CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 3 - Toelichting op doorgevoerde wijziging GR OFGV versie 5.0 (617603).pdf

Raadsvergadering 26 september 2024, gemeente DrontenBij agendapunt: 8: AKKOORD Raadsvoorstel wijzigen gemeenschappelijke regeling OFGV5.004 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

PROOFAdviseurs BV. Aan

Van

Postbus 2704

De deelnemers van de Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek d.t.v. M. Sman, directiesecretaris OFGV

Maarten Waleboer, senior

3000 CS Rotterdam

adviseur/projectleider wijziging GR OFGV

info@proofadviseurs.nl

Plaats/d atum

Betreft

Rotterdam, 5 januari 2024

Toelichting gewijzigde ontwerp GR OFGV

(+31)850471007 proofadviseurs.nl Rabo NL43RABO0303425660 btw NL8550.87.250.B01 KvK 63089068

1 Inleiding Op 1 juli 2022 is de Wet gemeens chappelijke regeling (Wgr) gewijzigd. Deze wets wijziging dient voor 1 juli 2024 in alle gemeens chappelijke regelingen (GR-en) geïmplementeerd te worden. Ook de gemeens chappelijke regeling Omgevings diens t Flevoland & Gooi en Vechts treek (GR OFGV) moet worden gewijzigd. Deze bes lis memo geeft inzicht in de wijzigingen van de Wgr die noodzakelijkerwijs leiden tot wijziging van de GR OFGV.

1.1

Gewijzigde procedure totstandkoming GR -wijziging

Een eers te belangrijke wijziging ziet op het proces tot de tots tandkoming van een GR-wijziging. Bij alle GR-en waar raden/s taten niet aan deelnemen – zoals ook het geval is bij de GR OFGV– , is het vanaf 1 juli 2022 verplicht om ziens wijze over de concept gewijzigde regeling te vragen aan provinciale s taten/de raden. Nadat gemotiveerd op deze ziens wijzen is gereageerd en eventuele aanpas s ingen in de concept-GR zijn doorgevoerd, kan aan provinciale s taten/de raden toes temming worden gevraagd voor het wijzigen van de GR. Deze procedurewijziging heeft direct invloed op deze wijziging van de GR OFGV, vandaar dat wij deze hier alvas t expliciteren.

1.2

Niet alle wijzigingen van de Wgr leiden tot een te maken keuze in de GR

Een aantal van de wijzigingen in de Wgr leiden tot verplichte toepas s ing en leiden s oms tot een verplichte wijziging van GR-en waarbij geen keuze te maken valt in de wijze waarop deze wordt toegepas t. Andere wijzigingen van de Wgr geven de deelnemers de vrijheid om te kiezen of, en zo ja op welke manier, zij de wijzigingen implementeren in de eigen GR. Onders taande tabel maakt dit inzichtelijk voor de GR OFGV die ges loten is tus s en gemeentelijke en provinciale bes tuurs organen. Wijziging

Geregeld in:

Keuze?

Opnemen in GR?

Reactie van (dagelijks ) bes tuur op ziens wijze begroting.

Art. 59 Wgr

Nee

J a, tenzij verwijzing naar wettelijke bepaling.

Aanpas s ing termijnen in de begrotings cyclus

Art. 58, 58b en 59 Wgr.

Nee

J a, tenzij verwijzing naar wettelijke bepaling.

Gezamenlijke enquête naar gevoerde bes tuur als provinciale s taten/raden geen deelnemer zijn.

Art. 151g Provinciewet

Nee

Nee, bevoegdheid altijd van toepas s ing.

proofadviseurs.nl

Pagina 1 van 10

Wijziging

Geregeld in:

Keuze?

Opnemen in GR?

Uitbreiding van de bevoegdheid van de rekenkamer tot bestuur van het samenwerkingsverband.

Art. 184 Provinciewet

Nee

Nee, bevoegdheid altijd van toepassing.

Zienswijze over specifieke besluiten van het bestuur

Art. 52 jo 10 lid 6 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

Participatie van inwoners en belanghebbenden

Art. 52 jo 10 lid 7 en 8 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

Actieve informatieplicht door bestuur

Art. 52 jo 17 Wgr

Ja

Ja, vastleggen hoe dit wordt ingevuld

Gemeenschappelijke adviescommissie

Art. 52 jo 24a Wgr

Ja

Niet verplicht.

