CConstaterende datDronten
Koppel je AI →
Document · PDF

97da5d0b-ad89-4442-80b1-2211854a5a82.pdf

Raadsvergadering 21 januari 2021, gemeente DrontenBij agendapunt: 9: Raadsvoorstel Bestuurlijke Startnotitie Integrale visie op de leefomgeving8.035 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bestuurlijke startnotitie voor de integrale visie op onze leefomgeving

1

Inhoud Bestuurlijke startnotitie voor de integrale visie op onze leefomgeving ...............................................1 1.

De systeemwereld kent domeinen, de leefwereld kent één leefomgeving ................................3

2.

Adaptieve visie gewenst want er is sprake van continue dynamiek ...........................................4

3.

Uitgangspunten voor het opstellen van de visie .........................................................................5

4.

Stappenplan...............................................................................................................................10

5.

Drie groepen ‘spelers’ betrekken bij de totstandkoming van de visie ......................................13

6.

Participatie ................................................................................................................................14

7.

Communicatieplan ....................................................................................................................16

8.

Interne dialoog – ((h)er)kennen van elkaar...............................................................................16

9.

Rollen voor de raad ...................................................................................................................17

10.

Planning .................................................................................................................................18

Bijlage 1

Canvas inwonersparticipatie ............................................................................................19

Bijlage 2

Verzamelblad voor raadsleden .........................................................................................20

Bijlage 3

Gespreksstarter Interne ambtelijke dialoog .....................................................................21

2

1. De systeemwereld kent domeinen, de leefwereld kent één leefomgeving Omgevingsvisie De aanstaande Omgevingswet verplicht gemeenten, provincies en Rijk een omgevingsvisie op te stellen. Een omgevingsvisie schetst vergezichten en geeft richting aan de manier waarop we de fysieke leefomgeving verder wil ontwikkelen en hoe we de kwaliteit daarvan wil beschermen. Het Rijk heeft de nationale omgevingsvisie (NOVI) in september 2020 naar de Tweede Kamer gestuurd. De provincie Flevoland heeft al in november 2017 haar omgevingsvisie vastgesteld. Voor gemeenten geldt dat de vaststelling plaats moet vinden voor 1 januari 2024. In Dronten koersen we op vaststelling eind 2022. Dat heeft een specifieke reden die we hieronder toelichten. Eén integrale visie want inwoner ervaart slechts één leefomgeving Een omgevingsvisie richt zich conform de Omgevingswet op het fysieke domein. Maar mensen leven niet in het fysieke domein alleen. Mensen wonen samen in een dorp, mensen werken om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien, mensen recreëren in sociale verbanden. Mensen ontmoeten anderen tijdens sport, theater en muzikale evenementen. Mensen ontvangen zorg van elkaar of van de overheid. Mensen genieten onderwijs. Mensen willen zich veilig voelen. Mensen hebben mensen nodig! De fysieke leefomgeving is dus maar een deel van het verhaal; er hoort nadrukkelijk ook een sociale leefomgeving bij.

Daarom vinden we het voor Dronten beter om één integrale visie op de leefomgeving op te stellen. Eén visie waarin we de integrale vergezichten schetsen en de integrale richting aangeven voor zowel het fysieke als het sociale domein. Strategie Sociaal Domein Op dit moment staat onze visie op de sociale leefomgeving van Dronten nog beschreven in de Strategie Sociaal Domein. Deze strategie wordt in 2021 geëvalueerd en uiterlijk in 2022 moet het vervolg gereed zijn. Dat gegeven maakt dat we voorstellen om te koersen op vaststelling eind 2022 van die ene gewenste integrale visie.

3

2. Adaptieve visie gewenst want er is sprake van continue dynamiek In een visie worden vaak stippen aan de horizon geplaatst en wordt aan de voorkant het pad ernaartoe zo specifiek mogelijk uitgetekend. We gaan uit van de gedachte dat we vooraf onze route kunnen bepalen om op onze bestemming te arriveren. Alles is gericht op het zo gecontroleerd mogelijk bereiken van onze stippen aan de horizon. En daar hoort dan een concrete planning bij, met budgetten en regelmatige tussenrapportages over de voortgang zodat we zo nodig bij kunnen sturen. In (geheel) andere woorden: Het klassieke beeld is dat je je bestemming kiest (je stippen), dat je je routeplanner aanzet die voor jou de koers uitstippelt en dat je vertrekt onder begeleiding van een vriendelijke stem die je opdrachten geeft om hier links of daar rechts te gaan net zolang totdat je er bent. Bestemming bereikt, visie vervuld! En mocht er onverhoopt ergens in de route een obstakel blijken (een file, een afsluiting) dan rekent je routeplanner direct de snelste omleiding voor de je uit. Je hoeft niet langer zelf na te denken over de route, over je koers. En met een extra upgrade kan je routeplanner zelfs de files, afsluitingen en andere obstakels vooraf traceren en je er tijdig omheen leiden.

Het enige dat je zelf nog hoeft te doen is je auto in de richting sturen die de routeplanner aangeeft (en zelfs dat gaat binnenkort volautomatisch). Bestemming alsnog bereikt, visie alsnog vervuld! Maar dan duikt er plotsklaps een stikstofproblematiek op. Kort daarna gevolgd door de PFAS. Het bouwen aan wegen, aan woningen, aan nieuwe natuur, dijkversterkingen, het valt stil. Vervolgens komen we ook nog in een pandemie terecht. Mensen verliezen banen, inkomens vallen weg, onderwijsachterstanden dreigen, zorg raakt overbelast, de economie krijgt een enorme dreun. En daar sta je dan met je visionaire stippen aan de horizon, daar sta je dan met de zorgvuldig uitgedachte koers, daar sta je met je routeplanner. Volstrekt onvoorziene gebeurtenissen, nooit eerder voorgekomen en dus weet je routeplanner het nu ook niet meer ……. Dan komt het aan op je aanpassingsvermogen, op je flexibiliteit. Ben je in staat om nieuwe wegen te vinden? Van die kleine moeilijk toegankelijke kronkelpaadjes? En om nog een stap verder te gaan; ben je in staat om zelfs nieuwe bestemmingen te kiezen, om je visie aan te passen?! Wat de voorbeelden (stikstof, PAS, Covid-19) aangeven is dat er eigenlijk geen rustig vaarwater meer bestaat.

