CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

2.4 RSW Begroting 2022

Gemeenteraad 21 juni 2021, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Zienswijze Jaarstukken 2020 en Begrotingen 2022 GR-en (2021-26)7.257 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Recreatieschap Westfriesland Begroting 2022

Voor behandeling in de vergadering van het algemeen bestuur van 7 juli 2021

2

Inhoudsopgave

Inleiding ....................................................................................................................................................... 3 Leeswijzer..................................................................................................................................................... 3 Beleidsbegroting .............................................................................................................................................. 4 Programmaplan ............................................................................................................................................ 4 Programma 1 - Recreatieterreinen............................................................................................................ 5 Programma 2 - Recreatieve netwerken ..................................................................................................... 5 Programma 3 - Algemeen beheer en beleid .............................................................................................. 7 Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien...................................................................... 8 Wat mag het kosten? .............................................................................................................................

10 Paragrafen.................................................................................................................................................. 12 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing .............................................................................. 12 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................................................. 12 Paragraaf Financiering ............................................................................................................................ 16 Paragraaf Bedrijfsvoering ....................................................................................................................... 17 Financiële begroting ....................................................................................................................................... 18 Uitgangspunten bij de begroting ................................................................................................................. 18 Nieuw beleid .............................................................................................................................................. 18 Overzicht van baten en lasten en de toelichting ..........................................................................................

19 Uiteenzetting financiële positie en de toelichting ........................................................................................ 20 Meerjarenraming........................................................................................................................................ 22 Geprognosticeerde begin- en eindbalans ................................................................................................... 23

Bijlagen  Verwachte investeringen  Stand en verloop reserves en voorzieningen  Overzicht baten en lasten per taakveld  Meerjarig geprognosticeerde balans

2

3

Aan de leden van het algemeen bestuur van het Recreatieschap Westfriesland Bovenkarspel, 11 maart 2021 Onderwerp: Aanbieding Begroting 2022

Geachte leden van het algemeen bestuur,

Inleiding Hierbij bieden wij u de Begroting 2022 en de meerjarenraming 2023-2025 aan. De algemene financiële uitgangspunten zijn door de Regietafel Gemeenschappelijke Regelingen Noord-Holland Noord regionaal bepaald. Voor de gehanteerde uitgangspunten verwijzen wij u naar bladzijde 18. De beleidsmatige uitgangspunten van het Recreatieschap zijn te vinden in het in 2016 vastgestelde Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. Tijdens een (kern)takendiscussie in het algemeen bestuur in oktober van 2021 is dit opnieuw bekrachtigd. Het Natuur- en Recreatieplan bevat ook een Uitvoeringsprogramma. Door het algemeen bestuur is besloten de financiële gevolgen van het Uitvoeringsprogramma jaarlijks op te nemen in de begroting. De incidentele kosten van het Natuur- en Recreatieplan worden gedekt vanuit de hiervoor ingestelde bestemmingsreserve Natuur- en Recreatieplan. Bij de vaststelling van het Uitvoeringsprogramma is uitgegaan van een dynamische planning. Verschillende oorzaken kunnen ertoe leiden dat projecten anders of later worden uitgevoerd. Het bestuur zal regelmatig geïnformeerd worden over de voortgang van het Uitvoeringsprogramma. Mutaties in de projecten op het Uitvoeringsprogramma worden verwerkt via de voor- of eindejaarsrapportage.

Zienswijzen Op de Kadernota 2022 is een aantal zienswijzen ontvangen. Een van deze betreft het verzoek om in de begroting 2022 aan te geven wat het Recreatieschap Westfriesland in 2022 bijdraagt aan de regionale opgaven en ambities uit het Pact van Westfriesland. Deze vraag wordt beantwoord in programma 3. De overige zienswijzen en de besluitvorming hierover zijn te vinden in de bijlage bij het bestuursvoorstel.

Leeswijzer Na deze korte inleiding treft u de beleidsbegroting aan. In het programmaplan is per programma aangegeven wat wij met dit programma willen bereiken, wat wij hiervoor doen en wat het mag kosten. Vervolgens is een viertal paragrafen opgenomen, te weten de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing, Onderhoud Kapitaalgoederen, Financiering en als laatste de paragraaf Bedrijfsvoering. Na de beleidsbegroting treft u de financiële begroting aan. Hierin is ook de meerjarenbegroting opgenomen. Afsluitend vindt u diverse bijlagen. Formeel autoriseert u het dagelijks bestuur uitgaven te doen overeenkomstig de bedragen opgenomen in de programmabegroting. De begroting wordt vastgesteld door vaststelling van de totale lasten en baten. Dagelijks bestuur Recreatieschap Westfriesland, De secretaris, Karel Schoenaker

De voorzitter, Nico Slagter

3

4

Beleidsbegroting Missie en visie en taken Al bijna 50 jaar (sinds 1973) is het Recreatieschap dé partij in Westfriesland die voor de Westfriese gemeenten het beleid voor de (openlucht)recreatie ontwikkelt en uitvoert. Dit doet het voor zowel de eigen inwoners als toeristen. Missie Westfriesland heeft veel te bieden op het gebied van landschap, natuur en recreatie. Niet alleen voor de eigen bewoners maar ook voor recreanten van buiten de regio. De huidige en toekomstige recreant heeft andere wensen en verlangens dan die van vroeger. Door het behouden, benutten en verbeteren van de kernkwaliteiten van landschap, natuur en recreatie is het Recreatieschap in staat om in te spelen op de eisen, wensen en vragen vanuit een veranderende maatschappij. Dit kan het Recreatieschap niet alleen. Het zoekt daarom verbinding met andere partijen, zowel binnen als buiten Westfriesland. Visie In het Natuur- en Recreatieplan van het Recreatieschap krijgt de visie gestalte. Het Natuur- en Recreatieplan draagt daarbij ook bij aan de ambitie van de regio om tot de top tien van meest aantrekkelijke regio’s te behoren. Het Recreatieschap vervult een regierol voor de realisatie van de ambities uit het Natuur- en Recreatieplan. Voor de uitvoering van het plan is een Uitvoeringsprogramma opgesteld.

