Zienswijzen .pdf
Tekst van het document
Gemeente
Zienswijzen
Reactie
Alblasserdam
U vraagt ons om een zienswijze te geven op de begrotingswijziging 2021. Nogmaals willen wij aangeven teleurgesteld te zijn in het gebrek aan implementatiesnelheid van de transformatie en het tot op heden lage rendement van voorgestelde ingrepen. Wij zijn het niet eens met de voorgestelde begrotingswijziging omdat er tot nu toe te weinig voortgang is in het beteugelen van de kosten. Bij deze ontvangt u onze zienswijze.
Net als u hechten wij veel belang aan de implementatie van de maatregelen en het halen van het daarmee beoogde effect. In het Aanjaagplan zijn 28 maatregelen opgenomen welke moeten leiden tot de beoogde kostenreductie van € 14,7 mln. Daarbij wordt opgemerkt dat de afschaffing van de Nee tenzij-regeling geen draagvlak heeft onder de meerderheid van de gemeenten. Voor de meeste maatregelen zijn de gemeenten en Stichting Jeugdteams trekker. Gemeenten hebben in navolging van het Aanjaagteam een nieuwe governance-structuur opgezet, waarbij het netwerk MT+ jeugd met bestuurlijke opdrachtgevers van diverse gemeenten een cruciale rol speelt in de aansturing. De Serviceorganisatie neemt de maatregelen waarvoor zij verantwoordelijk is voortvarend ter hand. Dit betreft de nieuwe Inkoop 2022, contractmanagement 3.0 en de businesscase hl53/h32 (jaarlijkse besparing bij een volledig jaar (businesscase geldt allen voor nieuwe cliënten vanaf 1 oktober 2020) is € 1.250.000. De evaluatie over de beperkte nieuwe instroom in het laatste kwartaal geeft vooralsnog de bevestiging dat de beoogde besparing op de buca hl53/h329 bij een volledig jaar gehaald kan worden We benadrukken dat het hier alleen gaat over de realisatie van de besparingen op de maatregelen vanuit de SOJ (zoals nieuwe inkoop 2022, contractmanagement 3.0 en de businesscase hl53/h329) en niet die vanuit de gemeenten.
De effecten van de ombuigingsmaatregelen die door gemeenten worden opgepakt zijn nog niet inzichtelijk
Net zoals in onze zienswijze op uw le Burap/le begrotingswijziging 2020 en onze zienswijze op het inkoopkader van november 2020 willen wij benadrukken dat wij de hoogste prioriteit geven aan de trajecten normalisering, definitie jeugdhulp en het inkoopkader. De extra investering in de capaciteit is een randvoorwaarde. Echter, deze extra investering heeft zich nog niet vertaald in een vooruitgang. Deze vooruitgang moet eerst gerealiseerd worden voordat we instemmen met de begrotingswijziging. Hierin trekken we dus een consequente lijn ten opzichte van onze vorige zienswijzen.
Juist omdat de transformatie te langzaam verloopt roepen wij u op om extra in te zetten op het rendement van de investeringen. Ook binnen Alblasserdam zien wij daar mogelijkheden toe. In samenwerking met het jeugdteam zijn we hard bezig om de gewenste transformatie lokaal vorm te geven.
Verder wijzen wij op het landelijk AEF-rapport over kostenstijging van de jeugdhulp. AEF constateert dat de huidige Jeugdwet om een aantal redenen leidt tot een sterke landelijke kostengroei van de jeugdhulp. De onderzochte maatregelen dragen maar beperkt bij tot reductie van de tekorten. Zonder fundamentele discussie over het voorzieningenniveau en bijvoorbeeld eigen bijdragen verwacht AEF dat de kosten verder zullen doorstijgen. De tekorten in onze regio zijn overigens aanzienlijk lager dan de landelijk gerapporteerde tekorten door AEF. De Serviceorganisatie streeft maximaal rendement na op haar projecten en ondersteunt daar waar van toepassing de gemeentelijke projecten. Gemeenten zijn overigens zelf verantwoordelijk voor de projecten die aan hen zijn toegewezen
In de novembervergadering van het Algemeen Bestuur is de ruimte en bevoegdheid benoemd om de Verordening Jeugdhulp, beleidsregels en nadere regelslokaal en mogelijk afwijkend van andere gemeenten vast te stellen. Op dit moment zijn wij aan het onderzoeken hoe deze mogelijkheid benut kan worden en meer gericht kan worden op normalisering, demedicalisering en het nog meer naar voren brengen van de jeugdhulp. Dit leidt mogelijk tot scherpere keuzes dan tot op heden regionaal lijken te worden gemaakt. Wij achten dit noodzakelijk en verantwoord, nu de solidariteit op de financiering van de Jeugdzorg in de regio ZHZ is opgeheven. Wij vragen u nadrukkelijk in verdere uitwerking van het inkoopkader rekening te houden met mogelijke verschillen in verordeningen, regels of nadere regels tussen gemeenten.
Dordrecht
Vanuit de inkoopstrategie wordt in nauwe samenspraak met de gemeenten een pakket specialistische jeugdhulp ingekocht. Het staat iedere gemeente vrij om deze producten en diensten al dan ook daadwerkelijk toe te wijzen via het sociale wijkteam en/of jeugdteam. De gemeenten buigen zich momenteel zelf over de vraag waar ze grenzen willen leggen. Dit is één van de acht projecten van het NetwerkMT jeugd waar in gezamenlijkheid geprobeerd wordt om nog voor de zomer een antwoord op te hebben zodat gemeenten dat kunnen meenemen in hun verordening. Daarnaast wordt nu al een deel van de jeugdhulp als collectieve voorziening aangeboden (Jeugdhulp naar Voren en jeugdhulp op School) waarin gemeenten grotendeels zelf bepalen hoe dit wordt ingezet.
Op 12 november 2020 heeft u het Dordtse college schriftelijk verzocht om de gemeenteraad in staat te stellen voor 12 februari 2021 een zienswijze te kunnen geven op de voorgenomen begrotingswijziging van de Serviceorganisatie Jeugd ZHZ (SOJ) voor 2021. In het kader van dit verzoek hebben wij kennis genomen van de tweede Bestuursrapportage van de SOJ over 2020 en het meerjarenperspectief voor de periode 2021-2024. Onderstaand treft u onze zienswijze aan.
