6.5 Accountantsverslag 2022 OD NHN
Tekst van het document
Accountantsverslag 2022 Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst NoordHolland Noord
Aan het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord Postbus 2095 1620 EB Hoorn Onderwerp Accountantsverslag 2022 Datum 26 april 2023 Kenmerk 312018013.23.140
Geachte leden van het algemeen bestuur, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2022 van uw omgevingsdienst afgerond. De jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 6 april 2023 hebben wij onze controlebevindingen besproken met uw Business Controller en op 26 april 2023 met het dagelijks bestuur. Bij de jaarrekening 2022 hebben wij op 26 april 2023 een goedkeurende controleverklaring afgegeven, zowel voor het aspect getrouwheid als voor het aspect rechtmatigheid. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2022. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Voor de goede orde vermelden wij dat uw controlerende taak uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en het management. Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V.
Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409. .
Inhoudsopgave
Contact De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag:
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij ....................... 2 2. Financiële positie en resultaat.................................................. 6 3. Bevindingen eindejaarscontrole ............................................... 9
Arie Booij
4. Interne beheersing ................................................................ 14
Tel: 06 – 1509 2689
5. Overige aangelegenheden ..................................................... 18
Remco Korhorn Tel: 06 – 1099 9195
1.
Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij
312018013.23.140 - 1
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Reikwijdte van de controle
Met de opdrachtbevestiging van 22 september 2022 (kenmerk 312018013.22.284) heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2022. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord (hierna: OD NHN). De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2022 voldoende voor de doelstelling van onze controle. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle wordt verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder ook de Nederlandse controlestandaarden, het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), de Nota verwachtingen accountantscontrole 2022, het controleprotocol zoals op 12 oktober 2022 door het algemeen bestuur is vastgesteld, het normenkader voor de financiële rechtmatigheid zoals op 12 oktober 2022 door het algemeen bestuur is vastgesteld en het Controleprotocol Wet normering topinkomens (WNT) 2022.
Materialiteitsbepaling is overeenkomstig het Bado en het controleprotocol 2022
De maximaal toe te passen marges voor de accountantscontrole zijn vastgelegd in het Bado. Op 12 oktober 2022 heeft het algemeen bestuur het “Controleprotocol 2022 Omgevingsdienst Noord-Holland Noord” vastgesteld, waarin de goedkeuringstoleranties ook zijn bevestigd. In het controleprotocol heeft u geen lagere marges vastgesteld waardoor wij het wettelijke kader als uitgangspunt hebben gehanteerd. De bij onze controle van de jaarrekening 2022 toegepaste goedkeuringstoleranties bedragen daarom:
Bron: jaarrekening 2022 Goedkeuringsmaterialiteit
Fouten
Onzekerheden € 221.000
€ 663.000
Het algemeen bestuur heeft in het controleprotocol de rapporteringstolerantie vastgesteld op € 50.000.
Onze aanpak is gericht op risico’s
Voor de jaarrekeningcontrole 2022 onderkennen wij een aantal risico’s en aandachtspunten, die een verhoogd (bruto) risico met zich mee (kunnen) brengen op een materiële fout in uw jaarrekening en die een mogelijke impact op de bedrijfsvoering kunnen hebben. De risico’s en aandachtspunten zijn hieronder weergegeven. Opname van een risicogebied of aandachtspunt in deze opsomming betekent niet dat daadwerkelijk sprake is van risico’s die zich daadwerkelijk voordoen, maar zijn enkel bedoeld om aan te geven dat wij hier tijdens onze controle (extra) aandacht aan hebben besteed.
312018013.23.140 - 2
Risico’s en aandachtspunten voor de controle van de jaarrekening 2022 ▪ De voortgang en status van de (noodzakelijke en gewenste) verbeteringen met betrekking tot de kwaliteit van de interne beheersing in relatie tot de af te geven rechtmatigheidsverantwoording door het dagelijks bestuur (over boekjaar 2023). ▪ De kwaliteit van uw IT-omgeving. ▪ Uw fiscale positie in het kader van de vennootschapsbelasting (Vpb). ▪ De follow-up ten aanzien van eerder gerapporteerde aandachtspunten vanuit de interne en externe controle. ▪ De actualisatie van de (fraude-)risicoanalyse. ▪ Management override of controls. Dit betreft de mogelijkheid die het management heeft om specifieke interne beheersingsmaatregelen te omzeilen, bijvoorbeeld door memoriaalboekingen of het schattingsproces. De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor uw gemeenschappelijke regeling. ▪ Naleving van de (Europese) aanbestedingsregels. Het inschatten als significant risico is inherent aan deze posten en is niet direct een gevolg van verwachte leemten in de interne beheersing van uw omgevingsdienst. Ook is sprake van inschattingen van bruto risico’s, alvorens eventuele beheersmaatregelen zijn genomen. Ter voorkoming van een materiële fout in de jaarrekening heeft u voor bovenstaande risicogebieden beheersmaatregelen getroffen.
Wij hebben ons bij de controle gericht op de opzet en het bestaan van de door u ingerichte beheersingsomgeving, die deze risico’s moeten verkleinen. Voor een toelichting op een aantal onderkende risico’s en aandachtpunten verwijzen wij naar het hoofdstuk ‘Bevindingen eindejaarscontrole’. Daarnaast verwijzen wij u naar onze bevindingen in het hoofdstuk ‘Interne beheersing’.
De baten en lasten, alsmede Op basis van uw controleprotocol en normenkader, zoals vastgesteld door uw algemeen bestuur op 12 oktober 2022, hebben wij de naleving van het financieel rechtmatigheidskader voor uw gemeenschappelijke regeling gecontroleerd. Op de programma’s balansmutaties, zijn in Milieutaken en VTH Plustaken is sprake van een overschrijding van de begroting (lasten), echter deze werken, gelet op de analyse van materiële zin rechtmatig het dagelijks bestuur waarmee wij ons kunnen verenigen, niet door in ons rechtmatigheidsoordeel. Daarnaast is sprake van afwijkingen van Europees aanbestedingsbeleid tot een bedrag van € 72.000. Deze afwijkingen zijn niet materieel. Onze conclusie is derhalve dat de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2022 in alle van materieel belang zijnde aspecten rechtmatig tot stand gekomen in overeenstemming met de begroting en met de in de relevante wet- en regelgeving, waaronder verordeningen, opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader voor de financiële rechtmatigheid zoals op 12 oktober 2022 door het algemeen bestuur is vastgesteld.