Het Recreatieschap voert dit plan samen met de zeven Westfriese gemeenten en andere partijen binnen en buiten de regio uit. Taak Het Recreatieschap geeft hier invulling aan door het beheer en onderhoud van de recreatieterreinen die verspreid door Westfriesland liggen. Deze zijn gevarieerd ingericht en bieden elk wat wils. Ook beheert het Recreatieschap de recreatieve netwerken voor varen, fietsen en wandelen. Naast beheer en instandhouding wordt er ook ingezet op doorontwikkeling van het recreatieve aanbod. Dit gebeurt middels de uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan.

Algemeen Ten tijde van het opstellen van de begroting spelen er twee ontwikkelingen waarvan de impact op de taken en werkzaamheden van het Recreatieschap in 2022 nog onduidelijk zijn. Dit zijn de nadere uitwerking van de acties voortkomend uit de kerntakendiscussie en de coronapandemie. Kerntakendiscussie Eind 2020 heeft het algemeen bestuur een kerntakendiscussie gevoerd. Uitkomst van deze discussie was dat er een verkenning dient te worden uitgevoerd naar kansen voor inverdienen en samenwerking en dat er gekeken wordt naar een aantal nieuwe taken, waaronder het stadsstrand Hoorn. Ten tijde van het opstellen van deze begroting is niet duidelijk of dit gevolgen heeft voor de begroting 2022 en meerjarenbegroting 2023-2025. Indien dit wel leidt tot mutaties zullen deze in de P&C-cyclusdocumenten worden verwerkt. Corona Het coronavirus had het jaar 2020 in zijn greep en begin 2021, het moment dat deze begroting wordt opgesteld, zijn er ook nog zware maatregelen van kracht om het virus in te dammen. Het is aannemelijk dat het Recreatieschap de gevolgen vooral terug zal zien in een toename van drukte in de gebieden en daardoor meer onderhoudsinspanningen moet leveren. Ook kunnen eventuele gevolgen voor (horeca)pachters een financiële weerslag hebben op het Recreatieschap als zij niet meer in staat zijn aan hun verplichtingen te voldoen.

4

5

Programmaplan De begroting bevat vier programma’s. Het eerste programma betreft de recreatieterreinen. Het tweede bevat de verschillende recreatieve netwerken. Programma drie beslaat het algemeen beheer en beleid. In dit programma is ook de uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan opgenomen. De uitvoering van het Natuuren Recreatieplan kan indirect invloed hebben op programma’s één en twee omdat investeringen in terreinen en voorzieningen veelal gevolgen hebben voor het beheer en onderhoud ervan. Het laatste programma betreft de algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien. Programma 1 - Recreatieterreinen Wat willen wij bereiken? Het Recreatieschap zet zich in voor gevarieerde recreatieterreinen. Voor de eigen inwoners, dagjesmensen en verblijfsrecreanten. De terreinen bieden ruimte aan verschillende soorten gebruikers: zwemmers, (water)sporters, hondeneigenaren, fietsers en wandelaars, natuurliefhebbers en vele anderen. De inrichting en het beheer van de terreinen zijn primair hierop toegespitst. Maar het Recreatieschap wil daarbij een grotere bijdrage aan de natuur en biodiversiteit. De terreinen zijn natuur-inclusief waarbij beleefbaarheid van deze natuurwaarden een voorwaarde is. Wat doen wij ervoor? Beheren en onderhouden van de ruim 300 hectare aan recreatiegebieden.

Dit houdt in het onderhoud van de stranden, speel- en ligweiden, parken, speelmeubilair, het onderhoud aan wegen, paden en openbare parkeerterreinen, (toilet)gebouwen, bruggen en steigers, duikers en in- en uitlaatplaatsen voor boten en bagger- en schouwwerkzaamheden in en langs sloten. Ook het beheer van het zwemwaterlocaties op de eigen terreinen en terreinen van derden valt hieronder. Het vergroting van de natuurwaarden en biodiversiteit in de terreinen doet het Recreatieschap door duidelijke keuzes te maken tussen intensief (recreatief) beheerde delen en delen met extensiever (natuurlijker) beheer. De verandering naar (nog meer) natuur-inclusievere recreatieterreinen gebeurt enerzijds in een geleidelijk proces waarbij beheersvormen en beplantingkeuze worden aangepast en anderzijds door hier bij terrein(her)inrichting rekening mee te houden. Ook zoekt het daarbij de samenwerking met de partners om deze doelen te behalen. Dit mag overigens geen afbreuk doen aan de kwaliteit en belevingswaarde van de terreinen. Het moet deze zelfs vergroten. Programma 2 - Recreatieve netwerken Wat willen wij bereiken? Het Recreatieschap wil recreanten en toeristen kwalitatieve routenetwerken bieden waar ontspannen en actief veilig kan worden gewandeld, gevaren of gefietst. De netwerken moeten naadloos aansluiten op de netwerken in de aangrenzende regio’s.

Landelijke routes als de LAW- en Streekpaden voor wandelen en LF-Icoonroutes voor fietsen en andere netwerken zijn geïntegreerd in de netwerken zodat deze elkaar aanvullen en versterken. Wat doen wij ervoor? Het Recreatieschap beheert en onderhoudt de bebording van ruim 1.000 kilometer recreatieve netwerken en zeven Toeristische Overstappunten (TOP’s). Het is blijvend bezig met het doorontwikkelen van deze verschillende netwerken om de kwaliteit op peil te houden en waar mogelijk uit te breiden. Het betreft de volgende netwerken: - 535 kilometer wandelnetwerk; - 151 kilometer vaarroutenetwerk; - 353 kilometer fietsroutenetwerk. - 7 TOP’s.

5

6 Wandelnetwerk In 2021 is met het project ‘afronding wandelnetwerk Westfriesland’ het regionale netwerk gereed gekomen. Als onderdeel van dit netwerk is ook het Streekpad Westfriese Omringdijk gerealiseerd. In 2022 zal er daardoor vooral ingezet worden op beheer en onderhoud van het netwerk. Dit moet ertoe leiden dat de kwaliteit op het gewenste niveau blijft. Kansen voor uitbreiding of kwaliteitsverbetering zullen blijvend gezocht en zoveel mogelijk benut worden. Hierbij is de grootste uitdaging om meer on-, of halfverharde paden en boerenlandpaden toe te voegen aan het netwerk. Fietsroutenetwerk Voor het fietsroutenetwerk ligt de focus op het op peil houden en waar mogelijk verhogen van de kwaliteit van het regionale knooppuntennetwerk in Westfriesland en de landelijke LF-icoonroutes. Laatstgenoemde is in regie bij het Fietsplatform. Het Recreatieschap voert ook het secretariaat van de Beheerstichting Fietsroutenetwerk Noord-Kennemerland en Westfriesland en voert de taken van deze stichting uit. Deze stichting zet zich voor die regio’s in voor de promotie van het fietsroutenetwerk, fietsen in het algemeen en andere aanverwante activiteiten. Dit doet zij met een promotiebudget dat is gevormd bij de realisatie van het knooppuntennetwerk. Dit budget is incidenteel en wanneer het volledig is uitgegeven zal de stichting worden geliquideerd.

