9.2 SED Begroting 2022
Tekst van het document
Begroting 2022
1
Inhoudsopgave Inhoudsopgave .......................................................................................................................2 1.
Inleiding...........................................................................................................................3
2.
Financiële kaders begroting 2022....................................................................................4
3.
Programmaplan ...............................................................................................................6
4.
5.
6.
3.1
Programma bedrijfsvoering ......................................................................................6
3.2
Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien ...........................................10
Paragrafen ....................................................................................................................11 4.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing .............................................................11
4.2
Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................12
4.3
Financiering............................................................................................................13
4.4
Bedrijfsvoering .......................................................................................................14
Overzicht van baten en lasten en toelichting .................................................................15 5.1
Overzicht van baten en lasten ................................................................................15
5.2
Overzicht van incidentele baten en lasten ..............................................................15
Uiteenzetting van de financiële positie en toelichting .....................................................16
2
1.
Inleiding
Voor u ligt de Begroting 2022 van de SED Organisatie. Basis voor deze begroting is de Kaderbrief 2022 van de SED Organisatie. De begroting 2022 wijkt in financiële zin op drie onderdelen af van de Kaderbrief 2022: 1 Vooruitlopend op besluitvorming daarover zijn –gelet op de onbalans tussen taken en middelen- de volgende structurele budgetten toegevoegd: a. Bijraming salarissen ad € 1.500.000 en b. Bijraming Mobiliteitsbudget ad € 250.000 2 Vooruitlopend op besluitvorming daarover zijn de bijdragen van de gemeenten berekend op basis van de nieuwe verdeelsleutel, waarop het “groeipad, 2 e jaar” is toegepast 1); 3 De begroting 2022 kent een kleine toename van € 8.000 aan lasten als gevolg van afrondingen in de Kaderbrief 2022 (zie blz. 9) Motivering en onderbouwing van de onderdelen onder 1. wordt mondeling verstrekt in de drie-raden bijeenkomst van 19 mei 2021, waarna de raden nog een tekstuele toelichting zullen ontvangen. In de drie-raden bijeenkomst van 14 april jl. is de verdeelsleutel en het ingroeipad daarbij reeds toegelicht.
In deze begroting 2022 treft u vervolgens aan: 2 Financiële kaders begroting 2022 3 Programmaplan 2022 4 Paragrafen 5 Overzicht van baten en lasten 6 Uiteenzetting financiële positie De bedragen in de tabellen zijn, tenzij anders vermeld, maal € 1.000.
1)
Het groeipad houdt in dat in het eerste jaar (2021) de financiële gevolgen van de verdeelsleutel voor de gemeenten voor 1/3e wordt toegepast; in het tweede jaar (2022) voor 2/3e en in het derde jaar (2023) worden de financiële gevolgen geheel toegepast.
3
2.
Financiële kaders begroting 2022
Kaderbrief 2022 Voorafgaand aan het opstellen van de begroting 2022 zijn kaders daarvoor opgenomen in de -door het dagelijks bestuur opgestelde- Kaderbrief 2022 van de SED organisatie. Deze Kaderbrief is vervolgens voor zienswijze van de raden aan de deelnemende gemeenten aangeboden. De gemeenteraden hebben de volgende zienswijzen geformuleerd: Zienswijze raad Stede Broec De raad geeft een positieve zienswijze af over de kaderbrief 2022 van de SED organisatie. Zienswijze raad Drechterland De raad geeft een positieve zienswijze af over de Kaderbrief 2022 van de SED Organisatie. Zienswijze raad Enkhuizen In 2020 heeft het bestuur van de SED zich intensief gebogen over de verdeelsleutel die gehanteerd wordt voor het omslaan van de kosten van de samenwerking over de drie deelnemende gemeente. Tot op heden heeft dit niet geleid tot overeenstemming over een nieuwe verdeelsleutel. Vervolgafspraken zijn gemaakt om alsnog te komen tot een oplossing van dit vraagstuk in het voorjaar van 2021. In deze kaderbrief is de huidige verdeelsleutel die is toegepast afgelopen jaren dan ook nog opgenomen. De raad geeft een negatieve zienswijze af over de Kaderbrief 2022 SED Organisatie.
Daarnaast heeft de raad van Enkhuizen bij behandeling van de Kaderbrieven van de GR-en een amendement aangenomen waarin het college wordt gevraagd om in de AB 's van de regelingen de GR-en "blijvend op te roepen een bezuinigingstaakstelling te realiseren". Daar de negatieve zienswijze van de raad van Enkhuizen zich richt op de verdeelsleutel en niet op de inhoud en uitgangspunten in de Kaderbrief 2022 is de Begroting 2022 opgemaakt conform de kaders in de Kaderbrief 2022. Nieuwe verdeelsleutel en “dienstverlening onder druk” Vooruitlopend op besluitvorming is in deze ontwerp begroting 2022 de gemeentelijke bijdrage berekend met de nieuwe verdeelsleutel, waarbij tevens het groeipad is toegepast. Daarnaast zijn –eveneens vooruitlopend op besluitvorming- in het kader van ‘dienstverlening onder druk’ structurele budgetten toegevoegd voor salarissen (€ 1.500.000) en mobiliteit (€ 250.000). In de drie-raden bijeenkomst van 19 mei aanstaande zullen we deze budgetten nader motiveren en onderbouwen, waarna aan de raden een tekstuele toelichting wordt verstrekt. Loonindexatie en loonontwikkeling Jaarlijks wordt het budget voor loonkosten aangepast aan autonome ontwikkelingen, zoals de periodieken, wijzigingen in werkgeverslasten en -indien van toepassing- een nieuwe CAO.