De Dordtse gemeenteraad heeft de voorgestelde begrotingswijziging beoordeeld. Voor de volledigheid verwijzen wij graag naar de eerder door ons ingediende zienswijze op de begrotingswijziging voor 2020 voor wat betreft onze oproep tot financieel realisme. Onze zienswijze voorzag voor een groot deel al de nu door u voorgestelde aanpassingen.
Wij nemen uw oproep tot financieel realisme ter harte. Tegelijkertijd is er binnen de regio een brede behoefte kostenreductiedoelstellingen in de begroting op te nemen.
Wij verzoeken u om de volgende nadere toelichting en/of aanpassing van de begrotingswijziging: - Een nadere toelichting te geven op de extra benodigde middelen voor de ondersteuning bij het inkooptraject en de uitleg waarom de serviceorganisatie dit niet binnen de huidige middelen en/of bezetting kan;
In de begrotingswijziging is een stelpost opgenomen van € 0,2 mln. Deze stelpost is bedoeld voor het schrijven van bestekken, berekenen van tarieven in afstemming met aanbieders op de nieuwe tariefstructuur en projectleiding. In de huidige bezetting / met de huidige middelen is hier niet in voorzien. Het vereist enerzijds specifieke deskundigheid en anderzijds is de huidige bezetting meer dan volledig belast met andere taken.
Een nadere onderbouwing van de post ten aanzien van de te realiseren kostenreductie wegens de uittreding van Leerdam & Zederik en op basis daarvan een realistische bedrag opnemen in plaats van een range tussen de 40.000 en 232.000 euro;
In de primaire meerjarenbegroting was een afbouw van de Serviceorganisatie opgenomen ter grootte van het aandeel van Leerdam en Zederik (7,5%). In de eerste jaren is hier een afnemende gedeeltelijke dekking voor uit de reserve frictiekosten gevormd uit de uittreedvergoeding. De te maken kosten door de Serviceorganisatie verminderen nauwelijks door de uittreding van deze twee gemeenten. Contractmanagement met aanbieders moet nog steeds plaatsvinden, de systeemkosten zijn niet direct afhankelijk van de omvang of aantal gemeenten en het aantal (transformatie) projecten neemt alleen maar toe.
Graag benoemen wij enkele aandachtspunten die van belang zijn om de komende periode beter op de financiële resultaten te kunnen sturen: 1. De tien gemeenten zijn vanaf 2023 niet meer financieel solidair met elkaar. Onderzoek hoe in samenhang daarmee de jeugdhulpbegroting, met inachtneming van regionale verplichtingen, ook zoveel als mogelijk lokaal kan worden gepresenteerd. Meer zicht op ieders couleur lokale (zowel qua inhoud als qua financiën t.a.v. de regionale zorgmarkt) draagt bij aan meer verantwoordelijkheidsgevoel en het maken van lokale, integrale inhoudelijke en financiële afwegingen door individuele gemeenten om duurdere jeugdhulp van de regionale zorgmarkt te verminderen.
Steeds meer delen van de jeugdhulpbegroting komen lokaal te liggen; naast de sociale wijkteams nu ook de jeugdteams, initiatieven al Jeugdhulp naar Voren en Jeugdhulp op School. Wij zijn dan ook voorstander van een lokale begroting zodra de solidariteit geheel is afgelopen. Het DB zal tijdig een voorstel hiervoor doen. In de tussentijd zorgt de SOI ervoor dat gemeenten zoveel mogelijk inzicht hebben in de lokale uitgaven; De regionale begroting is opgesplitst naar de tien gemeenten. Maandelijks ontvangen gemeenten een rapportage over de ontwikkeling van het aantal jeugdigen en kosten naar diverse gezichtspunten. In de rapportage is ook een prognose voor het hele jaar opgenomen. Daarnaast wordt een samenvatting verstrekt in een dashboard op 1 A4. Voor een verdere diepgang is het gemeentedashboard beschikbaar waarin gemeenten naar talloze invalshoeken gedetailleerd het gebruik kan volgen. In speciaal daartoe gehouden maandelijkse bijeenkomsten wordt bovenstaande besproken en verder doorontwikkeld. Gemeenten leren daarbij veel van elkaar.
2. Vanaf 2022 verstrekken gemeenten zelf de opdracht aan Stichting Jeugdteams in plaats van een regionale opdracht vanuit de SOJ. Dit vraagt om een neerwaartse aanpassing van de begroting van de SO). 3. Aansluitend hierop: Maak in de regio samen werk van de aanbevelingen van (1) AEF over de governance van de jeugdhulp in Zuid-Holland Zuid en (2) het regionale aanjaagteam. Wij juichen het toe dat bestuurlijk en ambtelijk opdrachtgeverschap worden geprofessionaliseerd en lokale visies en plannen worden herzien met meer focus en resultaten en voorzien van een financiële doorrekening. 4. We missen de inhoudelijke onderbouwing voor het meerjarenperspectief voor de jaren 2021-2022. Hoe reëel is het, ondanks de voorzichtige
De begroting wordt hierop aangepast.
Wij onderschrijven uw punt en een en ander is onlangs al geoperationaliseerd.
Wij delen met u de onzekerheid die inherent is aan het opnemen van dergelijke taakstellingen. In de primaire begroting 2022-2025 worden
positieve ontwikkeling in de stijging van de uitgaven in dit jaar, om de onrealistische gebleken bezuiniging vanaf 2020 met slechts een jaar op te schuiven?
daarom, evenals in voorgaande primaire begroting, meerdere scenario's opgenomen. Gemeenten zijn uiteraard vrij (en dat gebeurt ook) een voorzichtiger scenario te kiezen. Op basis van de bevindingen uit het nadien verschenen AEF-rapport over de landelijke kostenontwikkeling jeugdhulp blijkt dat er door AEF landelijk een verdere kostenstijging verwacht wordt. De deelnemende gemeenten zijn er in meerderheid voorstander van de beoogde besparingen in de begroting te verwerken.
Tenslotte verzoeken we u onveranderd om druk te houden op het ministerie, met as doel meer rijksmiddelen ter beschikking te krijgen.
Via de daartoe geëigende overlegorganen wordt dit punt geadresseerd.
