CConstaterende datDrechterland
Koppel je AI →
Document · PDF

09F B3 Was-wordt-tabel Afvalstoffenverordening (2024-45)

Gemeenteraad 21 oktober 2024, gemeente DrechterlandBij agendapunt: Vaststellen afvalstoffenverordening 2025 (2024-45)3.630 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Was-wordt-tabel Wijziging Model Afvalstoffenverordening (gewijzigd model, maart 2021) In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert, cursief gezet. In de ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt.

Artikel 1 (artikel I, onderdeel A, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 1. Begrippen In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder perceel: perceel waar geregeld huishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan.

Artikel 1. Definities In deze verordening en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder: - inzamelmiddel: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd hulp- of bewaarmiddel, ten behoeve van een huishouden; - inzamelplaats: daartoe op grond van artikel 5 aangewezen plaats; - inzamelvoorziening: voor de inzameling van afvalstoffen bestemd(e) bewaarmiddel of plaats ten behoeve van meerdere huishoudens; - perceel: perceel waar geregeld huishoudelijke afvalstoffen kunnen ontstaan.

Artikel 3 (artikel I, onderdeel B, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 3. Aanwijzing van de inzameldienst 1. Burgemeester en wethouders wijzen de inzameldienst aan die is belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. 2. Aan de aanwijzing kunnen voorschriften worden verbonden en beperkingen worden gesteld. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissing) is niet van toepassing. 3. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over de voorbereiding van de aanwijzing en over het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen.

Artikel 3. Aanwijzing van de inzameldienst 1. Burgemeester en wethouders wijzen de inzameldienst aan die is belast met de inzameling van huishoudelijke afvalstoffen. 2. Aan de aanwijzing kunnen voorschriften worden verbonden en beperkingen worden gesteld. Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing. 3. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen over de wijze waarop de inzameldienst huishoudelijke afvalstoffen inzamelt.

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

Artikel 4 (artikel I, onderdeel C, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 5. Aanwijzing van inzamelplaats Burgemeester en wethouders dragen zorg voor ten minste één daartoe ter beschikking gestelde plaats [binnen de gemeente OF binnen de gemeenten waarmee wordt samengewerkt], waar in voldoende mate gelegenheid wordt geboden om huishoudelijke afvalstoffen, met inbegrip van grof huishoudelijk afval, achter te laten.

Artikel 5. Aanwijzing van inzamelplaats Burgemeester en wethouders dragen zorg voor ten minste één daartoe ter beschikking gestelde plaats binnen de gemeenten waarmee wordt samengewerkt, waar in voldoende mate gelegenheid wordt geboden om huishoudelijke afvalstoffen, met inbegrip van grof huishoudelijk afval, achter te laten.

Artikel 7 (artikel I, onderdeel D, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 7. Afvalscheiding 1. Burgemeester en wethouders stellen regels over de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk door de inzameldienst worden ingezameld, over de frequentie van de inzameling van elk van deze bestanddelen, en over de locaties van deze inzameling bij of nabij elk perceel. 2. In ieder geval de volgende bestanddelen huishoudelijke afvalstoffen worden afzonderlijk ingezameld: - groente-, fruit- en tuinafval; - papier en karton;

Artikel 7. Gescheiden afvalinzameling 1. Burgemeester en wethouders stellen regels over de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen die afzonderlijk door de inzameldienst worden ingezameld, over de frequentie van de inzameling van elk van deze bestanddelen, en over de locaties van deze inzameling bij of nabij elk perceel. 2. In ieder geval de volgende bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen worden afzonderlijk ingezameld: - bioafval; - papier en karton; - metaal; - glas; - textiel; - Plastic, blik en drankkartonnen (PBD);

- glas; - textiel; - plastic, blik en drankkartonnen (PBD) - elektrische of elektronische apparatuur; - klein chemisch afval; 3. In het belang van een doelmatig afvalstoffenbeheer kunnen burgemeester en wethouders de aanwijzing van afzonderlijk in te zamelen bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, bedoeld in het tweede lid, of fracties daarvan, achterwege laten. Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

3. Plastic, blik en drankkartonnen (PBD) worden ingezameld met restafval in de hoogbouw locaties. Er wordt voldaan aan artikel 10, derde lid, onder a, van de Kaderrichtlijn afvalstoffen. Het gewenste

effect wordt bereikt door middel van nascheiding van het restafval.

Artikel 8 (artikel I, onderdeel E, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 8. Gescheiden aanbieding 1. Het is verboden de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, bedoeld in artikel 7, anders dan afzonderlijk: a. ter inzameling aan te bieden; b. achter te laten op een inzamelplaats, bedoeld in artikel 5.

