CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

2.4 Concept Begroting RSW 2024

Gemeenteraad 3 juli 2023, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Zienswijze GR-en (2023-30)8.898 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Recreatieschap Westfriesland Conceptbegroting 2024

Voor behandeling in de vergadering van het algemeen bestuur van 12 juli 2023

2

Inhoudsopgave

Inleiding .............................................................................................................................................................. 3 Leeswijzer ........................................................................................................................................................... 3 Beleidsbegroting .............................................................................................................................................. 5 Programmaplan .................................................................................................................................................. 5 Programma 1 - Recreatieterreinen................................................................................................................. 7 Programma 2 - Recreatieve netwerken ......................................................................................................... 8 Programma 3 - Algemeen beheer en beleid ................................................................................................ 10 Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien....................................................................... 13 Wat mag het kosten? ...................................................................................................................................

15 Paragrafen ........................................................................................................................................................ 16 Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing ................................................................................. 17 Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen ...................................................................................................... 17 Paragraaf Financiering .................................................................................................................................. 21 Paragraaf Bedrijfsvoering ............................................................................................................................. 22 Financiële begroting ....................................................................................................................................... 23 Uitgangspunten bij de begroting ...................................................................................................................... 23 Nieuw beleid ..................................................................................................................................................... 23 Overzicht van baten en lasten en de toelichting ..............................................................................................

24 Uiteenzetting financiële positie en de toelichting ............................................................................................ 25 Meerjarenraming .............................................................................................................................................. 27 Geprognosticeerde begin- en eindbalans ........................................................................................................ 28

Bijlagen • Verwachte investeringen • Stand en verloop reserves en voorzieningen • Overzicht baten en lasten per taakveld • Meerjarig geprognosticeerde balans • Recreatieschap in cijfers en kaarten

2

3

Aan de leden van het algemeen bestuur van het Recreatieschap Westfriesland Bovenkarspel, 7 maart 2023 Onderwerp: Aanbieding Begroting 2024

Geachte leden van het algemeen bestuur,

Inleiding Met trots bieden wij u hierbij de Begroting 2024 en de meerjarenraming 2025-2027 aan. 2024 zal voor het Recreatieschap met name een jaar zijn met ‘business as usual’. Toch zijn er twee zaken die invloed op dit jaar en de komende jaren kunnen hebben. Allereerste de gevolgen van de oorlog in Oekraïne. In 2022 en 2023 heeft dit tot een forse inflatie geleid. De tweede is dat het Recreatieschap een grote uitdaging op onze regio af ziet komen op het gebied van natuur en recreatie; de natuur- en recreatiegebieden staan onder druk terwijl er meer dan ooit behoefte aan is. En die druk en behoefte zullen alleen maar toenemen door inwonersgroei. Het bestuur zal een visie én ambitie gaan vormen hoe voor nu én voor de toekomst te zorgen voor voldoende natuur en recreatie voor de bewoners van en bezoekers aan de regio. Dit zal (mogelijk) leiden tot een herziening van (delen van) het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. De financiële gevolgen zullen onderdeel zijn van het proces dat wij ingaan om tot een nieuwe visie en ambitie te komen. Eventuele gevolgen voor 2024 en verder zullen worden verwerkt in de rapportages.

Uitgangspunten Naast de Kadernota 2024 is de Begroting 2024 opgesteld op basis van de algemene financiële uitgangspunten die door de Regietafel Gemeenschappelijke Regelingen Noord-Holland Noord zijn bepaald. Voor de gehanteerde uitgangspunten verwijzen wij u naar bladzijde 23. De beleidsmatige uitgangspunten van het Recreatieschap zijn te vinden in het in 2016 vastgestelde Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. Het Natuur- en Recreatieplan bevat ook een Uitvoeringsprogramma. Door het algemeen bestuur is besloten de financiële gevolgen van het Uitvoeringsprogramma jaarlijks op te nemen in de begroting. De incidentele kosten van het Natuur- en Recreatieplan worden gedekt vanuit de hiervoor ingestelde bestemmingsreserve Natuuren Recreatieplan. Bij de vaststelling van het Uitvoeringsprogramma is uitgegaan van een dynamische planning. Verschillende oorzaken kunnen ertoe leiden dat projecten anders of later worden uitgevoerd. Het bestuur zal regelmatig geïnformeerd worden over de voortgang van het Uitvoeringsprogramma. Mutaties in de projecten op het Uitvoeringsprogramma worden verwerkt via de voor- of eindejaarsrapportage.

Zienswijzen Op de Kadernota 2024 zijn alleen positieve zienswijzen ontvangen. Het overzicht van de zienswijzen en de besluitvorming hierover zijn te vinden in de bijlage bij het bestuursvoorstel voor het algemeen bestuur van 22 maart 2023.

Leeswijzer Na deze korte inleiding treft u de Beleidsbegroting aan. In het programmaplan is per programma aangegeven wat wij met dit programma willen bereiken, wat wij hiervoor doen en wat het mag kosten. Vervolgens is een viertal paragrafen opgenomen, te weten de paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing, Onderhoud Kapitaalgoederen, Financiering en als laatste de paragraaf Bedrijfsvoering. Na de beleidsbegroting treft u de financiële begroting aan. Hierin is ook de meerjarenbegroting opgenomen. Afsluitend vindt u diverse bijlagen.

3

4 Formeel autoriseert u het dagelijks bestuur uitgaven te doen overeenkomstig de bedragen opgenomen in de programmabegroting. De begroting wordt vastgesteld door vaststelling van de totale lasten en baten. Dagelijks bestuur Recreatieschap Westfriesland,

De secretaris, Karel Schoenaker

De voorzitter, Rosalien van Dolder

4

5

Beleidsbegroting Missie en visie en taken Al vijftig jaar (sinds 1973) is het Recreatieschap dé partij in Westfriesland die voor de Westfriese gemeenten het beleid voor de (openlucht)recreatie ontwikkelt en uitvoert. Dit doet het voor zowel de eigen inwoners als bezoekers van buiten de regio. Missie Westfriesland heeft veel te bieden op het gebied van landschap, natuur en recreatie. Niet alleen voor de eigen bewoners maar ook voor recreanten van buiten de regio. De huidige en toekomstige recreant heeft andere wensen en verlangens dan die van vroeger. Door het behouden, benutten en verbeteren van de kernkwaliteiten van landschap, natuur en recreatie is het Recreatieschap in staat om in te spelen op de eisen, wensen en vragen vanuit een veranderende maatschappij. Dit kan het Recreatieschap niet alleen. Het zoekt daarom verbinding met andere partijen, zowel binnen als buiten Westfriesland. Visie In het Natuur- en Recreatieplan van het Recreatieschap krijgt de visie gestalte. Het Natuur- en Recreatieplan draagt daarbij ook bij aan de ambitie van de regio om tot de top tien van meest aantrekkelijke regio’s te behoren. Het Recreatieschap vervult een regierol voor de realisatie van de ambities uit het Natuur- en Recreatieplan. Voor de uitvoering van het plan is een Uitvoeringsprogramma opgesteld.

Het Recreatieschap voert dit plan samen met de zeven Westfriese gemeenten en andere partijen binnen en buiten de regio uit. Taak Het Recreatieschap geeft hier invulling aan door het beheer en onderhoud van de recreatieterreinen die verspreid door Westfriesland liggen. Deze zijn gevarieerd ingericht en bieden elk wat wils. Ook beheert het Recreatieschap de recreatieve netwerken voor varen, fietsen en wandelen. Naast beheer en instandhouding wordt er ook ingezet op doorontwikkeling van het recreatieve aanbod. Dit gebeurt middels de uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan.