Of beter gezegd, dat wat nu nog rustig vaarwater is, plotsklaps kan veranderen in een onoverzichtelijke kolkende watermassa waarop het onmogelijk is de bedachte koers te blijven varen. Dat vereist de kunde van continu meebewegen met de omstandigheden, dat vereist stuurmanskunst. En het vereist ook het durven aanpassen van je visie. Of beter gezegd: het vereist dat je in staat bent om nieuwe ontwikkelingen snel in te passen in je visie ….. een beweeglijke visie dus …. een visie die je elk moment bij kunt stellen als de omstandigheden dat vereisen ….. een levende visie, zonder einddatum …. een visie die voldoende robuust en flexibel is om mee te bewegen in de continue dynamiek van onze maatschappij. De visie als een ‘levende’ visie In de beeldspraak: we hebben dan minder aan een routeplanner, we hebben dan meer aan een kompas! Met een kompas zijn we beter in staat om het oog op onze bestemming te houden, om het ‘veld’ te overzien en om gaandeweg het optimale pad te vinden. Op basis van deze vergelijking stellen we voor de integrale visie niet van een einddatum te voorzien maar als een ‘levende’ visie te beschouwen. Op de momenten dat het nodig is kan die visie worden aangevuld/aangepast.

4

3. Uitgangspunten voor het opstellen van de visie Voordat we daadwerkelijk aan de slag gaan is het zinvol om na te denken en te bepalen welke uitgangspunten we willen hanteren. Hieronder beschrijven we er kort een elftal: Uitgangspunten over de aard van de visie a. De visie beschrijft maatschappelijke effecten en ambities b. Eén leefomgeving dus integraal c. Adaptief en dus onbepaalde looptijd Uitgangspunten voor de visie als instrument, als gebruiksmiddel d. Werken vanuit de bedoeling e. Denk vanuit gebruikerswensen, -waardes, -eisen f. Vorm waarin de visie verschijnt Uitgangspunten voor het inhoudelijk vullen van de visie g. Open houding h. Denken in 3 visionaire niveaus i. Faciliteren van de samenleving die de visie maakt j. Leidende principes k. Wettelijke eisen Omgevingswet a. De visie beschrijft maatschappelijke effecten en ambities De term visie wordt op vele manieren gebruikt en niet altijd bedoelen we hetzelfde. Het is daarom van belang om voorafgaand aan het opstellen van de visie met elkaar helder te hebben op welk niveau de visie straks wordt opgeleverd. Wat staat er straks wel en niet in de visie? Om dat duidelijk te maken is het onderstaande schema opgenomen. Daarin is te zien dat de visie straks iets zegt over onze gewenste maatschappelijke effecten en de ambities die we daarbij hebben.

De missie, het allerhoogste niveau, is geen onderdeel van de visie en de uitwerking van de visie, op het niveau van beleidsplannen/strategieën en activiteiten, is ook geen onderdeel van de visie.

5

b. Eén leefomgeving dus integraal Hier kunnen we kort zijn er verwijzen naar hoofdstuk 1. Daar is toegelicht waarom één integrale visie als hét uitgangspunt geldt! c. Adaptief betekent ook andere initiatieven mogelijk maken tijdens de visievorming In hoofdstuk 2 is al toegelicht waarom een adaptieve visie met een onbepaalde looptijd gewenst is. Dat gaat over de periode ná de vaststelling van de visie. Maar ook tijdens de visievorming is aanpassingsvermogen nodig. Denk aan de dorpsvisie Swifterbant die gelijktijdig met de integrale visie wordt opgesteld. Denk aan de motie-Koerhuis die een eigen tijdpad kent. Slechts enkele voorbeelden van initiatieven die we op de één of andere manier aan moeten laten sluiten bij het integrale visietraject. En dan zowel voor wat betreft de inhoud (het maken van keuzes over initiatieven vraagt afstemming met te maken keuzes in het visietraject) als ook voor de participatie (voorkomen dat de inwoners vanuit meerdere initiatieven wordt gevraagd te participeren). De enige manier om hierop te sturen is door continue afstemming tussen de trekkers van verschillende initiatieven en de projectgroep van de integrale visie. d.

Werken vanuit de bedoeling Een korte brainstorm over wat de visie moet zijn, wat een visie moet doen leverde een drietal bedoelingen van de visie op: - de visie moet een gedeeld toekomstperspectief bieden, - de visie moet enthousiasmeren, uitdagen, - de visie houvast bieden, kader stellend zijn. Voorkomen moet worden dat de visie te veel details bevat, te uitvoeringsgericht wordt of als belemmerend wordt ervaren. e. Denk vanuit gebruikerswensen, -waardes, -eisen Uiteindelijk is de visie bedoeld als een instrument, een hulpmiddel in de dagelijkse praktijk. Daarom is het noodzakelijk goed na te denken wie de gebruikers zullen zijn van de visie en hoe de visie dan gebruikt gaat worden. We hebben nagedacht over beleidsmedewerkers, burgers, raadsleden, collegeleden, professionals en eigenlijk wil iedereen hetzelfde:

f. Vorm waarin de visie verschijnt De Omgevingswet stelt als eis dat de visie digitaal moet zijn. Maar zoals we in het kader hierboven als noemden kan dat ons inziens niet beperkt blijven tot een PDFje. Om de bruikbaarheid te vergroten én ook om het adaptieve karakter te versterken lijkt een website als vorm de meest geschikte. Dat zou de basisvorm kunnen zijn; een website die actueel, toegankelijk en begrijpelijk is. Met informatieniveaus voor elk type gebruiker (de sneller scanner maar ook de dieper gravende beleidsmedewerker. Rondom die basisvorm zijn tal van andere verschijningsvormen denkbaar voor specifieke momenten en/of specifieke doelgroepen. Variërend van ‘gewoon’ een document tot een app, een podcast, een vlog, een trailer bij de lancering, een kunstwerk, etc. Genoeg inspiratie voor de communicatieve creatievelingen!

6

g. Open houding Een visie start je niet vanuit het niets, er is altijd al beleid dat in uitvoering is. En dat beleid is er niet voor niets. Daarover is nagedacht en daarvoor worden inspanningen geleverd en kosten gemaakt. Je zou daarom kunnen kiezen voor een visie-aanpak waarbij je het bestaande beleid als uitgangspunt neemt. Vanuit dat bestaande beleid kijk je naar nieuwe trends en ontwikkelingen. Vanuit het bestaande beleid scherp je je gemeentelijke opgaven aan. Over dat bestaande beleid ga je in gesprek met de samenleving. Niks mis mee om zo’n visie-aanpak te kiezen. Toch stellen we voor deze integrale visie een andere insteek voor: we willen met een open mind beginnen zonder bestaand beleid ‘weg te gooien’. We nemen dus niet het bestaande beleid als uitgangspunt om dat uit te bouwen tot een visie maar we gaan met een frisse blik kijken en met een fris oor luisteren naar wat nodig is om vervolgens ons bestaande beleid daarin te vervlechten. Dit wil overigens niet zeggen dat we ons bestaande beleid volledig op de achtergrond houden. Nee dat niet. We betrekken het bestaande beleid zeker ook bij de inventarisatie van dat wat belangrijk is voor de toekomst van Dronten (en wat dus in de visie aandacht moet krijgen).

