CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

9.3 Jaarstukken SED 2025

Gemeenteraad 25 juni 2026, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Zienswijzen begroting 2027 en jaarrekening 2025 gemeenschappelijke regelingen (2026-29)9.820 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Jaarrekening 2025

2

1.

Inhoudsopgave

Jaarrekening 2025 ...........................................................................................................................1 1.

Inhoudsopgave.........................................................................................................................3

2.

Bestuurlijke samenvatting.........................................................................................................4

3.

Programma bedrijfsvoering ......................................................................................................6 Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien .................................................13 3.1

Paragrafen ...................................................................................................................14 a. Weerstandsvermogen en risicobeheersing ..............................................................14 b. Onderhoud kapitaalgoederen...................................................................................15 c. Financiering .............................................................................................................16 d. Bedrijfsvoering .........................................................................................................17 e. Openbaarheidsparagraaf .........................................................................................20

4.

5.

Jaarrekening ..........................................................................................................................22 4.1

Grondslagen van waardering en resultaatbepaling .......................................................22

4.2

Overzicht van lasten en baten en toelichtingen ............................................................24

4.3

Balans per 31 december 2025 en toelichting ................................................................27

4.4

Rechtmatigheidsverantwoording ..................................................................................33

Overige gegevens ..................................................................................................................34 5.1

6.

Controleverklaring ........................................................................................................34

Bijlagen ..................................................................................................................................35 6.1

Overzicht gerealiseerde baten en lasten per taakveld ..................................................35

3

2.

Bestuurlijke samenvatting

Verbetering van dienstverlening en processen In 2025 is verdere voortgang geboekt in het verbeteren en stroomlijnen van werkprocessen. Door gerichte inzet op digitalisering zijn processen efficiënter ingericht en is de kwaliteit en consistentie van producten en diensten vergroot. Dit draagt bij aan een klantgerichte dienstverlening en een betere ondersteuning van bestuur en organisatie, terwijl de menselijke maat behouden is gebleven. Deze verbeteringen hebben onder meer betrekking op de inrichting van de control-functie, de verdere digitalisering van processen en het versterken van samenwerking tussen domeinen en afdelingen. Hiermee is een belangrijke basis gelegd voor verdere professionalisering van de organisatie. Tegelijkertijd moet worden vastgesteld dat veel van deze verbeteringen nog in ontwikkeling zijn en nog niet op alle onderdelen hebben geleid tot aantoonbare of structurele resultaten. Het daadwerkelijk verankeren van deze veranderingen in de dagelijkse praktijk vraagt tijd en blijvende aandacht. Ontwikkeling van medewerkers Er is geïnvesteerd in de ontwikkeling van medewerkers om hen toe te rusten voor een veranderende rol van de overheid. Medewerkers zijn gestimuleerd om hun vakmanschap te versterken, samen te werken binnen en buiten de organisatie en hun omgevingsbewustzijn te vergroten.

De effecten van deze investeringen worden geleidelijk zichtbaar en zullen zich uitkristalliseren. Een structurele investering in de ontwikkeling van medewerkers blijft nodig om de complexe en veranderende opgaven integraal te benaderen. Versterking van sturing en beheersing In 2025 is gewerkt aan het versterken van het fundament van de organisatie. Er is aandacht besteed aan interne beheersing, de planning- en control cyclus, risicomanagement en het op orde brengen van de informatiehuishouding. Zo is gewerkt aan de verdere ontwikkeling van de control-functie, het verbeteren van procesbeschrijvingen en het versterken van de samenwerking tussen business control en interne controle. We constateren dat op deze onderdelen stappen zijn gezet, maar dat de kwaliteit van de interne beheersing op onderdelen nog voor verbetering vatbaar is en dat verdere ontwikkeling nodig is voordat deze volledig effectief functioneert. Ook op het gebied van risicomanagement en prestatiesturing geldt dit wat onderdeel uitmaakt van de verdere doorontwikkeling. Door sturing te blijven houden op transparantie en verantwoording vergroten we het vertrouwen van inwoners, bestuurders en samenwerkingspartners van de SED-organisatie. Digitalisering en informatievoorziening In 2025 is gewerkt aan het versterken van de basis van de informatievoorziening en het verbeteren van de sturing op ICT-ontwikkelingen.

Met de inrichting van het Regieplatform Informatie is meer samenhang aangebracht in het ICT-projectportfolio en is beter inzicht ontstaan in prioriteiten en capaciteit. Daarnaast zijn stappen gezet in de verdere digitalisering van dienstverlening en in de verbetering van informatiebeheer en gegevenskwaliteit. Deze ontwikkelingen dragen bij aan een betere ondersteuning van de organisatie, maar vragen ook in de komende jaren verdere uitwerking en borging.

4

Financieel resultaat De SED-organisatie heeft 2025 met een positief financieel resultaat afgesloten. Het exploitatiesaldo voor de berekening van de bijdrage laat een overschot van afgerond € 462.000 zien ten opzichte van de begroting, dit is afgerond 0,8% van de begroting. Het positieve financieel resultaat wordt veroorzaakt door: -

-

Effecten cao-wijziging; zoals aangekondigd in de najaarsnota 2025 worden de loonkosten aangepast aan autonome ontwikkelingen, zoals nieuwe cao-afspraken en wijzigingen in werkgeverslasten. In de begroting 2025 is voor de loonontwikkeling uitgegaan van de loonindexering op basis van de regionale richtlijn voor gemeenschappelijke regelingen NoordHolland Noord. Na vaststelling van de nieuwe cao, blijkt dat het daadwerkelijke loonpercentage lager uitvalt. Dit levert structureel een voordeel op. Onderbestedingen van de incidentele projectgelden HR-applicatie en implementatie Wet Openbare Overheid (hierna te noemen Woo).

Het resultaat is in lijn met de verwachtingen en wordt conform de verdeelsleutel over de deelnemende gemeenten afgerekend. Samenvattend Wat in 2025 is bereikt, is een verdere stap naar een professionele, wendbare en betrouwbare organisatie. Door gelijktijdig te investeren in mensen, processen en beheersing is de basis versterkt en weten we welke stappen wij moeten zetten om ook in de komende jaren maatschappelijke opgaven effectief en zorgvuldig te blijven ondersteunen. Vooruitblik In 2026 richten we ons op het verder verankeren van de ingezette verbeteringen binnen onze organisatie. Doorontwikkeling op sturing en beheersing blijft belangrijk evenals investeren in onze medewerkers, digitalisering en informatievoorziening. Door deze stappen voort te zetten, werkt de SED-organisatie aan een stabiele en toekomstbestendige organisatie die de gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland blijvend kan ondersteunen bij hun maatschappelijke opgaven en haar inwoners. We danken alle medewerkers, bestuurders en partners voor hun inzet en samenwerking in het afgelopen jaar. Samen blijven we werken aan een sterke, toekomstbestendige SED-organisatie

5

3.

Programma bedrijfsvoering

Hebben we bereikt wat we wilden bereiken? In 2025 heeft de SED-organisatie ingezet op het versterken van de organisatiekracht om ook in de toekomst goede dienstverlening te kunnen blijven leveren aan inwoners, ondernemers en de besturen van Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland. Deze inzet was noodzakelijk in een context van toenemende maatschappelijke opgaven, een krappe arbeidsmarkt en financiële onzekerheden. De resultaten over 2025 laten zien dat gericht is gewerkt aan het vergroten van samenhang, wendbaarheid en betrouwbaarheid van de organisatie, met oog voor zowel de leefwereld van inwoners als de systeemwereld van wet- en regelgeving.

