Watson database (periode 2010 t/m 2015). ** O.b.v. CBS data influent en effluent (periode 2016 t/m 2018).

Datum 30 september 2020

Gemiddeld (%) 96 77 93 9 76

Concentratie metalen in afspoelend regenwater, influent en effluent van de rwzi Er is een schatting gemaakt van de concentratie van de metalen in het regenwater na een regenbui met een gemiddelde afspoeling. Deze concentraties liggen in de mg/L-range (Tabel 7). Door verdunning met afvalwater en rioolvreemd water zijn de concentraties in het influent (inkomend afvalwater) van de rwzi lager dan in het afspoelend regenwater. Deze concentraties zijn berekend door de emissies van de metalen te delen door het totale volume rioolwater (6,4 miljoen m3) tijdens de dag met een gemiddelde afspoeling door regenval. Deze concentraties geven in feite de toename aan van de concentraties in rioolwater als gevolg van de metaalemissies uit vuurwerk. Tabel 7. Geschatte concentraties (afgerond) van metalen afkomstig uit vuurwerk in het afspoelend regenwater, het influent en effluent van de rwzi op basis van emissies uit 2016. Concentratie Concentratie in influent Concentratie in afspoelend na rwzi o.b.v. Emissie regenwater gemiddelde verwijdering Stof (kg, naar riool in rwzi afvoer 2016) (µg/L) – gem. (µg/L) afvalwater regenbui (µg/L) Antimoon 2.503 900 400 16 Barium

30.858

11.000

4.800

1.100

Koper

15.590

5.500

2.400

170

Strontium

9942

3.600

1.600

1.400

Zink

1561

560

240

60

Versie: 0.1

Pagina 5 van 28

Met behulp van de gemiddelde verwijderingspercentages uit Tabel 6 zijn de verwachte concentraties in het effluent (gezuiverd afvalwater) berekend. Aanname is dat na een regenbui met gemiddelde afspoeling naar het riool de totale emissie van zware metalen uit vuurwerk in een dagvolume van de totale hoeveelheid rioolwater terecht komt.

Datum 30 september 2020

Naast verwijdering in de rwzi is er ook enige verwijdering van deze metalen uit het rioolwater door periodieke reiniging van straatkolken, rioolbuizen en gemalen (door verwijdering van slib dat metalen bindt). Hoe groot deze (geringe) verwijdering is, is niet bekend en wordt hier niet meegenomen. Vergelijking met concentraties in influent en effluent uit de Watson database De geschatte concentraties van de betreffende metalen in het influent en effluent van rwzi’s als gevolg van emissies door vuurwerk worden vergeleken met de concentraties van deze metalen die in de Watson Database (Emissieregistratie 2020) worden gerapporteerd. In de Watson Database zijn concentraties van een groot aantal microverontreinigingen in het influent en effluent van rwzi’s in Nederland te vinden. In Tabel 8 zijn concentraties van de in deze studie betrokken metalen in het influent in de periode 2010 t/m 2015 weergegeven (nieuwere data zijn in deze database niet volledig beschikbaar). Voor de meeste metalen is de berekende concentratie in het influent na de jaarwisseling (Tabel 7) ruim hoger (tot een factor 30 voor koper) dan het maximum in Tabel 8. Antimoon is een uitzondering. Aangezien de metalen meestal maar maximaal één keer per maand in het influent (en effluent) worden gemeten, is het mogelijk dat de piek in januari als gevolg van het afsteken van vuurwerk gemist wordt.

Het kan er ook op duiden dat de emissie naar het riool uit de emissieregistratie (16%) een overschatting is. Ook de vergeleken jaren en tijdsperiode (2010 t/m 2015 t.o.v. 2016) is afwijkend. Dit is echter geen verklaring waarom de berekende concentraties in het influent (Tabel 7) hoger zijn dan in Tabel 8. In een langere periode (2010 t/m 2015) is de kans namelijk groter op een hoge piek dan tijdens een enkel jaar (2016). Tabel 8. Concentratie van metalen in influent van rwzi (µg/L): alle rwzi’s in Nederland, periode 2010 t/m 2015 (Watson Database). Stof gemiddeld 90-percentiel maximum Antimoon 254 730 2.400 Barium 50 80 200 Koper 67 77 80 Strontium 217 311 440 Zink 137 180 210 In Tabel 9 zijn de concentraties in het effluent van de metalen in de periode 2010 t/m 2015 weergegeven. Ook hier geldt dat voor de meeste metalen de berekende concentratie in het effluent na de jaarwisseling (Tabel 7) ruim hoger is dan het maximum in Tabel 9 (behalve voor koper en zink). Versie: 0.1

