05G B4 Beeldkwaliteitsplan De Wouden II (2024-17)
Tekst van het document
Beeldkwaliteitsplan De Wouden II Westwoud
Inleiding Kern Westwoud
De Wouden II
2
BEELDKWALITEITSPLAN
Dr. Singelenbergpark
Aanleiding Het initiatief betreft het in ontwikkeling brengen van een (voormalige) agrarische kavel aan de Dr. Wijtemalaan in Westwoud. Voor het gebied is een stedenbouwkundig plan gemaakt voor 52 woningen in een gedifferentieerd programma.
Beeldkwaliteitsplan
Dit beeldkwaliteitsplan beschrijft de beoogde ruimtelijke kwaliteit van het gebied en legt de (ruimtelijke) randvoorwaarden voor de nieuwe ontwikkeling vast. Het dient daarbij als toetsingskader voor toekomstige ontwikkelingen.
Inhoud beeldkwaliteitsplan
Het beeldkwaliteitsplan spreekt zich uit over: • Ligging in de omgeving (het landschap). • De stedenbouwkundige situatie, ruimtelijke structuurverbetering, openbare ruimte, rooilijn, oriëntatie (korte beschrijving stedenbouwkundig plan, inpassing landschap en cultuurhistorie). • Het architectonische handschrift van de beoogde bebouwing: massa, structuur, maat en schaal, overheersende kapvorm, materiaalgebruik en kleurpallet, samenhang in het bouwwerk, ev. bijzondere detaillering. • Overgang privé/openbaar. • Inrichting openbaar gebied
De welstandscommissie kan bouwplannen op basis van dit toetsingskader beoordelen. Ook dient het document als provinciale ruimtelijke verantwoording in de ARO (Adviescommissie Ruimtelijke Ontwikkeling) vanwege de buitenstedelijke ligging in landelijk gebied. De ruimtelijke kwaliteitsverbetering is vanuit landschap en cultuurhistorie in dit beeldkwaliteitsplan onderbouwd.
DE WOUDEN II
3
Bestaande situatie
(eenzijdige) bebouwing dwarslint Dr. Wijtemalaan, zicht richting zuiden, planlocatie sluit aan op lintbebouwing
planlocatie (rechts) is voormalige boomgaard, zicht richting noorden
4
BEELDKWALITEITSPLAN
Huidige situatie plangebied De planlocatie betreft een voormalige agrarische kavel aan de Dr. Wijtemalaan in Westwoud. De kavel wordt aan de westzijde begrensd door de Dr. Wijtemalaan en aan de oostzijde door het Dr. Singelenbergpark. De noordzijde sluit aan op de bestaande lintbebouwing langs de Dr. Wijtemalaan en het woongebied De Wouden. Aan deze drie zijden vormt een watergang de grens. Het gebied ten zuiden van de woningbouwlocatie De Wouden II behoudt de huidige functie. Langs de Dr. Wijtemalaan is karakteristieke lintbebouwing aanwezig langs één zijde van de weg. Vanaf de Dr. Wijtemalaan is wijds uitzicht over het open landschap mogelijk. De aanwezige windsingels rond het plangebied zorgen op dit moment voor beslotenhied. De singels zijn niet te behouden door noodzakelijke ophoging van het terrein vanwege het nieuwe peilbesluit in dit gebied en de door het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier geeiste doorlegging van 1.20 m.
DE WOUDEN II
5
Beoogde ontwikkeling Stedenbouwkundig plan Programma
Het plan kent een gevarieerd programma, passend bij de vraag van Westwoud. Aansluitend op het Woonakkoord bestaat het plan uit van 65% betaalbare woningen, waarvan ca. 27% sociale huur. In totaal worden 52 woningen gerealiseerd: 8 vrijstaande woningen 10 twee-onder-een-kap woningen 6 rijwoningen 28 beneden-boven woningen
Woonmilieu
Langs de Dr. Wijtemalaan is het doortrekken van de bestaande lintbebouwing voorzien. Aan het lint worden 12 woningen toegevoegd. Het plan kent 6 vrije kavels in het lint, waarop een gevarieerde bebouwing kan worden gerealiseerd. De woningen kijken uit op het open agrarisch gebied. Hierachter ligt een rustig woongebied met woningen die uitzien op het park. In dit gebied wordt de woningbouw in samenhang, projectmatig, ontworpen. Voor de bebouwing wordt aansluiting gezocht bij architectonische kenmerken van bestaande woningen in Westwoud, met een eigentijdse twist, waardoor een samenhangend buurtje ontstaat dat past in Westwoud. Er worden 28 beneden-boven woningen gerealiseerd, in twee gebouwen, die als ‘boekensteunen’ aan weerszijden van een rij met 6 twee-onder-eenkap woningen en 6 rijwoningen staan. Het woongebied sluit met openbaar groen aan op het Dr. Singelenbergpark. De buurt heeft twee toegangswegen vanaf de Dr. Wijtmalaan. De entrees van de buurt krijgen een accent in de vorm van woningen die als ‘poortwachters’ aan weerskanten van de entree liggen. Het betreft per entree een kloeke vrijstaande woning en een twee-onder-een-kap woning. De accentwoningen sluiten qua volume en architectonische uitstraling aan bij het achterliggende gebied, en worden ook projectmatig ontwikkeld.
