cf7a2e9d-25ac-47a3-8069-8200a9969c0a.pdf
Tekst van het document
WUR-perspectieven op landbouw, voedsel en natuur
Bos, A.P.1, Breman, B.C.2, De Wolf, P.L.3, Van Meijl, J.C.M.4, Geerling-Eiff, F.A.4, Jellema, A.4, De Jonge, E.L.3, Dekker, J.2, Fuchs, L.M.3, Puente-Rodríguez, D.1, Van Ree, M.2, Van Wassenaer, L.4, Wesselink, M.3 en Wigboldus, S.A.3
1
Wageningen Livestock Research
2
Wageningen Environmental Research
3
Wageningen Plant Research
4
Wageningen Economic Research
Voorwoord De toekomst van de Nederlandse landbouw én natuur
Het zijn zes vraagstukken waar het gesprek in ieder
verdient een strategisch langetermijn perspectief. Er is
geval (maar zeker niet uitsluitend) over zou moeten
veel aandacht in Nederland voor de stikstofcrisis, maar
gaan om als Nederland een strategisch perspectief voor
de klimaatcrisis en de wereldwijde dramatische afname
de langere termijn te ontwikkelen. Niet alleen voor
van soorten zijn zo mogelijk nog urgenter: de tijd van
landbouw en voedsel, en niet alleen voor natuur, maar in
pappen en nathouden wel voorbij. Het is tijd om keuzes
de samenhang daarvan. Vanzelfsprekend hangen deze
te maken en een koers te kiezen.
vraagstukken weer samen met grote andere nationale vraagstukken, zoals de ruimtelijke inrichting, het
Die keuzes zijn echter niet simpel en niet
waterbeheer en de energietransitie.
eendimensionaal. Ze hangen samen met diepgewortelde normatieve uitgangspunten, waar mensen grondig van
Ik ben ervan overtuigd dat dit rapport een belangrijke
mening over kunnen verschillen. Bovendien zijn
kapstok kan vormen voor dat hoogstnoodzakelijke
voedselsystemen en natuur globale systemen. Kijken
gesprek. Perspectief is nodig, niet alleen voor boeren en
naar alleen deelaspecten leidt snel tot een verkeerde
de natuur, maar voor Nederland en de wereld als geheel.
conclusie. Er zijn dus kennis, feiten en scenario’s vereist, maar ook een maatschappelijk gesprek dat verder gaat
Sjoukje Heimovaara
dan de crisis van vandaag.
Voorzitter Raad van Bestuur Wageningen University & Research
Wageningen University & Research (WUR) wil, als een van de wereldwijd leidende kennisinstellingen op het gebied van landbouw, voeding en natuur, haar rol nemen in dat gesprek. Niet alleen als onafhankelijke leverancier van kennis, maar ook als medevormgever van de successen én als medeverantwoordelijke voor de ongewenste neveneffecten van ons huidige agrocluster. Individuele wetenschappers van WUR dragen op allerlei manieren bij aan het publieke debat, zichtbaar en minder zichtbaar. Ze brengen ieder hun eigen kleur mee, vaak ingegeven door hun eigen specialisme. Juist het samenbrengen van deze inzichten, vanuit verschillend perspectief, brengt ons bij de werkelijke oplossingsrichtingen. Het was op mijn verzoek dat een groep collega’s aan de slag is gegaan om in beeld te brengen wat er aan visies en perspectieven op landbouw, voedsel en natuur beschikbaar is binnen onze eigen organisatie en welke algemene lijnen daaruit te trekken zijn. In het licht van de maatschappelijke urgentie, is de groep voortvarend aan de slag gegaan. Met het eerste resultaat hebben wij in de eerste helft van 2023 al de nodige waardevolle uitwisselingen gehad. In dit rapport wordt dat resultaat verder uitgewerkt en toegelicht aan de hand van zes dilemma’s.
2 | Wageningen University & Research
Inhoud Voorwoord
2
Dankwoord
4
Samenvatting
5
1
Inleiding
2
Samenhang in toekomstbeelden rond landbouw, voedsel en natuur in Nederland 2.1 Landbouw, natuur en het voedselsysteem 2.1.1 Grote uitdagingen 2.1.2 Internationale afspraken 2.1.3 Bewegingsruimte 2.1.4 Nationaal beleid, wet- en regelgeving 2.1.5 Nationale omstandigheden en kennis en kunde 2.2 Conceptuele kaders: manieren van kijken naar landbouw, voedsel en natuur 2.2.1 Culturele grondhoudingen ten opzichte van landbouw en natuur 2.2.2 Vijftien aspecten van landbouw, voedsel en natuur 2.2.3 Naar een Safe & Just Operation Space 2.3 Perspectieven op landbouw, voedsel en natuur 2.3.1 Analyse van bestaande WUR-visies en -perspectieven
10 11 11 13 14 15 15 15 15 16 17 18 18
3
Zes fundamentele dilemma’s 3.1 Dilemma 1: Wat wordt de bijdrage van Nederland aan de wereldvoedselvoorziening? 3.1.1 Het belang van dit dilemma 3.1.2 Voorbeelden van keuzemogelijkheden 3.1.3 De discussie in Nederland 3.2 Dilemma 2: Dierhouderij in Nederland, wat is haar functie? 3.2.1 Het belang van dit dilemma 3.2.2 Voorbeelden van keuzemogelijkheden 3.2.3 De discussie in Nederland 3.3 Dilemma 3: Wat is de morele positie van dieren in onze voedselvoorziening? 3.3.1 Het belang van dit dilemma 3.3.2 Voorbeelden van keuzemogelijkheden 3.3.3 De discussie in Nederland 3.4 Dilemma 4: Hoeveel van de toekomstige klimaat- en natuurdoelen willen we binnen Nederland halen? 3.4.1 Het belang van dit dilemma 3.4.2 Voorbeelden van keuzemogelijkheden 3.4.3 De discussie in Nederland 3.5 Dilemma 5: Landbouw en natuur, scheiden of verweven? 3.5.1 Het belang van dit dilemma 3.5.2 Voorbeelden van keuzemogelijkheden 3.5.3 De discussie in Nederland 3.6 Dilemma 6: Hoe te sturen op consumentengedrag? 3.6.1 Het belang van dit dilemma 3.6.2 Voorbeelden van keuzemogelijkheden 3.6.3 De discussie in Nederland
20 21 21 22 23 24 24 24 25 26 26 26 27
4
Samenhang tussen dilemma’s 4.1 Belang van samenhang 4.2 Dilemma’s en hun samenhang in drie WUR-studies 4.2.1 Een natuurlijkere toekomst voor Nederland in NL2120 (Baptist et al., 2019) 4.2.2 Towards a common agricultural and food policy (Kampers & Fresco, 2017) 4.2.3 Re-rooting the Dutch food system: from more to better (De Boer & de Olde, 2020)
34 34 36 36 37 38
5
Conclusies en aanbevelingen 5.1 Aanbevelingen
40 42
Literatuur Bijlage 1
8
28 28 29 29 30 30 30 31 32 32 32 33
43 Selectie literatuuranalyse WUR-visies en perspectieven
3 | Wageningen University & Research
46
Dankwoord Het WPAN-team wil iedereen die direct of indirect
Harriëtte Bos, Imke de Boer en Jeanne Nel. Tot slot
betrokken is geweest in het project WUR-Perspectieven
willen we Sjoukje Heimovaara (Voorzitter Raad van
op Landbouw, Voedsel en Natuur (WUR Perspectives on
Bestuur, WUR), Bram de Vos (Algemeen Directeur,
Agri-food and Nature: WPAN) bedanken voor hun
Environmental Sciences Group), Ernst van den Ende
bijdrage. Jullie inspanningen worden zeer gewaardeerd.
(Algemeen Directeur, Animal Sciences Group),
Ook willen we de auteurs van de visies en rapporten die
Jack van der Vorst (Algemeen Directeur, Social Sciences
als basis hebben gediend voor dit rapport, bedanken.
Group) en Olaf Hietbrink (Business Unit Manager,
Zonder jullie inzichten was dit rapport er niet gekomen.
