Bijlage 3 - Programmabegroting 2025 VRF (575215).pdf
Tekst van het document
27
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
Stimuleren van samenwerking en kennisdeling binnen evenementenadvisering. De DPG heeft een adviesrol naar het openbaar bestuur en de zorgorganisaties ten aanzien van veiligheidsvraagstukken. Bij evenementenadvisering komt deze rol goed tot uiting. Het doel van dit adviestraject is om knelpunten preventief aan te pakken, zodat gezondheidsschade zoveel mogelijk wordt voorkomen. Afgelopen jaren zien we dat zowel het aantal als de verscheidenheid aan soorten evenementen toeneemt. Evenementen worden daardoor complexer. In de komende jaren blijft de GHOR deze trends en ontwikkelingen monitoren en anticiperen op deze veranderingen. Het meer gebruik maken van data-gestuurde informatie en het versterken van de samenwerking en kennisdeling met stakeholders is hierbij cruciaal.
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025
Hoe gaan we deze speerpunten meten?
3. Reguliere taken per kolom
De bereikte resultaten worden teruggekoppeld via de reguliere producten van de P&C-cyclus.
3.2 GHOR 3.3 Bevolkingszorg 3.4 Veiligheidsbureau Flevoland en Gooi en Vechtstreek 3.5 Dekkingsmiddelen 4. Paragrafen
De financiële begroting
3.1 Brandweer
Wat mag het kosten? Lasten en Baten Programma (Bedragen zijn x € 1.000) GHOR lasten
Saldo JR2023
Saldo PGB2024
Saldo PGB2025
Saldo PGB2026
Saldo PGB2027
Saldo PGB2028
1.981
2.092
2.134
2.134
2.134
2.134
GHOR baten
0
0
0
0
0
0
Overhead
0
0
0
0
0
0
1.981
2.092
2.134
2.134
2.134
2.134
Storting reserves
0
0
0
0
0
0
Onttrekking reserves
0
0
0
0
0
0
1.981
2.092
2.134
2.134
2.134
2.134
Resultaat voor bestemming
Totaal resultaat na bestemming
De lasten zijn toegenomen als gevolg van loon- en prijscompensatie en overige onderwerpen vanuit de Kadernota 2025.
Bijlagen
28
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom 3.2 GHOR 3.3 Bevolkingszorg 3.4 Veiligheidsbureau Flevoland en Gooi en Vechtstreek 3.5 Dekkingsmiddelen 4. Paragrafen
De financiële begroting
3.1 Brandweer
3.3 Bevolkingszorg Bevolkingszorg, soms ook wel aangeduid als de oranje kolom, vormt bij grote ongelukken, rampen en crises de verbindende schakel tussen de hulpverleningsketens en de gemeentelijke diensten. Zo zorgt Bevolkingszorg voor de crisiscommunicatie, de opvang voor getroffenen en de omgevingszorg waaronder het milieu en de infrastructuur. De organisatie bestaat uit vertegenwoordigers van de gemeenten uit het gehele verzorgingsgebied en één coördinerend kernteam Bevolkingszorg voor de beide veiligheidsregio’s. Vanuit die gezamenlijkheid worden alle voorbereidende taken geregeld en worden functionarissen ingeschakeld tijdens een ramp of crisis.
Wat zijn de speerpunten? Landelijk wordt een verstevigde en uniforme kwaliteit van Bevolkingszorg nagestreefd, als integraal onderdeel van de georganiseerde crisisbeheersing. De organisatie van Bevolkingszorg in Flevoland en Gooi en Vechtstreek richt zich daarom op borging van de kwaliteitsniveaus en de operationele prestaties van de vele betrokken crisisfunctionarissen. Daarmee staat 2025 - evenals 2024 - in het teken van de implementatie van de adviezen vanuit het landelijke project dat loopt om te komen tot een uniform kwaliteitsniveau voor Bevolkingszorg. In het najaar van 2023 is een (landelijk) implementatieplan opgesteld. Dit implementatieplan geeft nog geen concrete planning voor het voltooien van de landelijke implementatie. Hierdoor is ook de planning van de regionale implementatie nog niet geheel concreet te maken.
Bijlagen
De speerpunten van het Uniform Kwaliteitsniveau Bevolkingszorg betreffen: • Het vormgeven van de regierol van het algemeen bestuur ten aanzien van Bevolkingszorg; • De invoering van acht uniforme Bevolkingszorgfuncties (opgeleid en geëxamineerd); • Een systeem voor het monitoren van de landelijk vastgestelde (basis)kwaliteitscriteria. Voor het implementeren en vormgeven van deze speerpunten is verdere landelijke uitwerking en afstemming noodzakelijk.
29
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom 3.2 GHOR 3.3 Bevolkingszorg 3.4 Veiligheidsbureau Flevoland en Gooi en Vechtstreek 3.5 Dekkingsmiddelen 4. Paragrafen
De financiële begroting
3.1 Brandweer
Hoe gaan we deze speerpunten meten? Over de stand van zaken wordt gerapporteerd middels de reguliere producten van de planning-encontrolcyclus.
Wat mag het kosten? Lasten en Baten Programma (Bedragen zijn x € 1.000)
Saldo JR2023
Saldo PGB2024
Saldo PGB2025
Saldo PGB2026
Saldo PGB2027
Saldo PGB2028
Bevolkingszorg lasten
501
543
566
566
566
566
Bevolkingszorg baten
0
0
0
0
0
0
Overhead
0
65
68
68
68
68
501
608
634
634
634
634
Resultaat voor bestemming Storting reserves
0
0
0
0
0
0
Onttrekking reserves
0
0
0
0
0
0
501
608
634
634
634
634
Totaal resultaat na bestemming
De lasten zijn toegenomen als gevolg van loon- en prijscompensatie en overige onderwerpen vanuit de Kadernota 2025.
3.4 Veiligheidsbureau Flevoland en Gooi en Vechtstreek Crisisbeheersing is een hoofdtaak van veiligheidsregio’s. Veiligheidsbureau FGV is gericht op het voorkomen, beperken en bestrijden van (de effecten van) crises in Flevoland en Gooi en Vechtstreek. In het veiligheidsbureau werken de kernpartners -brandweer, GHOR, Bevolkingszorg- gezamenlijk met crisispartners als politie, Defensie, Rijkswaterstaat, waterschappen en de bedrijven in de vitale infrastructuur (zoals drinkwater-, gas- en elektraleveranciers) aan crisisbeheersing.
Bijlagen
Wat zijn de speerpunten? De wereld verandert snel en we worden in toenemende mate geconfronteerd met risicovolle situaties. Versterking van de crisisbeheersing is daarom noodzakelijk en hier wordt zowel landelijk als regionaal vorm en inhoud aan gegeven. In onze veiligheidsregio’s loopt daarvoor het project ‘Versterking crisisbeheersing en veiligheidsregio’s’. Het realiseren van de doelen uit de vastgestelde ‘Visie en Strategie Crisisbeheersing 20222024’ maakt hier een belangrijk onderdeel van uit.
30
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom 3.2 GHOR 3.3 Bevolkingszorg 3.4 Veiligheidsbureau Flevoland en Gooi en Vechtstreek 3.5 Dekkingsmiddelen 4. Paragrafen
De financiële begroting
3.1 Brandweer
De versterking van de crisisbeheersing loopt langs drie sporen: • Versterken voorbereiding en paraatheid • Versterken van een weerbare samenleving • Bevorderen kwaliteit en professionaliteit Ieder van bovengenoemde sporen kent ambities op verschillende thema’s. • Voor het versterken van de voorbereiding en paraatheid lopen binnen het programma en binnen het veiligheidsbureau activiteiten en projecten op het gebied van; de gezamenlijke risicogerichte voorbereiding, gezamenlijke paraatheid, leiding en coordinatie, informatiemanagement en crisiscommunicatie. Zichtbare uitwerkingen hiervan zijn het Veiligheidsinformatiecentrum-knooppunt, het versterken van de informatiemanagement en de toekomstbestendige crisisorganisatie. • Voor het versterken van een weerbare samenleving lopen activiteiten en projecten op de onderdelen: activeren van de samenleving en risicocommunicatie. • Het bevorderen van kwaliteit en professionaliteit vindt plaats door middel van het professionaliseren van de multidisciplinaire opleiden-, trainen- en oefenen (MOTO-)organisatie en het verdiepen van de netwerksamenwerking. Naast bovengenoemde versterkingsactiviteiten lopen er natuurlijk ook reguliere activiteiten op het gebied van het voorkomen van-, voorbereiden op-, en het bestrijden van (de effecten van) crises.
