2.2. Kadernota Recreatieschap Westfriesland 2026
Tekst van het document
Kadernota 2026
Behandeld in de vergadering van het dagelijks bestuur van 11 december 2024
Recreatieschap Westfriesland Hoofddoelstelling (Waartoe is de gemeenschappelijke regeling opgericht?) Het Recreatieschap Westfriesland heeft als taak de behartiging van de belangen van de recreatie en het landschap in de regio. Het zal deze taak onder meer uitvoeren door: a. Het ontwikkelen, vaststellen en uitvoeren van het recreatieve beleid, met name van het Natuur- en Recreatieplan Westfriesland en daaropvolgende plannen; b. Het beheren van de bestaande recreatieterreinen en voorzieningen.
Algemeen De taken van het Recreatieschap zijn te verdelen in drie hoofdtaken. Terreinen en voorzieningen Het Recreatieschap zet zich in voor aantrekkelijke recreatieterreinen. Primair voor de eigen inwoners, maar ook voor bezoekers van buiten de regio. Daarvoor beheert het ongeveer 350 hectare natuur-inclusieve recreatieterrein, waar naast de recreatiefunctie ook wordt ingezet op natuurwaarden en vergroten van de biodiversiteit. Daarnaast beheert het een aantal (zwem)locaties en gebieden van derden. Recreatie is constant in ontwikkeling. De recreant verandert namelijk ook continu. Dat komt door maatschappelijke en demografische ontwikkelingen. Mensen hebben meer vrije tijd, hechten meer waarde aan recreatie maar mensen worden ook ouder en blijven langer vitaal. Verder zien steeds meer mensen in dat recreëren in het groen (bewezen) goed is voor hun fysieke en geestelijke gezondheid. Ook zien we technologische ontwikkelingen als verschillende vormen van e-bikes en een toenemende digitalisering. Tegelijkertijd vraagt de recreant van vandaag de dag om een hogere kwaliteit van de terreinen en voorzieningen. Om aan deze wens te blijven voldoen, moeten de terreinen en voorzieningen mee-veranderen. Samen met (partners in) de regio werkt het Recreatieschap aan deze opgave. Deze opgave wordt onderdeel van de nieuwe recreatievisie.
Netwerken De tweede taak van het Recreatieschap is het beheren en onderhouden van de fiets-, vaar- en wandelnetwerken. In totaal ongeveer 1.000 kilometer netwerk. Het beheer is vooral gericht op instandhouding en kwaliteitsbewaking. In het vastgestelde ambitieniveau voor de nieuwe recreatievisie is bepaald dat bij de uitvoering het accent ligt op verbindingen. Onderdeel van de uitvoering van de visie zal daarom het doorontwikkeld van de netwerken zijn, om zo de kwaliteit van de netwerken te verhogen en deze uit te breiden. De kwalitatieve, regio-dekkende netwerken sluiten naadloos aan op de netwerken in de aangrenzende regio’s, waardoor zij gezamenlijk onderdeel uitmaken van provinciale en landelijke netwerken als het Wandelnetwerk Noord-Holland, het landelijke fietsknooppuntennetwerk en het landelijke sloepennetwerk. In de netwerken zijn de LF-langeafstand fietsroute als de Zuiderzeeroute en de LAW langeafstand wandelpaden en Streekpaden (waaronder het Streekpad Westfriese Omringdijk) opgenomen. Recreatief beleid De derde taak van het Recreatieschap is de uitvoering van het recreatieve beleid. In 2024 en 2025 wordt er gewerkt aan een nieuwe recreatievisie die volgens de planning in 2025 wordt vastgesteld.