We kijken ernaar uit om uw reactie op deze zienswijze via onze portefeuillehouder te ontvangen. Gorinchem
Zoals wij u in onze zienswijze bij de begrotingswijziging 2020 aangaven, voorzagen wij dat de door u aangeboden begroting 2021 een aanpassing nodig had. U benoemde hierin een aantal scenario's. De begroting die u aanbiedt past in die lijn van het scenario dat wij in ons meerjarenperspectief hebben verwerkt. Op de begrotingswijziging zelf hebben wij daarom geen aanmerkingen. Ons valt op dat het Gorinchemse positieve aandeel in de solidariteit op basis van de prognoses de komende jaren afneemt. Daarnaast hebben wij met belangstelling gekeken naar de globale besparingscalculatie voor de komende jaren die u in uw tweede bestuursrapportage hebt opgenomen. De besparingspotentie op zich en de haalbaarheid daarvan vraagt om een verdiepingsslag, een verbetering van de sturing en het verhogen van het tempo, aldus uw schrijven van 7 december 2020. In deze zelfde brief concludeert u dat wat betreft de meeste maatregelingen de gemeenten de trekker zijn. Daar spannen wij ons zeker voor in, maar dit laat onverlet dat ook uw organisatie alle zeilen zal moeten bij zetten om de kostenbesparing te realiseren.
Wij ondersteunen dit volledig en zullen ons maximaal blijven inzetten.
Wij vinden het van groot belang om de ombuiging verder door te zetten en de bezuinigingstaakstelling te realiseren. Wij roepen u op om u tot het uiterste in te spannen om uw aandeel hierin te behalen. Wij verwachten dat u met het onlangs vastgestelde inkoopkader, het normenkader en de totstandkoming van de jeugdagenda binnen de gemeenschappelijke regeling, goede aanknopingspunten hebt om dit samen met ons vorm te geven.
Wij ondersteunen dit volledig en op dit moment is dit ook al werk in uitvoering. De nieuwe inkoopstrategie 2022 en het daarbij behorende normenkader zullen met ingang van 2022 effect hebben.
Wij verkeren met elkaar in een bijzonder tijdperk. Een periode dat zijn weerslag heeft op onze inwoners, vrijwilligers en professionals. Alhoewel op dit moment de steunfuncties en hulpverlening de impact van Corona kunnen opvangen, zal er mogelijk sprake zijn van 'uitgestelde zorg'. Wij vertrouwen er op dat u zich ervan overtuigt dat de hulpverlening doorgang blijft vinden en dat u zich ten hoogste inspant om de kosten beheersbaar te houden. Op het moment dat de haalbaarheid van de taakstelling bij het voortduren van de Covid-19pandemie in het geding komt, verwachten wij dat u ons tijdig informeert. Hardinxveld Giessendam
Wij spannen ons maximaal in en ook met succes de jeugdhulp doorgang te laten vinden. Wij monitoren vanzelfsprekend de kosten nauwlettend. Via maandelijkse rapportages worden gemeenten op de hoogte gehouden van de kostenontwikkeling, inclusief een prognose voor het hele jaar. In aanvulling daarop is er twee maal per jaar een bestuursrapportage op regioniveau. Voor wat betreft de Covid-19 hebben aanbieders in 2020 een vergoeding voor gederfde omzet ontvangen ( € 1,8 mln.) alsmede een vergoeding voor meerkosten (€ 0,5 mln.). Voor de component meerkosten hebben de gemeenten compensatie ontvangen in het gemeentefonds
Met grote belangstelling heeft onze raad kennis genomen van de laatste stand van zaken in de tweede Bestuursrapportage 2020 van de Serviceorganisatie Jeugd (SOJ). U vraagt ons naar aanleiding van deze bestuursrapportage en het meerjarenperspectief een zienswijze te geven op de door u voorgestelde begrotingswijziging voor 2021.
Uit de eerste en tweede Bestuursrapportage 2020 blijkt dat de kostenreductie doelstelling uit het financieel kader niet gehaald wordt. In juli 2020 is door het AB besloten om de begroting 2021 nog niet aan te passen. Dit zou namelijk een ongewenst signaal naar buiten betekenen, waardoor maatregelen om kosten omlaag te brengen mogelijk achterwege blijven. Helaas heeft dit niet geleid tot een verlaging van de kosten en moeten we de begroting 2021 alsnog bijstellen. We zijn wel blij dat de trendbreuk in stand blijft en de kosten niet harder zijn gaan stijgen. De reductiedoelstellingen zijn nu een jaar opgeschoven en de begroting komt dicht in de buurt bij het begrotingsscenario 2b. Ten opzichte van de begroting wordt in 2021 12,3 miljoen aan extra kosten verwacht. Prognose in de tweede burap De grote verschillen in de kostenstijging voor Hardinxveld-Giessendam tussen de eerste en de tweede burap zijn opvallend. Deze kostenstijging wordt geboekt op de zorginkoop en de afbouw solidariteit. Bij het opstellen van de eerste burap werden de cijfers gebaseerd op daadwerkelijk gebruik. In de tweede burap worden op basis van prognose de bijdragen per gemeente berekend. Deze prognose ligt voor Hardinxveld-Giessendam niet in lijn met het werkelijke gebruik.
Hardinxveld-Giessendam heeft in het Algemeen Bestuur niet ingestemd met de tweede burap en middels deze zienswijze uiten wij onze zorgen over de betrouwbaarheid en de wisseling van deze prognose- en
Bij de eerste burap is de impact van de afbouw van de solidariteit en het verwachte kostenniveau per gemeente gebaseerd op de realisatie 2019. Sinds de zomer is er een nieuw forecastmodel ontwikkeld waarbij gedurende het jaar een prognose per gemeente wordt bepaald. Wij hebben gemeend, ondanks de experimentele fase waarin het forecast model zich bevindt, deze laatste te gebruiken voor 2e burap en maandrapportages vanwege de hogere actualiteitswaarde, namelijk inzicht in het kosten verloop huidig jaar in plaats van voorgaand jaar als referentie nemen. De mate van betrouwbaarheid van het nieuwe forecastmodel zal blijken als de definitieve productieverantwoordingen
rekensystematiek. Hardinxveld-Giessendam stemt daarom tegen de voorgelegde begrotingswijziging.
met controleverklaring van de accountant worden ontvangen van aanbieders op 1 april 2021.
Het heeft onze voorkeur om de bevoorschotting te baseren op het daadwerkelijke gebruik. Voor Hardinxveld-Giessendam betreft dit een verschil van € 122.760 op de bevoorschotting. De bevoorschotting van de SOJ van Hardinxveld-Giessendam komt dan inclusief de begrotingswijzing 2021 uit op € 4.655.574.