Voor loonontwikkeling wordt uitgegaan van de CAO gemeenten (CAR-UWO) en als er nog geen nieuwe CAO is, dan wordt uitgegaan van de regionale richtlijn voor West-Friese GR-en. Voor 2022 is nog geen CAO vastgesteld. Conform de regionale richtlijn voor West-Friese GR-en is in de begroting 2022 een structurele loonindexatie van 1,3% toegepast. Voor de jaren na 2022 is deze cumulatief toegepast, wat betekent dat op ieder volgend jaar in de meerjarenraming een structurele indexatie van 1,3% is toegepast (ten opzichte van 2021 dus 1,3% in 2022; 2,6% in 2023; 3,9% in 2024, etc.).
4
Op basis van de begroting 2021 was in de meerjarenraming een structurele cumulatieve indexatie van 1,7% toegepast. Daar de huidige indexatie 0,4% lager is heeft dit een afname van de loonkosten in de meerjarenraming tot gevolg, met uitzondering van dienstjaar 2022: in de begroting 2021 was voor dienstjaar 2022 aan indexatie 0,9% te kort doorberekend. Dat wordt in deze begroting recht getrokken. Als de CAO voor Gemeenten voor 2022 bekend is en afwijkt van 1,3% wordt het Algemeen Bestuur een voorstel met financiële consequenties daarvan voorgelegd met het verzoek de begroting 2022 hierop aan te passen. Prijsindexatie Conform de regionale richtlijn voor West-Friese GR-en wordt uitgegaan van een structurele en cumulatieve indexatie van de overige uitgaven van 1,4%. Op basis van de begroting 2021 is vorig jaar een structurele en cumulatieve indexatie van 1,7% toegepast in de meerjarenraming. Daar de huidige indexatie lager is dan de vorig jaar toegepaste indexatie is ook hier sprake van een afname van de geraamde uitgaven. Uitkering gemeentefonds Voor financiële gevolgen van loon- en prijsindexatie worden gemeenten deels gecompenseerd door de Algemene uitkering uit het gemeentefonds. Deze wordt door de individuele gemeente ontvangen.
Kapitaallasten vervangingsinvesteringen Waar voorheen jaarlijks een bedrag voor investeringen van de buitendienst werd opgenomen is er nu een meerjarig inzicht in vervanging van materieel en apparatuur voor de jaren 20222025 en zijn daarvoor aanvullende budgetten voor kapitaallasten opgenomen. Gemeentelijke bijdrage Als gevolg van de verlaging van de indexatie op lonen en prijzen is sprake van een verlaging van de gemeentelijke bijdrage ten opzichte van het meerjarenperspectief in de begroting 2021, met uitzondering van het begrotingsjaar 2022 (zie indexatie lonen). Meerjarenraming 2022-2024 In deze ontwerpbegroting SED organisatie 2022 is de meerjarenbegroting 2023-2025 opgenomen. Rente Als interne beleidslijn inzake toerekening van rente over nieuwe investeringen wordt de gemiddelde rente van kort geld (1 week) en lang geld (15 jaar) bij de BNG over de afgelopen zeven jaar gehanteerd. Dit percentage komt neer op 1,0%.
5
3.
Programmaplan
3.1
Programma bedrijfsvoering
Wat willen we bereiken Een korte terugblik Het afgelopen jaar was een bijzonder jaar dat ieder van ons voor bijzondere uitdagingen heeft gesteld. Ondanks Corona en dankzij de Westfriese manier van aanpakken is de organisatie erin geslaagd het werk zoveel mogelijk doorgang te laten vinden. We hebben het thuiswerken ontdekt en kunnen faciliteren en dat heeft een nieuwe dimensie aan ons werk en aan het samenwerken toegevoegd. Er is hard gewerkt aan verdere professionalisering van de organisatie: er is een nieuwe topstructuur ingevoerd en er wordt stevig leidinggegeven, strakker gestuurd op planningen en op kwaliteit van de producten en diensten. Een leiderschapsprogramma om met elkaar verdere stappen hierin te zetten is ingezet en wordt de komende periode verder uitgerold. Vervolgstappen zijn ook gemaakt in harmonisatie van producten en diensten. Steeds meer zaken -met name aan de kant van bedrijfsvoering- zijn geharmoniseerd en worden efficiënter worden uitgevoerd. Ook de komende jaren zullen hier weer vervolgstappen in worden gezet. In 2020 is ook sterk ingezet op het omzetten van flexibel naar vast personeel en daarmee het terugdringen van de kosten op dit terrein. Begin 2020 was sprake van de inhuur van meer dan 100 medewerkers op interim basis.
