Raadsvoorstel Recycletarief (2023-20)
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad Onderwerp: Zaaknummer:
Recycletarief: Implementatie, tarifering en doelgroepenbeleid 7526
RTG: Raadsvoorstel:
11 april 2023 24 april 2023, nr. 2023-20
Portefeuillehouder: Programma:
F. de Vos-Janssen 6: Milieu
Karakter:
Besluitvormend
Bijlagen:
Bijlage 1: Raadsbesluit: Recycletarief, tarifering en doelgroepenbeleid Bijlage 2: Doelen en uitgangspunten zoals vastgesteld op 25 mei 2020 Bijlage 3: Recycleplan 2022 - 2025 Bijlage 4: Onderzoek IPR Normag Diftar
Voorgesteld besluit: 1. Het recycletarief per 1 januari 2024 in te voeren 2. De tarifering (prijspeil 2023) vast te stellen zoals beschreven in dit voorstel 3. Het doelgroepenbeleid vast te stellen zoals beschreven in dit document 4. € 30.500 extra beschikbaar te stellen voor eenmalige gemeentelijke kosten en dit bedrag te dekken uit het afvalbudget 2023 5. € 60.897 extra project- en communicatiekosten door HVC te laten verdisconteren in het DVOtarief
Inleiding Met het oog op de landelijke milieudoelstellingen, verschillende ontwikkelingen in de afvalmarkt en stijgende verwerkingskosten is het van belang een aantal nieuwe stappen te zetten in het afvalbeheer. Om deze reden heeft de raad op 25 mei 2020 de doelen en uitgangspunten voor het nieuwe afvalbeleid vastgesteld en het college de opdracht gegeven het huidige inzamelsysteem te optimaliseren en invoering van een tariefdifferentiatie (recycletarief) uit te werken. De doelen van het nieuwe beleid bestaan uit het verbeteren van de milieuprestaties (75% afvalscheiding en maximaal 100 kg restafval per inwoner per jaar), het verbeteren van de kostenprestaties en het borgen van het huidige serviceniveau. De door de raad vastgestelde ontwikkelrichting is vervolgens uitgewerkt in het Recycleplan 2022 – 2025 welke op 24 januari 2022 is vastgesteld. Op 7 november 2022 heeft een raadsthemabijeenkomst inzake de tarifering en het doelgroepenbeleid plaatsgevonden. Met het oog op de implementatie (circa acht à negen maanden) is het belangrijk niet tot definitieve besluitvorming te wachten tot het vaststellen van de verordening afvalstoffenheffing (in december 2023), maar het in dit raadsvoorstel genoemde recycletarief nu vast te stellen, zodat de implementatie tijdig kan beginnen.
Mocht de raad besluiten niet over te gaan op het recycletarief, dan wordt voorgesteld om het eerder vastgestelde Recycleplan in te trekken en op basis van de doelen en uitgangspunten van 25 mei 2020 het college opdracht te geven een nieuw beleidsplan uit te werken. Beoogd effect Invoering van tariefdifferentiatie is de uitwerking van de doelen en uitgangspunten zoals door de raad vastgesteld op 25 mei 2020 en het op 24 januari 2022 vastgestelde Recycleplan 2022-2025. Bij de uitwerking van het recycletarief behoort eveneens de uitwerking van de tarifering en het doelgroepenbeleid zoals toegezegd bij de behandeling van het Recycleplan en besproken bij de raadsthemabijeenkomst op 7 november 2022. Beoogd wordt te komen tot het definitieve besluit over het Recycletarief en zodoende tijdig
1
te starten met de implementatie. Opgemerkt wordt dat de raad vooralsnog het tarief eind 2023 formeel dient vast te stellen bij de belastingverordening. Tarifering De raad heeft aangegeven zicht te willen hebben op de tarifering en wat dit betekent voor een huishouden. In deze paragraaf worden eerst de uitgangspunten uiteengezet om deze vervolgens te vertalen in een tarief bestaande uit een vast- en een flexibel onderdeel. Uitgangspunt voor de tarifering binnen het recycletarief is het inzetten van een prikkel die zodanig gebalanceerd is, dat deze leidt tot betere afvalscheiding, maar niet leidt tot problemen met het onjuist aanbieden van afval (zoals dumpingen, bijplaatsingen en vervuiling van andere stromen zoals gft). Daarnaast moet de tarifering niet leiden tot een risico in de begroting doordat er bij teveel scheiden een tekort ontstaat (de zogenoemde diftar paradox). Wanneer het flexibele deel van de heffing (het deel waar de inwoners invloed op hebben door meer of minder vaak restafval aan te bieden) te hoog is in vergelijking met het vaste deel (welke onafhankelijk van het aantal aanbiedingen wordt opgelegd), bestaat het risico dat er aan het eind van het jaar een te lage dekking bestaat voor de kosten.