Evaluatie van de GR

Art. 52 jo 11 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

Voorwaarden en gevolgen van uittreding, waaronder de gevolgen van de rechtspersoon en voor het vermogen van de gemeenten waarvan bestuursorganen deelnemen.

Art. 52 jo 9 Wgr

Ja

Ja, vastleggen welke keuze.

In het volgende hoofdstuk bespreken wij in verschillende paragrafen alle lichtpaars gekleurde rijen van bovenstaande tabel. Proces: De keuzes zijn 9 mei 2023 besproken met een groot aantal ambtelijke vertegenwoordigers van de deelnemers. Daarnaast zijn door Provinciale Staten van beide Provincies en door een aantal raden van de deelnemende gemeenten een inhoudelijke zienswijze naar voren gebracht. In deze memo worden de uitkomsten met een motivering per onderdeel weergegeven.

2 Keuzes voor in de GROFGV 2.1

Zienswijze over specifieke besluiten van het bestuur

Volgens artikel 52 juncto 10, vijfde lid Wgr moet in een GR worden opgenomen of, en zo ja welke, bes tuurs bes luiten van het algemeen bes tuur, dagelijks bes tuur of de voorzitter van OFGV, voorafgaand aan het nemen ervan, voor het geven van een ziens wijze moeten worden voorgelegd aan provinciale s taten/de raden waarvan de colleges deelnemen in een GR. Er zijn een aantal verplichte bes luiten waarvoor ziens wijze gegeven moet worden 1. Naas t deze wettelijk verplichte ziens wijzeprocedures , is het verplicht om iets op te nemen over de bes tuurs bes luiten die voor ziens wijze aan provinciale s taten/de raden voorgelegd worden. Het ligt voor de hand te kiezen om ingrijpende bes luiten of bes luiten met een (grote) financiële cons equentie voor ziens wijze aan provinciale s taten/de raden voor te leggen. Oftewel, bes luiten die de kaders tellende, controlerende en budgettaire bevoegdheden van provinciale s taten/de raden raken.

1 Denk aan de ziens wijze op de ontwerpbegroting en de ziens wijze op het oprichten van en deelnemen in

een privaatrechtelijke rechts pers oon door het bes tuur van een gemeens chappelijke regeling.

proofadvis eurs .nl

Pagina 2 van 10

T e denken valt bijvoorbeeld aan algemeen verbindende voors chriften, al dan niet financieel, de vas ts telling van meerjarenbeleids plannen of het ins tellen van bes tuurs commis s ies . Op dit punt is van belang dat provinciale s taten/raden ook daadwerkelijk invloed kunnen uitoefenen op de te nemen bes luiten, die raakvlakken hebben met de bevoegdheden van de raad. Daarbij nemen we in aanmerking dat de OFGV een uitvoerings organis atie is , die geen bevoegdheden van de deelnemers overgedragen heeft gekregen en in mandaat namens de deelnemers bes luiten neemt met inachtneming van het door de deelnemende gemeenten vas tges teld beleid. Voors telbaar is daarom dat, buiten de wettelijk verplichte bes tuurs bes luiten waarop ziens wijze kan worden gegeven door provinciale s taten/de raden, er verder geen bes tuurs bes luiten van het algemeen bes tuur van OFGV worden aangewezen welke voorafgaand aan het nemen van het bes luit ter ziens wijze aan provinciale s taten/de raden moeten worden voorgelegd. In de geldende GR s taan thans geen bes luiten van het bes tuur waarover eers t een ziens wijze van provinciale s taten/de raden nodig is , voor het algemeen bes tuur een bes luit neemt.

