Bijlage - 3 Ontwerpbegroting 2027 gecorrigeerd 20251015.pdf
Tekst van het document
Begroting 2027
1
Colofon Auteur:
Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek Botter 14-15 Postbus 2341 8203 AH LELYSTAD T. 088-6333 000 E. info@ofgv.nl W. www.ofgv.nl
Opdracht:
Begroting OFGV 2027
Versie: Datum:
Concept voor Dagelijks Bestuur 6 oktober 2025 2
Inhoudsopgave
Voorwoord................................................................................................... 4 Inleiding ..................................................................................................... 5 A. Beleidsbegroting 2027 ............................................................................... 6 A.1. Programmaplan Milieu en Leefomgeving ............................................................................... 6 A.1.1. Wat willen we bereiken? ............................................................................ 6 A.1.2. Wat gaan we daarvoor doen? ..................................................................... 6 A.1.3. Wat mag het kosten? ................................................................................ 7
A.2. Paragrafen.......................................................................................................................................... 8 A.2.1. Lokale heffingen ....................................................................................... 8 A.2.2. Weerstandsvermogen ............................................................................... 8 A.2.3. Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................... 14 A.2.4. Financiering ........................................................................................... 14 A.2.5. Bedrijfsvoering....................................................................................... 15 A.2.6. Verbonden partijen ................................................................................. 16 A.2.7. Grondbeleid ........................................................................................... 17 A.2.8 Rechtmatigheid ....................................................................................... 17 A.2.9 Openbaarheid Woo .................................................................................. 17
B. Financiële begroting 2027 ......................................................................... 18 B.1. Overzicht van baten en lasten en de toelichting .............................................................. 18 B.1.1. Begroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030 ........................................ 18 B.1.2. Toelichting op het overzicht van baten en lasten ........................................ 19 B.1.3. Algemene dekkingsmiddelen .................................................................... 20 B.1.4. Kosten van overhead .............................................................................. 20 B.1.5. Stelposten, vennootschapsbelasting en onvoorzien ..................................... 21 B.1.6. Incidentele baten en lasten ..................................................................... 21
B.2. Financiële positie en toelichting .............................................................................................. 21 B.2.1. Uitgangspunten en ontwikkelingen ten opzichte van 2026 ........................... 21 B.2.2. Geprognosticeerde eindbalans ................................................................. 21 B.2.3. Jaarlijks terugkerende arbeidsgerelateerde verplichtingen ........................... 21 B.2.4. Investeringen in vaste activa ................................................................... 21 B.2.5. Financiering ........................................................................................... 22 B.2.6. Reserves en voorzieningen ...................................................................... 22 B.2.7. EMU-saldo ............................................................................................. 23 3
Voorwoord Voor u ligt de begroting 2027 van de Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (OFGV), opgesteld aan de hand van de kaders die het Algemeen Bestuur van de OFGV op 6 februari 2025 meegaf. De financiële begroting is voor het eerst opgesteld volgens de IV3voorschriften, dit is een verplichting bij een omzet groter dan € 20 mln. Deze begroting ligt eerder ter besluitvorming voor dan in andere jaren. Het Algemeen Bestuur heeft tot deze vervroeging besloten zodat binnen de huidige bestuursperiode een besluit genomen kan worden over de laatste set wettelijke basistaken die vanaf 2027 structureel ingebracht worden. Hiermee bieden we OFGV-deelnemers tijdig inzicht in de structurele taken en bijbehorende financiële gevolgen. Dit stelt de deelnemers in staat om deze lasten tijdig mee te nemen in de eigen begrotingsvoorbereidingen voor 2027. Bovendien worden hierdoor nieuwe raden na de gemeenteraadsverkiezingen van 2026 niet belast met ingrijpende en complexe besluiten. Tegelijkertijd stelt het naar voren halen van het begrotingsproces de OFGV in staat om tijdig te voldoen aan de laatste landelijke robuustheidstoets die het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat op 1 april 2026 uitvoert. Hierbij wordt definitief beoordeeld of de omgevingsdiensten voldoen aan de robuustheidseisen die voortkomen uit het Interbestuurlijk Programma Versterking VTH-stelsel (IBP-VTH).
Op basis van bestuursvoorstellen voor het sober en doelmatig uitvoeren van de laatste set collectieve basistaken met ingang van 1 januari 2027 voert OFGV deze taken vanaf 2027 structureel voor de deelnemers uit. Dit betreffen de taken Beleidsadvies omgevingstafels en omgevingsplannen, Toezicht energiebesparing, Omgevingsveiligheid. Deze nieuwe taken zijn zowel beleidsmatig als financieel in de begroting 2027 verwerkt. Als robuuste Omgevingsdienst voert OFGV in 2027 alle taken uit die de deelnemers van een Omgevingsdienst mogen verwachten. De dienst kan daarmee zonder een fusie aan te gaan met een andere dienst zelfstandig verder en houdt daarmee het gewenste niveau van dienstverlening vast. Ongetwijfeld komen er nieuwe ontwikkelingen en uitdagende milieuvraagstukken op de OFGV af. Als robuuste dienst met ruimte voor innovatie en ontwikkeling verwachten we die ontwikkelingen het hoofd te kunnen bieden. De steeds sterker wordende samenwerking op landelijk niveau, via de Vereniging Omgevingsdienst NL met alle Omgevingsdiensten van Nederland gaat daaraan bijdragen, zowel in efficiency als in effectiviteit. Het OFGV-bestuur legt met deze begroting de basis neer om met de instrumenten vergunningverlening, toezicht, handhaving en steeds meer met (beleids)advies de fysieke leefomgeving te beschermen en waar nodig te verbeteren. Lelystad, februari 2026 de Voorzitter
de Secretaris
4
Inleiding De begroting 2027 van de OFGV sluit aan bij de kaders inclusief indexering vóór wijzigingen die het Algemeen Bestuur (AB) heeft vastgesteld. Leeswijzer Deze programmabegroting bevat de volgende onderdelen: Hoofdstuk A1: Het programmaplan Dit hoofdstuk geeft antwoord op de vragen: wat willen we bereiken, hoe gaan we dat realiseren, welke kosten zijn daaraan verbonden en welke risico’s lopen we? Hoofdstuk A2: De paragrafen In de paragrafen wordt behandeld hoe het weerstandsvermogen is opgebouwd, welke financieringsrisico’s de OFGV loopt en wat de uitdagingen in de bedrijfsvoering zijn. De paragraaf risico’s en weerstandsvermogen bevat ook de wettelijk verplichte kengetallen over solvabiliteit en liquiditeit. Hoofdstuk B1: Baten en lasten Dit hoofdstuk bevat de begroting en meerjarenraming, inclusief een toelichting op de verschillende begrotingsposten. De wijzigingen ten opzichte van 2026 zijn per begrotingspost weergegeven. Hoofdstuk B2: Financiële positie In dit hoofdstuk wordt aandacht besteed aan balansposities (activa en reserves) en aan terugkerende verplichtingen voor het personeel. Inclusief een geprognosticeerde eindbalans van de activa en passiva. Proces De conceptversie van de programmabegroting 2027 wordt op 6 oktober 2025 door het Dagelijks Bestuur (DB) vastgesteld. Vervolgens wordt deze aangeboden aan de raden en Staten van de 14 deelnemende partijen.
Zij kunnen tot 5 januari 2026 zienswijzen indienen. In het DB van januari 2026 worden de binnengekomen (concept)zienswijzen en de mogelijke wijzigingen van de begroting besproken. De begroting 2027 wordt vervolgens, inclusief (concept)zienswijzen en een reactie van het DB, ter vaststelling voorgelegd aan het AB. In haar vergadering van februari 2026 besluit het AB over de begroting 2027.