Op basis van bovengenoemde uitgangspunten wordt voorgesteld het grootste deel van de heffing te verwerken in het vaste tarief (het tarief dat door elk huishouden wordt betaald zonder dat er afval wordt aangeboden) en het flexibele tarief (per aanbieding restafval) relatief laag te houden. Dit heeft als voordeel dat er een duidelijke prikkel bestaat om beter te scheiden zonder dat er een sterke prikkel bestaat voor dumpingen, bijplaatsingen en vervuiling van andere stromen. Tegelijkertijd wordt inwoners de ruimte geboden om te wennen aan het systeem zonder op hoge kosten gejaagd te worden. Voor een realistisch beeld van de te verwachte kosten per huishouden, zijn de basiscijfers voor de afvalstoffenheffing (kosten en tonnages) van 2023 als grondslag genomen voor de berekening. Onderstaande tabel kan gelezen worden als het ware dat het recycletarief per 1 januari 2023 ingevoerd zou zijn. De berekeningen gaan uit van lediging van een 240 liter restafvalcontainer voor €4,- per keer en € 1,inwerpkosten voor een ondergrondse container.
De afvalstoffenheffing ziet er in dit voorstel als volgt uit: Tabel 1: Voorstel tarifering Recycletarief (prijspeil 2023) Vastrecht Flexibel Totaal bij 3 Totaal bij 4 tarief aanbiedingen aanbiedingen 1-persoons: € 254 €4 per € 266 € 270 Meerpersoons: € 369 lediging € 381 € 385 Vastrecht 1-persoons: € 254 Meerpersoons: € 369 Vastrecht 1-persoons: € 254 Meerpersoons: € 369
Flexibel tarief €4 per lediging Flexibel tarief €4 per lediging
Totaal bij 7 aanbiedingen € 282 € 397 Totaal bij 11 aanbiedingen € 298 € 413
Totaal bij 8 aanbiedingen € 286 € 401 Totaal bij 12 aanbiedingen € 302 € 417
Totaal bij 5 aanbiedingen € 274 € 389
Totaal bij 6 aanbiedingen € 278 € 393
Totaal bij 9 aanbiedingen € 290 € 405
Totaal bij 10 aanbiedingen € 294 € 409
Totaal bij 13 aanbiedingen € 306 € 421
Toelichting Ter vergelijking van deze bedragen het volgende: De huidige afvalstoffenheffing zoals geldend voor 2023 (vlaktarief) is vastgesteld op € 294,35 (eenpersoons) en € 408,29 (meer persoons) waarbij de container 13 keer per jaar geleegd wordt. Merk op dat bij invoering van het recycletarief een eenpersoons huishouden bij hetzelfde aanbiedgedrag (13 keer per jaar) circa € 12 duurder uit is; een meerpersoonshuishouden circa € 13. Bij 3 keer minder aanbieden (10 keer) is de afvalstoffenheffing hetzelfde als in een vlaktarief. De extra kosten voor de huishoudens zijn dus beperkt maar leiden wel tot de benodigde prikkel om te scheiden. Merk ook op dat het verschil tussen bijvoorbeeld 5 en 12 aanbiedingen relatief klein is (€ 32 per jaar). Doelgroepen Om de dienstverlening op orde te houden, wordt bij invoering van het recycletarief in het bijzonder aandacht besteed aan verschillende doelgroepen. Op maandag 7 november 2022 is de eerder toegezegde raadsthemabijeenkomst georganiseerd waarin het doelgroepenbeleid, naast de tarifering, centraal stond.
