B1. Nota van beantwoording zienswijzen Zuiderdijk 30 (2025-09)
Tekst van het document
Nota van beantwoording zienswijzen naar aanleiding van de ontwerp-omgevingsvergunning en ontwerp-verklaring van geen bedenkingen voor het project “het bouwen van een kapschuur op het perceel Venhuizen – Zuiderdijk 30
Gemeente Drechterland 29mei24
Inhoudsopgave 1. 2. 3. 4. 5.
Leeswijzer Gevolgde procedure Lijst van indieners Samenvatting inhoud zienswijzen en reactie van de gemeente Lijst van wijzigingen
Bijlag 1. Overzicht te stallen machines en huidige en toekomstige verkeersbewegingen.
1. Leeswijzer In de hierna volgende hoofdstukken worden de door indieners gegeven zienswijzen behandeld. Hoofdstuk 2 zet de gevolgde zienswijze procedure uiteen. In hoofdstuk 3 is de geanonimiseerde lijst van indieners van een zienswijze opgenomen. In dit hoofdstuk wordt tevens bezien of de ingediende reacties aan alle formele eisen voldoen en dus ontvankelijk zijn. Vervolgens zijn in hoofdstuk 4 de zienswijze kort samengevat en wordt er inhoudelijk op ingegaan. Tot slot is in hoofdstuk 5 aangegeven op welke punten de aanvraag aangepast zal worden naar aanleiding van de zienswijze.
2. Gevolgde procedure De bekendmaking van de terinzagelegging van de ontwerp-omgevingsvergunning ‘Zuiderdijk 30a te Venhuizen’ en de ontwerpverklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad van de gemeente Drechterland ‘voor het bouwen van een kapschuur’ is op 22 november 2023 gepubliceerd in het gemeenteblad van Drechterland. Tijdens een? de termijn van zes weken kon iedereen zowel mondeling als schriftelijk een zienswijze indienen. De termijn is verlopen op 4 januari om 23:59 uur.
3. Geanonimiseerde lijst van indieners In deze Nota beantwoording zienswijzen zijn de NAW-gegevens (naam, adres, woonplaats) van personen die als natuurlijke persoon een zienswijze hebben ingediend weggelaten.. Dit geldt niet voor ondernemingen die rechtspersoonlijkheid bezitten (zoals een B.V.) en voor personen die beroepsmatig betrokken zijn bij de procedure. De NAW-gegevens van de indieners zijn bekend bij de gemeente. Uit de Nota beantwoording zienswijzen valt soms wel te herleiden vanaf welk perceel de indiener het door hem een geschetst effect ondervind. de reactie betrekking heeft. Dit heeft ermee te maken dat de perceelslocatie benodigd is voor een goede beantwoording van de zienswijze en het daarmee samenhangende af te wegen belang.
Van het recht om zienswijzen in te dienen is gebruikgemaakt door de volgende indieners: 1. Zienswijze 1 , ingekomen op 4 januari 2024 gericht op de ontwerp-omgevingsvergunning en de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen van de gemeenteraad. 2. Zienswijze 2, ingekomen op 19 december 2023 (Vereniging Belangengemeenschap Eigenaren Bungalowpark West-Frisia) gericht op de ontwerp-omgevingsvergunning. 3. Zienswijze 3, ingekomen op 29 december 2023 als pro forma zienswijze gericht tegen de ontwerp verklaring van geen bedenkingen. De inhoudelijke aanvulling is op 26 januari 2024 ingediend. De indiener hiervan heeft ook zienswijze 4 ingediend.
4. Zienswijze 4, Ingekomen op 29 december 2023 als pro forma zienswijze gericht tegen de ontwerp-omgevingsvergunning. De inhoudelijke aanvulling is ingekomen op 26 januari 2024
Ontvankelijkheid De zienswijzen zijn binnen de gestelde termijn binnen gekomen. Deze zienwijzen zijn ontvankelijk. 4.Zienswijzen Hieronder volgt een samenvatting van de ontvangen zienswijzen, de reactie van de gemeente hierop en de conclusie als dit leidt tot een aanpassing van één of beide ontwerp besluiten. Volgt uit de reactie op de zienswijze dat een aanpassing van de ontwerp besluiten niet nodig is dan wordt er niets onder de conclusie vermeld. Zienswijze 1 (ontvangen op 4 januari 2024) Zienswijze 1.1 In 2012-2013 heeft Huisman B.V. een grote verbouwing aangevraagd welke verwezenlijkt is in 2015-2017. Daarbij zijn drie oude schuren vervangen door een dubbele 60 m lange nieuwbouw, met een nokhoogte van 10 m. De kaprichting van de bedrijfsgebouwen zijn daarbij oostwest naar zuid-noord gedraaid. Dit had tot gevolg voor indiener als buurman dat de schuur in het voor- en najaar van 15:00 tot 18:00 voor schaduwwerking op zijn perceel zorgt. 1.2 De afspraken die gemaakt zijn ten tijde van het vergunningentraject in 2012-2013 m.b.t o.a. opruimwerkzaamheden en het
Reactie Deze zienswijze heeft betrekking op een eerdere aanvraag van 20122013 waarvoor de aangevraagde omgevingsvergunning is verleend en inmiddels onherroepelijk is geworden. Dit is geen zienswijze gericht op de ontwerpvergunning of de ontwerp verklaring van geen bedenkingen van het onderhavige initiatief.
Deze zienswijze ziet niet op het huidige initiatief. Als indiener van mening is dat er in strijd gehandeld wordt met de destijds verleende vergunning of werkzaamheden op het perceel plaatsvinden strijdig zijn met het
Conclusie
verwijderen van . een oude loods zijn niet nagekomen. Indiener stelt dat in 2021 de provincie op basis van onjuiste informatie het besluit heeft genomen om de aanduiding Natuur van de gronden noordelijk van zijn tuin/oostelijk van het bedrijfsperceel en gronden noordelijk van het bedrijfsperceel heeft aangepast aan een agrarische functie. De provincie is ervan uit gegaan dat de toen actuele situatie waarbij de gronden deels als akker en deels voor de opslag van materialen werden gebruikt een legale situatie was.
omgevingsplan van de gemeente Drechterland , kan indiener een verzoek tot handhaving indienen bij de gemeente. Deze zienswijze ziet niet op het huidige project maar op een besluit van de provincie 2021 om de genoemde gronden te ontgrenzen uit het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Ontgrenzing van deze percelen was uit ecologische oogpunt te rechtvaardigen. Dit besluit is verwerkt in de Omgevingsverordening Noord-Holland Noord. Bij de beoordeling van de aanvraag om omgevingsvergunning dient te worden getoetst aan het juridisch kader dat gevormd wordt door de Omgevingsverordening Noord-Holland Noord en het bestemmingsplan Drechterland Zuid en de herziening daarvan. In deze bestemmingsplannen hebben de gronden de bestemming Natuur wat de reden is dat het initiatief slechts middels de uitgebreide vergunningenprocedure kan worden verleend.
1.4
In de documenten die zijn aangeboden aan de gemeenteraad staat volgens indiener ten onrechte dat indiener als bewoner door Huisman B.V. is geïnformeerd over de voorgenomen plannen.
1.5
Vanaf 26-01-2023 is er volgens indiener van het ‘A-B-C’-plan geen sprake meer en gaat het initiatief enkel over een
Indiener is een direct omwonende van het perceel Zuiderdijk 30. Voorafgaand aan de inloopavond in de horecalocatie ‘t Ken-Net te Venhuizen is een bezoek gebracht aan de direct-omwonenden door de directie van de aanvrager. Dit is omstreeks december 2022/januari 2023 geweest. Vervolgens is op 16 februari 2023 een inloop/participatieavond, waar ook indiener een uitnodiging voor heeft ontvangen, gehouden in het genoemd horecabedrijf. Van deze bijeenkomst is een verslag opgesteld en naar de aanwezigen verzonden. Op deze wijze zijn aanwonende belanghebbenden geïnformeerd. Als indiener deze informatieverstrekking onvoldoende vindt, heeft hij nu van de mogelijkheid gebruik gemaakt om zijn standpunt kenbaar te maken. Naar aanleiding van deze zienswijze is om indiener tegemoet te komen Deze zienswijze leidt tot besloten dat de kapschuur wordt gelijkgetrokken met de voorzijde van aanpassing van het de huidige bedrijfsbebouwing. De achterzijde van de kapschuur schuift in ontwerp besluit .