Wageningen Economic Research) bedanken voor het
Bijzondere dank gaat uit naar de reviewers (WUR) van
mogelijk maken van dit project.
dit rapport: Martin van Ittersum, Charon Zondervan,
4 | Wageningen University & Research
Samenvatting In het maatschappelijke debat over landbouw, voedsel
verminderen we tegelijkertijd klimaatverandering en
en natuur gaat het vaak over het halveren van de
biodiversiteitsverlies? Hoe kunnen we ons aanpassen aan
veestapel en of we de stikstofdoelen in 2030 of 2035
de effecten van klimaatverandering die nu al
moeten halen. Maar zijn dit wel de goede vragen? Een
onvermijdelijk zijn? Hoe zorgen we voor een vitaal
team onderzoekers van Wageningen Research
platteland, betere waterkwaliteit en dierenwelzijn? Over
identificeerde zes dilemma’s op basis van diverse WUR-
de biodiversiteits- en klimaatdoelen heeft de
studies. De keuzes die we als maatschappij ten aanzien
Nederlandse regering al vergaande internationale
van de dilemma’s maken, zijn medebepalend voor de
afspraken gemaakt, onder andere in de Green Deal van
toekomst van landbouw, voedsel en natuur in Nederland.
de EU. Maar binnen die kaders moet de regering keuzes maken hoe de Nederlandse landbouw zich kan
Ontbrekend langetermijnperspectief
ontwikkelen.
Een langetermijnvisie is nodig. Een nog steeds groeiende wereldbevolking zal op een duurzame manier gevoed
Dilemma 1: Wat wordt de Nederlandse bijdrage
moeten worden en Nederland kan daaraan bijdragen
aan de wereldvoedselvoorziening?
vanwege goed ondernemerschap, goede natuurlijke
Tot 2050 zal de wereldbevolking naar verwachting
omstandigheden (klimaat en bodem) en een logistiek
groeien tot 9,7 miljard mensen (UN, 2022). Hoe kan
gunstige ligging. Is het niet via primaire productie, dan
deze groeiende bevolking gevoed worden en hoe doen
toch wel via kennis, technologie en uitgangsmaterialen.
we dat op een duurzame manier? Daarnaast lijden
Tegelijkertijd lopen we in Nederland aan tegen de
800 miljoen mensen honger en 2,3 miljard mensen
landbouwkundige, ecologische, economische en
hebben nog geen voedselzekerheid. Nederland kan als
maatschappelijke grenzen van ons landbouwsysteem,
een van de innovatiefste landen op het gebied van land-
waardoor we niet vanzelfsprekend op de oude voet
en tuinbouw en als belangrijke netto-exporteur van land-
verder kunnen gaan. Terwijl we in Nederland allerlei
en tuinbouwproducten een belangrijke rol vervullen in de
plannen en afspraken hebben gemaakt over bijvoorbeeld
wereldvoedselvoorziening. Maar welke bijdrage willen we
de toekomst van de woningbouw en de
leveren aan de wereldvoedselvoorziening? Blijven we ons
energievoorziening, ontbreekt een
inzetten op de productie en export van producten of
langetermijnperspectief voor de landbouw.
gaan we ons bijvoorbeeld nog sterker richten op uitgangsmaterialen en op de export van technologie,
Zes dilemma’s
innovatie, kennis en productie in het buitenland?
In het kader van het project WUR-Perspectieven op Landbouw, Voedsel en Natuur (WUR Perspectives on
Dilemma 2: Dierhouderij in Nederland, wat is haar
Agri-food and Nature: WPAN), zijn diverse studies en
functie?
visies van Wageningse wetenschappers over de
Blijven we met onze dierhouderij gericht op de Europese
toekomst van de landbouw, voedsel en natuur bij elkaar
(en wereldwijde) vraag naar hoogwaardige eiwitten? Of
gebracht en geanalyseerd. Daarmee willen we bijdragen
worden onze dieren louter nog verwerkers van gras en
aan het maatschappelijke debat rond landbouw, voedsel
reststromen? In het laatste geval stoppen we met de
en natuur en het in een breder perspectief plaatsen. Als
import van veevoer (soja, graan), waardoor de veestapel
we vanuit een breder perspectief en langere termijn naar
krimpt en het mestoverschot verdwijnt. Het draagt
de actuele opgaven en ontwikkelingen kijken, zien we
bovendien bij aan het behalen van de klimaatdoelen,
welke onderliggende dilemma’s komen bovendrijven.
maar dan is het wel nodig dat onze consumptie
Deze zouden volgens ons onderwerp van het
verandert met minder en in ieder geval ander vlees (zie
maatschappelijke en politieke debat moeten zijn. We
dilemma 6). Anders exporteren we de klimaatimpact.
pretenderen niet dat deze dilemma’s alomvattend zijn. Wel weten we dat elk vraagstuk keuzes vraagt en dat
Dilemma 3: Wat is de morele positie van dieren in
elke keuze voor- en nadelen heeft.
onze voedselvoorziening? Welke rechten kennen we dieren toe en in hoeverre
Het is belangrijk dat de maatschappij vaststelt wat op de
mogen we dieren exploiteren voor onze
lange termijn de rol en aard van landbouw en natuur in
voedselvoorziening en onder welke voorwaarden? Hoe
Nederland moet zijn, gegeven een aantal grote
ziet een dierwaardige veehouderijsector eruit?
uitdagingen. Hoe zorgen we voor voedselzekerheid en
5 | Wageningen University & Research
Dilemma 4: Hoeveel van de toekomstige klimaat- en
Moeten we in Nederland toe naar een systeem waarbij
natuurdoelen willen we binnen Nederland halen?
we natuurgebieden beschermen en hoogproductieve
Nederland heeft afgesproken om de emissies van
landbouw bedrijven op andere gronden? Of zijn
broeikasgassen in de landbouw en industrie in 2050
extensievere vormen van landbouw in combinatie met
drastisch te verlagen. Hoe gaat Nederland de dan nog
natuur een betere oplossing?
resterende emissies compenseren om klimaatneutraal te worden? Voorts wil Nederland vanwege het
Dilemma 6: Hoe sturen we op
Biodiversiteitsverdrag aanvullend natuurbeleid, zoals
consumentengedrag?
30% beschermde natuur in 2030. Gaat Nederland veel
Blijven we vasthouden aan relatieve keuzevrijheid in een
extra bossen aanleggen en natuurgebied aanwijzen om
markt waarbij nadelige natuur- en milieueffecten niet
deze beide doelen te halen of gaat Nederland als
volledig in de voedselprijs worden verwerkt? Of gaan we
dichtbevolkte delta klimaat- en/of natuurdoelen uitruilen
de keuzevrijheid van de consument inperken en
met andere landen? Zo is een uitruil denkbaar tussen
beïnvloeden om de natuur- en milieudoelen te halen en
Nederland (hogere landbouwproductiviteit) en andere
tegelijk de sociale ongelijkheid te bestrijden en
Europese en overige landen (meer ruimte voor bossen)
gezondheid te verbeteren? In het laatste geval betalen
om samen de klimaat-, natuur- en voedseldoelen te
consumenten bijvoorbeeld een hogere prijs voor voedsel
halen, tegen lagere gezamenlijke kosten die rechtvaardig
dat ongezond is en negatieve effecten heeft op milieu en
verdeeld kunnen worden. Of kiezen we, gezien de
leefomgeving en een lagere prijs voor voedsel dat
urgentie, sowieso voor een maximale inspanning ten
gezond is en positieve effecten heeft op milieu en
behoeve van klimaat en natuur?
leefomgeving. Moeten we daar afspraken over maken in EU-verband? En mogen supermarkten dan nog steeds
Dilemma 5: Landbouw en natuur: scheiden of
niet-duurzaam geproduceerd voedsel verkopen? En (in
verweven?
hoeverre) beperken we de keuze van de volgende
Scheiden van grondgebonden functies (natuurgebieden
generatie als we geen voedselbeleid formuleren?
naast hoogproductieve landbouw) vraagt om andere maatregelen en ruimtelijke ordening dan verweven (natuurinclusieve en regeneratieve landbouw) en heeft ook andere effecten op onder andere grondgebruik, (lokale en globale) biodiversiteit en productiviteit.
6 | Wageningen University & Research
Verwachte ontwikkelingen
4.
De dilemma’s op zichzelf suggereren misschien dat we
uit onze internationale verplichtingen, maar is ook in
nog alle kanten uit kunnen. Wel moet benadrukt worden dat de zes dilemma’s met elkaar samenhangen,
Herstel van de bestaande natuur in Nederland volgt het belang van Nederland en de landbouw.
5.