Deze werkwijze past ook bij wat in de memorie van toelichting van de Omgevingswet is opgenomen: we moeten niet meer uitgaan van het gemeentelijk beleid en dat projecteren op nieuwe initiatieven, maar bestuurders moeten nieuwe ontwikkelingen centraal stellen. h. Denken in 3 visionaire niveaus Iedereen heeft wel ergens een visie over. De één heeft een visie over de manier waarop je nieuwe inwoners in jouw straat of wijk wilt betrekken bij de jaarlijkse buurtactiviteiten om zodoende de onderlinge samenhang te bevorderen en eenzaamheid tegen te gaan. Een ander heeft een visie over de manier waarop gemeente Dronten energieneutraal kan worden. En weer een ander heeft een visie op de wijze waarop de marketing van bedrijventerreinen een bijdrage kunnen leveren aan het vestigingsklimaat van Dronten. Tijdens het visietraject zullen er allerlei van dit soort visies naar voren worden gebracht. En laten we wel zijn, als het over dit soort van onderwerpen gaat dan is dat ook van grote meerwaarde. Vraag is echter hoe we dergelijke input een goede plek geven.

We denken dat te doen door in de integrale visie drie niveaus aan te brengen: - een gemeentebreed niveau (daar krijgt de visie op energieneutraal een plek), - een gebiedsniveau (dorp, streek, gebied) (daar krijgt de visie op marketing bedrijventerreinen een plek) - een directe leefomgeving-niveau (daar krijgt de visie op het betrekken van nieuwe buurtbewoners een plek). Op deze manier kan ieders inbreng een zinvolle plek krijgen. We hebben bij het opstellen van de visie ook oog voor Dronten als onderdeel van de provincie en als onderdeel van diverse andere regionale verbanden. Dronten is geen eiland, we maken deel uit van een groter geheel en dat laten we ook doorklinken in de visie. i. Faciliteren van de samenleving die ‘medemaker’ is van de visie In het sociaal domein heeft gemeente Dronten ervoor gekozen om meer en meer de rol van ‘mogelijkmaker’ in te nemen. Tijdens het proces om te komen tot de Strategie Sociaal Domein is vanuit die rol gewerkt met ‘bouwbijeenkomsten’. Essentie van mogelijkmaker en bouwbijeenkomsten is dat de gemeente nadrukkelijk de organisaties in de samenleving uitnodigt om als partners mee te doen, zaken aan te dragen en zaken uit te werken. De gemeente wil daarmee ruimte creëren om dingen mogelijk te maken. In het proces van de integrale visie gaan we deze positieve ervaring benutten. Opnieuw de gemeente in de rol van mogelijkmaker …..

en dat brengt de samenleving dus in de rol van ‘medemaker’.

7

j. Leidende principes In april 2020 stelde de gemeenteraad de leidende principes vast die we gebruiken voor de inrichting van het Omgevingswetstelsel. Deze principes (en de toelichting) zijn: -

VERTROUWEN

Wederzijds vertrouwen tussen initiatiefnemers en partners in de samenleving en gemeente Dronten is ons uitgangspunt. We zijn transparant, zorgvuldig en betrouwbaar over en weer. Natuurlijk nemen wij deel aan de dialoog met initiatiefnemers en partners. Inlevingsvermogen en betrokkenheid van alle partijen zijn namelijk belangrijk. Daarbij wordt voor iedereen duidelijk welke voorwaarden passend zijn. -

VERANTWOORDELIJKHEID

De basis voor onze samenwerking start vanuit het vertrouwen dat elke partij zijn eigen verantwoordelijkheid neemt. Omdat we inwoners centraal stellen nodigen wij hen graag uit om deel te nemen aan participatie-activiteiten die wij organiseren. Daarbij worden alle belangen in beeld gebracht en wordt duidelijkheid gecreëerd. -

RUIMTE (GEVEN)

‘Dronten geeft je de ruimte’ is niet alleen in ons DNA opgenomen vanwege de fysieke ruimte. We hebben ook wat voor elkaar over. Ons uitgangspunt is dat we als gemeente ruimte geven aan de samenleving en denken in mogelijkheden. De samenleving vraagt om maatwerk dat uitgaat van een ‘ja mits’, ondernemend meedenken, dat de samenleving wordt gefaciliteerd en dat initiatieven niet worden afgevinkt maar afgewogen. -

DRAAGKRACHT SAMENLEVING

In de toekomstvisie ‘De kracht van Dronten’ wordt beschreven waar onze samenleving in 2030 wil staan. Bij een draagkrachtige samenleving past dat inwoners worden betrokken bij initiatieven die plaatsvinden in de fysieke leefomgeving. Van de gemeente mag worden verwacht dat zij rekening houdt met draagkracht en draaglast. -

VERNIEUWEND

In de netwerkstructuur waarin wij zoveel mogelijk faciliteren, verbinden en mogelijk maken durven wij voor vernieuwing te gaan. Als gemeente bewegen wij daarin mee met de samenleving en maken dit vooral zichtbaar in het vereenvoudigen van regelgeving.

We hanteren deze principes ook bij het proces om tot de integrale visie op de leefomgeving te komen. Daarbij moet worden opgemerkt dat deze principes specifiek zijn opgesteld voor de vormgeving van het Omgevingswetstelsel en dus niet per se voor het sociaal domein. De principes lijken niet te botsen met de opgaven waar het sociaal domein voor staat en lijken zelfs één op één toepasbaar. We vinden het belangrijk om zo spoedig mogelijk te toetsen of dat inderdaad zo is. Mocht blijken dat (één van) de leidende principes niet passend zijn voor de héle integrale visie, dan zullen wij daarover nader in gesprek gaan.

8

k. Wettelijke eisen Omgevingswet De Omgevingswet verplicht de gemeenten tot het hebben van een omgevingsvisie. Aan een dergelijke omgevingsvisie worden enkele wettelijke eisen gesteld. Nu gaan we in Dronten niet een afzonderlijke omgevingsvisie opstellen maar één integrale visie op de leefomgeving. Dat mag maar we moeten wel zorgen dat die integrale visie in juridische zin toch ook geldt als een omgevingsvisie zoals de Omgevingswet dat verplicht stelt. Daarom benoemen we hieronder enkele zaken waaraan de integrale visie zal moeten voldoen. Beginselen Bij het opstellen van de visie moet de gemeente op basis van de Omgevingswet rekening houden met de volgende beginselen:

Het voorzorgsbeginsel. Dit betekent dat de gemeente maatregelen kan nemen als er goede redenen zijn om te vrezen dat activiteiten negatieve gevolgen hebben. Het gaat dan om activiteiten waarbij nog geen uitvoerige risicoanalyse gemaakt kan worden.

