40475749-1a20-4a3d-92c8-8094fd1ab447.pdf
Tekst van het document
Accountantsverslag 2022 Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek
Aan het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek Postbus 2341 8203 AH LELYSTAD Onderwerp Accountantsverslag 2022 Datum 31 mei 2022 Kenmerk 312021004.23.165
Geachte leden van het algemeen bestuur, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2022 van uw gemeenschappelijke regeling afgerond. De jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 31 mei 2022 hebben wij onze controlebevindingen besproken met het dagelijks bestuur. Bij de jaarrekening 2022 hebben wij op 31 mei 2022 een goedkeurende controleverklaring afgegeven, zowel voor het aspect getrouwheid als voor het aspect rechtmatigheid. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2022. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Voor de goede orde vermelden wij dat uw controlerende taak uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur, de directie en het management. Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V. Was getekend: A. Booij RA ValidSigned door A.
Booij RA op 31-05-2023
Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409. .
Inhoudsopgave
Contact
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij ....................... 2
De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag:
2. Financiële positie en resultaat.................................................. 6
Arie Booij
4. Interne beheersing ................................................................ 13
Tel: 06 – 1509 2689 Remco Korhorn Tel: 06 - 1099 9195
3. Bevindingen eindejaarscontrole ............................................... 9 5. Overige aangelegenheden ..................................................... 18
1.
Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij
312021004.23.165 - 1
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Reikwijdte van de controle
Met de opdrachtbevestiging van 24 augustus 2022 (kenmerk 312021004.22.301) heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2022. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Flevoland & Gooi en Vechtstreek (hierna: OFGV). De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2022 voldoende voor de doelstelling van onze controle. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle wordt verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse Controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), het “Programma van Eisen accountantscontrole” zoals vastgesteld door het algemeen bestuur op 3 februari 2021, het normenkader 2022 zoals vastgesteld door het algemeen bestuur op 8 februari 2022 en de Regeling Controleprotocol Wet normering topinkomens (WNT) 2022. Tijdens de uitvoering van de oorspronkelijke controleplanning hebben zich geen wijzigingen van materieel belang in de reikwijdte voorgedaan.
Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2022 voldoende voor de doelstelling van onze controle.
Materialiteitsbepaling is overeenkomstig het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) en het “Programma van Eisen accountantscontrole”
De materialiteitsbepaling bij de OFGV is gebaseerd op het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado) en op het op 3 februari 2021 door het algemeen bestuur vastgestelde “Programma van Eisen accountantscontrole”. Voor fouten is deze gebaseerd op 1% van de lasten inclusief toevoegingen aan reserves en voor onzekerheden op 3% van de lasten inclusief toevoegingen aan reserves.
Bron: jaarrekening 2022 Goedkeuringsmaterialiteit
Fouten € 154.000
Onzekerheden € 462.000
In het “Programma van Eisen accountantscontrole” heeft u tevens de rapporteringstolerantie vastgesteld. Voor het boekjaar 2022 is deze € 60.000.
312021004.23.165 - 2
Onze aanpak is gericht op risico’s
Voor de jaarrekeningcontrole 2022 onderkennen wij een aantal risico’s en aandachtspunten, die een verhoogd (bruto) risico met zich mee (kunnen) brengen op een materiële fout in uw jaarrekening en die een mogelijke impact op de bedrijfsvoering kunnen hebben. De risico’s en aandachtspunten zijn hieronder weergegeven. Opname van een risicogebied of aandachtspunt in deze opsomming betekent niet dat daadwerkelijk sprake is van risico’s die zich daadwerkelijk voordoen, maar zijn enkel bedoeld om aan te geven dat wij hier tijdens onze controle (extra) aandacht aan hebben besteed. ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
▪ ▪ ▪ ▪
De kwaliteit van de interne beheersing in relatie tot de af te geven rechtmatigheidsverantwoording door het dagelijks bestuur (over boekjaar 2023). Uw financiële IT-omgeving. De follow-up ten aanzien van eerder gerapporteerde aandachtspunten vanuit de interne en externe controle. De actualisatie van de (fraude-)risicoanalyse. De actualiteit van de (financiële) administratie. Management override of controls. Dit betreft de mogelijkheid die het management heeft om specifieke interne beheersingsmaatregelen te omzeilen, bijvoorbeeld door memoriaalboekingen of het schattingsproces. De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor uw gemeenschappelijke regeling. Naleving van de (Europese) aanbestedingsregels. Betaalproces, vanwege de potentiële (fraude-)risico’s. Opbrengstverantwoording, waaronder de facturatie van de opleidingsactiviteiten. De verantwoording van de personele kosten.
Ter voorkoming van een materiële fout in de jaarrekening heeft u voor bovenstaande risicogebieden beheersmaatregelen getroffen. Wij hebben ons bij de controle gericht op de opzet en het bestaan van de door u ingerichte beheersingsomgeving, die deze risico’s moeten verkleinen. Voor een toelichting op een aantal onderkende risico’s en aandachtpunten verwijzen wij naar het hoofdstuk ‘Bevindingen eindejaarscontrole’. Daarnaast verwijzen wij u naar onze bevindingen in het hoofdstuk ‘Interne beheersing’.
De baten en lasten, alsmede Op basis van het “Programma van Eisen accountantscontrole” zoals vastgesteld door uw algemeen bestuur op 3 februari 2021 en het normenkader 2022 zoals vastgesteld door het algemeen bestuur op 8 februari 2022 hebben wij de naleving van het financieel balansmutaties, zijn rechtmatigheidskader voor uw gemeenschappelijke regeling gecontroleerd. Hierbij zijn geen bijzonderheden geconstateerd. rechtmatig Onze conclusie is derhalve dat de baten en lasten, alsmede de balansmutaties, in materiële zin, rechtmatig zijn weergegeven in de jaarrekening 2022.