De jaarrekening voldoet aan Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord. Daarnaast vereisen zij van het dagelijks het BBV bestuur het toepassen van oordeelsvorming ten aanzien van moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn. 312018013.23.140 - 3
De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van de OD NHN zijn uiteengezet in hoofdstuk 4.2.1 ‘Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling’ van de jaarrekening 2022. In de jaarrekening 2022 hebben zich ten opzichte van 2021 geen wijzigingen van materieel belang voorgedaan in de toegepaste verslaggevingsgrondslagen, die een aanzienlijke invloed hebben gehad op de baten en lasten en/of de financiële positie van de OD NHN. Wij hebben het door het dagelijks bestuur toegepaste proces voor belangrijke verslaggevingsgrondslagen geëvalueerd en hebben gegevensgerichte controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving beoordeeld. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
Geen geïdentificeerde materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken
Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole, resteren er geen van materieel belang zijnde ongecorrigeerde afwijkingen of onzekerheden. Door ons gerapporteerde bevindingen zijn derhalve niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring), maar zijn naar onze mening vooral van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor de niet materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.
Goedkeurende controleverklaring
Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening 2022 van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord een getrouw beeld geeft van het eigen vermogen op 31 december 2022 en het resultaat over 2022. Voorts zijn wij van oordeel dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2022 in alle van materieel belang zijnde aspecten tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader (vastgesteld door het algemeen bestuur op 12 oktober 2022). Hierbij geldt als voorwaarde dat de door ons gecontroleerde jaarrekening ongewijzigd door het algemeen bestuur wordt vastgesteld. Wij verzoeken u daarom ons een door de leden van het algemeen bestuur ondertekend exemplaar van de vastgestelde jaarrekening te verstrekken. Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.
312018013.23.140 - 4
2.
Financiële positie en resultaat
312018013.23.140 - 5
2. Financiële positie en resultaat De vermogenspositie van uw omgevingsdienst neemt in absolute zin toe
In het BBV, de verslaggevingsregels voor uw gemeenschappelijke regeling, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd saldo van baten en lasten 2022 bedraagt € 975.000 voordelig. Per saldo is tussentijds € 135.000 aan de reserves onttrokken, zodat het uiteindelijk gerealiseerd resultaat over 2022 € 1.110.000 voordelig bedraagt. Dit resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans. In het hiernavolgende overzicht hebben wij de ontwikkeling van het eigen vermogen opgenomen.
Eigen vermogen (in € 1.000)
Eigen vermogen per 1 januari
2022
2021
5.978
5.766
-/- 2.112
-/- 1.689
Subtotaal
3.866
4.077
Tussentijdse resultaatbestemming
-/- 135
Gerealiseerd resultaat
Uitkering aan gemeenten/ resultaatbestemming
Totaal (‘gerealiseerd saldo van baten en lasten’) Eigen vermogen per 31 december
2020
3.142
2018
2019
2017
2.595
2.114
902
-/- 312
-/- 480
-/- 174
3.142
2.283
1.634
728
-/- 210
-/- 174
827
-/- 404
153
1.110
2.111
2.797
32
1.365
1.233
975
1.901
2.623
859
961
1.386
4.841
5.978
5.766
3.142
2.595
2.114
NB. Door afrondingen op € 1.000 kunnen afrondingsverschillen ontstaan. De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de stortingen in en onttrekkingen uit de reserves, in overeenstemming met de besluiten van uw algemeen bestuur.
312018013.23.140 - 6
De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2022 circa 46,8% van het balanstotaal (2021: circa 52,9% van het balanstotaal). In paragraaf 4.2.4 van de jaarrekening geeft het dagelijks bestuur een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2022. Wij verwijzen u naar deze toelichting.
Resultaat 2022 is beïnvloed door reservemutatie(s)
Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerd saldo van baten en lasten. Daarnaast kent de gemeenschappelijke regeling ook het gerealiseerd resultaat. Dit is het gerealiseerd saldo van baten en lasten plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse toevoegingen aan reserves. De toevoegingen aan dan wel onttrekkingen aan reserves vinden plaats op basis van door u genomen besluiten. Het gerealiseerd resultaat is dus mede het gevolg van de bestuurlijke besluitvorming. Concreet betekent dit voor uw gemeenschappelijke regeling het volgende: Exploitatieresultaat (in € 1.000) Totale baten
23.098
Totale lasten
22.123
Gerealiseerde saldo van baten en lasten
975
Af: toevoegingen aan reserves
0
Bij: onttrekkingen aan reserves
135
Saldo mutaties reserves
135
Gerealiseerd resultaat
1.110
De exploitatie over 2022 laat een voordelig gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten van € 975.000 zien, ten opzichte van een begroot saldo van € 0. Dit is een voordeel van € 975.000. Het gerealiseerd resultaat van € 1,1 miljoen is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. In de jaarstukken wordt op diverse plaatsen een nadere toelichting gegeven op de totstandkoming van het resultaat en worden de verschillen tussen de begroting en de gerealiseerde baten en lasten verklaard (Inleiding, paragraaf 4.3 en paragraaf 4.4). Wij verwijzen u naar deze toelichtingen.