Belangrijke onderdelen hiervan zijn het oefenprogramma voor de crisisorganisatie, de planvorming, advisering op risico’s en evenementen, advisering crisisbeheersing en kwaliteitszorg crisisbeheersing.
Bijlagen
Voorkomen: vergroten risicogerichtheid en redzaamheid De nadruk bij crisisbeheersing ligt steeds meer op het voorkomen en beperken van crises. Daarbij worden mogelijkheden tot het beïnvloeden van risico’s onderzocht en waar mogelijk opgepakt. Het vergroten van de zelfredzaamheid en samenredzaamheid van burgers en bedrijven vormt een belangrijk uitgangspunt. Hierbij wordt gekeken naar meer vormen van burgerparticipatie. Een beter gestructureerde en geïmplementeerde risicocommunicatie moet deze bewegingen ondersteunen. Informatie- en netwerkmanagement We werken aan een crisisorganisatie die geschikt is voor alle typen crises; lokaal, regionaal en bovenregionaal of zelfs landelijk. Deze organisatie kent een flexibele structuur, die zich aanpast aan de soort, de omvang en de duur van crises.
31
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom 3.2 GHOR 3.3 Bevolkingszorg 3.4 Veiligheidsbureau Flevoland en Gooi en Vechtstreek 3.5 Dekkingsmiddelen 4. Paragrafen
De financiële begroting
3.1 Brandweer
In alle fasen van crisisbeheersing is informatie van cruciaal en toenemend belang. Het Veiligheidsinformatiecentrum (VIC) van onze veiligheidsregio’s werkt nauw samen met het VIC van Veiligheidsregio Utrecht (VRU) en ontwikkelt zich richting een VIC Midden-Nederland. Er wordt ook samengewerkt met de andere regionale informatiecentra en op landelijke niveau in de ontwikkeling van het Knooppunt Coördinatie Rijk-Regio’s (KCR2). Het is duidelijk dat er aan de preparatieve kant ook slagen gemaakt moeten worden in de digitalisering en toegankelijkheid van plannen, procedures en dergelijke.
Veiligheidsinformatiecentrum (VIC) Het VIC onderhoudt 24 uur per dag en 7 dagen per week een actueel regionaal beeld door risicovolle situaties te inventariseren, te analyseren en te duiden. Dit beeld wordt gebruikt in advisering richting gemeenten en crisisfunctionarissen.
Hoe gaan we deze speerpunten meten? De bereikte resultaten worden teruggekoppeld via de reguliere producten van de P&C-cyclus.
Wat mag het kosten? Lasten en Baten Programma (Bedragen zijn x € 1.000)
Saldo JR2023
Saldo PGB2024
Saldo PGB2025
Saldo PGB2026
Saldo PGB2027
Saldo PGB2028
Veiligheidsbureau lasten
1.284
1.266
1.320
1.320
1.320
1.320
Veiligheidsbureau baten
-163
0
0
0
0
0
0
156
163
163
163
163
1.121
1.422
1.483
1.483
1.483
1.483
Storting reserves
0
0
0
0
0
0
Onttrekking reserves
0
0
0
0
0
0
1.121
1.422
1.483
1.483
1.483
1.483
Overhead Resultaat voor bestemming
Totaal resultaat na bestemming
De lasten zijn toegenomen als gevolg van loon- en prijscompensatie en overige onderwerpen vanuit de Kadernota 2025.
Bijlagen
32
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
3.4 Veiligheidsbureau Flevoland en Gooi en Vechtstreek 3.5 Dekkingsmiddelen 4. Paragrafen
De financiële begroting
3.3 Bevolkingszorg
Lasten en Baten Programma (Bedragen zijn x € 1.000)
Saldo JR2023
Saldo PGB2024
Saldo PGB2025
Saldo PGB2026
Saldo PGB2027
Saldo PGB2028
Algemene dekkingsmiddelen lasten
358
0
0
0
0
0
Algemene dekkingsmiddelen baten
-33.034
-34.891
-37.553
-37.978
-38.115
-38.115
0
0
0
0
0
0
-32.676
-34.891
-37.553
-37.978
-38.115
-38.115
Storting reserves
3.268
0
0
0
0
0
Onttrekking reserves
-2.078
-732
-280
-137
0
0
Totaal resultaat na bestemming
-31.486
-35.623
-37.832
-38.115
-38.115
-38.115
Resultaat voor bestemming
3. Reguliere taken per kolom 3.2 GHOR
Algemene dekkingsmiddelen
Overhead
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025
3.1 Brandweer
3.5 Dekkingsmiddelen
De baten zijn toegenomen als gevolg van loon- en prijscompensatie en overige onderwerpen vanuit de Kadernota 2025. Bijdrage van het Rijk De hoogte van de rijksbijdrage (BDuR) is gebaseerd op de decembercirculaire 2023 en bedraagt voor de jaarschijf 2025 € 7.709.275. Dit is inclusief de extra middelen voor het project Versterking crisisbeheersing en veiligheidsregio’s. Bijdragen van de gemeenten 2025
Bijlagen
Nieuw
Totaal
Almere
506.611
-
14.125.017
14.631.629
Dronten
208.841
653.180
2.031.577
2.893.598
Lelystad
477.551
-
5.146.611
5.624.162
NOP
249.492
947.991
2.250.315
3.447.798
Urk
97.833
309.482
790.857
1.198.172
Zeewolde
422.018
429.544
1.196.753
2.048.315
1.962.346
2.340.197
25.541.131
29.843.674
Totaal
Maatwerk
Oud
33
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom
4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
De financiële begroting
4. Paragrafen
4. Paragrafen 4.1 Weerstandsvermogen Inleiding Het besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) vereist dat in de begroting en in de jaarrekening diverse paragrafen worden opgenomen die een dwarsdoorsnede bieden van de jaarstukken. In dit hoofdstuk treft u de paragrafen aan die relevant zijn voor VRF. Algemeen Het Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten schrijft voor dat gemeenten en gemeenschappelijke regelingen jaarlijks de weerstandscapaciteit en de risico’s inventariseren en hierover beleid formuleren. Artikel 11 van dat Besluit definieert het weerstandsvermogen als de verhouding tussen: a. De weerstandscapaciteit, zijnde de middelen en mogelijkheden waarover VRF beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. b. Alle risico’s waarvoor geen maatregelen zijn getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot de financiële positie. c. Ongedekte risico’s. Gewenste weerstandscapaciteit Op grond van artikel 11 (zie hierboven) wordt een uitspraak over het weerstandsvermogen onderbouwd door een vergelijking van de resterende (i.c. niet-gedekte) risico’s met de beschikbare weerstandscapaciteit. Een dergelijke uitspraak wordt uitgedrukt in termen van gewenste weerstandscapaciteit, gelet op de aard en omvang van de resterende risico’s.
De gewenste weerstandscapaciteit is het bedrag waarover de organisatie zou moeten beschikken op grond van de resterende risico’s (risicoprofiel). Voor de financiële positie van de organisatie is het van belang in hoeverre daadwerkelijk weerstandscapaciteit beschikbaar is om het gewenste weerstandsvermogen te vormen.