Keuze: Worden er bestuursbesluiten genomen in de GRwaarop provinciale staten/ de raden voorafgaand hun zienswijze mogen geven? Zo niet: dan wordt vastgelegd dat daarvan geen gebruik wordt gemaakt, buiten de besluiten waarvan wettelijk of reeds in de GR OFGVis bepaald dat ze voor zienswijze langs provinciale staten/ de raden moeten. Zo wel: dan adviseren wij scherp te hebben welke besluiten dit dan betreffen. Uitkomst: In artikel 11 GR wordt het aan het AB overgelaten om ontwerpbesluiten aan de raden/PS voor zienswijzen aan te bieden Motivering: In het proces van de voorbereiding van deze wijziging van de GR OFGVzijn meerdere besluiten aan de orde gesteld, waarbij de vraag is of deze voor zienswijze aan de raden en Provinciale Staten voorgelegd zouden dienen te worden: a) de jaarstukken, inclusief de besteding van het rekeningsaldo; De wetgever heeft in de Wgr geen ziens wijzeprocedure opgenomen. In artikel 29 van de GR wordt de jaarrekening ter kennis gebracht van de raden en Provinciale Staten. De jaarrekening is een vas ts telling achteraf van de uitgegeven gelden met een financieel res ultaat. De reeds uitgegeven gelden zijn een gegeven.

Een ziens wijze daarop heeft daarom in de regel geen invloed op de vas ts telling van een jaarrekeng, maar ziet, vanwege de inhoud, veelmeer op het vooruit kijken naar het volgende jaar/de volgende jaren en hoe daarin te handelen vanwege de uitkoms ten in de jaarrekening. V.w.b. de bes teding van het rekenings aldo: De mogelijkheid van een ziens wijze over een voors tel voor een definitieve res ultaats bes temming s taat al in artikel 29, lid 7, van de GR. Overigens is hiervoor (vrijwel altijd) een begrotings wijziging voor nodig, waarin ook voorzien is in een ziens wijze. b) de Kadernota/kaderbrief; De gemeenteraad/P rovinciale Staten (PS) hoeven formeel niets met de kadernota (waarin verwoord de beleids matige en financiële kaders voor het komende

proofadvis eurs .nl

Pagina 3 van 10

begrotings jaar) te doen, anders dan deze voor kennis geving aan te nemen (artikel 28, lid 1, GR). Dat laat onverlet dat de raad/P S er wel over kan debatteren en erop kan reageren, maar dat moet de raad dan wel tijdig doen. Als de ontwerpbegroting immers reeds is toegezonden, heeft reageren op de kadernota weinig zin meer. Dat betekent in de tijd gezien dat – als er ziens wijzen kunnen worden ingediend - de kadernota vaak veel eerder al moet worden toegezonden om de raden en PS ook de tijd te geven te kunnen reageren. Nu wordt die in februari behandeld, maar met een ziens wijze zal dat naar november/december van het jaar daarvoor moeten gebeuren. Omdat de kadernota de opmaat is /het inzicht geeft voor de ontwerpbegroting, dienen de ziens wijzen tegen beide ontwerpbes luiten dan qua tijd voldoende uit elkaar te liggen om niet dezelfde argumenten te behelzen. Dat roept de vraag op of de kadernota in een dergelijk vroeg s tadium voldoende financiële en beleids matige inhoud heeft om de opmaat te kunnen zijn voor de ontwerpbegroting. De kadernota wordt overigens toegezonden door het dagelijks bes tuur van een openbaar lichaam, het bes tuur van de bedrijfs voerings organis atie of door het gemeens chappelijk orgaan. Bij een openbaar lichaam betekent dat dus dat het algemeen bes tuur formeel geen rol heeft bij het op- of vas ts tellen van de kadernota.

Overigens hoeft voor (een deel van de) bes luiten met een aanzienlijk financieel belang niet per s e gebruik gemaakt te worden van de ziens wijzemogelijkheid. Het bes tuur van de OFGV deelt met de gebruikelijke kadernota en ontwerpbegroting jaarlijks de verwachte ontwikkelingen. De deelnemers kunnen bij de ontwerpbegroting hun ziens wijze inbrengen. Deze ziens wijzemogelijkheid ondervangt in hoge mate al wat er aan bes luitvorming met een aanzienlijk financieel belang gaat plaats vinden. c) de ontwerpbegroting; De ziens wijze op de ontwerpbegroting is reeds geregeld in de Wgr en s taat ook in artikel 28 van de GR. d) de begroting De ziens wijzeprocedure s taat volgens de wetgever alleen open tegen de ontwerpbegroting om zodoende invloed te kunnen uitoefenen op de vas ts telling van de begroting. Als eenmaal de begroting is vas tges teld, is die definitief en s taat het niet meer open voor een ziens wijze. Op dat moment is het ene verplichte uitgave voor de gemeenten en provincies . e) tussentijdse beleidsmatige keuzes; De taken van de OFGV zijn advis erend, onders teunen en uitvoerend. Dit zijn taken die opgedragen zijn door de uitvoerende bes tuurs organen bij de gemeente (colleges ) en bij de provincies (gedeputeerde s taten. De taken worden derhalve in mandaat uitgevoerd.