Het nu (ten tijde van het opstellen van deze kadernota) nog geldende Natuur- en Recreatieplan is voorzien van een uitvoeringsprogramma. De nieuwe visie zal ook een uitvoeringsprogramma krijgen. Dit uitvoeringsprogramma met daarop verschillende projecten wordt meerdere keren per jaar geactualiseerd en de gevolgen ervan worden verwerkt in de rapportages. De projecten in het uitvoeringsprogramma worden gedekt vanuit de hiervoor ingestelde reserve, zolang deze hiervoor de ruimte biedt. Wanneer de reserve niet meer toereikend is zullen de financiële gevolgen worden verwerkt in de kadernota’s en begrotingen. Het Natuur- en Recreatieplan maar ook de nieuwe recreatievisie zal een plan zijn van de gehele regio. Dat geldt ook voor de uitvoering ervan. Het Recreatieschap voert de plannen en de daaruit voortkomende projecten uit in intensieve samenwerking met de gemeenten en andere gebiedspartners. De uitvoering van projecten kan en zal ook door óf op initiatief van derden gebeuren. Het Recreatieschap draagt met zijn werkzaamheden en activiteiten ook bij aan de doelstellingen en ambitie uit het Pact van Westfriesland. Een omgeving met voldoende groen, water, natuur en recreatiemogelijkheden draagt bij aan een prettig woon- en vestigingsklimaat en biedt (toeristisch)ondernemers kansen om op in te spelen.
Een ander belangrijk aspect van groen en recreatie, dat steeds meer aandacht krijgt, is het gezondheidsaspect. In Westfriesland is steeds meer sprake van overgewicht, bewegingsarmoede maar ook van mentale klachten. Recreëren in een groene omgeving draagt bij aan het tegengaan van deze problematiek. Ook werkt de aanwezigheid van groen stressverlagend en biedt het een aantrekkelijke ruimte voor sport, spel en beweging. Dat zet aan tot meer bewegen, draagt bij aan de gezondheid en geluk en leidt tot besparingen op gezondheidskosten. Het Recreatieschap is een samenwerkingspartner van de gemeenten waarbij het adviseert over recreatieve vraagstukken en voert het de belangenbehartiging uit voor de recreatie in Westfriesland. Daarvoor is het deelnemer in verschillende overleggen en gesprekspartner van partijen als provincie, Hoogheemraadschap, overige terreinbeheerders en verschillende andere partijen. Ravijnjaar 2026 staat inmiddels bekend als ‘het Ravijnjaar 2026’ waarin gemeenten staan voor financiële uitdagingen. Daarbij kijken de gemeenten ook naar de gemeenschappelijke regelingen waarin zij deelnemen. Er is daarom in de zienswijzen op de Begroting 2025 door verschillende gemeenten gevraagd inzichtelijk te maken welke bezuinigingsmogelijkheden er zijn bij het Recreatieschap en welke financiële en maatschappelijke gevolgen die hebben.
Het Recreatieschap heeft deze verkenning uitgevoerd en deze maakt duidelijk dat bezuinigen bij het Recreatieschap niet mogelijk zijn zonder dat dit ten koste gaat van de (kern)taken. Indien er toch bezuinigd moet worden zullen er taken, terreinen of voorzieningen geschrapt moeten worden. Dit zal een direct gevolg hebben voor het aanbod, het beheer en de kwaliteit van de recreatieterreinen en voorzieningen. Bezuinigen zal de aantrekkelijkheid van Westfriesland als woon- en werkregio niet gunstig beïnvloeden. Behoudens een bijstelling van de post onvoorzien vanaf 2027 zijn er geen bezuinigingsmaatregelen doorgevoerd in deze Kadernota 2026. De verkenning is bijgevoegd.