Bijlagen
Beleid weerstandsvermogen Het beleid van VRF over het weerstandsvermogen is dat de niet-gedekte risico’s (met inachtneming van de beheersmaatregelen en de reeds opgenomen voorzieningen) worden gedekt door de algemene reserve. Het verstandig omgaan met risico’s betekent dat om vastgestelde doelstellingen te kunnen realiseren de organisatie risico’s mag lopen, zolang dit een bewuste (bestuurlijke) keuze is en de weerstandscapaciteit
34
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom
4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
De financiële begroting
4. Paragrafen
voldoende is om eventuele risico’s op te vangen. Daarnaast moet er een gefundeerde grondslag bepaald worden voor het berekenen van de gewenste weerstandscapaciteit. De organisatie is in beweging, wat resulteert in een dynamisch risicoprofiel. Continue aandacht en herijking van het risicoprofiel is daarom van wezenlijk belang voor een goed inzicht in de toereikendheid van de financiële positie van VRF. In deze begroting is een risicoprofiel gemaakt, zie hiervoor bijlage 2. Afspraken gemeenten: spelregels weerstandsvermogen verbonden partijen Met de gemeenten zijn afspraken gemaakt over hoe om te gaan met risico’s, (bestemmings)reserves en voorzieningen. Kort samengevat komen de afspraken erop neer dat VRF haar risico’s naar alle redelijkheid in kaart brengt bij de jaarrekening, de kadernota en de begroting en dat bestemmingsreserves en voorzieningen onderbouwd zijn. Beschikbare weerstandscapaciteit 2025 In de inleiding is aangegeven wat onder weerstandscapaciteit wordt verstaan. Onderdeel van die capaciteit vormen de vrij aanwendbare reserves, die een bufferfunctie hebben voor onvoorziene risico’s. Voor de bepaling van de weerstandscapaciteit wordt hieronder een overzicht gegeven van de stand van de verschillende vrij aanwendbare reserves per 31-12-2023: Weerstandsvermogen
JR2023
PGB2024
PGB2025
Algemene reserve
2.284
156
156
Bedrag voor onvoorzien
0
0
0
Vrij aanwendbare bestemmingsreserves
0
0
0
Stille reserves Totaal
0
0
0
2.284
156
156
Bijlagen
Risicoprofiel Een risico wordt gedefinieerd als ‘de kans op het optreden van een gebeurtenis met een negatief financieel gevolg voor VRF’. Het risicoprofiel komt uit op € 156.300. Dit is tevens de minimaal gewenste omvang van het weerstandsvermogen. De tabel is in bijlage 2 opgenomen. Ratio weerstandsvermogen Het ratio weerstandsvermogen per eind 2023 is 14,6. Deze ratio geeft echter een vertekend beeld. Dit komt omdat er, in afwachting van de scenario’s die inzake verplichtend karakter aan het bestuur worden gepresenteerd, is gekozen om verplichtend karakter niet als risico op te nemen in het risicoprofiel. Daarentegen
35
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom
4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
De financiële begroting
4. Paragrafen
is in 2023 wel middels een begrotingswijziging € 1.200.000 extra in de algemene reserve gestort om de verwachte kosten in 2024 inzake Verplichtend karakter op te kunnen vangen. Hierdoor is de algemene reserve aanzienlijk hoger dan het risicoprofiel. Met de onttrekking aan de algemene reserve die in 2024 plaatsvindt, om de kosten voor verplichtend karakter te dekken, komt de weerstandsratio weer richting de 1,0, conform bestuurlijke afspraak. Deze score per eind 2024 valt in de categorie 1,0 tot 1,4 en scoort daarmee “Voldoende” volgens het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR). Voor het inhoudelijke overzicht van het risicoprofiel verwijzen wij naar bijlage 2. Conclusie Door de extra storting van € 1.200.000 in 2023 in de algemene reserve is het weerstandvermogen per eind 2024 voldoende om de risico’s af te dekken. We blijven in afwachting van landelijke besluitvorming op het onderwerp Verplichtend karakter. Het uitgangspunt is onveranderd dat alle kosten die verband houden met de afschaffing van het Verplichtend karakter door het Rijk worden vergoed. Financiële kengetallen Om inzicht in de financiële positie te verschaffen, nemen we een aantal relevante kengetallen op. Deze kengetallen drukken de verhouding uit tussen bepaalde onderdelen van de begroting en de balans en bieden inzicht bij de beoordeling van de (ontwikkeling van de) financiële positie.
Bijlagen
Financiële kengetallen
JR2023
PGB2024
PGB2025
PGB2026
PGB2027
PGB2028
1A. Netto schuldquote
51%
92%
81%
74%
121%
97%
1B. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
51%
92%
81%
74%
121%
97%
2. Solvabiliteitsratio
41%
29%
30%
30%
22%
24%
3. Structurele exploitatieruimte
4,5%
0%
0%
0%
0%
0%
Conclusie De schuldquote neemt in 2024 en 2027 toe door extra leningen van ieder € 10 mln. voor de aanschaf van nieuw materieel. De solvabiliteitsratio neemt geleidelijk af.
36
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom
4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
De financiële begroting
4. Paragrafen
4.2 Bedrijfsvoering Het Bestluit begroting en verantwoording (BBV) beschrijft een aantal op te nemen prestatieindicatoren. Deze zijn voor VRF als volgt: Indicator
Eenheid
JR2023
PGB2024
PGB2025
Formatie
Fte per 1.000 inwoners (beroeps)
0,46
0,46
0,46
Bezetting
Fte per 1.000 inwoners (beroeps)
0,52
0,52
0,52
Apparaatskosten
Kosten per inwoner
€ 25,96
€ 21,63
€ 23,15
Externe inhuur
Kosten als % van totale loonsom + totale kosten inhuur externen
9,2%
5,3%
5,0%
Overhead
% Van de totale lasten
19,5%
20,8%
20,9%
4.3 Financiering Wettelijk kader De uitvoering van de financieringsfunctie dient plaats te vinden binnen de wettelijk kaders van de Wet financiering decentrale overheden (Wet fido). In de wet staan transparantie en risicobeheersing centraal. De transparantie komt tot uitdrukking in een verplicht treasurystatuut en een financieringsparagraaf in de begroting en de jaarrekening. Het geactualiseerde treasurystatuut van VRF is 6 juli 2022 vastgesteld.
Bijlagen
Ontwikkeling liquiditeitspositie In 2011 en 2012 heeft VRF twee lineaire leningen afgesloten voor de overname en inrichting van de brandweerkazerne in Zeewolde. De ene lening heeft een looptijd van 20 jaar tegen 4,43% rente, jaarlijks wordt er € 37.500 afgelost. De andere lening heeft een looptijd van 18 jaar tegen 2,75% rente, jaarlijks wordt er € 65.789 afgelost. In 2019 is een nieuwe lening van € 6.500.000 afgesloten ten behoeve van het doen van investeringen en ter versterking van het werkkapitaal. De lening heeft een looptijd van 15 jaar tegen 0,855% rente, jaarlijks wordt er € 433.333 afgelost. Naar verwachting worden in 2024 en 2027 nieuwe leningen afgesloten voor 10 miljoen euro ten behoeve van de geplande investeringen. Kasgeldlimiet Voor 2025 is het begrotingstotaal € 37.9 mln., dus is het toegestane kasgeldlimiet ruim € 3.1 mln.
37
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom
4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
De financiële begroting
4. Paragrafen
Berekening kasgeldlimiet in mln.
2024
2025
2026
2027
2028
8,2%
8,2%
8,2%
8,2%
8,2%
In bedrag
2,9
3,1
3,1
3,1
3,1
2. Omvang vlottende schuld
4,1
4,1
4,1
4,1
4,1
3. Vlottende middelen
10,8
10,2
9,1
18,3
11,4
4. Totaal netto vlottende schuld (2-3)
-6,8
-6,1
-5,1
-14,3
-7,3
Toegestane kasgeldlimiet
2,9
3,1
3,1
3,1
3,1
Ruimte (+) c.q. overschrijding (-)
9,7
9,2
8,2
17,4
10,4
1. Toegestane kasgeldlimiet In procenten van de grondslag
Toets kasgeldlimiet
Renterisiconorm en renterisico’s vaste schuld Voor het beheersen van de renterisico’s op de lange termijn dient VRF de renterisico’s van de vaste schuld in relatie tot de renterisiconorm in beeld te brengen. Het renterisico op de vaste schuld wordt berekend door te bepalen welk deel van de portefeuille aan vaste schuld in enig jaar geherfinancierd moet worden door het aangaan van nieuwe leningen die tot de vaste schuld (herfinanciering) behoren, en voor welk deel van de vaste schuld de geldnemer een wijziging van de rente op basis van de leningsvoorwaarden niet kan beïnvloeden (renteherziening). De renterisiconorm wordt berekend door een, bij ministeriële regeling, vastgesteld percentage (20%) te vermenigvuldigen met de totale vaste schuld. Hierbij geldt een drempelbedrag van € 2.5 mln. Het renterisico op de vaste schuld mag de renterisiconorm niet overschrijden.