Dit is al terug gebracht tot inhuur van 70 tot 75 medewerkers en de inzet is om dit af te bouwen naar 50-60 medewerkers op interim basis. Dienstverlening van de SED staat onder druk. De gemeenschappelijke regeling SED (Hierna GR SED) is in 2015 gestart. Onze missie: ‘’sámen werken aan een prettige woon- werk- en leefomgeving. De SED organisatie staat voor goede dienstverlening aan de inwoners en ondernemers en een krachtige en deskundige ondersteuning aan de besturen van gemeenten Stede Broec, Enkhuizen en Drechterland.’’ Het Dagelijks Bestuur (DB) constateert echter dat de dienstverlening onder druk staat. Veel gemeenten kampen met (te) hoge lasten voor de uitvoering van de wettelijke taken in het Sociaal domein. Reden voor de VNG om het kabinet te informeren dat de financiële positie van gemeenten onhoudbaar is. Ook voor de SED gemeenten en de SED organisatie zijn de uitvoeringslasten aanzienlijk gestegen. Tegelijkertijd is de economie op stoom en sinds 2013 substantieel gegroeid. Wat zich vertaalt in een stevige groei van bouwinitiatieven. Hierdoor vragen bestaande taken in het ruimtelijk domein meer inzet van de medewerkers, terwijl het domein ook volop in ontwikkeling is. Zoals bijvoorbeeld de omgevingswet, duurzaamheidsbeleid, energietransitie, warmtetransitie. Ook in het domein Bedrijfsvoering zijn er extra taken bijgekomen, in het bijzonder t.a.v. digitalisering.
Door deze ontwikkelingen kan de SED niet langer binnen de gestelde randvoorwaarden de uitvoering van taken dragen. Ook met de introductie van de nieuwe topstructuur worden knelpunten in de organisatie zichtbaarder. aarom wordt –gelet op de onbalans tussen taken en middelen- in deze begroting voorgesteld om extra budget toe te voegen aan de SED begroting. 6
Doelen van dit voorstel zijn:
De werkvoorraad en de beschikbare (beleids-) capaciteit in balans te brengen. Een toekomstbestendige financiële positie van de SED; Aantrekkelijk werkgeverschap voor toekomstige en huidige medewerkers.
Wat gaan we daarvoor doen? Personeelszaken/ HRM De impuls die nieuwe leidinggevenden aan de afdelingen en organisatie geven, wordt verder ontwikkeld door invulling en beschrijving van de (nieuwe) functies binnen de afdelingen. Het HR21 functiewaarderingssysteem wordt verder consequent toegepast op ons functiehuis. Ter ondersteuning van management en medewerkers wordt in 2021/2022 voortgang gemaakt met het inrichten van managementinformatie en het digitaal maken van de HR werkprocessen. Binden en boeien van onze medewerkers is een belangrijk speerpunt voor HRM. Vitale werknemers zijn van cruciaal belang voor een gezonde organisatie. Ook vanwege de CAO is vitaliteit van werknemers binnen de organisatie een belangrijk aandachtspunt. We hebben deze taken ondergebracht bij de Arbo functie binnen onze organisatie en er een (bescheiden) budget voor vrij kunnen maken. We pakken onze arbeidsmarktcommunicatie aan. We moeten niet vergeten dat de arbeidsmarkt krap was voordat Corona uitbrak. We zijn een belangrijke werkgever in de regio, maar kunnen onze bekendheid en de aantrekkelijkheid (waar we aan werken), breder en beter voor het voetlicht brengen. We gebruiken hiervoor al de social media, maar dit kan altijd beter. Communicatie Op het gebied van communicatie willen we meer inzetten we op een stevigere strategische advisering aan het bestuur en de organisatie.
Daarnaast leveren we een grote bijdrage aan de realisatie van projecten en beleid van andere afdelingen. Het is de rol van communicatie om te signaleren, aan te zwengelen, te adviseren en communicatiemiddelen te realiseren. Specifieke aandacht blijft voor crisiscommunicatie. Verder is de Communicatievisie 2021 - 2025 actueel en hiervoor is een uitvoeringsplan opgesteld. Drie punten kunnen in het bijzonder worden benadrukt:
Uitvoering van een social media strategie; Het maken van omgevingsanalyses per gemeente, en bij hele grote projecten. Het uitrollen van, wat we noemen, “Factor C” in de organisatie, met als doel de organisatie bewuster te maken van communicatie aspecten en de omgeving.