Algemeen Ten tijde van het opstellen van de Begroting 2024 spelen er twee ontwikkelingen waarvan de impact op de taken en werkzaamheden van het Recreatieschap in 2024 nog onduidelijk is. Dit zijn de gevolgen van de oorlog in Oekraïne en de steeds groter wordende druk op én vraag naar natuur- en recreatiegebieden. Gevolgen oorlog Oekraïne Begin 2022 startte de oorlog tussen Rusland en Oekraïne. Al vrij snel werden de (indirecte) gevolgen hiervan zichtbaar. Voor het Recreatieschap leidde dit er in eerste instantie toe dat de kosten voor brandstoffen, materialen, energie en aannemers enorm stegen. Deze inflatie werkt vanzelfsprekend ook door op andere zaken zoals huur-/pachtcontracten en de loonkosten. De eerstgenoemde zijn voor zover mogelijk verwerkt in de Begroting 2024. Over de loonkosten worden ten tijde van het opstellen van de Begroting onderhandelingen gevoerd die moeten leiden tot een nieuwe CAO. De forse inflatie over 2022 en 2023 zijn niet volledig verwerkt in de indexcijfers die de Regietafel heeft bepaald voor het berekenen van de gemeentelijke bijdrage aan het Recreatieschap in 2024. De gehanteerde systematiek leidt er toe dat deze met twee jaar vertraging wordt gecorrigeerd in de kadernota; de Kadernota 2025 dus. Omdat er zich nu een unieke situatie voordoet heeft de Regietafel besloten om voor de indexcijfers van 2024 hierop een voorschot te nemen.

Dit maakt de uitdaging voor 2024 minder groot maar ten tijde van het opstellen van deze begroting is niet duidelijk wat de precieze gevolgen zijn voor de Begroting 2024 en Meerjarenbegroting 2025-2027.

5

6 Druk op én vraag naar natuur- en recreatiegebieden Het Recreatieschap ziet een grote uitdaging in de opgaven die op onze regio afkomen op het gebied van natuur en recreatie. De natuur- en recreatiegebieden staan onder druk terwijl er meer dan ooit behoefte aan is. En die druk en behoefte zullen alleen maar toenemen. Het woonakkoord noemt aantallen van 9.000 extra woningen in 2040. Al die mensen moeten ergens recreëren. Tegelijkertijd leggen energie, klimaat en bedrijvigheid een steeds grotere claim op het landschap. Het bestuur zal een visie én ambitie gaan vormen hoe voor nu én voor de toekomst te zorgen voor voldoende natuur en recreatie voor de bewoners van en bezoekers aan de regio. Dit zal (mogelijk) leiden tot een herziening van (delen van) het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. Een nieuwe visie en ambitie hebben zeer waarschijnlijk ook financiële gevolgen. Het is op dit moment prematuur om aan te kunnen geven hoe die eruit gaan zien. Zodoende is er ook nog geen bedrag opgenomen in deze begroting. De financiële gevolgen zullen onderdeel zijn van het proces dat wordt ingegaan om tot een nieuwe visie en ambitie te komen. Eventuele gevolgen voor 2024 en verder zullen worden verwerkt in de rapportages.

Toenemende drukte. Terrein de Vooroever Vlietsingel.

6

7

Programmaplan De begroting bevat vier programma’s. Het eerste programma betreft de recreatieterreinen. Het tweede bevat de verschillende recreatieve netwerken. Programma drie beslaat het algemeen beheer en beleid. In dit programma is ook de uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan opgenomen. De uitvoering van het Natuuren Recreatieplan kan indirect invloed hebben op programma’s één en twee omdat investeringen in terreinen en voorzieningen veelal gevolgen hebben voor het beheer en onderhoud ervan. Het laatste programma betreft de algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien. Programma 1 - Recreatieterreinen Wat willen wij bereiken? Het Recreatieschap zet zich in voor gevarieerde recreatieterreinen. Voor de eigen inwoners, dagjesmensen en verblijfsrecreanten. De terreinen bieden ruimte aan verschillende soorten gebruikers: zwemmers, (water)sporters, hondeneigenaren, fietsers en wandelaars, natuurliefhebbers en vele anderen. De inrichting en het beheer van de terreinen zijn primair hierop toegespitst. Ook wil het Recreatieschap daarbij een grotere bijdrage leveren aan de natuur en biodiversiteit. De terreinen zijn natuurinclusief waarbij beleefbaarheid van deze natuurwaarden een voorwaarde is. Tot slot is de link tussen natuur en recreatie en gezondheid de laatste jaren steeds nadrukkelijker zichtbaar geworden.

Bewegen in een groene omgeving draagt aantoonbaar bij aan een fysieke en geestelijke gezondheid van mensen. Het is voor veel mensen een recept tegen psychische en stressgerelateerde klachten. Ook hier kunnen de terreinen van het Recreatieschap een belangrijke bijdrage aan leveren.

Haven Wijdenes. Een terrein dat steeds vaker en door meer dagjesmensen en passanten wordt gevonden. Wat doen wij ervoor? Beheren en onderhouden van de circa 350 hectare aan recreatiegebieden. Dit houdt in het onderhoud van de stranden, speel- en ligweiden, parken, speelmeubilair, het onderhoud aan wegen, paden en openbare parkeerterreinen, (toilet)gebouwen, bruggen en steigers, duikers en in- en uitlaatplaatsen voor boten en bagger- en schouwwerkzaamheden in en langs sloten. Ook het beheer van zwemwaterlocaties valt hieronder.

7

8 De meeste recreatieterreinen van het Recreatieschap zijn in de jaren zeventig en tachtig ontwikkeld. De afgelopen jaren zijn verschillende recreatieterreinen opgewaardeerd. Zo is in 2023 De Hulk opgewaardeerd. Toch heeft een aantal terreinen nog een typische jaren tachtig-uitstraling. Dit geldt bijvoorbeeld voor De Leijen en de Vooroever Koopmanspolder/Andijk. De recreant van vandaag de dag vraagt om een andere inrichting, kwaliteitsniveau en voorzieningen. De komende jaren wordt er (verder) gewerkt aan de plannen om ook de resterende terreinen aan die wens te laten voldoen. Naast de recreatieve opgave is er ook een opgave om de natuurwaarden en biodiversiteit in de terreinen te vergroten. Natuur en recreatie gaan dan ook hand in hand. Dit doet het Recreatieschap door duidelijke keuzes te maken tussen intensief (recreatief) beheerde delen en delen met extensiever (natuurlijker) beheer. De verandering naar (nog meer) natuurinclusievere recreatieterreinen gebeurt enerzijds in een geleidelijk proces waarbij beheervormen en beplantingkeuze worden aangepast en anderzijds door hier bij terrein(her)inrichting rekening mee te houden. Ook zoekt het Recreatieschap daarbij de samenwerking met de partners om deze doelen te behalen. Als gezegd moet dit geen afbreuk doen aan de kwaliteit en belevingswaarde van de terreinen maar deze zelfs vergroten.

Ook moet er voor gewaakt worden dat toekomstige ontwikkelingen onmogelijk worden gemaakt. Specifiek aandachtspunt daarbij is dat een aantal terreinen onderdeel is van het Natuurnetwerk Nederland (NNN). Daardoor moet er bij ontwikkelingen in die gebieden vaak natuur gecompenseerd worden. Naast de eigen terreinen en voorzieningen beheert het Recreatieschap ook zwemwaterlocaties en (delen van/onderdelen van) recreatieterreinen in opdracht van derden. Zo wordt vanaf 2023 het recreatieve beheer van het stadsstrand Hoorn uitgevoerd.

8

9

Programma 2 - Recreatieve netwerken Wat willen wij bereiken? Het Recreatieschap wil recreanten en toeristen kwalitatieve routenetwerken bieden waar ontspannen en actief veilig kan worden gewandeld, gevaren of gefietst. De netwerken moeten naadloos aansluiten op de netwerken in de aangrenzende regio’s. Landelijke routes als de LAW(Lange Afstand Wandelroutes)- en Streekpaden voor wandelen en LF(Landelijke Fietsroutes)-Icoonroutes voor fietsen en andere netwerken zijn geïntegreerd in de netwerken zodat deze elkaar aanvullen en versterken. Wat doen wij ervoor? Het Recreatieschap beheert en onderhoudt de bebording van ruim 1.000 kilometer recreatieve netwerken en zeven Toeristische Overstappunten (TOP’s). Het is blijvend bezig met het doorontwikkelen van deze verschillende netwerken om de kwaliteit op peil te houden en waar mogelijk uit te breiden. Het betreft de volgende netwerken: • +/- 535 kilometer wandelnetwerk • +/- 150 kilometer vaarroutenetwerk; • +/- 350 kilometer fietsroutenetwerk. • 7 Toeristische Overstappunten (TOP’s). Wandelnetwerk Westfriesland beschikt over een gebiedsdekkend wandelnetwerk. In het netwerken zijn de LAW-paden Groot Frieslandpad, Zuiderzeepad en het Streekpad Westfriese Omringdijk integraal opgenomen. Ook sluit het netwerk naadloos aan op de wandelnetwerken van de aangrenzende regio’s.