De jaarrekening voldoet aan Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van de OFGV. Daarnaast vereisen zij van het dagelijks bestuur het toepassen van oordeelsvorming ten aanzien van het BBV
moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn. 312021004.23.165 - 3
De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van de OFGV zijn uiteengezet in paragraaf B.3.1 “Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling”. In de jaarrekening 2022 hebben zich ten opzichte van de jaarrekening 2021 geen wijzigingen van materieel belang voorgedaan in de toegepaste verslaggevingsgrondslagen, die een aanzienlijke invloed hebben gehad op de baten en lasten en/of de financiële positie van de OFGV. Wij hebben het door het dagelijks bestuur toegepaste proces voor belangrijke verslaggevingsgrondslagen geëvalueerd en hebben gegevensgerichte controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving beoordeeld. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
Geen geïdentificeerde materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken
Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole, resteren er geen van materieel belang zijnde ongecorrigeerde afwijkingen of onzekerheden. Door ons gerapporteerde bevindingen zijn derhalve niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring), maar zijn naar onze mening vooral van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor de niet materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.
Goedkeurende controleverklaring
Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening 2022 van de OFGV een getrouw beeld geeft van het de grootte en de samenstelling van zowel de baten en lasten over 2022 als van de activa en passiva op 31 december 2022. Voorts zijn wij van oordeel dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2022 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader 2022 zoals vastgesteld door het algemeen bestuur op 8 februari 2022. Hierbij geldt als voorwaarde dat de door ons gecontroleerde jaarrekening ongewijzigd door het algemeen bestuur wordt vastgesteld. Wij verzoeken u derhalve ons een door de leden van het algemeen bestuur ondertekend exemplaar van de vastgestelde jaarrekening te verstrekken. Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.
312021004.23.165 - 4
2.
Financiële positie en resultaat
312021004.23.165 - 5
2. Financiële positie en resultaat De vermogenspositie van uw gemeenschappelijke regeling neemt zowel in absolute als relatieve zin toe
In het BBV, de verslaggevingsregels voor gemeenschappelijke regelingen, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd saldo van baten en lasten 2022 bedraagt € 913.000 voordelig. Per saldo is tussentijds € 11.000 aan de reserves onttrokken, zodat het uiteindelijk gerealiseerd resultaat over 2022 € 924.000 voordelig bedraagt. Dit gerealiseerd resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans. In het hiernavolgende overzicht hebben wij de ontwikkeling van het eigen vermogen opgenomen.
Eigen vermogen (in € 1.000)
Eigen vermogen per 1 januari
2022
2021
2020
1.643
1.331
1.520
0
-/- 206
-/- 640
Subtotaal
1.643
1.125
880
Tussentijdse resultaatbestemming
-/- 11
-/- 52
-/- 105
Gerealiseerd resultaat
924
570
556
Totaal (‘gerealiseerd saldo van baten en lasten’)
913
518
451
2.556
1.643
1.331
Uitkering aan gemeenten/ resultaatbestemming
Eigen vermogen per 31 december
De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de toevoegingen aan en onttrekkingen uit de reserves, in overeenstemming met de besluiten van uw algemeen bestuur.
312021004.23.165 - 6
De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2022 circa 31,5 % van het balanstotaal (2021: 27,8 % van het balanstotaal). In onderdeel B.3.2 “Toelichting op de balans per 31 december” van de jaarrekening geeft het dagelijks bestuur een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2022. Wij verwijzen u naar deze toelichting.
Gerealiseerd resultaat 2022 is beïnvloed door reservemutatie(s)
Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerde saldo van baten en lasten. Daarnaast kent de gemeenschappelijke regeling ook het gerealiseerde resultaat. Dit is het gerealiseerde saldo van baten en lasten plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse toevoegingen aan reserves. De toevoegingen aan dan wel onttrekkingen uit reserves vinden plaats op basis van door u genomen besluiten. Het gerealiseerde resultaat is dus mede het gevolg van de bestuurlijke besluitvorming. Concreet betekent dit voor uw gemeenschappelijke regeling het volgende: Exploitatieresultaat (in € 1.000) Totale baten
15.863
Totale lasten
14.950
Gerealiseerde saldo van baten en lasten
913
Af: toevoegingen aan reserves
469
Bij: onttrekkingen uit reserves
481
Saldo mutaties reserves
11
Gerealiseerd resultaat
924
De exploitatie over 2022 laat een voordelig gerealiseerd saldo van baten en lasten van € 913.000 zien, ten opzichte van een begroot saldo van € 69.000 nadelig. Dit is een voordeel van € 982.000. Het gerealiseerde resultaat van € 924.000 voordelig is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. In de jaarstukken wordt op diverse plaatsen een nadere toelichting gegeven op de totstandkoming van het resultaat en worden de verschillen tussen de begroting en de gerealiseerde baten en lasten verklaard (paragraaf A.1.3 tot en met A.1.7 en paragraaf B.3.3). Wij verwijzen u naar deze toelichtingen.
312021004.23.165 - 7
Het voordelige exploitatieresultaat 2022 (vóór bestemming) is mede ontstaan na een aantal incidentele baten en lasten. Door het effect van de incidentele baten en lasten buiten beschouwing te laten, ontstaat meer inzicht in de reguliere baten en lasten. Het inzicht in de reguliere baten en lasten is van belang, omdat het een betere indicatie geeft van de toekomstige baten en lasten, overigens zonder rekening te houden met beleidswijzigingen. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is eveneens inzicht in de incidentele baten en lasten gegeven (paragraaf B.3.6 “Overzicht van incidentele baten en lasten”). Kortheidshalve verwijzen wij u naar deze uiteenzetting.