Juridische zaken De druk op de afdeling Juridische Zaken is groot. Het aantal bezwaarschriften en WOB verzoeken groeit ieder jaar gestaag en diverse complexe casussen binnen onze gemeenten vragen veel, zo niet onevenredig veel capaciteit. De ontwikkeling van de juridische kwaliteitszorg binnen de organisatie krijgt hierdoor te weinig aandacht. Digitalisering is slechts gedeeltelijk een oplossing omdat de meer complexe vraagstukken aandacht blijven vragen en bij andere afdeling onvoldoende juridische kennis aanwezig is.
7
Facilitaire dienstverlening Facilitair speelt in op de behoefte van de primaire bedrijfsprocessen van de organisatie. In 2020 is het strategisch plan Facilitaire Dienstverlening vastgesteld dat in 2021/2022 verder wordt uitgewerkt. De dienstverlening wordt meer gestructureerd en kaders worden gesteld in verantwoordelijkheden en afbakening van taken. De behoeften van de diverse klanten worden in kaart gebracht en de dienstverlening passen we, waar mogelijk, aan op die behoeftes. Werkprocessen worden nog efficiënter ingericht en kengetallen worden inzichtelijk gemaakt zodat de basisgegevens op orde zijn en er meer grip komt op de bedrijfsvoering. ICT Informatiebeveiliging en privacy zijn belangrijke thema’s voor de SED. In 2021 zijn we gestart met de invoering van de eisen die gesteld zijn aan beveiliging, zowel technisch als organisatorisch. In 2022 gaan we hier mee verder. Voor een goede samenwerking is ook een verdere modernisering van de Digitale Werkplek nodig waar medewerkers op een veilige manier plaats- en tijds onafhankelijk kunnen werken en bij hun applicaties en documenten kunnen komen. Samen met o.a. Haarlem, Hoorn en Amsterdam participeren we in de ontwikkeling van moderne en flexibele applicaties op basis van de Common Ground principes van de VNG.
Voor zo efficiënt mogelijk werken en de bedrijfsvoering te verbeteren, ontwikkelen we toepassingen middels robotisering die manuele processtappen omzetten naar geautomatiseerd. In het kader van transparantie en meten is weten ontwikkelen we toepassingen en platforms om data makkelijk te ontsluiten en om te zetten naar management-informatie. Administratieve organisatie en interne beheersing De SED blijft werken aan het verder verbeteren van haar interne beheersing. Concern control en het team AO/IB monitoren de opvolging van de aanbevelingen van de accountant en voeren audits en bijzondere onderzoeken uit omwille van onafhankelijke oordeelsvorming. Ook blijft het team AO/IB kritisch kijken naar processen en adviseert zij op het gebied van procesoptimalisatie en harmonisatie. De businesscontrollers toetsen en monitoren met name de financiële onderdelen van de verschillende vakafdelingen. Aan de hand van het AO/IB plan voeren de vakafdelingen zelf interne controles uit, waarbij continu wordt gekeken naar beheersing van de risico’s. Inkoop De ambitie van het team inkoop is het 100% onder contract krijgen van aanbestedingsplichtige inkoopbehoeften. Belangrijk instrument dat hiervoor is ontwikkeld is een organisatiebrede zgn. SPEND analyse, ook met het oog van rechtmatigheid van onze aanbestedingen.
We zijn steeds beter in staat om deze lijst met aan te besteden contracten uit te breiden. Daarnaast is de Contractenbank een belangrijk digitaal middel om centraal grip te krijgen op de verplichtingen en contracten.
8
Wat mag het kosten? Begroting 2022 Het lastentotaal in de begroting 2022 na de Najaarsnota 2020 bedraagt In de Kaderbrief 2022 zijn autonome ontwikkelingen opgenomen ad Toename van lasten ten opzichte van de Kaderbrief 2022 1) Toename van lasten nav voorstel inzake “dienstverlening onder druk” Het lastentotaal in de begroting 2022 inclusief Kaderbrief 2022 bedraagt De Begroting 2021 is opgemaakt conform de Kaderbrief 2022. 1)
€ 34.560.000 € 61.000 € 8.000 € 1.750.000 € 36.379.000
in de Kaderbrief wordt gewerkt met duizendtallen, waardoor afrondingsverschillen kunnen ontstaan.
Begroting 2022 in vergelijking met de begroting 2021 Op basis van voorschriften moet in de begroting in financiële zin een vergelijking worden gemaakt met de begroting van het voorgaande jaar. Deze ziet die er als volgt uit:
Lasten Baten Saldo begroting
Begroting 2021 34.864 499 34.365
begroting 2022 36.379 437 35.942
verschil 1.515 -/- 62 1.577
Hieruit blijkt dat het saldo van lasten (het naar de deelnemers door te belasten deel) in de begroting 2022 met € 1.577 toeneemt ten opzichte van 2021. In het overzicht hieronder worden de verschillen tussen de begroting 2021 en 2022 toegelicht. Lasten Stijging van lonen als gevolg van de loonindexatie van 1,3 %
-/- 303
Stijging van prijzen als gevolg van de priisindexatie van 1,4 %
-/- 104
Lagere incidentele kosten SED perspectief vanwege geplande afloop in de tijd. Dienstverlening onder druk
614 -/- 1.750
Tot en met 2021 werden ambtelijke kosten van Vitale Dorpen Drechterland geraamd in de SED Begroting, maar één-op-één (buiten de verdeelsleutel om) afgerekend met Drechterland. Vanaf 2022 zijn deze kosten geen onderdeel meer van de SED Begroting, zodat er in dit kader in 2021 lagere lasten zijn (zie ook baten).
