raadsvoorstel Erfgoedverordening Drechterland 2024 (2024-03)
Tekst van het document
Voorstel aan de gemeenteraad Onderwerp: Zaaknummer:
Erfgoedverordening Drechterland 2024 232500
RTG: Raadsvoorstel:
15 januari 2024 29 januari 2024 Nr. 2024-03
Portefeuillehouder: M. H. ten Have Programma: Ruimte Karakter:
Besluitvormend
Bijlagen:
1
Voorgesteld besluit: 1. De Monumentenverordening Drechterland 2011 in te trekken 2. De Erfgoedverordening Drechterland 2024 vast te stellen. Inleiding De huidige Monumentenverordening Drechterland geldt sinds 2011. Later vastgestelde wet- en regelgeving is niet verwerkt in deze verordening. Bovendien is een aanpassing gewenst in verband met de inwerkingtreding van de Omgevingswet per 1 januari 2024. Het vaststellen van de erfgoedverordening betreft een formele aanpassing die nodig is vanwege de inwerkingtreding van de Omgevingswet. Door deze wijziging is verwijzing naar wetsartikelen actueel. Het gaat niet om nieuw of gewijzigd beleid. Beoogd effect Door de huidige monumentenverordening te vervangen door de geactualiseerde erfgoedverordening beschikt gemeente Drechterland over een actuele en rechtsgeldige erfgoedverordening passend bij de Omgevingswet. Dit voorkomt onduidelijkheid en verwarring in diverse praktijksituaties. Beleidsvrijheid / -ruimte (wettelijk kader) Op dit moment geldt de Monumentenverordening Drechterland 2011. In deze verordening is de bescherming van monumenten beschreven. Sinds 1 juli 2016 is er één integrale wet die betrekking heeft op onze museale objecten, musea, monumenten en archeologie op het land en onder water. Samen met de nieuwe Omgevingswet maakt deze Erfgoedwet een integrale bescherming van ons cultureel erfgoed mogelijk.
Alle regels voor de fysieke leefomgeving moeten onder de Omgevingswet in het gemeentelijke omgevingsplan opgenomen worden. Het stelsel van aanwijzing van gemeentelijke (archeologische) monumenten en stads- en dorpsgezichten en de bepalingen rond bodemverstoring en onderzoek in archeologische monumenten of gebieden waarin archeologische vondsten of waarden worden verwacht, wijzigt hierdoor. Gemeenten mogen tot het einde van de overgangsfase omgevingsplan tot eind 2031 gemeentelijke monumenten aanwijzen op basis van de erfgoedverordening. De gemeenteraad is bevoegd om tijdens deze overgangsperiode een erfgoedverordening vast te stellen met regels over de fysieke leefomgeving. Deze bevoegdheid staat in artikel 3.16 van de Erfgoedwet. Argumenten Naar aanleiding van de invoering van de Erfgoedwet is door de VNG een model verordening opgesteld. Dit model is vervolgens aangepast aan de Omgevingswet. Voor gemeente Drechterland geldt dat er nog geen aanpassing is gedaan aan de Monumentenverordening. Dit maakt dat de nu geldende Monumentenverordening nog niet de bescherming biedt zoals wordt geadviseerd door de VNG. Op 1 januari 2024 treedt landelijk de Omgevingswet in werking. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet komt een aantal wetten te vervallen. De verwijzingen in de Monumentenverordening Drechterland 2011 naar wet- en regelgeving kloppen dan niet meer.
Ook kent de Omgevingswet andere definities en grondslagen. Dit maakt het noodzakelijk om de erfgoedverordening aan te passen. Hiervoor is de model erfgoedverordening van de VNG gebruikt.
1
Vanaf 1 januari 2024 is er sprake van een overgangsfase. De gemeenteraad is bevoegd om tijdens deze overgangsperiode een erfgoedverordening vast te stellen met regels over de fysieke leefomgeving. Deze bevoegdheid staat in artikel 3.16 van de Erfgoedwet. Ook mag de gemeente tijdens deze overgangsfase de bescherming van gemeentelijke monumenten volledig regelen via de erfgoedverordening. Na de overgangsfase vervallen bij Koninklijk Besluit alle bepalingen uit de Erfgoedverordening die verplicht in het omgevingsplan moeten worden opgenomen. Door de Monumentenverordening Drechterland 2011 in zijn geheel in te trekken en te vervangen door de Erfgoedverordening Drechterland 2024, wordt voldaan aan de huidige wet- en regelgeving. Op die manier kan het erfgoed binnen de juiste kaders worden aangewezen, in stand worden gehouden en beschermd. Kanttekeningen / alternatieven In de Erfgoedverordening Drechterland 2024 wordt in artikel 9, lid 2, afgeweken van de modelverordening. In de model erfgoedverordening wordt de volgende tekst voorgesteld: “De aanwijzing bevat in ieder geval de plaatselijke aanduiding van het gemeentelijke monument, de datum van aanwijzing, de kadastrale aanduiding en een beschrijving van het gemeentelijke monument.” Uit deze omschrijving wordt niet expliciet duidelijk uit welke onderdelen een dergelijke beschrijving bestaat.
Het advies is om dit wel expliciet te maken. Om te bepalen welke onderdelen opgenomen dienen te zijn in de beschrijving, is gekeken naar de redengevende omschrijvingen van eerder aangewezen monumenten. Het vaststellen van deze Erfgoedverordening heeft geen effect op benodigde handhavingscapaciteit. Keuzes ten aanzien van handhaving van deze verordening en de inzet daarbij kunnen later worden gemaakt. Draagvlak Er is geen sprake geweest van beginspraak of een andere vorm van inwonersparticipatie. Wel is overleg gevoerd met de VNG. Na besluit tot vaststelling en inwerkingtreding wordt de verordening gepubliceerd zodat de informatie voor alle belanghebbenden vindbaar is. Planning, evaluatie en verantwoording Na vaststelling door de raad wordt de verordening gepubliceerd en treedt de verordening in werking. Vervolgens wordt in samenwerking met het projectteam Omgevingswet gekeken hoe de erfgoedverordening wordt opgenomen in het gemeentelijke omgevingsplan. Financiën Het aanpassen van de Erfgoedverordening is uitgevoerd binnen de beschikbare capaciteit van de SED. Met het aanpassen en vaststellen van de verordening zijn geen extra kosten gemoeid.
Hoogkarspel, 19 december 2023, Burgemeester en wethouders van Drechterland De secretaris, De burgemeester,
C.M. Minnaert
P.F. Dijkman
2