Wat hebben we daarvoor gedaan? Digitalisering als katalysator In 2025 lag de focus van de afdeling Informatie op het versterken van de basis en het verbeteren van de sturing op ICT en informatievoorziening, mede ter voorbereiding op DeSom 2.0. Een belangrijke stap hierin was de oprichting van het Regieplatform Informatie. Dit platform vervult een centrale rol bij het aanbrengen van samenhang, prioritering en fasering binnen het ICT-projectportfolio en zorgt voor afstemming tussen ambities, beschikbare capaciteit en organisatie brede ontwikkelingen. Vanuit het Regieplatform is in 2025 gestuurd op de uitvoering van projecten die aansluiten bij de doelstellingen uit de begroting op het gebied van digitalisering en dienstverlening. Door te werken met een vastgestelde projectkalender is meer grip ontstaan op de planning en onderlinge samenhang van projecten en is bewust gestuurd op beheersbaarheid en uitvoerbaarheid. Binnen deze aanpak zijn in 2025 diverse projecten succesvol afgerond en geïmplementeerd. Zo zijn belangrijke stappen gezet in de verdere digitalisering van de dienstverlening aan inwoners en ondernemers. Onder meer zijn aanpassingen doorgevoerd binnen het WOZ-systeem, is de online betaalfunctionaliteit voor onder andere vergunningen verder ingericht en zijn processen rondom belastingen en heffingen verbeterd.

Deze ontwikkelingen dragen bij aan een efficiëntere, toegankelijkere en klantgerichtere dienstverlening. Daarnaast is in meerdere domeinen gewerkt aan de modernisering en optimalisatie van ondersteunende systemen, onder andere op het gebied van handhaving, vastgoedbeheer, bedrijfsvoering en subsidieverstrekking. Hiermee is invulling gegeven aan de in de begroting geformuleerde ambitie om processen te vereenvoudigen, administratieve lasten te verlagen en de betrouwbaarheid van gegevens te vergroten. Op het gebied van robotisering is in 2025 bewust gekozen voor een consoliderende fase. De focus lag op procesverbetering en applicatie-optimalisatie, zodat deze beter aansluiten bij de behoeften van de organisatie. Hiermee is een stevige basis gelegd voor verdere digitalisering en automatisering in de toekomst. Op het terrein van kwaliteitszorg informatiebeheer is in 2025 eveneens een belangrijke stap gezet. In aansluiting op het in 2024 vastgestelde kwaliteitszorgsysteem en het gebruik van het informatiemanagementsysteem is gestart met het daadwerkelijk vullen van deze instrumenten. De interviews binnen de organisatie zijn afgerond. Dit heeft geleid tot een beter inzicht in processen, informatiestromen, risico’s en de verwerking van persoonsgegevens.

Hiermee wordt structureel gewerkt aan verbetering van het informatiebeheer, mede in het kader van het Interbestuurlijk Toezicht Informatiebeheer. Daarnaast is in 2025 gestart met de aanschaf en implementatie van een nieuwe HRapplicatie. Deze verandering vroeg een aanzienlijke inspanning van de organisatie, maar leidt uiteindelijk tot meer overzicht, gebruiksgemak en efficiëntie voor medewerkers, leidinggevenden en HR. Hiermee is een belangrijke stap gezet in de verdere professionalisering en ondersteuning van het HR-proces. 6

Mens in ontwikkeling Door de afnemende steun van de rijksoverheid krijgen gemeenten steeds meer verantwoordelijkheden. Het programma Mens in ontwikkeling ondersteunt medewerkers hierbij door te investeren in opleidingsmogelijkheden, vitaliteit en gezond werken, met als doel talent te behouden en medewerkers duurzaam inzetbaar te houden. Het onboardingsprogramma, gericht op een warm welkom en een goede start, is verder verankerd in de organisatie en wordt positief ontvangen. Nieuwe medewerkers worden actief begeleid door buddy’s, wat bijdraagt aan een snelle en prettige start en de onderlinge kennisdeling en betrokkenheid versterkt. Daarnaast is het aantal stagiairs toegenomen en zijn voor het eerst ook leerlingen vanuit de beroepsbegeleidende leerweg (BBL) ingezet. Hiermee wordt geïnvesteerd in de ontwikkeling van toekomstig talent en wordt een frisse blik in de organisatie gebracht. Door in te zetten op leren en ontwikkelen in de praktijk, via on-the-job training en interne begeleiding, hebben meerdere medewerkers de mogelijkheid gekregen om zich zowel horizontaal als verticaal binnen de organisatie te ontwikkelen en door te stromen. De samenwerking met de West-Friesland Academie is geïntensiveerd in het kader van leren en ontwikkelen. Tevens zijn concrete stappen gezet in het aanbod op het gebied van leren, ontwikkelen en vitaliteit.

Een belangrijk onderdeel hiervan is de succesvolle ontwikkeling en implementatie van #SAM. Dit platform biedt medewerkers laagdrempelig toegang tot praktische en preventieve welzijnstrainingen rondom thema’s als levensfasen, leefstijl, life events en mentale weerbaarheid. Daarmee sluit het goed aan bij de behoefte aan een leven lang leren en duurzame inzetbaarheid. Inspelen op veranderende opgaven Om wendbaar te blijven in een veranderende maatschappelijke en organisatorische context zijn in 2025 belangrijke stappen gezet. De focus lag op het versterken van samenwerking, communicatie en zichtbaarheid, zowel intern als extern, evenals op procesmatig werken en sturingsinformatie. De organisatieontwikkeling bevindt zich inmiddels in de uitvoerende fase.

De stappen die zijn gezet op het gebied van persoonlijke ontwikkeling van medewerkers om beter in te spelen op veranderende opgaven zijn toegelicht onder het onderdeel Mens in ontwikkeling. Op het gebied van dienstverlening lag de focus op het verkorten van de gemiddelde afhandelingstermijn van terugbelverzoeken. In 2025 is de SED-organisatie 49.961 keer telefonisch benaderd. In 10.052 gevallen is een terugbelverzoek aangemaakt omdat de vraag niet direct kon worden beantwoord. Gedurende het jaar is de gemiddelde doorlooptijd van deze terugbelverzoeken teruggebracht van zeven naar drie werkdagen. De daling wordt hieronder visueel weergegeven: 7

Betrouwbaarheid versterken Betrouwbaarheid vormt de kern van het functioneren van de organisatie. In 2025 is gewerkt aan het versterken van het imago en het opbouwen van vertrouwen bij inwoners en andere stakeholders. Wat hebben we gedaan? • • • •

Ontwikkeling van risicobeheerbeleid ter ondersteuning bij het identificeren, beoordelen en beheersen van risico’s; Inrichting van processen om actief relevante informatie te delen met belanghebbenden, ondersteund door wetgeving zoals de Wet open overheid (Woo); Implementatie van een nieuwe ICT-applicatie ter ondersteuning van de planning-en-control cyclus en het doorvoeren van verbeteringen in de P&C-processen; Inrichting van het Regieplatform Informatie, waardoor integraal zicht is ontstaan op de ICTprojectenkalender en essentiële processen via applicaties beter worden ondersteund.