Het beginsel van preventief handelen. Dit beginsel is gericht op het voorkomen van milieuproblemen. Er moet in de eerste plaats opgetreden worden om milieuproblemen te voorkomen eerder dan om veroorzaakte schade te herstellen. Hiervoor dient een beleid gevoerd te worden dat gericht is op het reduceren en beheersen van milieurisico’s, op het beter sluiten van kringlopen, op het zoveel mogelijk inzetten van duurzame energiebronnen, op het bevorderen van de kwaliteit van producten en productieprocessen, enz.

Het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron bestreden moeten worden en

het beginsel dat de vervuiler betaalt.

Deze beginselen staan in artikel 3.3 van de Omgevingswet. Ze zijn letterlijk overgenomen uit het milieubeleid van de Europese Unie. De beginselen zorgen voor inhoudelijke sturing op het beleid voor de fysieke leefomgeving. Omdat de Omgevingswet niet alleen over het milieu gaat, is de doorwerking van het voorzorgsbeginsel en het preventiebeginsel breder dan in het Europese recht. Hoofdlijnen en hoofdzaken die in een visie thuishoren De omgevingsvisie (en in het geval van Dronten dus de integrale visie) bevat volgens de Omgevingswet:

de hoofdlijnen van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving

de hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling*, het gebruik, het beheer, de bescherming en het behoud van het grondgebied**, en

de hoofdzaken van het beleid op alle relevante terreinen van de fysieke leefomgeving

Dit staat in artikel 3.2 van de Omgevingswet. *Bij 'ontwikkeling' valt te denken aan de aanleg van woonwijken, bedrijventerreinen en infrastructuur. Maar ook bijvoorbeeld ondergronds bouwen, windturbines, energietransitie, klimaatbestendigheid en dergelijke maken deel uit van de omgevingsvisie. **Tot het begrip 'grondgebied' behoort de onder- en bovengrond op verschillende niveaus. En het water. Samenhang onderdelen en aspecten fysieke leefomgeving De visie is bij uitstek het instrument om invulling te geven aan het begrip samenhang zoals dat staat in artikel 2.1, lid 2 van de Omgevingswet. Hierin staat: “Het bestuursorgaan houdt daarbij rekening met de samenhang van de relevante onderdelen en aspecten van de fysieke leefomgeving en van de rechtstreeks daarbij betrokken belangen.” Het bestuursorgaan maakt daarbij de afweging tussen het beschermen en benutten van alle relevante onderdelen en aspecten van de fysieke leefomgeving. In Dronten gaan we met het opstellen van de visie dus nog een stap verder. We willen niet alleen samenhang aanbrengen in de onderdelen van de fysieke leefomgeving, maar ook met de onderdelen van de sociale leefomgeving.

9

4. Stappenplan

10

11

Verbreden breed kijken, luisteren, lezen, zoeken, ontdekken, inzichten opdoen

clusteren, uitwerken, beoordelen, selecteren, kiezen Versmallen

De wybertjes-beweging Bij het doorlopen van het stappenplan maken we steeds opnieuw een wybertjes-beweging. Dat wil zeggen dat we telkens eerst ‘verbreden’ (divergeren) en daarna ‘versmallen’ (convergeren). Die bewegingen komen na elkaar, ze vinden niet tegelijkertijd plaats. Elke stap van het visietraject begint met ‘verbreden’ en zodra we met elkaar van mening zijn dat er in de breedte genoeg overzicht en inzicht is, pas dan gaan we over naar het ‘versmallen’. Het is belangrijk dit onderscheid aan te brengen om te voorkomen dat we te snel stoppen met het breed kijken, luisteren, lezen, zoeken, ontdekken en opdoen van inzichten.

Dynamiek in het stappenplan Spreken over fasen geeft de indruk dat de ene fase moet zijn afgerond voordat de volgende fase begint. Dat is echter nadrukkelijk niet het geval. Zo zullen de identiteits- en de verzamelfase grotendeels parallel verlopen. En verder leert de ervaring dat er in alle fasen en op allerlei momenten dromen worden gedeeld en ambities worden uitgesproken. Ongeacht de momenten waarop dat gebeurt wordt dat allemaal toegevoegd aan het visietraject. Op de ‘juiste’ momenten zal het dan worden gebruikt. Je kunt dus weliswaar stappen onderscheiden om tot een visie te komen maar dat is nog niet hetzelfde als het ook gescheiden zetten van die stappen. In de kern is het samenstellen van een visie een zoektocht, een ontdekkingsreis (ook bij het samenstellen van een visie geldt dat een kompas handiger is dan een routeplanner). De opgesomde stappen in de schema’s hiervoor zullen in de praktijk meer het karakter hebben van de illustratie hieronder.

stap III.

stap IV.

12

stapppen V. en VI.

stap VII.

5. Meerdere groepen ‘spelers’ betrekken bij de totstandkoming van de visie Onze integrale visie voor Dronten maken we met elkaar. Met elkaar ….. wie zijn dat dan allemaal? We onderscheiden meerdere ‘inbrengers’: A. Natuurlijk de lokale samenleving in onze gemeente. Inwoners, ondernemers, werknemers, toeristen maar ook (maatschappelijke) organisaties, bedrijven, onderwijs, zorg, kerken, instellingen, voorzieningen, ketenpartners zoals GGD e.a., institutionele partners zoals adviesraad SD, stichting DOES, dorpsraden, corporaties, etc. etc. De inbreng vanuit de samenleving gebeurt via inwonersparticipatie (waarbij de term ‘inwoner’ dus breed moet worden opgevat; namelijk ook ondernemers, bedrijven, organisaties, toeristen, etc). B.

Een andere groep ‘inbrengers’ vormt de gemeentelijke overheid: raadsleden, collegeleden, ambtelijke vakmensen. Raadsleden in de rol van volksvertegenwoordiger die rondkijken, rondluisteren, rondlezen om zo eigen beelden te vormen van dat wat belangrijk is voor de toekomst van Dronten. Collegeleden die als dagelijks bestuur weten wat er gaande is en vanuit de verantwoordelijkheid van ieders portefeuille inbreng leveren. De inbreng vanuit de raads- en collegeleden gebeurt via het visie-verzamelblad (zie bijlage 2). En de experts vanuit de gemeentelijke organisatie leveren waardevolle adviezen voor de toekomst van de Dronter samenleving. De inbreng vanuit de vakmensen gebeurt via de gespreksstarter-visie-en-beleid (zie bijlage 3).

2 - Grote ontwikkelingen

Een derde bron voor inbreng vormen de trends, ontwikkelingen, opgaven in de wereld rondom Dronten. Inbreng vanuit wetenschap, voortschrijdende technologie, demografische dynamiek, ecologische en economische omstandigheden, etc.

