CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

Bestemmingsplan Beursstraat (D3003) (493402).pdf

Oordeelsvormende vergadering 14 maart 2024, gemeente DrontenBij agendapunt: 6.d: AKKOORD Raadsvoorstel Vaststelling bestemmingsplan Dronten – Beursstraat (D3003)16.959 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Uit de figuren en de bijlage blijkt dat ter plaatse van de geprojecteerde nieuwe woningen de voorkeursgrenswaarde van Lden = 48 dB vanwege de alleen de Beursstraat wordt overschreden. De hoogst berekende geluid-belasting bedraagt Lden = 54-56 dB op de grens van het bouwvlak aan de zijde van de Beursstraat. Daarmee is de realisatie van het plan mogelijk binnen de randvoorwaarden van de Wet geluidhinder, de maximale ontheffingswaarde van Lden = 63 dB wordt niet overschreden. De hoogste berekende geluidbelasting kan worden vastgelegd in een hogere waarde.

33/303

Hogere grenswaarden kunnen alleen worden verleend, nadat is onderbouwd dat maatregelen om de geluidbelasting op de gevel van geluidgevoelige bestemmingen terug te dringen onvoldoende doeltreffend zijn, dan wel overwegende bezwaren ontmoeten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Voor het plangebied geldt dat afscherming stedenbouwkundig niet gewenst is vanwege de binnenstedelijke situatie. Het aanbrengen van geluidreducerend asfalt zal 2-3 dB effect kunnen hebben en is daarmee onvoldoende doeltreffend en/of financieel doel-matig. Railverkeerslawaai Uit figuur 5.3 uit het akoestisch onderzoek blijkt dat aan de blijkt dat ter plaatse van de geprojecteerde nieuwe woningen aan de Beursstraat 35 te Dronten de voorkeursgrenswaarde van Lden = 55 dB vanwege railverkeerslawaai niet wordt overschreden. Cumulatieve geluidbelasting en geluidwering De cumulatieve geluidbelastingen per bouwblok zijn gegeven in bijlage 4 uit het akoestisch onderzoek. Voor met name de hoogst belaste gevels aan de Beursstraat wegen moet de geluidsituatie als meest "matig" en in een enkel geval "slecht" worden beoordeeld. Door de geluidwering te dimensioneren op de cumulatieve geluidniveaus, kan een goed akoestisch binnenklimaat wordt gerealiseerd. Aan de Beursstraat wordt het cumulatieve geluidniveaus bepaald door wegverkeer.

Per bouwblok/gevel dient de geluidwering ten minste GA;k = Lcum - 33 te bedragen (zie bijlage 4 uit het akoestisch onderzoek). Wegverkeer is grotendeels maatgevend. Globaal komt dit voor de gevels aan de Beursstraat neer op: karakteristieke geluidwering GA;k = Lcum - 33 = (60-61) - 33 = 27-28 dB(A). 4.8.3 Conclusie Voor het aspect geluid kan worden voldaan aan de Wgh indien een hogere waarde wordt aangevraagd. Wanneer de benodigde hogere waarden worden verleend, is er sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat.

4.9

Luchtkwaliteit

4.9.1 Algemeen In de Wet milieubeheer zijn normen voor luchtkwaliteit opgenomen. Deze normen zijn bedoeld om de negatieve effecten op de volksgezondheid, als gevolg van te hoge niveaus van luchtverontreiniging, tegen te gaan. Als maatgevend voor de luchtkwaliteit worden de gehalten fijn stof (PM10) en stikstofdioxide (NO2) gehanteerd. Overschrijdingen van de grenswaarden voor luchtkwaliteit zijn veelal het gevolg van het aantal verkeersbewegingen in een gebied. Op grond van de algemene maatregel van bestuur 'niet in betekenende mate' (nibm) vormen luchtkwaliteitseisen geen belemmeringen voor projecten die niet in betekenende mate bijdragen aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Op grond van de Regeling niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) zijn (onder andere) woningbouwprojecten met minder dan 1.500 woningen vrijgesteld van toetsing.

34/303

4.9.2 Onderzoek Op basis van de Grootschalige Concentratie- en Depositiekaarten blijkt dat in Dronten en omgeving sprake is van een goede luchtkwaliteit. De voorgenomen ontwikkeling betreft de realisatie van 36 appartementen en blijft daarmee onder de nibm-grens. Het plan draagt niet in betekenende mate bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. 4.9.2.1 Conclusie Het aspect luchtkwaliteit vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

4.10 Externe veiligheid 4.10.1 Algemeen Bij ruimtelijke plannen dient ten aanzien van externe veiligheid naar verschillende aspecten te worden gekeken, namelijk: bedrijven waar activiteiten plaatsvinden die gevolgen hebben voor de externe veiligheid; het vervoer van gevaarlijke stoffen over wegen, spoor, water of door buisleidingen. Voor zowel bedrijvigheid als het vervoer van gevaarlijke stoffen zijn twee aspecten van belang, te weten het plaatsgebonden risico (PR) en het groepsrisico (GR). Het PR drukt de kans per jaar uit dat een persoon dodelijk wordt getroffen door een ongeval indien hij zich onafgebroken (24 uur per dag gedurende het hele jaar) en onbeschermd op een bepaalde plaats zou bevinden. Het PR wordt weergegeven met risicocontouren rondom een inrichting dan wel infrastructuur. Het GR drukt de kans per jaar uit dat een groep van minimaal een bepaalde omvang overlijdt als direct gevolg van een ongeval waarbij gevaarlijke stoffen betrokken zijn. De norm voor het GR is een oriëntatiewaarde. Het bevoegd gezag heeft een verantwoordingsplicht als het GR toeneemt en/of de oriëntatiewaarde wordt overschreden.

4.10.2 Onderzoek Uit de inventarisatie blijkt dat het plangebied: zich niet bevindt binnen de risicocontour van Bevi- en Brzo-inrichtingen dan wel bij inrichtingen die vallen onder het Vuurwerkbesluit (PR); zich niet bevindt binnen een gebied waarvoor een verantwoording van het GR nodig is; niet ligt binnen de veiligheidsafstanden van het vervoer van gevaarlijke stoffen; niet ligt binnen de veiligheidsafstanden van buisleidingen voor het vervoer van gevaarlijke stoffen. 4.10.3 Conclusie Het aspect externe veiligheid heeft geen gevolgen voor dit plan.

35/303

4.11 Kabels en leidingen 4.11.1 Algemeen Planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen dienen te worden gewaarborgd. Tevens dient rond dergelijke leidingen rekening te worden gehouden met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden. 4.11.2 Onderzoek Er zijn geen planologisch relevante buisleidingen, hoogspanningsverbindingen of straalpaden aanwezig. Met eventueel aanwezige overige planologisch gezien niet-relevante leidingen (zoals rioolleidingen, leidingen nutsvoorzieningen, drainageleidingen) in of nabij het plangebied hoeft in de ruimtelijke onderbouwing geen rekening te worden gehouden. 4.11.3 Conclusie Het aspect kabels en leidingen staat de uitvoering van het plan niet in de weg.

4.12 Vormvrije m.e.r.-beoordeling Beleid en Normstelling In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het omgevingsvergunning plan-m.e.r.-plichtig, project-m.e.r.-plichtig of m.e.r.-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Indien een activiteit onder de drempelwaarden blijft, dient alsnog een vormvrije m.e.r.-beoordeling uitgevoerd te worden, waarbij onderzocht dient te worden of de activiteit belangrijke nadelige gevolgen heeft voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten. Per 16 mei 2017 is de regelgeving voor de MER en m.e.r.-beoordeling gewijzigd met daarin een nieuwe procedure voor de vormvrije m.e.r.-beoordeling. Voor de ontwerp-bestemmingsplanfase moet een m.e.r-beoordelingsbeslissing worden genomen, waarin wordt aangegeven of wel of geen MER nodig is, gelet op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten en mogelijke mitigerende maatregelen. Deze beslissing wordt als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen.