Bijlagen
Berekening renterisiconorm (x € 1.000)
2024
2025
Begrotingstotaal
35.652
37.863
Renterisiconorm
20%
20%
Toets renterisiconorm
7.130
7.573
0
0
Betaalde aflossingen
537
1.203
Renterisico
537
1.203
6.593
6.370
Renteherziening op leningen o/g
Ruimte onder renterisiconorm
Conclusie: Er wordt in 2025 voldaan aan de renterisiconorm.
38
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
Rentetoerekening Bij de herziening van het BBV is het advies opgenomen om de rentekosten op één post in de begroting op te nemen. Om ervoor te zorgen dat in de begroting en verantwoording de totale rentelasten en de daaraan gekoppelde financieringsbehoefte inzichtelijk zijn, wordt in artikel 13 van het BBV voorgeschreven dat de paragraaf financiering voortaan ook in ieder geval inzicht geeft in de rentelasten, het renteresultaat, de financieringsbehoefte en de wijze waarop rente aan investeringen, grondexploitaties en taakvelden wordt toegerekend. Renteschema (x € 1.000)
PGB 2025
PGB 2026
PGB 2027
PGB 2028
3. Reguliere taken per kolom
a.
Externe rentelasten over de korte en lange financiering
387
357
676
622
4. Paragrafen
b.
Externe rentebaten
0
0
0
0
387
357
676
622
c1. Rente over eigen vermogen (toevoegd aan exploitatie)
0
0
0
0
c2. Rente over voorzieningen
0
0
0
0
0
0
0
0
387
357
676
622
0
0
0
0
4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
De financiële begroting
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025
Saldo rentelasten en rentebaten
Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente d.
De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag)
e.
Renteresultaat op het taakveld Treasury
4.4 Onderhoud kapitaalgoederen
Bijlagen
Meerjareninvesteringsplan materieel/materiaal Met de overdracht van de lokale brandweertaken van de zes gemeenten naar VRF zijn ook de voertuigen, materiaal, inrichting en dergelijke overgegaan naar de veiligheidsregio. De overname hiervan is per gemeente geregeld in het overdrachtsdossier. In de bijdragen van de gemeenten zijn ook budgetten voor kapitaallasten en onderhoud opgenomen. Afgelopen jaren is de onderhoudstoestand van het materieel en voertuigen geïnventariseerd. Inmiddels zijn nieuwe contracten afgesloten waarbij de tijdigheid en kwaliteit van het onderhoud, de actualisering van de certificeringen alsook de planning van de keuringen gewaarborgd worden. Voor 2025 staat onder andere op de planning om voor circa € 1.2 miljoen aan voertuigen te vervangen.
39
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
4.5 Verbonden partijen
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom
4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
De financiële begroting
4. Paragrafen
Gebouwen Medio 2012 heeft VRF de brandweerkazerne in Zeewolde in eigendom en in gebruik genomen. In 2022 is het meerjarenonderhoudsplan voor deze kazerne geactualiseerd en is de voorziening voor het groot onderhoud hierop aangepast. In 2016 is in Zeewolde het boothuis in gebruik genomen. De overige gebouwen zijn om niet in gebruik door de veiligheidsregio, conform het besluit van het bestuur uit december 2013. In 2015 en 2016 zijn overeenkomsten tussen de gemeenten en VRF afgesloten met nadere afspraken over beheer en onderhoud van de brandweerkazernes.
Een verbonden partij is een privaatrechtelijke- of publiekrechtelijke organisatie waarin VRF een bestuurlijk en een financieel belang heeft. Er is sprake van een bestuurlijk belang in het geval van zeggenschap, hetzij uit hoofde van vertegenwoordiging, hetzij uit hoofde van stemrecht. Van een financieel belang is sprake als aan een verbonden partij een bedrag ter beschikking is gesteld dat niet verhaalbaar is indien de verbonden partij failliet gaat. In 2025 heeft VRF één verbonden partij, te weten het Nederland Instituut Publieke Veiligheid (NIPV). Naam: Nederland Instituut Publieke Veiligheid (NIPV) te Arnhem. De geschatte financiële bijdrage aan het NIPV van VRF over het jaar 2025 is € 350.000.
4.6 Openbaarheid De Wet open overheid (Woo) heeft als doel overheden en semi-overheden transparanter te maken. In deze paragraaf lichten we toe welke stappen in 2025 worden genomen in het kader van transparantie en informatiedeling.
Bijlagen
Passieve openbaarmaking Er wordt ingezet op een verdere professionalisering van de organisatie op het gebied van de Woo. De verbeterde informatiehuishouding zorgt in grotere mate voor een snelle afhandeling van informatieverzoeken. Actieve openbaarmaking De veiligheidsregio blijft vasthouden aan de proactieve houding wat betreft de actieve openbaarmaking van overheidsinformatie. De veiligheidsregio volgt verder de landelijke ontwikkelingen rond de fasering van de wettelijk verplichte informatiecategorieën van de Woo.
40
Bestuurssamenvatting 2025 op hoofdlijnen 1. Het meerjarenperspectief: het beleidsplan
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
2. Uitwerking beleidsthema’s 2025 3. Reguliere taken per kolom
4.1 Weerstandsvermogen 4.2 Bedrijfsvoering 4.3 Financiering 4.4 Onderhoud kapitaalgoederen 4.5 Verbonden partijen 4.6 Openbaarheid
De financiële begroting
4. Paragrafen
Verbetering van de informatiehuishouding Er worden continue stappen gezet in de informatiehuishouding van de veiligheidsregio. Er wordt gefocust op de optimalisering van systemen en processen, alsook op het sturen op een positieve interne cultuurverandering waarin openbaarheid centraal staat. Dit vraagt om meer bewustwording bij, en actieve opleiding van, de medewerkers van de veiligheidsregio.
Bijlagen
41
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten Hieronder is de exploitatie van Programmabegroting 2025 en meerjarenbegroting 2026-2028 opgenomen. Programma-onderdeel
De financiële begroting
Saldo 2024
Saldo 2025
Saldo 2026
Saldo 2027
Saldo 2028
Brandweer
24.312.106
25.918.354
26.136.424
26.136.363
26.136.363
GHOR
2.091.784
2.133.620
2.133.620
2.133.620
2.133.620
Bevolkingszorg
543.020
566.245
566.245
566.245
566.245
Veiligheidsbureau
1.265.518
1.319.644
1.319.644
1.319.644
1.319.644
Totaal
28.212.428
29.937.863
30.155.932
30.155.871
30.155.871
Bijdragen gemeenten
-27.818.631
-29.843.674
-29.978.411
-30.117.250
-30.117.250
Rijksbijdrage (BDuR)
-7.072.356
-7.709.275
-7.999.454
-7.997.608
-7.997.608
-34.890.988
-37.552.949
-37.977.865
-38.114.857
-38.114.857
Overhead
7.410.290
7.894.600
7.959.004
7.958.986
7.958.986
Totaal
7.410.290
7.894.600
7.959.004
7.958.986
7.958.986
Mutaties reserves
-731.731
-279.514
-137.071
0
0
0
0
0
0
0
Totaal
Totaal
Besluit Begroting en Verantwoording De begroting is opgesteld overeenkomstig het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).
Bijlagen
Gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage bestaat uit drie componenten: • Bijdrage gemeenten oude verdeelsleutel. • Bijdrage gemeenten maatwerk. • Bijdrage gemeenten nieuwe verdeelsleutel.