1.3
1.6
1.7
1.8
kapschuur. Indiener ontvangt van een medewerker ruimtelijke ordening aangepaste stukken. De kapschuur verandert meerdere keren van lengte, steekt nu gedeeltelijk voor en achter de huidige schuren uit, waartegen indiener bezwaar heeft i.v.m. verwachte geluidsoverlast (ZW-NW-wind draagt het geluid naar indiener toe) en horizoninvulling (waardevermindering van indieners huis). Indiener verzoekt een voorkant gelijk met de huidige schuren. Op 18 december 2023 publiceert de gemeente dat de aangevraagde bouw van de kapschuur op natuurgrond is gepland in tegenstelling tot wat volgens indiener voortdurend is aangeduid als agrarische grond. Indiener volgt dit niet. Indiener heeft bedenkingen bij het niet respecteren van het bestemmingsplan (o.a. bouwen op natuurgrond), Natura 2000-gebied, geen uitbreiding van nietagrarische bedrijven in het gebied, geen aanpassing van het bouwplan en aanzienlijke uitbreiding van het bedrijventerrein naar achteren. Indiener wenst dat de kapschuur achter de bestaande schuren blijft, zodat horizonvervuiling en andere overlast beperkt blijven. Als de kapschuur wel uitsteekt vindt indiener dat hij meer
noordelijke richting op met gelijkblijvende lengte en breedte. De landschappelijke inpassing middels aanplant van een boomsingel wordt hierop aangepast. De aanpassing is als bijlage 2 bij deze nota van beantwoording gevoegd. Zie ook de beoordeling van de zienswijze onder 1. 8
Op 3 augustus 2023 is een aanvraag ontvangen voor het vergroten van het bouwvlak op agrarische grond op de locatie Zuiderdijk 30, 1606MG Venhuizen. Dit betreft een andere aanvraag dan het initiatief waar deze procedure betrekking op heeft. Overigens is het huidige initiatief ook deels gelegen op gronden met de bestemming Natuur. Dat is mede de reden dat voor het huidige initiatief de uitgebreide vergunningenprocedure wordt gevolgd. In deze zienswijze laat indiener weten dat hij het niet eens is met het voornemen om aan de bouw van de kapschuur mee te werken. De argumenten hiervoor zijn in andere onderdelen van deze zienswijze gegeven.
Naar aanleiding van zijn zienswijze is om indiener tegemoet te komen besloten dat de kapschuur wordt gelijkgetrokken met de voorzijde van de huidige bedrijfsbebouwing. De achterzijde van de kapschuur schuift in noordelijke richting op met gelijkblijvende lengte en breedte Het eventuele geluid door voertuigbewegingen komt daardoor verder
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de aanvraag
1.9
1.10
1.11
geluidsoverlast en horizonvervuiling ervaart. De merendeels ZW-wind en NWwind draagt het geluid direct naar indieners perceel.
van het perceel van indiener af te liggen. Direct zicht van indiener op de kapschuur is gering waardoor deze geen horizonvervuiling zal ervaren.. Door deze verplaatsing zal de kapschuur aan de noordzijde uitsteken. De landschappelijke inpassing wordt hierop aangepast. De aanpassing is als bijlage 2 bij deze beoordeling van de zienswijze gevoegd. Zie ook de beoordeling van de zienswijze onder 1. 8.
Indiener wenst dat de bedrijfsactiviteit op het huidige niveau blijft. De kapschuur geeft volgens indiener aanleiding voor het uitbreiden van de bewegingen van en naar het perceel en op het terrein zelf. Door de plaatsing van de kapschuur zullen meer voertuigen te stallen zijn. Indiener wenst dat de groene wal wordt vormgegeven met lage struiken op een dam i.p.v. de 18 meter hoge bomen, zodat horizonvervuiling tot een minimum wordt teruggebracht.
In de bijlage 1 wordt aangegeven welke voertuigen en materieel in de kapschuur zullen worden geplaatst. Ook wordt daarin aangegeven waaruit de huidige verkeersbewegingen bestaan en waaruit de verkeersbewegingen bestaan na realisering van de kapschuur. Hieruit blijkt dat het aantal verkeersbewegingen en de bedrijfsactiviteit niet toenemen en de effecten voor de belendende percelen passend zijn.
Indiener wenst dat de uitbreidingsplannen beperkt blijven tot het bouwen van de kapschuur. Het verder uitbreiden van het bedrijventerrein naar achteren is, omgeven met een dam met struiken en bomen, geeft volgens
Het nu te beoordelen initiatief ziet alleen op de bouw van de kapschuur. Voor de uitbreiding van het bedrijfsperceel is een andere omgevingsvergunning aangevraagd die zelfstandig beoordeeld wordt. Ook voor dit initiatief dient de uitgebreide vergunningenprocedure te worden gevolgd waarbij een ieder in de gelegenheid wordt gesteld een
Het college heeft ingestemd met de landschappelijke inpassing die bij de aanvraag is gevoegd. Er is geen vergunning nodig voor het planten van bomen binnen de bestemming Bedrijf waardoor tegen dit onderdeel geen zienswijzen mogelijk zijn. De bomen die buiten de bestemming Bedrijf deel uit zouden maken van de landschappelijke inpassing, zijn uit de aanvraag gehaald. De zienswijzen moeten gericht zijn tegen die onderdelen waarbij van het bestemmingsplan wordt afgeweken.
indiener nog meer horizonvervuiling en geluidsoverlast. Zienswijze 2 (ontvangen op 19 december 2023) 2.1 Indiener heeft bezwaar tegen de bouw van de kapschuur en de voorgestelde uitbreiding van het bedrijventerrein en het volgens indiener oneigenlijke gebruik daarvan. Deze bezwaren zijn destijds in het Rondetafelgesprek toegelicht. 2.2
2.3
De raad heeft op basis van andere informatie en andere documenten een besluit genomen dan de documenten en informatie die bij de kennisgeving ontwerp-omgevingsvergunning zijn gevoegd. Tot 2 december waren bij dit verzoek drie documenten gevoegd die op 3 december zijn vervangen door hetgeen nu op overheid.nl is in te zien. Het gaat om de aanvraag van Huisman B.V voor het vergroten van een bouwvlak aan de Zuiderdijk te Venhuizen. Bij deze aanvraag zijn twee tekeningen gevoegd waaruit blijkt dat het niet alleen om de bouw van een kapschuur gaat, maar ook om het vergroten van deze nog niet vergunde kapschuur en het aanzienlijk vergoten van het bedrijventerrein op gronden met de bestemming ‘Natuur’. De aanvraag voor een omgevingsvergunning voor de bouw van
zienswijze in te dienen mocht de gemeenteraad hier medewerking aan willen verlenen. Zie verder de reactie op 1.6
Op de bezwaren wordt hieronder nader ingegaan. Van de bespreking in de RTG van 11 april 2023 is een verslag gemaakt dat de gemeenteraad bij de afgifte van een ontwerpverklaring van geen bedenkingen heeft betrokken. Met betrekking tot het onderdeel van de zienswijze dat betrekking heeft op de uitbreiding van het bedrijventerrein wordt verwezen naar de reacties op zienswijze 1.6 en 1.11. De gemeenteraad heeft bij de afgifte van de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen een volledig beeld gehad van de omvang en situering van de kapschuur waarvoor de omgevingsvergunning is aangevraagd. Het vergroten van het bedrijfsvlak staat nu niet ter beoordeling. Daarvoor is een afzonderlijke omgevingsvergunning voor aangevraagd Deze wordt in een afzonderlijke vergunningsprocedure aan de gemeenteraad voorgelegd.