De uitvoering van deze taken wordt verricht met inachtneming van het beleid dat bij de deelnemende gemeenten en provincies zelf wordt vas tges teld, al dan niet na afs temming tus s en die partijen. Het OFGV s telt derhalve geen beleid vas t. Als voorbeeld: het handhavings plan OVP en Lepelaars plas s en is geen beleids plan, maar een uitvoerings kader. Daarmee worden de bevoegdheden van de raden/PS niet geraakt en behoeft de ziens wijzeprocedure zoals de wetgever die voor ogen heeft gehad, niet in de GR te worden geregeld gemaakt te worden. f)

onderwerpen waarvoor het algemeen of dagelijks bestuur dat zelf wenselijk vindt; Deze s ugges tie heeft geleid tot wijziging van artikel 11 zoals die in de eerdere conceptwijziging van de GR s tond. In artikel 11 is nu opgenomen dat er naas t bes luiten

proofadvis eurs .nl

Pagina 4 van 10

in de GR of in de wet bepaald door het AB ook andere bes luiten kunnen worden voorgelegd ter ziens wijze. De leden van het AB vertegenwoordigen immers de belangen van de deelnemers en kunnen afwegen of, en zo ja welke, ontwerpbes luiten als nog voor ziens wijze aan de raden/PS ges tuurd kunnen worden g) onderwerpen waarvoor een verzoek wordt gedaan door tenminste 1 /5 d eel van de deelnemende Raden en Provinciale Staten. Van belang hierbij is te onders trepen dat de OFGV, zoals hiervoor aangegeven, uitvoerende taken heeft opgedragen gekregen van de colleges en gedeputeerde s taten. Voorkomen dient te worden dat de raden/PS op de s toel gaan zitten van de uitvoering. In begins el worden er in het AB geen bes luiten genomen die de kaders tellende, controlerende en budgettaire bevoegdheden van de raden/P S raken, anders dan de begroting (en een deel van de jaarrekening). Het is aan de raden/P S om vooraf kaders te s tellen met hun eigen (gezamenlijke) kaderbrief om richting te geven aan de OFGV en dit te vertalen in de kadernota/ontwerpbegroting/begroting. Ook de beleids inhoudelijke vraags tukken komen bij de gemeenten/provincies vandaan en worden uitgevoerd door de OFGV. Daarnaas t s telt het dagelijks bes tuur uitvoerings programma’s op die aan de colleges /gedeputeerde s taten worden toeges tuurd (art.

23) Het is aan die deelnemende organen om, indien daartoe aanleiding is , verantwoording af te leggen aan PS. T ens lotte kan hier ook een ander ins trument voor worden ingezet: de informatieplicht in artikel 20 GR. De deelnemende partijen kunnen, gehoord de wens en van de raden/PS , met het AB/DB van de OFGV afs praken maken over de invulling van de informatieplicht (welke onderwerpen/bes luiten en hoe en wanneer de informatie wordt vers trekt). Op die wijze kunnen raden/PS zelf invulling geven aan hun controlerende taak. Daarbij behoeft het niet beperkt te worden tot bes luiten van P S (want ziens wijzen zien alleen op ontwerpbes luiten), maar kan het ook op (hoger) onderwerpniveau ter beoordeling van raden/PS worden overgelaten. h) het VTH-beleidskader Dit kader wordt welis waar door OFGV voorbereid, maar de vas ts telling ervan vindt plaats door de deelnemende colleges . De voorbereiding is geen bes luit waarop de ziens wijzeprocedure van toepas s ing is .