Na overleg met uw gemeente is inderdaad afgesproken het voorschot te bepalen op basis van de referentie realisatie 2019.
Lokale keuzes worden steeds belangrijker Door de afbouw van de solidariteit geldt voor elke gemeente dat het lokaal gebruik van jeugdhulp een steeds directere relatie krijgt met de kosten van jeugdhulp en de lokale begroting. Wij vragen u om de gemeenteraad regelmatig te blijven informeren middels verbruiksrapportages. Hardinxveld-Giessendam profiteerde van de solidariteit en ziet aan de hand van de prognose de kosten van de solidariteit de komende jaren stijgen. Om deze reden hebben wij sterk ingezet om lokaal te investeren in preventie en maatregelen te nemen. Alle maatregelen uit het programmaplan van het aanjaagteam zijn in Hardinxveld-Giessendam ingebedde werkwijzen of zijn van start gegaan, zoals met: • Samenwerking huisartsen in de vorm van POH jeugd; • Dóórontwikkeling sociaal team; • Samenwerking met de jeugdbeschermingsketen; • Lokale afbakening jeugdhulp; • Budgetmaxima 'afschaffing nee tenzij regeling' Jeugdhulp naar de voorkant.
Wij zullen dit onverminderd blijven voortzetten en willen graag een hoog tempo aanhouden. Uitgangspunt is dat de hulp terecht komt bij de gezinnen die het daadwerkelijk nodig hebben. We hebben vertrouwen dat onze ingezette maatregelen hier aan zullen bijdragen. In onze zienswijze over de begroting van 2020 hebben wij ingestemd met de begrotingswijziging en afslag van € 5 miljoen, waarmee werd beoogd de druk op beperking van de uitgaven maximaal te houden. We zijn teleurgesteld dat dit niet heeft geleid tot een snellere realisatie van de maatregelen. We herhalen hier de kernboodschap van het aanjaagteam: "Er wordt op veel manieren in de regio gewerkt aan de transformatie — en daar zitten heel mooie voorbeelden bij. Juist in deze bijzondere Coronatijden vinden doorbraken plaats. Maar het ontbreekt bij de uitvoering van de transformatie aan focus, prioritering en resultaatgerichtheid. En
Wij informeren u met maandelijkse rapportages en een samenvattend dashboard op 1 A4 over het verbruik. Dit is tevens gedetailleerd 24/7 te bekijken in het uitgebreide gemeentedashboard. Daarnaast worden ook declaraties op het laagste niveau ter beschikking gesteld. Maandelijks is er regionaal overleg over de analyse van het verbruik, waarbij inhoud en verbruikscijfers in samenhang worden besproken. Gemeenten kunnen hier ook vragen stellen naar aanleiding van hun eigen analyse. De SOJ pakt verdiepende onderzoeksvragen van gemeenten op. Gemeenten ervaren een hoge toevoegde waarde van deze bijeenkomsten.
Wij begrijpen uw teleurstelling over de uitgebleven financiële effecten in 2020. Een belangrijke maatregel, het afschaffen van de Nee tenzijregeling in combinatie met onder andere budgetverantwoordelijkheid gemeenten, is op verzoek van een meerderheid van gemeenten niet doorgevoerd. Net als u hechten wij veel belang aan de implementatie van de maatregelen en het halen van het daarmee beoogde effect. In het Aanjaagplan zijn 28 maatregelen opgenomen welke moeten leiden tot de beoogde kostenreductie van € 14,7 mln. Voor de meeste maatregelen zijn de gemeenten en Stichting Jeugdteams trekker. Gemeenten hebben in navolging van het Aanjaagteam een nieuwe governance-structuur opgezet, waarbij het netwerk MT+ jeugd met bestuurlijke opdrachtgevers van diverse gemeenten een cruciale rol speelt in de aansturing. De Serviceorganisatie neemt de maatregelen waarvoor zij verantwoordelijk is voortvarend ter hand. Dit betreft de nieuwe Inkoop
daardoor tempo. Om hierin verandering te brengen zijn een resultaatgerichte houding en meer strategische sturing nodig". Regionaal vragen wij aandacht, aan alle gemeenten en de Service Organisatie Jeugd, om meer focus te hebben voor inhoudelijke regionale aanpakken uit het programmaplan van het aanjaagteam. Belangrijk hierin is een duidelijke verantwoordelijke in de uitvoering, een strakke planning en monitoring van de progressie van de maatregelen. Wij vragen u druk te blijven uitoefenen op het behalen van de taakstellingen uit het financieel kader. Aanpak fraude Er wordt een ophoging gevraagd voor de begroting van de SOJ, een gedeelte van deze extra middelen worden ingezet voor controles. Er bereiken ons steeds vaker signalen over zorgaanbieders met hoge winsten of zorgen over de kwaliteit van zorg. Wij zijn voorstander van meer controle in de zorg. Daarom hebben wij in 2019 een lokaal onderzoek uitgevoerd, waar vele inzichten zijn verworven door facturen van aanbieders naast elkaar te leggen. Wij verwachten dat u hierop toeziet en actie onderneemt wanneer dit nodig is.
Ten slotte willen wij onze tevredenheid uitspreken over de gelopen processen omtrent het inkoopkader jeugd 2022 en verder, en de governance opdracht. Wij zijn overtuigd dat met een gedegen implementatie deze middelen een positieve bijdrage leveren aan onze opdracht om goede betaalbare jeugdhulp te kunnen blijven bieden. We verzoeken u bovenstaande punten uit onze zienswijze mee te nemen en van een reactie te voorzien. Wij vertrouwen erop u op deze wijze voldoende te hebben geïnformeerd. H.I. Ambacht
Op 12 november jl. ontvingen wij van u de begrotingswijziging 2021 en het meerjarenperspectief 2022-2024 van de Serviceorganisatie Jeugd (SOJ). U verzoekt ons een zienswijze te geven op uw voorgenomen besluit om de begroting van SOJ voor 2021 te verhogen en kennis te nemen van het meerjarenperspectief. In onze raadsvergadering van 1 februari 2021
2022, contractmanagement 3.0 en de businesscase h!53/h329. De Serviceorganisatie streeft maximaal rendement na op haar projecten en ondersteunt daar waar van toepassing de gemeentelijke projecten.