In 2024 zal de nadruk liggen op beheer en onderhoud van het netwerk. Dit moet ertoe leiden dat de kwaliteit op het gewenste niveau blijft. Kansen voor uitbreiding of kwaliteitsverbetering worden blijvend gezocht en zoveel mogelijk benut. Hierbij is de grootste uitdaging om meer on- of halfverharde paden en boerenlandpaden toe te voegen aan het netwerk. Fietsroutenetwerk Voor het fietsroutenetwerk ligt de focus op het op peil houden en waar mogelijk verhogen van de kwaliteit van het regionale knooppuntennetwerk in Westfriesland, de landelijke LF-icoonroutes en de Westfriese Omringdijkroute. Het Recreatieschap voert ook het secretariaat van de Beheerstichting Fietsroutenetwerk Noord-Kennemerland en Westfriesland en voert de taken van deze stichting uit. Deze stichting zet zich voor die regio’s in voor de promotie van het fietsroutenetwerk, fietsen in het algemeen en andere aanverwante activiteiten. Dit doet zij met een promotiebudget dat is gevormd bij de realisatie van het knooppuntennetwerk. Dit budget is incidenteel en wanneer het volledig is uitgegeven zal de stichting worden geliquideerd. Vaarroutenetwerk De vaarroutes in Westfriesland zijn onderdeel van het landelijke vaar- of sloepennetwerk.

De opgave voor deze netwerken ligt bij instandhouding en kwaliteitsverbetering van de bestaande routes en het op projectbasis werken aan ontbrekende schakels om een regiodekkend vaarnetwerk te krijgen. De doorontwikkeling richt zich zowel op het netwerk binnen de regio maar anderzijds ook op (de aansluiting op) het landelijke toervaartnetwerk in met name de Kop van Noord-Holland. Daarnaast zet het Recreatieschap structureel in op het verbeteren van het nautisch en vaarbeheer van de vaarroutes. Toeristische Overstappunten (TOP’s) Bij een TOP komen fiets-, wandel- en soms ook vaarroutes samen, zijn er parkeervoorzieningen en is er horeca in de nabije omgeving. Een aantal TOP’s heeft ook een drinkwatertappunt. Op een herkenbare zuil staat een

9

10 kaart met de recreatiemogelijkheden en algemene informatie over bezienswaardigheden en horeca in de buurt. Er staan zeven TOP’s in Westfriesland. Provinciale en landelijke afstemming Recreanten houden geen rekening met een gemeente- of regiogrens. Daarom doen de netwerken dat ook niet. Alle netwerken sluiten naadloos aan op de netwerken in de aangrenzende regio’s. Naast de fysieke aansluiting is het ook van belang om beleidsmatige en praktische aansluiting te zoeken met de overige routebeheerders in de provincie en de provincie zelf. Hiervoor vindt er structureel overleg plaats over verschillende onderwerpen gerelateerd aan de routenetwerken. De netwerken zijn onderdeel van de provinciale en landelijke netwerken: Wandelen: www.wandelnetwerknoordholland.nl/ Fietsen: www.nederlandfietsland.nl/fietsrouteplanner Varen: www.sloepennetwerk.nl / www.vaarroutenetwerk.nl TOP’s: www.natuurwegwijzer.nl/tops

Wandelnetwerk met daarin de LAW-routes opgenomen (foto wandelvrouw.nl) Beleving en thematisering van routes Aan de verschillende netwerken kan een extra dimensie worden toegevoegd door binnen de netwerken themaroutes te ontwikkelen en een zogenaamde beleeflaag toe te voegen. Denk daarbij aan speciale hondenuitlaatroutes of routes met een historisch thema. Dit is voor het Streekpad Westfriese Omringdijk bijvoorbeeld gedaan in de routegids maar ook door filmpjes welke langs de route via QR-codes bekeken kunnen worden. Het Recreatieschap zal in 2024 samen met de verschillende routepartners de mogelijkheden voor deze toevoegingen nader onderzoeken en waar mogelijk uitwerken.

10

11

Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Wat willen wij bereiken? Het programma algemeen beheer en beleid bevat de algemene bedrijfsvoering. In dit programma valt ook het beleid dat het Recreatieschap opstelt en de daaruit voortkomende projecten. De uitvoering van deze projecten gebeurt in samenwerking en afstemming met de gemeenten en andere partners. De basis voor het beleid van het Recreatieschap is het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. De projecten zijn opgenomen in het Uitvoeringsprogramma. Visie op de recreatie in Westfriesland Er komt een grote uitdaging op ons af op het gebied van natuur en recreatie. De natuur- en recreatiegebieden staan onder druk terwijl er meer behoefte dan ooit aan is. En die druk en behoefte zullen alleen maar toenemen. Het woonakkoord noemt aantallen van 16.000 extra woningen in 2040. Al die mensen moeten ergens recreëren. Tegelijkertijd leggen energie, klimaat en bedrijvigheid een steeds grotere claim op het landschap. Het Recreatieschap wil bijdragen aan een toekomstbestendige (visie voor de) recreatie in Westfriesland. Pact van Westfriesland Het Natuur- en Recreatieplan is afgestemd met en geïntegreerd in de structuurschets Westfriesland. Daarnaast zijn verschillende opgaven en projecten uit het Natuur- en Recreatieplan en het Uitvoeringsprogramma opgenomen in het Pact van Westfriesland.

Communicatie Binnen dit programma valt ook de communicatie. Deze richt zich onder andere op de informatievoorziening over het recreatieve aanbod van het Recreatieschap in de regio. Primair richt het zich daarbij op de eigen inwoners maar bereikt ook dagjesmensen of toeristen die langer in Westfriesland willen verblijven. Ook richt de communicatie zich steeds meer op de politieke achterban met als doel deze te informeren over onze werkzaamheden, ontwikkelingen en actuele zaken. Maar ook om deze tijdig mee te nemen in de (besluitvormings)processen. Wat doen wij ervoor? Om het Natuur- en Recreatieplan uit te voeren is een Uitvoeringsprogramma opgesteld. Het Uitvoeringsprogramma bevat verschillende projecten op het gebied van routenetwerken, opwaardering of kwaliteitsverbetering van eigen terreinen en van derden, maar ook zaken als natuur en biodiversiteit. Bij de vaststelling van het Uitvoeringsprogramma is een bestemmingsreserve Natuur- en Recreatieplan ingesteld. Vanuit deze reserve worden de incidentele- kosten en kapitaallasten van projecten van uit het Uitvoeringsprogramma gedekt. Het Uitvoeringsprogramma is een dynamisch programma. Kansen die zich voordoen, (grote) projecten of processen waar op kan worden aangehaakt of andere zaken kunnen invloed hebben op zowel de planning als de kosten van de projecten.

Wijzigingen kunnen ook ontstaan vanuit de projectpartners waarmee het Recreatieschap bij de uitvoering nadrukkelijk samenwerking zoekt. Het Recreatieschap actualiseert daarom samen met de gemeenten regelmatig het Uitvoeringsprogramma en stelt het waar nodig bij. Het bestuur wordt op de hoogte gehouden van de uitvoering en zal wijzigingen indien nodig vaststellen. De (financiële) mutaties worden verwerkt via de voor- en eindejaarsrapportage. Via onze website en onze nieuwsbrieven wordt de achterban op de hoogte gehouden. Uiteraard wordt er voor elk project onderzocht of er subsidie- of andere cofinancieringsmogelijkheden zijn.