In samenhang met het voorgaande punt lijkt het
waardoor keuzes met betrekking tot de een, ook de
voor Nederland verstandig om natuur en landbouw
keuzevrijheid met betrekking tot andere dilemma’s
niet zwart-wit te scheiden of te verweven
kunnen inperken. Maar ook die manoeuvreerruimte voor
(dilemma 5).
elk dilemma afzonderlijk, is niet onbeperkt. Internationale afspraken, de positie van Nederland in
Weloverwogen keuzes
een economie met open grenzen en de vele andere
We moeten als maatschappij weloverwogen keuzes
claims op ruimte in Nederland, structureren mede welke
maken met betrekking tot deze zes vraagstukken, omdat
keuzes meer of minder voor de hand liggen. Op basis
deze keuzes ons toekomstige landbouwsysteem,
van onze analyse verwachten wij daarom de volgende
natuurbeleid en kwaliteit en leefbaarheid van onze
ontwikkelingen.
fysieke omgeving bepalen. Dit gaat om keuzes over de inrichting van Nederland, de internationale positie van de
1.
2.
De grootste bijdrage van Nederland aan de
Nederlandse landbouw, internationale samenwerking, de
wereldvoedselvoorziening kan geleverd worden door
rol en omvang van de veehouderij en over de verhouding
nog meer dan nu te concentreren op
tussen landbouw en natuur. We moeten toe naar een
uitgangsmaterialen, technologie en kennis
landbouw- en voedselsysteem dat opereert binnen de
(dilemma 1) en minder nadruk te leggen op
planetaire grenzen én gebaseerd is op een rechtvaardige
productievolumes.
verdeling van de welvaart (‘Safe & Just Operating
Het is verstandig om de dierhouderij veel sterker dan
Space’). Daarbij heeft elke keuze voor- en nadelen en
nu te richten op het benutten van niet-humaan
zijn diverse afwegingen mogelijk. Het uitstellen van deze
consumeerbare grondstoffen en reststromen. Deze
keuzes maakt de opgaven alleen maar groter. Als we wél
zouden we veel minder afhankelijk moeten maken
keuzes durven maken, kan Nederland gidsland worden
van primaire veevoerproductie op akkerlanden in de
voor de duurzame voedselvoorziening van de toekomst.
rest van de wereld, dan nu (dilemma 2). 3.
In samenhang met het vorige punt is actieve sturing
Zoals in elk domein ontwikkelt ook hier de kennis. WUR
op ons consumptiepatroon naar een plantaardiger,
zal zich op basis van dit voortschrijdende inzicht blijven
gezonder en minder vervuilend dieet noodzakelijk
inzetten om haar kennis te delen, zodat het
(dilemma 6).
maatschappelijke debat op basis van wetenschappelijke inzichten kan worden gevoerd.
7 | Wageningen University & Research
1
Inleiding
De toekomst van landbouw en natuur staat garant voor
vraagstukken komen bovendrijven dan die nu vaak het
verhitte discussies in Nederland. Welke
maatschappelijke en politieke debat domineren. In plaats
toekomstperspectieven zijn er? Welke transitiepaden zijn
van de vraag hoeveel koeien er kunnen zijn of hoeveel
haalbaar en gewenst? Welke keuzes moeten er gemaakt
boeren er moeten stoppen, gaat het dan bijvoorbeeld om
worden? Om de toekomst van landbouw en natuur in
de onderliggende vraag wat de rol en positie van
Nederland vorm te geven, zijn toekomstperspectieven
Nederland kan zijn in het internationale agro-
nodig. Perspectieven om de noodzakelijke transities naar
productiesysteem. In plaats van een discussie tot achter
duurzame landbouw en veerkrachtige voedselsystemen
de komma over ammoniakemissies, gaat het over de
in een groenere wereld te bevorderen. Wageningen
vraag hoe we ons als mens (willen) verhouden tot onze
University & Research (WUR) heeft een bijzondere
natuurlijke leefomgeving. En dat hangt weer samen met
positie als internationaal leidend kennisinstituut op het
de vraag wat we willen en mogen eten en of we in staat
gebied van landbouw, voedsel en natuur. Maar wat is de
en bereid zijn om ons economische systeem te
visie van de WUR? De afgelopen jaren zijn er door WUR
veranderen. Goedkoop voedsel heeft ons decennia in
verschillende studies, scenario’s en perspectieven
staat gesteld om andere economische sectoren te laten
ontwikkeld met betrekking tot landbouw, voedsel en
floreren. Een transitie die wegleidt van het gebruik van
natuur. Het project WUR-Perspectieven op Landbouw,
fossiele grondstoffen leidt er bovendien ook toe dat een
Voedsel en Natuur (WUR Perspectives on Agri-food and
groeiend deel van onze grondstoffen voor kleding,
Nature: WPAN) heeft deze ideeën bij elkaar gebracht om
interieurs, gebouwen en andere spullen uit
inzicht te krijgen in verschillende dilemma’s. Dit project
landbouw/bosbouw/mariene systemen zal moeten
moet bijdragen aan kennis over hoe landbouw en natuur
komen. Wat betekent dat voor de toekomst van het
zich in Nederland kunnen ontwikkelen.
agrifoodsysteem? Door andere vragen te stellen komt er ook ruimte voor andere gesprekken en antwoorden. En
Het WPAN-project beoogt hiermee het actuele politieke
juist die zijn essentieel om de toekomst van landbouw en
en maatschappelijke debat rond landbouw en natuur met
natuur in Nederland vorm te geven. In het WPAN-project
wetenschappelijke inzichten te voeden en in perspectief
gaan we uit van zowel 2030 als 2050 als horizon. Het
te plaatsen. Als we vanuit een integraal perspectief en de
jaar 2030 is niet al te ver weg en sluit aan bij de
langere termijn naar de actuele opgaven en
doelstellingen van de EU Farm to Fork-strategie.
ontwikkelingen kijken, zien we dat er andere
8 | Wageningen University & Research
Dit benadrukt het gevoel van urgentie. Het jaar 2050 is
De studie is gebaseerd op een eerste analyse van
gekozen om transitiepaden voor de langere termijn te
diverse WUR-visies en perspectieven (zie Bijlage 1), die
ontwerpen en te analyseren.
verder is uitgewerkt en beschreven in dit rapport. Ons werk heeft geresulteerd in de identificatie van zes
De focus van het WPAN-project ligt op Nederland binnen
dilemma’s die de discussie in Nederland kunnen voeden.
de wereldwijde context van de Sustainable Development
We pretenderen niet dat dit de enige zes dilemma’s zijn.
Goals (SDG’s), het Klimaatakkoord van Parijs en de
Wat we vooral willen bereiken, is het op gang brengen
Europese context van de Green Deal, de Farm to Fork-
van de discussie over hoe we de Nederlandse landbouw
strategie en de Biodiversiteitsstrategie. Het nationale
duurzamer en toekomstbestendiger maken. De zes
niveau is gekozen vanwege alle huidige uitdagingen op
dilemma’s zoals gepresenteerd in dit rapport vormen
het gebied van landbouw, natuur, waterkwaliteit en
daarvoor het startpunt. Wij gaan graag verder in dialoog
klimaatverandering waar onze dichtbevolkte delta
met boeren en burgers, ketenpartijen, maatschappelijke
momenteel mee te maken heeft. Gezien de
organisaties, overheden en kennisorganisaties om samen
internationale positie in de handel en productie van food
te werken aan een duurzame toekomst.
en non-food in Nederland, is het essentieel om rekening te houden met de Europese (EU) en mondiale context en afspraken.
9 | Wageningen University & Research
2
Samenhang in toekomstbeelden rond landbouw, voedsel en natuur in Nederland
Het maatschappelijke gesprek over de gewenste
verschillende ideeën wel vaak uit van een
toekomst van landbouw, voedsel en natuur in Nederland,
gemeenschappelijk vertrekpunt. Een voorbeeld daarvan
is verhit en vol complexe afwegingen. Niet alleen omdat
is dat we toe moeten naar een landbouw- en
er verschillende, vaak tegengestelde belangen spelen,
voedselsysteem dat opereert binnen de grenzen van
maar ook omdat belanghebbenden vanuit verschillende
onze planeet en gebaseerd is op een rechtvaardige
invalshoeken en waarden gemotiveerd zijn. Daarbij geldt
verdeling van de welvaart (‘safe & just operating space’).
dat Nederland op allerlei manieren verbonden is met de buurlanden en de rest van de wereld, zowel biofysisch,
In dit hoofdstuk (2) gaan we verder in op deze
cultureel, economisch als via Europese afspraken en
complexiteit en schetsen van daaruit de bredere kaders
internationale verdragen. Dit bepaalt mede de
die voorkeuren en keuzes rond visies en de mijlpalen
speelruimte hoe we landbouw en natuur in de toekomst
bepalen. Dit kan helpen om beter zicht te krijgen op de
kunnen vormgeven. Verder hanteren gesprekspartners
mogelijke manieren van kijken naar het complex van
vaak een verschillende tijdshorizon, waardoor ook de
landbouw, visserij, voedsel en natuur en hoe die
focus verschilt op wat kritiek is op de korte termijn en
zienswijzen tot specifieke patstellingen en dilemma’s
wat meer gaat spelen op de middellange en lange
leiden. Dit vormt vervolgens het kader voor de keuzes
termijn.