2.2

Evaluatie van de GROFGV

In artikel 52 juncto 11a van de Wgr is opgenomen dat een gemeens chappelijke regeling bepalingen omtrent de evaluatie van de regeling moet bevatten. Uit de toelichting op de wetswijzing volgt dat verplicht is om in elke regeling iets op te nemen over evaluatie, maar dat dit ook mag betekenen dat wordt opgenomen dat er geen verplichte evaluatie plaats zal vinden. Wordt er niet geëvalueerd dan wordt dat opgenomen in de GR en hoeven er geen verdere keuzes gemaakt te worden. Wordt ervoor gekozen om wel te evalueren dan is het ook goed om na te denken over de frequentie en de termijn van de evaluatie. Bijvoorbeeld minstens eens per zes jaar of elke vier jaar. Ook kan er iets worden opgenomen over het moment. Zo is het bijvoorbeeld aan te raden om de evaluatie niet vlakbij of rondom staten/ raadsverkiezingen te laten plaatsvinden, omdat dan de evaluatie mogelijk niet d e aandacht krijgt of het momentum mee heeft om het een nuttige evaluatie te laten zijn. Overigens kan de keuze voor het moment van de evaluatie ook buiten de GR gelaten worden om niet ‘vast te liggen’. Hoe specifieker in de GR wordt opgenomen hoe met de evaluatie om te gaan, hoe ‘vaster’ dit ligt en hoe minder flexibiliteit er is daarvan af te wijken.

proofadvis eurs .nl

Pagina 5 van 10

T ot s lot is het ook goed om bij voorbaat na te denken over wát het onderwerp van de evaluatie dient te zijn en wanneer de evaluatie gehouden zou moeten worden en hoe vaak. Op dit moment is in de GR OFGV nog niets opgenomen over evaluatie van de regeling. Daarom dient te worden nagedacht over de vraag wat wens elijk is hierover op te nemen. Keuze: Wel of geen evaluatie laten uitvoeren ten aanzien van de GROFGV? Zo niet: dan wordt in de GR opgenomen dat geen evaluatie plaatsvindt. Zo wel: dan adviseren wij ook na te denken over: 1: de termijn waarbinnen geëvalueerd wordt en met welke frequentie; 2: wat er geëvalueerd gaat worden. Uitkomst: Een evaluatiebepaling opnemen. Motivering : Evaluatie is een belangrijk beleidsinstrument, ook bij verplichte samenwerking. Een evaluatie moet daadwerkelijk over de OFGV gaan en nadrukkelijk ook overde samenwerking tussen de deelnemers. Het is verstandig om dit aan het AB over te laten en niet een vast evaluatiemoment in te bouwen. Het moment en wat er geëvalueerd wordt, kan overgelaten worden aan het AB.

2.3

Gemeenschappelijke adviescommissie

In de GR OFGV is in artikel 19 opgenomen dat de mogelijkheid bes taat dat commis s ies van advies kunnen worden inges teld door het algemeen bes tuur van OFGV. Met de inwerkingtreding van de gewijzigde Wgr is het ook mogelijk om een gemeens chappelijke advies commis s ie, zie artikel 52 juncto 24a Wgr, in te s tellen. Als provinciale s taten/de raden waarvan de colleges deelnemen in de GR OFGV unaniem verzoeken om de ins telling ervan, is het algemeen bes tuur zelfs verplicht om tot de ins telling van een dergelijke gemeens chappelijke advies commis s ie over te gaan. In een gemeens chappelijke advies commis s ie kunnen alleen provinciale s tatenleden/raads leden deelnemen. Het is niet verplicht dat provinciale s taten of elke raad een ‘eigen’ lid aanwijs t. Een gemeens chappelijke advies commis s ie kan ingezet worden voor drie doelen: advis eren aan provinciale s taten/raden over en afs temmen van ziens wijzen die provinciale s taten/raden mogen indienen, advis eren aan het bes tuur over te nemen bes luiten en voor de verbinding van provinciale s taten/de raden met het bes tuur van het openbaar lichaam. De gemeens chappelijke advies commis s ie heeft, zoals de naam al weggeeft, geen bes luitvormende bevoegdheden.