5
A. Beleidsbegroting 2027 A.1. Programmaplan Milieu en Leefomgeving A.1.1. Wat willen we bereiken? De algemene doelstelling van de OFGV is het behouden dan wel verbeteren van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving (veiligheid, gezondheid, leefbaarheid en duurzaamheid) in Flevoland en de regio Gooi en Vechtstreek. De doelstellingen afkomstig uit de Regionale Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 20242027 zijn: • Bevorderen van de naleving van wet- en regelgeving en vergunningvoorschriften door bedrijven in het werkgebied. • Verbeteren van de bodemkwaliteit en voorkomen van de aanwezigheid van schadelijke stoffen in de bodem en het grondwater door toe te zien op bodembedreigende activiteiten en het toepassen van bodem beschermende maatregelen. • Bevorderen van omgevingsveiligheid en minimaliseren van risico's voor mens, milieu en infrastructuur. • Beperken van geluidsoverschrijdingen en overmatige hinder. • Verminderen van het energiegebruik en stimuleren van alternatieve energiebronnen in de regio. • Voorbereiden op en bijdragen aan een circulaire economie in 2050. • Tegengaan van ondermijning en milieucriminaliteit door verbeterde detectie, preventie en handhaving. • Voorkomen of beperken van Zeer Zorgwekkende Stoffen (ZZS) in de leefomgeving. • Voorkomen van gezondheidsrisico’s als gevolg van asbest door het beperken van asbestvezels in de lucht, bodem en water.
• Bijdragen aan een betere luchtkwaliteit en verminderen van geuroverlast. A.1.2. Wat gaan we daarvoor doen? De algemene activiteiten van de OFGV betreffen regulering van, toezicht en handhaving op en advisering en voorlichting over milieubelastende activiteiten in samenwerking met partneroverheden. • Zorgdragen voor actuele en goed handhaafbare vergunningen waarin specifieke eisen worden gesteld ter bescherming van de fysieke leefomgeving. • Beoordelen van meldingen, rapportages en onderzoeken. • Uitvoeren van effectieve risicogerichte en informatiegestuurde inspecties en interventies. • Handhaven op overtredingen. • Afhandelen van klachten binnen de gestelde termijnen. • Verstrekken van specialistische en juridische adviezen. • Informeren van bedrijven over wet- en regelgeving. • Vertegenwoordigen van de OFGV en de deelnemers in bezwaar- en beroepsprocedures. De aanvullende activiteiten afkomstig uit de Regionale Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024-2027 zijn: • Beoordelen van bodem- en grondwateronderzoeken om de aanwezigheid en concentratie van schadelijke stoffen te identificeren en te monitoren.
6
• • • • • • • • • • •
Identificeren van en passend reageren op niet-gemelde activiteiten die de bodem- of grondwaterkwaliteit kunnen bedreigen, zoals grondverzet, lozingen en aanleg van ondergrondse systemen. Het invullen en actueel houden van het Register Externe Veiligheid. Het uitvoeren van geluidcontroles en geluidmetingen. Het informeren van bedrijven en instellingen over de voordelen en mogelijkheden van energiebesparing en duurzame energieopwekking. Het verzamelen van energiegebruiksgegevens van bedrijven en instellingen in de regio teneinde inzicht te krijgen in het aantal bedrijven dat moet voldoen aan de informatieverplichting, de energiebesparingsplicht en de onderzoekplicht. Het gebruiken van data-analyses om regionale trends en patronen in het energiegebruik te identificeren. Het informeren van bedrijven over circulaire mogelijkheden waaronder het beperken van het gebruik van grondstoffen en het stimuleren van het hergebruik van afvalstoffen. Het meedenken over aanpassingen in afvalstoffenwetgeving, het Circulair Materialen Plan, het inzetten van het VTH-instrumentarium ten behoeve van circulaire economie en einde-afvalstatus oordelen. Het inzichtelijk maken van de omvang van het dreigingsbeeld en type milieucriminaliteit. Het ontwikkelen van indicatoren die het zicht op Zeer Zorgwekkende Stoffen in grondstofstromen en bij bedrijven vergroot.
Het uitvoeren van projecten en vrije veldcontroles om illegale asbestsaneringen op te sporen.
A.1.3. Wat mag het kosten? De specificatie van de baten en lasten staat in hoofdstuk B van deze begroting. Het totaaloverzicht van de lasten en baten 2027 is als volgt: Overzicht baten en lasten 2027 Programma Milieu en Leefomgeving Algemene dekkingsmiddelen Overhead Vennootschapsbelasting Onvoorzien Saldo van baten en lasten Mutatie reserves Resultaat
Realisatie
Totaal baten Totaal directe lasten Totaal overhead Totaal onvoorzien Saldo van baten en lasten Onttrekking reserves Resultaat
€ € € € € € €
2024 19.654.626 13.559.461 6.486.797 -391.632 536.001 144.369
Baten 21.926.635 21.926.635 1.000.000 22.926.635
Begroting na 1e BW
Begroting excl. Index
2026 20.040.008 13.799.843 6.484.742 60.423 -305.000 305.000 -
2027 19.983.731 13.630.631 7.292.677 60.423 -1.000.000 1.000.000 -
€ € € € € € €
€ € € € € € €
Lasten 15.572.206 7.292.677 61.752 22.926.635 22.926.635
Toevoeging taken
Index
€ € € € € € €
2027 895.583 522.327 371.927 1.329 -
€ € €
2027 1.047.321 798.582 248.739
€
-
€
-
Saldo 6.354.429 -7.292.677 -61.752 -
Begroting incl. index
€ € € € € € €
2027 21.926.635 15.572.205 7.292.677 61.752 -1.000.000 1.000.000 -
Meerjarenraming
€ € € € € € €
2028 22.756.224 15.304.176 7.588.937 63.111 -200.000 200.000 -
€ € € € € € €
2029 23.678.024 15.952.441 7.861.021 64.562 -200.000 200.000 -
€ € € € € € €
2030 24.639.162 16.629.600 8.143.515 66.047 -200.000 200.000 -
7
A.2. Paragrafen A.2.1. Lokale heffingen De OFGV is niet bevoegd om lokale belastingen op te leggen. Deze bevoegdheid ligt bij de gemeenten en provincies. De OFGV legt wel leges op voor vergunningen namens de provincie Flevoland. Het legestarief wordt bepaald door Provinciale Staten van Flevoland. A.2.2. Weerstandsvermogen Het weerstandsvermogen is de relatie tussen de risico's waarvoor geen specifieke maatregelen zijn getroffen enerzijds, en de capaciteit van middelen en mogelijkheden (weerstandscapaciteit) die de organisatie heeft om niet begrote kosten op te vangen anderzijds. Het beleid over het weerstandsvermogen is door het AB vastgesteld middels de Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement. Het beleid bevat het risicoprofiel van de OFGV, het doel en de hoogte van de Algemene Reserve en overig weerstandsvermogen en de methode voor het kwantificeren van risico’s. Risicobeleid Risicoprofiel Het risicoprofiel bestaat uit de hoeveelheid risico’s die een organisatie kan of wenst te accepteren. In de Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement is vastgelegd dat de OFGV een variabele ratio (norm) tussen de beschikbare en de benodigde weerstandscapaciteit hanteert met een bandbreedte van 0,8 tot 1,2. Het hanteren van een variabele ratio leidt tot minder schommelingen in de mutaties van de reserves.