Vaarroutenetwerk De vaarroutes in Westfriesland zijn onderdeel van het landelijke vaar- of sloepennetwerk. De opgave voor deze netwerken ligt bij instandhouding en kwaliteitsverbetering van de bestaande routes en het op projectbasis werken aan ontbrekende schakels om een regiodekkend vaarnetwerk te krijgen. De doorontwikkeling richt zich zowel op het netwerk binnen de regio maar anderzijds ook op (de aansluiting op) het landelijke toervaartnetwerk in met name de Kop van Noord-Holland. Daarnaast zet het Recreatieschap structureel in op het verbeteren van het nautisch en vaarbeheer van de vaarroutes. Toeristische Overstappunten (TOP’s) Bij een TOP komen fiets-, wandel- en soms ook vaarroutes samen, zijn er parkeervoorzieningen en is er horeca in de nabije omgeving. Een aantal TOP’s heeft ook een drinkwatertappunt. Op een herkenbare zuil staat een kaart met de recreatiemogelijkheden en algemene informatie over bezienswaardigheden en horeca in de buurt. Er staan zeven TOP’s in Westfriesland. Provinciale en landelijke afstemming Recreanten houden geen rekening met een gemeente- of regiogrens. Daarom doen de netwerken dat ook niet. Alle netwerken sluiten naadloos aan op de netwerken in de aangrenzende regio’s. Naast de fysieke aansluiting is het ook van belang om beleidsmatige en praktische aansluiting te zoeken met de overige routebeheerders in de provincie en de provincie zelf.

Hiervoor vindt er structureel overleg plaats over verschillende onderwerpen gerelateerd aan de routenetwerken. De netwerken zijn onderdeel van de provinciale en landelijke netwerken Wandelen: www.wandelnetwerknoordholland.nl/ Fietsen: www.nederlandfietsland.nl/fietsrouteplanner Varen: www.sloepennetwerk.nl / www.vaarroutenetwerk.nl TOP’s: www.natuurwegwijzer.nl/tops

6

7

Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Wat willen wij bereiken? Het programma algemeen beheer en beleid bevat de algemene bedrijfsvoering. In dit programma valt ook het beleid dat het Recreatieschap opstelt en de daaruit voortkomende projecten. De uitvoering van deze projecten gebeurt in samenwerking en afstemming met de gemeenten en andere partners. De basis voor het beleid van het Recreatieschap is het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. De projecten zijn opgenomen in het bij het plan behorende Uitvoeringsprogramma. Pact van Westfriesland Het Natuur- en Recreatieplan is afgestemd met en geïntegreerd in de structuurschets Westfriesland. Op die manier wordt er niet alleen aan de eigen beleidsdoelen van het Recreatieschap gewerkt, maar ook aan de regionale doelen uit het Pact van Westfriesland. Communicatie Binnen dit programma valt ook de communicatie. Deze richt zich onder andere op de informatievoorziening over de recreatieve faciliteiten van het Recreatieschap in de regio. Primair richt het zich daarbij op de eigen inwoners maar bereikt daarmee ook dagjesmensen of toeristen die langer in Westfriesland willen verblijven. Maar ook richt de communicatie zich steeds meer op de politieke achterban met als doel om deze te informeren over onze werkzaamheden, ontwikkelingen en actuele zaken. Maar ook om deze tijdig mee te nemen in de (besluitvormings)processen.

Wat doen wij ervoor? Om het Natuur- en Recreatieplan uit te voeren is een Uitvoeringsprogramma opgesteld. Het Uitvoeringsprogramma bevat verschillende projecten op het gebied van routenetwerken, opwaardering of kwaliteitsverbetering van eigen terreinen en van derden, maar ook zaken als natuur en biodiversiteit. Bij de vaststelling van het Uitvoeringsprogramma is een bestemmingsreserve Natuur- en Recreatieplan ingesteld. Vanuit deze reserve worden de incidentele kosten van het Uitvoeringsprogramma gedekt. Het Uitvoeringsprogramma is een dynamisch programma. Kansen die zich voordoen, (grote) projecten of processen waar op kan worden aangehaakt of andere zaken kunnen invloed hebben op zowel de planning als de kosten van de projecten. Wijzigingen kunnen ook ontstaan vanuit de projectpartners waar het Recreatieschap bij de uitvoering nadrukkelijk samenwerking mee zoekt. Het Recreatieschap actualiseert daarom samen met de gemeenten regelmatig het Uitvoeringsprogramma en stelt het waar nodig bij. Het bestuur wordt op de hoogte gehouden van de uitvoering en zal wijzigingen indien nodig vaststellen. De (financiële) mutaties worden verwerkt via de voor- en eindejaarsrapportage. Via onze website en onze nieuwsbrieven wordt de achterban op de hoogte gehouden. Uiteraard wordt er voor elk project onderzocht of er subsidie- of andere cofinancieringsmogelijkheden zijn.

Pact van Westfriesland Het Pact van Westfriesland en de doelstellingen daaruit zijn belangrijk voor de regio. Het Recreatieschap draagt met al zijn werkzaamheden en activiteiten bij aan die doelstellingen. De terreinen en netwerken die het ontwikkelt en beheert dragen bij aan de thema’s ‘Wonen en Leefbaarheid’ en ‘Vrije tijd (Leisure)’ maar bieden ook kansen voor (toeristische) ondernemers. Met name de netwerken dragen bij aan de regiopromotie. Ook speelt het Recreatieschap een rol bij projecten die bijdragen aan andere doelen zoals de klimaatadaptatie. Dat doet het met de terreinen die als groene ‘buffers’ dienen in een steeds meer bebouwd Westfriesland. Maar ook zouden nieuwe functies als waterberging(sopgaven) in de terreinen van het Recreatieschap ingepast kunnen worden. Of kunnen recreatieve functies worden toegevoegd aan deze gebieden.