Dat betekent dat altijd s prake is van een advies aan provinciale s taten/de raden of het bes tuur van het openbaar lichaam, maar dat de betreffende provinciale s taten/ raden en het bes tuur zelf de bes luiten nemen. Een gemeens chappelijke advies commis s ie is een ins trument dat een actieve rol en dus tijd vraagt van provinciale s taten/de raden die daarin participeren. Dat betekent dat ook goed moet worden nagedacht over de vraag of het inzetten van een gezamenlijke advies commis s ie gewens t is . Bij GR-en die hoofdzakelijk uitvoerend van aard zijn en waar weinig tot geen beleid wordt vas tges teld ligt het minder voor de hand om een gemeens chappelijke advies commis s ie in te zetten. Als binnen het bes tuur van het openbaar lichaam weinig tot geen bes luiten genomen worden die voor ziens wijze aan provinciale s taten/de raden worden voorgelegd, ligt

proofadvis eurs .nl

Pagina 6 van 10

het niet voor de hand om een gemeens chappelijke advies commis s ie in te s tellen omdat dan s prake is van weinig praktis ch nut. Daarmee zou de afweging gemaakt kunnen worden dat als er in de GR, naas t de begroting, geen andere bes luiten worden opgenomen om ter ziens wijze aan provinciale s taten/de raden voor te leggen, ook geen gemeens chappelijke advies commis s ie wordt inges teld. Overigens is het niet noodzakelijk dat in de GR een ‘kaps tokbepaling’ wordt opgenomen om een gemeens chappelijke advies commis s ie in te s tellen. Dit betekent dat ook op een later moment, zonder de GR te hoeven wijzigen, het mogelijk is tot ins telling van een gemeens chappelijke advies commis s ie over te gaan. Keuze: Is het op dit moment gewenst voor de GR OFGVeen gemeenschappelijke adviescommissie in te stellen? Zo ja, dient deze in de GROFGVte worden opgenomen? Uitkomst: Thans geen gemeenschappelijke adviescommissie in de GR op te nemen. Motivering: Het opnemen van de gemeenschappelijke adviescommissie in de GR schept het een verplichting tot het instellen ervan. Deze adviescommissie kan ook slechts worden ingesteld ten behoeve van alleen deze GR. Het instellen van deze adviescommissie heeft mede te maken met grip op samenwerking. Het staat echter niet op zichzelf, maar dient te worden gezien in samenhang met andere instrumenten, die de raden/staten al (kunnen) hebben.

Daarbij kan gedacht worden een het gezamenlijke netwerk van rapporteurs, het delen en actief informeren onderling van informatie, het presenteren van de OFGV in de raden). Binnen de algehele betrokkenheid van raden/staten dienen het doel, het nut en de hoeveelheid instrumenten tegen elkaar afgewogen te worden. Bij die afweging is flexibiliteit van de inzet van de reeds bestaande of gewenste instrumenten belangrijk. Het niet opnemen van deze adviescommissie in de GR betekent niet dat het in de toekomst niet meer kan. De Wgr voorziet erin dat ook op een later moment, zonder de GR te hoeven wijzigen, het mogelijk is tot instelling van een gemeenschappelijke adviescommissie over te gaan. Het instellen vereist overigens een unaniem besluit van alle raden en Gedeputeerde Staten.

2.4

Participatie van inwoners en belanghebbenden

Volgens artikel 52 juncto 10, lid 7, Wgr wordt in een gemeens chappelijke regeling opgenomen op welke wijze de ingezetenen (van de gemeenten waarvan bes tuurs organen deelnemen aan een gemeens chappelijke regeling) en belanghebbenden betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid. Het originele wets voors tel liet de ruimte om per gemeens chappelijke regeling een afweging te maken of er mogelijkheden voor participatie van inwoners en belanghebbenden in worden opgenomen. Echter, in het aangenomen amendement van Bromet is opgenomen dat het niet mogelijk is in een gemeens chappelijke regeling op te nemen dat geen ruimte wordt gegeven voor participatie. Er moet, met andere woorden, in elke gemeens chappelijke regeling een variant van participatie worden opgenomen. Voor de OFGV geldt dat enkel s prake is van mandatering van taken door de deelnemende colleges aan de OFGV. Dit betekent dat aans luiting gezocht kan worden bij de wijze waarop participatie binnen de provincies / gemeenten wordt toegepas t waarvan de colleges deelnemen aan de GR OFGV. Op dit moment s taat er in de GR geen bepaling over participatie van inwoners

