CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel wijziging APV (2021-62)

Gemeenteraad 22 november 2021, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Wijziging Algemeen Plaatselijke Verordening Drechterland (2021-62)1.490 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Voorstel aan de gemeenteraad Onderwerp: Zaaknummer:

Wijziging Algemene Plaatselijke Verordening Drechterland 2019 935766

RTG: Raadsvoorstel:

8 november 2021 22 november 2021, nr. 2021-62

Portefeuillehouder: Programma:

M. Pijl 2: Veiligheid

Karakter:

Besluitvormend

Bijlagen:

Verordening tot wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Drechterland 2019

Voorgesteld besluit: Vast te stellen de verordening tot wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Drechterland 2019 Inleiding Op 25 maart 2019 heeft u de Algemene Plaatselijke Verordening Drechterland 2019 vastgesteld. Vanwege wijzigingen in de modelverordening van de VNG, regionale ontwikkelingen en de behoefte om nieuwe regels in te voeren voor bepaalde onderwerpen, is een aangepaste verordening nodig. De belangrijkste aanpassingen zijn het messenverbod, carbidschieten, uitbreiding artikel gebiedsverbod, artikelen met betrekking tot aanpak ondermijning en een verbod op lachgas. Beoogd effect De Algemene Plaatselijke Verordening (hierna: APV) van de gemeente Drechterland bevat regels over zaken die de openbare orde, de veiligheid en het uiterlijk aanzien van de gemeente betreffen. Denk aan horeca, evenementen, uitstallingen, reclame of parkeren. Het is de belangrijkste verordening waarmee Drechterland – vanuit gemeentelijke autonomie – deze zaken reguleert en handhaaft. Drechterland volgt de model-APV van de VNG, maar er zijn ook lokaal specifieke beleidskeuzes in verwerkt, die leiden tot afwijkende regels. Dit is logisch, want gemeenten zijn niet identiek en behoeften kunnen uiteen lopen. Beleidsvrijheid / -ruimte (wettelijk kader) De bevoegdheid tot het opstellen en wijzigen van lokale regelgeving is vastgelegd in de Gemeentewet.

Een van de belangrijkste gemeentelijke verordeningen is de APV. Argumenten De wijzigingen betreffen voor een deel nieuwe artikelen en een aantal tekstuele wijzigingen. De wijzigingen worden hieronder toegelicht. Nieuwe artikelen Artikel 2:19b gevaarlijke voorwerpen Met dit nieuw voorgestelde artikel kan de burgemeester gebieden en publiek toegankelijke gebouwen aanwijzen waar messen en steekwapens voor zover deze niet gereguleerd zijn via de Wet wapens en munitie, verbieden. Het messenverbod heeft geen betrekking op (steek)wapens die reeds verboden zijn op grond van de Wet wapens en munitie. Hiermee wordt een instrument in de APV opgenomen waarmee indien dat nodig is snel in een gebied extra kan worden opgetreden tegen messen of andere steekwapens. De burgemeester is in dit geval het bevoegde bestuursorgaan omdat deze bevoegdheid samenhangt met zijn openbare orde bevoegdheden zoals de fouilleerbevoegdheid uit artikel 2:76 Veiligheidsrisicogebieden. Artikel 2:75A Sluiting gebouw Het sluiten van voor publiek openstaande gebouwen is een aanvulling op bestaande wetgeving om gebouwen te sluiten. Dit is vaak zeer specifiek zoals bij de Opiumwet of een zeer complex en langdurig

1

proces zoals bij de Woningwet. Met deze bepaling kan sneller worden overgegaan tot de sluiting van een gebouw of een deel daarvan als de openbare orde of gezondheid daarom vraagt. Reden om deze bepaling tevens op te nemen is om een ongewenst waterbedeffect tegen te gaan vanuit omliggende gemeenten. Dit artikel kan worden gebruikt bijvoorbeeld ten aanzien van:  Een garagebedrijf dat actief betrokken was bij het aanbrengen van verborgen ruimten in voertuigen ten behoeven van de handel van verdovende middelen in die voertuigen;  Waarneming bij garagebedrijven van personen met diverse antecedenten, waaronder drugshandel en vuurwapenbezit. Het garagebedrijf had daarmee een faciliterende rol in de drugshandel;  Sluiting van een winkel wegens witwassen en ondergronds bankieren. Afdeling 15a Tegengaan onveilig, niet leefbaar en malafide ondernemersklimaat (artikelen 2:81a t/m 2:81h) De aanpak van ondermijning is een van de prioriteiten uit het nationale, regionale en lokale veiligheidsbeleid. Het terugdringen van ondermijnende (drugs)criminaliteit lukt alleen met een integrale aanpak. Strafrecht, bestuursrecht en (fiscaal) afpakken van (crimineel) vermogen gaan daarbij hand in hand.

Het Strategisch Beraad Ondermijning heeft in 2020 de Handreiking APV en ondermijning opgesteld met daarin voorbeelden van hoe de gemeenten, naast het toepassen van het wettelijk instrumentarium op grond van de Wet Bibob en de Opiumwet, ook de Algemene Plaatselijke Verordening als belangrijk juridisch instrument kunnen inzetten. De vergunningsplicht stelt de burgemeester in staat om in het kader van de openbare orde en veiligheid op gerichte locaties, gebouwen en branches een vergunningsplicht in te stellen. Het aanwijzingsbesluit zorgt ervoor dat maatwerk mogelijk is. Locaties, gebouwen en branches kunnen snel aangewezen worden als vergunningsplichtig, maar alleen als de leefbaarheid of openbare orde en veiligheid onder ernstige druk staat. Dit maatwerk voorkomt dat de goeden onder de kwaden lijden. Als een dergelijke specifieke vergunningsplicht is ingesteld dan werpt dit een extra drempel op voor malafide bedrijven om op die specifieke locatie of binnen die branche actief te zijn binnen Drechterland. De vergunningsplicht maakt het mogelijk een Bibob-onderzoek uit te voeren. De uitkomsten kunnen aanleiding geven tot het weigeren van de vergunning. Is er toch een vergunning verleend en blijkt er achteraf toch sprake te zijn van ondermijnende criminaliteit dan heeft de burgemeester met de vergunning een instrument om de bedrijfsvoering te stoppen.

