CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

bbb5553a-a215-44f0-b5d6-6a289775682a.pdf

Raadsvergadering 28 september 2023, gemeente DrontenBij agendapunt: 7.i: AKKOORD Raadsvoorstel Zienswijzen wijziging gemeenschappelijke regelingen Veiligheidsregio Flevoland en GGD Flevoland13.250 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

a.

In 2020 worden de gemeentelijke bijdragen voor 30% verdeeld op basis van de oppervlakte en voor 70% op basis van het aantal inwoners van een gemeente in het totaal van gemeenten. In afwijking daarop wordt voor de lokale brandweerzorg de verdeling op basis van de historische overdrachtsprijs, zijnde door de gemeenten overgedrag en brandweertaken bij regionalisering in 2009, uit de gemeent en gehanteerd;

b.

In 2021 worden de gemeentelijke bijdragen voor 4/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 1/5e deel op basis van het eerste lid;

b.

In 2021 worden de gemeentelijke bijdragen voor 4/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 1/5e deel op basis van het eerste lid;

c.

In 2022 worden de gemeentelijke bijdragen voor 3/5e deel 29

c.

In 2022 worden de gemeentelijke bijdragen voor 3/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 2/5e deel op basis van het eerste lid;

d.

In 2023 worden de gemeentelijke bijdragen voor 2/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 3/5e deel op basis van het eerste lid;

e.

In 2024 worden de gemeentelijke bijdragen voor 1/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 4/5e deel op basis van het eerste lid.

verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 2/5e deel op basis van het eerste lid;

3. 3.

In afwijking van het eerste lid gelden in de jaren 2020 tot en met 2026 voor het berekenen van de generieke bijdragen van de gemeenten Dronten, Noordoostpolder, Urk en Zeewolde de volgende verdeelsleutels: a.

In 2020 worden de generieke gemeentelijke bijdragen voor 30% verdeeld op basis van de oppervlakte en voor 70%op basis van het aantal inwoners van een gemeente in het totaal van gemeenten. In afwijking daarop wordt voor de lokale brandweerzorg de verdeling op basis van de historische overdrachtsprijs, zijnde door de gemeenten overgedrag en brandweertaken bij regionalisering in 2009, uit de gemeent en gehanteerd;

b.

In 2021 worden de gemeentelijke bijdragen voor 6/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 1/7e deel op basis van het eerste lid;

c.

In 2022 worden de gemeentelijke bijdragen voor 5/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 2/7e deel op basis van het eerste lid;

d.

In 2023 worden de gemeentelijke bijdragen voor 2/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 3/5e deel op basis van het eerste lid;

e.

In 2024 worden de gemeentelijke bijdragen voor 1/5e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 4/5e deel op basis van het eerste lid.

In afwijking van het eerste lid gelden in de jaren 2020 tot en met 2026 voor het berekenen van de generieke bijdragen van de gemeenten Dronten, Noordoostpolder, Urk en Zeewolde de volgende verdeelsleutels:

a.

In 2020 worden de generieke gemeentelijke bijdragen voor 30% verdeeld op basis van de oppervlakte en voor 70% op basis van het aantal inwoners van een gemeente in het totaal van gemeenten. In afwijking daarop wordt voor de lokale brandweerzorg de verdeling op basis van de historische overdrachtsprijs, zijnde door de gemeenten overgedrag en brandweertaken bij regionalisering in 2009, uit de gemeent en gehanteerd;

b.

In 2021 worden de gemeentelijke bijdragen voor 6/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 1/7e deel op basis van het eerste lid;

c.

In 2022 worden de gemeentelijke bijdragen voor 5/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 2/7e deel op basis van het eerste lid;

d.

In 2023 worden de gemeentelijke bijdragen voor 4/7e deel 30

d.

In 2023 worden de gemeentelijke bijdragen voor 4/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 3/7e deel op basis van het eerste lid;

e.

In 2024 worden de gemeentelijke bijdragen voor 3/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 4/7e deel op basis van het eerste lid;

f.

In 2025 worden de gemeentelijke bijdragen voor 2/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 5/7e deel op basis van het eerste lid;

g.

In 2026 worden de gemeentelijke bijdragen voor 1/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 6/7e deel op basis van het eerste lid

verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 3/7e deel op basis van het eerste lid;

e.

In 2024 worden de gemeentelijke bijdragen voor 3/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 4/7e deel op basis van het eerste lid;

f.

In 2025 worden de gemeentelijke bijdragen voor 2/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 5/7e deel op basis van het eerste lid;

g.