7

8 Naast de uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan houdt het Recreatieschap zich bezig met advisering van gemeenten en derden en belangenbehartiging voor de recreatie in Westfriesland. Daarvoor is het deelnemer in verschillende overleggen en gesprekspartner van partijen als provincie, Hoogheemraadschap, overige terreinbeheerders en verschillende andere partijen. Communicatie De externe communicatie aan recreanten en toeristen verloopt via de Destinatie Marketing Organisatie (DMO) Holland boven Amsterdam. Nieuws dat van belang is voor de Westfriese inwoners loopt via de regionale en lokale kranten en de website van het Recreatieschap. Op de website is toeristische, recreatieve en organisatorische informatie te vinden. Uiteraard worden ook sociale media ingezet. Eén van de PR-activiteiten is RecreActief Westfriesland, een dag waarop het Recreatieschap aan bestuurders, raadsleden en andere belanghebbenden laat zien wat het schap doet. De bestuurs- en raadsleden worden via nieuwsbrieven, het jaaroverzicht en de stukken uit de P&C-cyclus geïnformeerd. Tabel verplichte beleidsindicatoren: Taakveld 0 - Bestuur en ondersteuning Naam indicator Eenheid

Bron

Formatie Bezetting Apparaatskosten Externe inhuur

Eigen gegevens Eigen gegevens Eigen begroting Eigen begroting

Indicator Begroting 2022 0,05 0,05 € 3,72 10%

Eigen begroting

31%

Overhead

Fte per 1.000 inwoners Fte per 1.000 inwoners Kosten per inwoner Kosten als % van de totale loonsom + totale kosten inhuur externen % van totale lasten

Toelichting Het Recreatieschap heeft geen eigen personeel. Al het personeel is in dienst bij de gemeente Stede Broec en wordt ingehuurd dor het Recreatieschap.

Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien De belangrijkste inkomstenbron voor het Recreatieschap is de bijdrage per inwoner van de deelnemende gemeenten. Voor de doorberekening aan gemeenten wordt uitgegaan van het voorlopige aantal inwoners per 1 januari 2021: 213.939. De percentuele verdeling van de bijdrage (gelijk aan inwonersaantal) en de totale financiële bijdrage per gemeente is in onderstaande tabel weergegeven. De gemeentelijke bijdragen beslaan 88% van de structurele inkomsten. De overige inkomsten komen van huren en pachten (7%) en overige inkomsten (5%).

8

9

Bijdrage per deelnemer 2022 Deelnemers Gemeente Drechterland Gemeente Enkhuizen Gemeente Hoorn Gemeente Koggenland Gemeente Medemblik Gemeente Opmeer Gemeente Stede Broec Totaal

Aantal inwoners 1-1-2021 19.843 18.653 73.602 22.944 45.195 11.995 21.734 213.966

Bijdrage per inwoner € 5,81 115.000 108.000 427.000 133.000 263.000 70.000 126.000 1.243.000

Onvoorzien De post onvoorzien is vastgesteld op een bedrag van € 25.000. De post onvoorzien is bedoeld voor onvoorziene uitgaven. Overhead Gemeenschappelijke regelingen moeten de overhead centraal begroten en verantwoorden in de begroting en jaarstukken. Onder overhead wordt verstaan het geheel van functies gericht op sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Enkele voorbeelden van overhead zijn: leidinggevende primair proces, juridische zaken, facilitaire zaken, communicatie, ICT, huisvesting en financiën, toezicht en controle op de eigen organisatie. Deze werkzaamheden worden voor een gedeelte uitgevoerd door de SED-organisatie. Hiervoor is een dienstverleningsovereenkomst afgesloten. Het is verplicht een overzicht van kosten van overhead op te nemen. In onderstaand overzicht is weergegeven hoe het bedrag voor overhead is opgebouwd. Overhead Omschrijving

Bedrag

Bijdrage Dienstverleningsovereenkomst SED Leiding Administratieve ondersteuning en communicatie

150.000 169.000 134.000

Totaal

453.000

Vennootschapsbelasting (Vpb) Door de geringe omvang van de activiteiten en opbrengsten wordt verwacht dat er voor 2022 geen Vpb-last betaald hoeft te worden. Derhalve is er ook geen Vpb-last geraamd.

9

10 Wat mag het kosten?

Product

Rekening 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Lasten Programma 1 – Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting

841.000 356.000 112.000 0 447.000 0

872.000 42.000 177.000 25.000 310.000 0

851.000 45.000 71.000 25.000 453.000 0

Totaal lasten

1.757.000

1.426.000

1.444.000

Baten Programma 1 – Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting

144.000 213.000 13.000 1.206.000 0 0

155.000 0 0 1.237.000 0 0

157.000 0 0 1.258.000 0 0

Totaal baten

1.576.000

1.392.000

1.415.000

Totaal saldo van baten en lasten

-181.000

-34.000

-29.000

Mutatie reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves

0 183.000

0 41.000

0 45.000

41.000

45.000

2.000

8.000

16.000

(voordeel)

(voordeel)

(voordeel)

Totaal mutaties reserves

Geraamd resultaat

Toelichting verschillen tussen begroting 2022 en begroting 2021/rekening 2020 Een groot deel van het verschil tussen de begroting en de rekening komt door de projecten Natuur- en Recreatieplan. De kosten van de projecten worden niet begroot in de primitieve begroting, wel in de gewijzigde begroting. De projectkosten voor het Natuur- en Recreatieplan worden gedekt uit de Reserve Uitvoering Natuur- en Recreatieplan. Als er sprake is van een investering (meerjarig nut) dan worden afschrijvingslasten voor deze projecten gedekt vanuit de Reserve afschrijvingslasten projecten Natuur- en Recreatieplan. De middelen uit deze reserve komen uit de Reserve Uitvoering Natuur- en Recreatieplan. Dit houdt in dat deze mutaties budgetneutraal zijn en geen invloed hebben op het resultaat. In 2022 zullen de projectbudgetten worden vastgelegd middels de reguliere rapportages of via een apart voorstel.