In Drechterland hebben zich nog geen concrete situaties voorgedaan waarbij deze regels werden gemist. In de aanpak van ondermijning is het echter belangrijk om vooraf over het juiste instrumentarium te beschikken. Mocht een situatie zich voordoen dan kan er in de integrale aanpak gelijk doorgepakt worden. Achteraf repareren kost tijd, waardoor het momentum verloren gaat en bestuurlijk ingrijpen niet meer mogelijk is. Tevens gaat er een preventieve werking vanuit als een gemeente het handhavingsinstrumentarium op orde heeft. Voorbeelden waarbij de vergunningsplicht voor branches en locaties effectief zijn ingezet: -

Aanpak van industriegebied met malafide autobedrijven, ondernemingen zonder klanten, drugslabs en hennepkwekerijen; Aanpak recreatieparken met illegale bewoning en criminaliteit op het park; Spyshops waarmee criminelen zichzelf beschermden tegen elkaar en de overheid.

Gewijzigde artikelen Nieuwe alcoholwet In 2016 is de Drank- en Horecawet (DHW) geëvalueerd. Deze evaluatie en het in het najaar van 2018 gesloten Nationaal Preventieakkoord vormen de basis voor de wijziging van de DHW. De naam van de wet wijzigt van Drank- en Horecawet in Alcoholwet. De nieuwe Alcoholwet is per 1 juli 2021 in werking getreden. In de APV staan in enkele artikelen verwijzingen naar de Drank- en Horecawet en deze vervalt bij de inwerkingtreding van de Alcoholwet. Om toepassing te kunnen blijven geven aan deze artikelen is een aanpassing aan de Alcoholwet noodzakelijk. Het betreft de volgende wijzigingen: 2:24, titelaanpassing afdeling 8a, 2:34, 2:48 en 3:7. Artikel 2:48a Verboden recreatief gebruik lachgas Met name door jongeren wordt veel gebruik gemaakt van lachgas door het inhaleren vanuit ballonnen. Inmiddels is bewezen dat het (overmatig) gebruik van lachgas zeer schadelijke gevolgen kan hebben voor zowel de fysieke als psychische gezondheid van de gebruiker. De gevolgen zijn zichtbaar op de korte en lange termijn. In 2020 is het ‘verbod gebruik lachgas in een bepaald gebied’ opgenomen in de APV. Waarbij alleen een

2

specifiek gebied was aangewezen en niet de hele gemeente. Het huidige verbod in de APV is niet praktisch toepasbaar omdat hier geen feitcode aan verbonden is door het Openbaar Ministerie. Sinds 1 juli 2021 is de strafbaarstelling van het gebruik van lachgas gewijzigd door het Openbaar Ministerie. Aan het onderdeel ‘daarop gelijkende waar' in artikel 2:74a is een feitcode gekoppeld waardoor het mogelijk is om te handhaven op het gebruik van lachgas. In de APV is echter de zinsnede ‘of daarop gelijkende waar’ al reeds opgenomen. Hierdoor is het gebruik van lachgas in de openbare ruimte in Drechterland verboden en kan hier tegenop getreden worden door politie en Handhaving. Daarmee is de noodzaak voor artikel 2.48a verboden recreatief gebruik lachgas komen te vervallen. Artikel 2:73a Carbidschieten Vorige jaarwisseling is carbidschieten eenmalig verboden in de hele regio. Dit gebeurde om extra druk op de al zwaar belaste zorg te voorkomen. Dit jaar is het voorstel om terug te keren naar de oude situatie waarbij het weer mogelijk is om carbid schieten op oudejaarsdag onder, door het college, vastgestelde nadere regels.

Artikel 2:78 Gebiedsontzeggingen In de huidige APV staat dat een persoon die strafbare feiten of openbare orde verstorende handelingen verricht zich gedurende ten hoogste 24 uur niet in een of meer bepaalde delen van de gemeente op een openbare plaats zich op mag houden bij de eerste overtreding. Tijdens de onrustig verlopen kermis van Hoogkarspel is gebleken dat een gebiedsverbod van 24 uur ontoereikend is. Een persoon die op de eerste dag van een evenement een gebiedsverbod krijgt kan dan weer op de derde dag op het evenement verschijnen. Dit is in de huidige situatie niet wenselijk. Daarom is het voorstel om het aantal uur te verhogen naar 48 uur en in lid 2 is opgenomen dat als het strafbare feit tijdens een meerdaags evenement plaatsvindt het gebiedsverbod voor het gehele duur van het evenement in stand blijft. Kanttekeningen / alternatieven Het alternatief is het niet vaststellen van een gewijzigde APV. Maar dit is onwenselijk in het kader van deregulering, regionale ontwikkelingen en de behoefte om nieuwe regels in te voeren voor bepaalde onderwerpen. Draagvlak N.v.t Planning, evaluatie en verantwoording Een evaluatie is niet nodig.

De verordening tot wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening 2019 wordt gepubliceerd op officielebekendmakingen.nl Financiën N.v.t Hoogkarspel, 19 oktober 2021, Burgemeester en wethouders van Drechterland De secretaris, De burgemeester,

C.M. Minnaert

M. Pijl

3

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10703860/2