Verder wijzen wij op het landelijk AEF-rapport over kostenstijging van de jeugdhulp. AEF constateert dat de huidige Jeugdwet om een aantal redenen leidt tot een sterke landelijke groei van de jeugdhulp. De onderzochte maatregelen dragen maar beperkt bij tot kostenreductie. Zonder fundamentele discussie over het voorzieningenniveau en bijvoorbeeld eigen bijdragen verwacht AEF dat de kosten verder zullen doorstijgen. De tekorten in onze regio zijn overigens aanzienlijk lager dan de landelijk gerapporteerde tekorten door AEF. De in de begroting opgenomen middelen betreffen controle van RGB door een extern bureau en controle van aanbieders met een omzet van minder dan € 100.000 die thans zijn vrijgesteld van een controleverklaring door de accountant. AEF heeft in haar rapportage over de governance in onze regio geadviseerd hard in te zetten op aanpak van mogelijke zorgfraude. Dit is breder dan opvullen van de huidige lacunes RGB en aanbieders <100k zoals in de begroting is opgenomen. Een voorstel voor opvolging van het AEF-advies op dit punt is in de maak. Los daarvan worden al een groot aantal controles uitgevoerd op de facturen en de rechtmatigheid van de geleverde zorg. Dit neemt niet weg dat de fraudeaanpak steviger kan.
Dank u voor deze waardering.
hebben wij uw voorstel besproken en dit geeft ons aanleiding om de volgende reactie te geven: De kosten moeten worden beheerst Voor 2021 wordt door u een begrotingswijziging voorgesteld van € 12,3 miljoen (van € 110,1 miljoen primair naar€ 122,4 miljoen). De voorgenomen kostenreducties in de begroting voor 2020, 2021 en 2022 zijn nu een jaar doorgeschoven. Voor 2021, 2022 en 2023 wordt nu uitgegaan van een reductie van de kosten met respectievelijk € 5 miljoen, € 5 miljoen en € 4,7 miljoen. U gaat er nu vanuit dat in 2024 de einddoelstelling voor de kosten van jeugdhulp in de regio Zuid-HollandZuid van € 100 miljoen (met als prijsniveau 2019) op jaarbasis wordt gerealiseerd.
Hoewel wij het streven naar dit einddoel volledig onderschrijven, vragen wij ons wet af hoe realistisch dit is? Uit de eerste en tweede bestuursrapportage bleek dat de doelstelling om de kosten te reduceren niet werd gehaald en dat het zorggebruik in 2019 harder is gegroeid dan voorzien. Nu wordt aangegeven dat de kostenontwikkeling over 2020 een trendbreuk in de goede richting lijkt in te gaan. Graag zouden wij daarover in 2021 zo snel mogelijk over witten worden geïnformeerd.
Voer de maatregelen uit de Omdenknotitie uit In onze zienswijze op de eerste bestuursrapportage 2020 van de SOJ zijn wij uitvoerig ingegaan op de toen voorliggende ophoging van de begroting
De begroting gaat niet uit van een einddoelstelling van € 100 mln. op prijspeil 2019. De verdere groei van de kosten in 2019 en de kostenstijging in 2020 worden niet ingelopen. Uitgangspunt is reductie van € 14,7 mln. ten opzichte van het verwachte kostenniveau 2020 bij de le burap 2020.
Wij delen met u de onzekerheid die inherent is aan het opnemen van dergelijke taakstellingen. In de primaire begroting zijn daarom meerdere scenario's opgenomen. Dit gebeurt ook in de aanstaande primaire begroting 2022-2025. Gemeenten zijn uiteraard vrij (en dat gebeurt ook) een voorzichtiger scenario te kiezen. Op basis van de bevindingen uit het nadien verschenen AEF-rapport over de landelijke kostenontwikkeling jeugdhulp blijkt dat er door AEF landelijk een verdere kostenstijging verwacht wordt. De deelnemende gemeenten zijn er in meerderheid voorstander van de beoogde besparingen in de begroting te verwerken. Wij informeren u met maandelijkse rapportages en een samenvattend dashboard op 1 A4 over het zorggebruik en een prognose voor het hele jaar. Het zorggebruik is tevens gedetailleerd 24/7 te bekijken in het uitgebreide gemeentedashboard. Daarnaast worden ook declaraties op het laagste niveau ter beschikking gesteld. Maandelijks is er regionaal overleg over de analyse van het zorggebruik, waarbij inhoud en verbruikscijfers in samenhang worden besproken. Gemeenten kunnen hier ook vragen stellen naar aanleiding van hun eigen analyse. De SOI pakt verdiepende onderzoeksvragen van gemeenten op. Gemeenten ervaren een hoge toevoegde waarde van deze bijeenkomsten. Op regionaal niveau wordt het bestuur bij de eerstvolgende eerste bestuursrapportage geïnformeerd.
2020. Inmiddels heeft u op deze zienswijze uw reactie gegeven en wij witten u voor de beantwoording daarop bedanken.
Wij blijven benadrukken dat de balans in het bieden van betekenisvolle hulp en ondersteuning aan onze inwoners en een gezond financieel beleid in evenwicht moet zijn. Daarvoor hebben we gezamenlijk een lijn uitgezet in de Omdenknotitie, is een advies uitgebracht over een sterkere sturing in de governance van de jeugdhulp in ZHZ en wordt hard gewerkt om de inkoop van de jeugdhulp ingaande 2022 op een andere manier te organiseren. Om dit alles te realiseren en effect te laten hebben op het gewenste evenwicht is doorzetten en uitvoeren van alles wat er nu ligt noodzakelijk.
Wij onderschrijven uw oproep. De Serviceorganisatie werkt hard aan de onderdelen waar zij moet bijdragen en leveren. Dit betreft voornamelijk de nieuwe inkoop 2022, contractmanagement 3.0, de normering van producten (h!53/h329) en het participeren in een aantal projecten. De jaarlijkse besparing van de normering h!53/h329 bij een volledig jaar (businesscase geldt allen voor nieuwe cliënten vanaf 1 oktober 2020) is € 1.250.000. De evaluatie over de beperkte nieuwe instroom in het laatste kwartaal geeft vooralsnog de bevestiging dat de beoogde besparing op de buca hl53/h329 bij een volledig jaar gehaald kan worden. We benadrukken dat het hier alleen gaat over de realisatie van de besparingen op de maatregelen vanuit de SOJ (zoals nieuwe inkoop 2022, contractmanagement 3.0 en de businesscase hl53/h329) en niet die vanuit de gemeenten. De effecten van de ombuigingsmaatregelen die door gemeenten worden opgepakt zijn nog niet inzichtelijk
Geef ruimte aan lokale initiatieven In Hendrik-Ido-Ambacht gaan we de komende tijd aan de slag met ons preventieplan sociaal domein "De kracht van Ambacht". Ons doet daarbij is dat 'voorkomen beter is dan genezen’. Het naar voren haten van jeugdhulp en de ondersteuning in een algemene voorziening aanbieden is een van de maatregelen die wij willen inzetten. Hiermee hopen wij dat minder specialistische jeugdhulp moet worden ingezet en dat uiteindelijk de kosten verminderen. Om dit te kunnen realiseren is lokale ruimte binnen het jeugdhulpbudget nodig en moet er de mogelijkheid zijn om zelf met jeugdhulpaanbieders 'op maat' afspraken te maken. Wij rekenen er op dat hier voldoende ruimte voor is in 2021 en zeker vanaf 2022 wanneer nieuwe inkoopcontracten met aanbieders zijn gestoten.