Een aanvraag dient beoordeeld te worden zoals ingediend door de aanvrager. Dit geldt ook voor een aanvraag die de aanvrager op een
2.4
een kapschuur moet in samenhang gezien en beoordeeld worden met de uitbreiding van het bedrijventerrein op gronden met de bestemming ‘Natuur’. Volgens indiener is er telkens onduidelijkheid in de aanvragen en de onderbouwing van deze aanvragen, zowel door Huisman B.V. als door de gemeente. Huisman B.V. bevindt zich in buitengebied en heeft de aanduiding ‘agrarisch loonbedrijf’. De VNG hanteert een definitie voor agrarisch loonbedrijf. Indiener is van mening dat bij Huisman B.V. geen sprake meer is van een agrarisch loonbedrijf. Huisman B.V. is een aannemingsbedrijf dat hoofdzakelijk in grondverzet en weg- en waterbouw voorziet. Het uitgebreide wagenpark en de specialistische apparatuur getuigt daarvan.
later moment indient. De eerste aanvraag kan los van de tweede beoordeeld en vergund worden. Voor de bouw van de kapschuur is een beoordeling van de tweede aanvraag omgevingsvergunning niet nodig. Overigens is er geen sprake van een bedrijventerrein, maar een bedrijfsperceel. Zie ook de beoordeling onder 1.11
Volgens de begripsomschrijving (artikel 1.10) in het omgevingsplan van de gemeente Drechterland vallen grondverzetwerkzaamheden onder de werkzaamheden van een agrarisch loonbedrijf. Uit de bij de aanvraag behorende ruimtelijke onderbouwing volgt dat Huisman B.V. zich bezig houdt met agrarisch loonwerk, akkerbouw/teelt, grondverzet en verhuur (loon naar werk). Deze werkzaamheden zijn in overeenstemming met de bestemming “agrarisch loonbedrijf”. De begripsbepaling in het bestemmingsplan luidt voor agrarisch loonbedrijf als volgt. “1.10 agrarisch loonbedrijf 1) een bedrijf waarbinnen uitsluitend of overwegend arbeid wordt verricht ter productie of levering van goederen of diensten ten behoeve van agrarische bedrijven, zoals een loonbedrijf, al dan niet in combinatie met grondverzetwerkzaamheden.” Belangrijk is in deze begripsomschrijving het woord “overwegend” dat bepaalt dat er ook andere werkzaamheden mogen plaatsvinden. Tevens is het woord “grondverzetwerkzaamheden” van belang omdat grondverzetwerkzaamheden niet beperkt zijn tot agrarische grondverzetwerkzaamheden. Bij de beoordeling of de activiteiten van Huisman BV passend zijn binnen het bestemmingsplan, dient aansluiting te worden gezocht bij de in het bestemmingsplan opgenomen regels, waaronder de
begripsomschrijving zoals hiervoor is genoemd. De VNG geeft slechts een algemene definitie. De kapschuur is bestemd voor de stalling van de voertuigen die voor bovengenoemde activiteiten worden ingezet. Dit wordt aangetoond in bijlage 1. Daarnaast is uit het advies van de Agrarische Beoordelingscommissie d.d. 16 augustus 2024 gebleken dat de bedrijvigheid die door Huisman wordt uitgevoerd, past binnen de bepalingen van het bestemmingsplan. Uit de beoordeling van de bedrijfsactiviteiten blijkt dat bij de werkzaamheden op het gebied van weg- en waterbouw, gebruik wordt gemaakt van de inhuur van diensten van derden en in samenwerking met derden. De feitelijke werkzaamheden worden elders op de locatie verricht. De taak van Huisman bij deze werkzaamheden is op het adres Zuiderdijk 30 gelegen in het verrichten van de organisatie en de administratie. Dit heeft geen planologische uitstraling, de werkzaamheden worden immers binnen het kantoor uitgevoerd. Daarnaast past het binnen de ruimte die de begripsomschrijving biedt door het woord “overwegend”. Er is derhalve geen sprake van activiteiten die niet passen binnen de bestemming en begripsomschrijving. 2.5
Door de groei van het bedrijf past het bedrijf volgens indiener niet meer op deze locatie en niet meer binnen de bestemming. Het bestemmingsplan staat op deze locatie een aannemingsbedrijf als Huisman B.V. niet toe.
De bouw en het gebruik van de kapschuur is bedoeld voor de binnen de bestemming toegestane en reeds aanwezige bedrijfsactiviteiten. Deze bedrijfsactiviteiten zullen door het gebruik van de kapschuur niet worden uitgebreid. In bijlage 1 is dit weergegeven. Daarin is eveneens aangetoond dat de verkeersbewegingen die verband houden met het gebruik van de kapschuur geen nadeel opleveren voor de omgeving. Zie ook de beantwoording onder 2.4.
2.6
2.7
Indiener is van mening dat de uitbreiding van een bedrijf dat zich volgens indiener in het verleden niets heeft aangetrokken van een ‘goede ruimtelijke ordening’, niet de bedoeling van de wet kan zijn. Handhavingsverzoeken om de wildgroei van opslag en gebruik van gronden op de bestemming van ‘Natuur’ heeft de gemeente volgens indiener ter zijde geschoven met het argument ‘’dit gaan wij later legaliseren’’. Indiener vraagt zich af waar de onafhankelijke, door de gemeente opgestelde beschouwing van een goede ruimtelijke ordening, op deze plaats is.
2.8
Volgens indiener is het alternatief van het verplaatsen naar een locatie zoals een industrieterrein, niet besproken.
2.9
Indiener verwijst naar een uitspraak van de Raad van State inzake loonbedrijven in de Beemster die wilden uitbreiden maar dat niet mochten, omdat ze niet
Deze zienswijze ziet niet op het initiatief waarop de ontwerpomgevingsvergunning en verklaring van geen bedenkingen betrekking hebben. De behandeling en beoordeling van handhavingsverzoeken kennen hun eigen behandelingsprocedure.
Bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning is de aanvrager verantwoordelijk voor het aantonen van de goede ruimtelijke ordening. Bij het ontbreken van specialistische kennis bij de aanvrager kan een aanvrager ervoor kiezen een adviesbureau in te schakelen, hetgeen in dit geval is gebeurd. De gemeente toetst bij de aanvraag op basis van de aangeleverde informatie of aan de goede ruimtelijke ordening wordt voldaan. Uit die toetsing is bij dit bouwplan gebleken van een geode ruimtelijke ordening. Het initiatief betreft de bouw van een vrijstaande kapschuur. De kapschuur is benodigd voor de stalling van voertuigen en materieel die al grotendeels al op het terrein aanwezig zijn. Dit moet de gemeente toetsen. De gedane toetsing is geen aanleiding om als gemeente met de aanvrager in overleg te gaan om het gehele bedrijf te verplaatsen naar een bedrijventerrein elders in de regio. Het plaatselijke bedrijventerrein Zuiderkogge in Hem biedt geen ruimte. Zoals in de reactie op zienswijze 2.4 is aangegeven staat het omgevingsplan van de gemeente Drechterland bij agrarische loonbedrijven ook andere werkzaamheden toe. Huisman B.V. houdt zich bezig met agrarisch loonwerk, akkerbouw/teelt, grondverzet en verhuur (loon naar werk). Aldus is ter plaatse sprake van een agrarisch
hoofdzakelijk agrarisch zijn. Uitspraak 202203180/1/RI en 202203186/1/R1.
2.10
2.11
2.12
Indiener vindt het opmerkelijk dat een belangrijk deel van de voorgenomen uitbreiding van het bedrijf tot ongeveer half januari nog in het in te richten deel van het NNN was gelegen. Bij raadpleging van deze kaart op 27-01-2023 bleek de kaart aangepast te zijn. Bij navraag bleek het regiebureau de overtuiging te hebben dat de uitbreiding al was toegestaan door de gemeente. Het bedrijf Huisman B.V. ligt aan het provinciaal Monument Omringdijk. Het intensieve en zware verkeer tast de beleving en het gebruik van de dijk volgens indiener ernstig aan. Het bedrijf doet volgens indiener niets met de bijzondere inlaat (De Spuiter) die bij het bedrijf is gelegen. Het bedrijf voegt volgens indiener geen waarden toe en bedreigt in ernstige mate de dijk door het zware transport. De volgens indiener zonder toestemming aangelegde Engelse Tuin Elementen met Vijver aan de voorzijde laten volgens indiener duidelijk zien dat er niet goed is
loonbedrijf. De kapschuur wordt gebruikt voor de stalling van materieel en materieel dat dient voor het agrarisch loonbedrijf. De genoemde uitspraken van de Afdeling op andere initiatieven dan dit initiatief tot de bouw van deze kapschuur f omvatten een ander juridisch kader c.q. bestemmingsplan. Niet alle gemeenten hanteren dezelfde begripsomschrijvingen. Deze zienswijze ziet niet op het huidige project maar op een besluit van de provincie in 2021 die is verwerkt in de Omgevingsverordening Noord-Holland Noord. Deze zienswijze is gelijk aan de zienswijze die onder 1.3 is beoordeeld. Daar wordt nu naar verwezen.