8

Wat heeft het gekost? Overzicht lasten Hieronder wordt een overzicht van de lasten getoond, per categorie wordt een toelichting gegeven. Begroting Gewijzigde Rekening Saldo 2025 begroting 2025 2025

Lasten (bedragen x €1.000) Personeelslasten Salaris en kosten tijdelijke vervanging Overige kosten personeel Subtotaal Kosten buiten verdeelsleutel Personele kosten Doorbelasting kosten Oekraïne Subtotaal Facilitair, ICT, Werkplaats en huisvesting Facilitair ICT Huisvesting gemeenten en kosten Werkplaats Subtotaal Overig Onvoorzien Accountantskosten Overige exploitatielasten Subtotaal Vennootschapsbelasting Totaal lasten

37.033 2.540 39.572

37.991 2.658 40.649

37.664 2.261 39.925

327 397 724

1.305 0 1.305

5.997 1.666 7.663

5.754 1.695 7.449

243 -29 214

809 5.197 1.364 7.370

854 6.934 1.296 9.085

800 7.054 1.645 9.500

54 -120 -349 -415

54 62 36 151

54 62 143 258

0 61 211 272

54 1 -68 -14

0

0

0

0

48.398

57.655

57.145

509

Personeelslasten - Salaris en kosten tijdelijke vervanging (€ 327.000) In de najaarsnota 2025 is een passage opgenomen over de gevolgen van de nieuwe cao. Op basis van de vastgestelde cao is er in 2025 een voordeel van € 528.000 gebleken in de begroting. Dit komt omdat de loonindexatie (3,15%) lager lag dan de loonindexering (3,68%) waarmee in de begroting 2025 rekening was gehouden. Zonder dit voordeel, was er een tekort geweest op de personeelslasten. Personeelslasten - Overige kosten personeel (€ 397.000) Het voordeel is ontstaan doordat er afgerond € 85.000 aan opleidingsbudget niet uitgegeven is, afgerond 91% van het opleidingsbudget is wel besteed aan ontwikkelingsdoeleinden. Op het mobiliteitsbudget is minder uitgegeven dan begroot, namelijk € 170.000. En er is een incidenteel voordeel van € 142.000. Dit incidenteel voordeel komt doordat er overheadkosten personeel gedekt zijn vanuit het projectgeld Oekraïne. Verder zijn er kleinere voor- en nadelen binnen deze categorie die nauwelijks invloed hebben gehad op het resultaat.

9

Kosten buiten verdeelsleutel (€ 243.000 lasten) Net als voorgaande jaren heeft de SED-organisatie ook in 2025 werkzaamheden uitgevoerd waarvan de budgetten in de gemeentelijke begrotingen zijn opgenomen. In 2025 zijn deze werkzaamheden ook geraamd in de SED-begroting zowel aan de lasten als aan de batenkant. Per saldo zijn de afwijkingen in baten en lasten budgettair neutraal. Kosten buiten de verdeelsleutel - Opvang Oekraïne (€ 29.000 lasten) De SED-organisatie levert inzet voor het project Opvang Ontheemden Oekraïense vluchtelingen. Dit gebeurt door inzet van interne medewerkers en daarnaast ook inhuur van externen. De doorbelasting van deze inzet wordt volgens afspraak met de 3 gemeentebesturen evenredig verdeeld. Ter dekking van deze kosten ontvangen de gemeenten een vergoeding van de rijksoverheid via de bekostigingsregeling per gerealiseerde opvangplek. In 2025 zijn deze werkzaamheden ook geraamd in de SED-begroting zowel aan de lasten als aan de batenkant. Per saldo zijn de afwijkingen in baten en lasten budgettair neutraal. Facilitair, Huisvesting gemeenten en kosten Werkplaats (- € 349.000) Zoals aangekondigd in de najaarsnota 2025 is het stadskantoor Enkhuizen afgestoten en moeten de afschrijvingskosten, die anders nog 15 jaar zouden doorlopen, in één keer afgeboekt worden.

Het nadeel dat nu via de verdeelsleutel over de drie gemeenten wordt verdeeld, komt in de komende 15 jaar weer als voordeel via de bijdragen terug. De afschrijvingskosten bedragen € 209.654,74. Om aan de fiscale regels te voldoen, moeten de huisvestingslasten vanuit de gemeenten worden doorberekend aan de SED-organisatie. Hier is in de begroting slechts gedeeltelijk rekening mee gehouden en levert daarom een overschrijding op van € 129.079. Voor de gemeenten is deze financiële verwerking budgettair neutraal. Verder zijn er kleinere voor- en nadelen met een negatief effect van afgerond € 10.000. ICT (- €120.000) Zoals eerder aangekondigd leiden de ontwikkelingen rondom verSaaSing tot hogere (structurele) licentiekosten, dit is grotendeels onvermijdelijk. Op korte termijn is deze situatie beheersbaar, maar naarmate projecten verder worden uitgerold, zullen ook de lasten toenemen. Voor de komende jaren betekent dit dat aanvullend budget noodzakelijk zal zijn. Zodra de totale financiële gevolgen van deze ontwikkelingen1 volledig in beeld zijn gebracht, zal mogelijk een aanvullende budgetaanvraag voorbereid worden. Het nadelige saldo op de ICT-kosten wordt grotendeels verklaard door: -

De toenemende licentiekosten € 351.000,-.

Het tekort door licentiekosten wordt opgevangen door de onderbesteding van incidentele projectgelden: -

WOO-projectbudget €123.000,-. HR-applicatie projectbudget 85.000,-.

Om aan de fiscale regels te voldoen, moeten de kosten voor DeSom vanuit de gemeenten worden doorberekend aan de SED-organisatie. In 2025 is meer begroot dan doorberekend en levert een voordeel op van € 23.000. Voor de gemeenten is deze financiële verwerking budgettair neutraal.

1 De gemeenten zijn deelnemer van DeSom, de SED is volgend in de besluiten die door de gemeenteraden worden genomen.

10

Onvoorzien (€ 54.000) De post onvoorzien is in 2025 niet ingezet. Overige lasten - Overige exploitatielasten (- € 68.000) De overschrijding wordt grotendeels veroorzaakt door gemeente specifieke uitgaven. Deze worden door de SED-organisatie ingekocht en middels een nota gefactureerd aan de betreffende gemeente. Te denken valt dan aan kosten voor regionale projecten, aktepapier of een deursticker met gemeentelogo. Op de overige baten is hierdoor een overschot zichtbaar. Overzicht baten Hieronder wordt een overzicht van de baten getoond, per categorie wordt een toelichting gegeven. Begroting 2025

Baten (bedragen x €1.000) Baten - overig Diverse baten Vergoeding RSW, AWBF en DeSom uitvoering administratie Subtotaal Baten - kosten buiten verdeelsleutel Personele kosten buiten verdeelsleutel Doorbelasting kosten Oekraïne Subtotaal

Gewijzigde Rekening Saldo begroting 2025 2025 -125

-174

49

-200

-226

-344

117

-200

-351

-517

166

-1.305 -1.305

-5.997 -1.666 -7.663

-5.754 -1.695 -7.449

-242 29 -214

46.893

49.641

49.179

462

-46.893 -46.893

-49.641 -49.641

-49.179 -49.179

-462 -462

-48.398

-57.655

-57.145

-509

Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten

0

0

0

0

Toevoeging reserves Onttrekking reserves

0 0

0 0

0 0

0 0

Gerealiseerd resultaat

0

0

0

0

Exploitatiesaldo; Basis voor berekening bijdrage Baten – bijdragen gemeenten Bijdrage gemeenten aan de SED Subtotaal Totaal baten

Overige baten (€ 166.000) De overige baten zijn hoger dan begroot als gevolg van; -

Er zijn meer detacheringsinkomsten ontvangen dan begroot; € 49.000,-. Vanuit de RSW en AWBF is meer ontvangen dan begroot € 33.000,-. Dit verschil komt omdat deze GR-en de begroting met andere bestuurlijke uitgangspunten indexeren, dan de SED-organisatie. Ook is van DeSom € 11.000,- ontvangen voor het gebruik van de financiële applicatie, dit bedrag was niet begroot. Inkomsten van de verstuurde nota’s voor gemeente specifieke uitgaven, voor 2025 bedroegen deze inkopen gezamenlijk € 61.000,-. Hier staan lasten tegenover in de categorie “Overige lasten Overige exploitatielasten”. Verder zijn er kleine voor- en nadelen, denk hierbij aan vergoeding van zorgverzekeraar (€ 3.292) ten behoeve van vitaliteittrainingen, ontvangen rente (€ 1.360) en overname bedrijfskleding (€ 2.000). 11

