220121 Bericht wethouder aan raad over Recycletarief (2021-60)
Tekst van het document
Oosterleek, 21 januari 2022
Geachte raadsleden, Afgelopen raadsvergadering, op 20 december jl., is door uw raad gedebatteerd over het Recycleplan. Daarbij is toen ook een amendement ingediend, waarover de stemmen staakten. Het lijkt verstandig om u nog even te informeren over een aantal nog openstaande vraagpunten, en over de wijze waarop met dit amendement, wanneer het aangenomen zou worden, omgegaan wordt. Om te beginnen wil ik nog even ingaan op de relatie tussen de vaststelling van het Recycleplan in de komende raadsvergadering, en de vaststelling van de Afvalstoffenverordening 2023 aan het eind van dit jaar. Ik zou nogmaals aan willen geven dat het feitelijke besluit over de introductie van een recycletarief pas plaatsvindt bij de vaststelling van die verordening. Immers: wanneer in die verordening een jaarlijks tarief wordt vastgesteld, is er sprake van een continuering van het huidige inzamelregime, wanneer er in die verordening een tarief per lediging van een bak wordt opgenomen is er sprake van een recycletarief. Dat betekent dat uw raad op dat moment in alle vrijheid kan besluiten tot het ene of het andere inzamelmodel. Om die vrijheid voor u nog verder te vergroten, zou ik aan u willen voorstellen om de afvalstoffenverordening niet in december aan u ter besluitvorming voor te leggen, maar al in oktober.
Dit heeft als voordeel voor uw raad dat het overgrote deel van de kosten die verbonden zijn met de introductie van een eventueel recycletarief pas gemaakt worden na de finale besluitvorming. Over die kosten later in deze memo nog meer. We hebben goede nota genomen van het voorliggende concept-amendement. Als ik de essentie van dat amendement zou willen verwoorden, komt dat neer op het volgende: “Begin alvast met een aantal noodzakelijke verbeteringen, maar kunnen we a.u.b. leren van de ervaringen van ander Westfriese gemeenten, en kunnen we op termijn (in 2024) ook nog kijken naar de vraag of nascheiding (als gevolg van technische ontwikkelingen) in de toekomst toch niet een beter alternatief zou zijn?” De geest van het amendement is daarmee duidelijk, maar de letter is een wat lastigere. Want de vraag is even op welke punten door dit amendement het Recycleplan feitelijk geamendeerd wordt. Het gaat hier, als ik zo vrij zou mogen zijn, eigenlijk meer om een motie dan om een amendement. Dat is op zich niet erg, maar het maakt de uitvoering van het Recycleplan eigenlijk onmogelijk, ook van die zaken waarvan in het amendement wordt aangegeven dat die wel wenselijk zijn, zoals bijvoorbeeld de optimalisaties. Er is immers niet duidelijk op welke onderdelen het Recycleplan feitelijk geamendeerd wordt.
Volgens dit amendement wordt het Recycleplan ongewijzigd vastgesteld, maar de uitvoering wordt, op niet specifiek benoemde onderdelen, veranderd. Daarmee is bij aanname van het amendement de facto onduidelijk wat er nu is vastgesteld. Doelgroepenbeleid In RTG en raad gevoerd hebben we met elkaar het gesprek gevoerd over de voorbereiding van doelgroepenbeleid. Zoals al toegezegd zal, in overleg met uw griffier, na de verkiezingen met de nieuwe raad een traject georganiseerd worden om tot een mogelijke invulling van dat doelgroepenbeleid te komen. Daarbij gaat het dus om de vraag voor welke groepen inwoners (en in de discussie werden groepen genoemd als mensen met een medische indicatie of grote gezinnen) een specifieke positie krijgen in dit beleid, bijvoorbeeld door een andere aanbiedmogelijkheden (zoals bijvoorbeeld met een pasje voor een ondergrondse container) of een andere tarifering. Zoals al aangegeven is dit een onderdeel wat nog verder uitgewerkt moet worden. Het lijkt verstandig om dit samen met de nieuwe raad te doen.
De invulling van dat doelgroepenbeleid heeft natuurlijk ook consequenties voor de verdeling van de kosten en daarmee voor de tarifering. Alleen al daarom kan daar dus op dit moment geen volledige duidelijkheid over gegeven worden. Die tarifering is daarmee ook een resultante van het door uw raad ontwikkelde doelgroepenbeleid, en dat beleid en de (daaruit volgende) tarifering zal dan dus neerslaan in de afvalstoffenverordening die in oktober aan u, of eigenlijk aan de nieuwe raad, wordt voorgelegd. En anders dan bij een reguliere Afvalstoffenverordening zal deze dan ook voorzien worden van een memo waarin ingegaan wordt op het met de raad ontwikkelde doelgroepenbeleid en de (onder andere daaruit voortvloeiende) tariefopbouw. Procesgang Om aan de geest van het amendement tegemoet te komen, zou ik dus het volgende aan u voor willen stellen met betrekking tot het Recycleplan, wanneer het voorliggende amendement niet ingediend of niet aangenomen zou worden: 1- Start van de optimalisaties in 2022 2- Samen met de nieuwe raad ontwikkelen we nog voor de zomer doelgroepenbeleid, waarbij ook gesproken wordt over de wenselijke tariefopbouw, en de consequenties van dat doelgroepenbeleid daarop. 3- We gebruiken de komende tijd om te leren van de eerste ervaringen van de Westfriese gemeenten gedurende de eerste driekwart jaar.