De gekwantificeerde risico’s mogen samen niet hoger zijn dan de beschikbare middelen in de weerstandscapaciteit. Bij de daling van een feitelijk ratio onder 0,8 wordt tijdig gekeken naar mogelijkheden om weer richting de bandbreedte te komen. Weerstandsvermogen Tot de weerstandscapaciteit worden de volgende bestanddelen gerekend: Bestanddeel Algemene Reserve Bestemmingsreserves (voor zover niet bestemd) Onvoorzien Begrotingsruimte Stille reserves Kostenreductie (bezuinigingen)
Incidentele Weerstandscapaciteit X
Structurele weerstandscapaciteit
X X X X X
De Algemene Reserve is bedoeld als buffer om fluctuaties in de exploitatie en onverwachte tegenvallers in de toekomst op te kunnen vangen. Het rekeningresultaat wordt met de Algemene Reserve verrekend. Wanneer de maximale hoogte van 5% van het begrotingstotaal wordt overschreden, wordt in het voorstel tot resultaatbestemming een voorstel gedaan tot bestemming van dat meerdere. Bestemmingsreserves en voorzieningen worden gebruikt om substantiële risico’s respectievelijk voorziene uitgaven die verstorend werken op het begrotingsevenwicht te dekken. Een bestemmingsreserve of voorziening heeft een concreet doel. Het gaat om bestedingen voor niet-reguliere taken. Het instellen van een bestemmingsreserve of voorziening gaat gepaard met spelregels over het bestedingsdoel, de verwachte looptijd en een boven- en ondergrens van de hoogte van de reserve of voorziening. De begrotingspost “onvoorzien” is bedoeld om onvoorziene uitgaven op het gebied van 8
bedrijfsvoering te dekken. Samen met ruimte in de begroting zijn dit structurele (jaarlijks terugkomende) onderdelen van de weerstandscapaciteit. Soorten risico’s De OFGV onderscheidt operationele, tactische en strategische risico’s. Operationele risico’s zijn risico’s in de financiële bedrijfsvoering die binnen de AO/IC van beheersmaatregelen zijn voorzien. Tactische risico’s zijn risico’s in de operationele processen zoals imagoschade, informatiebeveiliging en aansprakelijkheid. Beheersmaatregelen hiervoor zijn onder andere het uitvoeren van integriteitsbeleid, informatiebeveiligingsbeleid en het afsluiten van verzekeringen. Kenmerkend aan strategische risico's is dat er sprake is van niet of nauwelijks beïnvloedbare (externe) risico's. De OFGV verstaat onder strategische risico’s onder meer: a. Exploitatieverlies door kostenstijging; b. Exploitatieverlies door opbrengstendaling; c. Schaalnadeel door taakverandering; d. Productiviteitsverlies door ziekteverzuim; e. Productiviteitsverlies door inefficiëntie. Risicokwantificatie De risico’s met een ingeschatte waarde van € 50.000 en hoger zijn benoemd en opgenomen in een risicoregister. Kleinere risico’s vormen een onderdeel van de reguliere bedrijfsvoering. Per risico worden de beheersmaatregelen geformuleerd en uitgevoerd.
Het doel hiervan is de risico’s en de impact van deze risico’s (welk bedrag is er mee gemoeid) te verkleinen. De vermenigvuldiging van de wegingsfactoren voor kans en impact levert de kwantificatie van het risico op. Dit is het benodigd weerstandsvermogen voor het risico. De tabel op de volgende pagina bevat het totaaloverzicht van alle risico’s met hun wegingsfactoren voor kans en impact. De tabel bevat de optelsom van de benodigde weerstandscapaciteit.
Benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit 2027 Aanwezige weerstandscapaciteit Vrije weerstandscapaciteit Algemene Reserve Onvoorzien
2027 € 839.372 € 61.752
Totaal vrije weerstandscapaciteit
€ 901.124
Niet vrije weerstandscapaciteit Bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling Bestemmingsreserve Weesp uittreding uit de GR OFGV
-€ 454.377 €0
Totaal niet vrije weerstandscapaciteit
-€ 454.377
De vrij beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt in 2027 € 901.124. De benodigde weerstandscapaciteit komt uit op € 925.000. De verhouding tussen de vrije en benodigde weerstandscapaciteit is 0,97 en valt binnen de afgesproken bandbreedte van 0,8 – 1,2 conform de Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement van de OFGV.
9
Tabel risico’s en benodigd weerstandsvermogen In de begroting zijn de belangrijkste (financiële) risico’s voor de OFGV vermeld. In deze begroting is het model voor risicobeoordeling en kwantificering aanbevolen door het Ministerie van BZK gehanteerd in overeenstemming met de Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement. Bij het opstellen van elk planning & control document worden de risico’s beoordeeld. Op de volgende pagina’s is de stand van zaken weergegeven.
Omschrijving risico 1 2 3 4 5 6 7 8
9
Effect
Indexering Implementatiekosten VTH systemen Exploitatieverlies kosten
Datagericht werken Functiewaardering Ontwikkelingen op arbeidsmarkt
Exploitatieverlies opbrengsten
Overige opbrengsten Eisen aan de taakuitvoering
Productiviteitsverlies Ziekteverzuim Financiering nieuwe ontwikkelingen na 2026
Exploitatieverlies opbrengsten
Beheersmaatregel Kostenbesparing inkoop Vacatures niet of later invullen Rekeningresultaat 2024 hiervoor aanwenden Programma van eisen aanbesteding VTH systemen Structurele ophoging van het salarisbudget Arbeidsmarktcommunicatie Werving en selectie Inzicht uitvoering takenpakket Wet- en regelgeving volgen Uniforme uitvoering in PDC Uniforme U&H strategie Verzuimbeleid Flexibele schil Sobere en doelmatige taakuitvoering en opstarten nieuwe taken uit het Innovatiebudget
Financieel
Klasse Impact
Financieel
Benodigde Klasse Wegingsfactor weerstandsFrequentie Frequentie capaciteit
€ 434.533
4
€ 625.000
1
0,10
€ 62.500
€ 454.377
4
€ 625.000
3
0,50
€ 312.500
€ 200.000
3
€ 175.000
2
0,20
€ 35.000
€ 350.000
4
€ 625.000
0
0,00
€0
€ 100.000
2
€ 75.000
2
0,20
€ 15.000
€ 420.991
4
€ 625.000
1
0,10
€ 62.500
€0
0
€0
0
0,00
€0
€ 352.868
4
€ 625.000
2
0,20
€ 125.000
€ 300.000
4
€ 625.000
3
0,50
€ 312.500
Totaal benodigde weerstandscapaciteit
Klasse/ Impact
Wegingsfactor Impact
€
Wegingsfactor
1
< 50.000
€ 25.000
2
50.001 – 100.000
€ 75.000
3
100.001 – 250.000
€ 175.000
4
250.001 – 1.000.000
€ 625.000
5
> 1.000.000
€ 1.000.000
Klasse/ Kans Frequentie
925.000
Wegingsfactor
1 1 keer per 10 jaar of minder
0,10
2 1 keer per 5-10 jaar
0,20
3 1 keer per 2-5 jaar
0,50
4 1 keer per 1-2 jaar
0,75
5 1 keer per jaar of meer
1,00
10
1. Indexering In de Gemeenschappelijke Regeling heeft het AB afspraken gemaakt rondom de indexering van de OFGV-begroting. Volgens de Gemeenschappelijke Regeling wordt jaarlijks bij het vaststellen van de begroting voor 80% van de begroting een indexering toegepast gebaseerd op de Loonvoet sector overheid en voor 20% van de begroting een indexering gebaseerd op de Prijs overheidsconsumptie, netto materieel uit de “Septembercirculaire gemeentefonds” van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Desondanks blijft de OFGV, als gemeenschappelijke regeling, financieel afhankelijk van de deelnemende partijen en beperkt in het mogen aanhouden van reserves. Dat maakt de organisatie extra kwetsbaar als de werkelijke kostenstijging hoger uitvalt dan in de begroting voorzien en loopt de OFGV risico. Begroting 2027 De OFGV heeft het risico van een te lage indexering voor 2027 berekend als 2% van de lasten, dat is een bedrag van €435.000. De kans dat de indexering van de budgetten in 2026 en 2027 onvoldoende is om de kosten te dekken blijft aanwezig, maar de kans is ten opzichte van de begroting 2026 verlaagd. De indexering die bij de begroting 2026 is doorgevoerd op de budgetten lijkt vooralsnog toereikend te zijn voor de stijging van de kosten.