VOOR

DE

VISIE

8 - Gewenste effecten voor komende jaren

1b - En waarom is hij/zij (niet) blij om in Dronten te wonen/werken/leven?

[1] 4 - Samenleving

5 - Politieke aandacht

Zorgen [2]

3 - Grote opgaven

Wensen

[3]

Opmerkingen

[4] 7 - Verplicht van hoger hand

[5] 6 - Andere bronnen

GESPREKSSTARTER 2 - Grote ontwikkelingen

INTEGRALE VISIE

1 - Bestaande beleid Aan welk beleid draag jij bij? Wat zijn de doelen van dat beleid?

8 - Gewenste effecten voor komende jaren

Tot welk effect in de samenleving moet dat beleid leiden? 4 - Samenleving

[1] 5 - Politieke aandacht

Zorgen [2]

3 - Grote opgaven

C.

VERZAMELBLAD INZICHTEN 1a - Identiteit - wie is Dronten en wie is de Drontenaar, de Swifterbanter, de Biddinghuizer, de Dronter agrariër, de Dronter ondernemer, etc.

Wensen

[3]

9 - Wat betekent dat voor het beleid in vak-1?

Overig 7 - Verplicht van hoger hand

Onderbrengen in ……. Schrappen …… Anders …….

6 - Andere bronnen

10 - Verzoek om hierover in gesprek te gaan met collega's.

D. Tot slot zijn er zaken vanuit Europa, Rijk, provincie die hun doorwerking (moeten) hebben in Dronten. Ook die inbreng wordt verzameld op de visie-tafel.

13

6. Participatie Participatie langs meerdere lijnen Dat participatie een centraal onderwerp is in dit visietraject zal niemand verbazen. Niet alleen willen we dit als gemeente Dronten, het is ook een eis in de Omgevingswet. De participatie krijgt op verschillende manieren vorm: -

Participatief aandragen van wensen, zorgen, suggesties – Tijdens de verzamelfase nodigen we de samenleving uit om inbreng te leveren. Hoe kijkt men naar de eigen leefomgeving, hoe ervaart men het wonen, werken, recreëren in de gemeente Dronten, welke opgaven ziet men, welke ontwikkelingen duidt men en tot welke wensen, zorgen en suggesties leidt dat alles?

-

Participatief identiteit ontdekken – In de Identiteitsfase gaan we op zoek naar de volksaard van de mensen, de fysieke en sociale karakteristieken van de gemeente en de kenmerken van de gemeentelijke overheid. Dat zoeken gebeurt deels in de vorm van gesprekken met inwoners, tijdens overleggen met specifieke functionarissen, misschien door een fotowedstrijd of een verhalenfestijn maar ook in overleg met bijvoorbeeld https://www.geschiedschrijvingdronten.nl Ook dat zijn vormen van participatie!

-

Participatief terugkijken op aflopend beleid – We hebben enkele beleidstrajecten die aan vernieuwing toe zijn of waarvan we tussentijds willen evalueren hoe het verloopt. Voorbeelden zijn de woonvisie, de sociaal-economische visie en de evaluatie sociaal domein. Voor dergelijke trajecten is het zinvol om met relevante ‘spelers’ uit de samenleving ‘terug te kijken’ hoe men tot nu toe het betreffende onderwerp heeft ervaren. Wat viel op, wat ging goed, wat kan beter en vooral ook, wat is belangrijk voor de toekomst? Dit ‘terugkijken’ gebeurt dus samen met relevante ‘spelers’. Dat kunnen inwoners zijn en/of ondernemers en/of woningbouwcorporaties en/of …… etc. Dergelijke ‘terugkijk-sessies’ zijn ook onderdeel van de brede participatie voor de integrale visie! Dergelijke evaluaties worden uitgevoerd door de betrokken medewerkers en partners van de gemeente, en niet per se vanuit het projectteam voor de visie. Maar de uitkomsten worden wél vertaald in de integrale visie. Een goede afstemming tussen het projectteam voor de visie en de vakinhoudelijk betrokken medewerkers, bestuurders en externe partners voorafgaand aan dit soort evaluaties is daarom noodzakelijk om ervoor te zorgen dat de juiste informatie wordt betrokken bij het opstellen van de visie.

-

14

Participatieve inbreng vanuit andere initiatieven – De samenleving zit niet stil. Men voert ook zelf visieachtige initiatieven uit. Dat kan een eigen dorpenvisie zijn (bijvoorbeeld Swifterbant), maar het zou ook een visie op ondernemerschap, een visie op natuur, een visie op ….. etc. kunnen zijn. In een aantal gevallen is het zo dat die initiatieven in samenwerking met en/of op verzoek van de gemeentelijke overheid worden opgestart. Van een aantal initiatieven hebben we weet maar er kunnen ook tijdens de uitvoering van het visietraject nog dergelijke trajecten oppoppen. De uitdaging is om de opbrengst van die samenlevingsinitiatieven op een slimme en constructieve manier te koppelen aan het integrale visietraject. Want ook dan zijn dat vormen van participatie. Voorafgaand en tijdens de uitvoering van het integrale visietraject zal daarom contact worden gezocht met visie-achtige initiatieven in de Dronter samenleving.

Participatie op de Dronter manier Voor het vormgeven van de participatie maken we uiteraard gebruik van onze visie op inwonersparticipatie die is vastgesteld door de raad en verder is uitgewerkt door het college. In de bijlage 1 is per fase van het stappenplan uit hoofdstuk vier aangegeven: - welk eindresultaat de participatie moet hebben - wat het participatie doel is - welk publiek we willen bereiken - welke publieksvraag we stellen - wie de afzender is - welke gespreksvorm we kiezen

CANVAS INWONERSPARTICIPATIE Fase I

Formul e e r je ui tga ngs punte n

Gewenste eindresultaat Sta rtnoti ti e Omge vi ngs Vi s i e

1 .Participatiedoel

2. Publiek

3. Publieksvraag

4. Afzender

5. Gespreksvorm

Ge e n pa rti ci pa ti e . Ee rs t e e n i nte rn tra je ct om de ka de rs voor ve rde r pa rti ci pa ti e te be pa l e n.