Artikel 8. Gescheiden aanbieding 1. Het is verboden de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, bedoeld in artikel 7, anders dan afzonderlijk: a. ter inzameling aan te bieden; b. achter te laten op een inzamelplaats als bedoeld in artikel 5. 2. In afwijking van het eerste lid is het verboden plastic, blik en drankkartonnen waarvoor geen gescheiden inzameling geldt als bedoeld in artikel 7 anders aan te bieden dan gezamenlijk met de bestanddelen van huishoudelijke afvalstoffen, genoemd in artikel 7, derde lid. 3. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen. Deze regels kunnen voor categorieën van gevallen of personen een vrijstelling inhouden van het verbod, bedoeld in het eerste lid.

2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen. Deze regels kunnen voor categorieën van gevallen of personen een vrijstelling inhouden van het verbod, bedoeld in het eerste lid.

Artikel 10 (artikel I, onderdeel F, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 10. Wijze en plaats van aanbieding 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouder te stellen regels over het gebruik van: a. inzamelmiddelen voor het aanbieden ter inzameling bij een perceel; b. inzamelvoorzieningen voor het aanbieden ter inzameling nabij een perceel.

Artikel 10. Wijze en plaats van aanbieding 1. Het is verboden huishoudelijke afvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouder te stellen regels over het gebruik van: a. inzamelmiddelen voor het aanbieden ter inzameling bij een perceel; b. inzamelvoorzieningen voor het aanbieden ter inzameling nabij een perceel.

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

2. Het is verboden om een inzamelmiddel na afloop van de tijden, bedoeld in artikel 9, buiten een perceel te laten staan. 3. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen voor categorieën van percelen. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod inhouden.

2. Het is verboden om een inzamelmiddel na afloop van de bepaalde dag en tijden, bedoeld in artikel 9, buiten een perceel te laten staan. 3. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen voor categorieën van percelen. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod inhouden.

Artikel 11 (artikel I, onderdeel G, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 11. Inzameling bedrijfsafvalstoffen door inzameldienst 1. Burgemeester en wethouders kunnen bestanddelen van bedrijfsafvalstoffen aanwijzen die worden ingezameld door de inzameldienst die is aangewezen krachtens artikel 3. 2. Op grond van artikel 13 van de verordening kan de inzameldienst ook bedrijfsafval inzamelen bij (basis)scholen die vanuit educatief perspectief zijn aangesloten.

Artikel 11. Inzameling bedrijfsafvalstoffen door inzameldienst 1. Burgemeester en wethouders kunnen bestanddelen van bedrijfsafvalstoffen aanwijzen die worden ingezameld door de inzameldienst die is aangewezen op grond van artikel 3. 2. Op grond van artikel 13 van de verordening kan de inzameldienst ook bedrijfsafval inzamelen bij (basis)scholen die vanuit educatief perspectief zijn aangesloten.

Artikel 12 (artikel I, onderdeel H, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 12. Aanbieden ter inzameling van bedrijfsafvalstoffen Het is verboden anders dan in overeenstemming met artikel 11 bedrijfsafvalstoffen ter inzameling door de inzameldienst aan te bieden, aan de inzameldienst over te dragen of bij de inzamelplaats, bedoeld in artikel 5, achter te laten.

Artikel 12. Aanbieding ter inzameling van bedrijfsafvalstoffen Het is verboden anders dan in overeenstemming met artikel 11 bedrijfsafvalstoffen ter inzameling door de inzameldienst aan te bieden of over te dragen, of bij een inzamelplaats als bedoeld in artikel 5, achter te laten.

Artikel 13 (artikel I, onderdeel I, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

Nieuwe tekst

Artikel 13. Regeling van inzameling van bedrijfsafvalstoffen 1. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouders te stellen regels over de dagen, tijden, wijzen en plaatsen van inzameling van de krachtens artikel 11 aangewezen bedrijfsafvalstoffen. 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen voor het aanbieden of overdragen van bedrijfsafvalstoffen. Deze regels kunnen mede worden vastgesteld voor anderen dan de inzameldienst. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod, bedoeld in het tweede lid, inhouden.

Artikel 13. Regeling van inzameling van bedrijfsafvalstoffen 1. Het is verboden bedrijfsafvalstoffen ter inzameling aan te bieden anders dan in overeenstemming met de door burgemeester en wethouders te stellen regels over de dagen, tijden, wijzen en plaatsen van inzameling van de krachtens artikel 11 aangewezen bedrijfsafvalstoffen. 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen voor het aanbieden, overdragen of achterlaten van bedrijfsafvalstoffen. Deze regels kunnen mede worden vastgesteld voor anderen dan de inzameldienst. Deze regels kunnen een vrijstelling van het verbod inhouden.