Strakker sturen is hard nodig Wij hebben ingestemd met de afbouw van de financiële solidariteit binnen de regio, wetende dat dit voor onze gemeente een financieel nadeel oplevert. Het is onacceptabel te moeten constateren dat een van de daaraan verbonden besluiten, het afschaffen van de nee-tenzij regeling, niet is doorgevoerd. Dat had onder andere kunnen helpen om perverse prikkels (bijvoorbeeld te tang doorgaan met het bieden van hulp en/of inzetten van duurdere trajecten dan nodig is) die in de Loop der jaren in het systeem zijn geslopen te gaan aanpakken. Voor ons is het een vereiste dat bij de verdere uitwerking van de adviezen uit het governanceonderzoek en bij de contractering vanaf 2022 er mogelijkheden ontstaan
Bestuurlijk zijn er goede afspraken gemaakt over de ruimte die gemeenten hebben over het naar voren halen van jeugdhulp. In de inkoop 2022 wordt dit ook gefaciliteerd.
om financiële maatregelen te nemen bij partijen die bovenmatig declareren dan wel meer hulp inzetten dan noodzakelijk is. Conclusie Verhoging van de begroting is niet acceptabel, zonder concrete maatregelen die de geschetste kostenreducties onderbouwen. We horen graag van het bestuur wat de consequenties zijn van het handhaven van de huidige begroting. Tot slot Wij verzoeken u deze zienswijze te betrekken bij uw besluitvorming over deze begrotingswijziging.
Wij begrijpen uw opmerking en zorg. Tegelijkertijd is het besluit van de meerderheid van gemeenten de nee tenzij-regeling niet af te schaffen een gegeven. Voor 2021 worden de effecten hiervan zoveel mogelijk gemitigeerd door strakkere sturing op de nee tenzij regeling door de Serviceorganisatie en uitvoeren dan wel versterken van de casus regie door de Stichting Jeugdteams. Bij de contractering vanaf 2022 wordt, analoog aan de businesscase h!53/h329, breed een normenkader geïntroduceerd voor de in te zetten jeugdhulp, waar aanbieders zich aan moeten houden. Aanvullend daarop worden in de contractering afspraken gemaakt over de reductie van de inzet per jeugdige. Ten slotte is het van het grootste belang dat de Stichting Jeugdteams casusregie voortvarend ter hand nemen om te voorkomen dat er meer hulp wordt ingezet dan nodig.
Tegelijkertijd is verhoging van de begroting nu realistisch en noodzakelijk. Indien we vaststellen dat de taakstellingen niet realistisch zijn en niet gehaald kunnen worden dit jaar, leidt vasthouden aan de begroting tot preventief toezicht. Wij refereren hierbij ook aan de eerder ontvangen brief van de provincie.
Hoeksche Waard
Met grote zorg hebben wij kennis genomen van de laatste stand van zaken in de Tweede Bestuursrapportage 2020 van de Serviceorganisatie Jeugd (SOJ). Het definitieve tekort 2020 en de te verwachten tekorten in volgende jaren gaat gevolgen hebben voor onze meerjarige begroting die dan niet meer sluitend is. U vraagt ons om naar aanleiding van deze bestuursrapportage een zienswijze te geven op de door u voorgestelde begrotingswijziging voor 2021. Hieronder staat onze zienswijze.
Het Algemeen Bestuur besloot om voor 2021 een begrotingswijziging voor te stellen De te verwachten kostenstijging is helaas op basis van deze Tweede Bestuursrapportage bevestigd en leidt tot verhoging van de begroting in 2021 van € 12,3 miljoen ten opzichte van het financieel kader. Voor de
Hoeksche Waard betekent dit een verhoogde deelnemersbijdrage van € 0,9 miljoen.
De begrotingswijziging 2021 heeft ook gevolgen voor 2022 en verder Uit het conceptvoorstel met de voorgestelde begrotingswijziging 2021 op de primaire begroting 2021-2024 blijkt dat de kostenontwikkeling ook doorwerkt in de jaren 2022-2024. Op grond hiervan zijn wij genoodzaakt om onze begroting aan te passen op deze ontwikkeling. Voor de Hoeksche Waard betekent dit een structureel verhoogde deelnemersbijdrage, oplopend tot € 1,4 miljoen. Met de set aan ombuigingsmaatregelen moeten we de taakstelling realiseren De reductie doelstellingen uit de primaire begroting voor de jaren 2020, 2021 en 2022 van respectieve[ijk € 5 miljoen, € 5 miljoen en € 4,7 miljoen schuiven nu 1 jaar op. De Tweede Bestuursrapportage 2020 bevat een set aan ombuigingsmaat- regelen van het Aanjaagteam, waardoor deze taakstelling in 2021 gerealiseerd moet worden. De Provincie heeft haar vertrouwen hierover uitgesproken op enkele onderdelen na die inmiddels verwerkt zijn in onze begroting. De Hoeksche Waard is blij dat er gehoor wordt gegeven aan de aanbevelingen van het aanjaagteam om meer focus en sturing aan te brengen, door een regionale werkgroep in te stellen die de ombuigingsmaatregelen scherper gaat vertalen naar welke resultaten we verwachten.