Kwa rti e rma ke rs groe p

II

Be ke ndma ke n & Be ke ndhe i d e n Ui tnodi ge n be trokke nhe i d

Informe re n

Ie de re e n: i nwone rs , e i ge n orga ni s a ti e , be dri jve n, ma a ts cha ppe l i jke orga ni s a ti e s

Enthous i a s me re n

Ge me e nte

Communi ca ti e pl a n

III

Ide nti te i ts fa s e

Le ve rt he t ve rha a l va n Dronte n, Bi ddi nghui ze n, Swi fte rba nt e n ha a r i nwone rs , ma a r ook de ka ra kte ri s ti e ke n va n de ge me e nte é n de ke nme rke n va n de ge me e nte l i jke ove rhe i d

In e e rs te i ns ta nti e ge e n pa rti ci pa ti e . Eve ntue e l kunne n nog e e n a a nta l doe l groe pe n ge ra a dpl e e gd worde n voor e e n che ck vra a g

Inte rn

Wa t i s e r a l be ke nd ove r de i de nti te i t va n Dronte n, Bi ddi nghui ze n, Swi fte rba nt e n ha a r i nwone rs ?

Inte rn

Be s ta a nd be l e i d (ge me e nte hui s , fys i e k dome i n vi s i e , Dronte n s toryma p

IV

Ve rza me l fa s e

Inzi cht e n pri ori te i te n. Ove rzi cht va n a l l e the ma 's di e we be l a ngri jk vi nde n e n we l ke a l e e n ni e uw pa rti ci pa ti e proce s he bbe n

Ra a dpl e ge n / i nve nta ri s e re n

Loka l e s a me nl e vi ng

Zi jn di t onze be l a nge ri jks te opga ve e n pri ori te i te n?

Ge me e nte

Va nui t be s ta a nde proje cte n a l s moti e Koe rhui s , Dorps Vi s i e Swi fte rba nt, e va l ua ti e s oci a a l dome i n wordt ge pa rti ci pe e rd. Ie de r proce s ge e ft a a n wa t zi jn doe l groe p, pl a nni ng e n mi dde l i s om zo de ve rs chi l l e nde proce s s e n te kunne n s trooml i jne n.

V

Droomfa s e

e e n the ma ove rs te i ge nd be e l d va n de toe koms t va n onze ge me e nte

Pe r doe l groe p i s e e n a nde re Loka l e s a me nl e vi ng pa rti ci pa ti e doe l moge l i jk. Ra a ds pl e ge n/i nve ta ri s e re n of a dvi s e re n

Wa a r wi l l e n we na a rtoe ? Hoe zi e n we de ge me e nte Dronte n i n de toe ms t?

Ge me e nte

Na de r te be pa l e n

Ma a ts cha ppe l i jke orga ni s a ti e s Pa rtne rs fys i e k Pa rtne rs s oci a a l

Ma a ts cha ppe l i jke orga ni s a ti e s Pa rtne rs fys i e k Pa rtne rs s oci a a l

VI

Effe cte nfa s e

VII Ambi ti e fa s e

VIII 1e Va s ts te l l i ng

Ui twe rki ng va n de Ge e n pa rti ci pa ti e i nte rn droomfa s e tot e nke l e a rra nge me nte n va n na te s tre ve n ma a ts cha ppe l i jke e ffe cte n Concre te ui twe rki ng Pe r doe l groe p i s e e n a nde re Pe r opga ve a nde rs a mbi ti e s pa rti ci pa ti e doe l moge l i jk. Ra a ds pl e ge n/i nve ta ri s e re n of a dvi s e re n Ra a ds be s l ui t me t Ge e n pa rti ci pa ti e va s tge s te l de a rra nge me nte n va n ma a ts cha ppe l i jke e ffe cte n e n a mbi ti e s

Wa t ka n i k doe n, wa t be te ke nt di t voor mi j

Na de r te be pa l e n

Verplichtingen omtrent participatie Na inwerkingtreding van de Omgevingswet wordt het verplicht om het in het kader van een omgevingsvisie, programma of omgevingsplan participatie toe te passen en daarvoor gemeentelijk beleid op te stellen. De Omgevingswet stimuleert vroegtijdige participatie om tijdig belangen, meningen en creativiteit op tafel te krijgen. Daarom zijn in de Omgevingswet én in het omgevingsbesluit regels over participatie opgenomen bij toepassing van de gemeentelijke kerninstrumenten. De wijze waarop participatie wordt toegepast is wettelijk gezien in alle gevallen vormvrij. Het gemeentelijke participatiebeleid is echter wél bindend voor het vaststellend bestuursorgaan. Hoe vormvrij de participatie daadwerkelijk is, is dus afhankelijk van de ruimte die een gemeente voor zichzelf creëert in haar participatiebeleid. De Omgevingswet zegt over participatie: 'het in een vroegtijdig stadium betrekken van belanghebbenden bij het proces van besluitvorming over een project of activiteit'. Belanghebbenden zijn burgers, vertegenwoordigers van bedrijven, professionals van maatschappelijke organisaties en bestuurders van overheden. In het omgevingsbesluit staan regels om participatie te waarborgen. Voor de omgevingsvisie, programma en omgevingsplan geldt een motiveringsplicht.

Dit houdt in dat het bevoegd gezag bij het besluit aangeeft: - hoe de gemeente de omgeving bij de voorbereiding heeft betrokken, en wat met de resultaten is gedaan; - in hoeverre aan haar beleidsregels over participatie is voldaan. Bij het omgevingsplan geeft de gemeente bovendien vooraf in de kennisgeving aan hoe het participatietraject eruit komt te zien. Keuzes omtrent participatie Naast dat Inwonersparticipatie bij de totstandkoming van de Omgevingsvisie een verplichting is vanuit de Omgevingswet, zien we ook de toegevoegde waarde van het betrekken van inwoners bij de totstandkoming van de Integrale Visie. We denken hierdoor kwaliteit van beleid en instrumenten te verhogen, bewustwording voor de komende veranderingen te creëren en eigenaarschap te stimuleren. In deze startnotitie worden een aantal keuzes op hoofdlijnen gemaakt. De projectgroep gaat verder met het uitwerken van het participatieplan. In de hierboven beschreven teksten zijn ook keuzes gemaakt die betrekking hebben op het participatieproces. Deze samenvattend en doordenkend komen we tot de volgende keuzes: 1.

Als we de samenleving betrekken bij een vraagstuk zijn we vooraf duidelijk wat het gespreksonderwerp is en welk participatieniveau geldt. Hierbij houden we balans tussen een open houding hebben en het managen van verwachtingen aan de voorkant.

2.

Hoe de 3 niveaus van de visie door worden vertaald naar het participatieproces is een vraagstuk voor het college

3.

De gemeente stelt zich op als ‘mogelijkmaker’ en de samenleving krijgt daarbij de rol van ‘medemaker’. De gemeente nodigt organisaties in de samenleving uit om als partners mee te doen, zaken aan te dragen en zaken uit te werken. Wat dit precies betekent voor de rolverdeling en het participatieniveau wordt verder in het participatieplan uitgewerkt.

4.

Het is verschillend per projectfase van het stappenplan of, hoe en waarom we inwonersparticipatie toepassen. In het bijgevoegde canvas (bijlage 1) zijn de keuzes te vinden.