Deze zienswijze over het niets doen met de inlaat De Spuiter richt zich niet op het onderhavige initiatief maar is een algemene opmerking. De opmerking over aantasting van de beleving en het gebruik van de Omringdijk door het zware verkeer is eveneens een algemene opmerking en is niet gericht op het bouwplan van de kapschuur. Bij de beoordeling van zienswijze over de verkeersdruk 2.19 wordt nader ingegaan op het verkeersaspect.
Het initiatief betreft de bouw van een vrijstaande kapschuur. Deze zienswijze ziet niet op het initiatief waarop de betreffende ontwerpomgevingsvergunning betrekking heeft.
2.13
2.14
2.15
2.16
nagedacht over de zorgplicht en de kansen van een provinciaal monument. Huisman B.V. grenst aan het Markermeer. Op grond van artikel 6 van de Habitatrichtlijn moet voor alle plannen en projecten die mogelijk negatieve gevolgen kunnen hebben voor het beschermd gebied, een passende beoordeling worden gemaakt. Het zware transport over de dijk, de uitstoot van uitlaatgassen, het spoelen van spuitinstallaties, het tot laat verlichten van het bedrijventerrein en het lawaai van heen en weer rijdende shovels schaadt de natuur in de omgeving. Indiener vraagt zich af waarom de gemeente niets heeft gezegd over het provinciale beleid ten aanzien van stiltegebieden. Het kan volgens indiener niet anders dan dat Huisman B.V. een forse aanslag op de stilte oplevert.
In de ‘visie op Drechterland en haar kernen, een vooruitblik naar 2030’ staat dat het gebied waarin Huisman B.V. zich bevindt, alleen kleinschalige economische activiteiten gewenst zijn. Gelet op deze visie is handhaving en uitbreiding van het bedrijf volgens indiener niet mogelijk. Indiener stelt dat Huisman B.V. sinds 2013 de regels van het bestemmingsplan
Deze aanvraag ziet op de bouw van een kapschuur. De ecologische gevolgen van de kapschuur zijn onderzocht. In het voor dit initiatief uitgevoerde ecologisch onderzoek dat onderdeel uit maakte van de stukken die ter inzage hebben gelegen wordt op pagina 28 de conclusie getrokken dat gezien de aard en omvang van de beoogde plannen er geen negatieve effecten op beschermde soorten en gebieden zijn te verwachten. Een onderdeel van dit onderzoek betreft een stikstofdepositieberekening. Uit deze berekening volgt dat de ontwikkeling geen mogelijk negatieve effecten heeft op de instandhoudingsdoelstellingen van nabijgelegen Natura 2000-gebieden. Dit betekent dat aan de wettelijke vereisten uit de betreffende regelgeving wordt voldaan. De aanvraag heeft betrekking op de bouw van een kapschuur, die geen extra geluid met zich meebrengt. In de beantwoording op zienswijze 2.5 is reeds aangegeven dat het om bestaande bedrijfsactiviteiten gaat. De schuren zorgen bovendien voor een afschermende werking van geluid naar het omringend gebied toe. Bovendien is in de Omgevingsverordening van de provincie vastgelegd dat agrarische bedrijvigheid in het stiltegebied is toegestaan. Het plan is getoetst aan de ‘Visie op de dijk (2021)’ zoals aangegeven in het raadsvoorstel van 24 april 2023.
Uit die toetsing is gebleken dat de kapschuur niet wordt aangemerkt als een grootschalige ontwikkeling en daarmee passend is binnen het genoemde beleidskader.
Deze zienswijze heeft geen betrekking op het initiatief. Indien een verzoek op handhaving wordt ingediend dient hierop een besluit te
overtreedt. De gemeente treedt volgens indiener niet op als verzocht wordt uitdrukkelijk te handhaven. 2.17
2.18
2.19
De onafhankelijkheid van Rho Adviseurs is volgens indiener ver te zoeken. Belangrijk is de consequente benaming ‘agrarisch loonbedrijf’ in plaats van aannemingsbedrijf. Indiener vindt het beschamend dat de gemeente bij een omgevingsvergunning voor een buitenplanse activiteit zo zwaar leunt op informatie die door de aanvrager wordt aangeleverd. Eigen onderzoek en afweging kenmerkt een democratische instelling. De documenten die door de aanvrager zijn aangeleverd, geven een ambitie weer die verdergaat dan de bouw van alleen een kapschuur. De ruimtelijke onderbouwing is volgens indiener eenzijdig gericht op het belang van de aanvrager en houdt op geen enkele wijze rekening met de kwaliteiten van het gebied.
De enige ontsluiting voor zwaar verkeer voor de Zuiderdijk 30 is via de ZuiderdijkElbaweg. Deze weg is een erftoegangsweg met een breedte van 404 cm. Dat wil volgens indiener zeggen dat een vrachtauto en een normale auto
worden genomen. Tegen dat besluit kan in bezwaar en beroep worden gegaan. Dit staat echter los van het onderhavige initiatief. De reeds ingediende verzoeken tot handhaving kennen een eigen beoordeling en behandelingstraject. Voor een beantwoording van deze zienswijze wordt allereerst verwezen naar de beantwoording onder 2.7. Naar aanleiding van de zienswijzen is door de gemeente aan aanvrager verzocht om een beter inzicht te geven in het gebruik van de kapschuur. Die informatie is in bijlage 1 geleverd. Deze informatie acht de gemeente aannemelijk en hiermee is voldoende aangetoond dat de kapschuur voor de doeleinden wordt gebruikt die binnen het bestemmingsplan zijn toegestaan.
Indiener geeft niet aan welke ambitie de aanvrager ziet. Duidelijk is dat de voorliggende aanvraag voor deze omgevingsvergunning, ziet op de bouw van een kapschuur en de landschappelijke inpassing hiervan. Daarvoor is een ruimtelijke onderbouwing aangeleverd. In hoofdstuk 2.3 is onderbouwd dat de kapschuur landschappelijk en ruimtelijk goed is ingepast. In hoofdstuk 4 van de ruimtelijke onderbouwing is getoetst aan de relevante milieu- en omgevingsaspecten. Daarbij is ook de kwaliteit van het gebied meegenomen. Gedurende 2 weken in mei 2023 zijn door de gemeente op de benedendijks gelegen parallelweg Zuiderdijk, zowel westelijk als oostelijk van de toerit tot Zuiderdijk 30, de verkeersbewegingen gemeten. De meetlocaties zijn hieronder aangegeven.
elkaar niet kunnen passeren zonder dat iemand de berm in moet duiken. In het Verkeersbesluit afsluiting Zuiderdijk staat dat de Zuiderdijk is gecategoriseerd als erftoegangsweg type 2. Dit houdt in dat de capaciteit van de Zuiderdijk beperkt is. De Zuiderdijk is volgens het Besluit een landelijke weg waarbij rust voor de omgeving een belangrijk streven is. Tevens heeft de weg een recreatieve functie. Eigenaren, gebruikers en recreanten van het bungalowpark ervaren volgens indiener onverwacht gevaar op de Zuiderdijk. Het vrachtverkeer van Huisman B.V. is te breed en vaak zwaarbeladen. Het ruimtelijk plan is volgens indiener onvoldoende voor de (toekomstige) verkeersafwikkeling.
Zienswijze 3 (ontvangen 29 december 2023) 3.1 Het rapport heeft een belangrijke wijziging ondergaan t.o.v. het rapport dat bijgeleverd was bij de beslissing van de raad over de VVGB van 2024-04-2023, waar toen het besluit mede op was gebaseerd. De toevoeging is onderstaande:
Het wegprofiel van de Zuiderdijk kan tot maximaal 6.000 voertuigen per etmaal verwerken. Uit de metingen blijkt dat er op westelijke meetpunt op een gemiddelde werkdag 140 motorvoertuigen passeren en op het oostelijk meetpunt op een gemiddelde werkdag 300 voertuigen passeren. De weekgemiddelden bij het westelijk meetpunt geven aan dat hiervan minstens 85 tot 90% licht verkeer betreft en het resterend percentage overwegend middelzwaar verkeer is. Voor het oostelijke meetpunt geldt uit de weekgemiddelden dat 80 tot 85% licht verkeer betreft, maximaal 5% zwaar verkeer en het restant middelzwaar betreft. Deze aantallen bieden geen belemmeringen voor het gebruik van de Zuiderdijk die zoals al aangegeven, maximaal 6000 voertuigen motorvoertuigbewegingen kan verwerken. Door het gebruik van de kapschuur nemen de verkeersbewegingen niet toe. Daarmee blijft het gebruik van de Zuiderdijk passend. Zie ook de beantwoording van zienswijze 1.9. Dit hoeft niet, deze procedure voor afgifte van de gevraagde omgevingsvergunning dient juist om af te wijken van de strijdige regels van het bestemmingsplan. In het raadsvoorstel dat de gemeenteraad heeft afgegeven is reeds vermeld dat het plan strijdig is met de bestemming ‘Natuur’.