2
Inwoners, waaronder ouderen en chronisch zieken, met medisch of incontinentiemateriaal zullen altijd meer afval hebben dan een gemiddeld huishouden. Het is daarom wenselijk om hiervoor een uitzondering toe te passen in de vorm van enkele gratis aanbiedingen van restafval met o.a. dit materiaal. Minima hebben minder te besteden dan de gemiddelde inwoner. Net zoals in het huidige beleid is kwijtschelding wenselijk. Om de prikkel tot afvalscheiding te laten bestaan, wordt het vastrecht kwijtgescholden; alleen het variabele tarief wordt in rekening gebracht. Kwijtschelding valt onder het minimabeleid van het sociaal domein en wordt bepaald op basis van de geldende regels m.b.t. inkomen en vermogen. De gemeente is erg blij met de zwerfafvalrapers en wil met het recycletarief deze inwoners niet ontmoedigen. Om deze reden wordt een speciale zwerfafvalpas ingericht met daarop enkele gratis (door de gemeente betaalde) aanbiedmogelijkheden bij ondergrondse containers. Het blijft eveneens mogelijk om het opgeruimde zwerfafval op te laten halen (via een Fixi-melding). Op basis van de mogelijkheden zoals bij de raadsthema-avond naar voren zijn gebracht, stellen wij het in onderstaande tabel beschreven beleid voor met betrekking tot het recycletarief.
Tabel 2: Doelgroepenbeleid Doelgroep Compensatie Inwoners met medisch Compensatie dient hierbij actief of aangevraagd te worden bij de gemeente en incontinentiemateriaal wordt bij vertoon van bewijs van aanschaf op naam van incontinentiemateriaal toegekend. Bij inwoners waarbij in de directe omgeving een ondergrondse containers aanwezig is wordt de gelegenheid geboden om 1x per 2 weken gratis restafval weg te brengen. Minima Volledige kwijtschelding van het vastrecht van de afvalstoffenheffing Zwerfafvalrapers
Mogelijkheid om zwerfafval (in zakken) aan te bieden in een ondergrondse container middels een speciale zwerfafvalpas. Afhankelijk van de frequentie van opruimen meer of minder ‘’tikken op de pas’’. Het blijft eveneens mogelijk om het opgeruimde zwerfafval op te laten halen (via Fiximelding).
Prognose (meer)kosten Circa € 10.500 (€ 1,24 per huishouden)
Geen. Er is op dit moment sprake van volledige kwijtschelding. Circa € 2.500 (€ 0,30 per huishouden)
Beleidsvrijheid / -ruimte (wettelijk kader) De gemeente dient de inzameling van het huishoudelijk afval te verzorgen. Binnen de kaders van de wet Milieubeheer en het Landelijk Afvalbeheer Plan (LAP) is het aan de gemeente welke vorm zij hieraan geeft. De doelen om te komen tot 100 kg restafval per inwoner per jaar en 75% afvalscheiding zijn landelijke doelstellingen, maar niet verplicht. De gemeenteraad heeft deze doelen echter wel vastgesteld op 25 mei 2020 en op 24 januari 2022 bij het vaststellen van het Recycleplan. Argumenten Invoering recycletarief Invoering van een recycletarief blijft anno 2023 de beste mogelijkheid om de door de raad vastgestelde milieu- en kostendoelstellingen te behalen. Op dit moment biedt de gemiddelde inwoner van Drechterland nog 155 kg restafval per jaar aan (doelstelling is 100kg). Uit de sorteeranalyses blijkt dat van de 155 kg slechts 21% restafval is. De optimalisatiemaatregelen (waaronder het plaatsen van gft/e cocons bij de hoogbouw) zullen een positief effect hebben op het reduceren van het aanbod van restafval, maar het effect zal tekortschieten om de doelstellingen te behalen. Het invoeren van een prijsprikkel is hiervoor noodzakelijk.
3
Een ander belang betreft de toekomstige financiële ontwikkelingen. Met name de verbrandingsbelasting, de verwachte CO2-heffing en de algehele prijsindexaties hebben een groot effect op de toekomstige afvalbeheerskosten. Deze ontwikkelingen zijn sterk prijsverhogend voor de verwerking van het restafval en daarmee de afvalstoffenheffing. Restafval is, in vergelijking met de stromen gft/e, papier en glas een dure stroom om te verwerken; met de verwachte stijgingen op zowel de verbrandingsbelasting als de CO 2-heffing zal dit alleen nog maar verder toenemen de komende jaren. Het verlagen van de financiële kwetsbaarheid is daarbij in toenemende mate van belang. In de afgelopen jaren zien we een trendmatige toename van het aantal gemeenten dat gedifferentieerde tarieven (men betaalt voor het aantal keer dat het restafval aangeboden wordt) in het huishoudelijk afvalbeheer toepast. Uit onderzoek bij 45 gemeenten komt naar voren dat het restafval en de afvalbeheerkosten met de invoer van diftar/recycletarief afneemt. Daarbij is het aantal dumpingen en verkeerd aangeboden afval beperkt en goed beheersbaar door handhaving en afvalcoaching. Zie hiervoor hoofdstuk 5 van het Recycleplan en het bijgevoegde rapport van IPR Normag.