In 2026 worden de gemeentelijke bijdragen voor 1/7e deel verdeeld op basis van de verdeelsleutel, bedoeld onder a, en voor 6/7e deel op basis van het eerste lid.

4.

De inwonersaantallen, bedoeld in het tweede en het derde lid, onder a, worden vastgesteld conform de inwonersaantallen per 1 januari van het voorgaand jaar, die gepubliceerd worden door de Provincie Flevoland. De oppervlakte van een gemeente, bedoeld in het tweede lid, onder a, wordt vastgesteld op basis van de totale gemeentelijke oppervlakte volgens CBS, waarbij het aantal hectaren binnenwater IJssel- meer/Markermeer gemaximeerd is op 10.000.

De kosten worden jaarlijks geïndexeerd voor prijsontwikkeling van lonen en prijzen, volgens een in een financiële verordening vastgestelde systematiek.

5.

De kosten worden jaarlijks geïndexeerd voor prijsontwikkeling van lonen en prijzen, volgens een in een financiële verordening vastgestelde systematiek.

Andere ontwikkelingen en mutaties worden vóór het opstellen van de begroting in een nota van uitgangspunten door het algemeen bestuur vastgesteld.

6.

Andere ontwikkelingen en mutaties worden vóór het opstellen van de begroting ín een nota van uitgangspunten door het algemeen bestuur vastgesteld.

7.

Bij het berekenen van het saldo van baten en lasten wordt rekening

4.

De inwonersaantallen, bedoeld in het tweede en het derde lid, onder a, worden vastgesteld conform de inwonersaantallen per 1 januari van het voorgaand jaar, die gepubliceerd worden door de Provinc ie Flevoland. De oppervlakte van een gemeente, bedoeld in het tweede lid, onder a, wordt vastgesteld op basis van de totale gemeentelijk e oppervlakte volgens CBS, waarbij het aantal hectaren binnenwat er IJssel- meer/Markermeer gemaximeerd is op 10.000.

5.

6.

31

7.

Bij het berekenen van het saldo van baten en lasten wordt rekening gehouden met bijdragen van het Rijk en van anderen.

8.

Voor de specifieke kosten die niet in redelijk gelijke mate ten behoeve van alle deelnemers zijn gemaakt, bepaalt het algemeen bestuur welke kosten als zodanig moeten worden aangemerkt en stelt het algemeen bestuur een nadere kostenverdeling vast.

9.

De specifieke kosten worden gedragen door de gemeenten die van de voorzieningen en diensten, waarvoor die kosten zijn gemaakt, gebruik hebben gemaakt en wel in de mate waarin zulks geschiedde.

gehouden met bijdragen van het Rijk en van anderen.

8.

Voor de specifieke kosten die niet in redelijk gelijke mate ten behoeve van alle deelnemers zijn gemaakt, bepaalt het algemeen bestuur welke kosten als zodanig moeten worden aangemerkt en stelt het algemeen bestuur een nadere kostenverdeling vast.

9.

De specifieke kosten worden gedragen door de gemeenten die van de voorzieningen en diensten, waarvoor die kosten zijn gemaakt, gebruik hebben gemaakt en wel in de mate waarin zulks geschiedde.

10. De gemeenten betalen bij wijze van voorschot jaarlijks vóór 15 januari, 15 april,15 juli en 15 oktober een vierde van de in artikel 16, zesde lid, bedoelde bijdrage.

10.

De gemeenten betalen bij wijze van voorschot jaarlijks vóór 15 januari, 15 april, 15 juli en 15 oktober een vierde van de in artikel 27, negende lid, bedoelde bijdrage.

11. Blijft betaling voor de in het negende lid genoemde data achterwege, dan treedt een boetebeding in werking. Het aandeel wordt dan verhoogd met zoveel twaalfde gedeelten van de jaarrente als er maanden zijn verstreken sinds de desbetreffende verval datum. Een gedeelte van een maand wordt voor een volle maand gerekend. Het rentepercentage is gelijk aan het percentage van de wettelijk vastgestelde rente voor het jaar van inning van het aandeel.

11.

Blijft betaling voor de in het negende lid genoemde data achterwege, dan treedt een boetebeding in werking. Het aandeel wordt dan verhoogd met zoveel twaalfde gedeelten van de jaarrente als er maanden zijn verstreken sinds de desbetreffende vervaldat um. Een gedeelte van een maand wordt voor een volle maand gerekend. Het rentepercentage is gelijk aan het percentage van de wettelijk vastgestelde rente voor het jaar van inning van het aandeel.