Het risico blijft wel aanwezig op het ICT-budget omdat de OFGV met leveranciers een maximale indexering had afgesproken op de lopende contracten, maar die contracten lopen af. Het vermoeden is dat de leveranciers hun kostenstijging zullen doorberekenen in de nieuwe aanbesteding. 2. Implementatie VTH-systemen In 2026 vindt de aanbesteding plaats voor de VTH-systemen. De implementatiekosten van de nieuwe systemen in 2027 worden geschat op € 800.000. Idealiter worden deze incidentele kosten uit incidentele middelen, zoals een positief rekeningresultaat, betaald. In deze begroting is een onttrekking aan de bestemmingsreserve “Innovatie en Ontwikkeling” voorzien die zonder extra toevoegingen niet toereikend is. Begroting 2027 De OFGV zal voorstellen het rekeningresultaat 2024 aan de bestemmingsreserve toe te voegen. Hiermee resteert in 2027 nog een tekort van € 346.000 voor de implementatiekosten. De OFGV verwacht dat eventuele rekeningresultaten in 2025 en/of 2026 voldoende zullen zijn om het tekort te dekken. Het AB besluit over de bestemming van rekeningresultaten. Daarom is de kans op het risico gemiddeld. 3. Datagericht werken Er is een toenemende vraag naar informatie over de effecten van de werkzaamheden van de OFGV en het beleid van de deelnemers.
Daarnaast biedt het gebruik van data over bijvoorbeeld milieubelastende activiteiten en het combineren van die data met gegevens over vastgoed, bedrijven en topografie de mogelijkheid voor effectievere en efficiëntere taakuitvoering. Dat vraagt om meer specialisatie en differentiatie in de gebruikte informatiesystemen en meer aandacht voor afspraken over dataverzameling, datakwaliteit en datamodellering. Tegelijkertijd dient de data beschermd te worden volgens de Baseline Informatiebeveiliging Overheden. Het risico bestaat dat het beschikbare budget niet toereikend is voor deze kwaliteitsverbetering. Begroting 2027 De OFGV heeft het risico berekend op € 200.000 voor het inrichten van een eigen datawarehouse en het upgraden van beveiligingscertificaten. De eisen en wensen over datakwaliteit en het combineren daarvan met andere databases worden verwerkt in het programma van eisen van de aanbestedingen VTH-systemen. Daarom is de kans op het risico ten opzichte van de begroting 2026 ongewijzigd. 4. Functiewaardering Sinds de start van de OFGV in 2013 hebben er veranderingen plaatsgevonden in de werkzaamheden van medewerkers terwijl die niet (volledig) zijn verwerkt in de 11
functieomschrijvingen. In 2025 onderzoekt de OFGV of de werkzaamheden nog aansluiten bij de functiewaardering volgens het functieboek HR21. Het risico bestaat dat als gevolg van herwaardering of een herijking van de functie-uitoefening een aantal functies hoger ingeschaald zullen worden. Begroting 2027 De herwaardering van functies is uitgevoerd conform het functieboek HR21, en eventuele aanpassingen in de inschaling zijn inmiddels doorgevoerd of zijn financieel verwerkt. Daarmee is het onzekerheidsaspect weggenomen. De impact op de loonkosten is bekend en gedekt, waardoor er geen sprake meer is van een financieel risico. 5. Ontwikkelingen op arbeidsmarkt Als gevolg van de aantrekkende economie is het voor de specialistische functies uiterst moeilijk personeel te werven. Ook het behouden van het huidige personeel bij de huidige arbeidsmarkt vraagt meer aandacht en inzet dan voorheen. De groeiende krapte op de arbeidsmarkt heeft als reëel gevolg dat voor specialistische functies een hogere inschaling nodig is. Ook kan dit tot gevolg hebben dat de OFGV meer recruitment-kosten maakt en dat op sommige functies langer externe inhuur nodig is om de taken uit te voeren voordat deze ingevuld kunnen worden met vast personeel. Begroting 2027 De genoemde risico’s blijven aanwezig maar de kans op de risico is verlaagd omdat de OFGV het nu goed lukt om mensen te vinden en te binden.
Het gaat veel beter zowel op het vinden en behouden van personeel als op de ‘concurrentiestrijd’ ingezet door hogere waardering van functies of arbeidsmarkttoelages. 6. Overige opbrengsten De begroting van de OFGV bevat de post overige opbrengsten, die jaarlijks door de OFGV wordt ingevuld met het behalen van de overige inkomsten. Deze opbrengsten worden gegenereerd door meer taken voor de deelnemers uit te voeren en door het organiseren van opleidingen voor andere overheden. Het risico is dat de OFGV deze extra opbrengsten niet kan behalen. Begroting 2027 Het begrote bedrag voor de overige opbrengsten bedraagt in 2027 € 421.000. Ondanks het vertrek van de ODNL Academie, waardoor de OFGV geen opbrengsten meer zal genereren door het organiseren van opleidingen, verwacht de OFGV ook in 2027 voldoende extra inkomsten te genereren door het uitvoeren van meerwerkopdrachten voor de deelnemende partijen. Daarom is de kans op het risico laag. 7. Eisen aan de taakuitvoering De begroting is gebaseerd op een uniforme VTH-procesgang. Afwijkende situaties per deelnemer (zoals het niet digitaal aanleveren van dossiers of het stellen van afwijkende eisen) zetten de efficiencydoelstellingen onder druk. Begroting 2027 In de Producten- en Dienstencatalogus (PDC) zijn standaardproducten en -diensten aangeboden die voor alle deelnemers gelijk zijn.
Afwijkende eisen zijn toegestaan, maar worden apart geprijsd. Door het vaststellen van de Regionale Uitvoerings- en Handhavingsstrategie 2024-2027 gaat de OFGV uit van uniforme taakuitvoering voor de deelnemers. Daarom is het risico op nihil gezet.
12
8. Ziekteverzuim In de begroting is een budget opgenomen van 1% van de salarissom voor inhuur ter vervanging van langdurig zieken. In geval van een hoger ziekteverzuim is er sprake van productiviteitsverlies. Begroting 2027 Het ziekteverzuim is gedaald van 6% naar 3%. Daarom is het risicobedrag bepaald op 3% van de salarissom minus het beschikbare inhuurbudget en bedraagt € 353.000. De OFGV blijft aandacht besteden aan verzuimpreventie door middel van gesprekken, trainingen, het verstrekken van informatie over gezondheid en vitaliteit en het focussen op wat de medewerker nog wél kan bij ziekte. Dit alles om het risico zo veel mogelijk te beperken en laag houden. 9. Financiering nieuwe ontwikkelingen na 2026 Het zogeheten ravijnjaar 2026 vormt een aanzienlijk risico voor de financiering van nieuwe ontwikkelingen binnen de OFGV. Door verwachte forse bezuinigingen op het gemeentefonds dreigen veel decentrale overheden geconfronteerd te worden met structurele financiële tekorten. Dit kan ertoe leiden dat zij terughoudender worden in het aangaan van nieuwe verplichtingen of investeringen, waaronder projecten of samenwerkingstrajecten met de OFGV. Als gevolg hiervan ontstaat het risico dat noodzakelijke innovaties of uitbreidingen binnen de organisatie stagneren of zelfs volledig stilvallen.
Begroting 2027 De OFGV heeft het risico berekend op € 300.000, gebaseerd op de verwachte gederfde inkomsten en de mogelijk onderbenutting van personele capaciteit. Het ravijnjaar kan deels worden opgevangen door sobere en doelmatige taakuitvoering en opstarten nieuwe taken uit het innovatiebudget. Hiermee kan de OFGV tijdelijk eigen investeringen of innovaties blijven bekostigen, ook wanneer externe financiering (tijdelijk) uitblijft. Daarom is de kans op het risico gemiddeld. Kengetallen De paragraaf weerstandvermogen en risicobeheersing bevat vijf financiële kengetallen. De berekenwijze van de kengetallen is vastgelegd in een ministeriële regeling. Mede op basis van deze kengetallen geeft deze paragraaf bestuurders inzicht in de financiële positie van de OFGV. De indicatoren zijn te grofmazig om een volwaardige uitspraak te kunnen doen over de financiële positie van een organisatie.