Pagina 6 van 28

Tabel 9. Concentratie van metalen in effluent van rwzi (µg/L): alle rwzi in Nederland, periode 2010 t/m 2015 (Watson Database). Stof gemiddeld 90-percentiel maximum Antimoon 0,7 2 19 Barium 14 30 60 Koper 5,5 9 150 Strontium 240 400 570 Zink 45 78 960

Datum 30 september 2020

Concentraties van de metalen in de grote rivieren Maas en Rijn Tabel 10 toont de concentraties van de metalen in de rivieren de Maas (Eijsden) en de Rijn (Lobith). Op deze rivieren wordt door verschillende rwzi’s in binnen- en buitenland effluent geloosd. De gemiddelde concentratie in het effluent is voor sommige van de beschouwde metalen hoger en voor andere lager dan de gemiddelde concentratie in de Maas en de Rijn. De geschatte metaalconcentraties die via het effluent geloosd worden na een regenbui na de jaarwisseling zijn duidelijk hoger dan de gemiddelde concentratie in de Rijn en de Maas. De afvoer van de Rijn en de Maas bestaat gemiddeld voor circa 13% uit rwzi-effluent (De Rijk, De Keizer et al. 2010). In de winter is dat iets minder, dan ligt dat net onder de 10%. De bijdrage van metaalemissies rond de jaarwisseling kan de concentratie van deze metalen in deze rivieren tijdelijk significant doen toenemen. In kleinere rivieren, zoals De Dommel is de invloed van het rwzi-effluent nog groter. Tabel 10. Gemiddelde concentraties van de metalen in de Maas bij Eijsden (RIWA-Maas 2018) en in de Rijn bij Lobith (RIWA-Rijn 2017) en vergelijking met de concentraties in rwzi-effluent. Stof Gemiddeld Gemiddeld RwziSchatting rwziMaas Rijn 2016 effluent effluent na (µg/L) 2017* (gem.) jaarwisseling (µg/L) 2010(toename conc. 2015 t.o.v.

gem.) (µg/L) (µg/L) Antimoon 0,27 0,25 0,7 16 Barium 24 77 14 1.100 Koper 3,2 2,95 5,5 170 Strontium 203 477 240 1.400 Zink 15 14 45 60 * Data van 2016 waren niet beschikbaar op de website van RIWA Maas.

Emissies van metalen uit vuurwerk naar oppervlaktewater via overstorten en regenwaterriolen Tabel 11 laat zien hoeveel kilogrammen van de beschouwde zware metalen door emissies uit verschillende bronnen uiteindelijk in het oppervlaktewater terecht komen. Dit is inclusief de bijdrage van vuurwerk (Van Duijnhoven 2018). Er worden vijf routes onderscheiden. Relevant voor de emissies van vuurwerk naar oppervlaktewater zijn de emissieroutes effluent rwzi’s, overstorten en regenwaterriolen. Via huishoudelijk afvalwater en IBA’s (individuele behandeling afvalwater) komen geen restanten van vuurwerk in het oppervlaktewater terecht. Versie: 0.1

Pagina 7 van 28

Tabel 11. Emissie per jaar naar oppervlaktewater in 2016 (kg) (Van Duijnhoven 2018). Stof

Antimoon Barium Koper Strontium Zink

Emissie naar oppervlaktewater in 2016 (kg) Effluent OverHuishou- RegenIBA rwzi’s stort delijk water naar afvalriolen opperwater vlaktewater