Toelichting: Blijft ongewijzigd, alleen de nummering is aangepast.

Artikel 20 Waarborg en garantstelling

Artikel 31

1.

Waarborg en garantstelling

De deelnemende gemeenten dienen er steeds zorg voor te dragen 32

1.

De gemeenten dienen er zorg voor te dragen dat het op grond van deze regeling ingestelde openbaar lichaam te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al haar verplichtingen te voldoen.

2.

Indien blijkt dat een deelnemer deze uitgaven niet in de begroting opneemt, doet het dagelijks bestuur aan Gedeputeerde Staten van Flevoland het verzoek over te gaan tot toepassing van artikel 194 en 195 van de Gemeentewet.

3.

De gemeenten waarborgen, dan wel stellen zich garant, tegenover de veiligheidsregio voor betaling van rente en aflossing van de door de veiligheidsregio aangegane regelingen en voor dekking van eventuele exploitatie- of begrotingstekorten van de veiligheidsregio. Een en ander vindt plaats binnen de door het algemeen bestuur vastgestelde kaders.

dat het op grond van deze gemeenschappelijke regeling ingestelde openbaar lichaam te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al zijn verplichtingen te kunnen voldoen.

2.

Indien aan het algemeen bestuur van het openbaar lichaam blijkt dat een gemeente weigert deze uitgaven in de begroting op te nemen, doet het algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195 van de Gemeentewet.

3.

De deelnemende gemeenten waarborgen dan wel stellen zich garant tegenover de veiligheidsregio voor betaling van rente en aflossing van door de veiligheidsregio aangegane leningen en voor dekking van eventuele exploitatie-of begrotingstekorten van de veiligheidsregio. Een en ander vindt plaats binnen de door het algemeen bestuur vastgestelde kaders en procedures. Deze garantstelling geschiedt naar verhouding van de bijdragenverdeelsleutel als bedoeld in artikel 29.

HOOFDSTUK 7 ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN

HOOFDSTUK 9 ADMINISTRATIEVE BEPALINGEN

Artikel 21 Archiefbepalingen

Artikel 32

1.

Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de veiligheidsregio conform de Archiefverordening van de gemeent e Lelystad.

2.

De ambtelijk secretaris archiefbescheiden.

3.

is

belast

met

het

beheer

van

Archief

1.

Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden van de veiligheidsregio. Deze zorg voor archiefbescheiden – voortkomend uit taken en bevoegdheden – wordt verricht volgens een door het algemeen bestuur vast te stellen verordening.

2.

Ten aanzien van beheer van de archiefbescheiden voortkomende uit de diensten worden nadere regelingen getroffen.

3.

De ambtelijk secretaris is belast met het beheer van de archiefbescheiden voor zover deze archiefbescheiden niet zijn overgebracht naar de archiefbewaarplaats van de gemeent e

de

De archiefbescheiden van de veiligheidsregio, die daarvoor in aanmerking komen, worden naar de archiefplaats, zijnde de

33

gemeentelijke overgebracht. 4.

archiefbewaarplaats

van

de

gemeente

Lelystad,

De gemeentearchivaris van de gemeente Lelystad oefent het toezicht uit op het beheer van de niet overgebrachte archiefbescheiden van de veiligheidsregio, als bedoeld in artikel 32, tweede lid, van de Archiefwet.

Lelystad.

4.

De archivaris van de gemeente Lelystad oefent toezicht uit op het onder het derde lid genoemde beheer.

5.

Voor de bewaring van de op grond van artikel 12 van de Archiefwet 1995 over te brengen archiefbescheiden van de in deze regeling genoemde organen is aangewezen de archiefbewaarplaats van de gemeente Lelystad.

6.

Na opheffing van de gemeenschappelijke regeling worden de onder het eerste lid bedoelde archiefbescheiden met inachtneming van artikel 8 van het Archiefbesluit voor zover mogelijk vervre emd aan de taakopvolger. De overbrenging van de archiefbescheiden in goede, geordende en toegankelijke staat naar de archiefbewaarplaats van de gemeente Lelystad geschiedt als had geen opheffing plaatsgevonden. Als er geen taakopvolger is, geschiedt de genoemde overbrenging direct.

7.

De onder het vijfde en zesde lid bedoelde archiefbescheiden worden beheerd door de archivaris van de gemeente Lelystad.