42
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
Voor de gemeentelijke bijdragen is besloten om per 1 januari 2021 een nieuwe verdeelsleutel te hanteren op basis van de verhouding van het fictief budget Gemeentefonds met betrekking tot subcluster brandweer en rampenbestrijding van de deelnemende gemeenten. Deze verdeelsleutel wordt voor de voordeelgemeenten (Almere en Lelystad) in vijf jaar en voor de nadeelgemeenten in zeven jaar ingevoerd. De ’oude’ verdeelsleutel bestaat uit de historische inbreng per gemeente voor de lokale brandweer en voor de overige regionale taken de verhouding per gemeente op basis van 70% aantal inwoners en 30% hectaren. Daarnaast gelden maatwerkafspraken met gemeenten inzake onder andere functioneel leeftijdsontslag (FLO), risicobeheersing en huisvesting. Deze maatwerkafspraken worden 100% doorbelast aan de betreffende gemeenten. De afbouw van de oude verdeelsleutel en de opbouw van de nieuwe verdeelsleutel is in 2027 afgerond.
De financiële begroting
De herijking van het Gemeentefonds, zoals opgenomen in de septembercirculaire 2023, is in deze Programmabegroting 2025 verwerkt. Financiële effecten per begrotingsjaar
2025
2026
2027
2028
Looncompensatie 5,3%
1.319.632
1.329.538
1.329.471
1.329.471
Prijscompensatie 2,0%
223.728
225.407
225.396
225.396
-1.535
-1.535
-1.535
-1.535
Meerjarig effect Algemene uitkering (BDuR)
-203.499
-222.790
-220.944
-220.944
Subtotaal autonome ontwikkelingen:
1.338.326
1.330.621
1.332.388
1.332.388
Wijkbrandweer
pm
pm
pm
pm
Verplichtend karakter (taakdifferentiatie)
pm
pm
pm
pm
Omgevingswet
234.500
234.500
234.500
234.500
Subtotaal overige bijstellingen:
234.500
234.500
234.500
234.500
Totale toename gemeentelijke bijdrage
1.572.826
1.565.121
1.566.888
1.566.888
204.272
346.531
483.786
483.786
1.777.098
1.911.652
2.050.674
2.050.674
Autonome ontwikkelingen loon-prijscompensatie
Indexatie inkomsten derden
Overige bijstellingen:
Bijlagen
Toename door ingroei gemeentelijke bijdrage 5-7 jaar Werkelijke toename gemeentelijke bijdrage
43
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
Looncompensatie Voor de ontwikkeling van de lonen en prijzen is gekeken naar de verwachtingen voor het jaar 2025 in de septembercirculaire gemeentefonds 2023. Gezien het economische perspectief voor de komende jaren is er vanuit de septembercirculaire voor de jaarschijf 2025 een verwachte loonindexatie afgegeven van 5,3% voor prijs overheidsconsumptie, beloning werknemers. Dit brengt een structurele stijging van de loonkosten met zich mee van € 1.319.632 per jaar.
De financiële begroting
Prijscompensatie Om de prijsontwikkeling voor 2025 te bepalen is de septembercirculaire gemeentefonds 2023 als uitgangspunt genomen. In het meerjarenperspectief voor 2025 is hierin een percentage opgenomen voor prijs overheidsconsumptie, netto materieel (imoc) van 2,0%. De financiële stijging van deze inflatie is berekend op structureel € 223.728 per jaar. Indexatie inkomsten derden Vanuit de brandweer wordt personeel ingezet bij hulp aan andere hulpdiensten. Hiervoor ontvangt de organisatie een vergoeding. Deze vergoeding wordt geïndexeerd voor loonontwikkeling. Dit resulteert in structureel hogere inkomsten vanuit derden van € 1.535 per jaar. Meerjarig effect algemene uitkering (BDuR) In 2023 is er een structurele aanpassing voor loon- en prijscompensatie geweest van de Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDuR). Dit heeft geresulteerd in een structureel hogere bijdrage vanuit het Rijk van € 203.499. Dit bedrag wordt verrekend met de gemeentelijke bijdragen.
Overige bijstellingen:
Bijlagen
Wijkbrandweer In navolging van de eerdere succesvolle uitrol in Gooi en Vechtstreek (2019) heeft het algemeen bestuur op 28 juni 2023 besloten ook in Flevoland vanaf 2025 een traject met Wijkbrandweer uit te rollen. De implementatie van Wijkbrandweer geschiedt op basis van maatwerk. Dit betekent dat gemeenten in 2024 ieder afzonderlijk besluiten of zij gebruik willen maken van de Wijkbrandweer. De financiële effecten voor VRF in 2025 zijn daarom niet verwerkt in de Kadernota 2025 en in deze programmabegroting. De wijkbrandweerman of -vrouw is zichtbaar in de wijk of gemeente waaraan hij/zij is toebedeeld. De toevoeging van de Wijkbrandweer aan de bestaande netwerkstructuur met onder meer de wijkagent,
44
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
buurtcoördinator (gemeente), zorg en maatschappelijk gerelateerde organisaties vormt een belangrijke meerwaarde in de integrale veiligheid in de wijk. Door integrale samenwerking en informatiedeling kunnen onveilige situaties eerder worden gesignaleerd en aangepakt. De vastgestelde vier basisactiviteiten van de Wijkbrandweer zijn: 1. Samenwerken binnen het netwerk van sociale en fysieke veiligheid in de wijk; 2. Voorlichting en advies aan inwoners geven op openbare plekken in de wijk; 3. Voorlichting geven aan specifieke doelgroepen in de wijk; 4. Woningchecks doen op aanvraag van inwoners.
De financiële begroting
Verplichtend karakter Door de grotere vertraging op de landelijke besluitvorming inzake rijksfinanciering voor Verplichtend karakter duurt de periode van onzekerheid voort. Hierdoor duurt ook de tijdelijke versterking van de repressieve organisatie langer voort. Voor Flevoland betekent dit dat ook in 2025 tijdelijke gemeentelijke financiering nodig is om de brandweerzorg op peil te houden (vooruitlopend op de claim van deze kosten naar het Rijk). Dit leidt tot een voorstel voor een noodzakelijke extra dotatie aan de algemene reserve. Het dagelijks bestuur heeft verzocht om een aantal scenario’s op te stellen voor het geval besluitvorming en rijksfinanciering nog langer uitblijft. Begin 2024 worden deze scenario’s opgesteld en ingebracht voor bestuurlijk overleg. Na bestuurlijke besluitvorming wordt het benodigde bedrag voor Verplichtend karakter 2025 verwerkt in de Burap 2024. De structurele kosten voor Verplichtend karakter zijn in een eerder stadium berekend op 4.1 miljoen euro (prijspeil 2021).
Bijlagen
Omgevingswet De minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) heeft in maart 2021 aan de Tweede Kamer gerapporteerd over de financiële consequenties van de invoering van de Omgevingswet. In mei 2021 heeft het Veiligheidsberaad vervolgens om bijstelling van deze prognose gevraagd, gebaseerd op het rapport van beleidsadviserend centrum Cebeon van maart 2021. Dit rapport toont aan dat alleen voor veiligheidsregio´s landelijk al sprake is van 20 tot 30 mln. euro
Wet kwaliteitsborging voor het bouwen De overheid wil de rechtspositie van opdrachtgevers van bouwprojecten versterken en meer toezicht en controle in de bouw, zodat bouwers zich aan de geldende kwaliteitseisen houden. Met het intreden van de wet, die gekoppeld is aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet gaat een verschuiving van taken plaatsvinden van de overheid naar private partijen, zowel bij de beoordeling van bouwaanvragen als tijdens het bouwproces. In eerste instantie geldt de wet alleen voor niet-complexe bouwwerken (lage risicoklasse) en kan de bouwtechnische toets en het toezicht tijdens de bouw door private kwaliteitsborgers worden gedaan. Totdat de wet (op zijn vroegst in 2029) formeel wordt uitgebreid naar meer complexe gebouwen, worden met de gemeenten aanvullende afspraken gemaakt om de brandveiligheid bij (reeds toegestane) proefprojecten met risicovolle bouwwerken, naast de private kwaliteitsborger, ook vanuit de brandweer te blijven beoordelen.