In 2013 heeft het bedrijf een vergunning gekregen voor de bouw van een nieuwe loods inclusief het gebruik van de gronden rondom de loods ten behoeve van de bedrijfsvoering. Op basis van deze vergunning mag het bedrijf een gedeelte van de gronden, die de bestemming ‘Natuur’ hebben, al gebruiken ten behoeve van de eigen bedrijfsvoering. Per abuis is deze begrenzing van de terreininrichting niet in het geldende bestemmingsplan ‘Drechterland Zuid’ meegenomen, waardoor het bestaande gebruik planologisch niet is toegestaan.
3.2
Dit betekent volgens indiener dat de kapschuur ook op de bestemming ‘Natuur’ komt en dat deze eerst gewijzigd moet worden. Dat het bedrijf het terrein gebruikt (blijkbaar zonder vergunning) wil volgens indiener niet zeggen dat er ook op gebouwd mag worden, daarvoor zal eerst de bestemming gewijzigd moeten worden in ‘Bedrijf – agrarisch loonbedrijf’. Het ‘’gebruik van de gronden rondom de loodsen ten behoeve van de bedrijfsvoering’’ is volgens indiener niet in de vergunning van 2013 te vinden, daarom heeft Huisman B.V. in 2023 een aanvraag ingediend voor het vergroten
De in 2023 gevraagde omgevingsvergunning voor afwijkend gebruik aan de noordzijde van het bedrijfsperceel maakt geen onderdeel uit van de aanvraag voor de kapschuur en staat nu niet ter beoordeling. Zoals ook bij de beantwoording van de zienswijzen onder 1.6, 1.10 en 2.2 is aangegeven.
3.3
3.4
3.5
van het bouwvlak c.q. bedrijfsterrein, naar aanleiding van een handhavingsverzoek. De aanvraag gaat volgens indiener niet alleen over de bouw van de kapschuur, maar vereist ook aanpassing van de bestemming van het stuk terrein. Immers, op de bestemming ‘Natuur’ (of agrarisch) mag niet zonder meer gebouwd worden. Indiener vindt dit opmerkelijk, omdat tijdens de RTG gezegd werd dat het alleen om de bouw van een kapschuur zou gaan en niet om uitbreiding van het bedrijventerrein. Indiener vindt het onduidelijk hoe een VVGB voor de bouw van een kapschuur gegeven kan worden, zonder dat er helderheid is over de bestemming van de gronden op het terrein waar de kapschuur gebouwd wordt. Hoewel Huisman B.V. oorspronkelijk een agrarisch bedrijf betrof, heeft het zich volgens indiener in de loop der jaren ontwikkeld tot een aanzienlijk aannemingsbedrijf. Het is evident dat het bedrijf niet louter een agrarische functie heeft. Rho Adviseurs heeft volgens indiener nagelaten de discrepantie tussen de huidige functie van het bedrijf en het bestemmingsplan en de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV) te benoemen of te analyseren.
De voorliggende aanvraag betreft de bouw van de kapschuur. Dit is inderdaad strijdig met het bestemmingsplan. Om die reden is een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan ingediend. Zie ook de beantwoording van zienswijze 3.2.
In het raadsvoorstel van 24 april 2023 is aangegeven waaruit de strijdigheid met het bestemmingsplan bestaat. Daarbij is aangeven dat onder andere deels op de bestemming ‘Natuur’ wordt gebouwd. Er is derhalve nooit onduidelijkheid geweest over de bestemming van de betreffende gronden. Voor een beantwoording van deze zienswijze wordt verwezen naar de beantwoording onder 2.4. De activiteiten van een agrarisch loonbedrijf worden bepaald door de regels van het bestemmingsplan.
3.6
3.7
3.8
3.9
3.10
De onderbouwing benoemt dat volgens de PRV alleen agrarisch aanverwante bedrijven in het buitengebied kunnen uitbreiden, maar Huisman BV is volgens indiener een aannemersbedrijf en valt dus niet onder deze functie. Dit staat wel in het ecologisch rapport en het bodemonderzoek. Ambtenaren van de gemeente hebben volgens indiener tegenover de provincie verzwegen dat Huisman niet-agrarisch is.
Voor een beantwoording van deze zienswijze wordt verwezen naar de beantwoording onder 2.4 en 3.5.
Indiener vraagt welke maatregelen worden genomen om ervoor te zorgen dat de discrepantie tussen de feitelijke werkzaamheden en de planologische situatie wordt aangepakt en de geldigheid van de vergunningsaanvraag wordt gewaarborgd. Indiener verwijst naar twee rechtszaken in de Beemster, waar twee loonbedrijven wilden uitbreiden maar dit niet mogelijk want, omdat de bedrijven hoofdzakelijk niet meer agrarisch zijn. Indiener vraagt hoe de gemeenteraad omgaat met de mogelijke onrechtmatigheden in het verstrekken van informatie en het gebruik ervan bij vergunningsaanvragen.
Deze zienswijze gaat over activiteiten en handhaving. Het is geen zienswijze gericht op de voorliggende aanvraag.
Onduidelijk is welk contact wordt bedoeld, maar in het bekend ambtelijk contact met de provincie over het toezicht is aangegeven welke bestemming geldt en wat er volgens die bestemming is toegestaan. De agrarische loonwerkersactiviteiten en de activiteit grondverzet passen binnen deze bestemming.
Zie de beantwoording onder zienswijze 2.9.
Deze zienswijze ziet niet op de huidige aanvraag.
3.11
Indiener vraagt welke maatregelen worden genomen om ervoor te zorgen dat alle informatie die wordt gebruikt bij de besluitvorming volledig en conform de wet is. Zienswijze 4 4.1 Volgens cliënten kan het bedrijf Huisman B.V. al geruime tijd niet meer als agrarisch loonbedrijf worden aangemerkt om de volgende redenen: 1. Het bedrijf staat bekend als ‘Aannemingsbedrijf Huisman B.V.’ en profileert zich ook al zodanig op de eigen website volgens cliënten; 2. Uit informatie die cliënten hebben opgevraagd middels een Woo-verzoek blijkt dat de gemeente Drechterland in 2021 een aanbesteding heeft uitgezet van 1,4 miljoen bij Huisman B.V. voor het bouwrijp maken van een woonwijk in Hoogkarspel; 3. Cliënten wijzen op de buitenopslag van puin, zand, straatstenen, rioolbuizen en schaftketen/portocabins; 4. Cliënten nemen de verkeerstoename op de Zuiderdijk waar. Het betreft naast het aantal agrarische voertuigen nu een veelvoud aan
Bij het beoordelen van het verzoek worden zoals gebruikelijk de noodzakelijke gegevens opgevraagd en wordt de aanvraag getoetst aan de kaders om te beoordelen of medewerking passend is.
Volgens de begripsomschrijving (artikel 1.10) in het omgevingsplan van de gemeente Drechterland vallen grondverzetwerkzaamheden onder de werkzaamheden van een agrarisch loonbedrijf. Uit de bij de aanvraag behorende ruimtelijke onderbouwing volgt dat Huisman B.V. zich bezig houdt met agrarisch loonwerk, akkerbouw/teelt, grondverzet en verhuur (loon naar werk). Deze werkzaamheden zijn in overeenstemming met de bestemming “agrarisch loonbedrijf”. De begripsbepaling in het bestemmingsplan luidt voor agrarisch loonbedrijf als volgt. “1.10 agrarisch loonbedrijf 2) een bedrijf waarbinnen uitsluitend of overwegend arbeid wordt verricht ter productie of levering van goederen of diensten ten behoeve van agrarische bedrijven, zoals een loonbedrijf, al dan niet in combinatie met grondverzetwerkzaamheden.” Belangrijk is in deze begripsomschrijving het woord “overwegend” dat bepaalt dat er ook andere werkzaamheden mogen plaatsvinden. Tevens is het woord “grondverzetwerkzaamheden” van belang omdat grondverzetwerkzaamheden niet beperkt zijn tot agrarische grondverzetwerkzaamheden. Bij de beoordeling of de activiteiten van Huisman BV passend zijn binnen het bestemmingsplan, dient aansluiting te worden gezocht bij de in het bestemmingsplan opgenomen regels, waaronder de begripsomschrijving zoals hiervoor is genoemd.