Toelichting: Redactioneel gewijzigd o.b.v. advies uit het proces verbetering informatiehuishouding van Veiligheidsregio Flevoland en Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek .

HOOFDSTUK 8 BIJZONDERE BEPALINGEN

HOOFDSTUK OPHEFFING

10

TOETREDING,

UITTREDING,

Artikel 33

Toetreding en uittreding

WIJZIGING

EN

Artikel 22 Toetreding en uittreding 1.

Toetreding van gemeenten tot deze regeling of uittreding uit deze regeling is slechts mogelijk na wijziging van de indeling van gemeent en

1.

Toetreding van gemeenten tot deze regeling of uittreding uit deze 34

in regio’s zoals vastgelegd in de bijlage bij artikel 9 van de Wvr of na gemeentelijke herindeling op basis van de Wet algemene herindeling (Wet arhi). 2.

Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding of de uittreding en kan voorwaarden verbinden aan de toetreding of uittreding.

regeling is slechts mogelijk na wijziging van de indeling van gemeenten in regio’s zoals vastgelegd in de bijlage bij artikel 8 van de Wvr of na gemeentelijke herindeling op basis van de Wet algemene herindeling.

2.

De colleges van de deelnemende gemeenten en die van de toeof uittredende gemeente(n) regelen in onderling overleg de gevolgen van de toetreding of de uittreding voor het vermogen van de gemeenschappelijke regeling en de deelnemende gemeenten. Daartoe maken zij afspraken over ten minste: personeel, contracten, huisvesting en investeringen. Artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen is van overeenkomst ige toepassing.

3.

Indien geen overeenstemming wordt bereikt over de gevolgen van uittreding en daarmee de uittreding zelf, kan op verzoek van elk van de colleges toepassing worden gegeven aan artikel 36 van deze regeling.

Toelichting: Een besluit tot uittreding wordt niet genomen door de uittredende gemeente zelf maar volgt hetzij uit een wijziging van de in deling in regio’s zoals opgenomen In de bijlage bij de wet veiligheidsregio's dan wel uit een gemeentelijk e herindeling. Dit betek ent dat een verzoek tot uittreding van de uittredende gemeente aan het algemeen bestuur niet aan de orde is. Het gaat om een melding waar het algemeen bestuur k ennis van neemt. Omdat een veiligheidsregio een regeling van colleges van burgemeester en wethouders is, zijn alle colleges partij. Zij dienen dus te overleggen over de gevolgen van de uittreding. Kijk end naar artik el 1 van de Wgr lijk t het om redenen van democratische legitimering aantrek k eli jk dat alle colleges hun voornemen tot besluitvorming over die gevolgen ter k ennis brengen van de eigen raad en deze om een eventuele zienswijze vragen. Als alle colleges, gedek t door de raden, het eens zijn over de gevolgen van de uittreding is de zaak opgelost en k an tot afwik k eling worden overgegaan. Wanneer geen overeenstemming k an worden bereik t doet zich de vraag voor hoe tot besluitvorming k an worden gek omen, om een patstelling t e voork omen. Het algemeen bestuur is zodanig geen partij dat hij hierin een k noop door k an hak k en. Bovendien: de uittredende ge meente delft dan altijd het onderspit.

Hetzelfde euvel doet zich voor als je de colleges in meerderheid laat beslissen.

35

Beter is een geschillenregeling. De bestaande geschillenregeling is bedoeld om een oplossing te bieden in die gevallen waarin over de toepassing van de gemeenschappelijk e regeling verschil van opvatting persisteert. Een verschil van mening over de gevolgen van de uittreding is logischerwijs misschien wel aan te merk en als een geschil over de toepassing van de gemeenschappelijk e regeling in de ruimste zin. Maar om onduidelijk heid te voork omen wordt dit expliciet genoemd en verwezen naar de geschillenregeling van de gemeenschappelijk e regeling.

Artikel 23 Wijziging 1.

Met inachtneming van de Wvr kan deze regeling worden gewijzigd bij daartoe strekkend besluit van de colleges van burgemeester en wethouders van tweederde van de gemeenten.

2.

Indien het algemeen bestuur wijziging van deze regeling wenselijk acht, doet het dagelijks bestuur het daartoe strekkend voorstel van het algemeen bestuur toekomen aan de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten.

Artikel 34

Wijziging

1.

Wijziging van de regeling vindt plaats bij eensluidende besluiten van de colleges, na toestemming van de desbetreffende raden, van ten minste twee derde van de gemeenten. Een voorstel daartoe kan worden gedaan door het algemeen bestuur of door de colleges van ten minste een derde van de deelnemende gemeenten.