6
BEELDKWALITEITSPLAN
Groen en water
De Dr. Wijtemalaan wordt begeleidt door laanbeplanting en door wegsloten. De woonpercelen zijn via dammen met duikers bereikbaar. Dammen worden waar mogelijk gekoppeld. Het plangebied kent (onder voorbehoud van het nieuwe peilbesluit) 2 waterpeilen. De lintbebouwing sluit aan bij het waterpeil van het agrarische gebied, de buurt hierachter sluit aan bij het waterpeil rond het Dr. Singelenbergpark. Door de extra bebouwing in het gebied is voor beide peilvakken eigen watercompensatie nodig. Langs de Dr. Wijtemalaan wordt het water aan de noordzijde van de weg met 1 m verbreed, en aan de zuidzijde langs de hele agrarische kavel met 1,10 m. In de buurt wordt extra water gegraven, waar een nieuwe dwarssloot de zuidelijke grens van de planlocatie vormt. In het park komt een kleine boothelling om onderhoudsmaterieel te water te kunnen laten. De wadi’s in het park dienen tevens voor extra wateropvang, waardoor een dynamisch gebied ontstaat dat soms deels ondergelopen is en soms volledig als (speel)park gebruikt kan worden. Het plan ontleent het groene beeld door de diverse beplanting en de groene erfafscheidingen op de particuliere kavels, en door de groene inrichting van de buurt, met het buurtpark. Een mix van grote en middelgrote inheemse bomen (1e en 2e orde bomen) en kleinere bloesemdragende bomen (3e orde bomen) zorgen voor een groen bladerdak.
De entrees van de wijk worden geflankeerd door 2 markante rode beuken, zgn. ‘poortwachters’. Al dit groen zorgt samen met de wadi’s in het park en de groene oevers voor biodiversiteit in het plan.
Ontsluiting en parkeren
Vanuit de groene ambitie in het plan is gekozen voor een groene ‘erf’ inrichting, waarin de hoeveelheid verharding zoveel mogelijk wordt beperkt. Het plangebied wordt ontsloten door een tweetal aansluitingen op de Dr. Wijtemalaan. De weg heeft een breedte van (minimaal) 5.10 m en wordt begeleidt door een trottoir van (minimaal) 1.80 m. In het plan worden 92 parkeerplaatsen gerealiseerd, waarvan 87 bij de oplevering van het plan. Parkeren vindt zoveel mogelijk op eigen erf plaats bij de vrijstaande woningen en twee-onder-een-kap woningen langs de Dr. Wijtemalaan (2 plaatsen per woning) en de overige twee-onder-een-kap woningen (1 plaats per woning). Daarnaast wordt er geconcentreerd geparkeerd op haaksparkeerplaatsen in de buurt. Deze kennen een verharding in de vorm van graskeien (of gelijkwaardig) en worden afgeschermd met hagen, waardoor het parkeren zoveel mogelijk door groen aan het oog onttrokken wordt. De mogelijkheden voor waterdoorlatende verhardingen in het plan (aquaflow) worden in de technische uitwerking nog nader onderzocht. Langs de weg is ruimte voor informeel parkeren voor ca. 7 auto’s. Gezien het grote aantal kleine woningen in het plan wordt verwacht dat niet de volledige 92 parkeerplaatsen nu hoeven te worden aangelegd. In het park is nog een reserveren opgenomen voor 5 plaatsen.
Afvalinzameling
Voor de inzameling van het dagelijks afval zullen zowel aan de noordzijde als de zuidzijde van het plan een ondergrondse container worden geplaatst voor het restafval, en een voorziening voor groenafval. Deze zijn indicatief op de kaart ingetekend. De definitieve locatie voor de ondergrondse container zal nader afgestemd worden tussen de gemeentelijk stedenbouwkundige, de afdeling beheer & onderhoud, HVC en de ontwikkelaar.
Nutsvoorzieningen
Voor de energievoorziening in het woongebied is een nieuw trafohuisje noodzakelijk. Deze zal als los gebouwtje in het parkontwerp worden opgenomen.
Duurzaamheid •
•
•
Het thema duurzaamheid is als ontwerpuitdaging gehanteerd, zowel stedenbouwkundig of landschappelijk op gebiedsniveau als architectonisch op gebouwniveau. Er is op verschillende niveaus o.a. nagedacht over waterhuishouding, materiaalgebruik, afvalstromen, mobiliteit, ecologie en natuur, energie- en klimaatbeheer etc. Dit is vertaald in het stedenbouwkundig plan, het beeldkwaliteitsplan en wordt ook door de ontwikkelaar uitgewerkt in de woningen. Ook bij de vrije kavels (individuele nieuwbouw van een woning) is het realiseren van een duurzame woning uitgangspunt.
De wandelroute in het park sluit via een langzaamverkeersbrug aan op de routes in het Dr. Singelenbergpark.
DE WOUDEN II
7
Landschappelijke inpassing
8
historische lintenstructuur 19e eeuw
topografische kaart ca.1925: ontwikkeling langs linten
huidig landschapsbeeld: herkenbare lintenstructuur
Westwoud ca.1650: oost-west linten en dwarslint
Westwoud ca.1975: ontwikkeling noordzijde Dr. Nuijensstraat
Westwoud ca.2022: ontwikkeling zuidzijde Dr. Nuijensstraat
BEELDKWALITEITSPLAN
Ontwikkeling van het landschap en dorp Landschapsbeeld
Het landschap heeft door de latere ruilverkavelingen een kwaliteitsverarming doorgemaakt. De historische kaarten hiernaast (bovenst rij) laten zien dat de landschappelijke karakteristiek van de omgeving van Westwoud de afgelopen eeuwen nauwelijks gewijzigd is. Het contrast tussen openheid en verdichte lintbebouwing is echter rond Westwoud behouden gebleven. Naast de bebouwingslinten zijn de noord-zuidsloten de belangrijkste structuurlijnen.
Het ontstaan van het huidige landschap is niet los te zien van de maatregelen tegen wateroverlast in dit gebied. In een tiental eeuwen is dit gebied gegroeid van een getijdenstroomgebied tot een goed ontwaterd agrarisch cultuurlandschap. De afwatering van het gebied vond van oudsher plaats via een systeem van kreken en geulen. De eerste ontginning zijn meestal vanaf waterlopen, zoals de Oude Gouw, uitgevoerd. Door overstroming en klink ontstonden hoger gelegen zandruggen in het landschap, voornamelijk in oost-west richting, waarop later gewoond werd. Nog steeds is het stelsel van lintdorpen in oost-westrichting beeldbepalend in dit gebied.