5.

Het participatieplan richt zich op de participatie met de samenleving. Daarbinnen onderscheiden we vier doelgroepen: a. Zelfstandige inwoners; b. Belangengroepen en informele verbanden; c. Organisaties, ondernemers, bedrijven etc.; d. Professioneel partnerschap: partijen die deze visie uiteindelijk moeten mede-uitvoeren.

6. Participatie vindt plaatst langs meerdere lijnen: zie begin van dit hoofdstuk. 7.

Lopende of geplande processen van visieontwikkeling bundelen we tot een gezamenlijk proces om te komen tot een integrale visie op de leefomgeving.

15

8.

De processen hebben een gedeelde participatievraag (met uiteraard ruimte voor specificatie n.a.v. het onderwerp). Deze richt zich tot en met de verzamelfase op evalueren: dat betekent terugkijken en de stand van zaken in beeld brengen. Er worden dus geen toekomstbeelden opgehaald. Dat gebeurt in de verdere fasen.

9.

We stroomlijnen doelgroepen, instrumenten, planning, etc. zodat we de draagkracht van de samenleving in de gaten houden en efficiënt omgaan met middelen en tijd.

10. Rolverdeling: a. Gemeenteraad besluit over de uiteindelijke integrale visie. Stelt de kaders van het participatietraject d.m.v. de vastgestelde visie op IWP en voorliggende startnotitie. b. College is verantwoordelijk voor de uitvoering van het participatietraject. c. Professionele partijen kunnen partner of initiator zijn van initiatieven om de visie concreet gestalte te geven. d. De rol van particulieren in het participatieproces is afhankelijk van de fase en van het bepaalde participatieniveau (informeren, adviseren, co-produceren)

7. Communicatieplan Omdat de integrale visie van ons allemaal is en niet ophoudt bij de implementatie ervan, vindt er continu communicatie plaats. In de Communicatieaanpak Omgevingswet hebben we vastgelegd dat communicatie steeds plaatsvindt voorafgaand en volgend op de momenten van participatie en besluitvorming. (Bijlage Raadsinformatiebrief d.d. 10 november 2020). Deze werkwijze houden we ook aan bij de totstandkoming van de integrale visie op de leefomgeving. Daarnaast moet men altijd alle informatie kunnen terugvinden. Natuurlijk zijn wij verplicht om de visie uiteindelijk digitaal beschikbaar te stellen. Daarmee zijn we er niet. De integrale visie is een levende visie waar we gaandeweg naartoe groeien. Een visie die gaat over de bezieling van Dronten en een stip zet op de horizon. Een visie waarin integrale vergezichten worden geschetst en richting wordt gegeven aan zowel het fysieke als het sociale domein. Met het vernieuwen van de website Dronten.nl zorgen we voor een omgeving die actueel, toegankelijk en begrijpelijk is. Met informatieniveaus voor elk type gebruiker (de sneller scanner maar ook de dieper gravende beleidsmedewerker). De webomgeving ondersteunt alle denkbare verschijningsvormen voor de specifieke momenten en doelgroepen.

Denk naast gedrukte documentatie aan apps, podcasts, vlogs en trailers waarmee we de momenten van besluitvorming aankondigen en toelichten als uitnodiging om hierin mee te denken en eraan mee te doen.

8. Interne dialoog – ((h)er)kennen van elkaar We spreken over één integrale visie. Het bijeenbrengen van fysiek en sociaal en economisch. Dat betekent continu schakelen van sectoraal naar integraal. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan. Het vraagt een andere houding, het vraagt anders kijken, anders denken, anders handelen! Om dat te stimuleren is allereerst nodig dat verschillende ‘spelers’ elkaar ((h)er)kennen. Elkaar leren kennen om vervolgens ieders belangen te herkennen en die ook daadwerkelijk te erkennen. Pas als daaraan wordt voldaan is er de ruimte om tot integrale oplossingen te komen. Het vraagt een permanente dialoog tussen die verschillende ‘spelers’. In het visietraject organiseren we daarom ook beleidsdialooggesprekken tussen de verschillende domeinen. Dat doen we aan de hand van de gespreksstarter-visie-en-beleid (zie bijlage 3) zoals die ook al in hoofdstuk 5 werd benoemd.

9. Rollen voor de raad Visie als kompas voor handelen De integrale visie bevat straks een met/in/door de gemeenteraad gemaakte afspraken over de gewenste toekomstrichting voor Dronten. De integrale visie geeft een raadslid houvast bij het nemen van allerlei beslissingen. Raadsleden kunnen elkaar erop aanspreken maar ook de Dronter samenleving kan raadsleden erop aanspreken als er van de gekozen richting wordt afgeweken. Tegelijkertijd is de integrale visie geen verordening of wet. Er staan geen voorschriften, geen verboden of geboden in waar men zich juridisch aan

16

moet houden. De integrale visie maakt aan iedereen de gekozen richting duidelijk, zodat we van elkaar weten welke kant we op willen. Mochten we van die richting af willen wijken dan mag dat. Drie bekende rollen voor raadsleden Uiteindelijk stelt de gemeenteraad de integrale visie vast (raad als beslisser). Voordat het zover is zijn er ongeveer twee jaar nodig (2021, 2022) om de visie te maken. In dat proces heeft een raadslid de bekende drie rollen: volksvertegenwoordiger, kadersteller, controleur. Cruciaal voor de visie is dat alles wat ertoe doet ook wordt afgewogen in het visieproces. Luisteren, rondkijken, lezen zijn voor een raadslid dus uiterst belangrijk. Daar ligt de mogelijkheid om invulling te geven aan de rol van volksvertegenwoordiger van de Dronter samenleving. Met de vaststelling van deze bestuurlijke startnotitie geeft de raad kaders mee aan het college voor de uitvoering van het visieproces. En ook ‘onderweg’ zullen er momenten zijn waarop aanvullende kaders worden gevraagd. Ook dan is de gemeenteraad aan zet. De vastgestelde kaders vormen ook de criteria op basis waarvan de gemeenteraad kan controleren of het visieproces goed verloopt of dat bijsturing nodig is. Daar ligt de controlerende rol tijdens het visieproces.

Maar ook na vaststelling van de integrale visie is er een controlerende rol voor de raad en wel op twee punten: Ten eerste het telkens weer checken of toekomstige raadsbesluiten wel in lijn zijn met de vastgestelde visie. Ten tweede de controle of de vastgestelde visie nog wel voldoende actueel is. Dit laatste is van groot belang. De dynamiek in de samenleving is tegenwoordig zo groot en de (onverwachte) ontwikkelingen volgen elkaar zo snel op dat een visie al snel aan actualiteit inboet. Daarom is het zaak om als raad regelmatig even stil te staan bij de actualiteit van de visie. En als blijkt dat er aanpassing of aanvulling nodig is, dat dan ook te doen. Daarmee wordt de integrale visie een visie zonder einddatum. Het wordt juist een levende visie die steeds actueel is omdat de visie door de raad wordt aanpast als de omstandigheden daarom vragen.

