9.b Voorjaarsnota 2024 SED Definitief
Tekst van het document
Voorjaarsnota 2024 SED
1
Inhoudsopgave
Inleiding ................................................................................................................................. 3 Overzicht baten en lasten ...................................................................................................... 5 Mutaties begroting SED......................................................................................................... 6
2
Inleiding Voor u ligt de voorjaarsnota 2024 van de SED organisatie. De SED organisatie staat voor de uitdaging om te navigeren door een periode van financiële beperkingen en onzekerheden die onze 3 gemeenten gaan treffen. Daarnaast gebeurt er ontzettend veel om ons heen. We sluiten onze ogen niet voor de actualiteit en de verwachtingen voor de toekomst waar het bijvoorbeeld gaat om het klimaat, de energietransitie en de opvang van vluchtelingen. Daar hebben alle gemeenten in Nederland mee te maken en met het oog op de steeds afnemende financiële middelen van de rijksoverheid, vraagt dit van alle gemeenten toch nieuwe plannen, creativiteit en ook keuzes maken. De SED organisatie is bij het opstellen van begrotingen en tussentijdse rapportages afhankelijk van de keuzes die de gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland hebben gemaakt en met het oog op de zogenoemde ravijnjaren nog zullen maken. Wij zijn een organisatie die de (gezamenlijke) ambities van gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland vormgeven binnen de daarvoor gestelde financiële kaders. In de SED-begroting zijn die financiële kaders na een zienswijzeprocedure bij de 3 gemeenteraden voor 2024 vastgesteld en vormen daarmee voor de SED organisatie het uitgangspunt. Deze voorjaarsnota bevat alleen autonome en onontkoombare ontwikkelingen.
Het totaalbedrag van de autonome ontwikkelingen die zijn opgenomen in deze voorjaarnota bedraagt € 707.000. Bijraming van baten via bijdragen deelnemers: Bijdrage gemeente Stede Broec: Bijdrage gemeente Enkhuizen: Bijdrage gemeente Drechterland: Totaal:
€ 236.000 € 260.000 € 211.000 € 707.000
ALGEMEEN Als we onze gemeenschappelijke regeling SED willen positioneren als een veerkrachtige en bloeiende organisatie, is het essentieel dat we ons blijven ontwikkelen als dienstverlener en organisatie. Hierbij moeten we ons aanpassen aan de snel veranderende omstandigheden van de arbeidsmarkt. Dit doen we door continu aandacht te hebben voor ontwikkelen, leren en uitvoeren. De opdrachtgever en de gevraagde dienstverlening staan hierbij centraal. Hierbij zijn de gestelde kaders het uitgangspunt en voeren we binnen de gestelde budgetten de taken zo efficiënt als mogelijk uit. In een tijdperk waarin technologische vooruitgang ons werk ingrijpend aan het veranderen is moeten we proactief reageren om ervoor te zorgen dat onze organisatie klaar is voor de toekomst. Dit vereist niet alleen het aanpassen van onze middelen en infrastructuur, maar ook het cultiveren van een wendbare organisatie die in staat is om snel te reageren op veranderende behoeften en kansen. Gedrag, systemen en processen dienen in balans te zijn. Tegelijkertijd worden we geconfronteerd met financiële uitdagingen (de druk op de gemeentelijke inkomsten) die een evenwichtige aanpak vereisen om de duurzaamheid van onze opdrachtgevers te borgen. In deze begroting leggen we de focus op veranderingen die 3
op dit moment autonoom/ of onoverkomelijk zijn. Hiermee kijken we met een positief kritische blik naar onze eigen processen en zetten we ons in om binnen de beschikbare middelen de opgaven en dienstverlening te realiseren. Bestuurlijke keuzes (nieuw beleid of wensen) worden via de reguliere begrotingsprocessen voorgelegd aan de drie deelnemende gemeenten. Wanneer deze gevolgen hebben voor de SED organisatie en onze begroting worden deze kosten opgenomen in de P&C producten (begroting en/of tussentijdse rapportages). Hiertoe is dan (eventueel) later een begrotingswijziging noodzakelijk.
4
Overzicht baten en lasten Begroting 2024 voor VJN 37.218
Mutatie Begroting 2024 2024 na VJN 707
37.925
34.531
491
35.022
Overige salariskosten
476
20
496
Kosten tijdelijke vervanging
289
0
289
Overige kosten personeel
1.923
196
2.119
Personele kosten, gedekt bij de gemeenten
1.200
0
1.200
Direct doorbelaste kosten
1.200
0
1.200
Facilitair
7.333
13
7.346
Faciliteiten
855
0
855
Huisvesting gemeentehuizen
308
0
308
Huisvesting werkplaatsen
1.029
13
1.042
ICT
5.141
0
5.141
Overig
146
0
146
Onvoorzien
52
0
52
Accountantskosten
60
0
60
Advieskosten
29
0
29
Overige exploitatiekosten
5
0
5
Bijdrage gemeenten aan SED
-44.504
-707
-45.211
Bijdrage Stede Broec
-14.833
-236
-15.067
Bijdrage Enkhuizen
-16.400
-260
-16.663
Bijdrage Drechterland
-13.271
-211
-13.481
Overige baten
-1.393
-13
-1.406
Direct doorbelaste kosten
-1.200
0
-1.200
-193
-13
-206
Personeelslasten Salarissen
Diverse baten
5
Mutaties begroting SED Personeelslasten - autonoom Algemeen In de begroting 2024 is een eerste stap gemaakt met het realistisch begroten van de personeelslasten. Afgesproken is ook dat er vervolgens een analyse wordt gemaakt om tot een meer realistische begroting te komen, waarbij ook alle taken onverkort worden uitgevoerd conform de planning daarvoor. In deze analyse wordt onder andere ook het zogenoemde SED accres meegenomen. Deze analyse zal leiden tot een meerjarige strategie. Hierbij blijft het noodzakelijk om bestuurlijke keuzes te maken welke taken wel, niet of later uitgevoerd moeten worden door de SED organisatie. De eerste aanzet tot deze analyse is inmiddels gemaakt maar leidt niet tot mutaties in de voorjaarsrapportage.