Kosten buiten verdeelsleutel (€ 243.000 baten) Net als voorgaande jaren heeft de SED-organisatie ook in 2025 werkzaamheden uitgevoerd waarvan de budgetten in de gemeentelijke begrotingen zijn opgenomen. In 2025 zijn deze werkzaamheden ook geraamd in de SED-begroting zowel aan de lasten als aan de batenkant. Per saldo zijn de afwijkingen in baten en lasten budgettair neutraal. Kosten buiten de verdeelsleutel - Opvang Oekraïne (€ 29.000 baten) De SED-organisatie levert inzet voor het project Opvang Ontheemden Oekraïense vluchtelingen. Dit gebeurt door inzet van interne medewerkers en daarnaast ook inhuur van externen. De doorbelasting van deze inzet wordt volgens afspraak met de 3 gemeentebesturen evenredig verdeeld. Ter dekking van deze kosten ontvangen de gemeenten een vergoeding van de rijksoverheid via de bekostigingsregeling per gerealiseerde opvangplek. In 2025 zijn deze werkzaamheden ook geraamd in de SED-begroting zowel aan de lasten als aan de batenkant. Per saldo zijn de afwijkingen in baten en lasten budgettair neutraal. Bijdrage van gemeenten aan SED-organisatie (€ 462.000) Doordat er sprake is van een voordelig exploitatiesaldo en de jaarstukken van de SED-organisatie op basis van alle voorwaarden van de koepelvrijstelling geen saldo mag hebben, wordt het exploitatieresultaat conform de verdeelsleutel afgerekend met de deelnemende gemeenten.

Bij “Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien” wordt ingegaan op de financiële effecten per gemeente.

Verplichte indicatoren Indicator

Eenheid

Bron

Rekening 2025

Rekening 2024

Externe inhuur

Kosten als % van totale loonsom + totale kosten extern

Begroting SED

21,40%

21,22%

Overhead

% van totale lasten

Begroting SED

48,03%

49,20%

Overhead t.o.v. gemeenten

% van het totale begrotingstotaal van de gemeenten

Begroting SED Begroting gemeenten

13,52%

14,09%

De verplichte indicatoren over de overhead laten een vertekend beeld zien. Immers, de SED-organisatie werkt niet voor zichzelf maar voor de drie gemeenten. Het overhead percentage zou derhalve eigenlijk gerelateerd moeten zijn aan het begrotingstotaal van de drie gemeenten, daarom is regel 3 ‘Overhead t.o.v. gemeenten’ toegevoegd.

12

Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Bijdrage gemeenten Doordat er sprake is van een voordelig exploitatiesaldo en de jaarstukken van de SED-organisatie op basis van alle voorwaarden van de koepelvrijstelling geen saldo mag hebben, wordt het exploitatieresultaat conform de verdeelsleutel afgerekend met- en door de deelnemende gemeenten onderling. Begroting 2025

Baten (bedragen x €1.000) Exploitatiesaldo lasten en baten; basis voor berekening bijdrage 100%

Gewijzigde begroting

46.893

Werkelijke uitgaven 2025

Saldo 2025

49.641

49.179

462

Bijdrage Stede Broec

Percentage verdeelsleutel 33,71%

Werkelijke uitgaven 2025 16.578

Saldo 2025 156

Bijdrage Enkhuizen

36,52%

17.960

169

Bijdrage Drechterland

29,77%

14.640

138

100,00%

49.179

462

Bijdrage in de werkelijke uitgaven per gemeente

Totaal

Onvoorzien De post onvoorzien wordt in de begroting opgenomen voor uitgaven waarmee bij het opstellen van de begroting geen rekening wordt gehouden. Voor 2025 is een bedrag van € 54.000 begroot, dit budget is niet aangesproken. Overhead Conform de voorschriften in het Besluit Begroting en Verantwoording (hierna te noemen BBV) worden alle kosten die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces als overhead gepresenteerd. De kosten van overhead in SED-organisatie bestaan uit kosten voor salarissen, inhuur derden, ICT, facilitaire kosten, overige personeelskosten en overige overheadkosten. Het totaal van de overheadkosten bedraagt € 27.447.566. Bedragen x € 1.000) Lasten

Begroting 2025 30.724

Gewijzigde begroting 2025 32.964

Rekening 2025 27.448

Rekening 2024 26.249

Vennootschapsbelasting Er is in 2025 geen vennootschapsbelasting betaald.

13

3.1 Paragrafen a.

Weerstandsvermogen en risicobeheersing

Aanleiding en achtergrond Namens de gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland voert de SED-organisatie actief beleid op de beheersing van de risico’s die we gezamenlijk lopen. Door inzicht in de actuele risico’s worden de betrokken partijen in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen. De risico's van de SEDorganisatie zijn de bedrijfsvoeringrisico’s. Risico's Volgens de toelichting op artikel 11 BBV zijn de risico’s die relevant zijn voor het weerstandsvermogen de risico’s die niet anderszins te ondervangen zijn. Reguliere risico’s -risico’s die zich regelmatig voordoen en die veelal goed meetbaar zijn- maken geen deel uit van de risico’s in de paragraaf weerstandsvermogen. Hiervoor zijn immers verzekeringen afgesloten, voorzieningen gevormd of ze zijn begroot. Wij maken bij de risico-inventarisatie onderscheid tussen de SED-organisatie en de risico’s bij de gemeenten zelf. De bedrijfsvoeringrisico's zijn risico's voor de SED-organisatie en die worden hier genoemd. Voor 2025 is het totaal aan bedrijfsvoering risico's ingeschat op € 7 miljoen. Uitgangspunt is dat de SED-organisatie de rekeningresultaten volledig afwikkelt op de deelnemende gemeenten. De SED-organisatie kent als beschikbare weerstandscapaciteit geen reserves. Voor de beschikbare weerstandscapaciteit kan alleen de post onvoorzien worden meegenomen.

Als zich tegenvallers voordoen die niet opgevangen kunnen worden in de reguliere begroting of uit de post onvoorzien, komen deze ten laste van de 3 gemeenten. In evenredigheid van de verdeelsleutel wordt de benodigde weerstandscapaciteit meegenomen in de jaarrekening van de afzonderlijke gemeenten als risico bij de verbonden partij SED-organisatie. De geïnventariseerde risico’s staan in de tabel hieronder. Daarbij is een korte beschrijving van het risico en de getroffen/gewenste beheersmaatregel opgenomen. De kolom daarnaast geeft het maximaal financieel gevolg. Vervolgens wordt de kans op optreden en impact meegegeven. De laatste kolom geeft inzicht in het beslag dat het risico legt op de benodigde weerstandscapaciteit. Onderwerp risico

Datalek, cybercrime, en uitval ICT systemen

Beschrijving risico

Beheersmaatregel

Risico in €

Imagoschade door datalekken Redundante hacker activiteiten, systemen systemen en backuitzetten en aansprakelijkheid voor up data. schade.