die gemaakt zijn in het volgende hoofdstuk (3). Daarin wordt een selectie besproken van, voor Nederland
Deze verschillende invalshoeken, gehanteerde schaal- en
belangrijke, vraagstukken en daarmee samenhangende
tijdsniveaus, perspectieven en waardesystemen leiden
dilemma’s en keuzemogelijkheden.
tot verschillende visies op de toekomst van landbouw, visserij, voedsel en natuur in Nederland, daarbuiten en op de wijze hoe die toekomst tot stand kan komen. Ook binnen WUR is dit het geval. Desondanks gaan deze
10 | Wageningen University & Research
2.1
Landbouw, natuur en het
verantwoordelijkheid om een belangrijke bijdrage te
voedselsysteem
toekomstbestendige visies met betrekking tot landbouw,
leveren aan het bieden van verantwoorde voedsel en natuur. De diversiteit aan inzichten die vanuit
Landbouw én natuur liggen ten grondslag aan ons
WUR naar voren gebracht worden, biedt verder veel
voedselsysteem. Sinds de prehistorische mens het land
mogelijkheden voor het evalueren van en recht doen aan
ging bewerken, is landbouw een permanente poging om
verschillende zienswijzen en voorkeuren die vanuit de
de natuur naar onze hand te zetten. In het naoorlogse
samenleving ingebracht worden.
moderniseringsproces van de landbouw heeft dat met hulp
De strategische contextFiguur 2.1) schetsen we de
van veel kennis en technologie geleid tot een enorme
strategische context waarbinnen keuzes gemaakt zullen
productiviteit en in principe voldoende en betaalbaar
moeten worden bij het formuleren van visies voor
voedsel voor een sterk gegroeide wereldbevolking.
landbouw, voedsel en natuur, specifiek voor Nederland,
Nederland heeft daar aanzienlijk aan bijgedragen. Dat
maar rekening houdend met de bredere internationale
moderniseringsproces heeft er echter ook toe geleid dat
context. Zoals weergegeven in de figuur, wordt deze
landbouw en natuur steeds sterker tegenover elkaar
context bepaald door:
kwamen te staan. In de praktijk, met een steeds verder
• grote mondiale uitdagingen op het gebied van onder
groeiende behoefte aan gewasbeschermingsmiddelen en
andere klimaatverandering, biodiversiteitsverlies, het
antibiotica bijvoorbeeld en in de perceptie en het denken
terugdringen van honger en armoede,
over de verhouding tussen landbouw en natuur. In het
inkomensongelijkheid en het bevorderen van
huidige stikstofdebat zien we ook kenmerken van deze veronderstelde scherpe tegenstelling tussen landbouw, naast andere menselijke activiteiten en natuur.
gezondheid; • internationale afspraken die hierover worden gemaakt (de UN Sustainable Development Goals, het Klimaatakkoord van Parijs, de EU Green Deal, etc.);
De verschillende visies die binnen de WUR bestaan over
• de vertaalslag van deze internationale afspraken naar
de toekomst van landbouw en natuur in Nederland
(dwingende) EU wet- en regelgeving (Kaderrichtlijn
kennen veelal ook een nadruk op hetzij
Water en Klimaatwet);
landbouw(ontwikkeling) dan wel natuur. Slechts in enkele gevallen wordt de verbinding veel systematischer gemaakt (zie bijvoorbeeld De Boer & De Olde, 2020; (Breman et al., 2022).
• Nederlandse beleidskeuzes en wet- en regelgeving (kringlooplandbouw); • het maatschappelijke debat rond landbouw, voedsel en natuur; • kennis en kunde;
De in deze WPAN-studie betrokken visies focussen op verschillende onderwerpen rond het thema landbouw,
• bewegingsruimte (agronomisch, ecologisch, technisch, juridisch, etc.).
voedsel en natuur. Zo zijn er onderzoekers die zich richten op circulaire landbouw (De Boer & Van Ittersum,
De strategische context is van groot belang voor de
2018; (Focker et al., 2022), digitalisering van het
formulering en uitvoering van toekomstperspectieven.
voedselsysteem (Wolfert, 2021), de eiwittransitie (Pyett
Immers, welk idee je ook mag hebben over de toekomst
et al., 2019), de Nederlandse ruimtelijke puzzel (Bakker
van landbouw, voedsel en natuur, de speelruimte
et al., 2021), onze verhouding tot de aarde en ecologie
daarvoor wordt in grote mate bepaald door de
(Blok, 2022), ‘small wins’ (Termeer et al., 2019a),
mogelijkheden en grenzen die de wijdere omgeving biedt
natuurinclusieve toekomstbeelden (Breman et al., 2022),
en stelt. In dit hoofdstuk (2) wordt deze context op
internationale en vergroeningsdimensie (Van Zeist et al.,
hoofdlijnen beschreven. Hierbij kijken we onder meer naar
2021) en nature-based Solutions (Snep et al., 2020).
grote uitdagingen als klimaatverandering en
Deze diversiteit wordt vaak gezien als een ‘unique selling
biodiversiteitsverlies, de biofysische ruimte en
point’ (USP) van de WUR. Vanuit deze diversiteit kan
internationale afspraken.
WUR als kennisinstelling ervoor zorgen dat in haar positionering, strategische plannen, investeringen en
2.1.1
Grote uitdagingen
beleidsadvies, afwegingen worden gemaakt waarin maatschappelijke, ecologische, economische, ruimtelijke,
De mensheid staat voor een aantal zeer grote
technologische, ethische en andere aspecten worden
uitdagingen. Belangrijke uitdagingen zijn onder meer het
meegenomen en voldoende tot hun recht komen.
waarborgen van de wereldwijde voedselzekerheid voor
Onderwijs en onderzoek binnen de WUR moeten hierop
een groeiende wereldbevolking, klimaatverandering en
afgestemd zijn en aansluiten bij nationale en
biodiversiteitsverlies.
internationale opgaven en afspraken. Als topuniversiteit en -onderzoekscentrum heeft WUR een
11 | Wageningen University & Research
Figuur 2.1
De strategische context voor het formuleren van toekomstvisies voor landbouw, voedsel en natuur.
Een tot 2050 nog sterk toenemende wereldbevolking, met
verantwoordelijk voor 19% van de antropogene
schattingen van 9,7 miljard (UN, 2022), zal gezond
broeikasgasemissies en het voedselsysteem als geheel
gevoed, gekleed en gehuisvest moeten worden.
voor 25% (Our World in Data, 2019a). Landbouw en
Aangezien al die wereldburgers ook nog eens welvarender
voedselproductie staan dus ook aan de lat om bij te
worden, zullen zonder aanvullende ingrepen naar
dragen aan de beperking van deze emissies.
verwachting ook meer dierlijke eiwitten worden geconsumeerd (Fresco & Poppe, 2016), wat de druk van
Daarnaast staat de biodiversiteit wereldwijd onder druk.
ons landbouwsysteem op de aarde zal doen toenemen.
Het Global Assessment Report van het
Tegelijkertijd is op dit moment ondervoeding nog steeds
Intergouvernementeel Platform voor Biodiversiteit en
een groot probleem, evenals overgewicht. 800 miljoen
Ecosysteemdiensten (IPBES) stelt dat de snelle
mensen hebben chronisch honger, 2 miljard mensen
achteruitgang van de biodiversiteit een minstens even
hebben een tekort aan essentiële micronutriënten, terwijl
grote bedreiging vormt voor de mensheid, als de
aan de andere kant obesitas epidemische vormen
opwarming van de aarde (IPBES, 2019). Het verlies aan
aanneemt (FAO, 2023). Het gezond en voldoende voeden
biodiversiteit wordt voornamelijk toegeschreven aan
van de wereldbevolking binnen de draagkracht van de
menselijk handelen. Ook de landbouw heeft hierin een
planeet is dus nu al een enorme uitdaging en wordt dat
belangrijk aandeel en zal een grote bijdrage moeten
nog meer richting 2050. Tegelijkertijd weten we dat het
leveren om het verlies van biodiversiteit te keren naar
mogelijk is om de groeiende wereldbevolking op een
herstel.
gezonde en duurzame manier te voeden (EAT-Lancet Commission, 2019), maar dat dit wel vraagt om flinke
Naast deze uitdagingen spelen natuurlijk nog tal van
aanpassingen in productie- en consumptiepatronen.
andere globale ontwikkelingen die van invloed zijn op de toekomstige staat van landbouw, voedsel en natuur. Denk
Klimaatverandering en biodiversiteitsverlies maken de
aan de toenemende economische en sociale ongelijkheid,
uitdaging om voldoende en gezond voedsel te produceren
toenemende migratie (deels als gevolg van
alleen maar groter. Hogere temperaturen en vaker
klimaatverandering), milieuvervuiling, geopolitieke
voorkomende langdurige droogte of juist extreme
spanningen, een vergrijzende bevolking in de grote
wateroverlast, zetten de landbouw wereldwijd onder druk.
economieën, onzekerheden over de impact van
Landbouw, bosbouw en landgebruiksverandering zijn
kunstmatige intelligentie (AI) en vergaande digitalisering.