109 2.765 8.523 410.538 64308

208 1.534 3.124 1.280 12.403

0 0 123 356 108

631 7.019 6.918 4.444 20.908

0 0 128 954 149

Datum 30 september 2020

totaal

948 11.318 18.816 41.7572 97.876

Overstorten De bijdrage van overstorten is meestal kleiner dan van het effluent van rwzi’s, behalve voor antimoon. Het merendeel van de metalen uit vuurwerk dat in het riool terecht komt, komt uiteindelijk terecht in het influent van de rwzi. In de rwzi wordt het grootste deel van de metalen uit het afvalwater verwijderd voordat het op het oppervlaktewater geloosd wordt. De fractie van het rioolwater die via de overstort in het oppervlaktewater terecht komt, is beperkt. Bij overstorten vindt echter geen zuivering plaats, waardoor de totale lozing op het oppervlaktewater toch nog significant kan zijn. Lokaal kunnen hoge concentraties van deze metalen in het oppervlaktewater ontstaan na overstorten, zeker als er overstorten plaatsvinden direct na de jaarwisseling. Er moet opgemerkt worden dat overstorten vooral plaatsvinden na korte heftige buien in de zomer, dus de kans op een overstort vlak na de jaarwisseling is gering. Effecten van overstorten op de oppervlaktewaterkwaliteit worden hier verder niet uitgewerkt, omdat dit te ver voert voor deze beknopte studie. Hiervoor is onder meer gedetailleerde informatie nodig over de frequenties en volumes van overstorten, en het volume of debiet van het ontvangende oppervlaktewater.

Regenwaterriolen Regenwaterriolen vormen voor enkele metalen een belangrijke bijdrage aan de emissie naar het oppervlaktewater, met name voor antimoon en barium. Regenwaterriolen lozen het water ongezuiverd op oppervlaktewater. Dit zou lokaal kunnen leiden tot verhoogde concentraties in het oppervlaktewater. Of hier normen overschreden worden is niet op voorhand te zeggen. Dit hangt onder meer af van het volume van de regenbui en de hoeveelheid metalen die tijdens de bui meespoelt, maar ook van het volume of debiet en de waterkwaliteit van het ontvangende oppervlaktewater. Om hier iets over te kunnen zeggen, is gedetailleerde informatie nodig van het lokale watersysteem. Op basis van het hydraulisch model van het rioleringssysteem zoals beschreven in de factsheet “Effluenten RWZI’s, regenwaterriolen, niet aangesloten riolen, overstorten en IBA’s” (Van Duijnhoven 2018) wordt Versie: 0.1

Pagina 8 van 28

aangenomen dat circa 25% van het regenwater dat in een rioleringssystemen terecht komt een regenwaterriool betreft. Dit is circa 0,17 miljard m3 per jaar of per regendag (185 keer per jaar) gemiddeld ruim 900 miljoen m3. De geschatte concentratie van de metalen in het afspoelende regenwater (zoals weergegeven in Tabel 7) is ook de concentratie die verwacht wordt in het regenwaterriool. Dit wordt ongezuiverd geloosd op oppervlaktewater.

Datum 30 september 2020

De emissie van antimoon en barium via regenwaterriool is vrijwel volledig aan vuurwerk toe te kennen, terwijl de emissies van koper, strontium en vooral zink nog andere bronnen hebben. Toetsen van de verwachte concentraties in het rwzi-effluent aan normen voor oppervlaktewater De website Risico’s van stoffen (RIVM 2020) bevat een overzicht van milieunormen. Tabel 12 toont de relevante normen voor de beschouwde metalen. Tabel 12. Verschillende normen (µg/L) voor zoet oppervlaktewater voor de beschouwde metalen (RIVM 2020). Stof

Antimoon Barium koper Strontium * Zink

Oppervlaktewater voor drinkwaterbereiding

Wettelijke jaargemiddelde milieukwaliteitsnorm (opgelost)

200 50

5,6 73 2,4

200

7,8

Wettelijk jaargemiddelde milieukwaliteitsnorm JG-MKN (totaal)

12

Maximaal aanvaardbare concentratie (MAC-MKN 1, opgelost)

200 148

15,6

* Alleen landoppervlaktewateren achtergrondconcentratie (opgelost) gerapporteerd (110 µg/L).

In Tabel 13 is een indicatieve berekening gedaan van de verwachte concentraties metalen in de Rijn en de Maas na een pieklozing vanuit rwzi’s na de jaarwisseling. Dit is een voorbeeldberekening die een indicatie geeft van welke concentraties verwacht kunnen worden. In het algemeen geldt dat lagere afvoeren van rivieren leiden tot hogere concentraties van verontreinigingen in de rivier. De belangrijkste (deels eerdergenoemde) aannames die hier gedaan zijn: - voorafgaand aan de pieklozing van de metalen op de Maas en de Rijn heerst de gemiddelde concentratie van de metalen zoals weergegeven in Tabel 10, - rwzi-effluent draagt 10% bij aan het totale debiet van de Maas en de Rijn tijdens de pieklozing,

1

Sinds de invoering van de Kaderrichtlijn Water zijn er voor oppervlaktewater drie soorten milieukwaliteitsnormen (MKN). De JG-MKN (Jaargemiddelde milieukwaliteitsnorm), de MAC-MKN (Maximaal aanvaardbare concentratie voor kortdurende blootstelling) en de MKN-biota (de maximaal aanvaardbare hoeveelheid van een stof in prooidieren).