Voor elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.-beoordeling aan de orde komt moet de initiatiefnemer een aanmeldingsnotitie opstellen, waarbij ook mitigerende maatregelen mogen worden meegenomen. Het bevoegd gezag dient binnen zes weken na indienen een m.e.r.-beoordelingsbesluit af te geven. Een vormvrije m.e.r.-beoordelingsbeslissing hoeft echter niet gepubliceerd te worden.

36/303

4.12.1 Onderzoek In het Besluit milieueffectrapportage is opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject m.e.r.-beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een oppervlakte van 100 hectare of meer of een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat (Besluit milieueffectrapportage, Bijlage onderdeel D11.2). De beoogde ontwikkeling bestaat uit de realisatie van maximaal 36 woningen. De beoogde ontwikkeling blijft daarmee ruim onder de drempelwaarde. Dit betekent wel dat een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.-beoordeling' noodzakelijk is. Hiervoor wordt een aanmeldingsnotitie opgesteld en deze wordt toegevoegd zodra de notitie is afgerond.

37/303

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische regeling

Algemeen

Het bestemmingsplan voldoet aan alle vereisten die zijn opgenomen in de Wet ruimtelijke ordening (Wro), het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). Inherent hieraan is de toepassing van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012. De SVBP maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en die op eenzelfde manier zijn verbeeld. De SVBP 2012 is toegespitst op de regels die voorschrijven hoe bestemmingsplannen conform de Wro en het Bro moeten worden gemaakt. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zowel digitaal als analoog. De regels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld volgens deze standaarden. Het bestemmingsplan regelt de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden van de gronden in het plangebied. De juridische regeling is vervat in een verbeelding en in bijbehorende regels. Op de verbeelding zijn de verschillende bestemmingen vastgelegd, in de regels (per bestemming) de bouw- en gebruiksmogelijkheden.

5.2

Toelichting op de regels

De wijze van bestemmen is afgestemd op het handboek van de gemeente Dronten en het nieuwe bestemmingsplan voor de woongebieden dat op het handboek is gebaseerd. In het plangebied komen de volgende bestemmingen voor:

5.2.1 Bestemmingen Artikel 3 Groen De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor groenvoorzieningen, speelvoorzieningen, verkeers- en verblijfsvoorzieningen, water- en waterhuishoudkundige voorzieningen, incidentele evenementen, nutsvoorzieningen kleinschalige duurzame energieopwekking met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, waaronder kunstwerken en kunstobjecten. Binnen de bestemmingen mogen geen gebouwen of overkappingen worden gebouwd. Voor bouwwerken, geen gebouwd zijnde gelden specifieke regels. Artikel 4 Verkeer - Verblijf De voor 'Verkeer - Verblijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor wegen met hoofdzakelijk een functie voor verkeer en verblijf en parkeervoorzieningen. Ondergeschikt hieraan zijn voorzieningen ten behoeve van het openbaar vervoer, fietsenstallingen, tuinen, nutsvoorzieningen, groenvoorzieningen, water en waterhuishoudkundige voorzieningen met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen en overkappingen zijnde, waaronder kunstwerken en kunstobjecten mogelijk. Voor het bouwen van gebouwen en overkappingen geldt dat er uitsluitend fietsenstallingen bij de woningen

38/303

worden gebouwd. Artikel 5 Wonen - Woongebouw De voor Wonen - Woongebouw aangewezen gronden zijn bestemd voor woongebouwen met daarbijbehorende overkappingen, al dan niet in combinatie met ruimte voor aan-huis-verbonden beroepen en/of bedrijven en tuinen en erven. Met daaraan ondergeschikt: nutsvoorzieningen, groenvoorzieningen, verkeers- en verblijfsvoorzieningen, overdekte) parkeervoorzieningen en water en waterhuishoudkundige voorzieningen met de daarbij behorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waaronder kunstwerken en kunstobjecten. Artikel 6 Waarde - Archeologie 4 De voor 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden zijn, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de mogelijk te verwachten gematigde/ middelhoge archeologische waarden van de gronden. In geval van strijdigheid van regels gaan de regels van de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 4' vóór de regels die ingevolge andere artikelen op de desbetreffende gronden van toepassing zijn.

39/303

Hoofdstuk 6

Uitvoerbaarheid

Wettelijk bestaat de verplichting om inzicht te geven in de uitvoerbaarheidsaspecten van een ontwikkeling. In dat verband wordt onderscheid gemaakt tussen de maatschappelijke en de economische uitvoerbaarheid.

6.1

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6.1.1 Overleg Het voorontwerpbestemmingsplan is, conform artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro), verzonden naar de overleginstanties. De provincie Flevoland heeft geen bezwaren ten aanzien van het plan. Het waterschap Zuiderzeeland heeft gevraagd de waterparagraaf aan te passen. De opmerkingen zijn gericht op het actualiseren van het beleid en het beschrijven hoe in het plan rekening wordt gehouden met het thema 'schoon water'. De opmerkingen zijn verwekt in de toelichting. Participatie In september 2023 wordt een inloopavond georganiseerd voor omwonenden en andere belanghebbenden. Na afloop van de inloopavond wordt in de toelichting van dit bestemmingsplan een beknopt verslag toegevoegd met de belangrijkste uitkomsten. 6.1.2 Zienswijzen Vervolgens heeft het ontwerpbestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tijdens deze periode is een ieder in de gelegenheid gesteld een zienswijze in te dienen (artikel 3.8 Wro). 6.1.3 Vervolg Het bestemmingsplan wordt vervolgens door de gemeenteraad vastgesteld. Het besluit tot vaststelling wordt gepubliceerd en het bestemmingsplan ligt zes weken ter inzage. Tijdens die periode bestaat de mogelijkheid beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State in te stellen tegen het besluit en het plan.

6.2

Economische uitvoerbaarheid

Ten behoeve van de uitvoerbaarheid van het project is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de wijze van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie). 6.2.1 Financiële haalbaarheid Dit plan betreft een initiatief van een woningcorporatie. De voor dit plan en de ruimtelijke procedure te maken kosten zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Het project richt zich op een marktsegment waar momenteel vraag naar is. De initiatiefnemer heeft aangetoond dat het plan financieel haalbaar is

40/303

6.2.2 Grondexploitatie Doel van de in de Wet ruimtelijke ordening (Wro) opgenomen grondexploitatieregeling is het bieden van ruimere mogelijkheden voor het kostenverhaal en het creëren van meer sturingsmogelijkheden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de publiekrechtelijke weg via een exploitatieplan en de privaatrechtelijke weg in de vorm van overeenkomsten. In het geval van een exploitatieplan kan de gemeente eisen en regels stellen voor de desbetreffende gronden, (woning)bouwcategorieën en fasering. Bij de privaatrechtelijke weg worden dergelijke afspraken in een (anterieure) overeenkomst vastgelegd. De gemeente ziet - gelet op het feit dat hier gaat om sociale huurwoningen - af van kostenverhaal en neemt de desbetreffende kosten voor haar eigen rekening.