63
Lagere bijdrage aan SSC DeSOM (vanwege hoge incidentele kosten DeSom in 2020)
11
Hogere kapitaallasten investeringen
-/- 46
Totaal hogere lasten
-/- 1.515
Baten De SED heeft in 2022 ten opzichte van 2021 lagere baten, omdat vanaf 2022 de ambtelijke inzet voor het project Vitale dorpen stopt. Drechterland betaalde voor deze inzet ook een bijdrage. Deze wordt in 2022 niet meer ontvangen. (zie ook lasten) Hogere baten omdat op inkomsten een prijscompensatie is toegepast van 1,4% Totaal lagere baten
-/- 63
1 -/- 62
Per saldo een nadeel van
-/- 1.577 9
3.2
Overzicht algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
46.000
47.000
48.000
49.000
50.000
34.365.000
35.941.000
36.479.000
36.962.000
37.442.000
Algemene dekkingsmiddelen Lasten: Onvoorzien Baten: Bijdragen gemeenten
Bijdrage gemeenten De berekening van de bijdrage gebeurt door het saldo van lasten en baten te vermenigvuldigen met de verdeelsleutel (percentage) per gemeente. De verdeelsleutel is gewijzigd ten opzichte van de primitieve begroting 2021. De verdeelsleutel is als volgt: Verdeelsleutel Gemeente: Bijdrage Stede Broec
33,08%
Bijdrage Enkhuizen
36,78%
Bijdrage Drechterland
30,14%
Voor het nieuwe begrotingsjaar zijn in onderstaande tabel de nieuwe bijdrage per gemeente weergegeven In de begroting 2021 is ook al gerekend met de nieuwe verdeelsleutel: Bijdrage gemeenten aan SED organisatie
Begroting 2021
Mutatie
Begroting 2022
Bijdrage Stede Broec
11.038.000
851.000
11.889.000
Bijdrage Enkhuizen
12.815.000
404.000
13.219.000
Bijdrage Drechterland
10.512.000
321.000
10.833.000
Totale bijdrage
34.365.000
1.576.000
35.941.000
Bij het vaststellen van de nieuwe verdeelsleutel is afgesproken een ingroeipad te hanteren. Hiervoor wordt er buiten de SED begroting om een verrekening gedaan, waardoor de bijdrage van gemeente Stede Broec voor 2022 met € 110.000 daalt. Deze verrekening is voor 2022 als volgt:
Bijdrage gemeenten aan SED organisatie
Onderlinge verrekening buiten de SED begroting om
Bijdrage Stede Broec
-110.000
Bijdrage Enkhuizen
58.000
Bijdrage Drechterland
52.000
Totale bijdrage
0
10
Onvoorzien De post onvoorzien wordt in de begroting opgenomen voor uitgaven waarmee bij het opstellen van de begroting geen rekening wordt gehouden. In de begroting van 2022 is een bedrag van € 47.000 opgenomen. Kosten overhead De kosten van overhead in SED bestaande uit huisvestingslasten, ICT lasten, kosten bedrijfsvoering, facilitaire kosten en salarissen bedragen € 20.064.000. Vennootschapsbelasting Er wordt verwacht dat er voor 2022 geen VPB last betaald hoeft te worden. Derhalve is er ook geen VPB last geraamd
4.