11

12 Visie op de recreatie in Westfriesland Om tot een toekomstbestendig recreatiebeleid te komen is het bestuur in 2023 gestart met een proces om een visie én ambitie te gaan vormen, hoe voor nu én voor de toekomst te zorgen voor voldoende natuur en recreatie voor de bewoners van en bezoekers aan de regio. In 2022 is tijdens RecreActief Westfriesland het onderwerp al geïntroduceerd bij bestuurders, raads- en statenleden en overige gegadigden. Dit proces zal ook in 2024 doorlopen. De visie en ambitie zullen met de gemeenten en andere betrokken partijen in de regio worden opgesteld en worden vertaald in beleid en zullen (mogelijk) leiden tot een herziening van (delen van) het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland. Een nieuw beleid heeft zeer waarschijnlijk ook financiële gevolgen wanneer de uitvoering ervan leidt tot projecten. Het is op dit moment prematuur om te kunnen aangeven hoe die gevolgen eruit gaan zien en op welke moment deze komen. Zodoende is er ook nog geen bedrag opgenomen in deze Begroting. Wij zullen hierin ook alle betrokken partijen en partners betrekken

Tijdens RecreActief Westfriesland 2022 spraken vele belangstellenden over de ‘Toekomst voor de recreatie in Westfriesland’ Pact van Westfriesland Het Pact van Westfriesland en de doelstellingen daaruit zijn belangrijk voor de regio. Het Recreatieschap draagt met al zijn werkzaamheden en activiteiten bij aan die doelstellingen. De terreinen en netwerken die het ontwikkelt en beheert dragen bij aan de thema’s ‘Wonen en Leefbaarheid’ en ‘Vrije tijd (Leisure)’ maar bieden ook kansen voor (toeristische) ondernemers. Met name de netwerken dragen bij aan de regiopromotie. Ook speelt het Recreatieschap een rol bij projecten die bijdragen aan andere doelen zoals de klimaatadaptatie. Dat doet het met de terreinen die als groene ‘buffers’ dienen in een steeds meer bebouwd Westfriesland. Maar ook zouden nieuwe functies als waterberging(sopgaven) in de terreinen van het Recreatieschap ingepast kunnen worden. Of kunnen recreatieve functies worden toegevoegd aan deze gebieden.

12

13

Naast de uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan houdt het Recreatieschap zich bezig met advisering van gemeenten en derden en belangenbehartiging voor zaken als kwaliteit en kwantiteit van de recreatie, (durf)watersport, landschap, biodiversiteit en natuur in Westfriesland. Daarvoor is het deelnemer in verschillende overleggen en gesprekspartner van partijen als provincie, Hoogheemraadschap, overige terreinbeheerders en verschillende andere partijen. Communicatie De externe communicatie aan recreanten en toeristen verloopt via de Destinatie Marketing Organisatie (DMO) Holland boven Amsterdam. Nieuws dat van belang is voor de Westfriese inwoners loopt via de regionale en lokale kranten en de website van het Recreatieschap. Op de website is toeristische, recreatieve en organisatorische informatie te vinden. Uiteraard worden ook sociale media ingezet. Eén van de PR-activiteiten is RecreActief Westfriesland, een dag waarop het Recreatieschap aan bestuurders, raadsleden en andere belanghebbenden laat zien wat het schap doet. De bestuurs- en raadsleden worden via nieuwsbrieven, jaaroverzichten en de stukken uit de P&C-cyclus geïnformeerd. In de onderstaande tabel staan de verplichte beleidsindicatoren binnen dit programma weergegeven. Taakveld 0 - Bestuur en ondersteuning Naam indicator Eenheid

Bron

Formatie Bezetting Apparaatskosten Externe inhuur

Eigen gegevens Eigen gegevens Eigen begroting Eigen begroting

Indicator Begroting 2024 0,05 0,05 € 2,44 5,4%

Eigen begroting

30%

Overhead

Fte per 1.000 inwoners Fte per 1.000 inwoners Kosten per inwoner Kosten als % van de totale loonsom + totale kosten inhuur externen % van totale lasten

Toelichting Het Recreatieschap heeft geen eigen personeel. Al het personeel is in dienst bij de gemeente Stede Broec en wordt ingehuurd door het Recreatieschap. Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien De belangrijkste inkomstenbron voor het Recreatieschap is de bijdrage per inwoner van de deelnemende gemeenten. Voor de doorberekening aan gemeenten wordt uitgegaan van het voorlopige aantal inwoners per 1 januari 2023: 218.351. De percentuele verdeling van de bijdrage (gelijk aan inwonersaantal) en de totale financiële bijdrage per gemeente is in onderstaande tabel weergegeven. De gemeentelijke bijdragen beslaan 85% van de structurele inkomsten. De overige inkomsten komen van huren en pachten (7%) en overige inkomsten (8%).

13

14 Bijdrage per deelnemer 2024 Deelnemers

Aantal inwoners 1-1-2023

Bijdrage per inwoner € 6,72

Gemeente Drechterland Gemeente Enkhuizen Gemeente Hoorn Gemeente Koggenland Gemeente Medemblik Gemeente Opmeer Gemeente Stede Broec

20.377 18.880 75.230 23.513 46.040 12.176 22.135

136.835 126.783 505.182 157.894 309.166 81.764 148.640

Totaal

218.351

1.466.264

Onvoorzien Binnen de begroting is een post onvoorzien opgenomen. Deze post is bedoeld als dekking voor (een schatting van) uitgaven die niet zijn voorzien in de begroting. Hierbij kan bijvoorbeeld gedacht worden aan kosten voor herstel van vandalisme of schade. Binnen het Recreatieschap is dit bedrag vastgesteld op € 25.000. Overhead Gemeenschappelijke regelingen moeten de overhead centraal begroten en verantwoorden in de begroting en jaarstukken. Onder overhead wordt verstaan het geheel van functies gericht op sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Enkele voorbeelden van overhead zijn: leidinggevende primair proces, juridische zaken, facilitaire zaken, communicatie, ICT, huisvesting en financiën, toezicht en controle op de eigen organisatie. Deze werkzaamheden worden voor een gedeelte uitgevoerd door de SED-organisatie. Hiervoor is een dienstverleningsovereenkomst afgesloten. Het is verplicht een overzicht van kosten van overhead op te nemen. In onderstaand overzicht is weergegeven hoe het bedrag voor overhead is opgebouwd. Overhead Omschrijving

Bedrag

Bijdrage dienstverleningsovereenkomst SED

174.901

Leiding, administratieve ondersteuning en communicatie

358.494

Totaal

533.395

Vennootschapsbelasting (Vpb) Door de geringe omvang van de activiteiten en opbrengsten wordt verwacht dat er voor 2024 geen Vpb-last betaald hoeft te worden. Derhalve is er ook geen Vpb-last geraamd.

14

15

Wat mag het kosten? Programma Lasten: Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting

Rekening 2022 Begroting 2023 Begroting 2024

905.722 34.667 101.494

1.017.003 34.642 47.464

1.109.618 40.314 62.535

2.534

30.731

27.008

484.781 0

488.697 0

533.395 0

1.529.198

1.618.536

1.772.870

176.980 10.767 0

244.758 0 0

262.270 0 0

1.245.652

1.356.433

1.468.272

78 0

0 0

0 0

1.433.477

1.601.191

1.730.541

Saldo van baten en lasten

-95.721

-17.346

-42.329

Toevoeging reserves Onttrekking reserves

48.680 145.192

0 43.383

0 44.704

Saldo mutaties reserves

96.512

43.383

44.704

Gerealiseerde resultaat

791

26.037

2.375

Totaal lasten Baten: Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting Totaal baten

Voordelig

Voordelig

Voordelig

Toelichting verschillen tussen begroting 2024 en begroting 2023/rekening 2022 Een groot deel van het verschil tussen de begroting en de rekening komt door de projecten Natuur- en Recreatieplan. De kosten van de projecten worden niet begroot in de primitieve begroting, wel in de gewijzigde begroting. De projectkosten voor het Natuur- en Recreatieplan worden gedekt uit de Reserve Uitvoering Natuur- en Recreatieplan. Als er sprake is van een investering (meerjarig nut) dan worden afschrijvingslasten voor deze projecten gedekt vanuit de Reserve afschrijvingslasten projecten Natuur- en Recreatieplan. De middelen uit deze reserve komen uit de Reserve Uitvoering Natuur- en Recreatieplan. Dit houdt in dat deze mutaties budgetneutraal zijn en geen invloed hebben op het resultaat. In 2024 zullen de projectbudgetten worden vastgelegd middels de reguliere rapportages of via een apart voorstel. Daarnaast ontstaan een aantal verschillen doordat per 2023 het beheer van het Stadsstrand Hoorn door het Recreatieschap wordt uitgevoerd.