Versie: 0.1

Pagina 9 van 28

-

de effluentconcentraties metalen (Tabel 10), berekend uit landelijke emissiecijfers van vuurwerk, is ook de concentratie in het effluent dat op de Rijn en de Maas wordt geloosd, de concentratie in het afspoelende regenwater is berekend met de gemiddelde afspoeling naar het riool na een regenbui van gemiddelde intensiteit.

Datum 30 september 2020

In deze voorbeeldberekening wordt de norm voor oppervlaktewater voor drinkwaterbereiding voor barium, koper en zink niet overschreden na de (piek)emissie van metalen uit vuurwerk na de jaarwisseling. Dit kan wel het geval zijn bij rivieren waarvan het debiet voor een groter gedeelte uit rwzi-effluent bestaat of voor oppervlaktewater waarop overstorten uitkomen of regenwaterriolen. Gedetailleerde uitwerking hiervan valt buiten de scope van dit onderzoek. Tabel 13. Indicatieve berekening van de verwachte concentraties metalen in de Rijn en de Maas na een pieklozing vanuit rwzi’s na de jaarwisseling. Stof RwziGemiddeld Gemiddeld Maas na Rijn na effluent Maas Rijn 2016 piekbelasting piekbelasting (µg/L) na jaar2017 vuurwerk vuurwerk (µg/L) wisseling (µg/L) (µg/L) (µg/L)* 10% 90% 90% bijdrage bijdrage bijdrage Antimoon 17 0,27 0,25 1,9 1,9 Barium 1.114 24 77 133 180 Koper 176 3,2 2,95 21 20 Strontium 1.640 203 477 350 600 Zink 105 15 14 24 23 * Gemiddelde concentratie en toename concentratie door vuurwerk uit Tabel 10 (laatste 2 kolommen) bij elkaar opgeteld.

In de voorbeeldberekening (Tabel 13) wordt de MAC-waarde (zie Tabel 12) voor barium (Rijn) en voor zink (Maas, Rijn) wel tijdelijk overschreden, aangenomen dat de metalen opgelost zijn. Omdat de metaalemissie afkomstig van vuurwerk naar het oppervlaktewater slechts korte tijd optreedt (eerdere aanname: gedurende een dag na de eerste regenbui) worden in de voorbeeldberekening de wettelijke jaargemiddelde milieukwaliteitseisen hierdoor niet overschreden, de toename als gevolg van vuurwerk op jaarbasis is verwaarloosbaar. Conclusie Emissies van zware metalen uit vuurwerk dat wordt afgestoken rond de jaarwisseling kunnen na een regenbui (tijdelijk) tot een sterkte toename leiden van de concentratie in het rioolwater (piekbelasting). In de rwzi worden de meeste van deze metalen grotendeels verwijderd. Desondanks kan door de lozing van het effluent de concentratie van deze metalen in het ontvangende oppervlaktewater sterk toenemen. Regenwaterriolen vormen voor enkele metalen een belangrijke bijdrage aan de emissie naar het oppervlaktewater, met name voor antimoon en Versie: 0.1

Pagina 10 van 28

barium. De emissie van antimoon en barium via regenwaterriolen is vrijwel volledig aan vuurwerk toe te kennen. Voor de metalen koper, strontium en zink zijn er ook andere bronnen aan te wijzen en is de emissie via het effluent van rwzi’s groter.