312018013.23.140 - 7
Het voordelige exploitatieresultaat 2022 (vóór bestemming) is mede ontstaan na een aantal incidentele baten en lasten. Door het effect van de incidentele baten en lasten buiten beschouwing te laten, ontstaat meer inzicht in de reguliere baten en lasten. Het inzicht in de reguliere baten en lasten is van belang, omdat het een betere indicatie geeft van de toekomstige baten en lasten, overigens zonder rekening te houden met beleidswijzigingen. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is eveneens inzicht in de incidentele baten en lasten gegeven (paragraaf 4.4.1). Kortheidshalve verwijzen wij u naar deze uiteenzetting.
Het dagelijks bestuur kwalificeert het weerstandsvermogen als onvoldoende om de onderkende risico’s af te kunnen dekken
Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit vanwege ingeschatte risico’s. De omvang van uw eigen vermogen bedraagt ultimo 2022 circa 46,8% van het balanstotaal (2021: circa 52,9% van het balanstotaal). De beschikbare weerstandscapaciteit van OD NHN is daarmee in 2022 relatief gezien afgenomen. In absolute zin is de beschikbare weerstandscapaciteit gelijk gebleven, namelijk € 339.000. In de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft u toegelicht dat het benodigde weerstandsvermogen € 505.000 is (2021: € 330.000). Dit bedrag is bepaald op basis van de actualisatie van de door het dagelijks bestuur onderkende risico’s. Door de inventarisatie en kwantificering van risico’s periodiek te actualiseren, houdt u goed zicht op de risico’s en kunt u een goede kwalitatieve beoordeling van uw vermogen maken. Op basis van de (actualisatie van de) risico’s en de uiteindelijk beschikbare weerstandscapaciteit, door het dagelijks bestuur bepaald op de omvang van de algemene reserve per 31 december 2022 van € 339.000, kwalificeert het dagelijks bestuur (zie paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing) het weerstandsvermogen als “onvoldoende om de bestaande risico’s af te dekken”.
Het dagelijks bestuur heeft de beschikbare weerstandscapaciteit bepaald op basis van de notitie “Financiële uitgangspunten gemeenschappelijke regelingen”. Daarin is bepaald dat de algemene reserve niet groter mag zijn dan 2,5% van de totale lasten. Hierbij is het dagelijks bestuur uitgegaan van de totale lasten voor milieutaken ad € 13.409.000 (in feite de lasten die gemaakt zijn ten behoeve van de deelnemende gemeenten) en zijn de lasten VTH-Plustaken ad € 8.714.000 (lasten ten behoeve van provinciale taken) buiten beschouwing gelaten, omdat eventuele risico’s hieromtrent kunnen worden gedekt uit de bestemmingsreserve VTHplus. Wij adviseren u om de risico-inventarisatie daarom te blijven actualiseren en te kwantificeren en, gelet op het feit dat uiteindelijk de deelnemers “belast” worden met de risico’s, dit periodiek in het algemeen bestuur te bespreken.
312018013.23.140 - 8
3.
Bevindingen eindejaarscontrole
312018013.23.140 - 9
3. Bevindingen eindejaarscontrole Er is geen sprake van begrotingsonrechtmatigheid die doorwerkt in ons oordeel
Naast de controle op de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening 2022, hebben wij de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. De toe te passen normen voor dit begrotingscriterium zijn gebaseerd op artikel 189, 190 en 191 van de Gemeentewet en moet door het algemeen bestuur zelf nader worden ingevuld en geconcretiseerd. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan het algemeen bestuur, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan het algemeen bestuur van budgetoverschrijdingen heeft het risico in zich dat inbreuk wordt gemaakt op het budgetrecht van het algemeen bestuur. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de Kadernota van de Commissie BBV. Een belangrijk uitgangspunt is dat het overschrijden van de begroting altijd onrechtmatig is, maar niet in alle gevallen hoeft te worden meegewogen in het accountantsoordeel.
Essentieel is dat het algemeen bestuur nadere regels kan stellen wanneer kostenoverschrijdingen die worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten (1), kostenoverschrijdingen passend binnen het beleid (2) en kostenoverschrijdingen bij openeinderegelingen (3) moeten meewegen bij het oordeel van de accountant. In die gevallen dat het algemeen bestuur geen nader beleid stelt, geldt het uitgangspunt dat deze kostenoverschrijdingen door de accountant niet worden betrokken bij de beslissing of al dan niet een goedkeurende controleverklaring kan worden afgegeven. Deze kostenoverschrijdingen moeten dan wel goed herkenbaar in de jaarrekening zijn opgenomen. Daarnaast moet de accountant deze kostenoverschrijdingen – waarvan het dagelijks bestuur in de jaarrekening moet aangeven dat het algemeen bestuur deze nog dient te autoriseren – in het accountantsverslag aan de orde stellen. Extra lasten die zijn gemaakt omdat extra opbrengsten daarvoor de ruimte bieden, terwijl deze extra lasten niet direct zijn gerelateerd aan de extra opbrengsten en waarbij het algemeen bestuur nog geen besluit heeft genomen over de aanwending van deze extra opbrengsten, zijn onrechtmatig en tellen mee in het oordeel van de accountant. Dit is bij de OD NHN overigens niet aan de orde.