Doelstellingen: wat willen we bereiken in 2026? Op het gebied van beheer en onderhoud van de terreinen, netwerken en voorzieningen zijn er geen grote wijziging ten opzichte van de voorgaande jaren. Dit is in feite going-concern. Volgens planning zal in 2025 de nieuwe recreatievisie worden vastgesteld. Deze nieuwe recreatievisie zal de regio voor in ieder geval de komende 15 jaar richting geven voor de ontwikkeling van de recreatie. Het moet een antwoord geven aan de toenemende vraag naar groen en recreatie. De rol van natuur en recreatie in onze leefomgeving en maatschappij is de afgelopen jaren veranderd. De waarde die men aan natuur en recreatie hecht is gegroeid en de druk erop is toegenomen. Deze toegenomen druk ontstaat doordat mensen meer gebruik maken van het groen en zij dit vaker doen. Daarbij gaat het om zowel inwoners als bezoekers van buiten het gebied. Ook is er een toename van inwoners te verwachten en ligt er een woningbouwopgave. Dit maakt dat uitbreiding van areaal en voorzieningen nodig is om aan de vraag te voldoen maar ook om eventuele afname van recreatieruimte te voorkomen. Het bestuur heeft besloten om de gemeenteraden een grote rol te geven bij het opstellen van de recreatievisie. Dit begint bij het vaststellen van het ambitieniveau van de visie. Daarbij is de gemeenteraden om een zienswijze gevraagd.
Bij het vaststellen van de visie zelf zullen wij de raden opnieuw vragen om hun zienswijze. Er is voor een ambitie gekozen voor de uitwerking van het recreatieplan waarbij de inzet is om de recreatiebehoefte in te vullen door realisatie en ontsluiten van gebieden en verbindingen en routes te realiseren. Het accent ligt hierbij op de verbindingen. De nieuwe recreatievisie vormt het beleid dat richting geeft aan hoe ervoor nu én voor de toekomst, voldoende natuur en recreatie is voor de bewoners van en bezoekers aan de regio. Het gekozen ambitieniveau is een verandering van focus ten opzichte van het Natuur- en Recreatieplan en maakt dat er door de regio op een andere manier gekeken zal moeten moet worden naar het investeren in natuur- en recreatiegebieden. Wij zijn ons ervan bewust dat recreatie niet het enige ruimtelijke vraagstuk is. In het Ontwikkelingsperspectief Noord-Holland Noord waar momenteel aan wordt gewerkt, wordt door provincie en gemeenten nagedacht over de toekomstige ruimtelijke invulling van de provincie en de verschillende regio’s. De regio maakt daartoe een Ruimtelijke Agenda Westfriesland. Het Recreatieschap is daarbij aangehaakt en recreatie speelt een belangrijke rol in de agenda. Bij het opstellen van de nieuwe recreatievisie zal een duidelijke koppeling worden gemaakt.
Op dit moment is het nog prematuur om iets te kunnen zeggen over de financiële gevolgen van een nieuwe Recreatievisie. In deze Kadernota zijn er nog geen bedragen aan gekoppeld. Er zijn in 2026 geen wettelijke taken voor het Recreatieschap die beleidswijzigingen ten gevolge hebben.
Verwachtingen ten aanzien van 2027 - 2029 De hierboven genoemde nieuw te maken recreatievisie zal gevolgen hebben voor de werkzaamheden van het Recreatieschap. Hoe die er exact uit gaan zien is nog onduidelijk. Dat is afhankelijk van verdere besluitvorming. Los daarvan is het niet te verwachten dat in 2027 en verder wordt afgeweken van de reguliere bedrijfsvoering en/of het bestaand beleid. Daarbij moet worden opgemerkt dat het Recreatieschap in een constant veranderend klimaat acteert. Dit gaat om fysieke zaken als
nieuwe, of uitbreiding van bestaande terreinen, aanleg van waterbergingen maar ook veranderend provinciaal en regionaal natuur- en/of recreatiebeleid en andere trends in de sector. Het is de bedoeling dat de nieuwe Recreatievisie en de organisatie zelf voldoende flexibiliteit bieden om mee te bewegen met deze veranderingen.