10

11

Toelichting afwijkingen tussen de rekening 2020 en de begroting 2022 Lasten In 2022 hogere lasten vanwege toegepaste prijs- en loonindexatie In 2022 hogere kapitaallasten In 2022 geen incidentele lasten Uitvoering Natuur- en Recreatieplan In 2020 incidentele werkzaamheden In 2022 een geraamde post Onvoorzien Baten In 2020 incidentele subsidie voor project Wandelroutenetwerk en RustenburgVerlaat. In 2020 een lagere huuropbrengst door korting in verband met corona In 2020 incidentele bijdrage van derden voor projecten van het NRP In 2022 een hogere gemeentelijke bijdrage Mutaties reserves In 2020 onttrekking aan de Reserve Uitvoering Natuur- en Recreatieplan In 2020 onttrekking aan de Algemene reserve In 2022 een hogere onttrekking aan de Reserve afschrijvingslasten NRP Totaal verschil resultaat

-25.000 N -29.000 N 366.000 V 26.000 V -25.000 N

-186.000 N 14.000 V -41.000 N 52.000 V

-149.000 N -10.000 N 21.000 V 14.000 V

Toelichting afwijkingen tussen begroting na wijziging 2021 en begroting 2022 Lasten In 2022 hogere lasten vanwege toegepaste prijs- en loonindexatie In 2022 hogere kapitaallasten

-18.000 N -1.000 N

Baten In 2021 hogere baten door toepassing prijsindexatie In 2022 een hogere gemeentelijke bijdrage

2.000 V 21.000 V

Mutaties reserves In 2022 een hogere onttrekking aan de Reserve afschrijvingslasten NRP

4.000 V

Totaal verschil resultaat

8.000 V

11

12

Paragrafen In het BBV wordt bij de begroting een aantal verplichte paragrafen voorgeschreven. Voor het Recreatieschap zijn de volgende paragrafen van belang: Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing, Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen, Paragraaf Financiering en Paragraaf Bedrijfsvoering. Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen is de mate waarin het Recreatieschap in staat is substantiële tegenvallers op te vangen zonder dat de continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar komt. Het weerstandsvermogen is afhankelijk van de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit (hoeveel middelen zijn er nodig om alle risico’s op te kunnen vangen). Volgens artikel 3.4 van de Uitgangspunten Gemeenschappelijke Regelingen geldt als richtlijn voor de hoogte van de Algemene reserve 2,5% van de lasten. Bij zwaarwegende argumenten kan afgeweken worden van dit bedrag. Voor 2022 betekent dit uitgangspunt een hoogte van de Algemene reserve van € 36.000. Op 1 januari 2022 bedraagt de geraamde Algemene reserve € 40.000. Hierbij moet worden opgemerkt dat lasten voortkomen uit het Natuur- en Recreatieplan in de voor- en eindejaarsrapportages worden verwerkt. De werkelijke lasten in 2022 zullen dus hoger zijn.

Beschikbare weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de vrij aanwendbare middelen, onbenutte inkomstenbronnen en bezuinigingsmogelijkheden. De vrij aanwendbare middelen zijn de reserves en onvoorzien. De reserves maken deel uit van het eigen vermogen. Tot de vrij aanwendbare reserves worden de reserves gerekend waarvan het algemeen bestuur de bestemming nog kan wijzigen. Overzicht vrij aanwendbare middelen Omschrijving Algemene reserve Jaarresultaat 2020 Reserve uitvoering Natuur- en Recreatieplan Onvoorzien Totaal

1-1-2020 38.000 12.000 1.511.000 25.000

1-1-2021 40.000 5.000 1.357.000 25.000

1-1-2022 48.000 1.357.000 25.000

1.586.000

1.427.000

1.430.000

Risico’s Het Recreatieschap heeft in 2017 de beleidsnota ‘Weerstandsvermogen: risicomanagement en weerstandscapaciteit’ vastgesteld. Conform deze beleidsnota is de inventarisatie van de risico’s ook voor 2022 geactualiseerd. In de volgende tabel zijn alle actuele risico’s nader uiteengezet. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de beschrijving van het risico en de gewenste beheersmaatregel. De kolom daarnaast geeft het maximaal financieel gevolg in duizenden euro’s. Vervolgens de kans en het effect (impact). De laatste kolom geeft inzicht in het financiële gevolg van het risico (bedrag x kans). De verwachting is dat de coronapandemie in 2022 onder controle is en de huidige maatregelen niet meer van kracht zijn of in ieder geval in veel minder mate. Echter volledige zekerheid is er niet. Wanneer blijkt dat het virus toch opnieuw oprukt en zijn impact zal hebben op 2022 zijn de te verwachten risico’s diegene die al als risico’s een en twee genoemd zijn. Het coronavirus wordt daarom niet als specifiek risico opgenomen.

12

13 Beschrijving van het risico

Gewenste beheersmaatregel

Maximaal risico/omvang

Kans op treden risico

Impact

Bedrag x kans

1.

Langdurige afwezigheid Continuering van goed van een werknemer door personeelsbeleid. ziekte

€ 50.000

2=30%

3

€ 15.000

2.

Beëindigen overeenkomst door verhuurders en/of verpachters

Tijdige verlenging van overeenkomsten en contact onderhouden met de huurders en pachters.

€ 80.000

2=30%

3

€ 24.000

3.

Het uittreden van één van de gemeenten uit gemeenschappelijke regeling

Door proactief te handelen zorgen dat het Recreatieschap als meerwaarde wordt gezien voor de regio/gemeenten.

€ 100.000

1=10%

4

€ 10.000

4.

Imagoschade

Alle (potentiele) gebruikers en bezoekers tijdig betrekken bij en informeren over de werkzaamheden, incidenten en calamiteiten.

€ 10.000

5=90%

1

€ 9.000

5.

Gevolgen van klimaatverandering

Door bij de inrichting hier rekening mee te houden wordt hierop geanticipeerd, maar ook door (verplichte) maatregelen zoals de controle van de zwemwaterkwaliteit en voorlichting aan de gasten zodat zij hun eigen maatregelen kunnen nemen.

€ 10.000

3=50%

1

€ 5.000

Totaal

€ 63.000

Benodigde weerstandscapaciteit Uit bovenstaand overzicht blijkt dat het totaalbedrag aan risico’s € 63.000 bedraagt. Dit is de benodigde weerstandscapaciteit. Wij willen opmerken dat de inventarisatie van risico’s een dynamisch proces is. De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt per 1 januari 2022 € 1.430.000. De benodigde weerstandscapaciteit is € 63.000. Daarmee beschikken wij over een ratio weerstandsvermogen van 23 (beschikbaar in relatie tot benodigd). Er zijn voldoende middelen om de risico’s af te dekken. De verwachting is dat de coronapandemie in 2022 onder controle is en de huidige maatregelen niet meer van kracht zijn of in ieder geval in veel minder mate. Echter volledige zekerheid is er niet. Wanneer blijkt dat het virus toch opnieuw oprukt en zijn impact zal hebben op 2022 zijn de te verwachten risico’s diegene die al als risico’s een en twee genoemd zijn. Het coronavirus wordt daarom niet als specifiek risico opgenomen. Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen is er een normtabel ontwikkeld door het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van de berekende ratio. Het weerstandsvermogen valt in de klasse A “uitstekend”.