Paragrafen
4.1
Weerstandsvermogen en risicobeheersing
Aanleiding en achtergrond Een definitie van weerstandsvermogen is de mate waarin de SED organisatie in staat is substantiële tegenvallers op te vangen, zonder dat de continuïteit in gevaar komt. Bij de beoordeling van het weerstandsvermogen van de SED organisatie moet de weerstandscapaciteit worden bezien in relatie tot mogelijke risico’s. De weerstandscapaciteit bestaat uit vrij aanwendbare middelen, onbenutte inkomstenbronnen en bezuinigingsmogelijkheden. Tot de vrij aanwendbare middelen horen alle reserves met een vrij aanwendbaar karakter. De afgelopen jaren is een sterke impuls aan het risicomanagement binnen de SED organisatie gegeven. Ook in de komende jaren zal dit vol in de aandacht blijven. Risico's Een risico is een onzekere gebeurtenis waaruit financiële gevolgen kunnen vloeien, maar waarbij niet duidelijk is of de gebeurtenis gaat gebeuren (kans) en hoe groot de financiële gevolgen (impact) zijn. Op het moment dat de financiële gevolgen inzichtelijk zijn, worden deze gedekt in de begroting. De kans dat een risico zich voordoet, is opgenomen in 5 klassen:
In de tabel hieronder zijn de risico’s die op dit moment zijn onderkend nader uiteengezet. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in het betreffende onderwerp van het risico, de beschrijving van het risico en de gewenste beheermaatregel. De kolom daarnaast geeft het maximaal financieel gevolg in duizenden euro’s. Vervolgens worden het effect (de impact), de kans en de berekende kans x impact weergegeven. De laatste kolom geeft inzicht in het beslag 11
dat het risico legt op de benodigde weerstandscapaciteit, waarbij als voorbeeld Cybercrime een onderkende kans heeft van 4 (conform tabel boven 1 x per 1-2 jaar) voor het financieel risico wordt dan uitgegaan van 70% van het maximaal risico bedrag, zijnde € 1.050.000. Onderwerp
Volledige beschrijving risico
Gewenste beheersmaatregel
Financieel risico en imagoschade door datalekken Datalek, cybercrime en dat gegevens niet en uitval ICT beschikbaar zijn door hackersystemen activiteiten (vb. Ransomware) Periodieke restore-testen, en systemen moeten uitzetten backup faciliteiten en om hackersactiviteiten te organisatorische/technische voorkomen uitwijk Kiezen voor een verkeerde aanbestedingsprocedure (bij openbare procedures) door de budgetbeheerder/-houder, Aanbesteding waardoor de gehele Het verplicht stellen van een aanbesteding onrechtmatig is. contractenbank, hanteren van Het vooralsnog ontbreken van een aanbestedingsagenda en een contractenbank en het voeren van een centrale aanbestedingsagenda inkoopregie Door het ontbreken van juridische kennis en capaciteit in Deels ontbreken het primaire proces niet juridische kennis voldoen aan wet- en Juridisch onderlegde regelgeving. medewerker per vakafdeling. Totaal
Maximaal risico-omvang in €1.000
Kans op optreden
Impact
Bedrag × kans in €1.000
€
1.500
4
5 €
1.050
€
250
3
4 €
125
€
100
4
4 €
70
€
1.245
Het totale maximale financieel gevolg van de drie risico’s van de SED Organisatie betreft € 1.245.000. Uitgaande van de spelregels rondom het risicomanagement binnen de SED Organisatie, ligt de speelruimte voor het weerstandscapaciteit tussen de 75% en 90%. De SED organisatie kent als beschikbare weerstandscapaciteit geen reserves. Voor de beschikbare weerstandscapaciteit kan alleen een post onvoorzien van € 47.000 structureel worden meegenomen. Met uitzondering van deze structurele weerstandscapaciteit, wordt voor de benodigde weerstandscapaciteit een beroep gedaan op het weerstandsvermogen van de deelnemende gemeenten. In evenredigheid van de verdeelsleutel dient het benodigde weerstandscapaciteit meegenomen te worden in de begroting van de afzonderlijke gemeenten als risico’s bij de verbonden partij SED Organisatie.
4.2
Onderhoud kapitaalgoederen
In deze paragraaf wordt inzicht gegeven in de realisatie van het beleid ten aanzien van het onderhoud van kapitaalgoederen. Het gaat hierbij ook om het verlangde onderhoudsniveau, de (lange termijn) onderhoudsplanning voor alle belangrijke activa en het voorzieningenbeleid. De gemeenschappelijke regeling SED organisatie heeft in 2015 gebouwen en inventaris verworven. Het onderhoud van deze gebouwen wordt geregeld door de deelnemende gemeenten van de gemeenschappelijke regeling. De onderhoudskosten worden door de gemeenten in rekening gebracht bij de SED organisatie.
12
4.3
Financiering
Algemeen De wet FIDO (Wet Financiering Decentrale Overheden) schrijft de decentrale overheden een aantal zaken voor op het gebied van financiering. Doel van deze wet is het bevorderen en transparant maken van het financieringsbeleid van de overheden. De transparantie komt daarbij tot uitdrukking in voorschriften voor een verplicht Treasurystatuut evenals een paragraaf financiering in de begroting en jaarrekening. In de paragraaf worden ontwikkelingen aangegeven met betrekking tot de kasgeldlimiet, de ontwikkelingen wat betreft de renterisiconorm, de verwachte toe- en afname van geldleningen of uitzettingen en het verdere beleid ten aanzien van treasury. Financieringsarrangement Er is een financieringsovereenkomst afgesloten met de NV Bank Nederlandse Gemeenten. In de financieringsovereenkomst is een maximum kredietbedrag in rekening courant afgesproken van € 2.000.000. Schatkistbankieren Decentrale overheden zijn verplicht tot schatkistbankieren. Schatkistbankieren houdt in dat tegoeden worden aangehouden in de Nederlandse schatkist. Hierdoor zal de Nederlandse staat minder geld hoeven te lenen op de financiële markten en zal de staatsschuld dalen. Het verplicht schatkistbankieren is ingevoerd voor gemeenten, provincies, waterschappen, en gemeenschappelijke regelingen en geldt dus ook voor de SED organisatie.