De kapschuur is bestemd voor de stalling van de voertuigen die voor bovengenoemde activiteiten worden ingezet. Dit wordt aangetoond in
4.2
aannemersvoertuigen, zoals zwaar beladen vrachtwagens. Agrarisch verkeer is volgens cliënten voornamelijk seizoensgebonden, terwijl het verkeer in het kader van aannemingswerkzaamheden volgens hen het hele jaar plaatsvindt; 5. Er is volgens cliënten sprake van verhuur van materialen en verkoop van producten aan derden, te weten rijplatenverhuur, machineverhuur, levering van zand en grond aan bedrijven en particulieren; 6. In de quickscan ecologie staat dat het gaat om aannemingsbedrijf Huisman B.V.
bijlage 1 welke opsomming strookt met de hiervoor aangegeven binnen het bestemmingsplan toegestane gebruik.
Cliënten hebben in een handhavingsverzoek van april 2023 en een bezwaarschrift van september 2023 tegen de afwijzing van het handhavingsverzoek toegelicht dat zij Huisman B.V. niet als agrarisch loonbedrijf kunnen aanmerken. Zij
De beoordeling van het verzoek tot handhaving maakt geen onderdeel uit van de beoordeling van de aanvraag om een omgevingsvergunning voor de kapschuur. Zie ook de beantwoording onder 4.1.
Daarnaast is uit het advies van de Agrarische Beoordelingscommissie d.d. 16 augustus 2024 gebleken dat de bedrijvigheid die door Huisman wordt uitgevoerd, past binnen de bepalingen van het bestemmingsplan. Uit de beoordeling van de bedrijfsactiviteiten blijkt dat bij de werkzaamheden op het gebied van weg- en waterbouw, gebruik wordt gemaakt van de inhuur van diensten van derden en in samenwerking met derden. De feitelijke werkzaamheden worden elders op de locatie verricht. De taak van Huisman bij deze werkzaamheden is op het adres Zuiderdijk 30 gelegen in het verrichten van de organisatie en de administratie. Dit heeft geen planologische uitstraling, de werkzaamheden worden immers binnen het kantoor uitgevoerd. Daarnaast past het binnen de ruimte die de begripsomschrijving biedt door het woord “overwegend”. De kapschuur is bestemd voor de stalling van de voertuigen die voor bovengenoemde activiteiten worden ingezet. Dit wordt aangetoond in bijlage 1 welke opsomming strookt met de hiervoor aangegeven binnen het bestemmingsplan toegestane gebruik. Er is derhalve geen sprake van een voorgenomen gebruik c.a. voorgenomen activiteiten in de kapschuur die niet passen binnen de bestemming en begripsomschrijving.
4.3
4.4
4.5
hebben nog geen besluit op het bezwaarschrift gekregen. Cliënten verbazen zich dat wordt meegewerkt aan de uitbreiding van het bedrijf, terwijl er nog geen antwoord is op het huidige (strijdige) gebruik van het perceel. Hetzelfde geldt voor het afgeven van een VVGB voor de bouw van de kapschuur, terwijl er nog geen helderheid is over de bestemming van de gronden op het terrein waar de kapschuur gebouwd wordt. Volgens cliënten heeft de ruimtelijke onderbouwing van 22 november 2023 belangrijke wijzigingen ondergaan ten opzichte van het rapport dat is bijgeleverd bij de beslissing van de raad over de VVGB van 24 april 2023, waar het besluit mede op is gebaseerd. Het document met de ruimtelijke onderbouwing is niet toegevoegd aan het ronde tafel gesprek van januari 2023. Met de daaropvolgende raadsvergadering werd het te laat toegevoegd, minder dan 2 uur voor de raadsvergadering. De tekeningen voor de inrichting van het terrein die bij de provincie zijn ingediend zijn anders dan de tekeningen die zijn ingediend bij het ronde tafel gesprek. Weer andere tekeningen werden toegevoegd minder dan 2 uur voor
De gemeenteraad heeft bij de afgifte van de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen een volledig beeld van de omvang en situering van de kapschuur en de van belang zijnde aspecten gehad. Dit inclusief de ruimtelijke onderbouwing.
Het voorstel voor de afgifte van de ontwerpverklaring van geen bedenkingen is in de RTG van 11 april 2023 behandeld. Aan de hand van de stukken heeft RTG een goed beeld kunnen vormen van de aanvraag en van belang zijnde aspecten.
Er heeft inderdaad enige verwarring bestaan over de terreinrichting. Dit heeft niet geleid tot onduidelijkheid bij de opmaak van de ontwerpvergunning en de afgifte van de ontwerp-verklaring van geen bedenkingen. Het is duidelijk waar en in welke omvang de kapschuur wordt gerealiseerd.
4.6
4.7
4.8
aanvang van de raadsvergadering van eind januari 2023. Ook bij de laatste raadsvergadering van 24 april 2023 werd een memo toegevoegd van de wethouder, waarin een nieuwe tekening was toegevoegd. Kort van tevoren werd een document geüpload waarin deze versie weer werd bestreden. Het verslag met het advies van de welstandscommissie is volgens cliënten nooit toegevoegd aan de openbare documenten van de raadsvergaderingen. Tijdens de gemeenteraadsvergadering van 24 april beaamt de wethouder volgens cliënten dat de gang van zaken chaotisch verloopt en dat participatie niet goed is verlopen. Het besluit tot het afgeven van een VVGB is volgens cliënten dus onzorgvuldig voorbereid. Cliënten benoemen nogmaals dat de documenten die zijn toegevoegd aan de publicatie van 22 november 2023 niet hetzelfde zijn als de documenten die eerder zijn toegevoegd aan raadsvergaderingen en vergunningsaanvragen. Cliënten vinden dat er onduidelijkheid heerst over de omvang van de aanvraag en het bouwplan. Er wordt afwisselend gesproken over de enkele bouw van een kapschuur en over uitbreiding van bedrijfsactiviteiten. In de documenten behorend bij het ontwerp wordt
Dit is ook niet gebruikelijk. De stukken die ter beoordeling voorlagen waren voldoende voor een zorgvuldige besluitvorming.
De gemeenteraad heeft bij haar besluit op de afgifte van de ontwerpverklaring van geen bedenkingen een juist beeld kunnen vormen van de betreffende aanvraag.
De uitbreiding betreft de bouw van een vrijstaande overkapping aan de westkant van het bedrijf (100 x 16 meter) in de vorm van een kapschuur. Dit is aangegeven op de bij de aanvraag behorende tekeningen. Het bedrijf is tevens voornemens om de gronden ten noorden van het projectgebied, die in het huidige bestemmingsplan de bestemming ‘Natuur’ hebben, te mogen gebruiken voor zijn bedrijfsvoering.
4.9
4.10
gesproken over verschillende fasen van uitbreiding. Volgens cliënten is het niet duidelijk wat de precieze bedrijfsactiviteiten van de aanvrager zijn. Ook is het niet duidelijk wat de gevolgen zijn voor het woon- en leefklimaat van de omliggende woningen. De tekeningen laten een algehele uitbreiding van het perceel zien.
Hiervoor is een aparte aanvraag gedaan waar indiener indien gewenst op kan reageren. De kapschuur is ruimtelijk en landschappelijk goed ingepast, zie paragraaf 2.3 en hoofdstuk 4 van de ruimtelijke onderbouwing.
Cliënten vinden dat de beoogde kapschuur niet ten dienste van de bestemming ‘Bedrijf – Agrarisch loonbedrijf’ staat. Volgens cliënten zijn er genoeg aanwijzingen dat de kapschuur uitsluitend mede voor andere doeleinden
Zoals eerder is aangegeven is in de aanvraag duidelijk aangegeven dat de schuur voor de stalling van de machines en materieel van het agrarisch loonbedrijf wordt gebruikt. Dit is in bijlage 1 van deze Nota nog eens vastgelegd. Dit past binnen het bestemmingsplan.
Deze tekening is niet van toepassing. In de ruimtelijke onderbouwing is de juiste tekening opgenomen om de landschappelijke inpassing aan te geven. De tekening van de kapschuur waarvoor de vergunning is aangevraagd biedt voldoende duidelijkheid om aan te geven om wat voor kapschuur het gaat.
