SED 20230116 Verslag avond omwonenden Kadijk 12-01-2023 (2023-08)
Tekst van het document
Verslag gesprek met inwoners over wijzigen bestemmingsplan ‘Achter Kadijk 1’ te Venhuizen dd. 12-01-2023 Setting Op donderdagavond 12 januari 2023 heeft in de Raadszaal van het gemeentehuis in Hoogkarspel, een gesprek tussen inwoners en wethouder Marcel ten Have plaatsgevonden. Dit gesprek vond plaats naar aanleiding van een toezegging tijdens de RTG vergadering van afgelopen maandag 9 januari. Bij dit gesprek waren zeven inwoners (van vier verschillende adressen) aanwezig. Namens de gemeente Drechterland waren wethouder Marcel ten Have, Pieter Kok (beleidsmedewerker Ruimtelijke Ontwikkeling) en Anouk Bosgoed (communicatieadviseur / notulist) aanwezig. Introductie van de aanwezigen en doel gesprek De wethouder heet alle aanwezigen van harte welkom. Hij geeft aan dat hij graag eerst een rondje wil doen om te zien wie er vanavond aanwezig zijn, en vraagt of men kort wil toelichten waar hij of zij woont en waarom hij of zij hier zit. Daarbij bedankt hij iedereen voor het op korte termijn tijd vrijmaken voor deze afspraak, hierdoor kon dit plaatsvinden voor de volgende raadsvergadering. Er wordt een verslag gemaakt dat naar de aanwezigen en de raad zal worden gestuurd. Het is belangrijk dat iedereen daarbij het gevoel heeft vrij te kunnen spreken en aangeeft als dat niet lukt, of iets liever niet in het verslag opgenomen wil hebben. De aanwezigen stellen zich één voor één voor.
De aanwezigen wonen allemaal op de Vergulde Hoek. De woningen in deze straat zijn in 2007 opgeleverd, en grenzen aan het bouwplan ingediend door de initiatiefnemer en eigenaar van de grond (Kadijk 1). De gemeenschappelijke deler van iedereen die aanwezig is, is dat ze het niet fijn vinden hoe het proces van participatie is verlopen. Alhoewel de bewoners liever hebben dat het blijft zoals het nu is, geven sommigen ook aan dat ze ‘‘niet persé problemen hebben tegen de bouwplannen, maar meer met hoe het is gegaan’’. En ook ‘‘met het gedrag van de initiatiefnemer, drie jaar lang, op een gegeven moment is het klaar’’. Ook wordt er opgemerkt dat dit bouwplan betekent dat er tijdens de bouw veel overlast zal zijn van bouwverkeer. Dit kan met name voor de senioren die er wonen als heel vervelend worden ervaren. Verwachtingen van de avond De wethouder geeft aan dat hij vanavond het proces en het plan los van elkaar wil koppelen. Dit wordt beaamd door de aanwezigen. Maar om dit te kunnen doen geeft hij eerst een korte toelichting over wat de status van het plan nu is, hoe de procedure verder verloopt en wat dit betekent voor de bewoners. Er is sprake van een tekort aan woningen, ook binnen de gemeente Drechterland. Woningbouwinitiatieven worden dan ook omarmd, en getoetst op de mogelijkheden.
Dit kunnen grote plannen zijn, maar ook kleinere plannen op zogenaamde ‘inbreilocaties’: het toevoegen van woningen binnen de bestaande kern. Op dit moment is het zo dat het college een positief besluit heeft genomen over het voorstel van de initiatiefnemer. Het vaststellen van het bestemmingsplan is echter een bevoegdheid van de raad. Afgelopen maandag, 9 januari, is het voorstel besproken tijdens de Ronde Tafel Gesprekken (RTG). Deze gesprekken zijn oriënterend van aard en gaan over de voorstellen van het college aan de raad. Hieraan kunnen raadsleden, fractievertegenwoordigers en inwoners deelnemen. Het college is aanwezig als toehoorder om vragen te kunnen beantwoorden. Tijdens de RTG is toegezegd om dit
gesprek te organiseren. Het verslag van dit gesprek gaat naar de verschillende raadsfracties, zodat men weet wat er is besproken. De wethouder wijst de aanwezigen er dan ook op dat het mogelijk is om contact op te nemen met de verschillende fracties. Hierna is de gemeenteraad aan zet. Tijdens de raadsvergadering later deze maand nemen zij een besluit. Daarbij zijn er drie mogelijkheden: 1. het plan gaat door zoals voorgesteld (eventueel met enkele wijzigingen), 2. het plan gaat niet door, of 3. het plan gaat van de raadsagenda (en komt eventueel later terug voor besluitvorming). Verloop van (participatie)proces De inwoners delen hun ervaring over de initiatiefnemer/ontwikkelaar. Dat de initiatiefnemer deze locatie is gaan verkennen, wordt gezien als een ‘’begrijpelijke keuze’’. Maar waar het wringt is dat ‘’het erop lijkt dat de stappen zijn gevolgd, terwijl het proces eromheen werd verdraaid’’. Drie jaar geleden heeft de initiatiefnemer - onaangekondigd - bij omwonenden aangebeld om zijn plan te laten zien. De wijze waarop dit gebeurde werd door sommigen als onprettig ervaren. De begroeting werd gedaan door middel van ‘’je kent mij wel’’, terwijl dit niet voor iedereen het geval was. Na het eerste contact volgden informatiebijeenkomsten, eerst fysiek en later ook digitaal. Digitaal via Teams, vanwege Covid-19.