Lokaal zetten we ook sterk in door een transformatieplan uitvoering jeugdhulp Naast de inhoudelijke resultaten voegen we in ons transformatieplan, in het eerste kwartaal, ook een component toe over de te verwachten kosten en baten van de verschillende pilots. Wij roepen de andere gemeenten op dit ook te doen en die kennis te delen. Naast dat wij er zelf zicht op willen hebben, komt dit ook overeen met de brief die aan de provincie is gestuurd met de financiële effecten van de verschillende maatregelen. Wij vragen het AB met klem om het Netwerk MT+ de opdracht te geven hier ook regionaal op te sturen en te monitoren. Wij willen als raad hiervan op de hoogte worden gehouden. Realistisch begroten
Wij hopen en verwachten ook dat de focus die de regionale werkgroep gaat aanbrengen ook resultaat zal gaan opleven.
Het Dagelijks Bestuur van DG&J juicht het toe dat gemeenten op deze wijze mede verantwoordelijkheid nemen voor de taakstellingen en zal het AB adviseren de regionale sturing hierop te beleggen bij het Netwerk MT+ en periodiek verslag hierover uit te brengen aan het portefeuillehoudersoverleg.
De onderbouwing van de opgenomen kostenreductie bestaat uit de maatregelen, met een bedrag per maatregel, opgenomen in het
In de vorige zienswijze verzochten wij u om realistisch te begroten. Op basis van de Tweede bestuursrapportage geeft u een realistische doorkijk naar de begroting 2021 en 2022-2024. Dit zorgt voor meer transparantie naar gemeenten en provincie. Onze zorg blijft echter nog wet dat (opnieuw) moet blijken of de taakstellingen nu wel gehaald worden. Wij vragen het AB om dat nogmaals te onderbouwen.
Aanpassing P&C cyclus De afgelopen jaren zijn we er steeds tegenaan gelopen dat de Eerste Bestuursrapportage pas na de zomervakantie wordt aangeboden en de Tweede Bestuursrapportage aan het einde van het jaar. Het is dan vrijwel niet meer mogelijk bij te sturen in het lopende het jaar. Wij verzoeken u de P&C cyclus zodanig aan te passen dat wij eerder informatie ontvangen en daar met maatregelen op kunnen reageren.
Een nieuw risico is de ontwikkeling van jeugdhulp naar voren Gemeenten mogen -ten taste van SOJ (onderdeel regionale zorgmarkt)maximaal € 750.000,- aan beschikkingsvrije jeugdhulp inkopen tot 2022. Als deze beweging naar voren niet leidt tot navenant minder inzet van tweedelijns zorg in de regionale zorgmarkt, nemen de totale kosten voor jeugdhulp niet af. SOJ becijfert het maximale risico op € 7,5 miljoen (10 gemeenten x € 750.000,-). De door gemeenten voorgenomen omvang is nog niet duidelijk. Onze gemeente vraagt zich af hoe het zicht op de benodigde besparingen "aan de achterkant" gemonitord kan worden en hoe we dit risico tot het minimum beperken. Graag uw toelichting.. Heeft u nog vragen? Neem dan gerust contact met ons op. U kunt ons elke werkdag bereiken tussen 8.30 en 17.00 uur via telefoonnummer 14 0186 of 088-647 36 47. Wij helpen u graag!
Aanjaagplan. De verantwoordelijken voor de maatregelen werken de deze verder uit, hetgeen meer zicht zal geven op de haalbaarheid van de maatregelen.. Uw zorg delen wij. Daarbij wijzen wij u op het landelijk AEF-rapport over kostenstijging van de jeugdhulp. AEF constateert dat de huidige Jeugdwet om een aantal redenen leidt tot een sterke landelijke groei van de jeugdhulp. De onderzochte maatregelen dragen maar beperkt bij tot kostenreductie. Zonder fundamentele discussie over het voorzieningenniveau en bijvoorbeeld eigen bijdragen verwacht AEF dat de kosten verder zullen doorstijgen. De tekorten in onze regio zijn overigens aanzienlijk lager dan de landelijk gerapporteerde tekorten door AEF. De meerderheid van de gemeenten heeft zich uitgesproken de kostenreducties wel in de begroting te verwerken.
De eerste bestuursrapportage wordt voor de zomer in het Algemeen Bestuur besproken. Wij begrijpen dat dientengevolge de raden pas nadien daar kennis van kunnen nemen. Voor de tweede bestuursrapportage is dit vergelijkbaar. Gemeenten worden maandelijks geïnformeerd met een maandrapportage en dashboard samenvatting op 1 A4 over de ontwikkeling van aantallen jeugdigen en kosten, inclusief een prognose voor een heel jaar. In de maandrapportages is ook de kostenprognose van het boekjaar opgenomen.
Gemeenten mogen dat voor maximaal 13% van hun budget. Indien dat meer is dan € 750.000 dan moeten gemeenten dit aanbesteden. Tot nu toe kiezen gemeenten ervoor dit te beperken tot de aanbestedingsgrens van € 750.000,-. Voor wat betreft de meting van de financiële effecten van de maatregelen, waaronder dus ook beschikkingsvrije jeugdhulp naar voren, wordt opgemerkt dat de kostenontwikkeling van de inzet van jeugdhulp tot op het niveau van jeugdige gemonitord kan worden, maar dat het tegelijkertijd zeer lastig is te bepalen wat het oorzakelijk verband is tussen een individuele maatregel, in dit geval beschikkingsvrije jeugdhulp naar voren en de kostenontwikkeling. Worden de lagere uitgaven (of het uitblijven daarvan) voor bijvoorbeeld ambulante jeugdhulp bereikt door Jeugdhulp naar voren, het ingestelde normenkader, casus regie of anders? Om dit zo goed mogelijk te kunnen bepalen zullen ook toegespitste kwalitatieve in combinatie met kwantitatieve analyses moeten worden gemaakt. Hierbij kan overwogen worden de producten die zorgaanbieders leverden en nu worden voorzien in jeugdhulp naar voren, te blokkeren voor levering door de regionale zorgmarkt
Molenlanden
Op 12 november 2020 ontvingen wij uw verzoek voor een zienswijze op uw voorgenomen besluit over de begrotingswijziging Serviceorganisatie Jeugd Zuid-Holland Zuid 2021. Als onderbouwing stuurde u een informatiebrief waarin een korte schets van de ontwikkelingen en oorzaken van de kostenstijging. Eerder hebben wij kennisgenomen van de inhoudelijke en kosten ontwikkelingen via de bestuursrapportages SOJ. We hebben in onze zienswijzen daarop onder andere verzocht tot realistisch begroten, sturing op de kosten van de jeugdhulp en tot het realiseren van de afgesproken kostenreductie. Helaas ligt nu voor het jaar 2021 de al eerder aangekondigde begrotingswijziging toch voor, met wederom de mogelijkheid tot het indienen van een zienswijze. In onze raadsvergadering van 26 januari 2021 hebben wij deze begrotingswijziging behandeld en besloten tot het indienen van een zienswijze waarin de volgende onderdelen: realistisch begroten, tarieven jeugdbescherming en jeugdreclassering in 2021 en frictiekosten. Instemmen met de begrotingswijziging 2021 vanuit het oogpunt van realistisch begroten Uit de le en 2e bestuursrapportage blijkt dat de kostenreductie doelstelling in 2020 niet wordt gehaald. U geeft aan dat de kostenontwikkeling 2020 wel een trendbreuk in de goede richting ten opzichte van 2019 laat zien.