45
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
aan transitiekosten. Daarnaast moet rekening worden gehouden met 15 tot 20 mln. euro aan structurele meerkosten. In de meicirculaire 2022 is bekend gemaakt welke rijksbijdragen dit jaar aan gemeenten worden verstrekt voor de transitiekosten van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb). De verdeling via gemeentefonds moet nog bepaald worden. Op basis van de methodiek van het Cebeon-rapport is voor VRF een nadere analyse gemaakt, waarbij de gevolgen voor de taakvelden advisering, toezicht, bedrijfsbrandweer en Brandveilig Leven in beeld zijn gebracht. De transitiekosten zijn de afgelopen jaren opgevangen binnen de reguliere begroting (mede dankzij de lange looptijd van het project).
De financiële begroting
Conclusie van de analyse van de structurele kosten is dat op de taakvelden Advisering en Toezicht sprake is van structurele meerkosten voor de veiligheidsregio. De integrale benadering van advisering en het meedenken in oplossingen bij complexe vraagstukken maakt advisering arbeidsintensiever en vraagt aanvullende expertise. Ook toezicht kost meer tijd (capaciteit) vanwege risicogerichte benadering en toename taken bij activiteiten met een hoger risico (BEVI-activiteiten). In welke mate het Rijk de structurele financiering voor haar rekening neemt is op dit moment nog niet exact duidelijk. Landelijk wordt dit in overleggen nader uitgelopen. We volgen deze landelijke afspraken en komen in de loop van het jaar met een voorstel over de dekking van de structurele meerkosten en de mogelijke rijksbijdrage aan gemeenten.
Bijlagen
De regio kent nu al een groei van zowel de woningbouw als de economie. Deze groei neem fors toe, kijkend naar de bouwopgaven die, ook vanuit het Rijk, voorzien zijn. De verwachting is dat hierbij ook nieuwe innovatieve bouwwijzen ontstaan om te voorzien in de woningbouwopgave, waarmee de opgave sneller gerealiseerd kan worden. Daarnaast spelen er in de regio diverse initiatieven in het kader van de energietransitie waarvoor de wettelijke kaders (deels) nog niet voldragen zijn. Dit heeft zijn weerslag op de capaciteit en kennis die benodigd is voor de beoordelingen van de diverse initiatieven, zowel in de initiatieffase, bouwfase als gebruiksfase. De implicaties van de groei van de regio voor de brandweer/veiligheidsregio, worden opgenomen in het nieuw op te stellen beleidsplan. De kosten voor de extra werkzaamheden die voortvloeien uit de Omgevingswet bedragen € 234.500. Geprognosticeerde meerjarige balans De balanspositie is overgenomen vanuit de Jaarrekening 2023. Voor de jaren 2024 en verder is rekening gehouden met aantrekking leningen, aflossingen leningen, investeringen, kapitaallasten en afname reserves.
46
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
x € 1.000
Balanspost Immateriële vaste activa
2023
2024
2025
2026
2027
2028
De financiële begroting
61
49
37
24
12
-
Materiële vaste activa
14.697
19.122
18.444
17.910
17.236
22.600
Vaste activa
14.758
19.171
18.480
17.934
17.248
22.600
Uitzettingen
5.576
9.750
9.133
8.055
17.246
10.286
Liquide middelen
206
206
206
206
206
206
Overlopende activa
862
862
862
862
862
862
Vlottende activa
6.644
10.818
10.201
9.123
18.313
11.354
Activa
21.401
29.988
28.681
27.057
35.561
33.954
Reserves
8.807
7.920
7.804
7.373
7.069
7.321
752
763
774
785
796
807
Leningen
5.592
15.056
13.852
12.649
21.446
19.576
Vaste passiva
15.151
23.738
22.431
20.807
29.311
27.704
Vlottende schulden
4.054
4.054
4.054
4.054
4.054
4.054
Overlopende passiva
2.196
2.196
2.196
2.196
2.196
2.196
Vlottende passiva
6.250
6.250
6.250
6.250
6.250
6.250
Passiva
21.401
29.988
28.681
27.057
35.561
33.954
Voorzieningen
5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen x € 1.000
Uitzetting financiële positie - investeringen
Bijlagen
Gebouwen
2024
2025
2026
2027
2028
0
167
0
0
0
4.087
1.219
1.406
780
7.001
744
98
98
677
429
Overige
2.494
43
154
44
35
Totaal
7.325
1.527
1.658
1.501
7.465
Vervoersmiddelen Machines, apparaten en installaties
47
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
x € 1.000
Investeringen 2025
Afschrijving
Bedrag
De financiële begroting
Aanhangers
20
19
Scooters
5
30
Heftruck
15
30
HV voertuigen
15
840
Inventaris HV
7/15
300
Werkplaats TD
3
25
Bodycams
3
8
Laptops
4
40
Automatisering diversen
5
50
Boothuis
10
167
Div. inventaris kazernes
div.
18
Totaal
1.527
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten Reserves x € 1.000
Bijlagen
Reserves per 31-12
2024
2025
2026
2027
2028
Algemene reserve
156
156
156
156
156
Egalisatiereserve kapitaallasten
5.110
5.274
5.480
5.711
5.962
Ongevallen personeel
366
366
366
366
366
Ontvlechtingskosten meldkamer
500
500
0
0
0
Egalisatie ingroei gem. bijdragen
951
672
535
0
0
Bestemmingsreserve tweedeloopbaanbeleid
104
104
104
104
104
Bestemmingsreserve versterkingsgelden
733
733
733
733
733
7.920
7.804
7.373
7.069
7.321
Totaal
48
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
Algemeen Het overzicht is ter informatie om inzcht te geven in de dotaties en de onttrekkingen aan de reserves. Op de mutaties inzake de egalisatiereserve ingroei gemeentelijke bijdragen na, zijn de mutaties vooralsnog niet vertaald in de exploitatie van de meerjarenbegroting 2026-2028. Algemene reserve De algemene reserve is ter dekking van de financiële risico’s vanuit de paragraaf weerstandsvermogen van VRF. Egalisatiereserve kapitaallasten De egalisatiereserve kapitaallasten heeft als doel een (in naam) ideaalcomplex te creëren voor onze investeringen in relatie tot de daarmee gemoeide kapitaallasten.
De financiële begroting
Reserve ongevallen personeel Veiligheidsregio Flevoland heeft voor het personeel een ongevallenverzekering afgesloten. Voor geleden schades kan zowel het (vrijwillig) personeel als hun werkgever VRF aansprakelijk stellen. Uitkeringen van de verzekering die niet tot uitbetaling leiden aan eerder genoemden worden gestort in deze reserve om mogelijke toekomstige aanspraken te kunnen dekken. Reserve ontvlechtingskosten meldkamer Betreft de bestemmingsreserve voor de frictiekosten inzake de landelijke ontvlechting van de meldkamers. Besteding vindt naar verwachting plaats in 2026 voor de totstandkoming van de Meldkamer Midden-Nederland (Flevoland, Gooi en Vechtstreek en Utrecht). Bestemmingsreserve tweedeloopbaanbeleid Conform het AB-besluit van 06-07-2022 inzake bezwarendheid functies 24-uursdienst is een reserve gevormd voor toekomstige uitgaven in het kader van het tweedeloopbaanbeleid.
Bijlagen
Bestemmingsreserve versterkingsgelden Vanaf 2023 worden vanuit het Rijk extra middelen ter beschikking gesteld ter realisatie van de versterkingsdoelen voor crisisbeheersing en informatievoorziening. De gelden die in 2023 niet besteed zijn, worden in een reserve geplaatst om alsnog benut te worden ter realisatie van de doelstellingen waar deze gelden specifiek voor bedoeld zijn. Aangezien nog niet bekend is wanneer de middelen besteed worden, blijft de reserve in de prognose gelijk staan.