Begrotingsafwijkingen werken niet door in de controleverklaring In totaal heeft uw gemeenschappelijke regeling € 20.657.000 aan lasten begroot, tegenover € 22.123.000 aan werkelijke lasten in 2022. Dit is in totaal een overschrijding van € 1.466.000 (7,1%). Aan baten had uw gemeenschappelijke regeling een bedrag van € 20.657.000 begroot, tegenover € 23.098.000 aan werkelijke baten in 2022. In totaal gaat het om een hogere realisatie van baten van € 2.441.000 (11,8%). Het gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten komt daarmee op € 975.000 voordelig. In het kader van de begrotingsrechtmatigheid moet gekeken worden naar de lastenoverschrijdingen op het niveau waarop het algemeen bestuur de begroting autoriseert. In uw geval is dat op programmaniveau. Op het programma Milieutaken is sprake van een overschrijding op de geraamde lasten van € 916.000. Deze overschrijding wordt geheel gecompenseerd door hogere baten. 312019006.21.049 - 9
Op het programma VTH-plustaken is sprake van een overschrijding van € 550.000. Deze overschrijding past, zo geeft het dagelijks bestuur aan, binnen bestaand beleid en kan ook worden gedekt, voor zover deze te maken heeft met de stikstofproblematiek, uit de reserves. Het dagelijks bestuur heeft daarom geconcludeerd dat geen sprake is begrotingsoverschrijdingen die door hoeven te werken in het rechtmatigheidsoordeel van de accountant. Wij kunnen ons daarin vinden. Naast overschrijdingen van lasten, zijn ook op onderdelen meer baten gerealiseerd dan begroot. Over de baten rapporteren wij in deze paragraaf niet, omdat dit geen onderdeel uitmaakt van het criterium begrotings-rechtmatigheid zoals de richtlijnen voorschrijven. De begrotingsrechtmatigheid omvat ook de overschrijdingen op investeringskredieten. Deze hebben zich in 2022 voorgedaan voor een bedrag van € 149.000. Zoals het dagelijks bestuur in de “Samenvatting financiële verantwoording en begrotingsrechtmatigheid” aangeeft, zijn deze overschrijdingen passend in uw bedrijfsvoering. Het zijn noodzakelijke (vervangings-)investeringen die samenhangen met de groei van de organisatie en noodzakelijk zijn in verband met wet- en regelgeving en goed werkgeverschap. Om deze reden werken deze overschrijdingen eveneens niet door in ons rechtmatigheidsoordeel.
Voorziening verlofsparen
Medewerkers kunnen op basis van de CAO Gemeenten vanaf 1 januari 2022 bovenwettelijke vakantie-uren sparen. Met dit 'verlofsparen' kunnen medewerkers passend bij hun levensfase hun bovenwettelijke vakantie-uren inzetten op een manier die aansluit bij hun persoonlijke levens- en carrièreplanning. Deze vakantie-uren verjaren niet. Dit kan gaan leiden tot verlofstuwmeren die bijvoorbeeld ingezet gaan worden om eerder met pensioen te gaan. Aangezien er bij verlofsparen sprake is van arbeidskosten gerelateerde verplichtingen die een niet voorspelbare opbouw en daarmee ook onvoorspelbare afbouw kennen, dient hier volgens de Commissie BBV een voorziening voor gevormd te worden. De hoogte van deze voorziening hangt onder andere af van de mate waarin medewerkers gebruik gaan maken van deze regeling. In de jaarrekening 2022 heeft het dagelijks bestuur een voorziening getroffen voor een bedrag van € 13.000. Deze voorziening is bepaald door het verlof te kwantificeren van de medewerkers die zich hebben aangemeld voor “verlofsparen”. Medewerkers kunnen vanaf 1 januari 2022 “verlofsparen”. Niet al uw medewerkers hebben hier gebruik van gemaakt, waardoor de omvang van de voorziening relatief van beperkte omvang is. Mogelijk dat dit in de komende jaren het beroep op deze mogelijkheid vanuit uw medewerkers groter gaat worden.
Wij adviseren u hier alert op te zijn en blijven, omdat dit niet alleen financiële gevolgen kan hebben (het treffen van een voorziening), maar ook kan betekenen dat verloftegoeden significant kunnen gaan toenemen, met als gevolg dat u (eerder) personeel moet gaan vervangen. Op het moment dat medewerkers het tegoed aan “verlofsparen” opnemen zal de voorziening voor het deel dat opgenomen wordt vrijvallen, waardoor budget beschikbaar komt om eventueel een vervanger aan te trekken. Voor de komende jaren adviseren wij u dit goed te blijven volgen en te analyseren, omdat enerzijds u de risico’s zult moeten voorzien, maar anderzijds geen sprake mag zijn van een arbeidskosten gerelateerde verplichting met gelijkblijvende omvang. De commissie BBV adviseert hierbij om na te gaan of u in de toekomst mogelijk gebruik kunt maken van ervaringscijfers. 312018013.23.140 - 10
Geen sprake van te betalen vennootschapsbelasting
Uitgangspunt van het dagelijks bestuur is dat in uw jaarrekening geen sprake is van activiteiten die onder de vennootschapsbelastingplicht (Vpb) vallen. In de jaarrekening 2022 (paragraaf 4.7) heeft het dagelijks bestuur vermeld dat uw gemeenschappelijke regeling met het Bureau Belastingplicht Overheidsondernemingen overeengekomen is dat nagenoeg alle taken die door uw omgevingsdienst worden uitgevoerd, zijn voorgeschreven in de wet en daarom zijn vrijgesteld van Vpb. Wij adviseren de ontwikkelingen over Vpb voor overheidsbedrijven en uw eigen Vpb-positie te blijven monitoren, om tegenvallers inzake de Vpb te voorkomen dan wel tijdig te signaleren. Daarnaast adviseren wij u om uw Vpb-positie af te (blijven) stemmen met de Belastingdienst.
WNT-verantwoording en anticumulatiebepaling WNT
De Wet normering topinkomens (WNT) is in werking getreden met ingang van 1 januari 2013. De WNT regelt niet alleen de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, maar stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Met ingang van 1 januari 2013 is bij wet vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging over 2022 van € 216.000 niet te boven gaat. Daarnaast dienen gemeenschappelijke regelingen het salaris openbaar te maken van overige medewerkers (inclusief – wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan – ingehuurd personeel) die een bezoldiging ontvangen boven deze norm. Ten slotte stelt de WNT een aantal overige eisen, zoals een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000. Met ingang van boekjaar 2018 dienen ook de ontvangen vergoedingen die bij andere WNT plichtige instellingen zijn ontvangen te worden verantwoord in de WNT-verantwoording. Aangezien het voor ons niet mogelijk is de volledigheid vast te stellen van de dienstbetrekkingen en de ontvangen vergoedingen, is in het WNT-controleprotocol opgenomen dat wij de anticumulatiebepaling niet hoeven te controleren.