Het dagelijks bestuur kwalificeert het huidige weerstandsvermogen als onvoldoende om de thans onderkende risico’s af te kunnen dekken
Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit vanwege ingeschatte risico’s. De omvang van uw eigen vermogen bedraagt ultimo 2022 circa 31,5 % van het balanstotaal (2021: circa 27,8 %). De directe weerstandscapaciteit van de OFGV is daarmee in 2022 relatief gezien toegenomen. Omdat het dagelijks bestuur de beschikbare weerstandscapaciteit bepaald op basis van de omvang van de algemene reserve en de post onvoorzien en deze posten ten opzichte van 2021 niet veranderd zijn, is in absolute zin de beschikbare weerstandscapaciteit gelijk gebleven ten opzichte van 2021 en bedraagt deze € 724.000. In paragraaf A.2.2 “Weerstandsvermogen en risicobeheersing” heeft het dagelijks bestuurd toegelicht dat het benodigde weerstandsvermogen € 989.000 is. Dit bedrag is bepaald op basis van de actualisatie van de door het dagelijks bestuur onderkende risico’s. Door de inventarisatie en kwantificering van risico’s periodiek te actualiseren, houdt het dagelijks bestuur goed zicht op de risico’s en kunt u een goede kwalitatieve beoordeling van uw vermogen maken.
Op basis van de (actualisatie van de) risico’s en de beschikbare weerstandscapaciteit (de vrije weerstandscapaciteit heeft het dagelijks bestuur berekend op € 724.000) komt de verhouding tussen het vrije beschikbare en benodigde weerstandsvermogen uit op 0,73 welke door het dagelijks bestuur als “Onvoldoende” is beoordeeld. De verhouding valt tevens onder de bandbreedte van 0,8 – 1,2 zoals is opgenomen in de “Nota Weerstandsvermogen en Risicomanagement” en daarom zal het dagelijks bestuur voorstellen de algemene reserve uit het rekeningresultaat 2022 maximaal aan te vullen. Wij adviseren u om de risico-inventarisatie te blijven actualiseren en te kwantificeren en, gelet op het feit dat uiteindelijk de deelnemers “belast” worden met de risico’s, dit periodiek (passend binnen uw P&C-cyclus of zoveel eerder als u dat noodzakelijk acht) in het algemeen bestuur te bespreken.
312021004.23.165 - 8
3.
Bevindingen eindejaarscontrole
312021004.23.165 - 9
3. Bevindingen eindejaarscontrole Er is geen sprake van begrotingsonrechtmatigheid die doorwerkt in ons oordeel
Naast de controle op de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening 2022, hebben wij de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. De toe te passen normen voor dit begrotingscriterium zijn gebaseerd op artikel 189, 190 en 191 van de Gemeentewet en moet door het algemeen bestuur zelf nader worden ingevuld en geconcretiseerd. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan het algemeen bestuur, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan het algemeen bestuur van budgetoverschrijdingen heeft het risico in zich dat inbreuk wordt gemaakt op het budgetrecht van het algemeen bestuur. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de Kadernota rechtmatigheid 2018 (welke van toepassing is op de jaarrekening 2022) van de Commissie BBV. In het kader van de begrotingsrechtmatigheid moet gekeken worden naar de lastenoverschrijdingen op het niveau waarop het algemeen bestuur de begroting autoriseert. In uw geval is dat op het totaal van de begroting, omdat sprake is van één programma.
Op totaalniveau is geen sprake van een overschrijding van de geraamde lasten: de werkelijke totale lasten van € 14.950.000 zijn binnen het budget ad € 15.296.000 gebleven. Wel is in een vijftal gevallen het geraamde budget op kostensoortniveau overschreden. Hiervan kan het volgende beeld gegeven worden: (bedragen x € 1.000) 1.1a Salarissen 1.2 Opleidingskosten 1.3 Algemene personeelskosten 4.3 Informatiemanagement 4.7 HRM 7.5 Diverse subsidies
Gewijzigde begroting 2022 9.237 618 422 852 65 179
Gerealiseerd 2022 9.338 706 434 892 105 202
Overschrijding 101 88 12 39 40 24
In onderdeel B.3.5 “Analyse begrotingscriterium” heeft het dagelijks bestuur een nadere analyse van de begrotingsrechtmatigheid opgenomen, met uitzondering van de kostensoort “7.5 Diverse subsidies”. Bij deze overschrijding is namelijk sprake van volledige compensatie door direct gerelateerde baten. Uit de analyse van het dagelijks bestuur blijkt dat de overschrijdingen passen binnen het
312021004.22.166 - 9
beleid van de OFGV en daarom niet door hoeven te werken in ons rechtmatigheidsoordeel. Wij hebben de analyse van het dagelijks bestuur gevalideerd en kunnen ons daarin vinden. De begrotingsrechtmatigheid omvat ook de overschrijdingen op investeringskredieten. Deze hebben zich in 2022 niet voorgedaan, zodat ook op dit aspect geen afwijking als rechtmatigheidsfout mee hoeven te wegen in ons accountantsoordeel.