15

16 Toelichting afwijkingen tussen de rekening 2022 en de Begroting 2024 Lasten In 2024 hogere lasten door prijsindexatie

-108.000 N

In 2024 hogere kapitaallasten

-18.000 N

In 2022 incidentele lasten projecten Natuur- en Recreatieplan

9.000 V

In 2022 incidentele lasten recreatieterreinen algemeen

11.000 V

In 2024 hogere personeelskosten (inclusief indexatie)

-122.000 N

In 2024 een geraamde post Onvoorzien

-25.000 N

Baten In 2024 hogere baten door prijsindexatie

88.000 V

In 2024 bijdrage voor onderhoud stadsstrand Hoorn

75.000 V

In 2024 een hogere gemeentelijke bijdrage

134.000 V

Mutaties reserves In 2022 onttrekking aan de Reserve Uitvoering Natuur- en Recreatieplan In 2022 storting in de reserve dekking afschrijvingslasten

-94.000 N 40.000 V

In 2024 een hogere onttrekking aan de Reserve afschrijvingslasten NRP

5.000 V

Overige verschillen

6.000 V

Totaal verschil resultaat

1.000 V

Toelichting afwijkingen tussen begroting na wijziging 2023 en Begroting 2024 Lasten In 2024 hogere lasten door toegepaste prijsindexatie

-78.000 N

In 2024 meer kapitaallasten

-11.000 N

In 2024 lasten onderhoud terreinen (inclusief stadsstrand Hoorn)

-5.000 N

In 2024 hogere personeelslasten (inclusief indexatie)

-59.000 N

Baten In 2024 hogere baten door toepassing prijsindexatie

69.000 V

In 2024 een hogere gemeentelijke bijdrage

46.000 V

In 2024 meer pachtopbrengsten

14.000 V

Totaal verschil resultaat

-24.000 V

16

17

Paragrafen In het BBV wordt bij de begroting een aantal verplichte paragrafen voorgeschreven. Voor het Recreatieschap zijn de volgende paragrafen van belang: Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing, Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen, Paragraaf Financiering en Paragraaf Bedrijfsvoering. Paragraaf Weerstandsvermogen en risicobeheersing Het weerstandsvermogen is de mate waarin het Recreatieschap in staat is substantiële tegenvallers op te vangen zonder dat de continuïteit van de bedrijfsvoering in gevaar komt. Het weerstandsvermogen is afhankelijk van de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit (hoeveel middelen zijn er nodig om alle risico’s op te kunnen vangen). Volgens artikel 3.4 van de Uitgangspunten Gemeenschappelijke Regelingen geldt als richtlijn voor de hoogte van de Algemene reserve 2,5% van de lasten. Bij zwaarwegende argumenten kan afgeweken worden van dit bedrag. Voor 2024 betekent dit uitgangspunt een hoogte van de Algemene reserve van € 44.322. Op 1 januari 2024 bedraagt de geraamde Algemene reserve ook € 41.211. Hierbij moet worden opgemerkt dat de lasten voor de projecten uit het Natuur- en Recreatieplan in de voor- en eindejaarsrapportage worden verwerkt. De werkelijke lasten in 2024 zullen dus hoger zijn.

Beschikbare weerstandscapaciteit De weerstandscapaciteit bestaat uit de vrij aanwendbare middelen, onbenutte inkomstenbronnen en bezuinigingsmogelijkheden. De vrij aanwendbare middelen zijn de reserves en onvoorzien. De reserves maken deel uit van het eigen vermogen. Tot de vrij aanwendbare reserves worden de reserves gerekend waarvan het algemeen bestuur de bestemming nog kan wijzigen. Overzicht vrij aanwendbare middelen Omschrijving Algemene reserve

1-1-2022

1-1-2023

1-1-2024

39.970

39.595

41.211

Jaarresultaat

791

1.617

2.375

Onvoorzien

25.000

25.000

25.000

65.760

66.211

68.587

Totaal

Risico’s Het Recreatieschap heeft in 2017 de beleidsnota ‘Weerstandsvermogen: risicomanagement en weerstandscapaciteit’ vastgesteld. Conform deze beleidsnota is de inventarisatie van de risico’s ook voor 2024 geactualiseerd. In de volgende tabel zijn alle actuele risico’s nader uiteengezet. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in de beschrijving van het risico en de gewenste beheersmaatregel. De kolom daarnaast geeft het maximaal financieel gevolg in duizenden euro’s. Vervolgens de kans en het effect (impact). De laatste kolom geeft inzicht in het financiële gevolg van het risico (bedrag x kans). Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen is er een normtabel ontwikkeld door het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van de berekende ratio. Het weerstandsvermogen valt in de klasse “voldoende”.

17

18 Beschrijving van het risico

Genomen beheersmaatregel(en)

Maximaal risico

Kans op optreden

Impact

Bedrag * kans

Langdurige afwezigheid van een werknemer door ziekte.

Binnen Bedrijfsvoering is voldoende aandacht voor ARBO en veilig werken en wordt onnodige/of te veel druk en werkbelasting vermeden. Ook wordt hiervoor gebruik gemaakt van de afdeling P&O van de SED organisatie.

€ 50.000

2=30%

3

€ 15.000

Beëindigen overeenkomst door verhuurders en/of verpachters

Goed overleg en contact houden met de grondeigenaren en de overeenkomsten duurzaam (in tijd) vastleggen.

€ 80.000

2=30%

3

€ 24.000

Het uittreden van één van de gemeenten uit gemeenschappelijke Preventief beleid - communicatie met € 200.000 raadsleden regeling

1=10%

4

€ 20.000

€ 10.000

5=90%

1

€ 9.000

€ 10.000

3=50%

1

€ 5.000

GR heeft hierin voorzien door hierover maatregelen op te nemen in de GR tekst.

Zorg voor content nut/noodzaak in de krant

Imagoschade

Open en duidelijk communiceren. Tijdig informeren en bewoners/bezoekers/raadsleden betrekken. Persoonlijk contact zoeken i.p.v. online discussie voeren.

Gevolgen van klimaatverandering

Door bij de inrichting hier rekening mee te houden wordt hierop geanticipeerd. Maar ook door (verplichte) maatregelen als de controle van de zwemwaterkwaliteit. En natuurlijk door voorlichting aan de gasten zodat zij hun eigen maatregelen kunnen nemen.

Totaal

€ 73.000

Benodigde weerstandscapaciteit Uit bovenstaand overzicht blijkt dat het totaalbedrag aan risico’s € 73.000 bedraagt. Dit is de benodigde weerstandscapaciteit. Wij willen opmerken dat de inventarisatie van risico’s een dynamisch proces is. De beschikbare weerstandscapaciteit bedraagt per 1 januari 2024 € 69.000. De benodigde weerstandscapaciteit is € 73.000. Daarmee beschikken wij over een ratio weerstandsvermogen van 0,94 (beschikbaar in relatie tot benodigd). Er zijn voldoende middelen om de risico’s af te dekken. Om het weerstandsvermogen te kunnen beoordelen is er een normtabel ontwikkeld door het Nederlands Adviesbureau Risicomanagement (NAR) in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van de berekende ratio. Het weerstandsvermogen valt in de klasse “voldoende”. Gevolgen oorloog Oekraïne Door de ontwikkelingen in de wereld ontstaan er risico’s die van invloed kunnen zijn op de begroting van RSW. Er kan gedacht worden aan: -

Geplande investeringen en inkopen die door prijsstijgingen hoger kunnen uitvallen en; toekomstige financieringen die we wellicht niet meer tegen de gunstige rentes van de afgelopen jaren kunnen worden afgesloten.