41/303

42/303

Bijlagen toelichting

43/303

44/303

Bijlage 1

45/303

Toekomstige situatie

APPARTEMENTEN BEURSSTRAAT TE DRONTEN STEDENBOUWKUNDIGE MASSASTUDIE K220961 / 2022-09-29

Project

Appartementen OFW Dronten

Fase

Haalbaarheid

Opdrachtgever

Oost Flevoland Woondiensten De Noord 47 Dronten T (0321) - 38 55 00 I www.ofw.nl

Architect

KHV Architecten B.V Vestiging Kampen: Boomgaard 11 8266 JM Kampen Vestiging Emmeloord: De Deel 1F 8302 EJ Emmeloord T E I

0527-699999 info@khva.nl www.khvarchitecten.nl

LOCATIE

OFW / K220961 / 2022-09-29 / 3

CONCEPT SP O AL OR ME RE -Z

WO

LLE

NIEUWE KOP ALS BEËINDIGING VAN WIJKVOORZIENINGEN ZONE

WOONWIJK

WIJKVOORZIENINGEN (GROTERE SCHAAL) WOONWIJK

OFW / K220961 / 2022-09-29 / 4

CONCEPT

E IDL M L LU D I / VO A L N N TE TE T N E E RZ EM O RT D O P PA A

AANSLUITING OP WOONWIJK

NIEUWE KOP ALS BEËINDIGING VAN WIJKVOORZIENINGEN ZONE

OFW / K220961 / 2022-09-29 / 5

SITUATIE

4 LA

R SS

TR A

AT

GEN

OFW 20*1,2 = 24 PARKEERPLAATSEN 16*1,4 = 22 PARKEERPLAATSEN

G IL D E P E N

N IN G D R E

EF

3 L AG E N

4 L AG E N

BEU

BENODIGD 46 PARKEERPLAATSEN B E U R S ST R A

TOTAAL AANWEZIG 46 PARKEERPLAATSEN

AT

SCHAAL 1:500

OFW / K220961 / 2022-09-29 / 6

70m2

70m2

PLATTEGRONDEN lift

lift

60m

2

OFW

60m

vluc

httra

70m2

70m2

p

vluchttrap

vluchttrap

2

vluc

httra

70m2

70m2

OFW 11 appartementen

60m

60m

2

60m

2

60m

2

60m

2

OFW

60m

2

vluc

httra

p

alge m ruim ene te

60m

2

p

60m

2

vluc

httra

A3

p

A3

70m2

alge m ruim ene te

60m

2

60m

2

70m2

70m2

70m2

2

OFW

lift

2

60m

60m

2

OFW 7 appartementen en bergingen

2

60m

2

OFW

1STE VERDIEPING

60m

60m

2

BEGANE GROND

lift

60m

70m2

70m2

2

60m

2

70m2 60m

70m2

70m2

70m2

2

vluchttrap

2DE VERDIEPING

3DE VERDIEPING

OFW 11 appartementen

OFW 7 appartement

SCHAAL 1:500

OFW / K220961 / 2022-09-29 / 7

VOGELVLUCHT NOORDWESTZIJDE

OFW / K220961 / 2022-09-29 / 8

VOGELVLUCHT ZUIDZIJDE

OFW / K220961 / 2022-09-29 / 9

IMPRESSIE

OFW / K220961 / 2022-09-29 / 10

EMMELOORD CONTACT: 0527 69 99 99 ADRES: DE DEEL 1F, 8302 EJ EMMELOORD

KAMPEN CONTACT: 038-332 62 86 ADRES: BOOMGAARD 11, 8266 JM KAMPEN WEBSITE: WWW.KHVA.NL E-MAIL : INFO@KHVA.NL

KHV Architecten is aangesloten bij de Branchevereniging Nederlandse Architecten en is een erkend BNA bureau.

Bijlage 2

57/303

Beeldkwaliteitsplan

BEELDKWALITEITSPLAN BEURSSTRAAT 35, DRONTEN Juni 2023

DATUM: juni 2023 PROJECT: Beeldkwaliteitsplan Beursstraat 35, Dronten OPDRACHTGEVER: Gemeente Dronten PROJECTNUMMER: 20230459 REFERTE: Thomas de Jong, Monique Smalbrugge CONTACT T: 0570-745607, 0570–745608 E: thomas.dejong@rho.nl, monique.smalbrugge@rho.nl W: rho.nl

INHOUDSOPGAVE 1

INLEIDING

5

Aanleiding Context

5 5

2

3

4

BEOOGDE ONTWIKKELING

6

Programma en architectuur Stedenbouwkundig inpassing

6 7

OPBOUW PLANLOCATIE

8

Impressie gebied Historie Bouwstructuur & Ontsluiting Wijkzonering & Kavelzonering Uitgangspunten

8 9 10 11 12

RICHTLIJNEN BEELDKWALITEIT

13

Situering en oriëntatie Hoofdvorm Gevelindeling Detaillering en materialisering Buitenruimte

13 13 14 15 16

3 | 16

1005 - 1927 1927 - 1950 1950 - 1964 1964 - 1970 1970 - 1975 1975 - 1983 1983 - 1993 1993 - 2002 2002 - 2011 2011 - 2021

Afbeelding 1: Context 4 | 16

1 INLEIDING AANLEIDING Aan de Beursstraat 35 te Dronten in de gelijknamige gemeente bevindt zich een leeg perceel. De initiatiefnemer is voornemens op dit lege perceel een nieuw appartementencomplex met bijbehorende (parkeer)voorzieningen te realiseren. De beoogde ontwikkeling bestaat in totaal uit 36 appartementen. Om deze ontwikkeling goed te integreren in de omgeving, is dit beknopt beeldkwaliteitsplan opgesteld. Het uitgangspunt voor de beeldkwaliteit is dat bij de ontwikkeling van het nieuwe appartementengebouw wordt voortgebouwd op de uitgangspunten van de bestaande ontwikkeling. Hierdoor zal samenhang aan zowel de Gildepenningdreef als de Beursstraat ontstaan.

ingesloten door een reeds nieuw ontwikkelde supermartkt Lidl in de plint in combinatie met appartementen in woonlagen erboven. In de opzet zal de nieuwe ontwikkeling voort bouwen op de ruimtelijke kwaliteiten en karakter van de bestaande supermarkt en tevens een kop vormen voor de gehele voorzieningenstrook, met appartementen aan de noord- en westzijde van de planlocatie en de parkeervoorziening aan de zuidzijde van het terrein. Huidige invulling Het plangebied is een leeg perceel. Vanaf het noorden is dit gebied de kop van de voorzieningenstrook, met verschillende supermarkten, woningen en een basisschool.

CONTEXT Het plangebied is gelegen in woonwijk Dronten West te Dronten. Het plangebied ligt, als ware op een eiland, in een voorzieningen gebied met diversiteit aan winkels, woningen en andere voorzieningen. De noord- en oostzijde zijde wordt ingesloten door de Beursstraat. Aan de westzijde wordt het gebied ingesloten door de Gildepenningdreef. Aan de zuidzijde wordt het perceel

5 | 16

2 BEOOGDE ONTWIKKELING PROGRAMMA EN ARCHITECTUUR De opdrachtgever is voornemens om op het lege perceel 36 nieuwe appartementen te realiseren. Aan de westzijde (Gildepenningdreef) zijn 16 appartementen gesitueerd, aan de noordzijde (Beursstraat) bevinden zich 20 appartementen. Aan de zuidzijde op het perceel worden parkeervoorzieningen gerealiseerd. In het concept wordt uitgegaan van een hoofdopzet van de bebouwing in hoekopstelling, wat zich presenteert richting de rotonde. Voor een aansluiting in bouwhoogtes met de

woonwijk aan de westzijde is er voor gekozen om de bouwhoogte langs de Gildepenningdreef met 1 woonlaag te verlagen. Qua architectuur voor de ontwikkeling wordt aansluiting gezocht met de omliggende gebouwen om samenhang na te streven. Aan de zuidzijde van de kavel is een binnenplein gesitueerd waar ook de parkeervoorziening plaats vindt. De bestaande groenstroken langs zowel de Gildepenningdreef als de Beursstraat worden in het ontwerpvoorstel doorgetrokken over de planlocatie.