WNT-verantwoording en anticumulatiebepaling WNT
De Wet normering topinkomens (WNT) is in werking getreden met ingang van 1 januari 2013. De WNT regelt niet alleen de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, maar stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Met ingang van 1 januari 2013 is bij wet vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging over 2022 van € 216.000 niet te boven gaat. Daarnaast dienen gemeenschappelijke regelingen het salaris openbaar te maken van overige medewerkers (inclusief – wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan – ingehuurd personeel) die een bezoldiging ontvangen boven deze norm. Ten slotte stelt de WNT een aantal overige eisen, zoals een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000. Met ingang van boekjaar 2018 dienen ook de ontvangen vergoedingen die bij andere WNT plichtige instellingen zijn ontvangen te worden verantwoord in de WNT-verantwoording. Aangezien het voor ons niet mogelijk is de volledigheid vast te stellen van de dienstbetrekkingen en de ontvangen vergoedingen, is in de Regeling Controleprotocol WNT opgenomen dat wij de anticumulatiebepaling niet hoeven te controleren.
In onze controleverklaring is dit ook als zodanig toegelicht. De naleving van de anticumulatiebepaling maakt derhalve geen onderdeel uit van de controle van de accountant. De WNT-toezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden. In 2022 is voor geen van de topfunctionarissen en overige medewerkers sprake van een overschrijding van de grensbedragen. Bij de controle van de WNT-verantwoording 2022 stelden wij wel vast dat geen sprake was van (zichtbare) interne controle op de opgestelde WNT-verantwoording. Wij adviseren u om in het vervolg voordat de WNT-verantwoording voor controle wordt aangeboden zichtbaar interne controle uit te laten voeren. In het kader van de WNT attenderen wij u erop dat u de plicht heeft om uiterlijk 1 juli 2023 uw WNT-verantwoording over het kalenderjaar 2022 via internet op een algemeen toegankelijke wijze openbaar te maken. Indien op grond van andere op de verantwoordelijke van toepassing zijnde regelgeving of een besluit een later tijdstip waarop het financieel verslaggevingsdocument openbaar moet worden gemaakt geldt, is die latere datum de uiterlijke datum van openbaarmaking.
Voorziening verlofsparen
Medewerkers kunnen op basis van de CAO Gemeenten vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke vakantie-uren sparen. Met dit 'verlofsparen' kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie-uren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning. Deze vakantie-uren verjaren niet. Dit kan gaan leiden tot verlofstuwmeren 312021004.23.165 - 10
die bijvoorbeeld ingezet gaan worden om eerder met pensioen te gaan. Aangezien er bij verlofsparen sprake is van arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen, dient hier volgens de Commissie BBV een voorziening voor gevormd te worden. De hoogte van deze voorziening hangt onder andere af van de mate waarin medewerkers gebruik gaan maken van deze regeling. In de jaarrekening 2022 heeft het dagelijks bestuur een voorziening getroffen voor een bedrag van € 23.000. Deze voorziening is bepaald door het verlof te kwantificeren van de medewerkers die zich hebben aangemeld voor “verlofsparen”. Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 “verlofsparen”. Niet al uw medewerkers hebben hier gebruik van gemaakt, waardoor de omvang van de voorziening relatief van beperkte omvang is. Mogelijk dat dit in de komende jaren het beroep op deze mogelijkheid vanuit uw medewerkers groter gaat worden. Wij adviseren u hier alert op te zijn en blijven, omdat dit niet alleen financiële gevolgen kan hebben (het treffen van een voorziening), maar ook kan betekenen dat verloftegoeden significant kunnen gaan toenemen, met als gevolg dat u (eerder) personeel moet gaan vervangen.
Op het moment dat medewerkers het tegoed aan “verlofsparen” opnemen zal de voorziening voor het deel dat opgenomen wordt vrijvallen, waardoor budget beschikbaar komt om eventueel een vervanger aan te trekken. Voor de komende jaren adviseren wij u dit goed te blijven volgen en te analyseren, omdat enerzijds u de risico’s zult moeten voorzien, maar anderzijds geen sprake mag zijn van een arbeidskosten gerelateerde verplichting met gelijkblijvende omvang. De Commissie BBV adviseert hierbij om na te gaan of u in de toekomst mogelijk gebruik kunt maken van ervaringscijfers.
Geen fouten en onzekerheden met betrekking tot de SiSabijlage
Op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), artikel 5, lid 4, rapporteren wij in dit accountantsverslag over de fouten en onzekerheden van de specifieke uitkeringen die in 2022 onder Single information, Single audit (SiSa) vallen. Wij doen dit met een tabel, die ook opgenomen moet worden als er geen fouten of onzekerheden geconstateerd zijn. Per regeling is hierin aangegeven of, en zo ja welke financiële fouten of onzekerheden zijn geconstateerd. In overeenstemming met de Nota verwachtingen accountantscontrole SiSa is de tabel leeg als er geen bevindingen zijn. Hierna treft u deze tabel aan. Nr.
Specifieke uitkering of overig
E93
Regeling specifieke uitkering interbestuurlijk programma VTH
F21
Eenmalige specifieke uitkeringen ten behoeve van extra ondersteuning voor toezicht op handhaving van de energiebesparingsplicht
Fout of onzekerheid
Financiële omvang in euro's
Toelichting fout/onzekerheid
Strekking controleverklaring rechtmatigheid: goedkeurend Strekking controleverklaring getrouwheid: goedkeurend 312021004.23.165 - 11
4.