Ontwikkeling van het dorp
Drechterland is een van de oostelijke 7 Westfriese gemeenten. West-Friesland is een drooggemaakte zeekleipolder die zich uitstrekt tussen de steden Hoorn, Enkhuizen, Medemblik, Schagen en Alkmaar. In de ruimtelijke opbouw van het landschap en de structuur van de lintdorpen en kernen is een rijke historie herkenbaar die terug gaat tot de Late Steentijd.
De Westfriese Omringdijk is een middeleeuwse ringdijk rond West-Friesland en is als contour bepalend voor de identiteit van de regio. Met de aanleg van de Westfriese Omringdijk werd het oorspronkelijke getijdenlandschap definitief ingepolderd en het cultuurlandschap beschermd.
Aan de zuidkant van de Oude Gouw lag de nederzettingsas de Streek, een opgehoogde dijkweg waarlangs de woningen en opstallen stonden. De Streek is een historische route tussen Hoorn en Enkhuizen, waarlangs Oosterblokker ligt en de zes steden langs de voormalige Zesstedenweg (Westwoud, Hoogkarspel, Lutjebroek, Grootebroek, Bovenkarspel en Enkhuizen). Westwoud is ontstaan vanuit de lintbebouwing langs de Zesstedenweg. De huidige Dr. Nuijensstraat is de belangrijkste ruimtelijke drager. Het dorp heeft zich van oorsprong verdicht op de T-kruising met de huidige Dr. Wijtemalaan. Kerk, school en cafe vestigden zich rond dit punt. Vanaf de jaren ‘60 uit de vorige eeuw kent Westwoud planmatige woningbouw-ontwikkelingen. Eerst ten noorden de Dr. Nuijensstraat (Raadhuisstraat en recent De Witte Dam), later ook ten zuiden daarvan (De Wouden, met Dr. Singelenbergpark). Naast uitbreiding vindt ook vernieuwing, verdichting en ruimtelijke kwaliteitsverbetering in het lint plaats, zoals rond het dorpshuis.
DE WOUDEN II
9
Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (provincie Noord-Holland) De provincie beschrijft een aantal uitgangspunten voor verschillende landschapstypen en voor ruimtelijke dragers. Hierbij komen uitgangspunten aan bod vanuit de ligging in het zeekleilandschap van West-Friesland. De volgende uitgangspunten zijn voor de beoogde nieuwe woningbouwontwikkeling in Westwoud van toepassing:
Landschappelijke karakteristiek
West-Friesland Oost is een oud zeekleilandschap met de karakteristiek van een veenontginningsgebied. Kenmerkend zijn de lange veenlinten en opstrekkende kavels haaks op de linten. De ligging van de linten is afhankelijk van de richting van de ontginningen en vaak sterk gerelateerd aan de ondergrond (de hooggelegen kreekruggen). De 3 hoofdlinten van Westwoud zijn van noord naar zuid de Oudijk, de Dr. Nuijensstraat (de ‘streekweg’) en de Binnenwijzend. De Dr. Wijtemalaan vormt samen met Het Laantje een tussenlint waarlangs van oudsher ook bebouwing staat. Het gebied tussen Hoogkarspel en Enkhuizen, langs het oude lint Streekweg-Hoofdstraat, is de laatste decennia flink verstedelijkt. De ruimte tussen Hoorn en Hoogkarspel wordt opengehouden en hier is, ondanks de infrastructuur, de smalle opstrekkende verkaveling nog herkenbaar.
10
BEELDKWALITEITSPLAN
1. 2. 3. 4.
Landschappelijke karakteristiek West-Friesland Oost (Bron: Leidraad Landschap en Cultuurhistorie Provincie Noord-Holland)
5. 6.
Oude zeekleilandschap met lange linten die grotendeels zijn verstedelijkt. Oude zeekleilandschap met een fijnmaxige verkaveling en linten op de hooggelegen kreekruggen. Oude zeekleilandschap met grootschalige opzet en Natte Cel die herinnert naar vroegere vaarverkaveling. Oude zeekleilandschap met historische en kleinschalige verkaveling. Hoger gelegen kreekrug. Landschap voormalige Zuiderzee.
Uitgangspunten voor het plan: Bij te laten dragen aan het zichtbaar en herkenbaar houden van de landschappelijke karakteristiek.
Landschappelijke karakteristiek West-Friesland Oost (Bron: Leidraad Landschap en Cultuurhistorie Provincie Noord-Holland)
DE WOUDEN II
11
Openheid en ruimtebeleving
In het kleinschalige landschap aan de Markermeerdijk, tussen Hoorn en Enkhuizen, is het oorspronkelijke landschap en de openheid goed bewaard gebleven. Aan beide zijden van het lint is het landschap open (de zogenaamde ‘gedeelde ruimte’). Ook de gebieden ten noordoosten van Hoorn en ten noorden van Enkhuizen zijn nog open tot zeer open. Kenmerkend rond Westwoud zijn de zichtlijnen vanuit de lange bebouwingslinten op het open landschap tussen de lange bebouwingslinten. Dit linten omsluiten grote open ruimtes. De verspreid liggende molens en kerktorens in de historische bebouwingslinten vormen bakens in dit open landschap. De woningbouwlocatie De Wouden II versterkt de bestaande bebouwingsstructuur aan de oostzijde van de Dr. Wijtemalaan en vervangt de oude boomgaard tussen weg en Dr. Singelenbergpark. De ontwikkeling vormt daarmee geen aantasting van de openheid en ruimtebeleving in dit gebied. Vanaf de Dr. Wijtemalaan is de door linten omsloten grote open landschappelijke ruimte voelbaar.