Artikel 14 (artikel I, onderdeel P, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 14. Dumpingsverbod 1. Het is verboden zonder ontheffing van burgemeester en wethouders, buiten een inrichting, hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu te veroorzaken, door een afvalstof, een stof of een voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins daar te plaatsen. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op: a. het aanbieden, overdragen of achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen in overeenstemming met deze verordening; b. het composteren van huishoudelijk groente-, fruit- of tuinafval op het perceel waar dit is ontstaan; c. het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen, met inbegrip van daarbij niet te vermijden plaatsing van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen op de weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994; d. handelingen die zijn verboden bij of krachtens de Wet bodembescherming, de Waterwet of het Besluit bodemkwaliteit.

Artikel 14. Dumpingsverbod 1. Het is verboden zonder ontheffing van burgemeester en wethouders, buiten een inrichting, hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu te veroorzaken, door een afvalstof, een stof of een voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins daar te plaatsen. 2. Het eerste lid is niet van toepassing op: a. het aanbieden, overdragen of achterlaten van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen in overeenstemming met deze verordening; b. het composteren van huishoudelijk groente-, fruit- of tuinafval op het perceel waar dit is ontstaan; c. het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen, met inbegrip van daarbij niet te vermijden plaatsing van afvalstoffen, stoffen of voorwerpen op de weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994; d. handelingen die zijn verboden bij of krachtens de Wet bodembescherming, de Omgevingswet of het Besluit bodemkwaliteit.

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

3. Indien de overtreder van dit artikel onbekend is, wordt de persoon tot wie de aangetroffen afvalstof, stof of voorwerp kan worden herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met dit artikel.

3. Indien de overtreder van dit artikel onbekend is, wordt de persoon tot wie de aangetroffen afvalstof, stof of voorwerp kan worden herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met dit artikel.

Artikel 16 (artikel I, onderdeel K, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 16. Zwerfafval rondom inrichtingen 1. Degene die een inrichting drijft waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd draagt zorg voor de aanwezigheid in of nabij de inrichting, van een steeds voor gebruik door het publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbak of soortgelijk middel voor het houden van afval. 2. Degene die de inrichting drijft verwijdert zo vaak als nodig etenswaren, verpakkingen, afval of andere materialen die kennelijk uit de inrichting afkomstig zijn of voor de inrichting zijn bestemd binnen een straal van ten minste 25 meter van de inrichting.

Artikel 16. Zwerfafval rondom inrichtingen Degene die een inrichting drijft waar eet- of drinkwaren worden verkocht die ter plaatse kunnen worden genuttigd, draagt zorg voor de aanwezigheid in of nabij de inrichting van een steeds voor gebruik door het publiek beschikbare en tijdig geleegde afvalbak of soortgelijk middel voor het houden van afval.

Artikel 17 (artikel I, onderdeel L, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 17. Afval en verontreiniging op de weg 1. Het is verboden een weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994, te verontreinigen of het milieu nadelig te beïnvloeden door afvalstoffen, stoffen of voorwerpen te laden, te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten. 2. Degene die in strijd met het eerste lid de weg verontreinigt of het milieu nadelig beïnvloedt of diens opdrachtgever zorgt terstond na de beëindiging van de werkzaamheden van die dag voor het reinigen van de weg, of zoveel eerder

Artikel 17. Afval en verontreiniging op de weg 1. Het is verboden een weg, bedoeld in artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994, te verontreinigen of het milieu nadelig te beïnvloeden door afvalstoffen, stoffen of voorwerpen te laden, te lossen of te vervoeren of andere werkzaamheden te verrichten. 2. Degene die in strijd met het eerste lid de weg verontreinigt of het milieu nadelig beïnvloedt, of diens opdrachtgever, zorgt terstond na de beëindiging van de werkzaamheden van die dag voor het reinigen van de weg, of zoveel eerder

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

als nodig is om de veiligheid van het verkeer of de bescherming van het wegdek te verzekeren.

als nodig is om de veiligheid van het verkeer of de bescherming van het wegdek te verzekeren.

Artikel 18 (artikel I, onderdeel M, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 18. Geen opslag van afval in de open lucht Het is verboden afvalstoffen op een voor het publiek waarneembare plaats in de open lucht en buiten een inrichting als bedoeld in artikel 1.1 van de Wet milieubeheer op te slaan of opgeslagen te hebben, anders dan door het in overeenstemming met paragraaf 2 van deze verordening aanbieden of overdragen van huishoudelijke afvalstoffen.