4.11
gebruikt gaat worden dan waarin de bestemming voorziet. Volgens het college dient het plan om tot een opgeruimd erf te komen. Hiermee wordt volgens cliënten de suggestie gewekt dat wat nu gestort dan wel opgeslagen ligt op het achtererf, zal verhuizen naar de kapschuur. Dit voornemen wordt volgens cliënten niet door Huisman B.V. bevestigd. Bovendien is de buitenopslag nu nog steeds ingetekend op de plannen (zie afbeelding hierboven).
Deze afbeelding betreft een oude versie. Zie onderstaande afbeelding voor een nieuwe indeling van het perceel. Hierbij moet worden opgemerkt dat naar aanleiding van de zienswijze de kapschuur aan de voorzijde gelijk wordt getrokken aan de voorgevel van de schuren. In het raadsvoorstel is onder ‘Visie op de dijk’ inderdaad vermeld: “Er wordt een kapschuur gebouwd om de nu buiten gestalde machines en materialen overdekt op te slaan.” Onder materiaal worden hier aanhangers en materieel verstaan dat bij de activiteiten agrarisch loonbedrijf en grondverzet wordt benut. De opslag van de grondstoffen achterop het terrein tussen betonnen afscheidingswanden is hier niet mee bedoeld. Beter was geweest om het woorden voertuigen en materieel te gebruiken. De ruimtelijke onderbouwing wordt als onderdeel van de aanvraag hierop aangepast.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ruimtelijke onderbouwing, maar niet tot aanpassing van de kapschuur.
4.12
Cliënten vinden dat de noodzaak tot uitbreiding onvoldoende is onderbouwd. Huisman B.V. beschikt volgens hen al over een bestaande schuur op een adres in de directe omgeving.
De kapschuur is bedoeld voor opslag van materieel dat thans is opgeslagen op het bedrijfsterrein (in de open lucht) en ook elders in verder gelegen loodsen. De opslag in deze loodsen wordt vanwege efficiëntie-redenen (tijd, geld en transport) door de bouw van de kapschuur beperkt; bovendien zal daardoor het aantal verkeerbewegingen van en naar de loodsen aanzienlijk worden beperkt. In bijlage 1 wordt dat aangetoond.
4.13
Tijdens het RTG is door Huisman B.V. en de wethouder aangegeven dat de kapschuur noodzakelijk is vanwege het duurzaamheidsbeleid. Dit strookt volgens cliënten niet met het duurzaamheidsplan van 2023. Cliënten vinden dat de gepresenteerde route via de Dorpsweg berust op een volstrekt onrealistische aanname. In de ROB staat dat Huisman B.V. aansluit op de Zuiderdijk, die op zijn beurt direct is aangesloten op de provinciale weg N307 en N506 via de Dorpsweg. In werkelijkheid fungeert enkel de route ZuiderdijkElbaweg volgens cliënten als ontsluiting voor het zware verkeer van Huisman B.V. Cliënten menen dat onvoldoende is gekeken naar de afwikkeling van het verkeer afkomstig van het bedrijf na het realiseren van het bouwplan. De enkele stelling dat de verkeersbewegingen niet toenemen door de bouw van de kapschuur, is volgens hen onvoldoende. In het bouwplan wordt gesproken van een
Deze zienswijze kan niet worden beantwoord omdat de indiener niet onderbouwt op welke wijze de ontwikkeling niet strookt met het duurzaamheidsplan van 2023.
4.14
4.15
De route Dorpsweg (Schellinkhout) is foutief vermeld als route. De route Zuiderdijk – Elbaweg is de route waarover Huisman andere wegen bereikt. Deze foutieve aanduiding in de ruimtelijke onderbouwing wordt aangepast.
Gedurende 2 weken in mei 2023 zijn door de gemeente op de benedendijks gelegen parallelweg Zuiderdijk, zowel westelijk als oostelijk van de toerit tot Zuiderdijk 30, de verkeersbewegingen gemeten. De meetlocaties zijn hieronder aangegeven.
Deze zienswijze leidt tot aanpassing van de ruimtelijke onderbouwing, maar niet tot aanpassing van de kapschuur
algehele uitbreiding bedrijfsactiviteiten.
van
de
Het wegprofiel van de Zuiderdijk kan tot maximaal 6.000 voertuigen per etmaal verwerken. Uit de metingen blijkt dat er op westelijke meetpunt op een gemiddelde werkdag 140 motorvoertuigen passeren en op het oostelijk meetpunt op een gemiddelde werkdag 300 voertuigen passeren. De weekgemiddelden bij het westelijk meetpunt geven aan dat hiervan minstens 85 tot 90% licht verkeer betreft en het resterend percentage overwegend middelzwaar verkeer is. Voor het oostelijke meetpunt geldt uit de weekgemiddelden dat 80 tot 85% licht verkeer betreft, maximaal 5% zwaar verkeer en het restant middelzwaar betreft. Deze aantallen bieden geen belemmeringen voor het gebruik van de Zuiderdijk die zoals al aangegeven, maximaal 6000 voertuigen motorvoertuigbewegingen kan verwerken. In de bijlage 1 wordt aangegeven welke voertuigen en materieel in de kapschuur zullen worden geplaatst. Ook wordt daarin aangegeven waaruit de huidige verkeersbewegingen bestaan en waaruit de verkeersbewegingen bestaan na realisering van de kapschuur. Hieruit blijkt dat het aantal verkeersbewegingen en de bedrijfsactiviteit afnemen en niet toenemen en de effecten voor de belendende percelen passend zijn.
4.16
4.17
4.18
4.19
4.20
Daarnaast is nu sprake van een opslag van werktuigen en materieel op een ander perceel. Er is volgens cliënten niet besproken of het opslaan van deze werktuigen en materiaal ook zorgt voor een toename van de verkeersbewegingen op het perceel Zuiderdijk 30A. De recreatieve functie van de Zuiderdijk wordt benadrukt in de ‘Visie op Drechterland’. Het is volgens cliënten daarom zaak dat meer aandacht wordt besteed aan het verkeersaspect van het bouwplan. Cliënten vrezen voor een toename van verkeershinder. Het verkeer van en naar Huisman B.V. veroorzaakt volgens cliënten hinder, zeker nu het bedrijf niet op een gezoneerd industrieterrein is gelegen. Dit betreft zowel de geluidbelasting van het verkeer als de verkeerstechnische afwikkeling en veiligheid. De weg aan de Zuiderdijk is de belangrijkste route voor het verkeer van en naar het bedrijf. Omdat het hier gaat om zwaar verkeer, is de geluidbelasting volgens cliënten hoger dan een normaal verkeersbeeld aan deze dijk. De verkeersveiligheid wordt volgens cliënten door de hoeveelheid en grootte van het verkeer negatief beïnvloed. Fietsers en wandelaars hebben weinig
De aanvraag voor de kapschuur moet worden beoordeeld. Zie de beantwoording onder zienswijze 4:15 waaruit blijkt dat de totale verkeersbewegingen voortvloeiende uit de bedrijfsactiviteiten passend zijn op wat de Zuiderdijk aan kan.
Zie de beantwoording onder zienswijze 4:15.
Zie de beantwoording onder zienswijze 4:15.
Zie de beantwoording onder zienswijze 4:15.
Zie de beantwoording onder zienswijze 4:15. Aanvullend kan worden opgemerkt dat in de zienswijze wordt uitgegaan van een situatie dat een fietser door twee vrachtwagens tegelijk worden gepasseerd. Een tegemoetkomende vrachtwagen en een vrachtwagen die van achteren de fietser benadert. Deze situatie is
ruimte op het moment dat vrachtwagens niet reëel. elkaar passeren. Wel reëel is dat een vrachtwagen een fietser passeert. Daar is ruimte voor en vergt de gebruikelijke alertheid van de chauffeur en de fietser bij passeersituaties. 4.21
Volgens cliënten kan niet gesteld worden dat het verkeer ter hoogte van de kruising Zuiderdijk-Elbaweg opgaat in het heersende verkeersbeeld.
De kruising Zuiderdijk-Elbaweg is gelegen op ruim 900 meter. Dan is het verkeer vanuit het bedrijf opgegaan in de gangbare verkeersstroom dat van de kruising Zuiderdijk-Elbaweg gebruik maakt. Daarbij gaat het volgens de uitspraken van de Raad van State om het kenbaar zijn van het geluid van afremmen bij het benaderen van Zuiderdijk 30a of het optrekken van verkeer dat Zuiderdijk 30 verlaat. Dat is op 900 niet meer waarneembaar. Het is niet bepalend of in de gangbare verkeersstroom de voertuigen van het bedrijf te herkennen zijn.