Een leenfaciliteit, namelijk dat er ook via de schatkist geleend kan worden, is niet aan de orde. Door het Ministerie is een drempelbedrag vastgesteld dat op de rekening courant van de eigen bank mag blijven staan. Het drempelbedrag is het maximale bedrag dat een decentrale overheid over een heel kwartaal gezien dagelijks buiten de schatkist mag aanhouden. Door omstandigheden kan het voorkomen dat het drempelbedrag wordt overschreden, maar deze overschrijding moet dan op andere dagen in datzelfde kwartaal gecompenseerd worden door onder het drempelbedrag te blijven. Het drempelbedrag is vast gesteld op 0,75% van het begrotingstotaal met een minimum van € 250.000. Voor de SED-organisatie houdt dit in dat wanneer het saldo op de rekening courant hoger is dan € 261.000 dit moet worden afgeroomd naar de schatkist. Het beheer is er op gericht dat deze situatie zich zo weinig mogelijk voordoet. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet geeft voor de SED organisatie de maximale toegestane omvang van de kortlopende schuld (met een looptijd korter dan één jaar) weer. De belangrijkste vormen zijn kasgeldleningen en rekening-courantkrediet. Wettelijk moet worden overgegaan tot omzetting naar langlopende schulden zodra de limiet meer dan twee achtereenvolgende kwartalen wordt overschreden. Het doel van deze limiet is het renterisico op korte financiering te beperken.
De kasgeldlimiet wordt uitgedrukt in een percentage van het begrotingstotaal (8,2%) en bedraagt voor de SED organisatie ongeveer € 2.9 miljoen. Deze norm wordt in 2021 niet overschreden. Renterisiconorm De renterisiconorm bepaalt dat jaarlijks maximaal 20% van het begrotingstotaal onderhevig mag zijn aan renteherziening en herfinanciering. Van renteherziening is sprake, als in de leningsovereenkomst is bepaald dat de rente gedurende de looptijd in een bepaald jaar zal 13
worden aangepast. Herfinanciering bestaat uit het totaal aan aflossingen van langlopende leningen, want het renterisico wordt verkleind door aflossingen in de tijd te spreiden. Voor de SED organisatie bedraagt de renterisiconorm voor het jaar 2021 ongeveer € 7 miljoen. De SED organisatie blijft ruim onder de renterisiconorm. Dat is ook logisch omdat de reguliere exploitatiekosten gefinancierd worden door de deelnemende gemeenten. In 2020 is er een lening van € 2.500.000 afgesloten. Dit was noodzakelijk, omdat er ook investeringen in de begroting van SED worden gedaan. Deze investeringen worden als het ware voorgefinancierd door SED. Ook ten behoeve van een deel van het gemeentehuis in Hoogkarspel is een langlopende geldlening afgesloten bij de gemeente Drechterland. Omslagrente Er wordt € 5.000 aan rente in de begroting geraamd. Dit bedrag is laag ten opzichte van het begrotingstotaal. Het geraamde omslagpercentage is daardoor nihil.
4.4
Bedrijfsvoering
In de programmabegroting van de SED organisatie is geen onderscheid gemaakt naar programma’s. Er is slechts sprake van één programma en dat is de programma Bedrijfsvoering. Een paragraaf bedrijfsvoering voegt in deze situatie niet veel toe aan de informatie die bij het programma Bedrijfsvoering is vermeld. In deze paragraaf volstaan wij dan ook met slechts een verwijzing naar de tekst bij het programma Bedrijfsvoering.
14
5.
Overzicht van baten en lasten en toelichting
5.1
Overzicht van baten en lasten
Het overzicht van baten en lasten voor de SED organisatie ziet er als volgt uit: Begroting 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Begroting 2024
Begroting 2025
Personeelslasten Salarissen Mobiliteitsbudget Overige salariskosten Kosten tijdelijke vervanging Flexibele schil Direct doorbelaste kosten Overige kosten personeel
29.193 23.769 391 619 3.051 358 1.006
30.629 24.947 250 397 628 3.094 294 1.020
31.041 25.288 253 402 636 3.135 294 1.033
31.460 25.630 257 408 645 3.179 294 1.048
31.887 25.977 260 413 654 3.225 294 1.063
Facilitair Faciliteiten Huisvesting gemeentehuizen Huisvesting werkplaatsen ICT Overig Onvoorzien Accountantskosten Advieskosten Bijdrage gemeenten aan SED Bijdrage Stede Broec Bijdrage Enkhuizen Bijdrage Drechterland Overige baten Direct doorbelaste kosten Diverse baten Eindtotaal
5.538 752 561 477 3.749 134 46 54 34 -34.366 -11.038 -12.815 -10.512 -499 -358 -141 0
5.615 761 616 482 3.755 135 47 55 33 -35.941 -11.889 -13.219 -10.833 -437 -294 -143 0
5.741 770 677 488 3.806 137 48 56 33 -36.479 -12.067 -13.417 -10.995 -440 -294 -146 0
5.805 780 708 494 3.824 138 49 57 33 -36.962 -12.227 -13.595 -11.140 -442 -294 -148 0
5.857 791 722 500 3.844 140 50 58 33 -37.442 -12.386 -13.771 -11.285 -442 -294 -148 0
5.2 Overzicht van incidentele baten en lasten De begroting 2022 van SED bevat geen incidentele lasten. Alle lasten in de begroting 2022 zijn structureel. Het structurele begrotingssaldo van SED bedraagt € 0.