proofadvis eurs .nl

Pagina 7 van 10

en belanghebbenden. Er dient daarom nagedacht te worden over de wijze waarop participatie wordt opgenomen in de gemeens chappelijke regeling. Keuze: Op welke manier willen we in de GROFGVinvulling geven aan participatie? Uitkomst: In de GR een passende variant van participatie te regelen. Motivering: De OFGV is eenuitvoeringsorganisatie, waarbij de taken in mandaat en derhalve onder verantwoordelijkheid van de deelnemers worden uitgevoerd. De participatie richt zich daarom vooral op voorbereiding dan wel uitvoering van door de deelnemers vastgesteld beleid. Dat door de deelnemers vastgestelde beleid heeft in de regel al een participatieproces doorlopen, waarin dezelfde elementen een rol spelen. Daarmee kan de participatie bij de OFGV een herhaling van zetten vormen met het risico dat de participatie bij de OFGV het reeds vastgesteld beleid van de deelnemers kan gaan doorkruisen. Ander effect is dat bij participanten het idee kan postvatten te kunnen participeren op (onderdelen van reeds vastgesteld) beleid. Het is daarom wenselijk om de participatie niet via het bestuur van de OFGV te laten lopen, maar juist en zoveel als mogelijk via de bij de deelnemers geëigende kanalen. Dit sluit ook goed aan bij het concept van verlengd lokaal bestuur, in welk concept de volksvertegenwoordigende rol nog altijd bij de raden/state n ligt.

Deze scheiding tussen participatie bij beleidsvaststelling door de deelnemers en participatie bij beleidsvoorbereiding of -uitvoering door de OFGV wordt zoveel als mogelijk voorkomen door maatwerk en het AB, DB of de voorzitter per onderwerp daarover te laten beslissen. Voor zover het om voorbereiding of uitvoering van vastgesteld beleid gaat, kan de passende vormen van participatie door het bestuur van de OFGVpraktisch vormgegeven worden door bijvoorbeeld agenda’s en ontwerpbesluiten, die zich daartoe lenen (het dient tenslotte te gaan om beleid), van het AB, DB en de voorzitter, op de websitete plaatsen of op een andere elektronische manier invulling te geven, met de mogelijkheid voor participatie. Daarmee kan maatwerk geleverd worden.

2.5

Voorwaarden en gevolgen uittreding uit GR OFGV

Alhoewel in alle gemeens chappelijke regelingen (voor onbepaalde tijd) bepalingen zijn opgenomen over de wijze waarop deelnemers kunnen uittreden, is het s inds de wets wijziging van 1 juli 2022 verplicht om deze bepalingen uit te breiden. Uit de bepaling moet duidelijk worden welke gevolgen de uittreding heeft voor het vermogen van de rechts pers oon en voor het vermogen van de gemeenten (zowel de uittredende als de blijvende) waarvan de bes tuurs organen deelnemen in de gemeens chappelijke regelingen. Dit betekent dat in de GR OFGV moet worden opgenomen op welke wijze wordt bepaald wat de gevolgen van de uittreding zijn en op welke manier het vermogen van de deelnemers wordt beïnvloed. In s ommige gevallen is door het (algemeen) bes tuur van een gemeens chappelijke regeling een uittredings regeling vas tges teld. Er kan voor gekozen worden de s ys tematiek van de betreffende uittredings regeling qua proces en qua inhoud over te nemen in de GR, in het geval deze uittredings regeling tenmins te voldoet aan de minimale vereis ten die de wetgever daaraan s telt. Overigens is het ook voor verplichte GR-en, zoals de OFGV, verplicht een uittredings regeling in de GR op te nemen. Bijvoorbeeld in het geval van een gemeentelijke herindeling waarbij een gemeente s amengaat met gemeente die binnen het gebied van een andere omgevings diens t ligt.