49
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
Voorzieningen x € 1.000
Voorzieningen per 31-12
2024
2025
2026
2027
2028
3e jaar WW eigen medewerkers
64
75
86
97
108
Voorziening verlofsparen
699
699
699
699
699
Totaal
763
774
785
796
807
De financiële begroting
Voorziening 3e jaar WW Vanaf 2018 zijn werkgevers verplicht om het derde jaar werkeloosheidswet (WW) zelf te betalen. Op het salaris wordt een klein percentage ingehouden en gestort in deze voorziening. Onbekend is of en wanneer er gelden aan deze voorziening onttrokken worden. Het betreft een artikel 44 lid 2 voorziening (door derden beklemde middelen). In 2024 t/m 2028 wordt per jaar € 11.000 gestort in deze voorziening. Voorziening verlofsparen Per 1 januari 2023 is de regeling verlofsparen uit de cao ingegaan. Hierbij is het openstaande verlof van alle medewerkers grotendeels in een spaarpot geplaatst. Aangezien deze verlofuren een waarde vertegenwoordigen dient conform BBV-richtlijnen een voorziening te worden aangelegd. Per eind 2022 is in deze voorziening een bedrag van € 487.250 gestort en per eind 2023 is deze geactualiseerd. De actualisatie vindt jaarlijks plaats.
Leningen x € 1.000
Bijlagen
Leningen per 31-12
2024
2025
2026
2027
2028
Stand leningen per 1 januari
5.592
15.056
13.852
12.649
21.446
Aflossing
-537
-1.203
-1.203
-1.203
-1.870
Opname
10.000
0
0
10.000
0
Eindsaldo per jaar
15.056
13.852
12.649
21.446
19.576
In 2011 en 2012 heeft VRF twee lineaire leningen afgesloten voor de overname en inrichting van de brandweer kazerne in Zeewolde. De ene lening heeft een looptijd van 20 jaar tegen 4,43% rente, jaarlijks wordt er € 37.500 afgelost. De andere lening heeft een looptijd van 18 jaar tegen 2,75% rente, jaarlijks wordt er € 65.789 afgelost.
50
5. Overzicht (meerjaren)exploitatie 5.1 Uitgangspunten 5.2 Uiteenzetting financiële positie - Investeringen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
5.3 Uiteenzetting financiële positie - overige balansposten
In 2019 is een nieuwe lening van € 6.500.000 afgesloten ten behoeve van het doen van investeringen en ter versterking van het werkkapitaal. De lening heeft een looptijd van 15 jaar tegen 0,855% rente, jaarlijks wordt er € 433.333 afgelost. Naar verwachting worden in 2024 en 2027 nieuwe leningen afgesloten voor 10 miljoen euro ten behoeve van de geplande investeringen.
Overzicht eigen vermogen en vreemd vermogen 2024-2028 x € 1.000
De financiële begroting
Stand per 31-12
2024
2025
2026
2027
2028
Reserves = EV
7.920
7.804
7.373
7.069
7.321
Voorzieningen
763
774
785
796
807
Leningen
15.056
13.852
12.649
21.446
19.576
Lang VV
15.819
14.626
13.434
22.242
20.383
Vlottende passiva
4.054
4.054
4.054
4.054
4.054
Overlopende passiva
2.196
2.196
2.196
2.196
2.196
Kort VV
6.250
6.250
6.250
6.250
6.250
Totaal VV
22.069
20.876
19.684
28.492
26.633
Totaal
29.989
28.682
27.057
35.561
33.954
Bijlagen
51
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst VRGV
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
Bijlage 1 Berekening algemene bijdrage gemeenten Oud
Nieuw
Onttrekking reserve
2025
Maatwerk
Almere
506.611
-
14.125.017
14.631.629
Dronten
208.841
653.180
2.031.577
2.893.598
Lelystad
477.551
-
5.146.611
5.624.162
NOP
249.492
947.991
2.250.315
3.447.798
Urk
97.833
309.482
790.857
1.198.172
Zeewolde
422.018
429.544
1.196.753
2.048.315
Egalisatiereserve
Totaal
279.514
279.514
Totaal
1.962.346
2.340.197
25.541.131
279.514
30.123.188
2026
Maatwerk
Oud
Nieuw
Onttrekking reserve
Totaal
Almere
506.611
-
14.121.153
14.627.764
Dronten
208.841
329.798
2.452.758
2.991.398
Lelystad
477.551
-
5.145.203
5.622.754
NOP
249.492
478.018
2.716.845
3.444.355
Urk
97.833
155.965
954.815
1.208.614
Zeewolde
422.018
216.648
1.444.861
2.083.527
Egalisatiereserve
Bijlagen
Totaal
1.962.346
1.180.430
26.835.635
137.071
137.071
137.071
30.115.483
52
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
3. EMU Enquête
Oud
Nieuw
Onttrekking reserve
2027
Maatwerk
Totaal
Almere
506.611
-
14.122.039
14.628.650
Dronten
208.841
-
2.879.864
3.088.705
Lelystad
477.551
-
5.145.526
5.623.077
NOP
249.492
-
3.189.937
3.439.428
Urk
97.833
-
1.121.080
1.218.913
Zeewolde
422.018
-
1.696.459
2.118.477
Egalisatiereserve
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
Totaal
1.962.346
2028
Maatwerk
Almere
506.611
-
14.122.039
14.628.650
Dronten
208.841
-
2.879.864
3.088.705
Lelystad
477.551
-
5.145.526
5.623.077
NOP
249.492
-
3.189.937
3.439.428
Urk
97.833
-
1.121.080
1.218.913
Zeewolde
422.018
-
1.696.459
2.118.477
De financiële begroting
4. Taakveldenlijst VRGV
0
Oud
28.154.904
Nieuw
Egalisatiereserve Totaal
1.962.346
0
28.154.904
-
-
0
30.117.250
Onttrekking reserve
Totaal
-
-
0
30.117.250
Bijlagen
In de bovenstaande gemeentelijke bijdragen is de de herijking van het Gemeentefonds, zoals opgenomen in de septembercirculaire 2023, verwerkt.
53
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst VRGV
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
Bijlage 2 Toelichting risico’s Hieronder vindt u een aantal risico’s die mogelijk kunnen optreden met daarbij de maximale financiële omvang, waarbij ook de kans hierop is meegenomen. Dit laatste is enigszins arbitrair, maar er is geprobeerd een zo reëel mogelijke kans in te schatten. Voor de horizon is twee jaren genomen, omdat als een risico zich in enig jaar voordoet, dit risico niet direct structureel is opgelost. Dit gebeurt doorgaans in de daarop eerstvolgende op te stellen begroting. Hierdoor is in ieder geval incidentele dekking (algemene reserve) nodig in het betreffende jaar en ook het daarop volgende jaar.
Risico's
Financiële omvang risico (in €)
Kans
Benodigde dekking (in €)
Horizon (in jaren)
Benodigde dekking gemeenten (in €)
Benodigde dekking VRF (in €)
Structureel (S) / Incidenteel (I)
Veranderende wet- en regelgeving Meldplicht Datalekken
900.000
15%
135.000
2
0
67.500
I
200.000
15%
30.000
2
0
30.000
S
294.000
10%
29.400
2
0
58.800
S
0
156.300
Inkoop en facilitair Inventaris (niet verzekerd) Samenwerkingsverbanden Stoppen samenwerking met VRGV Totaal risicoprofiel
Reserves (JR2023)
Bijlagen
Weerstandsratio
1.394.000
194.400
2.283.606
14,61
Bovenstaand overzicht is tot stand gekomen conform de bestuurlijk vastgelegde afspraken in de “Nota Weerstandsvermogen 2021 VRF”. De risico’s zijn met een horizon van twee jaar opgenomen voor de periode 2023-2024 en zijn afgestemd met de adviseurs van de gemeenten. Naar aanleiding van overleg met de financieel toezichthouder bij de Provincie Flevoland zijn geen PM-posten meer opgenomen in het risicoprofiel.
54
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst VRGV
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
Toelichting risico’s Hieronder zijn de risico’s omschreven. Daarbij zijn per risico de risicoafweging en beheersmaatregelen nader uitgewerkt.