7.000

Kans

Impact

2

5

Bedrag x Kans

2.100

Totaal risico Totaal van bovengenoemde risico's, in euro's:

2.100

Bedragen x € 1.000

14

Toelichting op bovenstaande risico De beschrijving omvat meerdere vormen van risico’s. Een eerste risico is het risico van informatie lekken vanuit extern en vanuit intern handelen, wat is samengevat als datalek. Een tweede risico betreft aanvallen op onze systemen van buitenaf middels cybercrime. Dit alles kan ook nog leiden tot het benoemde risico van imagoschade. Ten derde is het risico dat we systemen moeten uitzetten om hackers activiteiten te voorkomen. Ten vierde is het aansprakelijkheidsrisico wat wordt gelopen wanneer systemen worden gehackt en/of worden uitgezet. Het totale maximale financieel gevolg van risico’s van de SED-organisatie is € 2.100.000. De speelruimte voor weerstandscapaciteit ligt tussen de 75% en 90%. De minimale grens (75%) van de benodigde weerstandscapaciteit bedraagt € 1.575.000 miljoen en maximaal (90%) € 1.890.000 miljoen. In 2025 hebben zich geen significante problemen voorgedaan; het risico uit de risicoparagraaf hebben niet geleid tot een beroep op de algemene reserves van de gemeenten. Kengetallen 1./2. De netto schuldquote (gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen) weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Jaarrekening 2025

Begroting 2025

Jaarrekening 2024

1 Netto schuldquote

13%

15%

16%

2 Netto schuldquote gecor. voor alle verstrekte leningen

13%

15%

16%

3 Solvabiliteitsratio

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

4 Structurele exploitatieruimte

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

5 Grondexploitatie

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

6 Belastingcapaciteit

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Verloop van de kengetallen

Als kritische grens wordt 100% aangehouden (bron: VNG), hier blijft de SED-organisatie met 13% ruimschoots onder.

b.

Onderhoud kapitaalgoederen

In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de realisatie van het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen. Het gaat hierbij ook om het verlangde onderhoudsniveau, de (lange termijn) onderhoudsplanning voor alle belangrijke activa en het voorzieningenbeleid. De gemeenschappelijke regeling SED-organisatie heeft in 2015 gebouwen en inventaris verworven. Het onderhoud van deze gebouwen wordt geregeld door de deelnemende gemeenten van de gemeenschappelijke regeling. De onderhoudskosten worden door de gemeenten in rekening gebracht bij de SED-organisatie. Onderhoud kapitaalgoederen - Gemeentelijk vastgoed Het gemeentelijk vastgoed voldoet aan de daaraan gestelde kwaliteitseisen, conditieniveau 3 (redelijk). Hieraan wordt in 2025 voldaan met uitvoering van het meerjaren-onderhoudsprogramma. Er zijn slechts enkele specifieke uitzonderingen waar het gaat om panden die onderdeel zijn van een ontwikkeling of in 15

afwachting zijn van verdere plannen in de nabije toekomst. Ook wordt er gewerkt aan een strategisch vastgoedplan, dat klaar is in 2026, om de panden ook voor de toekomst goed te kunnen onderhouden en te verduurzamen.

c.

Financiering

De wet Financiering Decentrale Overheden (hierna te noemen FIDO) schrijft de decentrale overheden een aantal zaken voor op het gebied van financiering. Doel van deze wet is het bevorderen en transparant maken van het financieringsbeleid van de overheden. De transparantie komt daarbij tot uitdrukking in voorschriften voor een verplicht Treasurystatuut evenals een paragraaf financiering in de begroting en jaarrekening. In deze paragraaf worden ontwikkelingen aangegeven met betrekking tot de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de renterisiconorm, de verwachte toe- en afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van treasury. Het algemeen bestuur heeft het Treasurystatuut en hiermee het nadere beleid vastgesteld. De bijdragen van de deelnemende gemeenten zijn in beginsel toereikend voor de exploitatie uitgaven. Voor investeringen met een meerjarig nut kan het nodig zijn langlopende financiering aan te trekken. Zo is er in 2015 een langlopende geldlening van € 5.570.000 aangetrokken voor de financiering van een deel van het gemeentehuis van Drechterland en is in 2021 is langlopende geldlening van € 2.500.000 aangetrokken met een looptijd van 25 jaar. Hieronder een overzicht van de afgesloten geldleningen:

Geldgever

Gemeente Drechterland

BNG Bank Totaal

Rente percentage

Saldo Opgenomen Saldo Rente Aflossing 01-01-2025 in 2025 31-12-2025

0

4.317

0

0

139

4.178

0,23%

2.100

0

5

100

2.000

6.417

0

5

239

6.178

Bedragen x € 1.000 Schatkistbankieren Decentrale overheden zijn verplicht tot schatkistbankieren. Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Het verplicht schatkistbankieren is ingevoerd voor gemeenten, provincies, waterschappen, en gemeenschappelijke regelingen en geldt dus ook voor de SED-organisatie. Een leenfaciliteit, namelijk dat er ook via de schatkist geleend kan worden, is niet aan de orde. Door het Ministerie is een drempelbedrag vastgesteld dat op de rekening courant van de eigen bank mag blijven staan. Het drempelbedrag is het maximale bedrag dat een decentrale overheid over een heel kwartaal gezien dagelijks buiten de schatkist mag aanhouden. Door omstandigheden kan het voorkomen dat het drempelbedrag wordt overschreden, maar deze overschrijding moet dan op andere dagen in datzelfde kwartaal gecompenseerd worden door onder het drempelbedrag te blijven. Het drempelbedrag is vastgesteld op 0,75% van het begrotingstotaal met een minimum van € 250.000. Voor de SED-organisatie houdt dit in dat wanneer het saldo op de rekening courant hoger is dan € 362.000 dit moet worden afgeroomd naar de schatkist.

Het beheer is erop gericht dat deze situatie zich zo weinig mogelijk voordoet, Het saldo van de rekening courant is in 2025 onder het drempelbedrag gebleven. 16

Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft voor de SED-organisatie de maximale toegestane omvang van de kortlopende schuld (met een looptijd korter dan één jaar) weer. De belangrijkste vormen zijn kasgeldleningen en rekening-courantkrediet. Wettelijk moet worden overgegaan tot omzetting naar langlopende schulden zodra de limiet meer dan twee achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden. Het doel van deze limiet is het renterisico op korte financiering te beperken. De kasgeldlimiet wordt uitgedrukt in een percentage van het begrotingstotaal (8,2%) en bedraagt voor de SED-organisatie € 3.968.610 miljoen euro. Deze norm wordt in 2025 niet overschreden. Renterisiconorm De renterisiconorm bepaalt dat jaarlijks maximaal 20% van het begrotingstotaal onderhevig mag zijn aan renteherziening en herfinanciering. Van renteherziening is sprake, als in de leningsovereenkomst is bepaald dat de rente gedurende de looptijd in een bepaald jaar zal worden aangepast. Herfinanciering bestaat uit het totaal aan aflossingen van langlopende leningen, want het renterisico wordt verkleind door aflossingen in de tijd te spreiden. Voor de SED-organisatie bedraagt de renterisiconorm voor het jaar 2025 € 9.679.536 euro. De SED-organisatie blijft onder de renterisiconorm.

d.

Bedrijfsvoering

In de programmabegroting is sprake van één programma en dat is Bedrijfsvoering. Een paragraaf bedrijfsvoering zou in deze situatie niets extra’s toevoegen. Wij verwijzen u daarom naar de tekst bij de programmaverantwoording. Bedrijfsvoering Rechtmatigheid Inleiding In deze paragraaf bedrijfsvoering geeft het Dagelijks Bestuur een toelichting ten aanzien van onderwerpen die de rechtmatigheid raken. Er wordt aangegeven hoe de beheersing is vormgegeven en er is een nadere toelichting op alle afwijkingen die in de rechtmatigheidsverantwoording zijn opgenomen voor zover deze de rapportagegrens overschrijden. Ook wordt aangegeven welke maatregelen zijn of worden genomen om verbeteringen aan te brengen om het rechtmatig handelen in de toekomst afdoende in processen te waarborgen. Verantwoordingsgrens en rapportagegrens In de financiële verordening heeft het Algemeen Bestuur de verantwoordingsgrens vastgesteld op 2% van de totale lasten. De rapportagegrens is vastgesteld op € 100.000 euro. Dat wil zeggen dat in de paragraaf bedrijfsvoering de geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 100.000 nader worden toegelicht. In de Rechtmatigheids-verantwoording rapporteert het Dagelijks bestuur over afwijkingen met een verantwoordingsgrens van 2% van de totale lasten van de SED-organisatie. Voor 2025 is deze grens € 1.142.900 miljoen euro.