2.

Als een voorstel als bedoeld in het vorige lid uitgaat van colleges, dienen zij dit in bij het algemeen bestuur. Het algemeen bestuur legt het voorstel ter beslissing voor aan de colleges die hun raad om toestemming vragen.

3.

Het gemeentebestuur als genoemd in artikel 39 lid 1 geeft van elk besluit van wijziging kennis aan de colleges en de raden van de deelnemende gemeenten en aan gedeputeerde staten.

Toelichting: Bepaling is gewijzigd ten behoeve van de harmonisatie met de regeling van Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek .

Artikel 24 Opheffing 1.

Deze regeling kan alleen worden opgeheven, indien in plaats hiervan een nieuwe regeling in werking treedt die voldoet aan de eisen uit de

Artikel 35

1.

Opheffing

Deze gemeenschappelijke regeling kan alleen worden opgeheven indien in plaats hiervan een nieuwe regeling in werking treedt die voldoet aan de eisen uit de Wet veiligheidsregio’s dan wel als de 36

Wvr dan wel als de verplichting tot instandhouding van gemeenschappelijke regeling uit de Wvr niet langer bestaat.

een

2.

In geval van opheffing van het openbaar lichaam besluit het algemeen bestuur tot liquidatie en stelt daarvoor de nodige regelen. Hierbij kan van de bepalingen van deze regeling worden afgeweken.

3.

Het liquidatieplan wordt door het algemeen bestuur, de raden van de gemeenten gehoord, vastgesteld.

4.

Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de beëindiging heeft voor de medewerkers als bedoeld in artikel 13.

5.

Het liquidatieplan geeft regels voor de wijze waarop de gemeenten, voor zover het saldo ontoereikend is, zorg dragen voor de nakoming van de verplichtingen van het openbaar lichaam.

6.

Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie.

7.

Zo nodig blijven de organen van het openbaar lichaam ook na het tijdstip van opheffing in functie, totdat de liquidatie is voltooid.

verplichting tot instandhouding van een gemeenschappelijk e regeling uit de Wet veiligheidsregio’s niet langer bestaat.

2.

Bij opheffing van de regeling stelt het algemeen bestuur, gehoord de colleges en de raden van de deelnemende gemeenten, een liquidatieplan vast voor de gevolgen van de opheffing. Hierbij kan van de bepalingen uit deze gemeenschappelijke regeling worden afgeweken.

3.

Dit liquidatieplan voorziet in de verplichting van de gemeenten om alle rechten en verplichtingen van Veiligheidsregio Flevoland te verdelen op een in het liquidatieplan nader te bepalen wijze. Artikel 9 van de Wet gemeenschappelijke regelingen is daarbij van overeenkomstige toepassing.

4.

Het liquidatieplan voorziet tevens in de gevolgen die de beëindiging heeft voor de medewerkers werkzaam bij Veiligheidsregio Flevoland.

5.

Het liquidatieplan geeft regels voor de wijze waarop de aan deze gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten, voor zover het saldo ontoereikend is, zorg dragen voor de nakoming van de verplichtingen van het openbaar lichaam.

6.

Het dagelijks bestuur is belast met de uitvoering van de liquidatie.

7.

Zo nodig blijven de organen van het openbaar lichaam ook na het tijdstip van opheffing in functie totdat de liquidatie is voltooid.

8.

Het gemeentebestuur, genoemd in artikel 39 lid 1, geeft van elk besluit van opheffing kennis aan de colleges en de raden van de deelnemende gemeenten en aan gedeputeerde staten.

37

HOOFDSTUK 11 BIJZONDERE BEPALINGEN Artikel 25 Geschillen

Artikel 36 Geschillen

1.

Voordat over een geschil als bedoeld in artikel 28 van Wgr de beslissing van Gedeputeerde Staten van Flevoland wordt ingeroepen, legt het algemeen bestuur het geschil voor aan een geschillencommissie.

1.

Voordat over een geschil als bedoeld in artikel 28 van Wet gemeenschappelijke regelingen de beslissing van gedeputeerde staten wordt ingeroepen, legt het algemeen bestuur het geschil voor aan een geschillencommissie.

2.

De geschillencommissie bestaat uit vertegenwoordigers, aangewez en door elk der bij het geschil betrokken partijen, alsmede een door deze vertegenwoordigers aangewezen onafhankelijke voorzitter.

2.