Zichtlijnen en open landschap tussen lange bebouwingslinten (Bron: Leidraad Landschap en Cultuurhistorie Provincie Noord-Holland)
Uitgangspunten voor het plan: • Bijdragen aan het versterken van (de beleving van) openheid. • Behoud zicht vanaf de linten op het open landschap. Zicht op open landschap vanaf Dr. Wijtemalaan
12
BEELDKWALITEITSPLAN
Zicht op dorpsrand Westwoud (Dr. Wijtemalaan)
Ruimtelijke dragers
In het Westfriese landschap zijn de ontginningsstructuren, vaarten en dijkwegen de belangrijkste lokale structuurlijnen. De lintdorpen zijn beeldbepalend en zijn van oudsher de ruimtelijke dragers van verstedelijking en van stolpenreeksen. De linten tussen Hoorn en Enkhuizen zijn de basis voor een aantrekkelijk (woon-)landschap. De planlocatie sluit aan op de lintbebouwing die is ontstaan op de verbinding tussen de Dr. Nuijensstraat en de Binnenwijzend. Het bestaande (historische) lint langs de Dr. Wijtemalaan wordt doorgetrokken. Tussen de woningen is een ontsluiting voorzien naar een achter het lint gelegen klein woonbuurtje dat op het park aansluit.
Lange linten tussen Hoorn en Enkhuizen (Bron: Leidraad Landschap en Cultuurhistorie Provincie Noord-Holland)
De linten vormen de basis voor een aantrekkelijk landschap (Bron: Leidraad Landschap en Cultuurhistorie )
Behoud de sloot langs de weg (Bron: Leidraad Landschap en Cultuurhistorie )
Uitgangspunten voor het plan: • Het plan helder positioneren ten opzichte van de ruimtelijke dragers.
Erven zijn direct en individueel ontsloten aan het lint, geen woonbuurten aan het lint (Bron: Leidraad LC)
DE WOUDEN II
13
Landschappelijke inpassing
De Structuurvisie landschap biedt beleidskaders ten aanzien van het landschap in de gemeente Drechterland en geeft kaders voor ruimtelijke ontwikkelingen in de gemeente. De Structuurvisie is daarmee een beeldkwaliteitsplan in provinciale zin. Het plangebied is op de visiekaart aangeduid als ‘Scheg’. De noord-zuid gerichte scheggen structureren de verstedelijkte band tussen Hoorn en Enkhuizen. Scheggen onderscheiden zich ruimtelijk en functioneel van het overige landelijke gebied. Kern van de scheg is een recreatieve verbinding voor langzaamverkeer in noordzuidrichting. Verstedelijking en versterking van het groen concentreert zich in Westwoud langs de scheg ten gunste van het open houden van de ruimtes tussen de linten. Bij Westwoud ligt de recreatieve verbinding centraal in het Dr. Singelenbergpark. Het komende decennium concentreren zich de ruimtelijke ontwikkelingen in Westwoud rond dit dorpspark. De scheg vormt met het groen en de verstedelijking een harde overgang naar het omliggende open landschap.
Raamwerk van lintbebouwing, open ruimte en scheggen (Bron: Structuurvisie Landschap Drechterland)
14
BEELDKWALITEITSPLAN
De Wouden II
Drie woningbouwinitiatieven rond Dr. Singelenbergpark
DE WOUDEN II
15
Landschappelijke inpassing:locatie sluit aan op ruimtelijke dragers en versterkt de scheg
16
BEELDKWALITEITSPLAN
Ruimtelijke kwaliteitseis Het ontwerp sluit als volgt aan op het DNA van het landschap en de ambities uit de Leidraad:
Ruimtelijke dragers •
Landschappelijke karakteristiek • •
De linten in dit gebied vormen de basis voor een aantrekkelijk woonlandschap. Het plan sluit aan op de lineaire opbouw van het landschap. Het plan versterkt de lintbebouwing langs het karakteristieke lint Dr. Wijtemalaan.
Openheid en ruimtebeleving •
•
Het plan behoudt de huidige ruimtebeleving van het landschap. De open ruimte tussen de linten wordt niet aangetast, de lange zichtlijnen over het open landschap tussen de linten wijzigen niet. Vanuit de locatie is deze karakteristieke openheid van het landschap te beleven: het plan kijkt uit over het landschap, er zijn geen achterkanten naar openbaar gebied.
•
Het plan is helder gepositioneerd ten opzichte van de ruimtelijke structuurdragers, met nieuwe lintbebouwing (voorzijden) aan de Dr. Wijtemalaan. De locatie vormt onderdeel van de rand van de (groene) scheg en haalt daar identiteit uit: • er wordt bewust verbinding gezocht met het Dr. Singelenbergpark door het groen het plan in te trekken. Dit versterkt de biodiversiteit en draagt bij aan klimaat adaptatie; • er wordt een extra wandel-/fietsroute tussen Dr. Wijtemalaan en Dr. Singelenbergpark gecreëerd. Dit versterkt de duurzame verstedelijking en zorgt voor een korte route richting het MFA; • in het groen worden grote en middelgrote bomen geplant, aansluitend op de beplanting van het Dr. Singelenbergpark; • in de terreininrichting is tevens ruimte voor (nieuwe) kleinere bloesemvormende bomen, met een knipoog naar de voormalige boomgaard op deze plek.
DE WOUDEN II
17
Beeldkwaliteit bebouwing Westwoudse norm Uitgangspunt is het creëren van een nieuwe woonbuurt in Westwoud, passend bij het karakter van het dorp.
Lintbebouwing met een afwisselend bebouwingsbeeld
De vrije kavels sluiten aan op de voor Westwoud kenmerkende lintbebouwing. Een lint is een (gegroeide) lineaire structuur, welke zich kenmerkt door aaneengesloten en meer open reeksen individuele hoofdgebouwen. In de linten van Westwoud is sprake van een zeer afwisselend bebouwingsbeeld met individuele gebouwen. Er zijn grotere panden en kleine arbeiderswoningen, historische panden, recente woonhuizen en stolpen. De detaillering is zowel rijk als sober en het kleur- en materiaalgebruik is gevarieerd. De bebouwing heeft een duidelijke relatie met de weg en is gesitueerd in wisselende rooilijnen. De bijgebouwen zijn overwegend meer naar achter gesitueerd.