Organisatie Om tot een rechtmatigheidsverantwoording te komen onderzoekt het Dagelijks Bestuur onder meer de opzet, bestaan en werking van de processen. De manier waarop dit onderzoek wordt uitgevoerd wordt jaarlijks beschreven in het IC-VIC-plan (waarbij IC staat voor Interne Controle en VIC voor Verbijzonderde Interne Controle). De beheersing van de bedrijfsvoering is ingericht langs het model van de ‘three lines of defence’: 1. 2.

Interne controlemaatregelen worden belegd in de lijnorganisatie. Dit zijn interne beheers/controlemaatregelen die zijn ingericht in processen; Interne controlefuncties/functionarissen die het lijnmanagement ondersteunen;

17

3.

Verbijzonderde interne controle die de werking van de eerste en tweede lijn controleert (team concern control). In 2025 werken de processen nog niet optimaal volgens het model van de ‘three lines of defence’, hierdoor zijn er meer gegevens gerichte werkzaamheden nodig.

De verbijzonderde interne controle (3e verdedigingslinie) is een aanvulling op de reguliere interne controle (2e verdedigingslinie), in die zin dat een objectief oordeel gegeven wordt over de opzet, het bestaan en de werking van de interne controles en beheersingsmaatregelen (1e verdedigingslinie). De focus ligt hierbij op de processen met de grootste (financiële en maatschappelijke) risico’s, zoals opgenomen in het IC-VIC plan. Het IC-VIC plan is in 2025 uitgevoerd en de resultaten van de werkzaamheden zijn aangeboden voor het controle dossier van de accountant. Uitkomsten van het onderzoek Begrotingscriterium Bij de toetsing op het begrotingscriterium wordt vastgesteld of alle begrotingsafwijkingen passen binnen het kader van de door het AB vastgestelde begroting. Er is sprake van begrotingsonrechtmatigheden wanneer: • • • • •

de door het AB vastgestelde budgetten voor wat betreft de lasten zijn overschreden de door het AB vastgestelde budgetten voor wat betreft de investeringsbudgetten zijn overschreden toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves niet door het AB zijn vastgesteld bij onderschrijdingen van lasten of investeringsbudgetten de onderschrijdingen niet tijdig zijn gemeld aan het AB bij lagere of hogere baten dan begroot deze mutaties niet tijdig zijn gemeld aan het AB

In de vastgestelde financiële verordening is vastgelegd dat onderschrijding en overschrijding van de baten en ook onderschrijding van de lasten die zich voordoen na de laatste bestuur rapportage nader worden toegelicht in de verschillenverklaring van de jaarrekening. Daarmee wordt het AB bij de jaarrekening tijdig geïnformeerd over deze afwijkingen. Bevindingen De volgende afwijkingen groter dan de rapportagegrens zijn geconstateerd:

Omschrijving 1a. Overschrijding lasten programma 1b. Overschrijding investeringsbudgetten 2. Ongeautoriseerde reservemutaties Overschrijding van baten en/of onderschrijding van lasten en 3. baten die niet tijdig tot een begrotingswijziging hebben geleid of te laat zijn gemeld. 4. Totaal begrotingsonrechtmatigheden (punt 1a / punt 3)

Conform afspraak beschouwd als acceptabel ja/nee

Bedrag 0,00 0,00 0,00

ja ja ja

0,00

ja

0,00

ja

5.

Totaal van de begrotingsonrechtmatigheden (onderdeel 1 en 2) dat past binnen het vooraf door het algemeen bestuur vastgestelde beleid en daarmee vooraf als acceptabel is geduid.

0,00

ja

6.

Resterend saldo als begrotingsonrechtmatigheid (punt 4 - punt 5)

0,00

ja

Bedragen x € 1.000

Voorwaardencriterium Bij het voorwaardencriterium wordt onderzocht of de wijze van besteding en inning van gelden voldoet aan de financiële regels zoals opgenomen in de regelgeving die is opgenomen in het normenkader. In 2025 zijn voor de SED-organisatie de volgende processen onderdeel geweest van de verbijzonderde interne controle: Personeelskosten en het volgen van het inkoop en aanbestedingsbeleid. 18

Bevindingen Hieronder een overzicht van geconstateerde afwijkingen per proces en maatregelen die genomen worden om dergelijke onrechtmatigheden in de toekomst te voorkomen. Proces c.q. onderwerp

Omschrijving onrechtmatigheid Applicaties

Inkoop en EU aanbestedingen Overige inkopen

Eigen Personeel

Geen bevindingen

Totaalbedrag onrechtmatigheden

Bedrag

Toelichting en beheersmaatregelen

Voor applicaties geldt dat er driemaal nieuwe kosten op oude onrechtmatigheden zijn gemaakt. Voor deze 377.282 groep is enkel de besteding in 2025 als onrechtmatig genomen. Voor overige inkopen geldt tweemaal een voortzetting oude onrechtmatigheid, eenmaal een onrechtmatigheid 190.142 naar aanleiding van overschrijding EUaanbestedingsgrens en eenmaal een overschrijding van de opdrachtwaarde die EU is aanbesteed. 0 Het totaal bedrag van de onrechtmatigheden inzake het voorwaarden criterium is lager dan de 567.423 verantwoordingsgrens van 2% en wordt daarom niet opgenomen in de rechtmatigheids-verantwoording.

Overige onderwerpen in het kader van het voorwaardencriterium Wet Fido De kadernota rechtmatigheid geeft een stellige uitspraak dat niet-financiële onrechtmatigheden in verband met het niet naleven van bepalingen in de wet FIDO en bijbehorende Regelingen moeten worden opgenomen en toegelicht in de paragraaf bedrijfsvoering. Er zijn bij de SED-organisatie in 2025 geen nietfinanciële onrechtmatigheden in het kader van de wet FIDO geconstateerd. Onroerende zaak transacties en staatssteun De SED-organisatie heeft één onroerende zaak transactie gedaan, stadskantoor Enkhuizen. Wet normering Topinkomens Er zijn geen personen met een dienstbetrekking die in 2025 een bezoldiging boven het individueel toepasselijk drempelbedrag van € 246.000 hebben ontvangen. M&O criterium In de notitie Beleid Misbruik & Oneigenlijk gebruik staan de uitgangspunten om het risico op misbruik en oneigenlijk gebruik zo laag mogelijk te hebben, te voorkomen, te bestrijden of te detecteren. De notitie beschrijft de waarborgen ter voorkoming of vermindering van het risico op misbruik en oneigenlijk gebruik, de uitgangspunten voor het M&O beleid en de verantwoordelijkheden binnen de organisatie. Vervolgens gaat de notitie in op de risicogebieden in de verschillende domeinen.

Deze risico’s worden door middel van een periodieke inventarisatie geactualiseerd en er wordt geïnventariseerd of een risico zich heeft voorgedaan. De notitie gaat verder in op de maatregelen die genomen zijn in het kader van de Algemene verordening Gegevensbescherming, de Baseline Informatiebeveiliging Overheid (BIO), ondermijning en de Wet bevordering Integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur (BIBOB).