Doorontwikkelingen staand beleid Het Natuur- en Recreatieplan is op dit moment het staande beleid. Dit plan zal 2025 worden en vervangen door een nieuwe recreatievisie. Aan de uitvoering van dat recreatiebeleid zal in 2026 (en verder) gewerkt worden. De projecten vanuit het Natuur- en Recreatieplan en het nieuwe plan zijn en worden opgenomen in het uitvoeringsprogramma. Voor die projecten is nog een (beperkt) budget beschikbaar. Over de dekking van projecten waar geen budget voor beschikbaar is, zal op een later moment besluitvorming plaatsvinden.
Wat gaan we doen Beheer en onderhoud van de recreatieterreinen
Waarom doen we dit Betreft een kerntaak
Wat mag het kosten Circa € 1.325.000, dekking binnen bestaand budget
Planning Continu
Beheer en onderhoud van de recreatieve netwerken
Betreft een kerntaak
Circa € 38.000, dekking binnen bestaand budget
Continu
Uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan en overige beleid- en projectmatige werkzaamheden
Betreft een kerntaak van het Recreatieschap. De uitvoering van het Natuur- en Recreatieplan is een bestuurlijk keuze
Projecten worden gedekt uit de bestemmingsreserve
Continu
Bijlage A. Financiële kengetallen Indexatie loon- en prijs Het Recreatieschap hanteert voor de loon- en prijsindexatie de door de Regietafel NH-N bepaalde cijfers. Voor de begroting 2026 zijn deze bepaald op 8% voor de prijsindexatie en 7,2% voor de loonkostenindex en een verhouding van loon- en prijsgevoelige elementen van 70/30. Daarmee komt de stijging van de gemeentelijke bijdrage per inwoner op: Prijsindexatie Loonkostenindex Indexatie:
8,0% * 30% 7,2% * 70%
= =
2.40% 5,04% + 7,44%
Hoogte gemeentelijke bijdrage Op basis van de genoemde indexering zal de bijdrage per inwoner voor 2026 met 7,44% worden verhoogd van € 7,07 naar €7,60. Voor de begroting 2026 zal het inwonersaantal per 1 januari 2025 worden gebruikt om de totale bijdrage per gemeente te bepalen. Omdat dit aantal nu nog niet bekend is wordt in de tabel in bijlage B gerekend met de inwonersaantallen per 1 augustus 2024. Per gemeente is dit als volgt: Bijdrage per deelnemer 2026 Deelnemers Gemeente Drechterland Gemeente Enkhuizen Gemeente Hoorn Gemeente Koggenland Gemeente Medemblik Gemeente Opmeer Gemeente Stede Broec Totaal
Aantal inwoners 1-8-2024 20.498 18.892 75.922 25.790 45.964 12.317 22.344 221.727
Bijdrage per inwoner € 7,60
155.785 143.579 577.007 196.004 349.326 93.609 169.814 1.685.124
Rentepercentage investeringen Voorgesteld wordt voor nieuwe investeringen een rekenrente te hanteren van afgerond 1,4%. Dit is het actuele rentepercentage van de samengestelde rente dat het Recreatieschap betaalt. Voor 2026 is de intentie van het bestuur om voor € 400.000 projecten uit te voeren van het Natuuren Recreatieplan. In deze kadernota is ervan uitgegaan dat hiervoor een lening moet worden aangetrokken met een rentepercentage van 4%. Dit is ook verwerkt in de meerjaren-prognose. Risicomanagement/weerstandsvermogen Het Recreatieschap hanteert conform artikel 3.4 van de Uitgangspunten Gemeenschappelijke Regelingen voor de hoogte van de Algemene reserve als richtlijn maximaal 2,5% van de lasten. Het weerstandsvermogen wordt bepaald door de beschikbare weerstandscapaciteit te delen door de benodigde weerstandscapaciteit (kans/omvang in euro’s) De risico’s worden nog geactualiseerd voorafgaand aan het opstellen van de begroting. In de begroting 2026 zal dit nader uitgewerkt zijn opgenomen. Flexibele schil/inhuur In de Kadernota wordt voor 2026 rekening gehouden met een flexibele schil ter hoogte van € 44.000. Deze wordt ingezet voor inhuur voor beheer op piekmomenten.