CAO Een ontwikkeling die wel leidt tot een structurele en incidentele mutatie in de voorjaarsnota is de uitwerking van de nieuwe CAO voor gemeenteambtenaren. Op het moment van opstellen van de begroting 2024 was de CAO net formeel vastgesteld maar waren we nog niet in staat geweest de financiële uitwerking van enkele onderdelen daarvan te berekenen. In de begroting 2024 is daarom voor de loonontwikkeling uitgegaan van de loonindexering op basis van de regionale richtlijn voor gemeenschappelijke regelingen Noord-Holland Noord. De doorrekening van de CAO-gevolgen heeft nu plaatsgevonden en leidt tot een autonome structurele bijstelling van € 401.000 en een incidentele bijstelling van € 161.000. Deze stijging bestaat uit de onderstaande componenten: € 361.000
Structureel verschil tussen het in de begroting 2024 gehanteerde indexeringspercentage zoals de richtlijn van de regietafel heeft opgesteld en de werkelijke indexering in de CAO.
€ 20.000
In de CAO is een nieuwe bepaling opgenomen dat medewerkers met een arbeidsongeschiktheidsverzekering een tegemoetkoming in de kosten ontvangen. Voor deze regeling dient in de begroting 2024 een structureel budget opgenomen te worden.
€ 20.000
In de coronajaren is het budget voor de (toen) nieuwe regeling voor thuiswerken in de CAO geïntroduceerd. In de CAO is de thuiswerkvergoeding verhoogd (van € 2,15 naar € 3 per dag). In onze organisatie is het uitgangspunt dat er 50% wordt thuisgewerkt. Het gezamenlijk effect op de reiskosten (minder) en thuiswerkvergoeding (meer) betekent een structurele bijraming van € 20.000.
€ 161.000
Er is in de CAO opgenomen dat met ingang van 31 december 2023 onder bepaalde voorwaarden deelgenomen kan worden aan de Regeling Vervroegd Uittreden (RVU). Deze regeling houdt in dat bij een overheidsdienstverband van minimaal 41 jaar er (maximaal) 3 jaar voorafgaand aan de AOW-leeftijd gestopt kan worden met werken waarbij er gedurende die 3 jaar een vergoeding wordt uitgekeerd. Voor deze regeling moet een voorziening worden ingesteld waarbij de omvang wordt bepaald door het aantal medewerkers die van deze regeling gebruik zou kunnen maken. De storting in deze voorziening voor 2024 bedraagt incidenteel € 161.000. 6
Compensatie voor loon- en prijsstijgingen zoals bijvoorbeeld door het van kracht worden van een nieuwe CAO wordt opgenomen in het accres dat onderdeel uitmaakt van de Algemene Uitkering. Deze compensatie is weer afhankelijk van diverse uitkomsten van cao ontwikkelingen op rijksniveau. Verwacht wordt dat de loonstijging voor een substantieel deel wordt gecompenseerd door de rijksoverheid in de Algemene Uitkeringen die gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland ontvangen.
Personeelslasten - noodzakelijk Vergunningverlening De werkdruk op de huidige formatie vergunningverlening is te groot. Hierdoor wordt enerzijds het risico dat aanvragen niet binnen de gestelde termijnen kunnen worden afgedaan steeds groter en anderzijds dreigt uitval van medewerkers door hoge werkdruk. De gemiddelde werkdruk is de afgelopen 6 maanden met bijna 50% toegenomen. Om goede dienstverlening te blijven garanderen en het risico op ingebreke stellingen bij niet tijdige vergunningverlening te voorkomen, is het noodzakelijk structureel formatie toe te voegen voor een bedrag van € 87.000.
Omgevingswet De Omgevingswet die een groot aantal wetten en regels voor onze leefomgeving bundelt en een digitaal loket introduceert, is per 1 januari 2024 ingevoerd. Dit heeft effect op de softwareapplicatie die wordt gebruikt voor het beheren van de openbare ruimte in de ruimste zin van het woord. Door de omgevingswet goed te integreren in de BOR-applicatie ontstaat er verbetering in werkwijzen. Om deze applicatie goed te kunnen ondersteunen, is meer functioneel beheer capaciteit nodig en is het noodzakelijk om € 43.000 structureel bij te ramen.
Overhead Één van de uitkomsten van het onderzoek “realistisch begroten” is het advies om te gaan werken met een personeelsgerelateerd kostentarief, ook wel overhead genoemd. Dit tarief is opgebouwd uit benodigdheden zoals telefoon, laptop, werkplek, licenties, administratieve verwerking e.d. Uit de eerste berekening van de noodzakelijke hoogte van dit kostentarief is € 10.000 per medewerker gekomen. In deze voorjaarsnota wordt de formatie uitgebreid met 1,5 FTE. Dit houdt in dat er door deze uitbreiding € 15.000 aan overheadskosten moet worden bijgeraamd.
Budgettair neutrale wijziging Klein onderhoudsmateriaal dat door de buitendienst niet meer wordt gebruikt of waarvan de technische levensduur is verstreken wordt verkocht. Van de opbrengst wordt nieuw klein materiaal aangeschaft. Gelet op de geldende begrotingsregels dienen zowel de verkoopopbrengst als de nieuwe aanschaffingen voor een gelijk bedrag in de begroting te worden opgenomen. Het gaat hier om een bedrag van € 13.000.
7