12 | Wageningen University & Research
Figuur 2.2
De Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties uit 2015 (adaptatie door Stockholm
Resilience Center, 2017).
2.1.2
Internationale afspraken
Akkoord van Parijs (klimaat) Eveneens in 2015 tekenden vrijwel alle landen in de
Nederland is gebonden aan tal van internationale
wereld het Akkoord van Parijs tijdens de COP21 (UN,
verdragen. De voor de landbouw, voedsel en natuur
2015), waarin de afspraak is gemaakt om de uitstoot
belangrijke en recente verdragen worden hieronder
van broeikasgassen zo ver terug te dringen dat de
uitgelicht, evenals relevant EU-beleid.
wereldwijde temperatuurstijging onder de 2˚C zou blijven en zo dicht mogelijk bij 1,5˚C. In 2021 werd dit
Sustainable Development Goals (SDG’s)
(onder meer) gevolgd door de Global Methane Pledge
Nederland heeft zich in 2015 gecommitteerd aan de
(Global Methane Pledge, 2021), tijdens de COP26 in
zeventien Sustainable Development Goals zie
Glasgow. Deze Pledge impliceert onder meer dat
(Figuur 2.2), die de kern vormen van de Agenda 2030
aangesloten landen (waaronder Nederland) de uitstoot
for Sustainable Development van de Verenigde Naties.
van het sterke broeikasgas methaan per 2030 met 30%
Hoewel bijna alle doelen relevant zijn voor het domein
moeten hebben gereduceerd ten opzichte van 2020. De
van landbouw, voedsel en natuur, zijn met name doel 2
veehouderij (en met name de rundveehouderij) is een
(geen honger), doel 6 (schoon water), doel 11
belangrijke bron van methaanemissies.
(duurzame steden en gemeenschappen), doel 12 (verantwoorde consumptie en productie), doel 13
Akkoord van Montreal (biodiversiteit)
(klimaatactie), doel 14 (leven in het water) en doel 15
Eind 2022 volgde het Akkoord van Montreal tijdens de
(leven op het land) van groot belang. Daarnaast is er
VN-biodiversiteitsconferentie (COP15), waarin vergaande
ook een link met armoede (doel 1), gezondheid (doel 3),
afspraken zijn gemaakt over behoud en versterking van
schone energie (doel 7), werk en economische groei
de wereldwijde biodiversiteit, zoals de afspraak om 30%
(doel 8), en verantwoorde consumptie en productie
van het wereldwijde areaal (land en zee) als
(doel 12).
natuurgebied te beschermen en om het snelle verlies van biodiversiteit te stoppen en terug te draaien.
13 | Wageningen University & Research
Figuur 2.3
De Europese Green Deal en zijn onderdelen (EC, 2019).
EU-beleid en -regelgeving
betaalbaarheid waarborgt, terwijl het tegelijkertijd een
Het gemeenschappelijk landbouwbeleid (GLB) van de
neutrale of zelfs positieve invloed heeft op het milieu,
Europese Unie is van oudsher een van de pijlers van de
het verlies aan biodiversiteit keert, een bijdrage levert
Europese samenwerking, waaraan nog altijd een fors
aan de klimaatdoelstellingen van de Green Deal én zich
deel (31% in 2021-2027) van de EU-begroting wordt
aanpast aan de al onvermijdelijke klimaatverandering.
besteed (EU, 2021). Het GLB heeft zich ontwikkeld van een productie-ondersteunend instrument (prijssteun)
Op het gebied van natuurbehoud is Europese
naar een productie-onafhankelijk instrument met
regelgeving, zoals de Vogel- en Habitatrichtlijn, nu al
hectaretoeslagen, waarin randvoorwaarden op het
behoorlijk bepalend voor de ruimtelijke
gebied van milieu, voedselveiligheid en dierenwelzijn een
inrichtingsmogelijkheden en economische activiteiten in
belangrijkere rol zijn gaan spelen. Sinds 2023 is het GLB
Nederland. De huidige stikstofcrisis is daarvan het
aangepast om het gelijk te trekken met de
dagelijkse bewijs. Hetzelfde geldt voor het beleid rond
duurzaamheidsambities van de Europese Commissie.
waterkwaliteit en grondwateraanvulling dat is vastgelegd
Een deel van de inkomenssteun die boeren kunnen
in de Kaderrichtlijn Water- (KRW) en de Nitraatrichtlijn.
ontvangen vanuit het GLB is nu afhankelijk van de
Ten slotte zijn belangrijke onderdelen dat niemand
inspanningen van boeren, gericht op het verduurzamen
achterblijft (‘just’, oftewel rechtvaardige transitie) en
van de bedrijfsvoering.
verdelingsaspecten tussen mensen (voedsel, gezondheid, inkomen, opleiding, etc.).
Een potentieel forse omslag is echter gelegen in de Europese Green Deal, een ambitieus pakket zie
2.1.3
Bewegingsruimte
(Figuur 2.3) aan beleidsvoornemens van de Europese Commissie met als overkoepelend doel om de EU in
De hiervoor genoemde internationale afspraken en
2050 volledig klimaatneutraal te laten zijn. Onderdelen
verdragen zijn bepalend voor de speelruimte met
van deze Green Deal zijn de zogenoemde Farm to Fork-
betrekking tot landbouw, voedsel en natuur in
strategie, de Bio-economie- en de
Nederland. Daarnaast wordt de speelruimte verder
Biodiversiteitsstrategie, die gericht zijn op een
beperkt door de fysieke, klimatologische, agronomische
versnelling van de transitie naar een duurzaam agro-
(waaronder bodemkundige), hydrologische en natuurlijke
voedselsysteem. Dat houdt volgens de EU onder meer in
omstandigheden in Nederland (onder andere water- en
dat het voedselsysteem voedselzekerheid, gezondheid en
14 | Wageningen University & Research
bodemsturend1). Die speelruimte zal vaak ook per gebied
2.2
anders zijn, bijvoorbeeld vanwege verschillen in geschiktheid van bodems voor verschillende vormen van
Conceptuele kaders: manieren van kijken naar landbouw, voedsel en natuur
landbouw of verschillen in kwetsbaarheid en weerbaarheid van verschillende ecosystemen.
In Nederland spelen kleinere en grotere dilemma’s bij de vraag naar een toekomstbestendige landbouw, voedsel
Daarnaast is de voedselproductie in Nederland op allerlei
en natuur. Het volgende hoofdstuk licht een aantal van
manieren gestructureerd, zowel technologisch,
de meer prominente dilemma’s uit en bespreekt die in
economisch als institutioneel en ruimtelijk. Een eenmaal
meer detail. In deze paragraaf beschouwen we
gekozen weg (bijvoorbeeld vergaande specialisatie of
landbouw, voedsel en natuur op een generieke wijze
een focus op exportmarkten) heeft ook invloed op
door te kijken naar:
keuzes die later gemaakt moeten worden: pad-
1.
culturele grondhoudingen: dit gaat over de
afhankelijkheid (Vink & Boezeman, 2018). Ook dit heeft
verschillende paradigma’s en opvattingen die
impact op de speelruimte voor actoren in het thema
bestaan rondom landbouw, voedsel en natuur;
landbouw, voedsel en natuur.
2.
aspectenleer, die het mogelijk maakt om de complexiteit wat betreft landbouw, voedsel en natuur
2.1.4
Nationaal beleid, wet- en regelgeving
beter te begrijpen; 3.
safe and just operating space, dat een handvat biedt
Globale uitdagingen (zoals klimaatverandering en
voor het denken in de twee essentiële dimensies van
biodiversiteitsverlies) worden via internationale en
duurzaamheid: biofysische grenzen en sociale
Europese afspraken geadresseerd. Deze afspraken
rechtvaardigheid.
worden vervolgens vertaald in (inter)nationale wet- en regelgeving. In het kader van deze rapportage werken
Samen bieden deze concepten een kader om te
we de invloed van nationale regelgeving niet verder uit,
begrijpen waar in het maatschappelijk debat
ook omdat dit rapport vooral een bijdrage omvat aan de
verschillende posities en keuzes vandaan kunnen komen.
nationale discussie.