19

Bevindingen Tijdens het uitvoeren van de interne controles en verbijzonderde interne controles over 2025 zijn de betrokken processen getoetst. Deze toetsing heeft niet geleid tot feitelijke constateringen wat betreft misbruik, oneigenlijk gebruik of fraude met betrekking tot de inzet en aanwending van gemeentelijke middelen. Monitor rechtmatigheidsverantwoording A Resterend saldo begrotingsonrechtmatigheden B Saldo onrechtmatigheden voorwaarden criterium C Saldo onrechtmatigheden Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium Totaal rechtmatigheidsfouten (A+B+C) Verantwoordinggrens: 2% van afgerond € 57 miljoen

e.

Bedrag 0 567.423 0 567.423 1.142.900

Openbaarheidsparagraaf

De Wet open overheid (Woo) stelt eisen aan de wijze waarop overheden omgaan met transparantie en informatiebeheer. De wet verplicht onder meer tot passieve openbaarmaking van Woo-verzoeken, het actief openbaar maken van elf informatiecategorieën en het structureel op orde brengen van de informatiehuishouding. In de begroting 2025 is opgenomen dat de SED-organisatie deze verplichtingen projectmatig invult en daarbij aansluiting zoekt bij de landelijke planning, met als doel de actieve openbaarmaking gefaseerd te realiseren. Passieve openbaarmaking De afhandeling van Woo-verzoeken is binnen de SED-organisatie structureel ingericht en in 2024 verder geoptimaliseerd. In 2025 is het aantal ingediende Woo-verzoeken gestabiliseerd ten opzichte van 2024. In onderstaande tabel is de ontwikkeling van het aantal Woo-verzoeken over de afgelopen jaren weergegeven, inclusief de omvang van de openbaar gemaakte informatie. Zie onderstaande tabel. Jaar

Aantal ingediende Woo-verzoeken

Nog in behandeling uit voorgaande jaar

Openbaar gemaakte Openbaar gemaakte documenten pagina's

2022

34

-

-

-

2023

98

-

-

-

2024

121

-

7.491

43.120

2025

116

31

5.053

39.354

20

Actieve openbaarmaking Binnen de SED-organisatie worden de volgende informatiecategorieën actief openbaar gemaakt: • • • • • •

Wetten en algemeen verbindende voorschriften. Overige besluiten van algemene strekking. Informatie over organisatie en werkwijze. Bereikbaarheidsgegevens. Woo-verzoeken. Convenanten. Aantal 2025

Aantal 2024

Informatie over organisatie en werkwijze.

7

7

Bereikbaarheidsgegevens.

9

9

WOO- verzoeken.

48

42

Convenanten.

0

1

Categorieën Wetten en algemeen verbindende voorschriften. Overige besluiten van algemene strekking.

In 2025 is onderzoek gedaan naar geschikte publicatieplatformen en is het deelproject Functionele eisen publicatieplatform afgerond. De keuze voor een definitief publicatieplatform vindt plaats in 2026. De doelstelling om in 2025 alle elf verplichte informatiecategorieën actief openbaar te maken is niet gerealiseerd. Dit hangt samen met stagnatie in landelijke ontwikkelingen en voorzieningen. Naar aanleiding hiervan is in 2025 een herijking uitgevoerd van het Woo-project. De regie over de verdere implementatie is belegd bij de afdeling Informatie. De uitwerking van de resterende informatiecategorieën vindt plaats zodra de landelijke planning bekend is. Informatiehuishouding Het op orde brengen van de informatiehuishouding valt onder de regie van de afdeling Informatie. De SEDgemeenten hebben hiervoor tot 2030 de tijd. In 2025 is gewerkt conform de VNG-handreiking Grip op Informatie en zijn onder andere de projecten Migrato (archivering oude netwerkschijf) en I-navigator (vastleggen en structureren van processen) opgestart. Deze projecten dragen bij aan een duurzame informatiehuishouding en vormen een randvoorwaarde voor verdere uitvoering van de Woo.

21

4.

Jaarrekening

4.1 Grondslagen van waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden als gevolg van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden en overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken.

Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. Balans Vaste activa Materiële vaste activa met economisch nut: Deze materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs. Specifieke investeringsbijdragen van derden worden op de desbetreffende investering in mindering gebracht; in die gevallen wordt op het saldo afgeschreven. Slijtende investeringen worden in jaar na het moment van ingebruikneming lineair afgeschreven in de verwachte gebruiksduur, waarbij rekening wordt gehouden met een eventuele restwaarde. Op grond wordt niet afgeschreven. Er wordt gestart met afschrijven in het komende jaar nadat het actief gereedgekomen/ verworven is. Investeringen met economisch nut, welke lager zijn dan € 15.000 worden niet geactiveerd en direct ten laste van de exploitatie gebracht. Voor maatschappelijk nut ligt de grens op € 30.000. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, als deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke vermindering overigens niet plaatsgevonden. Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken.

De gehanteerde afschrijvingstermijnen bedragen in jaren: De gehanteerde afschrijvingstermijnen in jaren Grond Bedrijfsgebouwen Overige materiële vaste activa (inventarissen) Materieel Auto’s Overige voertuigen Verbouwingen Software ICT gerelateerde investeringen

niet 40 10 10 8 8 25 5 4 22

Vlottende activa Vorderingen en overlopende activa De vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. Voorzieningen Onder de voorzieningen zijn opgenomen de per 31 december 2025 voorzienbare verplichtingen, verliezen en/of risico’s, voor zover hiervan de omvang redelijkerwijs is in te schatten. De voorzieningen zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde. Vaste passiva Vaste schulden worden gewaardeerd tegen nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. De vaste schulden hebben een rente-typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Normenkader Het normenkader geeft het kader waarbinnen het Dagelijks Bestuur de financiële rechtmatigheid toetst en waarmee de accountant tot een oordeel over de rechtmatigheidsverantwoording als onderdeel van de jaarrekening kan komen. Het geactualiseerde normenkader is voor het verslagjaar 2025, vastgesteld op 24 maart 2026 door het Algemeen Bestuur. Het normenkader bevat een inventarisatie van voor de rechtmatigheidscontrole en accountantscontrole relevante externe en eigen regelgeving. De inventarisatie bevat alleen wet- en regelgeving, voor zover die bepalingen bevat over financiële beheershandelingen.

23

4.2 Overzicht van lasten en baten en toelichtingen Overzicht baten en lasten Het overzicht van baten en lasten voor de SED-organisatie wordt hieronder weergegeven, voor uitgebreide toelichting verwijzen wij u naar de paragraaf bedrijfsvoering. Lasten (bedragen x €1.000) Personeelslasten Salaris en kosten tijdelijke vervanging Overige kosten personeel Subtotaal Kosten buiten verdeelsleutel Personele kosten Doorbelasting kosten Oekraïne Subtotaal Facilitair, ICT, Werkplaats en huisvesting Facilitair ICT Huisvesting gemeenten en kosten Werkplaats Subtotaal Overig Onvoorzien Accountantskosten Overige exploitatielasten Subtotaal Vennootschapsbelasting Totaal lasten

Begroting 2025

Gewijzigde begroting 2025

Rekening Saldo 2025

37.033 2.540 39.572

37.991 2.658 40.649

37.664 2.261 39.925

327 397 724

1.305 0 1.305

5.997 1.666 7.663

5.754 1.695 7.449

243 -29 214

809 5.197

854 6.934

800 7.054

54 -120

1.364

1.296

1.645

-349

7.370

9.085

9.500

-415

54 62 36 151

54 62 143 258

0 61 211 272

54 1 -68 -14

0

0

0

0

48.398

57.655

57.145

509

24

Baten (bedragen x €1.000)

Begroting 2025

Overige baten Diverse baten Vergoeding RSW, AWBF en DeSom uitvoering administratie Subtotaal Doorbelasting kosten buiten verdeelsleutel Personele kosten buiten verdeelsleutel Doorbelasting kosten Oekraïne Subtotaal

