CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

5. Redactiestatuut 2017 (2023-44)

Gemeenteraad 30 oktober 2023, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Zendtijdtoewijzing Streekomroep (2023-44)1.507 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Redactiestatuut WEEFF 1. Doel van het statuut Dit programmastatuut heeft tot doel de onafhankelijkheid van de redactie van stichting Streekomroep West-Friesland (WEEFF) te waarborgen bij het uitoefenen van haar journalistieke taak. 2. Bij het statuut betrokken partijen Aan dit programmastatuut zijn gebonden: A. Degenen die blijkens een medewerker overeenkomst deel uitmaken van de radio, tv en internetredacties van WEEFF. B. De hoofdredactie van WEEFF C. De directie van WEEFF D. Het bestuur van WEEFF 3. Begripsbepalingen 3.1. Redactie Tot de redactie behoren degenen die volgens de medewerker overeenkomst als journalist/redacteur werkzaam zijn bij de omroep of anderszins onder directe verantwoordelijkheid van de hoofdredacteur functioneren. Zij worden benoemd en ontslagen door de directie, op voordracht van de hoofdredactie. 3.2. Hoofdredactie De hoofdredactie wordt gevormd door de hoofdredacteur. Hij/zij is verantwoordelijk voor de inhoud en de vorm van de programma’s op welk medium dan ook – de reclameboodschappen uitgezonderd -, ongeacht of daadwerkelijke uitzending heeft plaatsgevonden. Hij/zij heeft de leiding over de redactie. De hoofdredacteur maakt deel uit van de redactie.

De hoofdredactie ziet er op toe dat in de berichtgeving de vereiste journalistieke zorgvuldigheid wordt betracht, in overeenstemming met de uitgangspunten als verwoord in artikel 4 van dit statuut, en dat openbaarmaking van programma’s of onderdelen daarvan niet in strijd zijn met de wet. 3.3. Directie Aan de directie van de omroep is de verantwoordelijkheid voor het zakelijk beleid toegekend. Zij is verantwoordelijk voor de inhoud van de reclame-uitzendingen(reclameboodschappen). Het bestuur van de omroep is belast met het toezicht op de directie en hoofdredacteur. 3.4. Nieuwsbulletins Tot de nieuwsbulletins worden gerekend de programma’s, of delen van programma’s, die primair bedoeld zijn te informeren over actuele gebeurtenissen, ontwikkelingen en achtergronden bij die actualiteit. 3.5. Overige programma’s Tot de overige programma’s worden de programma’s gerekend die niet primair gekoppeld zijn of behoeven te zijn aan actuele gebeurtenissen en die veelal een onderhoudend informatief en/of cultureel karakter hebben. 3.6. Gesponsorde programma’s Deze programma’s of onderdelen van programma’s komen tot stand door medefinanciering en /of zakelijke ondersteuning door derden, zonder afbreuk te doen aan het bepaalde onder artikel 5 van dit statuut.

3.7 Reclameboodschappen Reclameboodschappen zijn alle uitingen van bedrijven en /of instellingen – al dan niet betaald – die erop zijn gericht het publiek te bewegen tot het kopen van een bepaald product of het gebruik maken van een bepaalde dienstverlening. 4. Doelstelling en identiteit De streekomroep onderscheidt zich van de provinciale publieke omroep doordat zijn programma’s op radio, tv en internet in het bijzonder betrekking hebben op een bepaalde regio van NoordHolland, namelijk West-Friesland en de inhoud van de programma’s cultureel en maatschappelijk van betekenis zijn voor de luisteraars en/of kijkers in deze regio. De omroep wil zo veelzijdig mogelijk informatie verschaffen op een breed terrein. De streekomroep opereert als publieke omroep. Zij stelt zich ten doel radio/ televisie/internetprogramma’s te maken en uit te zenden in overeenstemming met de bepaling van de Wet om daardoor de sociaal-maatschappelijke ontwikkeling in het uitzendgebied te bevorderen en de geestelijke, economische, culturele, educatieve en recreatieve activiteiten in genoemde regio te intensiveren. Daarbij staat het geven van informatie in de ruimste zin voorop. 5.

Journalistieke onafhankelijkheid De redactie oefent de haar opgedragen programmatische journalistieke taken uit zonder rechtstreekse beïnvloeding door wie dan ook, noch van buitenaf, noch van binnenuit, anders dan op de wijze zoals in dit statuut geregeld. De redactie heeft geen binding met enige politieke of levensbeschouwelijke groepering of met belangengroepen. De redactie hecht aan fundamentele waarden en grondrechten, als de vrijheid van meningsuiting, het handhaven van de rechtsstaat en eerbiediging van de menselijke persoonlijkheid, ongeacht afkomst, ras, geslacht of seksuele geaardheid. De redactie streeft bij de uitvoering van haar werk steeds objectiviteit en onpartijdigheid na, zowel in berichtgeving als analyse. Ze laat zich leiden door de uitgangspunten van journalistieke zorgvuldigheid en evenwichtigheid. 6. Positie van de hoofdredacteur en directeur Het bestuur van de omroep is als houder van de zendmachtiging overeenkomstig de (Media)wet verantwoordelijk voor het algemeen programmabeleid en voor vorm en inhoud van hetgeen in zijn zendtijd wordt uitgezonden, zowel intern als tegenover derden. Het bestuur van de omroep delegeert de voorbereiding en samenstelling van de programma’s aan de hoofdredacteur. Het bestuur oefent achteraf en met terughoudendheid controle uit.