Afbeelding 3: Vogelvlucht vanaf noordzijde van beoogde ontwikkeling (Bron: KHV Architecten)

Afbeelding 2: Concept beoogde ontwikkeling (Bron: KHV Architecten)

Afbeelding 4: Vogelvlucht vanaf noordzijde van beoogde ontwikkeling (Bron: KHV Architecten) 6 | 16

STEDENBOUWKUNDIGE INPASSING De ontwikkeling wordt ingepast in de bebouwde omgeving door aan de zijde van de Gildepenningdreef aansluiting te zoeken bij de hogere bouwvolumes van de reeds gerealiseerde bebouwing. Deze aansluiting wordt gezocht door de vorm en de bouwhoogtes door te trekken. Aan de noordzijde (Beursstraat) vormt het nieuwe bouwblok een kop voor de voorzieningenstrook, dit kenmerkt zich door de toevoeging van 1 extra bouwlaag.

Afbeelding 5: Stedenbouwkundige inpassing

7 | 16

3 OPBOUW PLANLOCATIE IMPRESSIE GEBIED

1

Zowel vanuit de Gildepenningdreef als vanaf de Beursstraat is de locatie goed zichtbaar. Mede door de afwezigheid van bomen/hoog opgaande beplanting en bebouwing. De locatie wordt ontsloten vanaf de Beursstraat, zowel voor autoverkeer als voor langzaam verkeer. Vanuit de Gildepenningdreef is er een toegang voor expeditie voor de supermarkten. Langs de Beursstraat zijn aan de zuidzijde van het perceel zijn recent twee supermarkten met daarboven appartementen gerealiseerd. De beoogde ontwikkeling zal in opzet en karakter veel overeenkomsten vertonen met de reeds aanwezige ontwikkelingen. Bij deze ontwikkelingen bevinden de woningen zich aan de zijde van de Gildepenningdreef en zijn de supermarkten en de parkeervoorzieningen aan de zijde van de Beursstraat gesitueerd. Bij de bestaande bebouwing is er sprake van 3 lagen hoog front aan de zijde van de Gildepenningdreef en een open plint richting het noorden, aan het begin van de Beursstraat.

Afbeelding 6: Vanaf het Noorden, geen bomen of opgaande beplanting die de locatie begrenzen.

2

Afbeelding 7: Gekeken vanaf de rotonde, met op de achtergrond langs de Gildepenningdreef de hogere bebouwingsdelen.

3

Afbeelding 8: De ontsluitingsweg ten zuiden van de planlocatie, met rechts de nieuwe supermarkt en de parkeervoorziening.

4

Afbeelding 9: De hogere bebouwingsrand langs de Gildepenningdreef.

5

Afbeelding 10: Vanaf de Beursstraat, de lagere supermarkt-bebouwing, op de achtergrond de bestaande woonwijk.

8 | 16

HISTORIE Steeds verdere ontwikkeling van de woonwijk Dronten West is zichtbaar op de luchtfoto's door de jaren heen. Gebied waar de planlocatie deel van uitmaakt ontwikkelt zich als wijkvoorzieningenstrook te midden van de verschillende wijkuitbreidingen. De planlocatie verandert van aan de rand van de wijk gelegen naar een centrale plek binnen de wijk. Door de centrale positie, ook direct gelegen aan de rotonde die de wijk ontsluit, is het toevoegen van extra kwaliteit van de nieuwe ontwikkeling gewenst.

2006

2010

2014

2018

2022 Afbeelding 11: Stedenbouwkundige ontwikkeling rondom planlocatie (Bron: topotijdreis.nl) 9 | 16

BOUWSTRUCTUREN

ONTSLUITING

Langs de Gildepenningdreef vormt de bebouwing een sterk front met een duidelijke rooilijn. De bouwstructuren aan de Beursstraat zijn daarentegen een stuk onregelmatiger. Het ontbreken van een duidelijke rand langs de weg wordt versterkt door de enorme parkeervoorzieningen die langs deze weg zijn gesitueerd en het nog ontbreken van bomen en/ of hoog opgaande begroeiing,

Huidige situatie De bestaande ontwikkelingen ten zuiden van de kavel wordt voor het winkelend/bezoekend publiek ontsloten via de Beursstraat. De entrees en de parkeervoorzieningen van de supermarkten zijn aan de kant van de Beursstraat gesitueerd. De bevoorrading van de supermarkten en het woonverkeer wordt ontsloten via de Gildepenningdreef. Ontsluiting voorgenomen nieuwe ontwikkeling De ontsluiting van de voorgenomen nieuw te ontwikkelen appartementen zal via de Beursstraat gerealiseerd worden.

Gu

lde

Gu

lde

ndr

ndr

eef

Gildepenning

dreef

eef

1005 - 1927 1927 - 1950 1950 - 1964 1964 - 1970 1970 - 1975 1975 - 1983 1993 - 2002

Beursstraat

Afbeelding 12: Stedenbouwkundige opzet plangebied.

Beursstraat

Gildepenning dreef

1983 - 1993 2002 - 2011 2011 - 2021

Afbeelding 13: Ontsluiting huidige situatie (zwart) en ontsluting nieuwe ontwikkeling (grijs)

10 | 16

WIJKZONERING

KAVELZONERING

De planlocatie is vanaf de noordzijde de kop van de wijkvoorzieningenstrook. Deze strook is aan beide zijde ingesloten door de woonwijk Dronten West. De nieuw te realiseren bebouwing vormt de kop van de wijkvoorzienigenstrook, het gebouw moet dit uitstralen.

De reeds gerealiseerde supermarkt-ontwikkelingen hebben beide een duidelijke zonering bij de inrichting van de kavels. De kavelzonering van de zuidelijk gelegen kavels worden doorgetrokken aan de kant van de Gildepenningdreef. Het nieuw te realiseren gebouw richt zich op de rotonde, aan de achterzijde wordt er een plek gerealiseerd voor een plein en/ of parkeervoorziening die aansluit bij de reeds gerealiseerde parkeervoorzieningen aan de zuidkant van de kavel.

en

g 5 la 3-4 lagen

Supermarkt

Groenzone

Zorgappartementen

Groen

zone

3-4 lagen

Plein

1005 - 1927 1927 - 1950 1950 - 1964

Supermarkt

1964 - 1970 1970 - 1975

Kinderopvang

1975 - 1983 1983 - 1993

Basisschool

1993 - 2002 2002 - 2011 2011 - 2021

Gezondheidscentrum Basisschool

Afbeelding 14: Wijkzonering

Afbeelding 15: Kavelzonering

11 | 16

STEDENBOUWKUNDIGE UITGANGSPUNTEN Vanuit de analyse van de planlocatie volgen uitgangspunten die moeten zorgen dat de nieuwe ontwikkeling past binnen de bestaande context en tevens een bijdrage doet aan de kwaliteit van de Gildepenningdreef en Beursstraat. In de beoogde ontwikkeling moet dit gedaan worden door: • Aansluiting te zoeken bij het bebouwingsfront aan de Gildepenningdreef, ook aansluiten bij de bouwhoogtes, dit betekent maximaal 3 lagen; • Het nieuwe gebouw de uitstraling geven van 'kop'gebouw, dit komt tot uiting door een verhoging van de woonlagen, dit betekent hier maximaal 5 lagen; • Entrees van het woongebouw aan de binnenzijde (levendig groen parkeerplein) te realiseren; • Een nieuwe ontsluiting vanaf de Beursstraat; • Doortrekken van de aanwezige groenstructuren langs de Gildepenningdreef; • Parkeren uit het zicht vanaf de Gildepenningdreef.