Artikel 18. Geen opslag van afval in de open lucht Het is verboden afvalstoffen op een voor het publiek waarneembare plaats in de open lucht op te slaan of opgeslagen te hebben, anders dan door het in overeenstemming met paragraaf 2 van deze verordening aanbieden, achterlaten of overdragen van huishoudelijke afvalstoffen. Het verbod geldt niet als voor de opslag van afvalstoffen een omgevingsvergunning is afgegeven.

Artikel 19 (artikel I, onderdeel P, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 19. Ontdoen van autowrakken Het is verboden zich te ontdoen van een autowrak dat afkomstig is van een perceel, anders dan door afgifte aan een inrichting als bedoeld in artikel 6 van het Besluit beheer autowrakken.

Artikel 19. Ontdoen van autowrakken Het is verboden zich te ontdoen van een autowrak dat afkomstig is van een perceel, anders dan door afgifte aan de houder van een omgevingsvergunning voor het demonteren van autowrakken of wrakken van tweewielige motorvoertuigen.

Na artikel 19 (artikel I, onderdeel N, van het wijzigingsbesluit) wordt een paragraaf ingevoegd, luidende: Bestaande tekst

Nieuwe tekst § 4a. Kadavers van gezelschapsdieren Artikel 19a. Kadavers van gezelschapsdieren 1. Voor de toepassing van dit artikel wordt onder gezelschapsdier verstaan: een dier dat de mens in of rond het huis houdt en

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

verzorgt, niet zijnde een hobby- of landbouwhuisdier. 2. Burgemeester en wethouders kunnen een ondernemer aanwijzen die belast is met de inzameling van kadavers van gezelschapsdieren. 3. Van ingezamelde kadavers wordt aangifte gedaan bij Rendac Son B.V. De kadavers worden bewaard en overgedragen aan Rendac Son B.V. in overeenstemming met het bepaalde bij of krachtens artikel 3.1 van de Wet dieren. 4. Uiterlijk op de eerste werkdag die volgt op de dag waarop het gezelschapsdier dood is aangetroffen, geeft de houder van het kadaver dit af aan de ondernemer, bedoeld in het tweede lid]. 5. Tot het tijdstip van afgifte bewaart de houder het kadaver zodanig dat er geen vermenging is met ander materiaal. 6. Het vierde lid is niet van toepassing op het kadaver dat wordt begraven op een terrein dat ter beschikking staat van de houder van het kadaver of dat uiterlijk de eerste werkdag na overlijden wordt afgegeven aan een ondernemer die is erkend op grond van artikel 24, eerste lid, onder b, c of d, van de Verordening 1069/2009/EG.]

Artikel 20 (artikel I, onderdeel O, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 20. Strafbare feiten Overtreding van artikel 4, artikel 6 of van artikel 8 tot en met artikel 10 en artikel 12 tot en met artikel 19, is een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a, onderdeel 3, van de Wet op de economische delicten.

Artikel 20. Strafbare feiten Overtreding van het bij of krachtens de artikelen 4, 6, 8 tot en met 10 en 12 tot en met 19a bepaalde en de daarbij gegeven voorschriften en beperkingen, is een strafbaar feit als bedoeld in artikel 1a, onderdeel 3, van de Wet op de economische delicten.

Artikel 21 (artikel I, onderdeel P, van het wijzigingsbesluit) wordt als volgt gewijzigd:

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 21. Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.

Artikel 21. Toezichthouders Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening zijn belast de krachtens artikel 5.10, derde lid, van de wet algemene bepalingen omgevingsrecht of artikel 18.6 van de Omgevingswet door burgemeester en wethouders aangewezen ambtenaren.

Paragraaf 6 (artikel I, onderdeel P, van het wijzigingsbesluit) komt te luiden: Bestaande tekst

Nieuwe tekst

§ 6. Slotbepalingen

§ 6. Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 22. Intrekking oude verordening N.v.t.

Artikel 23. Intrekking oude verordening De [citeertitel oude verordening] wordt ingetrokken.

Artikel 23. Overgangsrecht […] Artikel 24. Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Afvalstoffenverordening [naam gemeente]. Artikel 25. Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking met ingang van [datum].

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

Artikel 24. Inwerkingtreding en citeertitel 1. Deze verordening treedt in werking met ingang van [datum]. 2. Deze verordening wordt aangehaald als: Afvalstoffenverordening gemeente Drechterland 202.