13

14 Kengetallen en toelichting kengetallen Om de financiële positie inzichtelijk te maken schrijft het Rijk een verplichte basisset van vijf financiële kengetallen voor. De kengetallen Grondexploitatie en Belastingcapaciteit zijn niet van toepassing. De overige kengetallen worden hierna uitgewerkt. De opgenomen kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel financiële ruimte de gemeenschappelijke regeling beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken en opvangen. Ze geven inzicht in de financiële wend- en weerbaarheid. Onderstaande tabel geeft de berekende kengetallen van het Recreatieschap weer. Kengetallen

1. a Netto schuldquote b Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Structurele exploitatieruimte

Jaarstukken 2020 25% 4%

Begroot 2021 64% 41%

Begroot 2022 61% 37%

Begroot 2023 57% 34%

Begroot 2024 55% 33%

Begroot 2025 55% 33%

51% 0%

23% 1%

55% 1%

57% 0%

58% 0%

60% -1%

Het ministerie van BZK heeft onderstaande signaleringswaarden opgesteld. Hierbij is A het minst risicovol, B gemiddeld en C het meest risicovol.

Specificering kengetal naar categorie

Cat. A

Cat. B

Cat. C

a. zonder correctie doorgeleende gelden

< 90%

90 - 130 %

> 130 %

b. met correctie doorgeleende gelden

< 90%

90 - 130 %

> 130 %

2.

Solvabiliteitsratio

> 50%

20 - 50 %

< 20%

3.

Structurele exploitatieruimte

> 0%

0

<0%

1.

Netto schuldquote:

Toelichting kengetallen: 1. a. Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Hoe hoger de schuld is, hoe meer kapitaallasten er zijn (rente en aflossing) waardoor een begroting minder flexibel wordt. Het kengetal wordt berekend door het totaal van de geleende gelden weer te geven als percentage van de totale baten. Hoe lager het percentage des te gunstiger en minder risicovol. Als kritische grens wordt 100% aangehouden (bron: VNG). Indeling in categorie A, minst risicovol. b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de

14

15

verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager dit percentage, hoe beter. Indeling in categorie A, minst risicovol. 2.

Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeenschappelijke regeling bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. De gemiddelde solvabiliteit voor alle gemeenten is circa 40% (bron: CBS). Hoe hoger dit percentage is, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de gemeenschappelijke regeling. Indeling in categorie A, minst risicovol.

3.

Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeenschappelijke regeling heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Het percentage in 2022 bedraagt 1%. Hieruit blijkt dat de begroting 2022 materieel in evenwicht is.

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Het Recreatieschap streeft naar een goed en maatschappelijk verantwoord kwaliteitsniveau. In 2018 is een nieuw beheerplan 2019-2023 opgesteld. In de vergadering van het algemeen bestuur op 12 december 2018 is het beleidsmatige deel van het beheerplan 2019-2023 vastgesteld. Ter dekking van de lasten is een voorziening ingesteld. Jaarlijks wordt een bedrag van € 50.000 gestort. Overzicht verloop voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen 2022 Voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen Stand 1 januari 200.000 Vermeerderingen: storting 50.000 Verminderingen 66.000

2023

2024

2025

184.000 50.000 52.000

182.000 50.000 72.000

160.000 50.000 65.000

Stand 31 december

182.000

160.000

145.000

184.000

In 2022 staan de volgende investeringen gepland: Investeringen 2022 bedrag Beschoeiing

36.000

Takkenversnipperaar

37.000

Minigraafmachine

15.000 Totaal

88.000

15

16 Paragraaf Financiering Het Recreatieschap hanteert het treasurybeleid van de gemeente Stede Broec. Het Treasurystatuut is in 2017 geactualiseerd. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt een grens aan de korte financiering. Hiermee kan het renterisico op de korte financiering beperkt worden. De kasgeldlimiet wordt berekend als een bepaald percentage van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar. De uitvoeringsregeling FIDO bepaalt het percentage voor de kasgeldlimiet. Deze limiet is vastgesteld op 8,2% met een minimum van € 300.000. Deze norm wordt in 2022 niet overschreden (8,2% x € 1.444.000 = € 118.000). Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. Hoe meer de aflossing van de schuld in de tijd wordt gespreid, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor renteschokken bij de herfinanciering. Het renterisico op het begrotingstotaal overschrijdt de renterisiconorm niet (artikel 6, lid 1 Wet FIDO). De renterisiconorm wordt berekend door een vastgesteld percentage te vermenigvuldigen met het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Deze norm is vastgesteld op 20% met een minimum van € 2.500.000. Deze norm wordt in 2022 niet overschreden. EMU-saldo Het EMU-saldo is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid.

Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor gemeenschappelijke regelingen vindt een steekproef plaats wanneer deze een exploitatie heeft van € 20 miljoen of meer. Het Recreatieschap valt hierbuiten en is dus niet verplicht deze gegevens te publiceren.

16

17

Paragraaf Bedrijfsvoering Organogram 2022

Personeelsformatie In 2022 werken er bij het Recreatieschap 11 personen verdeeld over 9,15 fte. De toegestane formatie is 9,63 fte. Het Recreatieschap kan zelf geen personeel in dienst hebben. De personeelsleden worden daarom ingehuurd via de gemeente Stede Broec. Daarnaast is er een post van € 21.000 voor externe inhuur. Vanuit dit budget wordt er voor de afdeling Groenen Recreatiebeheer ingehuurd om de pieken in het hoogseizoen op te vangen. De inhuur gebeurt (onder andere) bij WerkSaam. Kosten personeel De kosten voor inhuur van het vaste personeel van het Recreatieschap bedragen in 2022 € 585.000. De kosten voor de beleidsmedewerker worden tot en met 2023 gedekt uit de reserve Natuur- en Recreatieplan. In 2024 ontstaat ruimte in de formatie en zullen deze daaruit worden gedekt. Facilitaire organisatie De zogenaamde PIOFAH taken (personeel, inkoop, organisatie, financiën, automatisering en huisvesting) van het Recreatieschap worden door de SED-organisatie verzorgd. Om die reden is het Recreatieschap gehuisvest in het gemeentehuis van Stede Broec. De kosten voor deze ondersteuning bedragen voor 2022 € 150.000. Leeftijdsopbouw en ziekteverzuim De gemiddelde leeftijd van het eigen personeel bedraagt op 1 januari 2022 44 jaar. Er zijn vier medewerkers ouder dan 50 jaar, waarvan er twee 60 jaar of ouder zijn.