4-5 lage

3 lagen

n

Afbeelding 16: Uitgangspunten

12 | 16

4 RICHTLIJNEN BEELDKWALITEIT SITUERING EN ORIËNTATIE •

•

•

HOOFDVORM •

• • • •

PRINCIPES SITUERING EN ORIËNTATIE

De bebouwing heeft een representatieve functie als kopgebouw. De gevel aan de Gildepenningdreef en de noordelijke Beursstraat is in hiërarchie leidend en heeft een representatieve gevel; Langs de Gildepenningdreef wordt de bebouwing in één rooilijn gesitueerd aansluitend op de bestaande bebouwing; Langs de Gildepenningdreef wordt de groenzone langs de weg doorgetrokken.

De nieuwbouw vormt een heldere wand aan zowel de Gildepenningdreef, als wel langs de noordelijke Beursstraat; Er is sprake van een aaneengesloten, gevelwand aan de Gildepenningdreef; De bebouwing bestaat (visueel) uit een plint met boven-bebouwing; De bebouwing wordt voorzien van een plat dak; De oriëntatie van het gebouw en het representatieve karakter wordt versterkt door een extra lag toe te voegen aan de kant van de noordelijke Beursstraat en het eerste deel van de Gildepenningdreef.

Representatief kopgebouw

Aansluiten rooilijn bestaande bebouwing

Doortrekken groenzones

Contrast plint - bovenverdiepingen

Extra woonlaag als accent kopgebouw

PRINCIPES HOOFDVORM

Wandvorming langs Gildepenningdreef

Afbeelding 17: Principetekeningen Beeldkwaliteit

13 | 16

GEVELINDELING •

•

• •

•

•

•

In de gevelindeling is een duidelijk onderscheid gemaakt tussen de plint en de verdiepingen er boven; De gevels aan de kant van de Gildepenningdreef en de Beursstraat aan de noordzijde hebben de uitstraling van de voorgevel, met ruime gevelopeningen, balkons. Hierdoor presenteert het gebouw als kop van de voorzieningenstrook voor de wijk; De gevelindeling is verticaal gericht, horizontale gevelverdeling is ongewenst; Aan de Gildepenningdreef en de Beursstraat aan de noordzijde is een galerijontsluiting niet toegestaan. De gevel aan deze zijdes heeft een open uitstraling (relatief veel glas); Buitenruimtes in de vorm van balkons zijn aan de kant van de Gildepenningdreef en de Beursstraat aan de noordzijde toegestaan. Om diepte te creëren in de gevel, zijn uitkragende balkons toegestaan; De galerijen aan de binnenzijde van het gebouw worden mee ontworpen, waardoor ook het groene binnenterrein met parkeervoorzieningen een levendige uitstraling krijgt; De entrees zijn duidelijk zichtbaar door middel van het gebruik van grote glazen partijen bij de entrees.

PRINCIPES GEVELINDELING

Afbeelding 18: Verticale ritmiek gevelindeling

Afbeelding 19: Referentiebeeld dieptewerking gevel uitkragende balkons.

Afbeelding 20: Referentiebeeld glazen entree

14 | 16

DETAILLERING EN MATERIALISERING

REFERENTIES DETAILLERING EN MATERIALISERING

De te gebruiken materialen hebben een natuurlijke dan wel materiaal-eigen uitstraling en zijn van een hoogwaardige kwaliteit. De kleuren en materialen moeten aansluiten op de naastliggende bestaande bebouwing. • •

•

•

•

•

De gevel wordt uitgevoerd in metselwerk; Voor het metselwerk van de plint worden donkere tinten bakstenen gebruikt, zodat er een contrast ontstaat met de bovenbouw; Voor het metselwerk van de woningen (boven de plint) worden licht gekleurde bakstenen gebruikt, zoals lichtgeel, zand of lichtgrijs; De verticale gevelindeling kan worden benadrukt door afwisselende metselverbanden en kleurtinten steen te gebruiken; Kozijnen, gevelbeëindiging, verbijzonderingen en dergelijke mogen worden uitgevoerd in contrasterende tinten, zoals bijvoorbeeld roodtinten; Secundaire materialen zoals bijvoorbeeld zink, hout en staal, worden ondergeschikt aan het metselwerk toegepast.

Baksteen plint

Bakstenen gevel

Contrast plint-bovenverdiepingen

Aansluiten bij gevels bestaande bebouwing langs Gildepenningdreef

Accenten verticale ritmiek

Groen dak

Gebruik zonnepanelen

15 | 16

BUITENRUIMTE •

• •

•

REFERENTIES BUITENRUIMTE

Langs de Gildepenningdreef en de noordelijke Beursstraat vindt er een groene inpassing van het gebouw plaats door het groen vanuit het gebied door te trekken; Het binnenterrein krijgt een groene en levendige uitstraling; Parkeren op het binnenterrein wordt zo groen mogelijk ingepast, denk hierbij aan halfverharding; Vanaf de Gildepenningdreef wordt het zicht op het parkeren verminderd door de toepassing van een groene haag, zoals dit ook gebeurd bij het parkeren langs de Gildepenningdreef bij de parkeervoorzieningen van de appartementen boven de supermarkt.

Afbeelding 22: Referentiebeeld halfverharding parkeren

Afbeelding 21: Aansluiting bij sfeer van bestaande inrichting. Beeld van de inrichting van de buitenruimte bij de reeds gerealiseerde supermarkt Albert Heijn.

Afbeelding 23: Referentiebeeld levendige binnentuin met parkeren.

16 | 16

74/303

Bijlage 3

75/303

Stikstofberekening

- MEMO Memo

DATUM KENMERK VAN

9 oktober 2023 20230459 M. Smalbrugge + Y. Meerstra

PROJECT OPDRACHTGEVER BIJLAGE(N)

Bestemmingsplan Beursstraat, Dronten Gemeente Dronten

STIKSTOFEMISSIE EN DEPOSITIE INLEIDING In opdracht van de gemeente Dronten is een stikstofdepositieberekening uitgevoerd voor de aanleg- en exploitatiefase van 36 appartementen aan de Beursstraat te Dronten. In deze berekening is rekening gehouden met de inzet van dieselmaterieel en verkeersbewegingen als emissiebron. In het plangebied, dat in de huidige situatie bestaat uit braakliggende grond, wil de initiatiefnemer een appartementencomplex bouwen met bijbehorende voorzieningen.