Gewijzigde begroting 2025

Rekening Saldo 2025

125

174

49

200

226

344

117

200

351

517

166

1.305 1.305

5.997 1.666 7.663

5.754 1.695 7.449

-242 29 -214

-46.893

-49.641

-49.179

462

Bijdrage van gemeenten aan SED-organisatie Bijdrage Stede Broec Bijdrage Enkhuizen Bijdrage Drechterland Subtotaal

15.767 17.147 13.978 46.893

16.688 18.156 14.797 49.641

16.544 18.231 14.404 49.179

-144 74 -393 -462

Totaal baten

48.398

57.655

57.145

-509

Gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten

0

0

0

0

Toevoeging reserves Onttrekking reserves

0 0

0 0

0 0

0 0

Gerealiseerd resultaat

0

0

0

0

Exploitatiesaldo; Basis voor berekening bijdrage

Overzicht incidentele baten en lasten De onderstaande incidentele middelen zijn opgenomen in de begroting. Tegenover deze incidentele lasten staat ook een incidentele bijdrage vanuit de drie gemeenten. Het begrotingssaldo van SED bedraagt € 0. Incidentele lasten (bedragen x € 1.000) Wet Openbare Overheid

Begroting 2025

Gewijzigde Rekening Saldo begroting 2025 2025

167

167

44

123

Informatiemanagementsysteem

0

26

26

0

HR- Implementatie

0

256

171

85

Verhuuradministratie

0

34

32

2

Dashboarding Jeugd & WMO

0

45

40

5

Totaal incidentele lasten

165

528

313

215

25

•

• • • •

Wet openbare Overheid: Voor de implementatie van de Wet open overheid (Woo) is in 2025 budget beschikbaar gesteld voor de uitvoering van diverse activiteiten op het gebied van actieve openbaarmaking en de bijbehorende proces- en systeeminrichting. Het project is nog niet afgerond in 2025. Informatiemanagementsysteem: de implementatie van het informatiemanagement systeem is in 2025 afgerond. HR- applicatie: de implementatie van het AFAS HR-systeem is afgerond in 2025. Verhuuradministratie: het vastgoedbeheer systeem m.b.t. de verhuuradministratie is afgerond in 2025. Dashboarding Jeugd & WMO: Dit betreft de ontwikkeling en implementatie van een dashboard t.b.v. de monitoring en het prognosticeren van zorgkosten Jeugd & Wmo, implementatie is afgerond in 2025.

EMU-saldo Het (EMU-saldo) is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid. Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor gemeenschappelijke regelingen vindt een steekproef plaats wanneer deze een exploitatie heeft van € 20 miljoen of meer. Het EMU-saldo van de SED-organisatie voor 2025 bedraagt € 763.000. Deze was voor 2024 € 29.000. Informatie Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) De WNT is van toepassing op de SED-organisatie. Het voor de SED-organisatie toepasselijke bezoldigingsmaximum is in 2025 € 246.000 (Het Algemeen toepasselijk bezoldigingsmaximum). Topfunctionarissen met een totale bezoldiging van € 2.100 of minder: Naam topfunctionaris R.A.P. Wortelboer N.C.P. Slagter M.G.T. Visser P.A.C. van Ham J. Hoekstra-Sikkema J. Franx W. Hoogervorst W. Bijman P.F. Dijkman B.W. Diepstraten I. Brouwer M.H. ten Have J.C.N. Wagenaar

Functie Voorzitter DB en AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid DB en AB Lid AB Lid AB Lid AB Lid DB en AB tot 29-05-2025 Lid DB en AB vanaf 27-05-2025 Lid AB Lid AB Lid AB

Naast de hierboven vermelde topfunctionarissen zijn er geen overige functionarissen met een dienstbetrekking die in 2025 een bezoldiging boven het individueel toepasselijke drempelbedrag hebben ontvangen.

26

4.3 Balans per 31 december 2025 en toelichting Balans ACTIVA (bedragen x € 1.000)

31-12-2025

31-12-2024

6.798 6.798 6.798

7.404 7.404 7.404

Subtotaal

8.099 77 8.176

9.647 33 9.680

Subtotaal

131 131

52 52

524

525

524

525

Totaal vlottende activa

8.831

10.257

Totaal generaal

15.628

17.660

Vaste activa Materiële vaste activa Investeringen met een economisch nut Subtotaal Totaal vaste activa Vlottende activa Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Liquide middelen Banksaldi Overlopende activa Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen. Subtotaal

27

PASSIVA (bedragen x € 1.000)

31-12-2025

31-12-2024

Subtotaal

439 439

282 282

Subtotaal

2.000 4.178 6.178

2.100 4.317 6.417

Totaal vaste passiva

6.617

6.699

Vlottende passiva Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd < 1 jaar Overige schulden Subtotaal

5.232 5.232

7.535 7.535

Overlopende passiva Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouwd en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume. Subtotaal

3.779

3.426

3.779

3.426

Totaal vlottende passiva

9.011

10.961

Totaal generaal

15.628

17.660

0 0

0 0

Vaste passiva Voorzieningen Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's

Vaste schulden met een rente typische looptijd van > 1 jaar Onderhandse leningen van: Binnenlandse banken Openbare lichamen

Gewaarborgde geldleningen Garantstellingen

28

Materiële vaste activa De materiële vaste activa bestaan uit de volgende onderdelen: Onderdeel (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde 31-12-2025

Boekwaarde 31-12-2024

Investeringen met economisch nut

6.798

7.404

Totaal

6.798

7.404

Investeringen met economisch nut Het hierna opgenomen overzicht geeft het verloop van de boekwaarde van de overige investeringen met een economisch nut weer: Omschrijving (bedragen x € 1.000) Boekwaarde Investering Des Afschrijving Boekwaarde 31-12-2024 investering 31-12-2025 Gronden en terreinen 629 0 0 0 629 Bedrijfsgebouwen 4.612 0 0 369 4.243 Vervoermiddelen 1002 0 0 176 826 Machines, apparaten en installaties 971 251 0 235 987 Overig 191 0 0 77 114 Totaal 7.404 251 0 857 6.798

Toelichting investeringen economisch nut In 2025 zijn smartphones en laptops ingekocht met een gezamenlijke investering van € 231.357. Daarnaast is een snipperkar aangekocht met een boekwaarde van € 20.163. Verder is het stadskantoor van Enkhuizen in één keer afschreven á € 209.654,74 vanwege aanstaande sloopwerkzaamheden. Afsluiten investeringen De volgende investeringen zijn volledig benut en zijn afgesloten: Nummer 403065 403073 403066 403074 403072

Omschrijving 2024 laptops(K) 2025 Laptops(K) 2024 Smartphones(K) 2025 Smartphones(K) 2025 Snipperkar aanhanger

29

Uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een looptijd van één jaar of minder kunnen als volgt worden gespecificeerd. Omschrijving (bedragen x € 1.000)

Boekwaarde Voorziening Balanswaarde Balanswaarde

Vorderingen op openbare lichamen Rekening-courantverhouding met het Rijk Overige uitzettingen Totaal

31-12-2025 oninbaarheid 8.099 0 0 77 0 8.176 0

31-12-2025 8.099 77 8.176

31-12-2024 9.647 0 33 9.680

De vorderingen op openbare lichamen betreffen grotendeels de aan het eind van het jaar in rekening gebrachte bijdragen van de gemeenten. Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2025 31-12-2024

Omschrijving (bedragen x € 1.000) Banksaldi

131

52

Totaal

131

52

Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden: Boekwaarde Boekwaarde 31-12-2025 31-12-2024

Omschrijving (bedragen x € 1.000) Overige nog te ontvangen bedragen, en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van de volgende begrotingsjaren komen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16994495/1