In onze controleverklaring is dit ook als zodanig toegelicht. De naleving van de anticumulatiebepaling maakt daarom geen onderdeel uit van de controle van de accountant. De WNT-toezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden. In 2022 is voor geen van de topfunctionarissen en overige medewerkers sprake van een overschrijding van de grensbedragen. Bij de controle van de WNT-verantwoording 2022 stelden wij wel vast dat geen sprake was van (zichtbare) interne controle op de opgestelde WNT-verantwoording. Wij adviseren u om in het vervolg voordat de WNT-verantwoording voor controle wordt aangeboden zichtbaar interne controle uit te laten voeren. In het kader van de WNT attenderen wij u erop dat u de plicht heeft om uiterlijk 1 juli 2023 uw WNT-verantwoording over het kalenderjaar 2022 via internet op een algemeen toegankelijke wijze openbaar te maken. Als op grond van andere op de verantwoordelijke van toepassing zijnde regelgeving of een besluit een later tijdstip waarop het financieel verslaggevingsdocument openbaar moet worden gemaakt geldt, is die latere datum de uiterlijke datum van openbaarmaking
312018013.23.140 - 11
Onrechtmatigheid aanbestedingen
Sinds 2013 maakt u gebruik van hetzelfde boekhoudpakket. Bij de aanbesteding destijds was rekening gehouden met een geraamde contractwaarde van € 137.000 voor de periode 2014-2017, waardoor destijds geen verplichting bestond om dit contract Europees aan te besteden. In het afgesloten contract was een (stilzwijgende) optie tot verlengen met één jaar overeengekomen. Het afgesloten contract loopt nog steeds door en inmiddels zijn de jaarlijkse kosten zodanig toegenomen dat geraamde waarde over de toekomstige 4 jaar meer bedraag dan het drempelbedrag voor Europees aanbesteden. Op basis van de werkelijke uitgaven over 2022 van € 72.000 bedraagt de geraamde waarde voor de komende 4 jaar minimaal € 288.000. Het contract heeft geen einddatum en is in principe jaarlijks opzegbaar. Omdat de geraamde opdrachtwaarde inmiddels de grenswaarde voor Europees aanbesteden heeft overschreden, is het contract onrechtmatig geworden. Gelet op de jaarlijkse mogelijkheid tot opzeggen, is de rechtmatigheidsfout 2022 gelijk aan de werkelijke uitgaven over 2022 van € 72.000. Deze fout hebben wij meegewogen in ons rechtmatigheidsoordeel. Zolang het contract niet opnieuw is aanbesteed, zal deze rechtmatigheidsfout blijven bestaan. Daarnaast is door uw inkoopadviseur geconstateerd dat diensten zijn afgenomen bij een leverancier voor ondersteuning bij projecten voor het jaar 2021.
De periode is inmiddels verstreken, echter er wordt door uw omgevingsdienst nog steeds gebruik gemaakt van de diensten van deze leverancier. De inschatting die u destijds bij de offerte uitvraag heeft gemaakt, komt daarom niet meer overeen met de huidige inkoopbehoefte en daarbij horende gerealiseerde uitgaven. Wanneer u de komende periode diensten van deze leverancier blijft afnemen op basis van de destijds gemaakte afspraken en u besteed deze diensten niet opnieuw aan, dan zal het drempelbedrag voor diensten in 2023 mogelijk worden overschreden, waardoor het afgesloten contract als onrechtmatig kwalificeert.
Geen fouten en onzekerheden met betrekking tot de SiSabijlage
Op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (Bado), artikel 5, lid 4, rapporteren wij in dit accountantsverslag over de fouten en onzekerheden van de specifieke uitkeringen die in 2022 onder Single information, Single audit (SiSa) vallen. Wij doen dit met een tabel, die ook opgenomen moet worden als er geen fouten of onzekerheden geconstateerd zijn. Per regeling is hierin aangegeven of, en zo ja welke financiële fouten of onzekerheden zijn geconstateerd. In overeenstemming met de Nota verwachtingen accountantscontrole SiSa is de tabel leeg als er geen bevindingen zijn. Hierna treft u deze tabel aan. Nr.
Specifieke uitkering of overig
E93
Regeling specifieke uitkering interbestuurlijk programma VTH
F21
Eenmalige specifieke uitkeringen ten behoeve van extra ondersteuning voor toezicht op handhaving van de energiebesparingsplicht
Fout of onzekerheid
Financiële omvang in euro's
Toelichting fout/onzekerheid
Strekking controleverklaring rechtmatigheid: goedkeurend Strekking controleverklaring getrouwheid: goedkeurend 312018013.23.140 - 12
4.
Interne beheersing
312018013.23.140 - 13
4. Interne beheersing Kernboodschappen interim- Als onderdeel van de jaarrekeningcontrole hebben wij aandacht geschonken aan de opzet, het bestaan en de werking van maatregelen van administratieve organisatie en interne beheersing (AO/IB), voor zover van belang voor onze controle op de controle 2022
betrouwbaarheid van de in de jaarrekening opgenomen gegevens. Naar aanleiding van de controle 2022 hebben wij met onze brief van 8 november 2022 (kenmerk 312018013.22.371) onze bevindingen gedeeld met het dagelijks bestuur en de directie. De kernboodschappen die wij het dagelijks bestuur en directie hebben meegegeven uit onze interim-controle hebben wij hieronder opgenomen. Verbetermogelijkheden interne beheersing ▪
Blijf, op basis van een follow up-rapportage, de voortgang van de opvolging van adviezen uit interne controlerapportages en voorgaande accountantsrapportages bewaken, inclusief uw prioriteitsstelling en rapporteer hierover aan het bestuur. Een groot deel van de eerdere adviezen is overigens opgevolgd.
▪
De inrichting (opzet) van de financiële processen is in 2022 (ten opzichte van voorgaande jaren) niet (of nauwelijks) gewijzigd. Van een aantal processen heeft u dit jaar het bestaan vastgelegd. In het kader van de doorontwikkeling van uw (financieeladministratieve) organisatie en in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording vanaf 2023 is het belangrijk dit jaarlijks voor alle (materiële) processen te doen.