De hoofdredacteur is belast met de voorbereiding, uitvoering, evaluatie en ontwikkeling van het programmabeleid van de omroep. Hij is met betrekking tot de programma’s verantwoordelijk voor de naleving van Statuten en door bestuur vastgestelde richtlijnen van de omroep. Het bestuur van de omroep zal de journalistieke onafhankelijkheid van de redactie waarborgen. De directie is verantwoordelijk voor het verwerven, accepteren en uitzenden van reclameboodschappen. Zij zal te allen tijde de redactie vrijwaren van verantwoordelijkheid voor inhoud en programmering van reclameboodschappen. De directie ziet erop toe dat nieuwsbulletins niet worden gefinancierd door een of meer opdrachtgevers. Zij zal in het algemeen de hoofdredactie op generlei wijze verplichten tot het leggen

van verbanden tussen de nieuwsberichtgeving en mogelijke belangen van opdrachtgevers, noch ten gunste noch ten nadele van die laatste(n). 7. Positie van de hoofdredactie en de redactie De hoofdredactie van de omroep bestaat uit de hoofdredacteur. Hij/zij wordt bij afwezigheid vervangen door de eindredacteur. De eindredacteur is in de dagelijkse operatie verantwoordelijk voor de uitvoering van het redactionele beleid. Intern en op diens verzoek vertegenwoordigt hij/zij de hoofdredacteur in journalistieke zaken. De hoofdredactie draagt geen verantwoordelijkheid voor de inhoud of het karakter van enige uitgezonden reclameboodschap. De directie zal niet overgaan tot ontslag van enig lid van de redactie dan na overleg met de hoofdredactie. De hoofdredactie belegt zeker zesmaal per jaar een plenaire redactievergadering waarin zij uitleg geeft over het redactionele beleid: journalistieke uitgangspunten, programmatische plannen en besteding van het redactiebudget. Leden van de redactie zullen, zonder schriftelijke toestemming van de directie en hoofdredactie, geen contacten onderhouden met bedrijven, instellingen of maatschappelijke groeperingen, gericht op de totstandkoming van enige zakelijke of persoonlijke samenwerking met genoemde bedrijven, instellingen of maatschappelijke groeperingen.

Leden van de redactie zullen hun eventuele politieke en/of levensbeschouwelijke overtuiging niet zodanig uitdragen, dat hun journalistieke onpartijdigheid en die van de omroep in het gedrang kan komen. Het gebruik van de naam van de omroep, van de naam van afzonderlijke programma’s of onderdelen hiervan, voor eigen gewin van redactieleden, is strikt verboden zonder schriftelijke toestemming van directie en hoofdredactie. 8. Overleg en advies De partijen die aan dit statuut gebonden zijn, verklaren het hoogste belang te hechten aan goede werkverhoudingen tussen journalistieke en niet-journalistieke medewerkers, alsmede tussen journalistieke medewerkers onderling. Zij erkennen het belang van onderling overleg in situaties die daarom vragen. Over zaken die verband houden met het bepaalde in dit statuut, zal de hoofdredactie in geen geval overleg met (een vertegenwoordiging van) de redactie ontwijken of weigeren. Over zaken die verband houden met het bepaalde in dit statuut, zal de directie in geen geval overleg met de hoofdredactie ontwijken of weigeren. 9. Rechten van de leden van de redactie Wanneer de hoofdredactie besluit ingrijpende wijzigingen aan te brengen of te doen aanbrengen in een programma, dient de betrokken programmamaker tijdig in kennis gesteld te worden.

Als de betrokken programmamaker(s) het niet met de genomen beslissing eens is (zijn), kan (kunnen) hij (zij) zich achteraf wenden tot het bestuur met het verzoek om een uitspraak. Wanneer de hoofdredactie besluit om een programma niet uit te zenden, kan (kunnen) de betrokken programmamaker(s) zich eveneens achteraf voor een uitspraak wenden tot het bestuur. 10. Benoeming en ontslag van de hoofdredacteur De hoofdredacteur van de omroep wordt benoemd en ontslagen door het bestuur.

Het bestuur zal geen beslissing tot benoeming nemen voordat een redactievertegenwoordiging in de gelegenheid is gesteld over de voorgenomen benoeming aan haar een advies uit te brengen. Dit advies heeft een zwaarwegend karakter; het negeren ervan dient het bestuur schriftelijk te motiveren. Bij een voorgenomen ontslag van de hoofdredacteur om programmatische redenen, moet voorafgaand overleg gevoerd worden met een door de redactie benoemde vertrouwenscommissie. 11. De begroting De begroting wordt vastgesteld door het bestuur, op voorstel van de directie, na overleg met de hoofdredactie. Tijdig voordat de directie de begroting aan het bestuur voorlegt, wordt deze aan hoofdredactie voorgelegd voor wat betreft de posten die rechtstreeks betrekking hebben op programmatische werkzaamheden. Het verslag van deze bespreking wordt met de begroting aan het bestuur voorgelegd. Indien de directie van de omroep voorstellen van de hoofdredacteur niet in de conceptbegroting opneemt, dient de directie bij de aanbieding van de begroting aan het bestuur, de hoofdredacteur in de gelegenheid te stellen zijn opvattingen kenbaar te maken. 12. Geschillen Bij geschillen, direct samenhangend met de bepalingen van dit programmastatuut, kunnen betrokkenen een bindend oordeel vragen aan een onafhankelijke beroepscommissie.

Deze commissie bestaan uit een lid aangewezen door het bestuur, een lid uit of aangewezen door de redactie en een door de betrokken partijen aan te wijzen onafhankelijke commissievoorzitter. Een beroepsprocedure heeft geen schorsende werking ten aanzien van een directiebesluit, tenzij partijen anders overeenkomen.

Enkhuizen, 15 augustus 2017

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13217194/1