Interne beheersing
312021004.23.165 - 12
4. Interne beheersing Kernboodschappen interim- Als onderdeel van de jaarrekeningcontrole hebben wij aandacht geschonken aan de opzet, het bestaan en de werking van maatregelen van administratieve organisatie en interne beheersing, voor zover van belang voor onze controle op de controle 2022
betrouwbaarheid van de in de jaarrekening opgenomen gegevens. Naar aanleiding van de controle 2022 hebben wij met onze brief inzake “Bevindingen interimwerkzaamheden 2022” van 20 december 2022 (kenmerk 312021004.22.457) onze bevindingen gedeeld met het dagelijks bestuur en de directie. De kernboodschappen die wij het dagelijks bestuur en de directie hebben meegegeven uit onze interim-controle hebben wij hieronder opgenomen. Onze indruk van uw interne beheersing is positief Onze indruk is positief: wij zien dat uw gemeenschappelijke regeling een heldere visie heeft op de interne beheersing en de verantwoordelijkheden binnen uw gemeenschappelijke regeling helder zijn geregeld. Net als voorgaand jaar komen wij tot de conclusie dat in de kern veel zaken goed geregeld zijn binnen uw gemeenschappelijke regeling. Aanbevelingen die wij voorgaand jaar hebben besproken met de directie om uw interne beheersing en uw processen mogelijk beter of efficiënter te maken zijn overigens nog steeds van toepassing. Deze aanbevelingen zien toe op: ▪ ▪ ▪
Actuele procesbeschrijvingen zijn van belang voor het inzicht in uw risico’s en de beheersing van processen Stel een integrale frauderisicoanalyse op en bespreek deze met het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur Procesbevindingen rondom betaalproces, vastlegging en onderbouwing van de prestatielevering en interne controle op uw IT omgeving
Voor de aanbevelingen verwijzen wij u naar de managementletter 2021 van 22 maart 2022 met kenmerk 312021004.21.378. Rechtmatigheidsverantwoording Het Ministerie van BZK heeft via de nieuwsbrief IBI (nummer 109, juni 2022) aangegeven dat de introductie van de rechtmatigheidsverantwoording wordt uitgesteld tot de jaarrekening voor het verslagjaar 2023, welke in het kalenderjaar 2024 wordt vastgesteld. Dit betekent dat vanaf dan onze controleverklaring alleen een oordeel inzake de getrouwheid van de jaarrekening (inclusief de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording die door het dagelijks bestuur in de jaarrekening wordt opgenomen) bevat. De Commissie BBV heeft de herziene kadernota uitgebracht (hierna: Kadernota rechtmatigheid 2023), waarin zij haar visie geeft over de invulling van het begrip rechtmatigheid in de rechtmatigheidsverantwoording. Het doel is uiteindelijk dat OFGV zelfstandig de in de Kadernota rechtmatigheid 2023 benoemde rechtmatigheids-criteria (het begrotingscriterium, het M&O-criterium en het voorwaardencriterium) afdekt. De Kadernota rechtmatigheid 2023 is daarmee vooral een belangrijk document voor het dagelijks bestuur geworden. In paragraaf 1.4 van de Kadernota rechtmatigheid 2023 is een tiental stellige uitspraken gedaan en zijn zeven aanbevelingen gedaan. Deze worden in de Kadernota rechtmatigheid 2023 verder uitgewerkt. 312021004.23.165 - 13
Deze stellige uitspraken en aanbevelingen kunnen het dagelijks bestuur helpen bij de verdere implementatie van de rechtmatigheidsverantwoording binnen OFGV. Wij hebben het dagelijks bestuur dan ook geadviseerd kennis te nemen van deze stellige uitspraken en aanbevelingen. Ook moeten afspraken met de accountant worden herzien of gemaakt. Hierbij moet u vooral denken aan de scope van de interne controle (getrouwheid versus rechtmatigheid), de documentatie van de uitgevoerde interne controles en de planning van de (verbijzonderde) interne controle. De directie, en daarmee ook het dagelijks bestuur, beschikken over een “Interne Controle Plan (ICP)”. Het ICP bevat belangrijke randvoorwaarden om in kalenderjaar 2024 een rechtmatigheids-verantwoording op te kunnen stellen met betrekking tot verslagjaar 2023, zoals de kaders voor de interne controle en de te toetsen rechtmatigheidscriteria. In het ICP zijn alle criteria van rechtmatigheid benoemd. Niet alle criteria zijn specifiek voor het rechtmatigheidsoordeel en niet alle criteria zijn nu onderdeel van de (verbijzonderde) interne controle van OFGV. Wij hebben het dagelijks bestuur daarom geadviseerd in het ICP de nadruk te leggen op de criteria die specifiek voor het rechtmatigheidsoordeel gelden, zijnde het begrotingscriterium, het voorwaardecriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik (M&O) criterium.
Daarnaast adviseren wij het voorwaardecrterium, net als bij de accountantscontrole tot dusver, te beperken tot de aspecten recht, hoogte en duur. Verder hebben wij het dagelijks bestuur de volgende aandachtspunten meegegeven bij het plannen van uw (verbijzonderde) interne controle ten behoeve van de rechtmatigheidsverantwoording over verslagjaar 2023: ▪ ▪ ▪
▪
Naar onze mening is het waardevol als het dagelijks bestuur in het ICP ook expliciet aandacht besteed aan de interne beheersing rondom uw eigen IT-omgeving. Laat het algemeen bestuur (jaarlijks) het normenkader expliciet vaststellen. Dit doet het dagelijks bestuur al, maar is vanaf verslagjaar 2023 verplicht. Neem informatie op in uw ICP over de verantwoordingsgrens (oftewel het bedrag waarboven afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording moeten worden gerapporteerd door het dagelijks bestuur) en indien gewenst de rapporteringsgrens (oftewel het bedrag waarboven afwijkingen in de Paragraaf bedrijfsvoering moeten worden gerapporteerd door het algemeen bestuur). De rapporteringsgrens mag overigens niet hoger zijn dan de verantwoordingsgrens. Voer geplande werkzaamheden overeenkomstig uw planning uit en evalueer bevindingen en aanpak. Maak oorzaakanalyse bij afwijkingen en stel indien noodzakelijk bij. Rapporteer periodiek bevindingen.