Over de periode 2014 tot en met 2020 bedroeg het gemiddelde ziekteverzuim 2,2%. Het Recreatieschap streeft naar een ziekverzuimpercentage lager dan 4%.

17

18

Financiële begroting Uitgangspunten bij de begroting De uitgangspunten uit de Kadernota 2022, die voor een zienswijze naar de deelnemende gemeenteraden is gestuurd, zijn verwerkt in deze begroting. Indexering Voor de begroting 2022 worden de voorgestelde richtlijnen van de Regietafel Gemeenschappelijke Regelingen Noord-Holland Noord gehanteerd. Conform deze richtlijnen hanteren wij 1,3% voor loonontwikkeling en 1,4% voor prijsontwikkeling. Conform de verhouding van loon- en prijsgevoelige elementen (70/30) wordt de gemeentelijke bijdrage met 1,33% geïndexeerd. De bijdrage per inwoner wordt daardoor verhoogd van € 5,74 naar € 5,81. Bij de opstelling van de begroting 2022 is verder rekening gehouden met de volgende uitgangspunten:  besluiten vergaderingen algemeen bestuur zijn tot en met december 2020 verwerkt;  de bijdrage per inwoner wordt verhoogd van € 5,74 naar € 5,81;  voor rente op nieuwe investeringen is 2% gehanteerd;  het afschrijvingsbeleid is conform het activabeleid;  de kapitaallasten zijn gebaseerd op de verwachte investeringen welke zijn opgenomen in deze begroting (zie bijlagen) en  de Algemene reserve mag niet groter zijn dan 2,5% van de lasten. Nieuw beleid Voor 2022 zijn er geen andere doelstellingen of beleidswijzigingen ten aanzien van de voorgaande jaren. Er is zodoende geen sprake van nieuw beleid.

18

19

Overzicht van baten en lasten en de toelichting

Product

Rekening 2020

Begroting 2021

Begroting 2022

Lasten Programma 1 – Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting

841.000 356.000 112.000 0 447.000 0

872.000 42.000 177.000 25.000 310.000 0

851.000 45.000 71.000 25.000 453.000 0

Totaal lasten

1.757.000

1.426.000

1.444.000

Baten Programma 1 – Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead

144.000 213.000 13.000 1.206.000 0

155.000 0 0 1.237.000 0

157.000 0 0 1.258.000 0

Vennootschapsbelasting

0

0

0

Totaal baten

1.576.000

1.392.000

1.415.000

Totaal saldo van baten en lasten

-181.000

-34.000

-29.000

Mutatie reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves

0 183.000

0 41.000

0 45.000

41.000

45.000

2.000

8.000

16.000

(voordeel)

(voordeel)

(voordeel)

2024

2025

Totaal mutaties reserves

Geraamd resultaat

Incidentele lasten en baten jaar

2022

2023

Lasten Baten

0 0

0 0

0 0

0 0

Reserves

0

0

0

0

Presentatie van het structureel begrotingssaldo Saldo baten en lasten

-29.000

Saldo toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

45.000

Begrotingssaldo

16.000

Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) Structureel begrotingssaldo

0 16.000

19

20

Post Onvoorzien jaar

2022

2023

2024

2025

25.000

25.000

25.000

25.000

Onvoorzien

De kosten voor de projecten Natuur- en Recreatieplan zijn nog niet verwerkt in de begroting. Dit gebeurt via de tussenrapportages en/of een apart voorstel. Structurele toevoegingen en onttrekkingen reserves 2022

2023

2024

2025

Onttrekkingen Pr. 1 - reserve kapitaallasten Streekbos Paviljoen Pr. 1 - reserve afschrijvingslasten Natuur- en Recreatieplan

1.000 44.000

1.000 44.000

1.000 44.000

1.000 44.000

Totaal

45.000

45.000

45.000

45.000

Uiteenzetting financiële positie en de toelichting Jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen Onder arbeidsrechtelijke verplichtingen worden verstaan de aanspraken op toekomstige uitkeringen door het huidige dan wel voormalige personeel. Het personeel van het Recreatieschap is in dienst van de gemeente Stede Broec. Het BBV maakt een onderscheid in arbeidsgerelateerde verplichtingen met en zonder jaarlijks vergelijkbaar volume. Op grond van artikel 44, derde lid BBV, is het niet toegestaan om een voorziening te vormen voor jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen met vergelijkbaar volume. Dit is niet van toepassing voor het Recreatieschap.

Investeringen Voor 2022 staan de volgende investeringen gepland. Investeringen van € 10.000 en hoger worden geactiveerd. Voor de verwachte investeringen voor de komende jaren verwijzen wij u naar de bijlage. Investeringen met economisch nut Takkenversnipperaar Minigraafmachine Totaal

Afschrijvingstermijn 7 jaar 5 jaar

Investeringsbedrag 37.000 15.000 52.000

Afschrijvingstermijn 10 jaar

Investeringsbedrag 36.000

Investeringen met maatschappelijk nut Beschoeiing

20

21

Financiering In 2022 heeft het Recreatieschap nog twee langlopende leningen. Naar verwachting moet er voor de investeringen in 2022 nieuwe financiering worden aangetrokken.

Reserves Reserves zijn middelen die onder het eigen vermogen vallen. In onderstaande tabel zijn voor 2022 per reserve de stortingen en onttrekkingen weergegeven. Voor de meerjarige stand en verloop van de reserves verwijzen wij u naar de bijlage. Ontwikkeling reserves 2022 Boekwaarde 1-1-2022 Algemene Reserve Bestemmingsreserves: Reserve Uitvoeringsprogramma Natuur- en Recreatieplan Reserves ter dekking van kapitaallasten: BR dekking kapitaallasten Streekbos Paviljoen BR dekking afschrijvingslasten Natuur- en Recreatieplan Totaal

Toevoeging Onttrekking

Boekwaarde 31-12-2022

40.000

8.000

0

48.000

1.357.000

0

0

1.357.000

18.000

0

1.000

17.000

539.000

0

44.000

495.000

1.954.000

8.000

45.000

1.917.000

Toelichting mutaties reserves:  BR dekking kapitaallasten Streekbos Paviljoen: onttrekking ter dekking afschrijvingslasten Paviljoen.  BR dekking afschrijvingslasten Natuur- en Recreatieplan: onttrekking ter dekking afschrijvingslasten voor investeringen voortkomende uit het Uitvoeringsplan Natuur- en Recreatieplan.