Datum 30 september 2020

De bijdrage van overstorten aan de emissie van de beschouwde metalen is meestal kleiner dan van het effluent van rwzi’s, behalve (op jaarbasis) voor antimoon. Overstorten vinden vooral plaats na korte heftige buien in de zomer, zodat de kans dat een overstort vlak na de jaarwisseling plaatsvindt met een piekbelasting op het oppervlaktewater is gering. Of er normen worden overschreden door de beschreven emissies naar het oppervlaktewater is op basis van deze studie niet met zekerheid te zeggen. De emissie van metalen uit vuurwerk naar oppervlaktewater na de jaarwisseling is een piekbelasting. De concentratie in het ontvangende oppervlaktewater hangt zowel af van het debiet en de concentratie van de lozing, als van het debiet en de (achtergrond)concentratie van het ontvangende oppervlaktewater. Grote rivieren waar het aandeel van een effluentlozing (of eventueel een overstort of lozing van regenwaterriool) op het totale debiet gering is, zijn minder gevoelig voor overschrijdingen van normen door een lozing dan kleinere oppervlaktewateren waar zo’n lozing een significant deel kan zijn van het totale debiet van het waterlichaam. Bij deze kleine oppervlaktewateren, met een grote invloed van het effluent van rwzi’s, is het reëel te veronderstellen dat normen voor metalen tijdelijke worden overschreden na de jaarwisseling.

Discussie Om de effecten van metaalemissies uit vuurwerk op de oppervlaktewaterkwaliteit preciezer te kunnen bepalen, is detailinformatie nodig van regionale riolerings- en oppervlaktewatersystemen en de emissies die hierin plaatsvinden. Dit zou bijvoorbeeld kunnen met behulp van de KRW-verkenner (https://publicwiki.deltares.nl/display/KRWV/KRW-Verkenner). Ook metingen in het effluent van rwzi’s tijdens de pieklozing kunnen hierbij behulpzaam zijn. De huidige berekeningen zijn indicatief. Er is uitgegaan van een gemiddelde afspoeling naar het riool na een regenbui van gemiddelde intensiteit. Bij een intensievere regenbui dan hier is aangenomen, zullen als gevolg van een grotere verdunning de metaalconcentraties in het regenwater en het influent lager zijn dan hier (indicatief) is berekend. Daarnaast zijn de data uit de gebruikte factsheets aan verandering onderhevig als gevolg van nieuwe inzichten en metingen. In (Dröge and Roex 2018) wordt aangenomen dat 16% van de metalen uit vuurwerk in het oppervlaktewater terecht komt. In (Van Duijnhoven 2018) wordt echter 10% genoemd. Dit verschilt een factor 1,6. Ook de verwijdering van de metalen in de rwzi is niet eenduidig en zal per rwzi verschillen.

Versie: 0.1

Pagina 11 van 28

3. Indicatieve risicobeoordeling zware metalen in de bodem ten gevolge van vuurwerkemissies

Datum 30 september 2020

Inleiding Zware metalen kunnen ten gevolge van het afsteken van vuurwerk op en in de bodem terecht komen. Tabel 14 geeft een overzicht van de emissie van metalen ten gevolge van vuurwerk in 2016 zoals gerapporteerd in het rapport “emissieschattingen diffuse bronnen en emissieregistratie – afsteken vuurwerk” (Dröge and Roex 2018). Een deel van het totale gehalte metalen in de bodem is biobeschikbaar, dat wil zeggen dat ze kunnen worden opgenomen in bodemdieren en planten (Mol, Spijker et al. 2012). De opgenomen metalen kunnen toxische effecten veroorzaken in organismen wat uiteindelijk een negatief effect heeft op het ecosysteem als geheel. Het is daarom van belang om de potentiële effecten van het afsteken van vuurwerk op het bodemecosysteem te onderzoeken. Tabel 14. Totale emissie van zware metalen uit vuurwerk (Dröge and Roex 2018). Stofnaam Emissie 2016 (kg) antimoon

17.880

barium

220.420

koper

111.360

strontium

71.010

zink

11.150

Toetsing In deze indicatieve beoordeling worden de ecologische risico’s beoordeeld aan de hand van de Hazardous Concentration 50 (HC50). Deze HC50waarden zijn terug te vinden in het huidige bodembeleid als de ecologische onderbouwing van de interventiewaarde (VROM 2008, Rijksoverheid 2013). Voor de afleiding van HC50-waarden wordt gebruik gemaakt van Species Sensitivity Distributions (SSD)(Posthuma, Traas et al. 2002). Deze distributies (verdeling van gevoeligheden) geven het verband tussen de concentratie van een stof en het deel van de soorten dat daarvan negatieve effecten ondervindt, ofwel de Potentially Affected Fraction (PAF). Afhankelijk van de vorm van de SSD-curve kan een concentratietoename een kleine of grote invloed hebben op de PAF. Hoewel de methodiek achter de afleiding van de SSD’s voor deze notitie te vergaand is , is het echter wel belangrijk om te vermelden dat een stijging in concentratie kan resulteren in een niet-lineaire, c.q. versnelde toename van het aantal soorten die negatieve effecten ondervinden. In deze indicatieve risicobeoordeling wordt in eerste instantie onderzocht hoe de concentratie in de bodem ten gevolge van vuurwerk zich verhoudt tot de natuurlijke achtergrondconcentratie. Dit geeft inzicht in de mogelijke toename door het afsteken van vuurwerk.