Inspiratie: lintbebouwing langs karakteristiek dwarslint Dr. Wijtemalaan
18
BEELDKWALITEITSPLAN
Samenhangende woonbuurt achter het lint: geaard, met een dorps karakter
De projectmatige woningen in het plan hebben een eigentijdse uitstraling die aansluit op de dorpse karakteristiek. De woningen zoeken inspiratie in een tweetal archetypische gebouwen in het lint: • de stolpboerderij; • andere woonhuizen met alzijdige kappen. De alzijdige kappen geven aan de gebouwen ‘zwaarte’. Het maakt dat de gebouwen als het ware mooi ‘geaard’ zijn. Ze staan stevig op de grond. De lage goten dragen hier ook aan bij. De woning krijgt expressie door een dwarskapelement of een uitgesproken dakkapel. Of bijvoorbeeld een darsdeur, uitgesneden uit de archetypische vorm van een stolpboerderij. Of details die ritme en schaal geven aan dakranden en -goten.
Voorbeelden van geaarde woningen met een dorps karakter
DE WOUDEN II
19
Inspiratie: wonen aan het groene Dr. Singelenbergpark
20
BEELDKWALITEITSPLAN
Deelgebied 1: Lintbebouwing langs de Dr. Wijtemalaan Langs de Dr. Wijtemalaan wordt de bestaande bebouwing, die divers van karakter is, op een ontspannen wijze voortgezet. Het overgrote deel van de kavels langs deze straat zal als vrije kavels worden uitgegeven. Hierdoor zal, in het verlengde van de karakteristiek van het bestaande lint, in dit nieuwe deel van de lintbebouwing als vanzelf een wisselend straatbeeld ontstaan.
1
2
Deelgebied 2: Woningen aan het park
2a 1
Deelgebied 2a: Poortwachters in het lint Langs de Dr. Wijtemalaan staan naast de beide toegangen naar het buurtje een meeontwikkelde twee-onder-een-kapwoning en een vrijstaande woning. Door de architectonische samenhang van deze woningen met de woningen in het achtergelegen buurtje vormen ze een aankondiging van dit woongebied aan dit lint.
2 2a
In de tweede lijn, achter de bebouwing langs de Dr. Wijtemalaan, komt een samenhangend woonensemble. Het buurtje heeft min of meer een U-vormige opzet rond een groene ruimte, die een mooie relatie aangaat met het tegenovergelegen Dr. Singelenbergpark. De kwaliteiten van het park worden hier als het ware naar het buurtje toegehaald.
1
DE WOUDEN II
21
Deelgebied 1: Lintbebouwing langs de Dr. Wijtemalaan De welstandscriteria voor de lintbebouwing langs de Dr. Wijtemalaan sluiten aan bij het deelgebied ‘Karakteristiek lint’ uit de welstandsnota Drechterland.
Situering •
• • • • •
Het afwisselende bebouwingspatroon met individuele woningen is uitgangspunt. De woningen zijn gesitueerd in een wisselende rooilijn. De woningen zijn met de voorgevel georiënteerd op de Dr. Wijtemalaan. De woningen zijn vrijstaand. Aan- en uitbouwen, met uitzondering van erkers, liggen achter de voorgevelrooilijn van de woning. Bijgebouwen bij voorkeur teruggeplaatst t.o.v. de voorgevelrooilijn. Bij meerdere bijgebouwen streven naar clustering.
Massa • • • • • •
22
Afwisselend en divers bebouwingspatroon. De hoofdvorm van woningen is overwegend één bouwlaag met een kap. Gebiedseigen en traditionele hoofdvorm, of hier sterk op gebaseerd. Niet-streekeigen elementen, zoals wolfseinden, zijn ongewenst. Bij (ver)nieuwbouw de bouwvorm, bouwmassa en nokrichting afstemmen op de belendende percelen en de kavelrichting. De nokrichting is haaks of evenwijdig aan de weg.
BEELDKWALITEITSPLAN
• • •
Streven naar één nokrichting op een erf, waarbij de nokrichting bij voorkeur de richting van de verkaveling volgt. Aan- en uitbouwen zijn ondergeschikt en in samenhang met het hoofdgebouw. Bijgebouwen bij voorkeur met een kap afdekken.
• •
Aanzichten-gevels • • • •
•
Woningen hebben een individuele uitstraling en een traditionele of modern-traditionele architectuur. De detaillering van woningen is zorgvuldig. Aan- en uitbouwen van een woning zijn ondergeschikt en in architectuur afgeleid van het hoofdgebouw. Bij de toepassing van voorzieningen t.b.v. duurzaamheid zoals zonnecollectoren/ -panelen, groene gevels/daken, isolatiemaatregelen of dergelijke, passen deze binnen het architectonische concept van het gebouw en/of de steden-bouwkundige context. Voorzieningen t.b.v. duurzaamheid (zoals zonnepanelen of warmtepompen incl. bijbehorende technische onderdelen zoals leidingen e.d.) zijn bij nieuwbouw integraal mee ontworpen.
Kleur- en materiaalgebruik • •
Het kleur- en materiaalgebruik voor woningen is overwegend traditioneel. Hoofdmaterialen in gedekte, donkere kleuren en een matte afwerking toepassen. Lichte,
•
•
felgekleurde, hoogglanzende en spiegelende hoofdmaterialen zijn niet toegestaan. Op een erf is sprake van een samenhangend en harmonieus kleur- en materiaalgebruik. Wit pleisterwerk of gekeimde gevels zijn niet toegestaan, maar kan wel gebruikt worden voor de bijzondere ingrepen. Datzelfde geldt voor metalen bekleding. Kunststof panelen, delen en/ of elementen zijn niet toegestaan. De kap bestaat uit duurzame materialen die mooi oud worden. Tevens hebben deze materialen een kleur die past bij de natuurlijke omgeving. Voorbeelden zijn: riet, behandeld hout, metalen dakbedekking, leien of keramische dakpannen. Kunststof, zoals kunstriet en EPDM, zijn uitdrukkelijk niet toegestaan. Afwijkende materialen en kleuren kunnen in overleg met de gemeente en de welstandscommissie worden toegestaan, indien omstandigheden en/of bijzondere eisen en wensen hiervoor aanleiding geven.