4.22
Volgens artikel 6.33, lid 3 van de Omgevingsverordening NH2020 is de vestiging van agrarisch aanverwante bedrijven in het landelijk gebied toegestaan, mits wordt voldaan aan de voorwaarden. Er dient sprake te zijn van een uitbreiding op een bestaand agrarisch bouwperceel of dient het een verplaatsing te betreffen van een bestaand agrarisch aanverwant bedrijf. Daarnaast dient gemotiveerd te worden waarom niet binnen bestand stedelijk gebied in de regio in de verplaatsing kan worden voorzien en waarom hergebruik van percelen die niet meer voor de agrarische functie worden benut niet mogelijk is. De omvang van het bouwperceel mag ten hoogste 2 ha bedragen.
Het gaat hier om een bestaand bedrijf dat binnen het bestemmingsplan als zodanig is bestemd en al was gevestigd. Het gaat niet om nieuwvestiging zoals in de zienswijze wordt beweerd. Er is derhalve geen sprake van strijdigheid met de Omgevingsverordening.
4.23
4.24
Cliënten zijn van mening dat niet aan de voorwaarden wordt voldaan. Volgens de ROB betreft het plan de uitbreiding van een agrarisch aanverwant bedrijf. Dit wordt volgens cliënten op geen enkele wijze onderbouwd. Er zijn geen objectieve, verifieerbare gegevens aanwezig waaruit blijkt welke werkzaamheden wanneer en met welke frequentie worden uitgevoerd. Het plan is volgens cliënten dan ook in strijd met de omgevingsverordening. Op grond van artikel 4.19 jo. Bijlage 8 van de Omgevingsverordening NH2020 is het ‘Weidegebied Venhuizen en polder De Drieban’ opgenomen als stiltegebied. Op grond van art. 4.20 is het verboden de rust in een stiltegebied te verstoren.
Het opslaan van voertuigen en materieel in een kapschuur brengt geen extra geluid met zich mee. De zorgplicht van artikel 4.20 wordt daarom niet geschonden.
Daarbij is van belang dat volgens de Omgevingsverordening NH2020 2dat gebruik van machines en voertuigen voor agrarische bedrijvigheid en binnen de bestemming Verkeer is toegestaan. Het bedrijf blijft met de Het ontwerp biedt volgens cliënten geen bouw van de kapschuur voldoen aan de geluidsnormen die voor het enkel inzicht in hoeverre is gekeken naar bedrijf gelden op grond van het Activiteitenbesluit. Er is derhalve geen de impact van de activiteiten op het strijd met de Omgevingsverordening. stiltegebied. Cliënten menen dat dit op grond van de Omgevingsverordening NH2020 wel is vereist. Cliënten wijzen onder andere op de impact van zware machines en vrachtwagens en het laden en lossen van producten zoals puin, zand en straatstenen. In de ROB staat dat de uitbreiding van het Cliënten menen dat de toelichting op de visie in de ruimtelijke bedrijf bijdraagt aan en vitaler onderbouwing voorbijgaat aan de punten die de indiener benoemt. Zij
4.25
4.26
4.27
4.28
Drechterland. Cliënten benoemen punten onderbouwen niet op welke wijze het project in strijd is met de visie. In uit de Visie op Drechterland. de ruimtelijke onderbouwing is beschreven waarom de ontwikkeling bijdraagt aan een vitaler Drechterland, door de stimulering van de lokale economie en de werkgelegenheid. Daarbij gaat met name om behoud van de waarde van het bedrijf voor de werkgelegenheid en niet om uitbreiding daarvan. Het bedrijf is gelegen aan het provinciaal Bij de ruimtelijke en landschappelijke inpassing wordt rekening Monument Westfriese Omringdijk. Het gehouden met alle relevante kenmerken van de omgeving. De beleid van de provincie is om ruimtelijke nieuwbouw vindt plaats in aansluiting op de bestaande bebouwing, aan ontwikkelingen bij te laten dragen aan de westzijde. De bebouwing blijft binnen de bestaande verkaveling. het zichtbaar en herkenbaar houden van Voor het gebied gelden verder geen specifieke landschappelijke of de landschappelijke karakteristiek van de aardkundige waarden. Ook met de uitbreiding blijft er voldoende dijk, bijdragen aan het versterken van (de ruimte bestaan tussen de bebouwing aan de Zuiderdijk. beleving van) openheid en het helder Er is geen sprake van een onevenredige verdichting van de zichtlijnen positioneren ten opzichte van de vanaf de openbare weg. De aanwezige zichtlijnen blijven grotendeels ruimtelijke dragers.
Cliënten vragen zich bestaan. Het open karakter van het gebied kenmerkend. Aangezien de af in welke mate de uitbreiding van het nieuwe bebouwing aansluit op de bestaande bebouwing en wordt bedrijf bijdraagt aan deze ambities. ingepast in de bestaande verkaveling, wordt geen afbreuk gedaan aan deze openheid. De nieuwbouw sluit qua situering en richting ook aan op de bestaande bebouwing. Dit sluit ook goed aan op het huidige ordeningspatroon. Het bedrijf doet volgens cliënten niets met Dit maakt geen onderdeel uit van de aanvraag Omgevingsvergunning de bijzondere inlaat (De Spuiter) die bij het voor de kapschuur en staat derhalve niet ter beoordeling. bedrijf is gelegen. Het bedrijf voegt volgens cliënten geen In bijlage 1 is aangegeven dat de verkeersbewegingen afnemen en niet waarde toe en bedreigt in ernstige mate toenemen door de nieuwe kapschuur. de dijk en het gebruik daarvan in De ontwikkeling vormt geen belemmering voor de verkeersveiligheid of toeristisch opzicht door zwaar transport. het recreatief mede gebruik van de Zuiderdijk. Daarbij moet worden opgemerkt dat het transport veelal benedendijks en via de Elbaweg plaatsvindt. De aangelegde Engelse Tuin elementen Dit maakt geen onderdeel uit van de aanvraag Omgevingsvergunning aan de voorzijde laten volgens cliënten voor de kapschuur en staat derhalve niet ter beoordeling.
4.29
4.30
4.31
zien dat niet goed is nagedacht over de kenmerken van het provinciaal monument. Er geldt een zone van 120 meter vanaf de kruin van de dijk voor deze zorgvuldige inspanning. Tijdens de beoordeling op 26 januari 2023 uit de welstandscommissie zorgen over het plaatsen van een vijver aan de voorzijde van het gebouw. Ze stellen dat dit niet passend is op die locatie. Ze adviseren om in plaats daarvan de bestaande waterpartij aan de voorzijde uit te breiden. De vijver is inmiddels gegraven en is volgens cliënten dus niet uit het plan gehaald, zoals geadviseerd. In de ROB onder 5.1 staat dat de aanvrager de directe omgeving bij de planvorming heeft betrokken. Er staat ook dat in januari 2023 een gesprek met omwonenden heeft plaatsgevonden en dat hier een gesprekverslag van is opgesteld. Cliënten hebben dit gespreksverslag met een Wooverzoek geprobeerd op te halen, maar dit gespreksverslag blijkt volgens hen niet te zijn opgesteld. Volgens cliënten zijn omwonenden onvoldoende op de hoogte gesteld. Ook Staatsbosbeheer blijkt niet op de hoogte van de plannen.
De aanvraag betreft de realisering van de kapschuur. In de ruimtelijke onderbouwing is aangegeven hoe deze landschappelijk inpasbaar wordt gemaakt. Daarin speelt de aangelegde vijver geen rol.
Het verslag is door de aanvrager aan de indiener beschikbaar gesteld.
Er is aangetoond dat participatie heeft plaatsgevonden. De ontvangst van de aanvraag en de ter inzagelegging van de ontwerpomgevingsvergunning en ontwerpverklaring van geen bedenkingen is bekend gemaakt. Hierdoor heeft Staatsbosbeheer als eigenaar van de aangrenzende gronden de kans gehad om te reageren en redenen heeft gehad om geen zienswijzen in te dienen. .
5. Lijst van wijzigingen De volgende wijzigingen worden bij vaststelling doorgevoerd ten opzichte van de ontwerp-omgevingsvergunning: • •