Wanneer de toename van de concentratie ten gevolge van vuurwerk (zeer veel) kleiner is dan de achtergrondconcentratie, zullen ecologische risico’s van het afsteken van vuurwerk naar verwachting klein zijn. Vervolgens kunnen deze Versie: 0.1

Pagina 12 van 28

concentraties ten gevolge van depositie van vuurwerk aanvullend vergeleken worden met de HC50-waarden. Ook hiervoor geldt dat wanneer de concentraties ten gevolge van vuurwerk (zeer veel) kleiner zijn dan de HC50-waarden de ecologische risico’s naar verwachting klein zijn.

Datum 30 september 2020

Omdat dit een indicatieve beoordeling betreft, worden voor de emissie, depositie en beschikbaarheid van metalen conservatieve aannames gedaan. Er wordt vanuit gegaan dat de metalen enkel in stedelijk gebied op de bodem terecht komen, dat de metalen volledig in de bovenste 10 cm van de bodem blijven en dat de metalen volledig biobeschikbaar zijn voor opname door bodemorganismen. Deze aannames leiden tot een “worstcase” scenario waarbij de concentraties van metalen ten gevolge van vuurwerk en daarmee de ecologische risico’s in ieder geval niet onderschat worden. Wanneer uit dit “worstcase” scenario blijkt dat risico’s voor de ecologie aanwezig zijn, kunnen de conservatieve aannames in meer gedetailleerde beoordelingen verder worden uitgewerkt . Methoden Afleiding invloed vuurwerk op achtergrondconcentratie De emissie van metalen ten gevolge van vuurwerk kan afgezet worden tegen de achtergrondconcentratie door de emissie te verdelen over de toplaag van de Nederlandse bodem (de bovenste 10 cm). De totale emissie kan op deze manier uitgedrukt worden in een concentratie door deze te delen op het bodemvolume van de toplaag van het Nederlandse grondgebied. De formule voor de gehele afleiding is beschreven in vergelijking 1. Vergelijking 1. Berekening van de concentratie in de bodem ten gevolge van het afsteken van vuurwerk.

C:

𝐶𝐶 =

Opp: D: E: Vs: SD: Frac:

𝐸𝐸 ∗ 𝐹𝐹𝐹𝐹𝐹𝐹𝐹𝐹 ∗ 106 𝑂𝑂𝑂𝑂𝑂𝑂 ∗ 10.000 ∗ 𝐷𝐷 ∗ 𝑉𝑉𝑉𝑉 ∗ 𝑆𝑆𝑆𝑆

Concentratie t.g.v. emissie [mg/kg ds] (De hoeveelheid verontreiniging (in mg) per kg droge grond.) Oppervlakte bodem [ha] Diepte toplaag [m] Emissie [kg] Volumefractie droge stof [-] Volumieke massa droge grond [kg/m3] Emissiefactor naar bodem [-]

Bij deze berekening wordt aangenomen dat het berekende bodemvolume opgebouwd is als standaard bodem (25% lutum en 10% organisch stof) (Rijksoverheid 2018). Daarnaast wordt uitsluitend gebruik gemaakt van het stedelijke bodemvolume, omdat vuurwerk voornamelijk in stedelijk gebied wordt afgestoken (Jansen, Meesters. et al. 2018). Ook worden processen als afspoeling naar het oppervlaktewater of uitloging naar het grondwater, alsmede het effect van verharding en bebouwing buiten Versie: 0.1

Pagina 13 van 28

beschouwing gelaten. De enige afspoeling waar rekening mee gehouden wordt, is de afspoeling naar het riool (Hoofdstuk 2). Dit is volgens (Dröge and Roex 2018) ook de enige route voor belasting van het oppervlaktewater. Deze conservatieve aannames zullen ertoe leiden dat de daadwerkelijke invloed van vuurwerk op de bodemconcentratie niet onderschat wordt en mogelijke risico’s als gevolg van emissies door vuurwerk waarschijnlijk lager zijn.