Momenteel wordt in Medemblik een tussentijdse evaluatie van de uitvoering van het recycleplan (met recycletarief) uitgevoerd, die voor de zomer 2023 zal zijn afgerond. De eerste ervaringen (op basis van de eerste drie kwartalen) zijn dat de restafvalhoeveelheid circa 40% gedaald is ten opzichte van het jaar 2021. Overwogen tarief Het voorgestelde tarief leidt tot een goede prikkel om te scheiden zonder dat inwoners op hoge kosten worden gejaagd wanneer het scheiden nog niet goed lukt. Daarnaast is de prikkel om het afval onjuist aan te bieden beperkt en is er geen risico voor de begroting. Overwogen doelgroepenbeleid Het voorgestelde doelgroepenbeleid behoudt het dienstverleningsniveau van de huidige inzameling. Inwoners met medisch afval, waaronder incontinentiemateriaal, worden gecompenseerd. Inwoners met een laag inkomen wordt het vaste tarief kwijtgescholden en zwerfafvalrapers krijgen de mogelijkheid om het opgeruimde zwerfafval gratis kwijt te kunnen. Niet invoeren Recycletarief Het is ook mogelijk om niet over te gaan op het recycletarief. Wordt hiertoe besloten, dan moet het vastgestelde Recycleplan worden ingetrokken. De doelen en uitgangspunten, zoals vastgesteld in 2020, worden als basis gebruikt om een nieuw beleidsplan uit te werken. Argumenten hiervoor zijn dat er minder wordt gevraagd van de ambtelijke organisatie en inwoners.
De huidige eenpersoons- en meer persoons tarieven (vlaktarief) blijven bestaan. Daarnaast worden de projectkosten en kosten voor o.m. handhaving en monitoring bespaard. Naar verwachting komt het restafval hiermee niet onder de 100 kg per inwoner per jaar. Ook de verwachte afname in de verwerkingskosten restafval en verbrandingsbelasting vervallen hiermee. Om stappen te zetten in het afvalbeheer zal op andere manieren gezocht moet worden naar kostenbesparingen en het verlagen van het restafval. Mocht besloten worden om het beleid niet door te zetten dan werken wij het nieuwe beleid uit op basis van de eerder vastgestelde doelen en uitgangspunten. Kanttekeningen / alternatieven Aanvullend doelgroepenbeleid Een recycletarief leidt niet tot minder toegankelijkheid van de afvalvoorzieningen. Compensatie voor ouderen en mindervaliden is dus niet nodig. Mocht er sprake zijn van incontinentie- of medisch afval dan is compensatie wel mogelijk binnen het voorgestelde beleid. Grote gezinnen bestaan uit meer gezinsleden dan een gemiddeld gezin waardoor meer afval vrijkomt. Een apart compensatiebeleid is niet wenselijk omdat dit onevenredige kosten met zich meebrengt. Wanneer een groot gezin onder de minima valt is kwijtschelding mogelijk. Kanttekening Invoering van het recycletarief moet samengaan met handhaving en afvalcoaching. Op deze manier wordt verkeerd aangeboden afval tegengegaan.