De selectie van deze drie concepten is niet bedoeld als uitputtend (er is veel meer beschikbaar in de literatuur),
2.1.5
Nationale omstandigheden en kennis en kunde
maar als een complementair drietal dat ons helpt breed zicht te houden op de mogelijke waarden en vraagstukken die spelen. Zo willen we het risico
Nationale omstandigheden kunnen van invloed zijn op de
beperken dat we minder actuele, maar wel prominente
strategische ruimte voor alternatieve visies op de
kwesties en waarden terzijde schuiven of mogelijke
toekomst van landbouw, voedsel en natuur in ons land.
afwentelingen (trade-offs) over het hoofd zien.
In Figuur 2.1 benoemen we specifiek al bestaande nationale beleidskeuzes en wet- en regelgeving, de beschikbare kennis, technologie en kunde en het
2.2.1
Culturele grondhoudingen ten opzichte van landbouw en natuur
maatschappelijke debat. Maar culturele voorkeuren, bijvoorbeeld met betrekking tot voedsel en natuur,
Het denken over landbouw en natuur wordt bij veel
kunnen daar evengoed toe gerekend worden. Hier
mensen gestructureerd vanuit verschillende culturele
beschouwen we deze nationale omstandigheden als meer
grondhoudingen. Die grondhoudingen lijken op wat in de
beïnvloedbaar dan de internationale component en de
wetenschap paradigma’s worden genoemd. Ze bestaan
grotere uitdagingen die hiervoor zijn genoemd. Ze
uit fundamentele uitgangspunten, standaarden en
kunnen, mede onder invloed van een wenkend
waarden waarmee we de wereld om ons heen proberen
perspectief op een ander voedselsysteem, ook mee
te begrijpen. Verschillende grondhoudingen leiden
veranderen in de tijd.
daarmee tot verschillende frames en discourses in de literatuur, de media en het maatschappelijk debat. Elke grondhouding kijkt op een eigen manier naar de landbouw- en voedselproblematiek, komt met een eigen diagnose en draagt eigen oplossingen aan. Binnen elke cultuur en gemeenschap kunnen verschillende grondhoudingen naast elkaar voorkomen. Ze zijn bovendien niet statisch maar kunnen veranderen in de tijd onder invloed van sociale, economische en politieke veranderingen.
1
https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2022/11/25/kabinetmaakt-water-en-bodem-sturend-bij-ruimtelijke-keuzes
15 | Wageningen University & Research
Hieronder volgen enkele voorbeelden van mogelijke
landbouwpraktijken die een positieve bijdrage
culturele grondhoudingen ten opzichte van landbouw en
leveren aan de gezondheid van de aarde en de
natuur.
gezondheid van haar bewoners. Een belangrijk aspect van het holisme in de landbouw is het
I. Productivisme – landbouw als een middel om
gebruik van ecologische principes om de gezondheid
welvaart te realiseren. Dit kan leiden tot intensieve
en vruchtbaarheid van de bodem te verbeteren en
landbouwmethoden die enerzijds productief en
te behouden en het gebruik van externe inputs zo
efficiënt kunnen zijn en anderzijds natuurlijke
veel mogelijk te vermijden.
hulpbronnen kunnen uitputten of tot hoge lokale emissies leiden. De Nederlandse landbouwsector staat bekend om zijn innovatieve en efficiënte
2.2.2
Vijftien aspecten van landbouw, voedsel en natuur
productiemethoden, met gebruik van technologie en moderne landbouwtechnieken. Dit wordt vaak
De aspectenleer van de filosoof Herman Dooyeweerd
gezien als een belangrijke manier om de
(1894-1977) laat zien dat er heel verschillende typen
concurrentiepositie van Nederlandse boeren te
vragen (aspecten) te stellen zijn bij fenomenen in de
versterken en bij te dragen aan de economie (lage
werkelijkheid. Daarbij is het uitgangspunt van
voedselprijzen creëren toegevoegde waarde).
Dooyeweerd dat alle aspecten belangrijk zijn. Van
II. Agrarianisme – dit is een grondhouding die de
tevoren staat niet vast welk aspect aandacht verdient en
nadruk legt op het belang van een gezonde en
welk niet. Dat is een belangrijk uitgangspunt in het
duurzame agrarische gemeenschap, als basis voor
debat over landbouw, voedsel en natuur, waar de
een gezonde samenleving en die ook streeft naar
neiging bestaat sommige van die aspecten te
een harmonieuze relatie tussen landbouw en natuur.
verabsoluteren, ten koste van aandacht voor de andere
Landbouw en het leven op het platteland staan
aspecten. We hebben de aspecten enigszins aangepast
hierbij centraal. Mensen met een agrarianische
om beter aan te sluiten bij het thema landbouw, voedsel
grondhouding hebben vaak een diep respect voor de
en natuur. De aspecten zijn geordend vanaf het
landbouw en de mensen die het werk doen en ze
kwantitatieve en fysische tot het morele en
kunnen een sterke band voelen met het land en de
metafysische. Ieder aspect betreft een focus op de
natuur.
diverse disciplines van wetenschap, van de wiskunde tot
III. Conservatisme – landbouw wordt beoefend met
filosofie en theologie. Het kader is over de afgelopen
respect voor de natuur en de omgeving.
decennia veel gebruikt, van de toepassing als
Landbouwmethoden zijn vaak gericht op het in
eenvoudige checklist tot de toepassing als evaluatiekader
stand houden van de vruchtbaarheid van de bodem
ten aanzien van duurzame ontwikkeling in de gebouwde
op lange termijn. Conservatisme in de landbouw kan
omgeving (Brandon & Lombardi, 2010) en het vormen
worden gezien als een reactie op de modernisering
van een systeemperspectief voor het opschalen van
van de landbouw, waarbij er steeds meer
landbouwinnovaties (Wigboldus et al., 2016).
technologie en wetenschap worden gebruikt om landbouwgewassen en -dieren te verbeteren.
Het kader bestaat uit vijftien aspecten en daarmee
IV. Rentmeesterschap – dit houdt in dat we als mens
samenhangende overwegingen ten opzichte van
verantwoordelijk zijn voor het beheer en behoud
toekomstbeelden rond landbouw, voedsel en natuur in
van de natuurlijke omgeving en de natuurlijke
Nederland. Daarmee schetst het een aantal
hulpbronnen. Als rentmeesters van de aarde hebben
samenhangende vragen. Ieder vraagstuk kent specifieke
we de verantwoordelijkheid om de natuurlijke
afwegingen. Bij de vraag in welke mate landbouw en
hulpbronnen op een duurzame manier te gebruiken
natuur gescheiden of verweven moeten zijn, gelden
en te beschermen. Dit betekent dat we moeten
bijvoorbeeld met name ruimtelijke afwegingen. Maar
werken aan het verminderen van onze ecologische
zeker niet alleen. Bij ieder vraagstuk zullen
voetafdruk en ons moeten richten op het gebruik
uiteenlopende overwegingen spelen. In het
van hernieuwbare energiebronnen, het beperken
stikstofvraagstuk gaat het ook niet alleen om ecologische
van afval en vervuiling en het beschermen van
afwegingen, maar komen ook numerieke (hoeveel) en
bedreigde diersoorten en hun habitat.
formatieve afwegingen rondom de wenselijkheid en
V. Holisme – de holistische benadering van landbouw
haalbaarheid van andere praktijken (zoals ‘innovaties’)
en natuur benadrukt het belang van een
en juridische afwegingen rond borging en handhaving
evenwichtige relatie tussen de mens, de dieren en
om de hoek kijken. Zie (Figuur 2.4).
de natuurlijke omgeving en streeft naar duurzame
16 | Wageningen University & Research
Figuur 2.4
Aspecten van toekomstbeelden rond landbouw, voedsel en natuur in Nederland met daarbij een indruk
van het type vragen dat daaromheen speelt.