Meldplicht Datalekken Omschrijving risico Vanuit de Wet bescherming persoonsgegevens zijn organisaties waar een datalek zich voordoet verplicht dit binnen 72 uur te melden bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Daarbij gaat het om een datalek waarbij gevoelige informatie op straat kan komen te liggen. Doet men dit niet, dan kan de Autoriteit Persoonsgegevens een boete opleggen van maximaal € 900.000. Beheersmaatregelen Binnen de veiligheidsregio zijn we bezig om bewustwording aangaande deze wet te vergroten. Daarnaast zijn we op informatisering en automatiseringsgebied bezig om onze ICT omgeving hierop aan te passen. Daarnaast zet het IFV (NIPV) zich in op dit onderwerp. Restrisico en dekking Ondanks alle maatregelen is het niet ondenkbaar dat er een lek kan ontstaan. Indien dit zich voordoet, melden we dit conform de vereisten. Het kan echter voorkomen dat er onbewust is gelekt. Bij onbewust lekken is de termijn van 72 uur uiterst kort. Bij een te late aangifte kan er een boete worden opgelegd. De kans dat zich dat voordoet in de komende twee jaar schatten wij in op 15%. Omdat het gaat om een incidenteel financieel risico, delen we het percentage en daarmee het bedrag door twee, derhalve nemen we € 67.500 op.
Niet verzekerde inventaris gebouwen Omschrijving risico De inventaris die zich in de kazernes bevindt, is grotendeels overdragen door de gemeenten naar de veiligheidsregio. Deze inventaris is niet verzekerd.
Bijlagen
Beheersmaatregelen Overwogen wordt om de inventaris, zoals bij VRGV al het geval is, te verzekeren. Restrisico en dekking De veiligheidsregio heeft de afweging gemaakt om niet alle inventaris te verzekeren. De inventarissen in de kazernes vertegenwoordigen samen wel kapitaal, per individuele kazerne valt dit echter weer mee. Er wordt per
55
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst VRGV
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
onderdeel beoordeeld of het financieel aantrekkelijk is om het wel te gaan verzekeren of niet. Totaalwaarde van de niet-verzekerde inventaris is ongeveer € 200.000, de kans dat er schade hieraan ontstaat schatten wij in op 15%. Het financieel risico is daarmee € 30.000.
Stoppen van de samenwerking met VRGV Omschrijving risico In december 2019 hebben de besturen van de veiligheidsregio’s en GGD’en van Flevoland en Gooi en Vechtstreek een samenwerkingsovereenkomst (SOK) ondertekend. De samenwerking heeft in 2020 geleid tot het samenvoegen van teams en afdelingen. Vanuit extern onderzoek is berekend dat de samenwerking voor VRF een structureel efficiencyvoordeel oplevert van € 294.000. Dit bedrag is taakstellend verwerkt in de begroting. Mocht de samenwerking stoppen dan vervalt het voordeel. Beheersmaatregelen Zowel ambtelijk als bestuurlijk wordt de draagkracht voor de samenwerking zo veel mogelijk ondersteund. Restrisico en dekking Mocht de samenwerking ten einde komen, dan vervallen de efficiencyvoordelen. De kans dat dit risico waarheid wordt is ingeschat op 10%. Over twee jaar gerekend is het financieel risico € 58.800.
Bijlagen
56
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
Bijlage 3 EMU Enquête Vragenlijst Berekening EMU-saldo Gemeenschappelijke Regeling Veiligheidsregio Flevoland
3. EMU Enquête Algemene gegevens:
4. Taakveldenlijst VRGV
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
Overheidslaag:
Veiligheidsregio Flevoland
Berichtgevernummer:
50638
Jaar:
2024
Omschrijving
Bijlagen
1.
Exploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c)
2.
Mutatie (im)materiële vaste activa
3.
Mutatie voorzieningen
4.
Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie)
5.
Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa Berekend EMU-saldo
2023
2024
2025
x € 1.000,-
x € 1.000,-
x € 1.000,-
Volgens realisatie tot en met sept. 2023, aangevuld met raming resterende periode
Volgens begroting 2024
Volgens meerjarenraming in begroting 2025
-872
-732
-596
-1.458
-717
-543
10
10
10
596
-5
-43
57
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
Bijlage 4 Taakveldenlijst x € 1.000 Begroting 2025
Baten
Lasten
Saldo
3. EMU Enquête
0.4 Overhead
0
7.895
7.895
4. Taakveldenlijst VRGV
0.5 Treasury
0
0
0
-280
0
-280
0
0
0
1.1 Crisisbeheersing en brandweer
-37.583
29.968
-7.615
Totaal
-37.863
37.863
0
2. Toelichting risico’s
0.10 Mutatie reserves
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
0.11 Resultaat van de rekening baten en lasten
Bijlagen
58
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
Bijlage 5 Overzicht incidentele baten en lasten VRF x € 1.000 Presentatie van het structureel begrotingssaldo
2025
2026
2027
2028
3. EMU Enquête
Saldo baten en lasten
280
137
0
0
4. Taakveldenlijst VRGV
Toevoegingen en onttrekkingen aan reserves
-280
-137
0
0
0
0
0
0
Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)
-280
-137
0
0
Structureel begrotingssaldo
-280
-137
0
0
Onttrekking reserves
280
137
0
0
Totaal
280
137
0
0
Geen
0
0
0
0
Totaal
0
0
0
0
2. Toelichting risico’s
Begotingssaldo na bestemming
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
Voordelen
Nadelen
Bijlagen
59
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
3. EMU Enquête 4. Taakveldenlijst VRGV
De financiële begroting
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
X € 1.000
Bijlagen
Financiele positie / begroting
W
PB
PB
MJR
MJR
MJR
Structureel evenwicht
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Totaal baten
34.001
34.919
37.582
38.007
38.144
38.144
Totaal lasten
-34.373
-35.651
-37.861
-38.144
-38.144
-38.144
Resultaat exploitatie (voor mutatie reserves)
-372
-732
-280
-137
0
0
Onttrekking reserves (baten)
2.078
732
280
137
0
0
Dotatie reserves (lasten)
-3.268
0
0
0
0
0
Resultaat reserves
-1.190
732
280
137
0
0
Totaal baten (na bestemming reserves)
36.079
35.651
-37.582
38.144
38.144
38.144
Totaal lasten (na bestemming reserves)
-37.641
-35.651
37.582
-38.144
-38.144
-38.144
Totaal resultaat (na mutatie reserves)
-1.562
0
0
0
0
0
Totaal baten
640
0
0
0
0
0
Totaal lasten
-211
0
0
0
0
0
Incidenteel resultaat exploitatie (voor mutatie reserves)
429
0
0
0
0
0
Onttrekking uit incidenteel reserves (baten)
2.078
732
280
137
0
0
Dotatie aan incidenteel reserves (lasten)
-2.330
0
0
0
0
0
Incidenteel resultaat reserves
-252
732
280
137
0
0
Totaal baten (na bestemming reserves)
2.718
732
280
137
0
0
Totaal lasten (na bestemming reserves)
-2.541
0
0
0
0
0
177
732
280
137
0
0
Totaal
Incidenteel
Totaal incidenteel resultaat (na mutatie reserves)
De tabel loopt door op de volgende pagina
60
Bijlagen 1. B erekening bijdragen externe partijen 2. Toelichting risico’s
De beleidsbegroting
Programma begroting 2025
X € 1.000 Financiele positie / begroting
W
PB
PB
MJR
MJR
MJR
Structureel evenwicht
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Totaal baten
33.361
34.919
-37.861
38.007
38.144
38.144
Totaal lasten
-34.162
-35.651
37.582
-38.144
-38.144
-38.144
-801
-732
-280
-137
0
0
0
0
0
0
0
0
Structureel
Structureel resultaat exploitatie (voor mutatie reserves)
4. Taakveldenlijst VRGV
Onttrekking reserves (baten)
5. Overzicht incidentele baten en lasten VRGV
Dotatie reserves (lasten)
-938
0
0
0
0
0
Structureel resultaat reserves
-938
0
0
0
0
0
Totaal baten (na bestemming reserves)
33.361
34.919
-37.861
38.007
38.144
38.144
Totaal lasten (na bestemming reserves)
-35.100
-35.651
37.582
-38.144
-38.144
-38.144
Totaal structureel resultaat (na mutatie reserves)
-1.739
-732
-280
-137
0
0
De financiële begroting
3. EMU Enquête
Bijlagen