WETTELIJK KADER Wet natuurbescherming De Wet natuurbescherming: ● verankert de Europese gebiedsbescherming van Natura 2000, bestaande uit Speciale Beschermingszones (SBZ's) op grond van de Europese Vogel- en Habitatrichtlijn, in de Nederlandse wetgeving; ● vormt de wettelijke basis voor de aanwijzingsbesluiten met instandhoudingsdoelstellingen; ● legt de rol van bevoegd gezag voor verlening van vergunningen meestal bij de provincies. Voor Natura 2000-gebieden gelden onder meer de volgende verplichtingen: • De overheid dient ervoor te zorgen dat de kwaliteit van de natuurlijke habitats en de habitats van soorten in de speciale beschermingszones niet verslechtert. Tevens mag er geen verstoring optreden voor de soorten waarvoor de zones zijn aangewezen. • Voor elk plan of project dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van het gebied, maar afzonderlijk of in combinatie met andere plannen of projecten significante gevolgen kan hebben voor zo'n gebied, wordt een passende beoordeling gemaakt van de gevolgen voor het gebied. Bevoegde nationale instanties geven slechts toestemming voor het plan of project nadat zij de zekerheid hebben verkregen dat de natuurlijke kenmerken van het gebied niet worden aangetast.

• Als een plan of project om dwingende reden van groot openbaar belang toch moet worden gerealiseerd, terwijl significant negatieve effecten niet kunnen worden uitgesloten, moeten alle nodige compenserende maatregelen worden genomen om te waarborgen dat de algehele samenhang van het Europees ecologisch netwerk (Natura 2000) bewaard blijft. Bij de beoordeling van de gevolgen van plannen, projecten en handelingen voor de instandhoudingsdoelstellingen spelen onder andere de ecologische effecten van verzuring en vermesting door een eventuele toename van stikstofdepositie een rol. Uit jurisprudentie volgt dat in een overbelaste situatie al bij een kleine toename van stikstofdepositie sprake kan zijn van significante negatieve effecten. In dat geval is een passende beoordeling noodzakelijk.

AERIUS CALCULATOR EN UITGANGSPUNTEN AERIUS Calculator, release 5 oktober 2023 Met behulp van de nieuwe release van het rekenprogramma AERIUS-calculator (release 5 oktober 2023) is gekeken naar de depositie op de meest nabijgelegen Natura 2000-gebieden (automatische berekening). Vanuit de AERIUS-calculator is

vervolgens een PDF-bestand met resultaten gegenereerd. In figuur 1 is het plangebied met de daaromheen liggende Natura 2000-gebieden weergegeven. De Natura 2000-gebieden die binnen 25 kilometer van het plangebied zijn gelegen betreffen Ketelmeer & Vossemeer, Rijntakken, Veluwerandmeren, Veluwe, Zwart Meer, Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht en IJsselmeer. Van deze Natura 2000-gebieden betreffen delen van Rijntakken, Veluwe en Uiterwaarden Zwarte Water en Vecht stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden binnen 25 kilometer van het plangebied.

Figuur 1: plangebied met meest nabijgelegen Natura 2000-gebieden Exploitatiefase Voor het plan wordt uitgegaan van gasloze appartementen. Er is derhalve geen emissie vanwege het verstoken van aardgas binnen de appartementen/woningen. Op basis van maximaal 36 appartementen bedraagt het aantal verkeersbewegingen ten hoogste 148 per etmaal (lichte motorvoertuigen). Dit is berekend op basis van CROW-kentallen (publicatie 381), zie tabel 1. De verkeersgeneratie op basis van de CROW-kentallen is deels gebaseerd op de omgevingseigenschappen van de locatie en de directe omgeving. De gemeente Dronten betreft een weinig stedelijke gemeente en de locatie ligt in rest bebouwde kom. Het aantal verkeersbewegingen per woning van zware motorvoertuigen bedraagt 0,02 mvt/etmaal (CROW publicatie 381). Het totale aantal verkeersbewegingen van zware motorvoertuigen bedraagt afgerond 1 mvt/etmaal. Voor de rijroutes en rijrichtingen is het heersende verkeersbeeld van belang. Het wegverkeer gaat op in het heersende verkeersbeeld als het qua rij- en stopgedrag en intensiteit niet meer te onderscheiden is van het overige wegverkeer. Voor wat

2/5

betreft de lengte van de rijroutes is uitgegaan van twee rijroutes vanaf het middenterrein waar de parkeervoorzieningen worden gerealiseerd, zie figuur 2. Rijroute 1 gaat via de Gildepenningdreef naar de Guldendreef. Vanaf deze weg kan het verkeer naar het centrumgebied rijden of doorrijden naar de N305. De andere rijroute gaat richting het zuiden naar De West. Via deze weg kan de N309 worden bereikt. Het aantal verkeersbewegingen per rijroute is weergegeven in tabel 2.

Figuur 2: schematische weergave rijroutes verkeersgeneratie

3/5

Tabel 1: Verkeersgeneratie exploitatiefase Woningtype Huur, appartementen, Goedkoop/midden

Aantal wooneenheden 36

Kencijfer CROW per

Verkeersgeneratie per etmaal

4,1

148

Tabel 2: Emissie NOX en NH3 per rijroute Verdeling wegverkeer 50% 50%

Route 1 Route 2 Totaal

Verkeersgeneratie per etmaal 74 mvt licht + 1 zwaar 74 mvt licht 148 mvt licht + 1 zwaar

Aanlegfase Om te verkennen welke effecten kunnen optreden tijdens de aanlegfase is een berekening uitgevoerd. Voor het dieselverbruik is uitgegaan van ervaringsgegevens elders. De volgende uitgangspunten voor de aanlegfase zijn gehanteerd: 1. Voor de aanlegfase wordt uitgegaan van 720 verkeersbewegingen (zware motorvoertuigen) per jaar voor de aan- en afvoer van materiaal en machines. Dit zijn 20 verkeersbewegingen per woning per jaar. Voor het vervoer van personeel zijn er 14 verkeersbewegingen per etmaal. Voor de rijroute van het wegverkeer is uitgegaan van een rijroute vanaf het plangebied richting de Guldendreef (route 1). 2. De aanlegfase van de woningen valt te splitsen in de voorbereiding-/grondwerk en de bouwfase. Gedurende voorbereiding-/grondwerk vindt het bouw- en woonrijp maken plaats. Het gaat hier om de aanleg van de funderingen, rioleringen, bekabeling, wegen, bestrating, straatmeubilair en groenvoorzieningen. Gedurende de bouwfase vindt de daadwerkelijke constructie van de woningen plaats. 3. Het plan wordt naar verwachting in 2024 gerealiseerd. In de berekening is daarom uitgegaan van het rekenjaar 2024. Tabel 3: Specificatie van het dieselmaterieel activiteit

klasse

voorbereiding/grondwerk bouwfase

stage IV, 130300 kW stage IV, 75130 kW

Totaal

4/5

dieselveruren/ aantal dabruik dag gen/ [liter/uur] woning 36 appartementen 15

8

2

10

8

1

totaal aantal uren

72 36 1548

totaal diesel-verbruik [liter]

1080 360 1440

RESULTATEN EN CONCLUSIE In het bijgevoegde PDF-bestand is de ligging van de bronnen en het resultaat weergegeven. Uit de berekeningen blijkt dat de stikstofdepositie nergens hoger is dan afgerond 0,00 mol/ha/jaar en er derhalve geen relevant effect is. Negatieve effecten in de vorm van vermesting en verzuring zijn derhalve niet aan de orde. De aanleg- en exploitatiefase zijn worst-case in dezelfde berekening meegenomen. Voor dit plan geldt geen vergunningplicht op basis van de Wet natuurbescherming (Wnb).

5/5

Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.

Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:

www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers

Projectberekening

Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie

Activiteit

Omschrijving Toelichting

Berekening

Rho Advieurs Keizerstraat 21, 7411HD Deventer Appartementencomplex Beursstraat Dronten Berekening bestemmingsplan Beursstraat te Dronten

AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie

S2LV649ZirBr 09 oktober 2023, 13:50 Wnb-rekengrid

Totale emissie

Rekenjaar

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

Resultaten

Hoogste bijdrage

Hexagon

Gebied

Aanleg- en exploitatiefase - Beoogd Aanleg- en exploitatiefase - Beoogd Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname

S2LV649ZirBr (09 oktober 2023)

2024 -

0,5 kg/j

51,3 kg/j

2/7

Projectberekening

Aanleg- en exploitatiefase (Beoogd), rekenjaar 2024 Emissiebronnen 2 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Aanlegfase  Verkeersnetwerk

S2LV649ZirBr (09 oktober 2023)

Emissie NH₃

Emissie NOₓ

0,3 kg/j 0,1 kg/j

48,1 kg/j 3,2 kg/j

3/7

Projectberekening

Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.

500 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald

Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)

De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). S2LV649ZirBr (09 oktober 2023)

4/7

Projectberekening

Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Aanleg- en exploitatiefase" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)

Totaal

S2LV649ZirBr (09 oktober 2023)

-

Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)

-

-

-

Met afname (ha Grootste afname gekarteerd) (mol N/ha/jr)

-

-

5/7

Projectberekening

Aanleg- en exploitatiefase, Rekenjaar 2024 1

Wegverkeer | Weg

Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer

Route 2 - exploitatiefase X:175782,3 Y:505541,05 181,09 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2

Max. snelheid

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Aantal voertuigbewegingen

In file

74,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning

Naam Locatie Oppervlakte Naam

Aanlegfase X:175843,44 Y:505651,33 0,43 ha

NOₓ NH₃

Stageklasse

Voorbereidingsfase Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja Bouwfase 3

Links Rechts NOₓ 1,3 kg/j Type scherm - - NO₂ 0,2 kg/j Hoogte - - NH₃ 48,4 g/j Afstand tot de weg - -

Stage-IV, 2014-2018, 75-560 kW, diesel, SCR: ja

Brandstof­verbruik

Draaiuren AdBlue verbruik

72 u/j

0 l/j

360 l/j

36 u/j

0 l/j

1080 l/j

Wegverkeer | Weg

Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer

Route 1 - exploitatiefase X:175815,59 Y:505701,41 143,63 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

S2LV649ZirBr (09 oktober 2023)

Max. snelheid

48,1 kg/j 0,3 kg/j

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Stof Emissie

NOₓ

36,0 kg/j NH₃ 0,3 kg/j NOₓ 12,1 kg/j NH₃ 86,4 g/j

Links Rechts NOₓ 1,2 kg/j Type scherm - - NO₂ 0,2 kg/j Hoogte - - NH₃ 42,3 g/j Afstand tot de weg - -

Aantal voertuigbewegingen

74,0 /etmaal 0,0 /etmaal 1,0 /etmaal 0,0 /etmaal

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

6/7

Projectberekening

4

Wegverkeer | Weg

Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer

Aanlegfase - zwaar verkeer X:175815,59 Y:505701,41 143,63 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 5

Max. snelheid

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Wegverkeer | Weg

Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte t.o.v. maaiveld Verkeer

Aanlegfase - personeel X:175815,59 Y:505701,41 143,63 m Binnen bebouwde kom (doorstromend) Beide richtingen 1 Normaal 0m

Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer

Max. snelheid

Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren

Links Rechts NOₓ 0,4 kg/j Type scherm - - NO₂ 0,1 kg/j Hoogte - - NH₃ 7,7 g/j Afstand tot de weg - -

Aantal voertuigbewegingen

0,0 /jaar 0,0 /jaar 720,0 /jaar 0,0 /jaar

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Links Rechts NOₓ 0,3 kg/j Type scherm - - NO₂ 43,3 g/j Hoogte - - NH₃ 10,4 g/j Afstand tot de weg - -

Aantal voertuigbewegingen

20,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal 0,0 /etmaal

In file

0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %

Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2023_20231004_fd8d865135 Database versie 2023_fd8d865135_calculator_nl_stable Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/

S2LV649ZirBr (09 oktober 2023)

7/7

88/303

Bijlage 4

89/303

Quickscan flora en fauna

Beursstraat 35 te Dronten

G&G-advies QS2023-155

Toetsing in het kader van de natuurwetgeving

Van der Goes en Groot ecologisch onderzoeks- en adviesbureau

Beursstraat 35 te Dronten

Toetsing in het kader van de natuurwetgeving

J.R. Fokkens

2023

Opdrachtgever RHO Adviseurs

G&G-advies QS2023-155

Datum Versie

22 mei 2023 V1

Gecontroleerd door: W. Peters De onderstaande toetsing is gebaseerd op de plannen zoals aangegeven door de opdrachtgever. Bij wijziging van plannen, werkperioden, of werkwijzen kunnen andere conclusies en aanbevelingen met betrekking tot de effecten op beschermde soorten van toepassing zijn. De bevindingen die zijn beschreven in onderliggende ecologische beoordeling worden over het algemeen gedurende een periode van drie jaar na de verschijningsdatum van dit rapport als geldend gezien, mits omstandigheden in het beschreven gebied niet te sterk zijn gewijzigd.

Bovendijk 35-G

Hazenkoog 35-A

2295 RV Kwintsheul

1822 BS Alkmaar

www.vandergoesengroot.nl

Beursstraat 35 te Dronten

3

Inhoudsopgave 1

2

3

Inleiding

5

1.1

Aanleiding voor het onderzoek ............................................................................... 5

1.2

Doel van het onderzoek........................................................................................... 6

1.3

Het plangebied......................................................................................................... 6

1.4

Werkzaamheden ...................................................................................................... 6

1.5

Leeswijzer ................................................................................................................ 7

Methode

8

2.1

Soorten .................................................................................................................... 8

2.2

Gebieden.................................................................................................................. 9

Beschermde sooren Wnb

10

3.1

Beschrijving aanwezige biotopen .......................................................................... 10

3.2

Beschermde soorten.............................................................................................. 12 3.2.1 Planten .................................................................................................................... 12 3.2.2 Vissen ...................................................................................................................... 12 3.2.3 Amfibieën ................................................................................................................ 12 3.2.4 Vogels ...................................................................................................................... 13 3.2.5 Grondgebonden zoogdieren ................................................................................... 14 3.2.6 Vleermuizen ............................................................................................................ 15 3.2.7 Overige fauna .......................................................................................................... 16

3.3

4

5

Conclusie beschermde soorten ............................................................................. 17

Effectbeoordeling en maatregelen

18

4.1

Vogels..................................................................................................................... 18

4.2

Grondgebonden zoogdieren.................................................................................. 18

4.3

Vleermuizen ........................................................................................................... 19

4.4

Conclusie effectbeoordeling .................................................................................. 19

Gebiedsbescherming en overige natuurwetgeving

20

5.1

Natura 2000 ........................................................................................................... 20

5.2

Natuurnetwerk Nederland (NNN) ......................................................................... 21

5.3

Weidevogelgebieden ............................................................................................. 21

5.4

Houtopstanden ...................................................................................................... 21

5.5

Overige relevante wetgeving................................................................................. 21

Van der Goes en Groot

ecologisch onderzoeks- en adviesbureau

QS2023-155

Beursstraat 35 te Dronten

4 5.6

6

Conclusie gebiedsbeschermende en overige natuurwetgeving ............................22

Conclusies

23

6.1

Beschermde soorten Wnb .....................................................................................23

6.2

Gebiedsbescherming en overige natuurwetgeving ...............................................24

6.3

Zorgplicht ...............................................................................................................24

6.4

Aanbevelingen ter bevordering van natuur ...........................................................25