Fraude De komende jaren zal er vanuit de accountantscontrole nog nadrukkelijker aandacht worden gegeven aan fraudepreventie. Op 13 september 2021 publiceerde de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA) een consultatiedocument waarin werd voorgesteld dat accountants verplicht worden om over fraude en continuïteit te rapporteren in de controleverklaring. In 2022 heeft de NBA de notitie ‘Frauderisicobeheersing: aanbevelingen voor bestuurders en toezichthouders’ uitgebracht. In deze notitie komt nadrukkelijk de rol van bestuurders en toezichthoudende organen, zoals het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur, bij het voorkomen en detecteren van fraude aan de orde. Door de nadruk te leggen op het voorkomen van fraude, kunnen de gelegenheden die tot fraude leiden, afnemen. Dit vraagt om actief toezicht op risico’s en beheersmaatregelen ter voorkoming van
312021004.23.165 - 14
fraude. Ook de accountant heeft hierin een belangrijke rol. Vanaf verslagjaar 2023 is de accountant namelijk bij uw gemeenschappelijke regeling verplicht om in de controleverklaring te rapporteren over fraude. Fraude kan een groot effect hebben op de reputatie van organisaties en kan tot grote financiële schade leiden. Het is daarom zowel in uw belang als dat van al uw belanghebbenden, bijvoorbeeld in de Paragraaf bedrijfsvoering, expliciet aandacht wordt besteed aan het beheersen van frauderisico’s. De Commissie BBV heeft hier ook adviezen over gegeven. Van u, zowel het algemeen bestuur als het dagelijks bestuur, wordt verwacht dat het dagelijks bestuur frauderisico’s in kaart brengt en adequate maatregelen neemt om deze te beheersen. Omdat bij fraude sprake is van bewust handelen van personeel of management, is een goede frauderisicoanalyse ook in uw belang, ter voorkoming van daadwerkelijke fraude. Door over frauderisico’s te spreken zal het fraudebewustzijn en de frauderisicobeheersing immers vergroot worden. Met het oog op de eerder genoemde ingaande rapportageverplichting voor accountants zullen wij nog nadrukkelijker het gesprek met u (het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur) aangaan over dit onderwerp. Tijdens de controle spreken wij met u over: ▪ ▪ ▪
De (nog op te stellen) integrale frauderisicoanalyse van OFGV en de specifieke frauderisico’s. De evaluatie van frauderisico’s die voor de controle het meest van belang zijn. Eventuele fraude incidenten en de bijbehorende opvolging.
Voorgaand jaar hebben wij geadviseerd om als onderdeel van uw verantwoordelijkheid hierin, een fraude-risicoanalyse op te stellen, deze regelmatig te actualiseren en ook te bespreken met het algemeen bestuur. Uit onze interimwerkzaamheden 2022 is gebleken dat OFGV voornemens is een integrale frauderisicoanalyse op te stellen en deze te bespreken met zowel het dagelijks als algemeen bestuur. Wij vinden dit een positieve ontwikkeling. Wij hebben geadviseerd de nog op te stellen frauderisicoanalyse periodiek, in ieder geval eenmaal per jaar, te actualiseren. Bij het opstellen dan wel actualiseren van de frauderisicoanalyse adviseren wij ook onze flyer ‘Fraude bij lokale overheden’ te betrekken, die wij met de OFGV gedeeld hebben. Daarnaast willen wij in ieder geval het volgende meegeven: ▪ ▪ ▪
Zorg ervoor dat de frauderisicoanalyse een dynamisch proces is. Zorg ervoor dat de frauderisicoanalyse alle risico’s bevat, dus niet alleen de risico’s waar in het kader van de (verbijzonderde) interne controle naar is gekeken. Betrek alle onderkende risico’s met het niveau ‘hoog’ ook zichtbaar bij de (verbijzonderde) interne controle.
Continuïteit De accountant is vanaf verslagjaar 2023 verplicht om naast fraude, zoals hiervoor aangegeven, tevens te rapporteren over continuïteit. Een aanleiding voor het verplicht rapporteren over continuïteit is de toenemende behoefte aan transparante informatie over bijvoorbeeld specifieke inzichten en langetermijnperspectieven. Omdat bij het opstellen van de jaarrekening wordt uitgegaan van de continuïteitsveronderstelling, is continuïteit ook een belangrijk aandachtspunt voor accountants bij de controle van de jaarrekening.
312021004.23.165 - 15
Het continuïteitsrisico bij gemeenschappelijke regelingen speelt echter een beperktere rol door de achtervang van hogere overheden en het provinciaal toezicht. Wel is het natuurlijk van belang dat gemeenschappelijke regelingen een structureel sluitende meerjarenbegroting hebben. In die zin speelt het ‘continuïteitsrisico’, zij het in mindere mate, ook bij OFGV. Single information, Single audit OFGV heeft aanspraak gemaakt op een tweetal specifieke uitkeringen vanuit het Rijk, namelijk “Regeling specifieke uitkering interbestuurlijk programma VTH” en “Eenmalige specifieke uitkeringen ten behoeve van extra ondersteuning voor toezicht op handhaving van de energiebesparingsplicht. Voor deze specifieke uitkering geldt de zogenaamd SiSa-systematiek. SiSa staat voor Single information, Single audit en betekent een eenmalige informatieverstrekking en eenmalige accountantscontrole via de jaarrekening. Met SiSa verantwoordt het dagelijks bestuur aan de Rijksoverheid hoe de specifieke uitkering is besteed. De verantwoorde bestedingen in de SiSa zien voornamelijk toe op “uren x tarief”.