Kengetallen Netto schuld quote Netto schuld quote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Realisatie 2024 2% 2% 43% nvt 1,0% nvt
Indicatoren OFGV Begroting Begroting 2025 2026 2,0% 4,2% 2,0% 4,2% 28% 23% nvt nvt -2% -2% nvt nvt
Begroting 2027 8,3% 8,3% 8% nvt -2% nvt
Netto schuld quote en netto schuld quote gecorrigeerd voor alle leningen De netto schuld quote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast van de OFGV ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. Het eigen vermogen van de OFGV en met name de bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling neemt sterk af in 2027, daarom is deze indicator verhoogd ten opzichte van 2026.
13
De tabel presenteert hiernaast ook de schuldquote gecorrigeerd voor de leningen die de OFGV heeft uitstaan (deze middelen vloeien immers op termijn terug). Op beide indicatoren scoort de OFGV goed. Dit omdat de OFGV geen leningen heeft en dus ook geen rente en aflossingen betaalt. Solvabiliteit De solvabiliteit geeft de mate aan waarin de bezittingen (balanstotaal) zijn gefinancierd uit eigen middelen (eigen vermogen). Dit geeft inzicht in de mate waarin de OFGV in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. De OFGV scoort op begrotingsbasis 8% op deze indicator. Volgens de VNG-norm is 50% een gezonde indicator, dat wil zeggen dat de helft van de balans uit eigen middelen bestaat. De OFGV scoort lager omdat de OFGV conform het door het AB vastgestelde risicobeleid beperkt is in het aanhouden van reserves. Dit heeft direct invloed op het percentage. Het eigen vermogen van de OFGV en met name de bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling neemt sterk af in 2027, daarom is deze indicator verlaagd ten opzichte van 2026. Grondexploitatie Het financiële kengetal 'grondexploitatie' geeft aan hoe groot de investeringen in grondposities (boekwaarde) zijn ten opzichte van de jaarlijkse baten. Deze indicator is niet van toepassing omdat de OFGV geen grondposities heeft.
Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Bij incidentele lasten of baten gaat het om eenmalige zaken die zich gedurende maximaal drie jaar voordoen. Voorbeelden van structurele baten zijn de partnerbijdragen. Bij structurele lasten zijn dat bijvoorbeeld de personeelslasten en kapitaallasten. Een begroting waarvan de structurele baten hoger zijn dan de structurele lasten is meer flexibel dan een begroting waarbij structurele baten en lasten in evenwicht zijn. De indicator 'structurele exploitatieruimte' geeft aan hoe groot de structurele vrije ruimte is. Dit laat zien in hoeverre de OFGV in staat is om structurele tegenvallers op te vangen. Volgens de VNG-norm is 0,6% een gezonde indicator, dat wil zeggen dat er structureel 'geld over' is op de begroting. De OFGV scoort nihil omdat de bijdragen van de deelnemende partijen en die uit overige opbrengsten gelijk zijn aan de structurele uitgaven. Belastingcapaciteit Het financiële kengetal 'belastingcapaciteit' geeft aan hoe belastingtarieven zich verhouden tot het landelijk gemiddelde. Deze indicator is niet van toepassing omdat de OFGV geen belastingen heft. A.2.3.
Onderhoud kapitaalgoederen De paragraaf onderhoud kapitaalgoederen bevat op grond van het BBV in ieder geval de volgende kapitaalgoederen: wegen, riolering, water, groen en gebouwen. Voor de OFGV is geen van deze onderdelen van toepassing. Het gebouw waarin de OFGV is gevestigd wordt gehuurd. Voor de activa van de OFGV en de steunpunten groene handhaving is een meerjarig onderhoudsplan opgesteld. A.2.4. Financiering Gegeven de Wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) is elke overheid of Gemeenschappelijke Regeling (GR) verplicht om een financieringsparagraaf in haar begroting en jaarrekening op te nemen. Daarin worden de ontwikkelingen aangegeven met betrekking tot de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de rente-risiconorm, de verwachte toe-
14
en/of afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van treasury. De randvoorwaarden waarbinnen de treasury zich kan en mag bewegen zijn geformuleerd in het treasurystatuut. Uiteraard valt dit binnen het wettelijke kader zoals gesteld door de Wet FIDO. Het treasurystatuut is aangepast naar het wettelijk verplichte schatkistbankieren: overtollige middelen tot € 500.000 worden aangehouden in rekening-courant bij de BNG, het meerdere wordt aangehouden bij de schatkist. Rentevisie Tijdens het opstellen van deze conceptbegroting heeft de OFGV geen leningen lopen en worden geen leningen voorzien. Koers -en valutarisico Koersrisicobeheer is het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de financiële activa van de organisatie in waarde verminderen door negatieve koersontwikkelingen. De OFGV bezit geen derivaten, daardoor is er geen sprake van koersrisico. Valutarisicobeheer is het beheersen van risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat op een bepaald moment de waarde van de vreemde valutastromen, uitgedrukt in eigen valuta, afwijkt van wat er verwacht werd op het beslissingsmoment. De OFGV bezit geen vreemde valuta, daardoor is er geen sprake van valutarisico.
Renterisico’s Renterisicobeheer is het beheersen van de risico’s die voortvloeien uit de mogelijkheid dat de rentelasten van het vreemd vermogen hoger en/of de renteopbrengsten van activa lager zijn dan geraamd. De Wet FIDO hanteert voor de beheersing van het renterisico de kasgeldlimiet en de rente risiconorm. De wet normeert via percentages het maximale risico dat een gemeenschappelijke regeling mag lopen op de vaste (de rente risiconorm) en de vlottende schuld (de kasgeldlimiet). Rente-risiconorm Aangezien de OFGV geen langlopende schulden heeft, is er geen sprake van een mogelijk risico. Uit de liquiditeitenplanning blijkt dat de OFGV het hele jaar een positief banksaldo heeft. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet is het bedrag dat een overheid mag financieren met kortlopende geldleningen. De toegestane kasgeldlimiet 2027 betreft het bij ministeriële regeling vastgestelde percentage 8,2% * het begrotingstotaal ad € 21,9 mln = € 1,8 mln. Aangezien de OFGV geen kortlopende schulden heeft, wordt de norm niet overschreden. Financieringssystematiek Deze begroting is opgesteld met de bijdrage van de deelnemers berekend op basis van de Kostenverdeelsystematiek (KVS). De KVS geldt voor de partnerbijdragen in de jaren 20242027. A.2.5. Bedrijfsvoering Met behulp van een enquête onder de medewerkers evalueert de OFGV het gebruik van de kantoor- en vergaderruimtes.
Hieruit moet blijken of de inrichting van het pand voldoet aan alle wensen over werken, ontmoeten en verbinden. Als er aanpassingen nodig zijn, dan worden die in 2026 uitgevoerd. Indien de uitvoering van de eventuele aanpassingen doorloopt in 2027 of aanvullende maatregelen nodig blijken, wordt hiervoor ruimte 15
gereserveerd in 2027. In 2027 wordt ingezet op het verbeteren van de website, met als doel de begrijpelijkheid en toegankelijkheid te vergroten voor partners, inwoners en bedrijven. Daarnaast speelt de website een belangrijke rol in de profilering van de OFGV, onder meer in het kader van werving en selectie. Afhankelijk van de uitkomsten van een voorafgaande analyse wordt gekozen voor een doorontwikkeling van de huidige site of de realisatie van een volledig nieuwe website. De OFGV blijft in 2027 gericht op verdere doorontwikkeling van systemen. Deze inzet is gericht op het vergoten van de efficiëntie en het verbeteren van de kwaliteit van de dienstverlening. Door het inzetten van gerichte technologische oplossingen kunnen routinematige werkzaamheden worden geautomatiseerd, waardoor medewerkers meer tijd en aandacht kunnen besteden aan inhoudelijke en complexe taken. De OFGV wil de kwaliteit van de uitvoering borgen in de werkprocessen, in systemen en in het handelen van medewerkers. Daartoe is de visie op kwaliteit en de visie op kwaliteitsmanagement vastgesteld. In 2027 voert de OFGV evaluaties op de werkprocessen uit met als doel de doelmatigheid en doeltreffendheid van de VTH-taken te vergroten. De financieringssystematiek is samen met de deelnemers geëvalueerd en doorontwikkeld.