10. Planning De planning om tot de integrale visie te komen ziet er in hoofdlijnen als volgt uit:

17 Stappenplan Integrale visie

2021 2022 jan feb mrt apr mei jun jul aug s ep okt nov dec jan feb mrt apr mei jun jul aug s ep okt nov dec

Vas ts tellen s tartnotitie en plan van aanpak Bekendmaken & Uitnodigen (wettelijke vereis ten) Participatie – uitwerken plan Participatie – voorbereiden Participatie – uitvoering Participatie – verwerken res ultaten Fas e Identiteit Fas e Verzamelen – ophalen Fas e Verzamelen – verwerken res ultaten Fas e Dromen Fas e Effecten Fas e Ambities Formuleren vis ie e

1 pres entatie tus s ens tand aan s amenleving en andere betrokkenen e

2 pres entatie tus s ens tand aan s amenleving en andere betrokkenen Vats tellen vis ie via formele bes luitvormings traject huidige raad huidige college

-----------------------201125HDJAv4

demis s ionair

volgende raad volgend college

Bijlage 1

Canvas inwonersparticipatie CANVAS INWONERSPARTICIPATIE

Fase

Gewenste eindresultaat

1 .Participatiedoel

2. Publiek

3. Publieksvraag

4. Afzender

5. Gespreksvorm

I

Formul eer je Sta rtnoti ti e ui tga ngs punten Omgevi ngs Vi s i e

Geen pa rti ci pa ti e. Eers t een i ntern tra ject om de ka ders voor verder pa rti ci pa ti e te bepa l en.

Kwa rti erma kers groep

II

Bekendma ken & Bekendhei d en Ui tnodi gen betrokkenhei d

Informeren

Iedereen: i nwoners , ei gen orga ni s a ti e, bedri jven, ma a ts cha ppel i jke orga ni s a ti es

Enthous i a s meren

Gemeente

Communi ca ti epl a n

III

Identi tei ts fa s e

Levert het verha a l va n Dronten, Bi ddi nghui zen, Swi fterba nt en ha a r i nwoners , ma a r ook de ka ra kteri s ti eken va n de gemeente én de kenmerken va n de gemeentel i jke overhei d

In eers te i ns ta nti e geen pa rti ci pa ti e. Eventueel kunnen nog een a a nta l doel groepen gera a dpl eegd worden voor een check vra a g

Intern

Wa t i s er a l bekend over de i denti tei t va n Dronten, Bi ddi nghui zen, Swi fterba nt en ha a r i nwoners ?

Intern

Bes ta a nd bel ei d (gemeentehui s , fys i ek domei n vi s i e, Dronten s toryma p

IV

Verza mel fa s e

Inzi cht en pri ori tei ten. Overzi cht va n a l l e thema 's di e we bel a ngri jk vi nden en wel ke a l een ni euw pa rti ci pa ti eproces hebben

Ra a dpl egen / i nventa ri s eren

Loka l e s a menl evi ng

Zi jn di t onze bel a ngeri jks te opga ve en pri ori tei ten?

Gemeente

Va nui t bes ta a nde projecten a l s moti e Koerhui s , Dorps Vi s i e Swi fterba nt, eva l ua ti e s oci a a l domei n wordt gepa rti ci peerd. Ieder proces geeft a a n wa t zi jn doel groep, pl a nni ng en mi ddel i s om zo de vers chi l l ende proces s en te kunnen s trooml i jnen.

18

Ma a ts cha ppel i jke orga ni s a ti es Pa rtners fys i ek Pa rtners s oci a a l

V

Droomfa s e

een thema overs tei gend beel d va n de toekoms t va n onze gemeente

Per doel groep i s een a ndere Loka l e s a menl evi ng pa rti ci pa ti edoel mogel i jk. Ra a ds pl egen/i nveta ri s eren of a dvi s eren

Wa a r wi l l en we na a rtoe? Hoe zi en we de gemeente Dronten i n de toems t?

Gemeente

Na der te bepa l en

Ma a ts cha ppel i jke orga ni s a ti es Pa rtners fys i ek Pa rtners s oci a a l

VI

Effectenfa s e

VII Ambi ti efa s e

VIII 1e Va s ts tel l i ng

Ui twerki ng va n de Geen pa rti ci pa ti e i ntern droomfa s e tot enkel e a rra ngementen va n na te s treven ma a ts cha ppel i jke effecten Concrete ui twerki ng Per doel groep i s een a ndere Per opga ve a nders a mbi ti es pa rti ci pa ti edoel mogel i jk. Ra a ds pl egen/i nveta ri s eren of a dvi s eren Ra a ds bes l ui t met Geen pa rti ci pa ti e va s tges tel de a rra ngementen va n ma a ts cha ppel i jke effecten en a mbi ti es

Wa t ka n i k doen, wa t betekent di t voor mi j

Na der te bepa l en

Bijlage 2 2 - Grote ontwikkelingen

Verzamelblad voor raadsleden VERZAMELBLAD INZICHTEN 1a - Identiteit - wie is Dronten en wie is de Drontenaar, de Swifterbanter, de Biddinghuizer, de Dronter agrariër, de Dronter ondernemer, etc.

1b - En waarom is hij/zij (niet) blij om in Dronten te wonen/werken/leven?

VOOR

DE

VISIE

8 - Gewenste effecten voor komende jaren [1]

4 - Samenleving

5 - Politieke aandacht

Zorgen [2]

3 - Grote opgaven

Wensen

[3]

Opmerkingen

[4] 7 - Verplicht van hoger hand

[5] 6 - Andere bronnen

19

Bijlage 3

Gespreksstarter Interne ambtelijke dialoog GESPREKSSTARTER

2 - Grote ontwikkelingen

INTEGRALE VISIE

1 - Bestaande beleid Aan welk beleid draag jij bij? Wat zijn de doelen van dat beleid?

8 - Gewenste effecten voor komende jaren

Tot welk effect in de samenleving moet dat beleid leiden? 4 - Samenleving

[1] 5 - Politieke aandacht

Zorgen [2]

3 - Grote opgaven

Wensen

[3]

Overig

9 - Wat betekent dat voor het beleid in vak-1? 7 - Verplicht van hoger hand

Onderbrengen in ……. Schrappen …… Anders …….

6 - Andere bronnen

10 - Verzoek om hierover in 20 gesprek te gaan met collega's.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.dronten.nl/api//v1/meetings/983/documents/1429