In dat geval zal ten aanzien van de nieuwe gemeente moeten worden bepaald bij welke omgevings diens t aanges loten wordt, het is natuurlijk niet voors telbaar dat één gemeente bij twee omgevings diens ten deelneemt. In alle gevallen geldt dat het vele malen beter is dat

proofadvis eurs .nl

Pagina 8 van 10

financiële gevolgen van een uittreding vas tgelegd zijn voorafgaand aan het moment dat s prake is van een bes luit of een wens tot uittreding. Op het moment dat een bes luit over uittreding genomen is of s prake is van een herindeling, dient al duidelijk te zijn wat de gevolgen van een uittreding zijn omdat dit anders tot veel – financieel – gedoe leidt tus s en de uittreder en de ‘achterblijvers ’. Keuze: Bepaal op welke wijze wordt bepaald welke gevolgen uittredingen hebben voor OFGVen welke gevolgen dit heeft voor de (financiële) positie van de uittreder en de deelnemers. Op dit moment is in artikel 33 van de GR OFGV de uittreding geregeld. Volgens deze bepaling doet het algemeen bestuur een voorstel tot regeling van de gevolgen van uittreding en besluiten de bevoegde bestuursorganen van de deelnemers. Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de uittreding. De uittredingsbepalingen geven een algemene richtlijn voor de vaststelling van de gevolgen. Onder de gewijzigde Wgr zal de uitwerking in de GR iets meer inhoud dienen te krijgen. Er zijn regels over het uittreden, de “Spelregels taken toevoegen of terugtrekken (partieel uittreden)”, vastgesteld door het Algemeen Bestuur op 5 februari 2020.

Voldoen deze spelregels aan de minimale vereisten van de wetgever en kan deze worden opgenomen in de GROFGV? Of dienen de voorwaarden voor uittreding nog meer uiteengezet te worden? Uitkomst: De uittredingsbepa ling aan de Wgr aan te passen Motivering : De huidige bepaling in de GR dient gewijzigd te worden, omdat die niet voldoet aan de gewijzigde Wgr. Niet het AB dient de gevolgen te regelen, maar de deelnemende colleges door de gevolgen van uittreding in de GR op te nemen. De uitwerking kan nog wel door het AB geregeld worden. Er is sprake van verplichte deelneming (milieu), zodat een eenvoudige regeling volstaat. Daarbij wordt kan voor een groot deel aangesloten worden bij de voornoemde door het AB vastgestelde spelregels, waarbij een aantal elementen in de GR zullen worden opgenomen. Het AB kan op verzoek en op kosten van de uittredende gemeente vooraf in kaart brengen wat de gevolgen zijn van uittreding en wat uittreding gaat kosten. De kosten van uittreding behelzen in veel gevallen de gevolgen van personeel, contracten, huisvesting en investeringen voor zover deze direct samenhangen met de uittreding.

2.6

Actieve informatieplicht door bestuur

Sinds 1 juli 2022 moet ook in gemeens chappelijke regelingen ogenomen worden op welke wijze inlichtingen door het bes tuur van een gemeens chappelijke regeling worden vers trekt aan de provinciale s taten/de raden waarvan de colleges deelnemen aan de gemeens chappelijke regeling. Dit is bepaald in artikel 17 van de gewijzigde Wgr. Dat betekent dat door OFGV bes lis t moet worden op welke wijze dit gebeurt en dit dient in de regeling te worden opgenomen. Als s prake is van, bijvoorbeeld, een informatieprotocol, waarin het bes tuur vas tlegt op welke wijze provinciale s taten/de raden informeert over het wel en wee van de OFGV, dan kan ervoor gekozen worden in de GR te verwijzen naar dit protocol. Eventueel zou bijvoorbeeld

proofadvis eurs .nl

Pagina 9 van 10

voorafgaand aan het vas ts tellen ervan door het algemeen bes tuur ziens wijze gevraagd kunnen worden aan provinciale s taten/de raden. Dit zou ook vas tgelegd kunnen worden in de GR. Op dit moment is in de GR OFGV in artikel 16 de actieve informatieplicht al opgenomen. Deze voldoet aan de minimale variant die de Wgr voors chrijft. Dat betekent dat alleen in het geval een meer uitgebreide regeling wens elijk is , op dit punt de GR OFGV gewijzigd dient te worden. Keuze: Op welke wijze worden provinciale staten/ de raden actief geïnformeerd zodat zij hun taken goed kunnen uitoefenen? Is het nodig de huidige minimale regeling van artikel 16 GR OFGV hierop aan te passen? Uitkomst: -

Huidige bepaling voldoet aan de gewijzigde Wgr en behoeft geen aanscherping.

Motivering: Met de huidige bepaling wordt zowel de actieve als de passieve informatieplicht door bestuur van de OFGV voldoende

proofadvis eurs .nl

het

Pagina 10 van 10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/88/documents/907