Hierbij zijn de aanbevelingen voor de landelijke financieringssystematiek van omgevingsdiensten betrokken. In 2027 besluit het bestuur over de wijzigingen in de financiering voor de periode 2028-2030. Voor de werving en selectie van medewerkers is het van belang dat de OFGV zichtbaar is voor potentiële nieuwe medewerkers. Ook in 2027 ligt de nadruk op het uitvoeren van activiteiten uit het strategisch wervings- en mediaplan en arbeidscommunicatie. Daarnaast blijft de OFGV inzetten op het opleiden van nieuwe medewerkers via een traineeprogramma en het stimuleren van doorstroming binnen de organisatie. Ook pakt de OFGV acties op die bijdragen aan het boeien en binden van medewerkers. In 2027 vindt de implementatie plaats van het (nieuwe) VTHA-systeem. Dit systeem is gericht op data gedreven werken ter ondersteuning van een effectievere en efficiëntere taakuitvoering. In 2027 zijn wij actief bezig met verbetering en optimalisering van het (nieuwe) VTHA-systeem en het verhogen van de datakwaliteit, om de kwaliteit en efficiëntie van de uitvoering van de VTHA taken te verhogen. Daarnaast wordt het datawarehouse geoptimaliseerd, om outcome gericht, data gedreven en technisch vooruitstrevend te werken. De ICT-infrastructuur moet plaats onafhankelijk werken optimaal ondersteunen en voldoen aan de Baseline Informatiebeveiliging Overheid.
De architectuur van Informatievoorziening en ICT wordt verder ingericht volgens geldende overheidsnormen en professionele standaards. A.2.6. Verbonden partijen De Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek is een samenwerkingsverband tussen de gemeenten Almere, Blaricum, Dronten, Gooise Meren, Hilversum, Huizen, Laren, Lelystad, Noordoostpolder, Urk, Wijdemeren en Zeewolde, de provincie Flevoland en de provincie Noord-Holland. De OFGV heeft zelf geen verbonden partijen. 16
A.2.7. Grondbeleid Het grondbeleid omvat het instrumentarium dat een gemeente of provincie ter beschikking heeft om de vastgestelde ruimtelijke en deels ook economische doelstellingen te realiseren. De OFGV is niet bevoegd om een (eigen) grondbeleid op te stellen. A.2.8 Rechtmatigheid De OFGV heeft zijn bedrijfsvoering processen op het gebied van financiën, inkoop en HRM beschreven in een Administratieve Organisatie volgens de 6-w methode: wat is de processtap, wie voert die uit, waarom wordt dat gedaan, waarmee wordt de stap uitgevoerd, wanneer wordt de stap uitgevoerd en waartoe leidt dat? In de processen zijn beheersmaatregelen opgenomen om mogelijke risico’s te ondervangen. Elk jaar worden deze processen geëvalueerd en worden de Administratieve Organisatie en het Interne Controle Plan geüpdatet. De interne controle ondersteunt de rechtmatigheidsverantwoording door het Dagelijks Bestuur. Jaarlijks legt de OFGV een frauderisicoanalyse aan het Algemeen Bestuur voor. A.2.9 Openbaarheid Woo In de Woo staan 17 informatiecategorieën die de overheid uit zichzelf openbaar moet maken (actieve openbaarmaking, zoals vergaderstukken AB en organisatiegegevens en op termijn ook juridische besluiten) en die de overheid openbaar maakt als iemand erom vraagt (passieve openbaarmaking, Woo-verzoeken).
De OFGV maakt de eerste vijf informatiecategorieën actief openbaar en volgt de wetgeving voor de toekomstige twaalf categorieën. Onder de Omgevingswet heeft de OFGV geen mandaat om zelfstandig Woo-verzoeken te beantwoorden. De OFGV verzamelt wel alle documentatie en levert deze aan bij het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag draagt zorg voor de passieve openbaarmaking van de documentatie. De prognose voor 2027 (gebaseerd op het gemiddelde van de jaren 20222023-2024) is het behandelen van 24 Woo-verzoeken. De Woo-verzoeken worden voornamelijk ingediend door omwonenden die klachten hebben over specifieke bedrijven. Zij vragen dan alle informatie op over het bedrijf, zoals de vigerende vergunningen, verslagen van uitgevoerde controles, handhavingszaken, klachten en overige correspondentie.
17
B. Financiële begroting 2027 B.1. Overzicht van baten en lasten en de toelichting B.1.1. Begroting 2027 en Meerjarenraming 2028-2030
BEGROTING PER TAAKVELD
Realisatie
Begroting na 1e BW
2024
Begroting excl. index
2026
Index
2027
Begroting incl. index
Wijziging taken
2027
2027
Meerjarenraming
2027
2028
2029
2030
BATEN Bijdragen deelnemers Overige baten
€ €
15.990.055 3.664.571
€ €
19.314.756 725.251
€ €
19.381.120 602.611
€ €
877.203 18.380
€ €
1.047.321 -
€ €
21.305.643 620.991
€ €
22.119.053 637.170
€ €
23.022.870 655.154
€ €
23.965.254 673.908
TOTAAL BATEN
€ 19.654.626
€
20.040.008
€
19.983.731
€
895.583
€
1.047.321
€
21.926.635
€
22.756.224
€
23.678.024
€
24.639.162
LASTEN 7.4 Milieubeheer Personeelskosten Inhuur Materieel
€ 14.573.326 € 9.869.667 € 2.506.191 € 2.197.469
€ € € €
15.122.124 12.704.273 128.585 2.289.266
€ € € €
15.872.872 12.647.470 128.855 3.096.547
€ € € €
675.789 618.693 6.572 50.524
€ €
798.582 798.582
€ € € €
17.347.243 14.064.746 135.426 3.147.071
€ € € €
17.176.709 14.515.018 145.549 2.516.142
€ € € €
17.871.608 15.145.497 152.099 2.574.013
€ € € €
18.596.398 15.804.240 158.943 2.633.215
0.4 Overhead Personeelskosten Inhuur Materieel
€ € € €
€ € € €
5.162.460 3.746.992 69.187 1.346.281
€ € € €
5.050.436 3.632.563 69.333 1.348.540
€ € € €
218.465 185.261 3.536 29.668
€ €
248.739 157.098
€
91.641
€ € € € €
5.517.639 3.974.922 72.868 1.469.849 -
€ € € €
5.716.405 4.193.131 78.315 1.444.958
€ € € €
5.941.854 4.381.822 81.839 1.478.192
€ € € €
6.176.717 4.579.004 85.522 1.512.191
0.8 Overige lasten Onvoorzien
€ €
€ €
60.423 60.423
€ €
60.423 60.423
€ €
1.329 1.329
€
-
€ €
61.752 61.752
€ €
63.111 63.111
€ €
64.562 64.562
€ €
66.047 66.047
5.472.931 2.889.974 1.348.499 1.234.458 -
TOTAAL LASTEN
€ 20.046.258
€
20.345.008
€
20.983.731
€
895.583
€
€
22.926.635
€
22.956.224
€
23.878.024
€
24.839.162
SALDO VOOR MUTATIES RESERVES
€
€
-305.000
€
-1.000.000
€
-
€
-
€
-1.000.000
€
-200.000
€
-200.000
€
-200.000
0.9 Vennootschapsbelasting
-391.632
1.047.321
€
-
€
-
€
€
-
€
-
€
€
-
€
-
€
-
0.10 Mutaties reserves Storting Onttrekking
€ € €
536.001 536.001
€
305.000
€
1.000.000
€
-
€
-
€
1.000.000
€
200.000
€
200.000
€
200.000
€
305.000
€
1.000.000
€
-
€
-
€
1.000.000
€
200.000
€
200.000
€
200.000
Saldo na mutaties reserves
€
144.369
€
0
€
0
€
-
€
-
€
0
€
0
€
0
€
0
-
-
18
Bij het opstellen van de begroting 2027 is onder meer uitgegaan van de volgende uitgangspunten: •
Deze begroting is opgesteld met de bijdragen van de deelnemers doorberekend op basis van de Kostenverdeelsystematiek 2024-2027 (KVS) verhoogd met de jaarlijkse indexatie.