Indien deze anders zijn dan in de rest van het land, passen we ons beleid daaropaan. Bij de besluitvorming in oktober ligt er in ieder geval ook een rapportage van HVC voor, over de ervaringen in bijvoorbeeld Medemblik, in vergelijking met de landelijke ervaringen. Daarbij gaat het met name over dumping en het afkeuren van ingezamelde stoffen. 4- Vaststelling Afvalstoffenverordening in oktober 2022, met daarbij een memo over het doelgroepenbeleid en de opbouw van de verschillende tarieven. 5- Evaluatiemoment in 2024, waarbij ook de laatste en nieuwe ervaringen met nascheiding worden meegenomen. Daarbij kan, omdat het DVO met HVC dat ook gewoon mogelijk maakt, eventueel besloten worden om terug te gaan naar het oude tariefmodel. Kosten In het bovenstaande heb ik aangegeven dat door het vervroegen van de besluitvorming tot oktober, een veel groter deel van de te maken kosten pas na het moment van besluitvorming zou komen te vallen. Zoals uit bijlage 1 blijkt valt, bij besluitvorming in oktober, meer dan 75% van de gemeentelijke kosten na het moment van besluitvorming. Tegelijkertijd is het onvermijdelijk dat er, bij de invoering van een dergelijk omvangrijke systeemwisseling, wel vooruitlopend een aantal kosten gemaakt worden. Dat zou echter bij ieder moment van besluitvorming zijn.
Overigens wordt dat ook geaccepteerd in het voorliggende amendement, waar immers de ruimte wordt gegeven voor de investeringen in ondergrondse containers. In de raad was ook nog een vraag over de wijze waarop de eerdere met HVC afgesproken efficiencytaakstelling verwerkt is in het recycleplan. In de DVO met HVC, welke van kracht is vanaf januari 2020, zijn afspraken gemaakt over onder meer de inzameling, verwerking en een efficiencytaakstelling. Het nieuwe beleidsplan past binnen de afspraken in de bestaande DVO. In de business case is de impact op het tarief in beeld gebracht, waarbij een tariefmutatie wordt toegepast op de bestaande DVO. Hiermee wijzigt de vaste vergoeding voor de inzameling. Conclusie Als het amendement zou worden aangenomen, is het onduidelijk welke elementen van het Recycleplan daarmee nu precies worden geamendeerd. Dat zou betekenen dat het college eigenlijk ook niet met een aantal noodzakelijk optimalisaties aan de gang kan. Ook is er dan geen mogelijkheid
om met de nieuwe raad met het doelgroepenbeleid aan de gang te gaan. Door het in het bovenstaande geschetste traject te volgen, kan tegemoetgekomen worden aan de geest van het amendement, zonder dat het noodzakelijk is om het Recycleplan te amenderen. En niet onbelangrijk: in dit traject wordt de nieuwe raad ook in positie gebracht om zich een mening over dit onderwerp, en meer in het bijzonder over het doelgroepenbeleid, te vormen. Ook dat is winst. Tot nadere toelichting natuurlijk altijd bereid.
Met vriendelijke groet, Jeroen Broeders Wethouder
Bijlage 1: Incidentele kosten gemeente zoals verwerkt in Recycleplan, met de fase waarin de uitgaven gedaan worden (uitgaande van vaststelling van de Afvalstoffenverordening eind oktober 2022) Eenmalige uitgaven gemeente Uitgaven tot oktober 2022 Voorbereiding organisatie / projectleiding € 10.000 Meerwerk plaatsing betonputten € 5.000 Communicatie € 5.500 Softwarepakket € 5000 In beeld brengen nul situatie zwerfafval € 2500 Subtotaal € 28.000 Uitgaven oktober 2022 tot 1 januari 2023 Voorbereiding organisatie / projectleiding € 5.000 Communicatie € 5.500 Subtotaal € 10.500 Uitgaven na 1 januari Voorbereiding organisatie / projectleiding € 5.000 Inzet buitendienst en extra verwerkingskosten € 15.000 Toezicht/handhaving Meldingen/KCC Communicatie Subtotaal Totaal
€ 35.000 € 11.000 € 5.500 € 71.500 Totaal eenmalige kosten € 110.000