Datum 30 september 2020

Gebruikte data Achtergrondconcentratie Voor deze indicatieve beoordeling is eerst een overzicht nodig van de natuurlijke achtergrondconcentraties in Nederland. Deze zijn in het bodembeleid formeel vastgelegd met het doel bodemverzet te faciliteren (VROM 2008, Rijksoverheid 2018). Deze natuurlijke achtergrondwaarden zijn beleidsmatig vastgesteld op basis van gemeten achtergrondconcentraties in het project AW2000. Dat wil zeggen dat vanwege (pragmatische) beleidsmatige keuzes voor een aantal stoffen de normen afwijken van de gemeten gehaltes (zie NOBO-rapport, VROM, 2008). In het AW2000-project zijn op 100 locaties in landelijk gebied metingen uitgevoerd in de bovenste 10 cm van de bodem, en is een achtergrondconcentratie vastgesteld waarbij 95% van de locaties onder deze waarde liggen (p95-waarde). Dat betekent dat 95% van het landelijk gebied in Nederland een lagere concentratie heeft dan de achtergrondwaarde (Tabel 15). Tabel 15. Achtergrondwaarden uit het NOBO rapport (VROM 2008) en achtergrondconcentraties uit de Geochemische BodemAtlas. Stofnaam AchtergrondAchtergrondBodemtype waarde NOBO concentratie Geochemische [mg/kg ds] Geochemische BodemAtlas BodemAtlas [mg/kg ds] Antimoon 4 0,987 p95 marien klei Barium

190

259

p95 zand

Koper

40

20,03

p95 zand

52,7

p95 zand

50,8

p95 zand

Strontium Zink

140

Een tweede bron voor achtergrondconcentraties van metalen is de Geochemische BodemAtlas (Mol, Spijker et al. 2012). Voor het samenstellen van deze atlas zijn ook metingen naar achtergrondconcentraties van metalen uitgevoerd. Naast dat meer monsters zijn genomen (358), zijn deze op een andere manier geanalyseerd waardoor er een betere representatie van het totaalgehalte van metalen in de bodem wordt verkregen. Om deze redenen is gekozen om de achtergrondconcentraties in de Geochemische BodemAtlas te gebruiken voor deze beoordeling. De Geochemische BodemAtlas rapporteert p95waarden voor verschillende bodemtypen. In deze beoordeling is gekozen Versie: 0.1

Pagina 14 van 28

om de laagst gerapporteerde p95-waarde van deze bodemtypen (exclusief bodemtype löss) te nemen als achtergrondconcentratie.

Datum 30 september 2020

Emissie van zware metalen De emissie van zware metalen ten gevolge van het afsteken van vuurwerk is gerapporteerd in de factsheet “emissieschattingen diffuse bronnen en emissieregistratie – afsteken vuurwerk” (Dröge and Roex 2018). Hierin zijn de emissies van metalen uit vuurwerk over meerdere jaren uiteengezet. Voor onderliggende indicatieve beoordeling worden de data van het meest recente jaar (2016) uit deze factsheet gebruikt (Tabel 14). Daarnaast wordt ervan uitgegaan dat 56% van de totale emissie van metalen uit vuurwerk op de bodem terecht komt (Jansen, Meesters. et al. 2018, Visschedijk, Meesters et al. 2020). Ook zijn de emissies van koper en zink terug te vinden op de website www.emissieregistratie.nl. Hier worden zowel emissies ten gevolge van vuurwerk als totale jaarlijkse emissie uit overige bronnen gerapporteerd. De emissies voor vuurwerk komen voor zowel koper als zink redelijk overeen met de waarden uit het emissieschattingen rapport. Omdat de overige metalen niet publiekelijk beschikbaar zijn op emissieregistratie.nl is gekozen om de waarden uit het rapport “emissieschattingen diffuse bronnen en emissieregistratie” (Dröge and Roex 2018) te gebruiken. Oppervlakten in Nederland Voor de oppervlakte van stedelijk gebied in Nederland is het overzicht van het CBS in Statline gebruikt (CBS 2018).

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/989/documents/14621