De geschillencommissie bestaat uit vertegenwoordigers van alle bij het geschil betrokken partijen en een door deze vertegenwoordigers aangewezen onafhankelijk voorzitter.

3.

De geschillencommissie hoort de bij het geschil betrokken besturen.

3.

De geschillencommissie stelt haar werkwijze zelf vast.

4.

De geschillencommissie brengt aan het algemeen bestuur advies uit over de mogelijkheden om partijen tot overeenstemming te brengen.

4.

De geschillencommissie hoort de bij het geschil betrokken partijen.

5.

De geschillencommissie brengt aan het algemeen bestuur advies uit over de mogelijkheden om partijen tot overeenstemming te brengen. De geschillencommissie brengt dit advies onverwijld ter kennis van de bij het geschil betrokken partijen. Het advies is openbaar.

HOOFDSTUK 12 SLOTBEPALINGEN Artikel 37

Evaluatie betrokkenheid gemeenteraden

Voor de evaluatie van deze regeling wordt aangesloten bij het beleid omtrent de evaluatie van verbonden partijen van de deelnemende gemeenten. Toelichting:

38

De gewijzigde Wet gemeenschappelijk e regeling k ent een verplichting om afsprak en te mak en over evaluatie van de gemeenschappe lijk e regeling. Om onnodige administratieve lasten voor de deelnemende partijen te voork omen wordt niet in de wet voorgeschreven waar de evaluatie specifiek op gericht moet zijn, hoe vaak die moet plaatsvinden en op welk e wijze. Er k an dus ook worden gek ozen voor de afspraak om de regeling ni et te evalueren, maar dit is dan een bewuste k euze waar de raden mee dienen in te stemmen. Er is gek ozen om het evalueren van deze regeling aan te laten sluiten bij het gemeentelijk beleid in evaluatie van de betrok k en partijen van de desbetreffende gemeenten. Dit heeft als doel om te zorgen dat de evaluatie van de gemeenschappelijk e regeling effi ciënt en doeltreffend verloopt. Door de evaluatie aan te sluiten op het gemeentelijk beleid omtrent evaluatie van verbonden partijen, wordt voork omen dat er onnodige extra last ontstaat voor zowel de gemeenten als de regeling zelf.

HOOFDSTUK 9 OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN Artikel 26 Duur van de regeling

Artikel 38

Deze regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.

De colleges gaan deze regeling aan voor onbepaalde tijd.

Artikel 28 Citeertitel

Artikel 40

Deze regeling wordt aangehaald Veiligheidsregio Flevoland 2017”.

als

“Gemeenschappelijke

regeling

Duur van de regeling

Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald Veiligheidsregio Flevoland 2023.

als: Gemeenschappelijke

regeling

Artikel 29 Bekendmaking

Artikel 39

Bekendmaking en inwerkingtreding

Het college van de gemeente Lelystad wordt aangewezen als het gemeentebestuur als bedoeld in artikel 26 van de Wgr. In deze hoedanigheid zendt zij de regeling aan Gedeputeerde Staten van Flevoland en maakt deze tijdig in alle gemeenten bekend door kennisgeving van de inhoud hiervan in de Staatscourant. Artikel 140 van de Gemeentewet is van overeenkomst ige toepassing.

1.

Het gemeentebestuur van Lelystad is het gemeentebestuur als bedoeld in artikel 26 van de Wet gemeenschappelijke regelingen en maakt de regeling in alle deelnemende gemeenten bekend in het door dat gemeentebestuur uitgegeven gemeenteblad.

2.

Het dagelijks bestuur voegt in het register, bedoeld in artikel 136 lid 1 Wet gemeenschappelijke regelingen, de gegevens toe, bedoeld in artikel 136, tweede lid Wet gemeenschappelijke regelingen.

3.

Deze gemeenschappelijke regeling treedt in werking op de dag na 39

bekendmaking.

4.

Het eerste, tweede en derde lid zijn van toepassing op besluiten tot wijziging of opheffing van de regeling, alsmede op besluiten tot toetreding en uittreding.

Toelichting: De gemeenschappelijk e regeling van 1 januari 2008 blijft van k racht maar heeft vanwege de inwerk ingtreding en aanpassing van de Wet veiligheidsregio’s en de wijziging van de Wet gemeenschappelijk e regelingen een aantal wijzigingen ondergaan. Lid 2 is toegevoegd n.a.v. de inwerk ingtreding van de Wet elek tronische publicaties. Artikel 41 In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het algemeen bestuur.

40

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/1014/documents/2229