18

19

In de begroting is rekening gehouden met de door de regietafel bepaalde prijs- en loonindexatie. Echter, de werkelijke inflatie lijkt zich op een hoger niveau te ontwikkelen. Wij kunnen niet voorspellen of deze trend doorzet of niet. Zodoende kunnen we nu niet beoordelen hoe groot de risico’s kunnen zijn.

Kengetallen en toelichting kengetallen Om de financiële positie inzichtelijk te maken schrijft het Rijk een verplichte basisset van vijf financiële kengetallen voor. De kengetallen Grondexploitatie en Belastingcapaciteit zijn niet van toepassing. De overige kengetallen worden hierna uitgewerkt. De opgenomen kengetallen maken inzichtelijk over hoeveel financiële ruimte de gemeenschappelijke regeling beschikt om structurele en incidentele lasten te kunnen dekken en opvangen. Ze geven inzicht in de financiële wend- en weerbaarheid. Onderstaande tabel geeft de berekende kengetallen van het Recreatieschap weer. Kengetallen

1. a Netto schuldquote b Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen 2. Solvabiliteitsratio 3. Structurele exploitatieruimte

Jaarstukken 2022 47% 47%

Begroot 2023 53% 53%

Begroot 2024 55% 55%

Begroot 2025 56% 56%

Begroot 2026 47% 47%

Begroot 2027 42% 42%

59% 1%

59% 1%

61% 1%

61% 1%

63% 0%

65% 0%

Het ministerie van BZK heeft onderstaande signaleringswaarden opgesteld. Hierbij is A het minst risicovol, B gemiddeld en C het meest risicovol.

Specificering kengetal naar categorie

Cat. A

Cat. B

Cat. C

a. zonder correctie doorgeleende gelden

< 90%

90 - 130 %

> 130 %

b. met correctie doorgeleende gelden

< 90%

90 - 130 %

> 130 %

2.

Solvabiliteitsratio

> 50%

20 - 50 %

< 20%

3.

Structurele exploitatieruimte

> 0%

0

<0%

1.

Netto schuldquote:

Toelichting kengetallen: 1. a. Netto schuldquote De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen. De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Hoe hoger de schuld is, hoe meer kapitaallasten er zijn (rente en aflossing) waardoor een begroting minder flexibel wordt. Het kengetal wordt berekend door het totaal van de geleende gelden weer te geven als percentage van de totale baten. Hoe lager het percentage des te gunstiger en minder risicovol. De indeling voor het Recreatieschap komt in categorie A, minst risicovol.

19

20 b. Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Omdat bij leningen onzekerheid kan bestaan of ze allemaal worden terugbetaald, wordt dit kengetal zowel berekend inclusief als exclusief de doorgeleende gelden. Zo wordt duidelijk wat het aandeel van de verstrekte leningen in de exploitatie is en wat dit betekent voor de schuldenlast. Hoe lager dit percentage, hoe beter. De indeling voor het Recreatieschap komt in categorie A, minst risicovol. 2.

Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de gemeenschappelijke regeling in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het balanstotaal. Het eigen vermogen van een gemeenschappelijke regeling bestaat uit de reserves en het resultaat uit het overzicht van baten en lasten. De gemiddelde solvabiliteit voor alle gemeenten is circa 40% (bron: CBS). Hoe hoger dit percentage is, hoe gunstiger dit is voor de financiële weerbaarheid van de gemeenschappelijke regeling. De indeling voor het Recreatieschap komt in categorie A, minst risicovol.

3.

Structurele exploitatieruimte Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeenschappelijke regeling heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt het onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. De structurele exploitatieruimte wordt bepaald door het saldo van de structurele baten en lasten en het saldo van de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves gedeeld door de totale baten en uitgedrukt in een percentage. Het percentage in 2024 bedraagt 1%. Hieruit blijkt dat de begroting 2024 materieel in evenwicht is.

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen Het Recreatieschap streeft naar een goed en maatschappelijk verantwoord kwaliteitsniveau. In de vergadering van het algemeen bestuur op 12 december 2018 is het beleidsmatige deel van het beheerplan 2019-2023 vastgesteld. Het financiële deel van het plan is in 2021 geactualiseerd en op 8 december 2021 door het algemeen bestuur vastgesteld. De organisatie is voornemens om in 2023 het financiële deel wederom te herzien. De voornaamste aanleiding daarvoor zijn prijsstijgingen als gevolg van de inflatie. Ter dekking van de lasten is een voorziening ingesteld. Jaarlijks wordt een bedrag van € 50.100 gestort. Overzicht verloop voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen 2024

2025

2026

2027

Stand 1 januari

165.854

142.704

132.054

122.204

Vermeerderingen: storting Verminderingen Stand 31 december

50.100 73.250 142.704

50.100 60.750 132.054

50.100 59.950 122.204

50.100 53.750 118.554

Voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen

20

21

In 2024 staan de volgende investeringen gepland: Investeringen 2024 bedrag Auto (Toyota Hilux)

30.000

Auto (Toyota Yaris)

17000

Beschoeiing De Hulk (nr. 7 en 10)

12000

Beschoeiing Egboetswater (nr. 1)

25000

Auto (Bestelauto)

17000 Tota a l

101.000

Paragraaf Financiering Het Recreatieschap hanteert het treasurybeleid van de gemeente Stede Broec. Het Treasurystatuut is in 2017 geactualiseerd. Kasgeldlimiet De kasgeldlimiet stelt een grens aan de korte financiering. Hiermee kan het renterisico op de korte financiering beperkt worden. De kasgeldlimiet wordt berekend als een bepaald percentage van het totaal van de jaarbegroting bij aanvang van het jaar. De uitvoeringsregeling FIDO bepaalt het percentage voor de kasgeldlimiet. Deze limiet is vastgesteld op 8,2% met een minimum van € 300.000. Deze norm wordt in 2024 niet overschreden (8,2% x € 1.617.000 = € 132.000). Renterisiconorm De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. Hoe meer de aflossing van de schuld in de tijd wordt gespreid, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor renteschokken bij de herfinanciering. Het renterisico op het begrotingstotaal overschrijdt de renterisiconorm niet (artikel 6, lid 1 Wet FIDO). De renterisiconorm wordt berekend door een vastgesteld percentage te vermenigvuldigen met het begrotingstotaal bij aanvang van het jaar. Deze norm is vastgesteld op 20% met een minimum van € 2.500.000. Deze norm wordt in 2024 niet overschreden. EMU-saldo Het EMU-saldo is het saldo van de inkomsten en uitgaven van de overheid.

Decentrale overheden moeten inzicht geven in de berekening van hun aandeel in dit EMU-saldo. Deze informatie wordt middels enquêtes aangeleverd bij het CBS. Voor gemeenschappelijke regelingen vindt een steekproef plaats wanneer deze een exploitatie heeft van € 20 miljoen of meer. Het Recreatieschap valt hierbuiten en is dus niet verplicht deze gegevens te publiceren.

21

22 Paragraaf Bedrijfsvoering Organogram 2024

Personeelsformatie Op 1 januari 2024 werken er bij het Recreatieschap twaalf personen verdeeld over 10,26 fte. De toegestane formatie is 10,63 fte. Het Recreatieschap kan zelf geen personeel in dienst hebben. De personeelsleden worden daarom ingehuurd/gedetacheerd via de gemeente Stede Broec. Daarnaast is er een post van € 43.000 beschikbaar voor externe inhuur. Vanuit dit budget wordt er voor de afdeling Groen- en Recreatiebeheer ingehuurd om de pieken in het hoogseizoen op te vangen. De inhuur gebeurt (onder andere) bij WerkSaam. Kosten personeel De kosten voor inhuur van het vaste personeel van het Recreatieschap bedragen in 2024 € 761.000. Facilitaire organisatie De zogenaamde PIOFAH-taken (personeel, inkoop, organisatie, financiën, automatisering en huisvesting) van het Recreatieschap worden door de SED-organisatie verzorgd. Om die reden is het Recreatieschap gehuisvest in het gemeentehuis van Stede Broec. De kosten voor deze ondersteuning bedragen voor 2024 € 175.000. Leeftijdsopbouw en ziekteverzuim De gemiddelde leeftijd van het eigen personeel bedraagt op 1 januari 2024 42 jaar. Er zijn vier medewerkers 50 jaar of ouder, waarvan een ouder dan 60 jaar. Het Recreatieschap streeft naar een ziekverzuimpercentage lager dan 4%.