▪
Uw IT-omgeving heeft, gelet op de implementatie van het ICT-Masterplan, geen onderdeel uitgemaakt van uw verbijzonderde interne controle (VIC). Gelet op uw afhankelijkheid van derden en de dominantie van IT op uw bedrijfsvoering vinden wij dit wel een belangrijk aandachtspunt voor de komende jaren.
▪
Borg dat alle onderdelen uit uw intern controleplan tijdig en verspreid over het jaar worden uitgevoerd. Voor 2022 beschikte u overigens niet over een geactualiseerd intern controleplan. Voor 2023 adviseren wij u deze, mede in verband met de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording, op te stellen en met ons te delen.
▪
Blijf uw interne frauderisicoanalyse actualiseren. Voor 2022 is dit niet gerealiseerd, de meest recente interne frauderisicoanalyse dateert van 2020. Deze bevat 7 potentiële risico’s waarbij deels ook beheersmaatregelen, kans en impact zijn benoemd. Met de frauderisicoanalyse beschikt u in opzet over een stuurinstrument om de frauderisico’s te monitoren en te evalueren of beheersmaatregelen (nog) effectief zijn. Wij vinden het daarbij van belang dat deze ook regelmatig met de directie en bestuur wordt besproken. Dat vindt momenteel nog niet plaats. Ons advies is om deze periodiek te bespreken met directie en bestuur en de risico’s door te vertalen naar uw interne controle.
312018013.23.140 - 14
Bevindingen financiële processen ▪
In voorgaande jaren hebben wij het dagelijks bestuur geadviseerd om beleid te maken op basis waarvan binnen uw organisatie de prestatielevering wordt vastgesteld, alvorens tot betaling van facturen wordt overgegaan. Het dagelijks bestuur heeft besloten geen opvolging aan dit advies te geven, omdat uw huidige werkwijze voldoet.
▪
De procedure rondom het wijzigingen van stamgegevens van crediteuren en de controle hierop is in 2022 gewijzigd. In opzet worden daardoor minder risico’s gelopen. Ons advies is om toe te (blijven) zien dat de doorgevoerde wijzigingen ook worden nageleefd.
▪
De salarisadministratie wordt opnieuw (Europees) aanbesteed. Op dit moment vinden veel interne controles nog handmatig plaats volgens het 4-ogen-principes. Deze interne controle worden niet (automatisch) afgedwongen door het systeem. Wij hebben het dagelijks bestuur geadviseerd om te onderzoeken of interne controles bij een eventueel nieuw systeem wel kunnen worden ingevoerd en afgedwongen. Voor de salarisverwerking maakt u gebruik van een serviceorganisatie welke jaarlijks een ISAE 3402 rapportage opstelt. Op basis van gesprek met uw Senior HR Medewerker hebben wij vastgesteld dat deze rapportage niet periodiek wordt beoordeeld. Wij hebben het dagelijks bestuur geadviseerd deze rapportage periodiek op te vragen bij de serviceorganisatie en te beoordelen, omdat deze relevante informatie kan bevatten over de juiste en volledige verwerking van salarismutaties.
▪
Uw controller en inkoopadviseur hebben bij de uitvoering van de interne controle geconstateerd dat de cumulatieve uitgaven voor het financieel pakket (Afas), door de jaarlijkse verlengingen van het contract, ook in 2022 boven het grensbedrag voor Europees Aanbesteden uit zijn gekomen. Omdat het contract destijds niet Europees is aanbesteed, zijn daardoor de uitgaven 2022 (en mogelijk latere jaren) onrechtmatig.
In aanvulling hierop willen wij uw aandacht vragen voor de registratie van gewerkte uren door uw medewerkers. Uw medewerkers schrijven tijd op directe en indirecte urencodes, waarbij het aan te bevelen is om de directe werkzaamheden dusdanig te verfijnen door aan elke opdracht een aparte urencode te koppelen. Daarmee verkrijgt u een eenvoudiger inzicht in de bestede uren per opdracht, waarmee de verantwoording van projectkosten en daarmee samenhangende baten verbeterd wordt.
312018013.23.140 - 15
RechtmatigheidsVerantwoording: invoering met ingang van 2023
Het Ministerie van BZK heeft via de nieuwsbrief IBI (nummer 109, juni 2022) aangegeven dat de introductie van de rechtmatigheidsverantwoording uitgesteld wordt tot de jaarrekening voor het verslagjaar 2023 welke in het kalenderjaar 2024 wordt vastgesteld. Dit betekent dat vanaf dan onze controleverklaring alleen een oordeel over de getrouwheid van de jaarrekening (inclusief de getrouwheid van de rechtmatigheidsverantwoording die door het dagelijks bestuur in de jaarrekening wordt opgenomen) bevat. De Commissie BBV heeft de herziene kadernota uitgebracht (Kadernota rechtmatigheid 2023), waarin zij haar visie geeft over de invulling van het begrip rechtmatigheid in de rechtmatigheidsverantwoording. De Kadernota rechtmatigheid 2023 is daarmee vooral een belangrijk document voor het bestuur van decentrale overheden geworden. De invoering van de rechtmatigheidsverantwoording heeft voor een belangrijk deel te maken met het feit dat het dagelijks bestuur verantwoordelijk is voor de rechtmatige uitvoering van de begroting. Het is daarom ook aan het dagelijks bestuur om daar verantwoording over af te leggen. Het is daarbij van belang dat de verantwoording over de rechtmatigheid efficiënt en effectief dient te worden vormgegeven en dat de administratieve-en controlelasten niet stijgen.