Erfinrichting • • • • •
De kavels langs de Dr. Nuijensstraat worden ontsloten via een (individuele) dam. Parkeren vindt plaats op eigen terrein, in de zijtuin of achtertuin, met genoeg ruimte voor minimaal 2 auto’s. Verharding van het voorterrein beperken. Donker kleurgebruik toepassen voor hekwerken die vanaf de openbare weg zichtbaar zijn. Damhekken zijn niet toegestaan.
Referentie: eenvoudige hoofdvorm
Referentie: harmonieus kleur- en materiaalgebruik
Referentie: modern-traditionele architectuur
Referentie: zorgvuldige detailering, traditioneel
Referentie: afwijkende materialen en kleuren in overleg met welstand en gemeente
Impressie afwisselend bebouwingspatroon met individuele woningen in een wisselende rooilijn
DE WOUDEN II
23
Deelgebied 2: Woningen aan het park De welstandscriteria voor de woningen aan het park sluiten in hoofdlijnen aan bij het deelgebied ‘Uitbreidingswijken’ uit de welstandsnota Drechterland, en zijn specifiek voor deze locatie. Details uit historische bebouwing in Westwoud zijn vertaald naar een eigentijdse architectuur voor de woningen van het plan. Niet letterlijk, maar met een vertaalslag, passend bij het huidige tijdsgewricht.
Situering • • •
De gebouwen zijn met de voorgevel georiënteerd op de straat. De woningen zijn in rijen dan wel dubbel aaneengebouwd. De gebouwen staan in een duidelijke, rechte rooilijn.
• •
Aanzichten-gevels • • • •
Massa • • •
24
De massaopbouw is per cluster of rij in onderlinge samenhang, twee lagen met een kap. De kap is dominant en bepaalt de vorm van de woning. De heldere volumes die door het dakvlak worden gevormd, worden doorbroken door bijzondere ingrepen. Hierdoor worden woningen en/of blokken verbijzonderd en worden deze tevens verankerd in het geheel als woonensemble. Mogelijke ingrepen zijn: • Dakvlak doorgezet in de gevel, waardoor een lage goot ontstaat. • Hoeken gevormd door raampartijen, met een hoge goot. • Insnedes in het hoofdvolume.
BEELDKWALITEITSPLAN
Bijgebouwen zijn ondergeschikt en bij voorkeur in een afgeleide architectuur. Aan- en uitbouwen zijn in een afgeleide architectuur en meeontworpen dan wel volgens het principe van een trendsetter.
•
Per blok of cluster is er samenhang. De kozijnen, goten, dak- en gootlijsten en dergelijke zijn sober, maar zorgvuldig gedetailleerd. Bij verbouw dient de bestaande detaillering aan de zichtzijde gerespecteerd te worden. Bij de toepassing van voorzieningen t.b.v. duurzaamheid zoals zonnecollectoren/ -panelen, groene gevels/daken, isolatiemaatregelen of dergelijke, passen deze binnen het architectonische concept van het gebouw en/of de steden-bouwkundige context. Voorzieningen t.b.v. duurzaamheid (zoals zonnepanelen of warmtepompen incl. bijbehorende technische onderdelen zoals leidingen e.d.) zijn bij nieuwbouw integraal mee ontworpen.
Kleur- en materiaalgebruik • •
•
De buurt kent een sterke samenhang in kleur- en materiaalgebruik. Het materiaal van de gevel past bij de omgeving van karakteristieke Westfriese lintbebouwing., met natuurlijk ogende baksteen in een beperkt kleurenpallet: van beigebruin tot roodbruin. Kleurgebruik is rustig en terughoudend.
•
•
• •
Wit pleisterwerk of gekeimde gevels zijn niet toegestaan, maar kan wel gebruikt worden voor de bijzondere ingrepen. Datzelfde geldt voor metalen bekleding. Kunststof panelen, delen en/ of elementen zijn niet toegestaan. De kap bestaat uit duurzame materialen die mooi oud worden, zoals leien of keramische pannen. Tevens hebben deze materialen een kleur die past bij de groene parkomgeving. Het kleur- en materiaalgebruik van aan- en uitbouwen is afgestemd op het hoofdgebouw. Bijgebouwen zijn verwant aan het hoofdgebouw.
Erfinrichting •
Een onderdeel van de kavels zijn de groene hagen. Deze hagen worden met de aanleg van het erfensemble meegenomen. Vervolgens geldt hiervoor een instandhoudings- en onderhoudsplicht (zie beeldkwaliteit overgang privé-openbaar)
Referentie: dakvlak doorgezet in gevel, waardoor een lage goot ontstaat.
Referentie: individuele woningen herkenbaar
Referentie: kleurstelling passend bij natuurlijke omgeving
Impressie: samenhang woningen aan het park
Referentie: hoekaccent, insnede in het hoofdvolume
DE WOUDEN II
25
Deelgebied 2a: Poortwachters in het lint De welstandscriteria voor de poortwachters in het lint sluiten aan bij de criteria voor de woningen aan het park qua architectuur, massa en kleur- en materiaalgebruik.
Situering • • •
De woningen voegen zich in het afwisselende bebouwingspatroon met individuele woningen en wisselende rooilijn langs de Dr. Wijtemalaan. De woningen zijn met de voorgevel georiënteerd op de Dr. Wijtemalaan. De woningen zijn vrijstaand dan wel dubbel aaneengebouwd.
Massa • • •
•
26
De massaopbouw is in onderlinge samenhang, twee lagen met een kap. De kap is dominant en bepaalt de vorm van de woning. De heldere volumes die door het dakvlak worden gevormd, worden bij de dubbel aaneengebouwd woningen doorbroken door bijzondere ingrepen. Hierdoor is elke woning uniek en wordt deze tevens verankerd in het geheel als woonensemble. Mogelijke ingrepen zijn: • Dakvlak doorgezet in de gevel, waardoor een lage goot ontstaat. • Hoeken gevormd door raampartijen, met een hoge goot. • Insnedes in het hoofdvolume. Bijgebouwen zijn ondergeschikt en bij voorkeur in een afgeleide architectuur.
