2024-03-04 Was-wordt Gedragscode integriteit raadsleden drechterland 2017 - 2024
Tekst van het document
Communicatie extern De burgemeester zal zich bewust moeten zijn van de rol die de media kunnen spelen tijdens een feitenonderzoek. Hij dient met ondersteuning van het hoofd communicatie in overleg met het presidium, de griffier en de gemeentesecretaris op een verantwoorde manier informatie te verstrekken. De aard van de integriteitsschending en het onderzoeksbelang spelen hierbij een rol. De burgemeester staat voor de taak een balans te vinden tussen enerzijds het belang van het onderzoek en het beschermen van de persoonlijke levenssfeer van betrokkene en anderzijds het belang van transparantie en het voorkomen dat het idee ontstaat dat de zaak 'in de doofpot' verdwijnt. Er kan en mag niet te krampachtig worden omgegaan met het verstrekken van informatie. Wel moet er voor worden gewaakt het onderzoek te frustreren door het voorbarig naar buiten brengen van informatie. Onnodige beschadiging van personen moet worden voorkomen. Informatieverstrekking aan de media dient plaats te vinden via één kanaal, te weten het hoofd communicatie. Kortom, komt er een vraag van de media, dan gelden de volgende gedragsregels:
de persvraag wordt gemeld bij de burgemeester; de burgemeester bereidt in overleg met het hoofd communicatie de beantwoording voor; de vraag wordt gepast, transparant en zakelijk beantwoord; voor de inhoudelijke check van het antwoord kan de burgemeester advies inwinnen bij deskundigen; de burgemeester draagt zorg voor de mondelinge en schriftelijke beantwoording van de vraag.
Onderzoeksrapportage De onderzoeksfase eindigt met het aanbieden van het onderzoeksrapport aan de burgemeester. Dit rapport behoort alle informatie te bevatten die voor de burgemeester nodig is om zich een oordeel te kunnen vormen over het vermoeden van integriteitsschending. Ook betrokkene zal zich een oordeel moeten kunnen vormen over het onderzoek en eventueel het onderzoek op zijn rechtmatigheid moeten kunnen (laten) toetsen. Hiervoor is een deugdelijke rapportage nodig. Inhoud rapportage In de rapportage dienen de volgende aspecten in ieder geval aan de orde te komen: De onderzoeksopdracht met eventuele uitbreidingen, mocht dit tijdens het onderzoek naar de integriteitsschending noodzakelijk zijn gebleken. Betrokkene kan zijn eventuele bedenkingen bijvoorbeeld naar voren brengen tijdens de verantwoordings-c.q. de zienswijzeprocedure. Een beschrijving van de casus, waarin helder naar voren wordt gebracht wat de uitgangspunten voor het onderzoek geweest zijn en welke feiten en omstandigheden hierbij een rol hebben gespeeld. De relevante regelgeving. Onderzoeksresultaten Geen aanbevelingen omtrent het beoordelen van het feitencomplex in het rapport. Het is de taak van de burgemeester om op basis van de onderzoeksgegevens een oordeel te vormen over de feiten en omstandigheden met betrekking tot de integriteitsschending.
De onderzoekers dienen zich te onthouden van het geven van een opvatting over welke consequenties zouden moeten worden verbonden aan de door hen onderzochte feiten. Het is de taak van de onderzoekers om het feitencomplex objectief vast te stellen. Door het spanningsveld tussen objectief (descriptief) onderzoek en het vormen van een (normatief) oordeel moeten deze taken gescheiden worden gehouden. Aanbieding rapport aan de burgemeester Nadat de inhoud van het rapport is vastgesteld door de onderzoekers, kan het worden aangeboden aan de burgemeester. Hij/zij zal primair moeten bezien of de vastgestelde feiten in het rapport al dan niet aanleiding geven tot het kwalificeren van de feiten als ongewenst handelen. Hij/zij zal vervolgens aan het presidium of de raad ter overweging moeten voorleggen of het onderzoeksrapport aanleiding geeft maatregelen te formuleren. Dit is afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek. Er kunnen ook aanbevelingen tot verbeteringen/wijziging van procedures worden gedaan als geen sprake blijkt te zijn geweest van een integriteitsschending. De burgemeester verstrekt het rapport aan de betrokkene en aan het college als de betrokkene een wethouder betreft.