Ten aanzien van de urenverantwoording hebben wij het dagelijks bestuur geadviseerd, in verband met het ontbreken van een sluitende urenadministratie, de gerealiseerde uren (extracomptabel) te registreren, deze periodiek (minimaal één keer per maand) te laten autoriseren door daartoe bevoegde medewerker die bekend is met het project en geregistreerde uren te onderbouwen aan de hand van bijvoorbeeld agenda's, notulen, presentatie, et cetera. Voor 2022 heeft het dagelijks bestuur de verantwoorde uren op deze wijze kunnen onderbouwen. In aanvulling hierop willen wij uw aandacht vragen voor de registratie van gewerkte uren door uw medewerkers. Uw medewerkers schrijven tijd op directe en indirecte urencodes, waarbij het aan te bevelen is om de directe werkzaamheden dusdanig te verfijnen door aan elke opdracht een aparte urencode te koppelen. Daarmee verkrijgt het dagelijks bestuur een eenvoudiger inzicht in de bestede uren per opdracht, waarmee de verantwoording van projectkosten en daarmee samenhangende baten verbeterd wordt.
312021004.23.165 - 16
5.
Overige aangelegenheden
312021004.23.165 - 17
5. Overige aangelegenheden Geen meningsverschil met het dagelijks bestuur
Er zijn geen meningsverschillen met het dagelijks bestuur geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controleopdracht door het dagelijks bestuur van uw gemeenschappelijke regeling de volledige medewerking verleend en hebben wij de volledige toegang tot de benodigde informatie gehad.
Wij hebben namens het dagelijks bestuur een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen. Bevestigingen van het dagelijks bestuur ontvangen
Naleving van wet- en regelgeving
Wij hebben geen kennis van te rapporteren omstandigheden in verband met het niet-naleven van wet- en regelgeving.
Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving
Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts die onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid pretenderen. Uit de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn geen bijzonderheden gebleken waarop wij u via deze rapportage willen attenderen.
Geen aanwijzingen van fraude
In Nederland is de accountant wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het management van de organisatie. Wij merken op dat onze controle niet specifiek is ingericht op het ontdekken van fraude. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht. Wij hebben een fraudediscussie gevoerd met het controleteam en met het financieel management en de directie van de OFGV, waarbij wij de nadruk hebben gelegd op de vermoedens van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken. Van het management en de directie hebben wij de bevestiging ontvangen dat er geen onregelmatigheden zijn geconstateerd waarbij het management of werknemers die een belangrijke rol spelen bij de maatregelen van interne beheersing of anderen in het geval dat de fraude van materieel belang kan zijn op de jaarrekening, zijn betrokken. Tevens hebben wij zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd die gericht waren op het risico van het ‘omzeilen’ van de interne beheersingsmaatregelen door het management te detecteren. Wij hebben specifieke controles uitgevoerd op memoriaalboekingen en schattingen en hebben significante en ongebruikelijke transacties met behulp van gegevensanalyses onderzocht. 312021004.23.165 - 18
Hoewel wij op grond van de controle- en overige standaarden een kritische houding moeten hebben ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, merken wij op dat onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken hiervan. Tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2022 hebben wij geen aanwijzingen verkregen dat er sprake is geweest van (materiële) fraude.
Bevestiging onafhankelijkheid
Bevestiging onafhankelijkheid In overeenstemming met Nederlandse wet- en regelgeving, waaronder de Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO) van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), dient de externe accountant mogelijke conflicten met betrekking tot zijn onafhankelijkheid, zowel in wezen als in schijn, onder de aandacht te brengen van het dagelijks en het algemeen bestuur. Wij bevestigen dat onze onafhankelijke positie ten opzichte van de OFGV in overeenstemming met de Nederlandse wettelijke en beroepsvoorschriften is gewaarborgd. Wij zijn van mening dat onze objectiviteit gedurende het afgelopen jaar niet is aangetast. Stelsel van waarborgen om onafhankelijke positie te waarborgen Publieke Sector Accountants beschikt over een stelsel van maatregelen om onze onafhankelijke positie bij controlecliënten te waarborgen. Het stelsel van maatregelen is een integraal onderdeel van de bestuurlijke organisatie en van het voor de gehele organisatie van toepassing zijnde stelsel van kwaliteitsbeheersingsmaatregelen. Bijgaande niet-limitatieve opsomming geeft u een indruk van de maatregelen die bijdragen aan het waarborgen van onze onafhankelijke positie: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
▪
Schriftelijke onafhankelijkheidsbepalingen waarin alle bestaande onafhankelijkheidsvereisten en de risico’s ten aanzien van de bedreiging van de onafhankelijkheid en de daaraan gerelateerde waarborgen zijn verwerkt. Procedures voor tijdige bekendmaking van de voorschriften en de daarin aangebrachte wijzigingen aan alle partners en werknemers bij Publieke Sector Accountants. Procedures voor de organisatie van periodieke training inzake de toepassing van de onafhankelijkheidsvoorschriften. Procedures die erop gericht zijn dat onze gevolmachtigden en werknemers in specifieke casussen en omstandigheden de onafhankelijkheidsvoorschriften naleven. De benoeming van professionals op seniorniveau die verantwoordelijk zijn voor het continu actualiseren van de procedures en voorschriften, de tijdige bekendmaking ervan en het adequaat functioneren van het gehele stelsel van waarborgen. Procedures voor een schriftelijke rapportage per controlecliënt waarin is vastgelegd of sprake is van omstandigheden die de onafhankelijkheid van de accountant die de controleopdracht uitvoert bedreigen, op welke wijze met potentiële bedreigingen is omgegaan en indien er bedreigingen zijn gesignaleerd, welke maatregelen dan zijn genomen om deze bedreiging voor de onafhankelijkheid weg te nemen.