15
6. Uiteenzetting van de financiële positie en toelichting Begroting 2021 Personeelslasten Salarissen Mobiliteitsbudget Overige salariskosten Kosten tijdelijke vervanging Flexibele schil Direct doorbelaste kosten Overige kosten personeel Facilitair Faciliteiten Huisvesting gemeentehuizen Huisvesting werkplaatsen ICT Overig Onvoorzien Accountantskosten Advieskosten Bijdrage gemeenten aan SED
391 619 3.051 358 1.006 5.538 752 561 477 3.749 134 46 54 34
Wijziging conform kaders 1.436 1.179 250 5 9 43 -64 14 77 9 55 6 7 2 1 1 0
-34.366
-1.576
-35.941
Bijdrage Stede Broec Bijdrage Enkhuizen Bijdrage Drechterland Overige baten Direct doorbelaste kosten Diverse baten Eindtotaal
-11.038 -12.815 -10.512 -499 -358 -141 0
-851 -404 -320 61 64 -2 0
-11.889 -13.219 -10.833 -437 -294 -143 0
29.193 23.769
16
Begroting 2022 30.629 24.947 250 397 628 3.094 294 1.020 5.615 761 616 482 3.755 135 47 55 33
Geprognotiseerde balans
Bedragen x €1000
Begin en eindbalans
1-1-2022
31-12-2022
ACTIVA Vaste activa Materiele vaste activa
7.233
7.276
Totaal vaste activa
7.233
7.276
7.500
7.500
152
152
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa Totaal vlottende activa
Totaal ACTIVA
224
224
7.876
7.876
15.109
15.152
PASSIVA Vaste passiva Eigen Vermogen
0
0
Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar
7.235
7.095
Totaal vaste passiva
7.235
7.095
4.157
4.340
Vlottende passiva Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar Overlopende passiva
3.717
3.717
Totaal vlottende passiva
7.874
8.057
15.109
15.152
Totaal PASSIVA
Meerjaren investeringen materieel afdeling Leefomgeving Conform het meerjaren-vervangingsschema worden komende jaren materieel en hulpmiddelen aangeschaft. Door het meerjarig inzicht is er een doorkijk naar de vervangingsinvestering voor de jaren 2022 tot en met 2025. In 2022 staat er een vervanging van het wagenpark en apparatuur gepland van € 375.000. De kapitaallasten gekoppeld aan deze vervangingsinvesteringen worden in het daaropvolgende jaar opgevoerd.
17
Doordat het grootste gedeelte van het wagenpark de afgelopen jaren vervangen is, zal de volgende jaren het benodigde krediet lager zijn. Hierdoor nemen de kapitaallasten ieder jaar minder toe. EMU-saldo Het (EMU-saldo) is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid. Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor gemeenschappelijke regelingen vindt een steekproef plaats wanneer deze een exploitatie heeft van € 20 miljoen of meer. Het EMU-saldo van de SED bedraagt € 117.000.
18
Meerjarenraming en toelichting Toelichting op meerjarenraming In de meerjarenbegroting is voor de jaren 2023-2026 is een prijsindexatie van 1,4% toegepast. De loonindexatie welke is toegepast bedraagt voor 2023-2025 ook 1,3%. Bedragen x €1000
1-1-2023 31-12-2023 31-12-2024 31-12-2025
Meerjarenbalansen
ACTIVA Vaste activa Materiele vaste activa
7.276
7.301
7.124
6.824
Totaal vaste activa
7.276
7.301
7.124
6.824
7.500
7.500
7.500
7.500
152
152
152
152
Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa
224
224
224
224
Totaal vlottende activa
7.876
7.876
7.876
7.876
Totaal ACTIVA
15.152
15.177
15.000
14.700
PASSIVA Vaste passiva Eigen Vermogen
0
0
0
0
Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar
7.095
6.955
6.815
6.675
Totaal vaste passiva
7.095
6.955
6.815
6.675
Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar
4.340
4.505
4.468
4.308
Overlopende passiva
3.717
3.717
3.717
3.717
Totaal vlottende passiva
8.057
8.222
8.185
8.025
Totaal PASSIVA
15.152
15.177
15.000
14.700
Vlottende passiva
19