Toelichting Sinds 1 juli 2020 is het Besluit gescheiden inzameling huishoudelijke afvalstoffen (hierna: Besluit GIHA) van kracht. Gemeenten zijn nu wettelijk verplicht om groente-, fruit- en tuinafval, papier, metaal, kunststof, glas en elektronische apparatuur gescheiden in te zamelen. Voor textiel en gevaarlijke afvalstoffen gaat deze verplichting in per 1 januari 2025. Het Besluit GIHA bevat de mogelijkheid om in bepaalde gevallen af te wijken van het gescheiden inzamelen. Daarnaast wordt voorzien in regelgeving voor een ja-ja sticker bij ongeadresseerd drukwerk en worden regels gesteld over de aangifte en het bewaren en inzamelen van kadavers van gezelschapsdieren. De actualisatie van de [citeertitel Afvalstoffenverordening] bevat tevens bepalingen ter implementatie van de Omgevingswet (hierna: Ow). Naast deze inhoudelijke wijzigingen zijn wetgevingstechnische en redactionele verbeteringen aangebracht. Artikelsgewijs Artikel I, onderdelen B, C, E t/m I en K t/m M, O en P In deze onderdelen worden geen inhoudelijke, maar tekstuele en technische aanpassingen voorgesteld die bovendien grotendeels voor zich spreken, zodat zij geen afzonderlijke toelichting behoeven. Artikel, onderdeel A In dit onderdeel wordt het opschrift van artikel 1 aangepast in ‘Definities’.

Daarnaast worden de begrippen ‘inzamelmiddel’, ‘inzamelplaats’ en ‘inzamelvoorziening’ gedefinieerd om deze van elkaar te onderscheiden. Artikel I, onderdeel D In dit onderdeel wordt het opschrift van artikel 7 aangepast in ‘Gescheiden afvalinzameling’. [Er wordt een [zesde (variant A) OF derde (variant B)] lid ingevoegd. Daarmee wordt bepaald dat in de gemeente [bioafval niet gescheiden wordt ingezameld, maar gelijk met een andere afvalstroom. OF de gescheiden inzameling van bijvoorbeeld plastic verpakkingen, metalen verpakkingen en drankkartons (hierna: PMD) niet nodig is, omdat voldaan is aan artikel 10, derde lid, onder a, van de Kaderrichtlijn afvalstoffen.] [In het tweede lid (variant B) wordt geregeld welke bestanddelen in ieder geval afzonderlijk ingezameld dienen te worden.] [Artikel I, onderdeel E In dit onderdeel wordt het tweede lid (nieuw) ingevoegd. Voor de bestanddelen die niet gescheiden worden ingezameld is niet-afzonderlijke aanbieding toegestaan.] [Artikel I, onderdeel J In dit onderdeel wordt een nieuw artikel ingevoegd. Artikel 15a heeft als doel om de verspreiding van ongewenst drukwerk, en daarmee uiteindelijk afval, te voorkomen. De grondslag voor dit artikel is artikel 10.23 van de Wet milieubeheer (hierna: Wm).

Met de komst van nee-nee-, ja-ja- en nee-jabrievenbusstickers kunnen bewoners hun voorkeur ten aanzien van de ontvangst van commercieel reclamedrukwerk en/of de huis-aan-huisbladen kenbaar maken (Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, 25

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

februari 2020, ECLI:NL:GHARL:2020:1528). De adverteerders dienen zich ook aan het zogenoemde opt-in systeem te houden (Gerechtshof Amsterdam 24 september 2019, ECLI:NL:GHAMS:2019:3423).] [Artikel I, onderdeel N In dit onderdeel wordt een paragraaf ingevoegd: § 4a. Kadavers van gezelschapsdieren. Deze paragraaf bestaat uit artikel 19a. Dit artikel regelt de aangifte en het bewaren en inzamelen van kadavers van gezelschapsdieren.] Artikel I, onderdeel P In dit onderdeel wordt het opschrift van paragraaf 6 aangepast in ‘Overgangs- en slotbepalingen’. Artikel 22 wordt vernummerd tot artikel 23 (intrekking oude verordening). Artikel 22 (nieuw) regelt de wijzigingen als gevolg van de Ow en het overgangsrecht. De inwerkingtreding van de Ow is voorzien op 1 januari 2022. Hierbij worden tevens wijzigingen in de Wm aangebracht die van invloed zijn op deze verordening. De artikelen 24 en 25 worden samengevoegd waardoor artikel 25 vervalt. Artikel 24 (nieuw) bepaalt de inwerkingtreding en citeertitel.

Bijlage 1/4 bij VNG ledenbrief, maart 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14560755/1