De vastlegging van deze beoordeling inclusief een gemotiveerde conclusie (de zogenoemde onafhankelijkheidsevaluatie) wordt in het dossier opgenomen. Procedures die vereisen dat een daartoe geëigende afdeling binnen Publieke Sector Accountants wordt geconsulteerd, als sprake is van een mogelijke aantasting van de onafhankelijkheid in relatie tot een specifieke cliënt. Wij zullen dan ook overwegen het algemeen bestuur of de auditcommissie te raadplegen.
312021004.23.165 - 19
▪
Procedures voor het interne toezicht in relatie tot de toetsing en bewaking van de naleving van de onafhankelijkheidsvoorschriften.
De opzet, bestaan en werking van ons stelsel van maatregelen worden periodiek door de externe toezichthouder getoetst. Interne roulatie Een te grote mate van vertrouwdheid of vertrouwen kan een bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountant wanneer bepaalde leden van het controleteam geregeld en voor lange tijd aan de wettelijke controle van een controlecliënt meewerken. Wij beoordelen de bedreiging voor de onafhankelijkheid die kan voortvloeien uit de langdurige betrokkenheid van andere leden van het controleteam bij de controleopdracht. Waar nodig nemen wij maatregelen om de bedreiging weg te nemen. Wij merken op dat er in het kader van onze controleopdracht geen sprake is geweest van een dergelijke bedreiging. Persoonlijke, zakelijke of financiële relaties Wij hebben een evaluatie gemaakt van persoonlijke, zakelijke en financiële relaties tussen Publieke Sector Accountants, haar partners en haar medewerkers en de OFGV, die van invloed kunnen zijn op onze onafhankelijkheid. Bij deze evaluatie zijn ons geen zaken gebleken welke aan u gerapporteerd dienen te worden.
Geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid De Nederlandse onafhankelijkheidsregels vereisen dat de eindverantwoordelijke accountant de met governance belaste organen informeert over geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid die Publieke Sector Accountants, een bestuurder of interne toezichthouder van Publieke Sector Accountants of een lid van het controleteam heeft ontvangen van of verstrekt aan de OFGV of een bij de OFGV betrokken persoon. Hierbij is een drempel van € 100 opgenomen in de regels. Wij zijn van mening dat de verstrekte en ontvangen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid gepast zijn en derhalve niet tot een bedreiging voor de onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht hebben geleid. Volledigheidshalve merken wij op dat wij geen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid hebben verstrekt/ontvangen die een (geschatte) waarde van meer dan € 100 hebben. Aanvullende dienstverlening Een overzicht van de aanvullende dienstverlening hebben wij hieronder opgenomen. Aanvullende dienstverlening Geen
312021004.23.165 - 20
Conclusie onafhankelijkheid De voorschriften in het kader van onafhankelijkheid zijn binnen de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (de NBA) opgenomen in de ‘Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO)’ en vormen een belangrijk onderdeel van het ‘normenkader’ waaraan een accountant moet voldoen. De naleving van de ViO is binnen Publieke Sector Accountants ingebed. Op basis van onze toetsing concluderen wij dat onze onafhankelijkheid als certificerend accountant bij de OFGV in 2022 voldoende is gewaarborgd.
Geen sprake van controleverschillen
Overzicht van de controleverschillen: Aard van de fouten en onzekerheden
Rechtmatigheid
Getrouwheid
Fouten N.v.t. Totaal fouten
N.v.t.
N.v.t.
€0
€0
N.v.t.
N.v.t.
€0
€0
Onzekerheden N.v.t. Totaal onzekerheden
Wij hebben van het dagelijks bestuur een schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen, waarin het dagelijks bestuur bevestigt dat de niet-gecorrigeerde fouten, zowel individueel als in totaal, in het kader van de jaarrekening niet materieel zijn. Daarnaast is in de jaarrekening een aantal correcties, zowel financieel als in de toelichting, doorgevoerd naar aanleiding van onze controle. Uw organisatie beschikt over een overzicht van deze correcties.
Disclaimer en beperking in gebruik
Dit verslag is alleen bestemd voor het algemeen bestuur (en daarmee ook de gemeenteraden en provinciale staten), het dagelijks bestuur, de directie en het management en mag niet in zijn geheel of gedeeltelijk worden verstrekt of aangehaald zonder onze schriftelijke toestemming vooraf. Er wordt geen verantwoordelijkheid aan een derde partij geaccepteerd, omdat dit verslag daar niet voor opgesteld en bedoeld is. Dientengevolge nemen wij geen enkele verplichting of plicht van zorg aan ieder ander persoon aan wie dit verslag getoond of in zijn handen komt, op ons.
312021004.23.165 - 21
De in dit verslag aan de orde gestelde onderwerpen zijn door ons geconstateerd gedurende onze controleopdracht waarvan wij van mening zijn dat zij uw aandacht behoeven. Het is geen allesomvattend verslag van alle geconstateerde zaken en in het bijzonder kunnen wij niet verantwoordelijk worden gesteld voor het rapporteren van alle bedrijfsrisico’s of tekortkomingen in het systeem van interne beheersing. Elke conclusie, opinie of opmerking in dit verslag is verstrekt in de context van onze controleverklaring over de jaarrekening als geheel. Evenzo geldt dat de opmerkingen, bevindingen en aanbevelingen met betrekking tot het systeem van interne beheersing niet gelezen dienen te worden als een afzonderlijke opinie van het systeem van interne beheersing en haar werking.
312021004.23.165 - 22
312021004.23.165 - 23