Binnen uw organisatie wordt de benodigde informatie om de rechtmatigheidsverantwoording op te kunnen stellen vooral verzameld op basis van de (verbijzonderde) interne controle die u uitvoert. Het is daarom van belang om de opzet en inrichting van de interne controle periodiek goed tegen het licht te (blijven) houden. In onze managementletter hebben wij de volgende aandachtspunten aan het dagelijks bestuur gerapporteerd: ▪ ▪
▪ ▪
▪
▪
Stel vast of uw financiële verordening en/of controleverordening moet worden aangepast in verband met de invoering van de rechtmatigheidsverantwoording. Stel voor het verslagjaar 2023 een intern controleplan op, waarbij het naar onze mening waardevol is als uw organisatie in het interne controleplan ook expliciet aandacht besteedt aan de interne beheersing rondom de IT-omgeving en daarbij waar mogelijk gebruik van maakt. Maak goede keuzes aan de voorkant en stem deze af met de accountant. Laat het algemeen bestuur (jaarlijks) het normenkader expliciet vaststellen. Dit doet u al, maar is vanaf verslagjaar 2023 verplicht. Laat het algemeen bestuur de verantwoordingsgrens (oftewel het bedrag waarboven afwijkingen in de rechtmatigheidsverantwoording moeten worden gerapporteerd door het dagelijks bestuur) vaststellen. Deze grens moet tussen de 0% en 3% van de lasten inclusief toevoegingen aan reserves liggen. Laat het algemeen bestuur de rapporteringsgrens (oftewel het bedrag waarboven afwijkingen in de paragraaf bedrijfsvoering moeten worden gerapporteerd door het dagelijks bestuur) vaststellen. Deze grens mag niet hoger zijn dan de verantwoordingsgrens. Voer geplande werkzaamheden overeenkomst uw planning (dus tijdig) uit en evalueer bevindingen en aanpak. Maak oorzaakanalyse bij afwijkingen en stel indien noodzakelijk bij. Rapporteer periodiek bevindingen.
312018013.23.140 - 16
5.
Overige aangelegenheden
312018013.23.140 - 17
5. Overige aangelegenheden Geen meningsverschil met het dagelijks bestuur
Er zijn geen meningsverschillen met het dagelijks bestuur geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controleopdracht door het dagelijks bestuur van uw gemeenschappelijke regeling de volledige medewerking verleend en hebben wij de volledige toegang tot de benodigde informatie gehad.
Wij hebben namens het dagelijks bestuur een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen. Bevestigingen van het dagelijks bestuur ontvangen
Naleving van wet- en regelgeving
Wij hebben geen kennis van te rapporteren omstandigheden in verband met het niet-naleven van wet- en regelgeving.
Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving
Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel over de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken over de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts die onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid pretenderen. Uit de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn geen bijzonderheden gebleken waarop wij u via deze rapportage willen attenderen.
Geen aanwijzingen van fraude
In Nederland is de accountant wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het management van de organisatie. Wij merken op dat onze controle niet specifiek is ingericht op het ontdekken van fraude. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht. Wij hebben een fraudediscussie gevoerd met het controleteam en met de concerncontroller van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, waarbij wij de nadruk hebben gelegd op de vermoedens van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken. Van het management en directie hebben wij de bevestiging ontvangen dat er geen onregelmatigheden zijn geconstateerd waarbij het management of werknemers die een belangrijke rol spelen bij de maatregelen van interne beheersing of anderen in het geval dat de fraude van materieel belang kan zijn op de jaarrekening, zijn betrokken. Tevens hebben wij zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd die gericht waren op het risico van het ‘omzeilen’ van de interne beheersingsmaatregelen door het management te detecteren. Wij hebben specifieke controles uitgevoerd op memoriaalboekingen en schattingen en hebben significante en ongebruikelijke transacties met behulp van gegevensanalyses onderzocht. 312018013.23.140 - 18
Hoewel wij op grond van de controle- en overige standaarden een kritische houding moeten hebben ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, merken wij op dat onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken hiervan. Tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2022 hebben wij geen aanwijzingen verkregen dat er sprake is geweest van materiële fraude.
Bevestiging onafhankelijkheid
Bevestiging onafhankelijkheid In overeenstemming met Nederlandse wet- en regelgeving, waaronder de Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO) van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), dient de externe accountant mogelijke conflicten met betrekking tot zijn onafhankelijkheid, zowel in wezen als in schijn, onder de aandacht te brengen van het dagelijks en het algemeen bestuur. Wij bevestigen dat onze onafhankelijke positie ten opzichte van de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord in overeenstemming met de Nederlandse wettelijke en beroepsvoorschriften is gewaarborgd. Wij zijn van mening dat onze objectiviteit gedurende het afgelopen jaar niet is aangetast. Stelsel van waarborgen om onafhankelijke positie te waarborgen Publieke Sector Accountants beschikt over een stelsel van maatregelen om onze onafhankelijke positie bij controlecliënten te waarborgen. Het stelsel van maatregelen is een integraal onderdeel van de bestuurlijke organisatie en van het voor de gehele organisatie van toepassing zijnde stelsel van kwaliteitsbeheersingsmaatregelen. Bijgaande niet-limitatieve opsomming geeft u een indruk van de maatregelen die bijdragen aan het waarborgen van onze onafhankelijke positie: ▪ ▪ ▪ ▪ ▪ ▪
▪
Schriftelijke onafhankelijkheidsbepalingen waarin alle bestaande onafhankelijkheidsvereisten en de risico’s ten aanzien van de bedreiging van de onafhankelijkheid en de daaraan gerelateerde waarborgen zijn verwerkt. Procedures voor tijdige bekendmaking van de voorschriften en de daarin aangebrachte wijzigingen aan alle partners en werknemers bij Publieke Sector Accountants. Procedures voor de organisatie van periodieke training inzake de toepassing van de onafhankelijkheidsvoorschriften. Procedures die erop gericht zijn dat onze gevolmachtigden en werknemers in specifieke casussen en omstandigheden de onafhankelijkheidsvoorschriften naleven. De benoeming van professionals op seniorniveau die verantwoordelijk zijn voor het continu actualiseren van de procedures en voorschriften, de tijdige bekendmaking ervan en het adequaat functioneren van het gehele stelsel van waarborgen. Procedures voor een schriftelijke rapportage per controlecliënt waarin is vastgelegd of sprake is van omstandigheden die de onafhankelijkheid van de accountant die de controleopdracht uitvoert bedreigen, op welke wijze met potentiële bedreigingen is omgegaan en indien er bedreigingen zijn gesignaleerd, welke maatregelen dan zijn genomen om deze bedreiging voor de onafhankelijkheid weg te nemen.