7

Aanbevolen en geraadpleegde literatuur

26

8

Bijlagen

28

Van der Goes en Groot ecologisch onderzoeks- en adviesbureau

QS2023-155

Beursstraat 35 te Dronten

1

5

Inleiding 1.1

Aanleiding voor het onderzoek Er bestaan plannen een braakliggend terrein aan de Beursstraat te Dronten her in te richten. Dronten ligt in de gelijknamige gemeente in de provincie Flevoland. Het plangebied wordt bouwrijp gemaakt en hier wordt nieuwbouw gebouwd. Het is mogelijk dat binnen het plangebied soorten voorkomen die beschermd zijn onder de Wet natuurbescherming (Wnb) of dat het plan gevolgen heeft voor nabijgelegen beschermde gebieden. In opdracht van RHO Adviseurs heeft Ecologisch Onderzoeks- en Adviesbureau Van der Goes en Groot in het kader van de huidige natuurwetgeving een quickscan uitgevoerd om dit nader te onderzoeken. Het onderzoek heeft bestaan uit een bronnenstudie en een veldbezoek. Een quickscan is een momentopname die soms slechts in beperkte mate uitsluitsel geeft over de afwezigheid van soorten. Dit onderzoek betreft geen volledige veldinventarisatie. Mochten er door de plannen effecten te verwachten zijn op beschermde soorten die mogelijk aanwezig zijn en niet zijn uit te sluiten vanwege tijdstip van het veldbezoek of niet inspecteerbare delen van het plangebied, dan wordt een nader onderzoek geadviseerd.

De ligging van het plangebied (rood omlijnd).

Van der Goes en Groot

ecologisch onderzoeks- en adviesbureau

QS2023-155

Beursstraat 35 te Dronten

6

1.2

Doel van het onderzoek Doel van het onderzoek is om inzicht te krijgen in het (mogelijke) voorkomen van beschermde soorten in het kader van de Wnb. Tevens wordt onderzocht of de plannen negatieve effecten op dergelijke soorten en/of op beschermde gebieden kunnen veroorzaken. Op grond van het onderzoek wordt geadviseerd omtrent te nemen maatregelen om negatieve effecten te voorkomen of te verzachten en omtrent de noodzaak ontheffing of vergunning aan te vragen. Een uitgebreide beschrijving van de getoetste wetgeving is te vinden in Bijlage 1.

1.3

Het plangebied In Figuur 1 is de ligging van het onderzoeksgebied aangegeven. Het plangebied betreft een braakliggend terrein en bevindt zich in de dorpse omgeving van Dronten. Het plangebied wordt omsloten door woonwijken, winkels en doorgaande wegen. Ten noorden van het plangebied loopt het spoor welke van Lelystad naar Zwolle loopt. Op ongeveer vijf kilometer afstand ten noorden van het plangebied ligt Natura 2000-gebied Ketelmeer & Vossemeer.

1.4

Werkzaamheden Het braakliggende terrein wordt bouwrijp gemaakt. Hierna zal er een nieuw appartementencomplex gebouwd worden. Bij de uitvoering van de plannen worden geen bomen en/of struiken gekapt en er is geen watergang aanwezig in het plangebied. De ecologisch gevoelige werkzaamheden zullen bestaan uit het verwijderen van de vegetatieve toplaag, het vergraven van de bodem en het opbrengen van grond. Daarbij kunnen dieren en planten beschadigd, verwond, verdrukt of gedood worden. Ook kunnen verblijfplaatsen van dieren of groeiplekken van planten beschadigd of vernield worden. Bij de uitvoering van de werkzaamheden kan door geluid, trillingen, licht en de belemmerende werking van steigers, verstoring optreden van (beschermde) soorten.

Van der Goes en Groot

ecologisch onderzoeks- en adviesbureau

QS2023-155

Beursstraat 35 te Dronten

1.5

7

Leeswijzer In hoofdstuk 2 wordt de methode van het onderzoek beschreven. In hoofdstuk 3 worden de biotopen die aanwezig zijn in het plangebied beschreven en wordt aangegeven welke soorten aanwezig (kunnen) zijn binnen en nabij het plangebied. In hoofdstuk 4 wordt ingeschat in hoeverre deze soorten negatieve effecten kunnen ondervinden van het werk en welke specifieke maatregelen eventueel noodzakelijk zijn. Hoofdstuk 5 beschrijft of- en welke gebiedsbeschermende wetgeving van toepassing is op het plangebied. Ten slotte bevat hoofdstuk 6 de conclusies. Indien van toepassing worden aanbevelingen gedaan. Hoofdstuk 7 geeft een overzicht van de gebruikte en aanbevolen literatuur. In de bijlage is aanvullende informatie opgenomen over de geldende wetgeving en de gebruikelijke procedures bij een vergunnings- en/of ontheffingsaanvraag.

Van der Goes en Groot

ecologisch onderzoeks- en adviesbureau

QS2023-155

Beursstraat 35 te Dronten

8

2

Methode Hieronder wordt aangegeven hoe is onderzocht welke soorten te verwachten zijn binnen het plangebied. Speciale aandacht is uitgegaan naar díe beschermde soorten waarvoor, indien aanwezig, specifieke maatregelen moeten worden getroffen of ontheffing moet worden aangevraagd bij werkzaamheden in het kader van dit plan. Daarnaast is gekeken of het plangebied tot een beschermd natuurgebied behoort of dat dergelijke gebieden aanwezig zijn in de nabijheid van het plangebied.

2.1

Soorten Bronnenstudie Op basis van literatuurgegevens en informatie, samengebracht in bijvoorbeeld de Nationale Databank Flora- en Fauna (NDFF) is bekeken in hoeverre (beschermde) soorten in het verleden zijn aangetroffen in en rond het plangebied. Voor het onderzoek van de NDFF is het kilometerhok onderzocht waarbinnen het plangebied is gelegen en de acht daaromheen gelegen kilometerhokken, rekening houdend met relevante, overeenkomstige biotopen tussen plangebied en omgeving. In de database is gezocht naar gegevens van beschermde (vogel-) soorten met jaarrond beschermde verblijfplaatsen of naar soorten die niet provinciaal zijn vrijgesteld. Hierbij is gekeken naar waarnemingen in de afgelopen 10 jaar (2013-2023). Vervolgens is een interpretatie gedaan met betrekking tot de aard en de waarde van de waarnemingen (bijvoorbeeld foeragerend, overwinterend, trekkend, overvliegend of verblijvend). Ook is gekeken naar de onderzoeksinspanning en de (verwachte) volledigheid van de waarnemingen en de kans dat de situatie ter plaatse veranderd is. Er is in de NDFF niet gericht gezocht naar vogelsoorten met nietjaarrond beschermde nesten, provinciaal vrijgestelde soorten en in het geheel niet te verwachten soorten zoals zeezoogdieren of zoutwatervissen. Met vogels die geen jaarrond beschermd nest hebben moet, in algemene zin, wél rekening gehouden worden (zie ook §3.2.4).

Potenties voor vrijgestelde soorten amfibieën en grondgebonden zoogdieren die mogelijk voorkomen in het plangebied, worden kort genoemd. Voor deze soorten geldt, net als voor alle andere soorten, onverminderd de zorgplicht welke wordt besproken in de conclusies en de bijlage m.b.t. de wetgeving. Naast het onderzoek van de NDFF zijn relevante verspreidingsatlassen en eventueel andere literatuur en websites geraadpleegd om de ecologische vereisten van soorten in samenhang met de verspreiding te bekijken.

Van der Goes en Groot

ecologisch onderzoeks- en adviesbureau

QS2023-155

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/26/documents/31