250212 beantwoording TV DS Programma Biodiversiteit.pdf
Tekst van het document
schriftelijke vragen Fractie:
Dronten Sociaal
Naam:
Jeanet Jonker
Onderwerp:
Raadsvoorstel programma biodiversiteit
Type vraag:
☒ informatieve/technische vraag ☐ artikel 33-vraag ☒ Ja, kan verspreid via mail / app ☐ Nee, antwoord alleen naar mijzelf
Beantwoording (alléén bij informatieve/technische vragen)
Inleiding: Na de beeldvormende vergadering van 6 februari 2025, hebben wij nog enkele informatieve/ technische vragen over het raadsvoorstel programma Biodiversiteit 2025 - 2030. Vragen: 1. In 2030 is het streven om in 90% van de projecten en processen natuur inclusief te werken. Toch wordt in 2030 35% van de groene openbare ruimte ingericht en beheerd vanuit de functie biodiversiteit. Kan deze 35% worden verklaard? Reactie: De 90% gaat over het aantal projecten en processen en de 35% over de oppervlakte groene openbare ruimte. Het oppervlak waar ruimtelijke ontwikkelingen (projecten) plaats vinden is ten opzichte van het totale oppervlak dat wordt beheerd zeer beperkt. Lagere beplantingen, hagen en gazons worden niet ecologisch beheerd. Bij aanleg van deze percelen is daarmee geen rekening gehouden en/of de functie van deze percelen vereist een ander beheer. Doordat steeds meer projecten natuurinclusief worden uitgevoerd zal het percentage groene openbare ruimte dat ingericht en beheerd wordt vanuit de functie biodiversiteit wel blijven stijgen. 2. Inwoners zullen worden gestimuleerd met concrete acties. Een voorbeeld van concrete actie is het Tegelwippen 2024? Op welke plaats kwam Dronten hierbij uit de bus? Is deze actie geëvalueerd en zo ja, wat zijn de uitkomsten van die evaluatie? Reactie: Dronten kwam op de 59e plaats bij het NK Tegelwippen 2024.
De inzet die is gepleegd voor de vergroening van tuinen is geëvalueerd met de netwerkpartijen die daaraan hebben meegewerkt. Uitkomsten zijn onder andere: er zijn veel tegels ingeleverd, de samenwerking met partijen en lokaal netwerk was goed,
vergroeningsactie werkt verbindend, kans om educatie sterker in te zetten, zorg voor herkenbaarheid en voorspelbaarheid (bijvoorbeeld dezelfde actie een aantal jaren na elkaar uitvoeren), maak de actie onderdeel van een groter verhaal, het najaar is voor vergroening de beste periode maar voor inwoners een duidelijk minder geschikt moment, zorg ervoor dat de actie laagdrempelig en toegankelijk is, koppel de actie aan andere evenementen, een straatcampagne (vergroening op straatniveau/pakket op maat) biedt meerwaarde t.o.v. alleen tegels ophalen. 3. Grote bomen zijn in een apart kopje ondergebracht. Struiken zijn voor ecosysteemdiensten zeker zo belangrijk. Wordt daar ook nog expliciet aandacht aan besteed? Zo ja, op welke wijze? Reactie: Hier is inderdaad ook aandacht voor. Een gevarieerde openbare ruimte biedt leefruimte voor veel soorten. Bij ruimtelijke ontwikkelingen en renovatie houden we hiermee rekening door de nieuwe inrichting te beoordelen aan de hand van de eisen die de indicatorsoorten aan hun leefgebied stellen. Struiken zijn voor veel (indicator)soorten belangrijke schuilplekken. 4. "We investeren in windhagen en erfsingels." Vallen deze onder de gemeente of de provincie? Reactie: De erfsingels en windhagen staan (grotendeels) op grond van agrarische ondernemers en Rijksvastgoedbedrijf. 5.
Wordt de braam gerekend tot de invasieve exoten (bv dijkviltbraam)? Hij komt niet in het lijstje voor. Reactie: Nee, (dijkvilt)braam staat niet op de Unie-lijst van invasieve uitheemse soorten. 6. Op pagina 65 staan voorbeelden van indicatorsoorten. Is er een lijst met vastgestelde indicatorsoorten voor onze gemeente? Reactie: Deze lijst is er nog niet. Het bepalen van de indicatorsoorten is opgenomen in het actieplan.