De vastlegging van deze beoordeling inclusief een gemotiveerde conclusie (de zogenoemde onafhankelijkheidsevaluatie) wordt in het dossier opgenomen. Procedures die vereisen dat een daartoe geëigende afdeling binnen Publieke Sector Accountants wordt geconsulteerd, als sprake is van een mogelijke aantasting van de onafhankelijkheid in relatie tot een specifieke cliënt. Wij zullen dan ook overwegen het algemeen bestuur of de auditcommissie te raadplegen.
312018013.23.140 - 19
▪
Procedures voor het interne toezicht in relatie tot de toetsing en bewaking van de naleving van de onafhankelijkheidsvoorschriften.
De opzet en werking van ons stelsel van maatregelen worden periodiek door de externe toezichthouder getoetst. Interne roulatie Een te grote mate van vertrouwdheid of vertrouwen kan een bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountant wanneer bepaalde leden van het controleteam geregeld en voor lange tijd aan de wettelijke controle van een controlecliënt meewerken. Wij beoordelen de bedreiging voor de onafhankelijkheid die kan voortvloeien uit de langdurige betrokkenheid van andere leden van het controleteam bij de controleopdracht. Waar nodig nemen wij maatregelen om de bedreiging weg te nemen. Wij merken op dat er in het kader van onze controleopdracht geen sprake is geweest van een dergelijke bedreiging. Persoonlijke, zakelijke of financiële relaties Wij hebben een evaluatie gemaakt van persoonlijke, zakelijke en financiële relaties tussen Publieke Sector Accountants, haar partners en haar medewerkers en de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, die van invloed kunnen zijn op onze onafhankelijkheid. Bij deze evaluatie zijn ons geen zaken gebleken welke aan u gerapporteerd dienen te worden.
Geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid De Nederlandse onafhankelijkheidsregels vereisen dat de eindverantwoordelijke accountant de met governance belaste organen informeert over geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid die Publieke Sector Accountants, een bestuurder of interne toezichthouder van Publieke Sector Accountants of een lid van het controleteam heeft ontvangen van of verstrekt aan de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord of een bij de gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord betrokken persoon. Hierbij is een drempel van € 100 opgenomen in de regels. Wij zijn van mening dat de verstrekte en ontvangen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid gepast zijn en daarom niet tot een bedreiging voor de onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht hebben geleid. Volledigheidshalve merken wij op dat wij geen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid hebben verstrekt/ontvangen die een (geschatte) waarde van meer dan € 100 hebben. Aanvullende dienstverlening Een overzicht van de aanvullende dienstverlening hebben wij hieronder opgenomen. Aanvullende dienstverlening Geen
312018013.23.140 - 20
Conclusie onafhankelijkheid De voorschriften in het kader van onafhankelijkheid zijn binnen de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (de NBA) opgenomen in de ‘Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO)’ en vormen een belangrijk onderdeel van het ‘normenkader’ waaraan een accountant moet voldoen. De naleving van de ViO is binnen Publieke Sector Accountants ingebed. Op basis van onze toetsing concluderen wij dat onze onafhankelijkheid als certificerend accountant bij OD NHN in 2022 voldoende is gewaarborgd.
Controleverschillen
Overzicht van de controleverschillen: Aard van de fouten en onzekerheden Fouten Onrechtmatige uitgaven als gevolg van onjuiste toepassing (Europese) aanbestedingsregels Lasten ten onrechte niet verantwoord in 2022 Totaal fouten Onzekerheden N.v.t. Totaal onzekerheden
Rechtmatigheid
Getrouwheid
€ 72.000
N.v.t
€ 17.000 € 89.000
€ 17.000 € 17.000
N.v.t. €0
N.v.t. €0
Wij hebben van het dagelijks bestuur een schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen, waarin het dagelijks bestuur bevestigt dat de niet-gecorrigeerde fouten, zowel individueel als in totaal, in het kader van de jaarrekening niet materieel zijn. Daarnaast is in de jaarrekening een aantal correcties doorgevoerd naar aanleiding van onze controle. Uw organisatie beschikt over een overzicht van deze correcties.
Disclaimer en beperking in gebruik
Dit verslag is alleen bestemd voor het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en het management en mag niet in zijn geheel of gedeeltelijk worden verstrekt of aangehaald zonder onze schriftelijke toestemming vooraf. Er wordt geen verantwoordelijkheid aan een derde partij geaccepteerd, omdat dit verslag daar niet voor opgesteld en bedoeld is. Dientengevolge nemen wij geen enkele verplichting of plicht van zorg aan ieder ander persoon aan wie dit verslag getoond of in zijn handen komt, op ons. De in dit verslag aan de orde gestelde onderwerpen zijn door ons geconstateerd gedurende onze controleopdracht waarvan wij van mening zijn dat zij uw aandacht behoeven. Het is geen allesomvattend verslag van alle geconstateerde zaken en in het bijzonder kunnen wij niet verantwoordelijk worden gesteld voor het rapporteren van alle bedrijfsrisico’s of tekortkomingen in het systeem van interne beheersing. Elke conclusie, opinie of opmerking in dit verslag is verstrekt in de context van onze controleverklaring over de jaarrekening als geheel. Evenzo geldt dat de opmerkingen, bevindingen en aanbevelingen met betrekking tot het systeem van interne beheersing niet gelezen dienen te worden als een afzonderlijke opinie van het systeem van interne beheersing en haar werking.
312018013.23.140 - 21
312018013.23.140 - 22