22

23

Financiële begroting Uitgangspunten bij de begroting De begroting is gebaseerd op de uitgangspunten uit de Kadernota 2024. De kadernota is voor een zienswijze naar de deelnemende gemeenteraden gestuurd. Indexering Voor de Begroting 2024 worden de voorgestelde richtlijnen van de Regietafel Gemeenschappelijke Regelingen Noord-Holland Noord gehanteerd. Conform deze richtlijnen hanteren wij 7,1% voor loonontwikkeling en voor prijsontwikkeling. Conform deze ontwikkeling wordt de gemeentelijke bijdrage met 7,1% geïndexeerd. Bij de opstelling van de begroting 2024 is verder rekening gehouden met de volgende uitgangspunten: • besluiten vergaderingen algemeen bestuur zijn tot en met december 2022 verwerkt; • door de indexatie is de bijdrage per inwoner verhoogd met € 0,45; • voor rente op nieuwe investeringen is 0,3% gehanteerd; • het afschrijvingsbeleid is conform het activabeleid; • de kapitaallasten zijn gebaseerd op de verwachte investeringen welke zijn opgenomen in deze begroting (zie bijlagen) en • de Algemene reserve mag niet groter zijn dan 2,5% van de lasten. De bijdrage per inwoner wordt € 6,72. Nieuw beleid Er is in 2024 geen sprake van nieuw beleid. Bijstelling reguliere budgetten De budgetten voor personeel en beheer en onderhoud van recreatieterreinen zijn aangepast ten opzichte van de Kadernota 2024 door nieuwe informatie voor een totaal van € 35.000

23

24

Overzicht van baten en lasten en de toelichting Rekening 2022

Begroting 2023

Begroting 2024

897.905 34.667 101.494 2.534 484.781 0

1.017.003 34.642 47.464 30.731 488.697 0

1.109.618 40.314 62.535 27.008 533.395 0

Totaal lasten

1.521.381

1.618.536

1.772.870

Baten: Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting

176.980 10.767 0 1.245.652 78 0

244.758 0 0 1.356.433 0 0

262.270 0 0 1.468.272 0 0

Totaal baten

1.433.477

1.601.191

1.730.541

Saldo van baten en lasten

-87.904

-17.346

-42.329

Toevoeging reserves Onttrekking reserves

320.797 409.492

0 43.383

0 44.704

Saldo mutaties reserves

88.695

43.383

44.704

Gerealiseerde resultaat

791

26.037

2.375

Programma Lasten: Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting

Voordelig

Incidentele lasten en baten jaar Lasten Baten

2024

Reserves

2025

2026

Voordelig

Voordelig

2027

0 0

0 0

0 0

0 0

0

0

0

0

Presentatie van het structureel begrotingssaldo Saldo baten en lasten

-42.329

Saldo toevoegingen en onttrekkingen aan reserves

44.704

Begrotingssaldo

2.375

Waarvan incidentele baten en lasten (saldo) Structureel begrotingssaldo

0 2.375

24

25

Post Onvoorzien jaar Onvoorzien

2024

2025

25.000

25.000

2026

2027

25.000

25.000

De kosten voor de projecten Natuur- en Recreatieplan zijn nog niet verwerkt in de begroting. Dit gebeurt via de tussenrapportages en/of een apart voorstel. Structurele toevoegingen en onttrekkingen reserves 2024

2025

2026

2027

Onttrekkingen Pr. 1 - reserve kapitaallasten Streekbos Paviljoen Pr. 1 - reserve afschrijvingslasten Natuur- en Recreatieplan Totaal

654

654

654

654

44.050

44.050

44.050

44.050

44.704

44.704

44.704

44.704

Uiteenzetting financiële positie en de toelichting Jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen Onder arbeidsrechtelijke verplichtingen worden verstaan de aanspraken op toekomstige uitkeringen door het huidige dan wel voormalige personeel. Het personeel van het Recreatieschap is in dienst van de gemeente Stede Broec. Het BBV maakt een onderscheid in arbeidsgerelateerde verplichtingen met en zonder jaarlijks vergelijkbaar volume. Op grond van artikel 44, derde lid BBV, is het niet toegestaan om een voorziening te vormen voor jaarlijks terugkerende arbeidskostengerelateerde verplichtingen met vergelijkbaar volume. Dit is niet van toepassing voor het Recreatieschap.

Investeringen Voor 2024 staan de volgende investeringen gepland. Investeringen van € 10.000 en hoger worden geactiveerd. Voor de verwachte investeringen voor de komende jaren verwijzen wij u naar de bijlage.

Investeringen met economisch nut Afschrijvingstermijn

Investeringsbedrag

Auto

7 jaar

30.000

Auto

7 jaar

17.000

Auto

7 jaar

17.000

Totaal

64.000

Investeringen met maatschappelijk nut Afschrijvingstermijn

Investeringsbedrag

Beschoeiing

10 jaar

12.000

Beschoeiing

10 jaar

25.000

Totaal

37.000

25

26 Financiering In 2024 heeft het Recreatieschap nog een langlopende lening. Naar verwachting moet er voor de investeringen in 2024 geen nieuwe financiering worden aangetrokken. Ontwikkeling reserves 2024 Boekwaarde Toevoeging Onttrekking 1-1-2024

Boekwaarde 31-12-2024

Algemene Reserve

41.211

1.617

0

42.828

Resultaat exploitatie boekjaar Bestemmingsreserves:

1.617

-1.617

0

2.375

Reserve Uitvoeringsprogramma Natuur- en recreatieplan

1.154.681

0

0

1.154.681

Reserves ter dekking van kapitaallasten: BR dekking kapitaallasten paviljoen Streekbos BR dekking afschrijvingslasten Natuur- en recreatieplan

17.654 460.718

0 0

654 44.050

17.000 416.668

1.675.881

0

44.704

1.633.552

Totaal

Reserves Reserves zijn middelen die onder het eigen vermogen vallen. In onderstaande tabel zijn voor 2024 per reserve de stortingen en onttrekkingen weergegeven. Voor de meerjarige stand en verloop van de reserves verwijzen wij u naar de bijlage. Toelichting mutaties reserves: • De begrote boekwaarde van de algemene reserve is wellicht hoger dan de regionaal afgesproken norm van 2,5% van het totaal aan lasten. Als dit ook werkelijk wordt gerealiseerd zal het algemeen bestuur bij de bestemming van het jaarresultaat besluiten hoe hiermee om te gaan. Daarbij zullen de regionale afspraken gehanteerd worden. • BR dekking kapitaallasten Streekbos Paviljoen: onttrekking ter dekking afschrijvingslasten Paviljoen. • BR dekking afschrijvingslasten Natuur- en Recreatieplan: onttrekking ter dekking afschrijvingslasten voor investeringen voortkomende uit het Uitvoeringsplan Natuur- en Recreatieplan.