Besluitvorming Buiten die gevallen, waarin het handelen van een politiek ambtsdrager strafrechtelijk aan de kaak wordt gesteld, kan het doen en laten van een politiek ambtsdrager in de openbaarheid soms als bedenkelijk worden aangemerkt. Men kan elkaar daarop aanspreken en er een oordeel over hebben. Afhankelijk van de uitkomsten van het onderzoek kan worden besloten: a. het dossier te sluiten omdat er geen integriteitsschending heeft plaatsgevonden b. aangifte te doen bij de politie c. een motie aan te nemen d. aanbevelingen te doen Er zijn diverse maatregelen die ter overweging aan de raad kan worden meegegeven, zoals motie van wantrouwen, al dan niet gevolgd door politiek ontslag (artikel 43 of 49
Gemeentewet), het ontnemen van het lidmaatschap door de partij, motie van afkeuring en een motie van treurnis. Formulier Registratie integriteitsschendingen Tot slot wordt voor de registratie van vermoedens van schendingen, de onderzoeken en de afdoeningen gebruik gemaakt van een standaard formulier, het formulier ‘registratie integriteitsschendingen’. Dit formulier en een toelichting daarbij wordt bij dit stappenplan opgenomen. Nazorg Een integriteitsonderzoek heeft een flinke impact op (de reputatie van) de betrokken politieke ambtsdrager. Dat geldt alleen al voor het feit dat een onderzoek naar hem is gedaan, ongeacht de uitkomst ervan. Het is dan ook van belang om als bestuur en volksvertegenwoordiging of wellicht als politieke partij nadere aandacht te besteden aan de nazorg van de betrokken ambtsdrager en van het bestuursorgaan in brede zin. Niet alleen voor de betrokkene zelf, maar ook voor de organisatie kan het na-ijleffect groot zijn. Het kan ook goed zijn om enige tijd na het afsluitende debat over het onderzoek een evaluatiegesprek te plannen (buiten de vergadering). aan dit gesprek kunnen bestuurders, volksvertegenwoordigers en ambtenaren deelnemen die behoefte hebben aan een evaluatie. 1
De Nederlandse Code voor Goed Openbaar Bestuur (23 juni 2009) bevat basale beginselen van goed openbaar bestuur en is een informeel instrument dat een beroep doet op de eigen verantwoordelijkheid van besturen van gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk om gewetensvol invulling te geven aan hun taken en verantwoordelijkheden in het openbaar bestuur. De Code bevat geen juridisch afdwingbare normen. Bijlage III Formulier Registratie integriteitsschendingen Dit formulier is onderdeel van het stappenplan dat hoort bij artikel 6.2 lid 3 van de gedragscode integriteit raadsleden Drechterland 2024 Let op: in het geval van meerdere betrokkenen dient u per betrokkene een apart formulier in te vullen A) Administratieve informatie 1. Wat is de datum van de melding? … 2. Wat is de datum van afronding? … 3. Zijn er meerdere betrokkenen? □ Ja, aantal….. □ Nee B) Informatie over de melding 4. Is de melding afkomstig uit de eigen organisatie? □ Ja: interne melding □ Nee: externe melding 5. Betreft het melding klokkenluidersregeling? □ Ja □ Nee C) Informatie over de betrokkene (de - vermoedelijke - pleger van de schending) 7. Is bekend wie de – vermoedelijke – pleger van de schending is? □ Ja
□ Nee □ Onbekend 8. Is de betrokkene in dienst van de organisatie? □ Ja □ Nee □ Onbekend 9. Heeft betrokkene een leidinggevende functie? □ Ja □ Nee □ Onbekend 10. Is betrokkene bestuurder of volksvertegenwoordiger? □ Ja □ Nee □ Onbekend D) Type schending en conclusie onderzoek (u kunt meerdere typen -vermoedelijke– schendingen aanvinken) 11a. Financiële schendingen □ Diefstal/verduistering □ Fraude □ Overig, namelijk …………… 11b. Misbruik positie en belangenverstrengeling □ Nevenactiviteiten, financiële belangen □ Omkoping (corruptie) □ Geschenken, uitnodigingen □ Overig, namelijk ……………. 11c. Lekken en misbruik van informatie □ Lekken, misbruik van informatie □ Verlies/diefstal informatiedragers (usb-sticks e.d.) □ Overig, namelijk …………….. 11d. Misbruik bevoegdheden □ Opsporingsmethoden, dwangmiddelen □ Meineed, valsheid in geschrifte □ Afgifte vergunningen, identiteitsbewijzen □ Overig, namelijk ……………… 11e. Misbruik geweldsbevoegdheid □ Fysiek geweld □ Vuurwapengebruik □ Overig, namelijk ………………. 11f . Ongewenste omgangsvormen □ Interne benadeelde (organisatie) (met specificatie naar benadeelde) □ Externe benadeelde (burger, bedrijf) 11g. Misbruik bedrijfsmiddelen en overschrijding interne regels □ Misbruik/ongewenst gebruik van e-mail/internet □ Misbruik van bedrijfsmiddelen (telefoon, auto e.d.) □ Overig, namelijk ……………. 11h. Misdraging in privésfeer □ Namelijk ………… 11i .
Misstanden volgens de klokkenluiderregeling □ Schending van wettelijke voorschriften of beleidsregels □ Gevaar voor gezondheid, veiligheid of milieu
□ Onbehoorlijke wijze van functioneren die een gevaar vormt voor het goed functioneren van de openbare dienst 12 Conclusie onderzoek per type schending □ Geen onderzoek □ Conclusie onbekend Vul het type schending in: Aangetoond Weerlegd Niet aangetoond Overig , nl.. 1e …. □ □ □ … 2e …. □ □ □ … 3e …. □ □ □ … 4e …. □ □ □ … E) Bestuurlijke en ambtelijke afdoening 13. Is er onderzoek gedaan? □ Ja, volledig feitenonderzoek □ Ja, alleen vooronderzoek □ Nee, geen onderzoek, omdat ……… □ Onbekend 14. Welke afdoening heeft er plaatsgevonden? □ Geen (meerdere antwoorden mogelijk) □ Onbekend Disciplinair: □ Strafontslag onvoorwaardelijk □ Strafontslag voorwaardelijk □ Schriftelijke berisping onvoorwaardelijk □ Overige disciplinaire afdoening Overige afdoeningen: □ Overig ontslag (ongeschiktheidsontslag, zelf ontslag) □ Ambtelijke afdoening (waarschuwingsbrief, coaching e.d F) Strafrechtelijk traject 15. Is de politie, OM of Rijksrecherche ingeschakeld? □ Ja, er is aangifte gedaan □ Ja, er is alleen een melding gedaan □ Nee, er is geen aangifte of melding gedaan □ Onbekend 16. Strafrechtelijke afdoening (indien van toepassing) □ Niet bekend □ Seponering door OM □ Transactie / boete □ Veroordeling □ Overige, namelijk …………….