Gevolgen inflatie beheerplan en investeringen Het beheerplan van het Recreatieschap is in 2023 geactualiseerd, niet alleen vanwege de inflatie maar ook alle bezittingen zijn onderzocht op hun status. De werkzaamheden uit dit plan worden gedekt vanuit een voorziening waar het groot onderhoud betreft, waar het gaat om vervanging of renovatie worden deze investeringen geactiveerd en komen er kapitaallasten. Gebleken is in 2024 dat de uitgaven ten behoeve van het beheerplan in werkelijkheid hoger zullen uitvallen dan was aangenomen en dat het onderhoud van stranden en kusten in het algemeen meer kosten vergt dan was verwacht. Het plan zal in 2025 opnieuw in zijn volledigheid geactualiseerd worden. De jaarlijkse storting voor de voorziening met € 20.000 verhoogd vanaf 2026 en verwerkt in de kadernota. Post Onvoorzien Het Recreatieschap streeft naar een post onvoorzien van €25.000. Echter, om de Kadernota 2026 structureel sluitend te maken is deze in 2027 verlaagd naar € 7.000 en in 2028 en 2029 bijgesteld naar respectievelijk €12.000 en €18.000. Loonkosten Ten tijde van het opstellen van deze Kadernota zijn de onderhandelingen over de CAO 2025 nog gaande. Het is nog niet duidelijk wat de exacte gevolgen voor 2025 en 2026 van deze CAO zullen zijn. Vooralsnog is uitgegaan van een stijging van de loonkosten conform de regionale index.
Wij hopen hier bij het opstellen van de Begroting 2026 meer duidelijkheid te hebben over de exacte gevolgen van een nieuwe CAO. Eventuele gevolgen zullen dan worden doorgevoerd.
Bijlage B. Financiële meerjarenraming Verloop meerjarenperspectief 2026- 2029 Onderdeel
2026
Stand primaire begroting 2025 - 2028 Lasten Baten* Mutaties in reserves Geraamd resultaat Wijzigingen nadien (met AB besluit) Eindejaarsrapportage 2024
Bedragen * € 1,000 2027 2028 2029
-2.015 -2.059 -2.050 -2.044 1.944 1.949 1.944 1.942 68 94 93 93 -3 -16 -13 -9 0
0
0
0
-3
-16
-13
-9
Autonome ontwikkelingen / reguliere bedrijfsvoering Salarisindexatie** Prijsindexatie Renteverhoging Bedrijfsvoering
-65 -41 -6 -20
-65 -41 -12 -20
-65 -41 -10 -20
-65 -41 -8 -20
Totaal autonome ontwikkelingen / reguliere bedrijfsvoering
-132
-138
-136
-134
Nieuw beleid ***
0
0
0
0
Totaal ingezet / nieuw beleid
0
0
0
0
Totaal aan wijzigingen
-132
-138
-136
-134
Dekkingsmiddelen / ombuigingen Toename bijdrage gemeenten
136
136
136
136
Totaal dekkingsmiddelen Kadernota 2024
136
136
136
136
Stand Kadernota voor begroting 2026 – 2029 voor bijstelling onvoorzien (hoogte post onvoorzien: €25.000)
1
-18
-13
-7
Bijstelling post onvoorzien
0
18
13
7
Stand Kadernota voor begroting 2026 – 2029 na bijstelling onvoorzien
1
0
0
0
Resultaat na wijzigingen nadien
* op basis van inwonersaantal per 1 augustus 2024, zie ook bijlage A. ** zie ‘Bijlage A, Financiële kengetallen: Loonkosten’. *** zie kopje ‘Doelstellingen: wat willen we bereiken in 2026?’.