Voorzieningen Voorzieningen zijn onderdeel van het vreemd vermogen en worden gevormd voor verplichtingen, risico’s of verliezen waarvan de omvang nog onbekend is, maar wel redelijkerwijs te schatten is. Het Recreatieschap Westfriesland heeft een voorziening voor het groot onderhoud kapitaalgoederen. Voor de meerjarige stand en verloop van de voorziening verwijzen wij u naar de bijlage. Ontwikkeling voorziening 2022

Voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen

Boekwaarde 1-1-2022

Toevoeging

200.000

50.000

Onttrekking Boekwaarde 31-12-2022 66.000

184.000

21

22

Meerjarenraming In het onderstaande overzicht is de begroting 2022 inclusief de meerjarenbegroting 2023-2025 weergegeven. Begroting

Begroting

Begroting

Begroting

2022

2023

2024

2025

Programma 1 - Recreatieterreinen

851.000

862.000

859.000

874.000

Programma 2 - Recreatieve netwerken

45.000

45.000

45.000

45.000

Programma 3 - Algemeen beheer en beleid

71.000

71.000

71.000

71.000

Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

25.000

25.000

25.000

25.000

Overhead

453.000

453.000

453.000

453.000

0

0

0

0

1.444.000

1.456.000

1.453.000

1.468.000

157.000

157.000

157.000

157.000

Programma 2 - Recreatieve netwerken

0

0

0

0

Programma 3 - Algemeen beheer en beleid

0

0

0

0

1.258.000

1.257.000

1.257.000

1.257.000

Overhead

0

0

0

0

Vennootschapsbelasting

0

0

0

0

1.415.000

1.414.000

1.414.000

1.414.000

-29.000

-42.000

-39.000

-54.000

Toevoeging reserves

0

0

0

0

Onttrekking reserves

45.000

45.000

45.000

45.000

Totaal mutaties reserves

45.000

45.000

45.000

45.000

Geraamd resultaat

16.000

3.000

6.000

-9.000

(voordeel)

(voordeel)

(voordeel)

(nadeel)

Product Lasten

Vennootschapsbelasting Totaal lasten Baten Programma 1 - Recreatieterreinen

Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

Totaal baten

Totaal saldo van baten en lasten

Mutatie reserves

Autorisatie In de eerder opgenomen tabel is de begroting 2022 en de meerjarenraming weergegeven. Het algemeen bestuur autoriseert het dagelijks bestuur voor de hierboven genoemde bedragen. De begroting wordt vastgesteld door vaststelling van de totale lasten en baten.

22

23

Geprognosticeerde begin- en eindbalans 2022

Begin en eindbalans (bedragen x € 1.000)

1-1-2022

31-12-2022

Vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa

2.657 323

2.606 318

Totaal vaste activa

2.980

2.924

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa

500 57 2

490 57 0

Totaal vlottende activa

559

547

3.539

3.471

Vaste passiva Eigen Vermogen Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Voorzieningen

1.954 1.286 200

1.917 1.186 184

Totaal vaste passiva

3.240

3.287

Vlottende passiva Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar Overlopende passiva

115 184

0 184

Totaal vlottende passiva

299

184

3.539

3.471

ACTIVA

Totaal ACTIVA

PASSIVA

Totaal PASSIVA

23

24 Bijlagen:    

Verwachte investeringen Stand en verloop van reserves en voorziening Overzicht baten en lasten per taakveld Meerjarig geprognosticeerde balans

Verwachte investeringen Investeringen 2022-2025 jaar

2022

2023

Bruggen/Steigers

17.000

Auto

52.000 20.000

2024

2025

afschr.termijn

16.000

20

47.000

30.000

7

16.000

16.000

10

Beschoeiing

36.000

Takkenversnipperaar

37.000

7

Minigraafmachine

15.000

7

Maaimachine

40.000

7

Ruig terreinmaaier

13.000

5

Totaal

88.000

89.000

63.000

115.000

Het huidige beheerplan, inclusief investeringsprogramma, loopt tot en met 2023. Het plan bevat een doorkijk naar 2027. Mutaties als gevolg van de actualisatie zullen verwerkt worden in de begroting.

24

Stand en verloop van reserves en voorziening

Overzicht baten en lasten per taakveld Taakveldenlijst 0. Bestuur en ondersteuning 0.4 Ondersteuning organisatie 0.5 Treasury 0.8 Overige baten en lasten 0.10 Mutaties reserves 2. Verkeer en vervoer 2.3 Recreatieve havens 5. Sport, cultuur en recreatie 5.7 Openbaar groen (openlucht)recreatie

Totaal

Lasten

Baten

453.000 40.000 25.000 0

0 15.000 0 45.000

9.000

1.000

917.000

1.399.000

1.444.000

1.460.000

27

Meerjarig geprognosticeerde balans Meerjarig geprognosticeerde balans (bedragen x € 1.000)

31-12-2022 31-12-2023 31-12-2024 31-12-2025

ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa

2.606 318

2.544 313

2.459 308

2.412 303

Totaal vaste activa

2.924

2.857

2.767

2.715

Vlottende activa Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar Liquide middelen Overlopende activa

490 57 0

426 57 0

352 57 0

250 57 0

Totaal vlottende activa

547

483

409

307

3.471

3.340

3.176

3.022

1.917 1.186

1.888 1.086

1.846 986

1.807 886

184

182

160

145

3.287

3.156

2.992

2.838

Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar Overlopende passiva

0 184

0 184

0 184

0 184

Totaal vlottende passiva

184

184

184

184

3.471

3.340

3.176

3.022

Totaal ACTIVA

PASSIVA Vaste passiva Eigen Vermogen Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar Voorzieningen Totaal vaste passiva Vlottende passiva

Totaal PASSIVA

27

28

28

29

29

30

30

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10176091/1