In de praktijk gebeurt het vaak dat visies en
tegenstelling tot een te grote focus op economische groei
toekomstbeelden de nadruk leggen op een beperkt
en inkomen. In de economische literatuur vinden we een
aantal aspecten en daarbij andere belangrijke
dergelijke benadering ook terug onder de noemer Safe
overwegingen buiten beschouwing laten. Bijvoorbeeld,
and Just Operating Space. De term verwijst naar de
omdat de mensen die eraan werken een bepaalde
sweet spot (ideale plek) van menselijke
disciplinaire achtergrond hebben. Het risico is dan dat
gemeenschappen, waarbij de behoeften van iedereen
andere belangrijke nadelen en afwentelingen buiten
worden vervuld (just) binnen de fysieke en ecologische
beeld blijven. De kapstok van de vijftien aspecten kan
grenzen van de planeet (safe). Dat is niet eenvoudig.
helpen om een meer integraal perspectief te bouwen dat
Zoals uit Figuur 2.5 blijkt, hebben geïndustrialiseerde
recht doet aan al die verschillende overwegingen
landen als Duitsland, Nederland en de Verenigde Staten
(Wigboldus & Jochemsen, 2021).
van Amerika weliswaar op het gebied van welvaart en welzijn een hoog niveau bereikt, maar dat gaat gepaard
2.2.3
Naar een Safe & Just Operation Space
met een forse overschrijding van de biofysische grenzen (kwadrant C rechtsboven). Omgekeerd blijven andere
In de aspectenleer van Dooyeweerd (zie Figuur 2.4)
landen als India en Indonesië weliswaar binnen de
komen zowel het fysieke en kwantitatieve (de
planetaire grenzen, maar bereiken bij lange na nog niet
rechterkant) als het sociale, economische en geestelijke
het gewenste niveau van welvaart en welzijn voor
(de linkerkant) aan bod. Dit correspondeert met
iedereen (kwadrant A linksonder). Er zijn ook landen die
hedendaagse benaderingen van duurzaamheid, waarin
de welzijnsgrenzen niet halen en ook de planetaire
dat begrip uiteenvalt in twee soorten grenzen: de
grenzen overschrijden (China, Rusland, Mexico, Turkije,
planetaire en de sociale grens. Een bekende uitwerking
kwadrant B). Het ontwikkelpad dat we de laatste
daarvan is het donutmodel van Raworth (2017), waarvan
decennia zien is van A, naar B, naar C en bijna geen
de essentie is dat menselijke activiteiten tegelijk binnen
ontwikkeling vanuit C naar D. Dit ABC-pad leidt tot meer
de planetaire grenzen zouden moeten blijven én een
welzijn van de mensen, maar ook tot een sterke
rechtvaardige verdeling van de welvaart onder huidige
overschrijding van planetaire grenzen.
en toekomstige generaties moeten waarborgen. Dit in
17 | Wageningen University & Research
Figuur 2.5
De Sweet Spot van menselijke gemeenschappen (Raworth, 2018).
Figuur 2.5 laat zien dat er in de huidige setting nog
centrale uitdaging(en), de voorgestelde of bestudeerde
geen landen zijn die de ‘humanity’s sweet spot’ hebben
oplossingsrichtingen en de beoogde toekomstige situatie.
bereikt. De rode pijl geeft de historische ontwikkelingsroute aan van verschillende landen. De
Wat betreft de uitdagingen is er vrij grote
groene pijlen geven aan hoe landen idealiter de Sweet
overeenstemming tussen die visies, zowel over de aard
Spot zouden moeten bereiken. Voor de landen uit de
als over de reikwijdte ervan. Klimaatverandering én de
Global North ligt er een grote uitdaging om hun
noodzaak die tegen te gaan, het tot stand brengen van
ontwikkelpaden zodanig om te buigen dat ze binnen de
biodiversiteitsherstel, het garanderen van voldoende
planetaire grenzen blijven (onder andere door anders en
goed voedsel en andere grondstoffen voor een groeiende
minder te gaan consumeren). Voor de landen uit de
wereldbevolking en het belang van gezondere
Global South is de uitdaging om niet klakkeloos in de
consumptiepatronen voor de wereldwijde
voetsporen van de landen uit de Global North te treden,
volksgezondheid, komen daarbij veelal terug als de
maar om te leren van de daar opgedane ervaring en
belangrijkste uitdagingen die een toekomstig
inzichten en om geholpen te worden de meest
voedselsysteem zouden moeten adresseren.
schadelijke ontwikkelstappen over te slaan. Het veld van Sustainability Transition Research (Köhler et al., 2019)
De oplossingsrichtingen van die visies verschillen echter
en het denken over de zogenaamde Leverage Points
deels, wat vooral voortkomt uit de nadruk op de ene of
(hefbomen) om systemen te kantelen (zie Meadows,
de andere uitdaging, de invalshoek van de studie
1999), kunnen daarbij helpen.
(bijvoorbeeld natuur, landbouw, gezondheid), het schaalniveau (globaal, Europees, nationaal of regionaal)
2.3
Perspectieven op landbouw, voedsel en natuur
2.3.1
Analyse van bestaande WUR-visies en perspectieven
en de tijdshorizon (bijvoorbeeld 2030, 2050, 2120) en de daarmee gepaarde toekomstbeelden. Zo valt bijvoorbeeld op dat de toekomstbeelden uit studies en visies met een verre tijdshorizon veel vrijer en disruptiever zijn, omdat de huidige situatie en lock-ins daarin een minder grote beperking geven. Daarnaast
Een Wagenings perspectief op landbouw, voedsel en
bepaalt de invalshoek en expertise achter de visie vaak
natuur wordt gevoed door een scala aan visies die
ook op welke uitdagingen de nadruk gelegd wordt. Zo
binnen en buiten WUR zijn ontwikkeld door
ligt de focus bij de visies vanuit de hoek van de natuur
wetenschappers uit heel verschillende disciplines. Die
en ecologie veelal op biodiversiteitsherstel en
zijn geanalyseerd op een aantal aspecten, waaronder de
klimaatverandering, waarbij ook nog voedsel
18 | Wageningen University & Research
geproduceerd moet worden. Ook staan daarbij vaak
wordt voor nature-based solutions om het weerbaar te
meer nature-based solutions centraal. Bij visies vanuit
maken en een positieve impact op klimaat,
de hoek van landbouw en productie ligt vaak een
biodiversiteit en leefomgeving teweeg te brengen.
duidelijke nadruk op voldoende en hoogwaardige
Hierin wordt veelal het gebruik van technologie
voedselproductie voor een groeiende wereldbevolking,
benoemd om deze natuurlijke processen te
met minimale of positieve impact op klimaat en
ondersteunen (agro-ecologie en technologie);
biodiversiteit en veelal met een focus op meer
• hoogtechnologische en datagedreven
technologische oplossingen. Het aanbrengen van deze
landbouwsystemen om de resource efficiency te
focus is volkomen logisch, omdat de visies en
verhogen en op die manier de impact op klimaat,
perspectieven vaak vanuit een specifieker vraagstuk
biodiversiteit en leefomgeving te reduceren en bij te
ontwikkeld zijn. De uitdaging is nu echter wel om dit
dragen aan hoogwaardige voedselproductie voor een
goed samen te brengen tot een breed en integraal perspectief.
groeiende wereldbevolking; • gedragsverandering bij consumenten, al dan niet gestuurd, om de consument betere keuzes te laten
Voorbeelden van denkrichtingen voor de toekomst die in de verschillende visies veel terugkomen, zijn: • focus op humane voedselproductie (in plaats van
maken en daarmee een positievere impact op de leefomgeving te maken; • nature-based solutions om uitdagingen die
productie van voer) en een verschuiving in het
samenhangen met klimaatverandering (mitigatie en
wereldwijde dieet van dierlijk naar plantaardig
adaptatie) het hoofd te bieden én bij te dragen aan het
(eiwittransitie), om op die manier een lagere impact op
versterken van de kwaliteit van leven.
het klimaat en de biodiversiteit te combineren met voldoende ruimte voor voedselproductie voor een
In het navolgende hoofdstuk werken we dat verder uit
groeiende wereldbevolking. In dit verband ligt ook
aan de hand van zes centrale dilemma’s. Hoewel deze
steeds meer de nadruk op meervoudige verwaarding
zes dilemma’s als pregnantst voortkomen uit onze
van biomassa (bijvoorbeeld voor voedsel én non-
initiële analyse van WUR-visies en -perspectieven (zoals
foodtoepassingen);
weergegeven in Bijlage 1), pretenderen we niet hiermee
• regeneratieve, agro-ecologische en/of natuurinclusieve landbouw, waarin het agro-ecosysteem ook benut
19 | Wageningen University & Research
volledig te zijn.