•
Het begrotingstotaal in 2027 wordt geïndexeerd in overeenstemming met de vigerende Gemeenschappelijke Regeling. Salarissen en kosten van inhuur (ongeveer 80% van het begrotingstotaal) worden verhoogd met de Loonvoet sector overheid en de overige kosten (circa 20% van het begrotingstotaal) met de prijs overheidsconsumptie, netto materieel uit de “Septembercirculaire gemeentefonds” van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Deze prijsindexen in de septembercirculaire gemeentefonds bedragen 5,1% respectievelijk 2,2% voor 2027. Het gewogen indexcijfer is 4,56%.
•
De basis voor de begroting 2027 is de begroting 2026 na 1e begrotingswijziging. Dit is de vastgestelde begroting door het Algemeen Bestuur met een verlaging van de onttrekking aan de bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling.
•
In 2027 komen er drie basistaken bij, namelijk Beleidsadvies omgevingstafels en omgevingsplannen, Omgevingsveiligheid en Toezicht op energiebesparing. o Beleidsadvies omgevingstafels en omgevingsplannen. De deelnemersbijdrage voor deze taak is gebaseerd op het stempercentage van de deelnemers. o Omgevingsveiligheid. De verhouding van storting in het gemeentefonds voor omgevingsveiligheid vormt de grondslag voor de deelnemersbijdrage. o Toezicht op energiebesparing. Voor deze toezichtstaak vormt het stempercentage zonder provincies de basis voor de bijdragen van de deelnemende gemeenten.
B.1.2. Toelichting op het overzicht van baten en lasten Baten Bijdragen deelnemers Het begrote bedrag bestaat uit de reguliere bijdragen van deelnemers van € 21,0 mln en de bijdragen voor directe productiekosten van € 0,3 mln. De bijdragen van de deelnemende partijen aan de begroting van 2027 zijn berekend op basis van de KVS, de indexering 2027 en de structurele wijziging van het takenpakket. BIJDRAGEN DEELNEMERS
Nummer Post 1.1 Almere 1.2 Lelystad 1.3 Zeewolde 1.4 Flevoland 1.5 Urk 1.6 Dronten 1.7 Noordoostpolder 1.8 Noord Holland 1.9 Gooise Meren 1.10 Hilversum 1.12 Huizen 1.13 Wijdemeren 1.14 Blaricum 1.15 Laren Subtotaal
Begroting excl. index
€ € € € € € € € € € € € € €
2027 2.400.607 1.742.810 863.906 5.412.772 443.233 1.419.794 2.054.053 289.696 1.239.645 1.380.484 510.309 826.484 208.166 268.147
€
19.060.106
Index
Toevoeging taak omgevingsveiligheid
Toevoeging taak beleidsadvies
Toevoeging taak energiebesparing
€ € € € € € € € € € € € € €
2027 27.031 19.551 9.806 61.368 5.024 16.118 23.322 3.289 14.068 15.818 5.801 9.378 2.347 3.021
€ € € € € € € € € € € € € €
2027 125.398 90.699 45.489 23.306 74.773 108.189 65.262 73.379 26.910 43.503 10.890 14.013
€
215.942
€
701.813
€ € € € € € € € € € € € € €
2027 109.594 79.564 39.439 247.106 20.235 64.817 93.773 13.225 56.593 63.022 23.297 37.731 9.503 12.242
€ € € € € € € € € € € € € €
2027 33.353 19.242 3.848 5.131 14.111 15.394 14.111 15.394 5.131 1.283 2.566
€
870.140
€
129.565
Begroting incl. index
€ € € € € € € € € € € € € €
2027 2.695.983 1.951.867 962.488 5.721.246 496.929 1.589.613 2.294.730 306.210 1.389.680 1.548.098 571.448 918.379 230.907 299.988
€
20.977.567
Meerjarenraming
€ € € € € € € € € € € € € €
2028 2.799.593 2.026.879 999.478 5.941.120 516.027 1.650.703 2.382.920 317.978 1.443.087 1.607.593 593.410 953.673 239.781 311.517
€ € € € € € € € € € € € € €
2029 2.914.758 2.110.257 1.040.592 6.185.517 537.254 1.718.607 2.480.944 331.059 1.502.450 1.673.723 617.821 992.904 249.645 324.332
€ € € € € € € € € € € € € €
2030 3.034.857 2.197.208 1.083.469 6.440.383 559.391 1.789.420 2.583.168 344.700 1.564.357 1.742.687 643.277 1.033.815 259.931 337.695
€
21.783.759
€
22.679.864
€
23.614.358
Het stemrechtpercentage wordt conform artikel 7 lid 1 van de Gemeenschappelijke Regeling OFGV bepaald naar rato van de totale financiële bijdrage per deelnemer van het voorgaande kalenderjaar. De verdeling van de stemmen in 2027 wordt bepaald aan de hand van de jaarcijfers over 2026. De bijdragen voor de directe productiekosten zijn als volgt: 19
DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN PROVINCIE FLEVOLAND Lasten Vaartuigen Buitengebied Extern advies VTH Zwemwater Grondwater Subtotaal Baten Legesopbrengsten Totaal Provincie Flevoland
€ € € € € € € €
97.429 104.828 86.441 89.927 83.040 461.665 158.719 302.945
DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN GEMEENTE ALMERE Geluidsmeter Totaal Gemeente Almere
€ €
1.442 1.442
DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN GEMEENTE GOOISE MEREN Algemeen uitbesteed werk Totaal Gemeente Gooise Meren
€ €
13.919 13.919
DIRECTE PRODUCTIEKOSTEN PROVINCIE NOORD-HOLLAND Advertentie-, onderzoek en kadasterkosten Totaal Provincie Noord-Holland
€ €
9.374 9.374
Overige baten De overige baten betreffen subsidies, inkomsten uit het uitvoeren van meerwerkopdrachten en detacheringsopbrengsten. Lasten Personeelskosten De personeelskosten betreffen salarissen van vast personeel. Deze zijn verdeeld over de taakvelden milieubeheer en bedrijfsvoering in overeenstemming met de salarisprognose. Randvoorwaardelijke taken zoals accountmanagement zijn toegerekend aan milieubeheer. Inhuur De beschikbare inhuurbudgetten zijn verdeeld over de taakvelden milieubeheer en bedrijfsvoering in overeenstemming met de besteding in 2025. Materieel De materiële kosten zoals opleidingskosten, algemene personeelskosten, huisvesting en informatiemanagement zijn verdeeld over de taakvelden milieubeheer en bedrijfsvoering volgens de IV3-voorschriften en het besluit begroting en verantwoording. In 2027 zijn de materiële kosten voor milieubeheer eenmalig € 0,8 mln hoger vanwege de implementatiekosten van de aanbesteding van VTHA-systemen. Reserves Voor 2027 zijn twee onttrekkingen aan de bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling geraamd. Dit betreft de implementatiekosten van VTHA-systemen van € 0,8 mln en de onttrekking voor innovatieprojecten van € 0,2 mln. B.1.3. Algemene dekkingsmiddelen De OFGV ontvangt geen algemene dekkingsmiddelen. B.1.4. Kosten van overhead De personele overhead mag maximaal 24% bedragen. De OFGV blijft hier onder.