BEELDKWALITEITSPLAN
•
Aan- en uitbouwen zijn in een afgeleide architectuur en meeontworpen dan wel volgens het principe van een trendsetter.
Aanzichten - gevels • • • • •
•
Woningen hebben een individuele uitstraling. Per blok of cluster is er samenhang. De kozijnen, goten, dak- en gootlijsten en dergelijke zijn sober, maar zorgvuldig gedetailleerd. Bij verbouw dient de bestaande detaillering aan de zichtzijde gerespecteerd te worden. Bij de toepassing van voorzieningen t.b.v. duurzaamheid zoals zonnecollectoren/ -panelen, groene gevels/daken, isolatiemaatregelen of dergelijke, passen deze binnen het architectonische concept van het gebouw en/of de stedenbouwkundige context. Voorzieningen t.b.v. duurzaamheid (zoals zonnepanelen of warmtepompen incl. bijbehorende technische onderdelen zoals leidingen e.d.) zijn bij nieuwbouw integraal mee ontworpen.
Kleur- en materiaalgebruik •
• •
•
Het materiaal van de gevel past bij de omgeving van karakteristieke Westfriese lintbebouwing., met natuurlijk ogende baksteen in een beperkt kleurenpallet: van beigebruin tot roodbruin. Kleurgebruik is overwegend traditioneel. Wit pleisterwerk of gekeimde gevels zijn niet toegestaan, maar kan wel gebruikt worden voor de bijzondere ingrepen. Datzelfde geldt voor metalen bekleding. Kunststof panelen, delen en/ of elementen zijn niet toegestaan. De kap bestaat uit duurzame materialen die mooi
• •
oud worden, zoals leien of keramische pannen. De kleur sluit aan bij de ‘parkwoningen’. Het kleur- en materiaalgebruik van aan- en uitbouwen is afgestemd op het hoofdgebouw. Bijgebouwen zijn verwant aan het hoofdgebouw.
Erfinrichting •
•
•
Onderdeel van de kavels in dit deelgebied zijn aanvullende ‘poortwachters’ in de vorm van bomen. Deze ‘poortwachters’ zijn solitaire bomen naast de oprit bij de toegang van het erf. Bij elke entree van de buurt markeert een rode beuk de ingang. Deze bomen worden bij de aanleg van het erfensemble geplant. Vervolgens geldt hiervoor een instandhoudings- en onderhoudsplicht (zie beeldkwaliteit overgang privé-openbaar). Een onderdeel van de kavels die met zijerfafscheiding grenzen aan openbaar gebied zijn de groene hagen. Deze hagen worden met de aanleg van het erfensemble aangelegd. Vervolgens geldt hiervoor een instandhoudingsen onderhoudsplicht (zie beeldkwaliteit overgang privé-openbaar). Parkeren vindt plaats op eigen terrein, in de zijtuin of achtertuin, met genoeg ruimte voor minimaal 2 auto’s.
Impressie: woningen langs de Dr. Nuijenslaan als poortwachters bij de entrees van de woonbuurt
DE WOUDEN II
27
Beeldkwaliteit erfafscheidingen en openbaar gebied Inrichting openbaar gebied
Het ontwerp voor De Wouden II is een logische schakel tussen het lint en het Dr. Singelenbergpark. Het park wordt de buurt ingetrokken door de ruimte langs het water groen en openbaar te houden. Een langzaamverkeersbrug verbindt op deze plek de Dr. Wijtemalaan met het Dr. Singelenbergpark. De overige openbare ruimte wordt zo functioneel mogelijk ingericht (zie p.29 verharding), waarbij altijd gekeken wordt naar een groene inpassing.
Centrale parkzone • •
• • • •
De parkzone kent een tapijt van bloemrijk gras met daarin bomen waarbij rekening wordt gehouden met de bladerdakindex. Een mix van grote en middelgrote inheemse bomen (1e en 2e orde bomen) en kleinere bloesemdragende bomen (3e orde bomen) zorgen voor een groen bladerdak. Aantal bomen conform de gemeentelijke regels (bladerdakindex) Bij voorkeur groene oevers. Wadi’s in het park. Inrichting is gericht op het creeren van biodiversiteit in het gebied.
Parkeren in een haag • •
28
Parkeerplaatsen in openbaar gebied wordt aan het zicht onttrokken door de toepassing van hagen. De hagen zijn dicht en natuurlijk, bijv. Veldesdoorn, hoogte 1 meter.
BEELDKWALITEITSPLAN
Prive-kavels • • •
De entrees van de wijk worden geflankeerd door 2 markante rode beuken, zgn. ‘poortwachters’. Groene beukenhagen markeren de overgang prive-openbaar. Hiervoor geldt een instandhoudingsplicht. Groene tuinen stimuleren.
Park ingericht als infiltratiezone: spelen in een droge wadi
Gevarieerde, biodiverse boombeplanting in het park
Incidenteel natte wadi
Deels beplantte wadi i(infiltratiezone) in het park
Parkeerplaatsen in openbaar gebied wordt aan het zicht onttrokken door (groene) hagen.
DE WOUDEN II
29
Overgangen prive-openbaar
De overgangen van privé naar openbaar zijn van belang voor de uitstraling van de wijk.
Erfafscheidingen voorerf • •
•
De erfafscheiding aan de voorzijden wordt gerealiseerd met groene hagen met een hoogte van maximaal 1 meter. Deze hagen worden met de aanleg van het erfensemble meegenomen. Vervolgens geldt hiervoor een instandhoudings- en onderhoudsplicht. Langs de kavels aan de Dr. Wijtemalaan vormt het water de erfafscheiding.