3
Zes fundamentele dilemma’s
Op basis van een verkenning van WUR-onderzoeken en -
dilemma’s zijn. Wel betreffen het zes fundamentele
visies die betrekking hebben op de samenhang van
keuzes die van grote invloed zijn op de toekomst van
landbouw, voedsel en natuur, hebben we zes dilemma’s
landbouw, voedsel en natuur in Nederland.
geïdentificeerd. We pretenderen niet dat dit de enige
Zie Figuur 3.1.
Figuur 3.1
De zes dilemma’s op basis van WUR-onderzoeken en -visies (illustratie: Clasp Visuals).
20 | Wageningen University & Research
3.1
Dilemma 1: Wat wordt de bijdrage van Nederland aan de wereldvoedselvoorziening?
Tot 2050 zal de wereldbevolking naar verwachting groeien
substantiële bijdrage te leveren aan de voedselvoorziening
tot 9,7 miljard mensen (UN, 2022). Hoe kan deze
op grotere schaal (EU, mondiaal). De grootste bijdrage
groeiende bevolking gevoed worden en hoe doen we dat
van Nederland aan de wereldvoedselvoorziening kan
op een duurzame manier? 800 miljoen mensen lijden nog
geleverd worden door (nog meer dan nu) te concentreren
honger en dit aantal neemt weer toe, mede door de
op uitgangsmateriaal, technologie en kennis. Daarbij kan
COVID-19 en Oekraïne-crises. Daarbovenop hebben 2,3
Nederland voor de voedselvoorziening nog meer
miljard mensen nog geen voedselzekerheid, terwijl
afhankelijk worden van de import dan nu. Om de
tegelijkertijd overgewicht en obesitas epidemische vormen
bijbehorende geopolitieke en economische risico’s te
aannemen, mede als gevolg van de gebrekkige
beperken, zou Nederland (en de EU) ook in kunnen zetten
toegankelijkheid tot kwalitatief hoogwaardig voedsel. Het
op het ontwikkelen van productie-eenheden in het
mondiale voedselvraagstuk is daarmee grotendeels ook
buitenland
een verdelingsvraagstuk. Nederland kan door zijn gunstige, natuurlijke omstandigheden en als een van de
3.1.1
Het belang van dit dilemma
innovatiefste en meest exporterende landen op het gebied van land- en tuinbouw een belangrijke rol vervullen in de
Nederland is bij uitstek geschikt voor land- en tuinbouw,
wereldvoedselvoorziening. Nederland is ook een
onder meer vanwege de geografische omstandigheden
doorvoerland met grote volumes aan import en export van
(vlak landschap en vruchtbare bodems), het milde klimaat
landbouw- en voedselproducten en het agrocomplex levert
en de locatie (centraal gelegen in Noordwest-Europa,
een substantiële bijdrage aan het nationaal inkomen.
toegang tot grote waterwegen). Maar grond in Nederland
Vervolgens is de vraag welke bijdrage we willen leveren
is relatief schaars en Nederland is een van de
aan het wereldvoedselsysteem en -voedselvraagstuk. In
dichtstbevolkte landen ter wereld, met een sterke positie
de huidige situatie worden veel primaire en verwerkte
in de internationale handel en de verwerking van
producten (vlees, zuivel, eieren, groente & fruit) in
grondstoffen die via zeehavens worden aangevoerd. Deze
Nederland geproduceerd en geëxporteerd naar de door
factoren, in combinatie met de prikkel tot intensivering,
ons omringende landen. Voor uitgangsmateriaal en
innovatie en kennis, hebben ertoe geleid dat Nederland al
sierteeltproducten, maar ook voor kennis en technologie,
decennia een substantiële bijdrage levert aan het voldoen
is de scope veel internationaler. De vraag is dus ook: op
aan de vraag naar voedsel in de wereld.
welke schaal willen we een bijdrage leveren? Richten we ons op de Nederlandse markt, op Noordwest-Europa
Daarbij tekenen we wel aan dat het grootste deel van de
(momenteel onze grootste markt) of op de wereldmarkt?
export in Europa blijft, met Duitsland en België als
En welke producten staan daarbij centraal? Concentreren
belangrijkste exportlanden, gevolgd door Frankrijk en
we ons met name op de primaire productie of op
het Verenigd Koninkrijk. Bovendien is de Nederlandse
uitgangsmaterialen, technologie en kennis?
positie als grote exporteur van agrofoodproducten gebaseerd op exportwaarde, en niet in de eerste plaats
Het is overigens wel zo dat bepaalde keuzes
op volume. Verder is ongeveer een derde van de export
samenhangen: scenariostudies laten bijvoorbeeld zien dat
feitelijk wederuitvoer van geïmporteerde producten.
Nederland, zelfs bij een forse wijziging van ons
Twee derde is daadwerkelijk gebaseerd op Nederlandse
consumptiepatroon, nauwelijks genoeg landbouwgrond
makelij. Tot slot heeft Nederland een omvangrijke
heeft om de eigen bevolking van voedsel te voorzien
verwerkende voedingsindustrie, die sterk afhankelijk is
(autarkie). Met andere woorden: Nederland kan zichzelf
van geïmporteerde grondstoffen. Bij die verwerking
met het huidige consumptiepatroon al niet voeden en is
komen wel allerlei reststromen beschikbaar die weer een
veel te klein om alleen via directe voedselproductie een
belangrijke grondstof zijn voor de (intensieve) veehouderij in Nederland (Jukema et al., 2023).
21 | Wageningen University & Research
Nederland zou voor de toekomst om verschillende
Tegelijk vereist de productie van hoogwaardig
redenen na moeten denken over deze positie. Enerzijds
uitgangsmateriaal wel relatief veel inputs, onder andere
spelen er in Nederland allerlei grote
goede grond, gekwalificeerde arbeid,
duurzaamheidsopgaven voor de landbouw zelf, zoals het
gewasbeschermingsmiddelen, energie en technologie.
tegengaan van en het aanpassen aan
Deze strategie betekent dus een intensivering van de
klimaatverandering, herstel van biodiversiteit,
landbouwsector op een kleiner oppervlak.
huisvesting, verstedelijking en energie (Baptist et al., 2019). Tegelijk zal als gevolg van klimaatverandering
Tegelijk hebben innovatieve bedrijven en
het relatieve en strategische belang van Nederland als
kennisinstellingen in de agrofoodsector daar een zekere
productieland bovendien eerder toe- dan afnemen. De
thuismarkt voor nodig. Dit betekent dat de nationale
gevolgen van klimaatverandering laten zich ook in
land- en tuinbouw nog een zekere omvang moeten
gematigde zones als Noordwest-Europa voelen, maar
behouden, net als de toeleverende en verwerkende
onder andere in Zuid-Europa wordt de voedselproductie
ketens in Nederland. In dit geval blijft er wel een zeker
(nu al) veel sterker geraakt door een toenemend
niveau van primaire productie op Nederlandse bodem,
watertekort en hitte (EEA, 2019).
maar zal de afhankelijkheid van import voor de Nederlandse voedselvoorziening verder toenemen.
De vraag wordt dus nog prangender welke rol Nederland wil spelen in de voedselvoorziening binnen Europa en
Daarnaast vraagt dit aandacht voor het vestigings- en
mondiaal. Daar komt nog bij dat de biobased economy
innovatieklimaat in Nederland en voldoende support voor
ook afhankelijk is van grondstoffen uit de land- en
internationale samenwerking. Een aandachtspunt hierbij
bosbouw, wat nog een extra claim op grond legt.
is ook dat innovaties en kennis uit Nederland in een
Daartegenover staat dat de beschikbare ruimte in
westerse context ontstaan, wat niet per se gelijk is aan
Nederland beperkt is en onder druk staat van
andere landen en werelddelen. Dit heeft niet alleen te
ruimteclaims vanuit de natuur, de woningbouw, de
maken met klimatologische of bodemkundige verschillen,
infrastructuur en de energieproductie. Daardoor neemt
maar ook met culturele verschillen. Denk aan
het landbouwareaal in Nederland in de toekomst verder
uiteenlopende visies op het houden van dieren, de inzet
af. De export van land- en tuinbouwproducten is verder
van (genetische) technologie, maar ook aan andere
economisch belangrijk voor de Nederlandse economie en
wijzen van samenwerking, machtsverhoudingen en de
draagt daarmee ook bij aan de welvaart en
rol van de overheid.
werkgelegenheid. Bij dit vraagstuk is het dus ook belangrijk om de impact op de Nederlandse economie
Een totaal andere positie is de visie waarin Nederland
mee te wegen. Tot slot heeft Nederland als onderdeel
zich wat betreft landbouwproductie min of meer
van de EU, te maken met een aantal spelregels,
terugtrekt uit het internationale speelveld. Onder andere