Percentage personele overhead Personele lasten overhead personeel Personele lasten direct personeel % personele overhead
Realisatie 2024 2.889.974 9.869.667 22,6%
Begroting 2025 3.314.655 11.223.305 22,8%
Begroting 2026 3.746.992 12.704.273 22,8%
Begroting 2027 3.974.922 14.064.746 22,0%
Meerjarenraming 2028 2029 2030 4.193.131 4.381.822 4.579.004 14.515.018 15.145.497 15.804.240 22,4% 22,4% 22,5%
20
B.1.5. Stelposten, vennootschapsbelasting en onvoorzien De OFGV heeft geen stelposten in de begroting 2027. Het bedrag voor onvoorzien bedraagt € 62.000. De OFGV hoeft geen vennootschapsbelasting te betalen, omdat resultaten behaald worden als gevolg van de wettelijke taak of zonder winstopslag. B.1.6. Incidentele baten en lasten Incidentele baten en lasten betreffen posten die het begrotingssaldo incidenteel beïnvloeden en dus een tijdelijk karakter hebben. De begroting 2027 is incidenteel verhoogd met de implementatiekosten van VTHA-systemen ad € 800.000 en de kosten voor innovatieprojecten ad € 200.000. Deze worden incidenteel onttrokken aan de bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling. B.2. Financiële positie en toelichting B.2.1. Uitgangspunten en ontwikkelingen ten opzichte van 2026 De wijzigingen in de begroting van 2027 ten opzichte van de meerjarenschijf 2027 in de begroting 2026 hebben betrekking op de structurele taakuitbreidingen en de indexering. Daarnaast wordt de bestemmingsreserve Innovatie en Ontwikkeling aangewend voor de implementatiekosten van VTHA-systemen. B.2.2. Geprognosticeerde eindbalans De balansprognose tot en met 2029 is als volgt:
Voor de raming van de vaste activa en vlottende passiva is gebruikgemaakt van het gemiddelde van de jaarrekeningcijfers van de drie voorafgaande jaren. Het eigen vermogen is gebaseerd op bekende reservemutaties en een nihil rekeningresultaat. De vergelijkende cijfers over 2025 betreffen schattingen. B.2.3. Jaarlijks terugkerende arbeidsgerelateerde verplichtingen De formatie bedraagt begin 2025 175 fte. Ruimte in het salarisbudget wordt ingezet voor de flexibele schil en samenwerking op de bedrijfsvoering. B.2.4. Investeringen in vaste activa De OFGV heeft geen investeringen in de openbare ruimte met maatschappelijk nut. Investering Verbouwing pand Meubilair ICT hardware (computers, laptops, tablets) Telefoons Handhavingsschepen Totaal investeringen
Afschrijvingstermijn 10 jaar - 2033 10 jaar - 2033 3 jaar 2 jaar 30 jaar - 2045
2025
2026
2027
2028
2029
2030
€ € €
60.132 41.775 -
€ €
224.640 111.000
€ €
89.250 -
€ €
44.593 115.938
€ €
240.029 -
€ 95.458 € 121.332
€
101.907
€
335.640
€
89.250
€
160.531
€
240.029
€ 216.790
De OFGV vervangt de activa pas op het moment dat het nodig is. Dit betekent dat de activa langer mee kan gaan dan de afschrijvingstermijn en soms juist eerder worden aangeschaft als dat voordelen oplevert. De niet uitgegeven kredieten schuiven door naar latere jaren. 21
Op basis van de afschrijvingstermijn worden in 2027 investeringen gedaan in ICT-hardware zoals laptops en tablets. De afschrijvingstermijnen stemmen overeen met de termijnen in de Financiële Verordening. Alle kosten als gevolg van de afschrijving op genoemde investeringen zijn structureel in de begroting verankerd. B.2.5. Financiering De begroting van de OFGV wordt grotendeels gedekt uit de bijdragen van de deelnemers. De OFGV stuurt voorafgaand aan elk kwartaal een voorschotnota van 25% van deze bijdrage aan de deelnemer. Daarom heeft de OFGV geen leningen nodig voor haar reguliere taakuitvoering. De OFGV neemt deel aan het wettelijk verplichte schatkistbankieren: overtollige middelen tot € 500.000 worden aangehouden in rekening-courant bij de BNG, het meerdere wordt aangehouden in de schatkist. B.2.6. Reserves en voorzieningen Algemene Reserve De omvang van de algemene reserve bedraagt begin 2025 € 839.000. In 2026 zijn geen onttrekkingen aan de reserve voorzien. Dus de omvang van de algemene reserve bedraagt begin 2027 € 839.000. Eventuele rekeningresultaten worden in eerste instantie afgewikkeld met de algemene reserve. Die heeft een ondergrens van € 0 en een bovengrens van 5% van de omzet. Het maximum van de algemene reserve van deze begroting is € 1,1 mln.
Gezien het benodigde weerstandsvermogen is de algemene reserve toereikend en hoeft deze niet verhoogd te worden tot het maximum. Innovatiereserve De bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling wordt gevoed vanuit rekeningresultaten van boekjaren waarin meer inkomsten zijn ontvangen dan de taakstelling. Met betrekking tot de bestemmingsreserve innovatie en ontwikkeling heeft het AB in februari 2020 de spelregels van de bestemmingsreserve bepaald: de reserve wordt aangevuld vanuit het overschot op de overige inkomsten. Hierbij wordt een plafond van maximaal € 300.000 voor onbestemde middelen gehanteerd met als peildatum 31 december om te monitoren of dat plafond al dan niet wordt overschreden. Als op 31 december blijkt dat daarmee het plafond voor onbestemde middelen van € 300.000 wordt overschreden, dan wordt het meerdere alsnog direct uitbetaald aan de deelnemers. Het saldo van de innovatiereserve betreft het saldo in de jaarrekening 2024 minus de geraamde onttrekkingen in 2025, 2026 en 2027. Op dit moment is er een tekort in de innovatiereserve maar deze is gebaseerd op alle verwachte onttrekkingen in 2025, 2026 en 2027. Het Dagelijks Bestuur gaat ervan uit dat er geen extra bijdrage van de deelnemers wordt gevraagd. Het Dagelijks Bestuur vertrouwt erop dat door een effectieve en doelmatige uitvoering van de agenda het tekort niet zal ontstaan.
Eventueel is de algemene reserve de risico buffer. In de begroting 2027 bedraagt het saldo van de innovatiereserve daarmee € -454.000.
Voorzieningen De OFGV heeft een voorziening voor verlofsparen. Het is onbekend hoeveel medewerkers in de loop van 2025, 2026 en 2027 kiezen voor verlofsparen. De waarde van de voorziening is gelijk aan de waarde in de jaarrekening 2024 en bedraagt € 180.000. 22
B.2.7. EMU-saldo Het EMU-saldo is het totaal van inkomsten minus uitgaven. Conform het Europese stabiliteitsen groeipact is de macronorm voor lidstaat Nederland een maximaal EMU-saldo van -0,5% van het bruto binnenlands product. Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Alle gemeenten, provincies en waterschappen moeten deze informatie aanleveren bij het CBS. Bij gemeenschappelijke regelingen vindt een steekproef plaats wanneer deze een exploitatie van € 20 mln of meer hebben. In 2027 overschrijdt de exploitatie van de OFGV de grens van € 20 miljoen. Dat betekent dat de OFGV wél binnen de steekproef van het CBS kan vallen, aangezien de grens is vastgesteld op een exploitatieomvang van € 20 miljoen of meer. In de tabel hieronder wordt de berekening van het EMU-saldo weergegeven.
Realisatie
Berekening EMU saldo Exploitatiesaldo + afschrijvingen + dotatie voorziening - investering activa + bijdragen andere overheden + desinvestering activa - aankoop grond + baten bouwexploitatie - onttrekking voorziening - onttrekking reserve - boekwinst aandelen EMU saldo
€ € € € € € € € € € € €
2024 144.369 231.843 23.271 66.464 536.001 -202.982
Begroting na 1e BW
Begroting excl. Index
Index
2026
2027
2027
€ € € € € € € € € € € €
293.460 335.640 305.000 -347.179
€ € € € € € € € € € € €
293.460 89.250 1.000.000 -795.790
€ €
Begroting incl. index
Meerjarenraming
2027
6.456
€ €
-
€
-
€
-
€
6.456
€ € € € € € € € € € € €
299.916 89.250 1.000.000 -789.334
2028 € € € € € € € € € € € €
306.514 160.531 200.000 -54.016
2029 € € € € € € € € € € € €
313.564 240.029 200.000 -126.465
2030 € € € € € € € € € € € €
320.776 216.790 200.000 -96.013
23