Tijdens de bijeenkomsten was soms onduidelijk wie nu de gesprekspartner was: de initiatiefnemer, de zoon van de initiatiefnemer, of hun (wisselende) adviseurs. Van de bijeenkomsten waren soms notulen kwijt, en daarnaast werd er op de ontbrekende notulen of onjuiste verslaglegging niet gereageerd door de op dat moment aanwezige ambtenaar. Dit ging gepaard met een wisseling van ambtenaren en daardoor vaak ‘’radiostilte vanuit de gemeente’’. Tijdens de bijeenkomsten zijn uitgespraken gedaan die als onprettig, en soms ook intimiderend werden ervaren. Maar er kwamen geen excuses vanuit de initiatiefnemer. En ook tijdens de afgelopen RTG werd ‘’er door de advocaat niets gezegd over de emoties en spanningen’’, wat door de bewoners ten zeerste wordt betreurd. De wethouder geeft aan dat hij tijdens de afgelopen RTG al geschrokken is van de geschetste ervaringen van de bewoners. De rol van de gemeente is om het (participatie)proces te monitoren. Alhoewel er sprake is van ambtelijke tekorten en een bestuurswisseling, had dit anders gekund. Hij biedt daarom zijn excuses aan en geeft nogmaals aan het belangrijk te vinden om ‘’nu in gesprek te gaan, ervaringen op te halen en lessen voor in de toekomst mee te nemen’’.
Voorgestelde bouwplan Eerst wordt opgesomd wat eerder deze avond al tussendoor over het voorgestelde bouwplan ter tafel is gekomen: de noodzaak om op deze locatie huizen te bouwen, de toename van de verkeersdrukte, de bouwoverlast en tot slot de angst dat er later nog een plan op deze locatie wordt ingediend. De wethouder geeft aan dat hij de noodzaak voor het woonplan ziet, omdat er een tekort is aan levensloopbestendige woningen binnen de gemeente. Daarnaast kande bouw van deze woningen voor doorstroom van jongere gezinnen zorgen, die ook een woning zoeken. Hij vraagt daarom ook aan de aanwezigen wat zij, los van het proces, van de woningen vinden. Hierop wordt aangegeven dat - als het plan doorgaat - men bang is voor ‘’opnieuw ellende’’. Eerder is er gesproken over het minimaliseren van bouwverkeer, maar ‘’kan dat wel en wie ziet daarop toe?’’. Ook zou een (loop)brug nog een toevoeging kunnen zijn aan het plan. Dan kunnen mensen hun woning verlaten zonder een flink stuk om te moeten lopen. Maar ‘’kan dat nog, en op welke plek dan?’’. Verder vraagt men zich af of er wel wordt nagedacht over de natuur, want ‘’er zijn al bomen gekapt, zonder dat er een vergunning lijkt te zijn verleend’’.
Het gesprek dat tot nu toe plenair heeft plaatsgevonden gaat uiteen in kleinere groepen, waar tekeningen en luchtfoto’s erbij worden gepakt en vragen over de inrichting van het plan worden gesteld. Maar uiteindelijk wordt door de aanwezige inwoners – unaniem – geconcludeerd dat ze primair ‘’het plan nog steeds niet willen’’. Als het wel zover komt, dan willen ze graag ‘’opnieuw om tafel gaan’’ met de gemeente om een vervolg te geven op de vragen die nu naar voren zijn gekomen. Afgesproken wordt dat enkele aanwezigen de besproken stukken (en ideeën) nasturen aan de aanwezige beleidsambtenaar.
Afsluiting Het gesprek wordt afgesloten door de wethouder. Hij dankt eenieder voor de openheid en geeft nogmaals aan dat het verslag met de aanwezigen en raadsfracties wordt gedeeld. Ook volgt er nog separaat gesprek met de initiatiefnemer. Eén van de inwoners reageert, door te bedanken voor het gesprek en geeft aan ‘’nu eindelijk het gevoel te hebben serieus genomen te worden en hoopt dat de raad kritisch naar het plan kijkt.’’.