Erfafscheidingen zij- en achtererf (grenzend aan openbaar toegankelijke gebied) •
•
•
•
30
Een onderdeel van de kavels die met zijerfafscheiding of met het achtererf grenzen aan openbaar gebied zijn de groene hagen. De hagen zijn maximaal 2 meter hoog en maximaal 1 meter hoog op het zijerf voor zover gelegen voor de (doorgetrokken) voorgevelrooilijn. Deze hagen worden met de aanleg van het erfensemble aangelegd. Vervolgens geldt hiervoor een instandhoudings- en onderhoudsplicht. Garages of aanbouwen staan nooit met hun gevel op de erfgrens maar staan minimaal 1 m uit de erfgrens en worden van openbaar gebied gescheiden door middel van een haag. Uitsluitend achter de voorgevelrooilijn van de beneden-boven woningen zijn hekwerken met beplanting toegestaan. Het hekwerk heeft een hoogte van maximaal 2 meter.
BEELDKWALITEITSPLAN
Langs de Dr. Wijtemalaan vormt het water de erfafscheiding aan de voorzijde
Zijerf aan openbaar gebied: haag naar achter toe hoger
Erfafscheiding aan de voorzijde: groene hagen, maximaal 1 meter hoog.
Achterzijde aan openbaar gebied: groene hagen, maximaal 2 meter hoog.
Aan de achterzijde van beneden-boven woningen is een hekwerk met beplanting toegestaan, maximaal 2 meter hoog.
DE WOUDEN II
31
Verhardingen De openbare ruimte wordt ingericht conform de gemeentelijke richtlijnen zoals opgenomen in de LIOR (Leidraad Inrichting openbare ruimte). Uitgangspunt is een groene inrichting van de openbare ruimte, met zo weinig mogelijk verharding. De aanwezige verharding is functioneel en bestaat uit het straatprofiel, de wandelpaden en de parkeervoorzieningen.
Straat • •
(Gebakken) klinkerbestrating. Kleur aansluitend bij de woningen (geelbruin tot roodbruin).
Trottoir •
Grijze trottoirtegels 30 x 30 cm.
Parkeren in openbaar gebied •
Grasbetontegels of gelijkwaardig.
Wandelpad •
Schelpen, grind of andere halfverharding passend bij het landelijke, parkachtige karakter.
Entree van de buurt met ‘poortwachters’
32
BEELDKWALITEITSPLAN
Wegverharding: (gebakken) klinkers, passend bij bebouwing (roodbruin, mastiek).
Parkeerplaatsen in openbaar gebied ingericht met grasbetontegels of gelijkwaardig.
Wonen aan het lint en wonen aan het park
DE WOUDEN II
33
Oevers, dammen en bruggen De planlocatie wordt omringd door water. Dit beeldkwaliteitsplan stelt eisen aan de erftoegangen en de oeverafwerkingen. Oprit via toegangsdam • Langs de Dr. Wijtemalaan zijn de opritten via toegangsdammen zo smal mogelijk, zodat het doorgaande beeld van de watergangen zo min mogelijk verstoord wordt. • Damhekken zijn niet toegestaan. Brug naar het park • Uitgangspunt is een eenvoudige, lichte, voet- en fietsbrug naar het Dr. Singelenbergpark. • In de vormgeving van de brug wordt aansluiting gezocht bij andere bruggen in en rond het park. Oevers prive-terrein • Uitgangspunt is een lage beschoeiing langs de waterkant (max. 30 cm boven de waterspiegel), maar dit kan door de noodzakelijke drooglegging van het terrein mogelijk niet altijd bereikt worden. Hogere keerwanden vragen extra ontwerpaandacht en maken onderdeel uit van het architectonisch ontwerp van de woning. • Daar waar private tuinen van de woningen grenzen aan een watergang gelden de volgende uitgangspunten:
34
BEELDKWALITEITSPLAN
Voorzijde aan het water: • de uitwerking van de oever en de dammen aan de zijde van de Dr. Wijtemalaan is onderdeel van het architectonisch ontwerp van de woning. Uitgangspunt is het groene karakter van de oever en de continuiteit van de waterlijn. Zij- en of achterzijde aan het water: • Tuinen die met de zij- of achterkant grenzen aan water hebben een groene en geleidelijke overgang naar de watergang, bij voorkeur een flauwe aflopende tuin of een tuin met een verlaagd deel aan het water. Er moet een mooie overgang naar het water worden gerealiseerd, bijvoorbeeld met een lage beschoeiing. • Groene hagen langs de waterkant blijven tot minimaal 1 meter uit de beschoeiing/ waterlijn en zijn maximaal 1 meter hoog. • Hekwerken parallel aan het water blijven op minimaal twee meter afstand van de oever, zijn transparent en/of groen ingepast en maximaal 2 meter hoog. Specifiek voor beneden-boven woningen: • Achter de beneden-boven woningen is een hogere keerwand mogelijk ten behoeve
•
van het realiseren van achterpad en zijpad. De keerwand maakt onderdeel uit van het architectonisch ontwerp van de woningen. Waar het achterpad van de beneden-boven woningen grenst aan het water is een kleinere afstand tot de oever toegestaan voor een erfafscheiding.
Oevers openbaar gebied • Er wordt een lage beschoeiing gehanteerd langs de waterkant (max. 30 cm boven de waterspiegel). Daar waar parkruimte grenst aan de watergang kan tevens een natuurvriendelijke oever worden gerealiseerd. • De uitwerking van de oever is onderdeel van het inrichtingsplan openbare ruimte. De oever houdt een groen karakter.
Uitgangspunt is een lage beschoeiing langs de waterkant (max. 30 cm boven de waterspiegel)
Natuurlijke oever met onderwaterbeschoeiing langs park.
Hogere keerwanden vragen extra ontwerpaandacht en maken Erfafscheidingen staan op minimaal 1 meter uit de onderdeel uit van het architectonisch ontwerp van de woning. beschoeiing
DE WOUDEN II
35
Beeldkwaliteitsplan De Wouden II 5 december 2023
HzA stedebouw & landschap Achterstraat 26A 1621 GH Hoorn Tel: 0229-216757 E-mail: info@hzabv.nl Web: www.hzabv.nl
36
BEELDKWALITEITSPLAN
in opdracht van: beeldmateriaal: HzA stedebouw & landschap Rietvink architecten