Voorzieningen Voorzieningen zijn onderdeel van het vreemd vermogen en worden gevormd voor verplichtingen, risico’s of verliezen waarvan de omvang nog onbekend is, maar wel redelijkerwijs te schatten is. Het Recreatieschap Westfriesland heeft een voorziening voor het groot onderhoud kapitaalgoederen. Voor de meerjarige stand en verloop van de voorziening verwijzen wij u naar de bijlage. Ontwikkeling voorziening 2024 Boekwaarde 1-1-2024 Voorziening groot onderhoud kapitaalgoederen

165.854

Toevoeging Onttrekking 50.100

73.250

Boekwaarde 31-12-2024 142.704

26

27

Meerjarenraming In het onderstaande overzicht is de begroting 2024 inclusief de meerjarenbegroting 2025-2027 weergegeven. Begroting 2024

Begroting 2025

Begroting 2026

Begroting 2027

1.109.618 40.314 62.535

1.095.821 40.314 62.535

1.111.273 40.314 62.535

1.104.724 46.166 62.535

27.008 533.395 0 1.772.870

26.757 533.395 0 1.758.822

26.506 533.395 0 1.774.023

26.255 533.395 0 1.773.075

262.270 0 0

262.270 0 0

262.270 0 0

262.270 0 0

1.468.272 0 0 1.730.541

1.468.021 0 0 1.730.290

1.467.770 0 0 1.730.039

1.467.519 0 0 1.729.788

Totaal saldo van baten en lasten

-42.329

-28.532

-43.984

-43.286

Mutatie reserves Toevoeging reserves Onttrekking reserves

0 44.704

0 44.704

0 44.704

0 44.704

Totaal mutaties reserves

44.704

44.704

44.704

44.704

Geraamd resultaat

2.375

16.172

720

1.418

(voordeel)

(voordeel)

(voordeel)

(voordeel)

Product Lasten Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting Totaal lasten Baten Programma 1 - Recreatieterreinen Programma 2 - Recreatieve netwerken Programma 3 - Algemeen beheer en beleid Programma 4 - Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien Overhead Vennootschapsbelasting Totaal baten

Autorisatie In de eerder opgenomen tabel is de begroting 2024 en de meerjarenraming weergegeven. Het algemeen bestuur autoriseert het dagelijks bestuur voor de hierboven genoemde bedragen. De begroting wordt vastgesteld door vaststelling van de totale lasten en baten.

27

28

Geprognosticeerde begin- en eindbalans 2024 Begin en eindbalans

1-1-2024

31-12-2024

Materiële vaste activa

2.578

2.524

Financiële vaste activa

0

0

2.578

2.524

Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar

143

63

Liquide middelen

50

12

Overlopende activa

61

60

Totaal vlottende activa

254

135

2.832

2.659

(bedragen x € 1.000) ACTIVA Vaste activa

Totaal vaste activa Vlottende activa

Totaal ACTIVA

PASSIVA Vaste passiva Eigen Vermogen

1.675

1.617

Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar

821

730

Voorzieningen

166

143

2.662

2.489

Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar

120

120

Overlopende passiva

50

50

Totaal vlottende passiva

170

170

2.832

2.659

Totaal vaste passiva

Vlottende passiva

Totaal PASSIVA

28

29

Bijlagen: • • • •

Verwachte investeringen Stand en verloop van reserves en voorziening Overzicht baten en lasten per taakveld Meerjarig geprognosticeerde balans

Verwachte investeringen

Investeringen 2024-2027

jaar Auto Auto Beschoeiing Beschoeiing Auto Brug de Leijen Auto Beschoeing Maaimachine Ruigterreinmaaier Beschoeing

2024

2025

2026

2027

7

30.000

7

17.000

10

12.000

10

25.000

7

17.000

20

10.000

7

32.000

10

16.000

7

70.000

7

13.000

10

20.000

Tractor

40.000

Minigraafmachine Totaal

afschr.termijn

101.000 161.000

0

15.000 55.000

7 7

Het huidige beheerplan, inclusief investeringsprogramma, loopt tot en met 2031. Mutaties als gevolg van de actualisatie zullen verwerkt worden in de begroting.

29

Stand en verloop van reserves en voorziening Ontwikkeling reserves 2024-2027 Boekwaard Toevoeging Onttrekking Boekwaarde 31e 1-1-2024 12-2024

Toevoeging Onttrekking

Boekwaarde 31-12-2025

Toevoeging

Onttrekking

Boekwaarde 31-12-2026

Toevoeging

Onttrekking Boekwaarde 31-12-2027

Al gemene Res erve

41.211

1.617

42.828

2.375

45.203

16.172

61.376

720

62.096

Res ul taa t expl oi tatie boekja a r

1.617

-1.617

2.375

-2.375

16.172

-16.172

720

-720

1.418

1.154.681

0

0

1.154.681

0

0

1.154.681

0

0

1.154.681

0

0

1.154.681

BR dekki ng ka pi taa l l a s ten pa vi l joen Streekbos

17.654

0

654

17.000

0

654

16.346

0

654

15.692

0

654

15.038

BR dekki ng a fs chri jvi ngs l a s ten Na tuur- en recrea tiepl a n

460.718

0

44.050

416.668

0

44.050

372.618

0

44.050

328.568

0

44.050

284.518

1.675.881

0

44.704

1.633.552

0

44.704

1.605.020

0

44.704

1.561.036

0

44.704

1.517.750

Toevoeging Aanwendin g

Boekwaarde 31-12-2025

Toevoeging

Aanwending

Boekwaarde 31-12-2026

Toevoeging

Bestemmingsreserves: Res erve Ui tvoeri ngs progra mma Na tuur- en recrea tiepl a n Reserves ter dekking van kapitaallasten:

Totaa l

Ontwikkeling voorziening 2024-2027 Boekwaard Toevoeging Aanwendin Boekwaarde 31e 1-1-2024 g 12-2024

Aanwending Boekwaarde 31-12-2027

Groot onderhoud ka pi taa l goederen

165.854

50.100

73.250

142.704

50.100

60.750

132.054

50.100

59.950

122.204

50.100

53.750

118.554

Totaa l

165.854

50.100

73.250

142.704

50.100

60.750

132.054

50.100

59.950

122.204

50.100

53.750

118.554

De begrote boekwaarde van de algemene reserve is wellicht hoger dan de regionaal afgesproken norm van 2,5% van het totaal aan lasten. Als dit ook werkelijk wordt gerealiseerd zal het algemeen bestuur bij de bestemming van het jaarresultaat besluiten hoe hiermee om te gaan. Daarbij zullen de regionale afspraken gehanteerd worden.

Overzicht baten en lasten per taakveld

Taakveldenlijst Lasten

Baten

0. Bestuur en ondersteuning 0.4

Overhead

€ 533.395

€0

0.5

Treasury

€ 2.509

€ 2.509

0.10

Mutaties reserves

€0

€ 44.704

0.11

Resultaat van de rekening van baten en lasten

€0

€0

€ 1.236.966

€ 1.728.032

€ 1.772.870

€ 1.775.245

5. Sport, cultuur en recreatie 5.7 Totaal

Openbaar groen (openlucht)recreatie

32 Meerjarig geprognosticeerde balans Meerjarig geprognosticeerde balans

31-12-2024 31-12-2025 31-12-2026 31-12-2027

(bedragen x € 1.000) ACTIVA Vaste activa Materiële vaste activa

2.524

2.520

2.339

2.219

Financiële vaste activa

0

0

0

0

2.524

2.520

2.339

2.219

Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar

63

43

69

63

Liquide middelen

12

3

13

3

Overlopende activa

60

60

60

60

Totaal vlottende activa

135

106

142

126

2.659

2.626

2.481

2.345

1.617

1.605

1.561

1.518

Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar

730

639

548

456

Voorzieningen

143

132

122

119

2.489

2.376

2.231

2.092

Netto vlottende schulden rentetypische looptijd < 1 jaar

120

150

140

140

Overlopende passiva

50

100

110

113

Totaal vlottende passiva

170

250

250

253

2.659

2.626

2.481

2.345

Totaal vaste activa Vlottende activa

Totaal ACTIVA

PASSIVA Vaste passiva Eigen Vermogen

Totaal vaste passiva

Vlottende passiva

Totaal PASSIVA

32

33

Het Recreatieschap in cijfers en kaarten

33 bruggen 21 objecten als (aanleg)steigers en strekdammen Ruim 9 kilometer beschoeiing Circa 27 kilometer (half)verharde wandel- en/of fietspaden Circa 17,5 kilometer graspaden 14 officiële zwemwaterlocaties (inclusief locaties van derden) 50 ondergrondse vuilbakken 24 parkeerplaatsen 11 gebouwen 1 passantenhaventje 1 schutsluis 1 spoortunnel Diverse overige objecten en (recreatieve) voorzieningen

33

34

34

35

35

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13645152/1