Dumpingen worden bijvoorbeeld ondervangen door de inzet van handhaving; verkeerd aangeboden afval (bijvoorbeeld in de GFT container) wordt opgepakt door een afvalcoach die gericht de wijk in gaat en met inwoners in gesprek gaat. De afvalcoaches zijn in dienst van HVC en worden in overleg met de gemeente ingezet. Draagvlak
4
Met betrekking tot de invoering van het recycletarief is toegezegd het doelgroepenbeleid en de gedifferentieerde tarieven aan de raad voor te leggen, waarmee de definitieve keuze voor de invoering van het recycletarief op dat moment pas definitief wordt. Daarbij is aangegeven dat de grootste kosten voor invoering van het systeem niet gemaakt worden voordat een besluit over de tarieven is genomen. Met het vaststellen van het Recycleplan is de raad in principe akkoord met het recycletarief, maar om het recycletarief per 1 januari 2024 in te voeren (implementatie neemt gemiddeld negen maanden in beslag), moeten nog enkele stappen gezet worden, waaronder inrichting van het belastingsysteem en communicatie. Invoering van het recycletarief met een laag flexibel tarief geeft inwoners de mogelijkheid te wennen aan het systeem. Daarnaast wordt eveneens rekening gehouden met inwoners met medisch afval, minima en zwerfafvalrapers zonder dat de kosten onevenredig stijgen. Zie ook onder argumenten. Planning, evaluatie en verantwoording Het implementeren van de in het plan genoemde optimalisaties is inmiddels gestart en wordt verder doorgezet. Om te komen tot invoering per 1 januari 2024 is het wenselijk op korte termijn stappen te zetten.
Daarom wordt voorgesteld niet te wachten tot het vaststellen van de verordening afvalstoffenheffing, maar rekening te houden met de implementatieperiode van circa acht tot negen maanden. Van april 2023 tot 1 januari 2024 wordt de implementatie van het recycletarief voorzien. Onder meer het belastingsysteem wordt aangepast, handhaving gereorganiseerd en gerichte communicatie ingezet. In het najaar wordt de definitieve tarifering opgesteld op basis van de vastgestelde grondslag en de prognose van de kosten over 2024. In november/december stelt de raad de definitieve tarieven vast. Per 1 januari 2024 wordt overgegaan op het recycletarief. Mocht besloten worden niet over te gaan op het recycletarief dan wordt op basis van de eerder vastgestelde doelen en uitgangspunten nieuw beleid uitgewerkt. Hierbij zal de raad betrokken worden. Financiën De voorgestelde tarieven zijn beschreven onder beoogd effect. Het verwachte voordeel van implementatie recycletarief op het DVO tarief (prijspeil 2023) blijft vrijwel gelijk ten opzichte van het op 24 januari 2022 behandelde raadsvoorstel (€ 12,11 per wha; was € 12,26). De eenmalige kosten wijzigen ten opzichte van het eerdere raadsvoorstel, omdat Stede Broec heeft besloten niet over te gaan op het Recycletarief. Hiermee wordt het synergievoordeel van gezamenlijke implementatie niet behaald.
De HVC project- en communicatiekosten stijgen hiermee met € 45.407 ten opzichte van het in het raadsvoorstel (d.d. 24 januari 2022) genoemde bedrag, en de gemeentelijke kosten stijgen met € 30.500. De eenmalige project- en communicatiekosten HVC zijn daarnaast geïndexeerd op basis van de inflatiecijfers en een lichte stijging in de woonhuisaansluitingen, waarmee de uiteindelijke project en communicatiekosten HVC in totaal met € 60.897 stijgen ten opzichte van het eerdere raadsvoorstel (zie tabel 1). De eenmalige projectkosten aan de gemeentezijde zijn niet geïndexeerd omdat de verwachting is dat het project binnen het budget (€ 140.500) gerealiseerd wordt. In onderstaande tabel zijn de betreffende bedragen uiteen gezet. Tabel 1: Totaal eenmalige kosten Raadsvoorstel 24 januari 2022 (Met synergie Stede Broec; prijspeil 2021) Eenmalige projectkosten HVC Eenmalige projectkosten gemeente
Eenmalige kosten anno 2023 (Zonder synergie Stede Broec; prijspeil 2023)
Verschil eenmalige kosten anno 2023 en raadsvoorstel 24 januari 2022
€ 147.593
Raadsvoorstel 24 januari 2022 (Zonder synergie Stede Broec; prijspeil 2021) € 193.000
€ 208.490
€ 60.897
€ 110.000
€ 140.500
€140.500
€ 30.500
Voorgesteld wordt de extra gemeentelijke kosten (ad € 30.500) te dekken uit het afvalbudget 2023 en de extra project- en communicatie kosten HVC (ad € 60.897), in lijn met het eerdere raadsvoorstel, te verdisconteren in het DVO tarief. Dit betekent dat het DVO-tarief de aankomende vijf jaar licht stijgt (deze kosten worden omgeslagen naar de afvalstoffenheffing).
5
Hoogkarspel, 28 maart 2023 Burgemeester en wethouders van Drechterland De secretaris,
De burgemeester,
C.M. Minnaert
M. Pijl
6