Op basis hiervan stelt u dat kan worden vastgehouden aan de begrotingswijziging zoals al is voorgesteld bij de le bestuursrapportage 2020. En dat deze hiermee dicht in de buurt komt van de primaire begroting scenario 2b (groei uitgaven met 5% in 2020 en realiseren besparingen vanaf 2021). Meerjarig heeft u de taakstelling van ± 5 mln. Op jaarbasis hiermee een jaar opgeschoven en verwerkt in de jaren 2021 t/m 2023. Naast het niet behalen van de besparing zijn er extra kosten op de volgende onderdelen: 1. De tarieven voor jeugdbescherming en jeugdreclassering worden verhoogd met € 0,5 mln. (5%). 2. Kosten extra personele inzet voor de ondersteuning van het inkooptraject; 3. Kosten inhuur extra personeel voor controle declaraties zorgaanbieders; 4. Kosten inhuur controle op verstrekte pgb's;
5. Een tijdelijk afnemende dekking uit de reserve frictiekosten. Als gevolg van de uittreding van Leerdam en Zederik is de begroting verlaagd met het aandeel van deze gemeenten maar kunnen de afnemende kosten in 2021 nog niet volledig worden opgevangen binnen de organisatie. Ingestemd kan worden met de voorgenomen begrotingswijziging 2021 vanuit het oogpunt van realistisch begroten. Dank u voor uw steun. Op inhoud kunnen wij instemmen met de extra ondersteuning die nodig is voor het realiseren van de inkoop met ingang van 2022. Dit geldt ook voor de extra inzet met betrekking tot factuurcontrole en rechtmatig gebruik van persoonsgebonden budget. We zien dat dit nodig is om de controlerende taak van de SOJ uit te kunnen voeren. Ook vinden wij het belangrijk dat wordt ingezet op terugbetaling van onrechtmatig gedeclareerde bedragen. Kanttekening bij tarieven voor jeugdbescherming en jeugdreclassering 2021 De tarieven jeugdbescherming en jeugdreclassering stijgen mogelijk nog verder in 2021. De andere regio's in de provincie Zuid-Holland willen de tarieven voor jeugdbescherming en jeugdreclassering nog verder ophogen voor een verlaging van de caseload per medewerker en meer inzet op wachtlijstbemiddeling. Maar het is van belang dat hier een gegronde kosten-baten analyse aan vooraf gaat. Welk resultaat wordt beoogd met de verlaging van de caseload per medewerker.
En wat is dan een verantwoorde kostprijs. Indien onze regio hier ook in mee gaat of mogelijk in mee moet gaan is dit een extra kostenpost van € 1,7 mln. Wij verzoeken u dan ook dringend de benodigde invloed vanuit de regio aan te wenden om tot een verantwoorde inzet en daarbij behorende kostprijs van jeugdbescherming en jeugdreclassering te komen.
Compenseren frictiekosten Naar aanleiding van de uittreding van Leerdam en Zederik is de begroting van de Serviceorganisatie verlaagd met het aandeel van deze gemeenten. De reserve frictiekosten is bedoeld om er jaarlijks een bedrag uit te nemen om die frictiekosten te compenseren. Deze reserve zou voldoende moeten zijn om de frictiekosten op te vangen en af te bouwen. U geeft aan dat deze reserve niet voldoende is en dat de kosten hiervoor ook nog verder oplopen. Wij verzoeken u om inzage in het plan van aanpak om de frictiekosten terug te dringen en de stand van zaken daarvan. Ook vragen
Wij delen uw oproep en zullen dit ook zeker meenemen.
Helaas is het niet mogelijk de kosten van de Serviceorganisatie af te bouwen met het aandeel van de uitgetreden gemeenten Leerdam en Zederik. De te maken kosten door de Serviceorganisatie verminderen nauwelijks door de uittreding van deze twee gemeenten. Contractmanagement met aanbieders moet nog steeds plaatsvinden (het aantal aanbieders is niet afgenomen na de uittreding van Leerdam en Zederik, de systeemkosten zijn niet direct afhankelijk van de omvang of aantal gemeenten (namelijk een vast bedrag) en het aantal (transformatie) projecten neemt alleen maar toe (zie de projecten uit het
wij om inzicht in de specificatie van het bedrag wat kennelijk niet verder afgebouwd kan worden. Wij gaan ervan uit dat in 2021 de kosten van uittreding vanuit de frictiekosten worden gecompenseerd.
Advies auditcommissie Tot slot doen wij nogmaals een dringend beroep op u om meer voortgang in de regionale maatregelen te brengen. In lijn met het advies van de auditcommissie constateren ook wij dat er in periode tussen vaststelling van de le Burap en nu geen besluit door het Algemeen Bestuur is genomen wat heeft geleid tot een snellere realisatie van de maatregelen uit de Omdenknotitie/het Aanjaagplan. Dat is teleurstellend. Onderliggend wordt de uiting van de urgentie en bereidheid tot daadkracht gemist. Ook wij zien dat er in de regio op veel manieren gewerkt wordt aan de transformatie. Er is echter bij de uitvoering van de transformatie nog onvoldoende focus en prioritering. Wij verwachten wij van u meer strategische sturing om de benodigde resultaten te bereiken. Aansluiting op de lokale aanpak is hierbij een voorwaarde. We verwachten tegelijkertijd dat de deelnemende gemeenten verantwoordelijkheid nemen met betrekking tot de benodigde lokale plannen van aanpak. Omdat we alleen in gezamenlijkheid de gewenste ontwikkeling voor de jeugdhulp kunnen bereiken.
Rapend recht
Aanjaagplan en de projecten uit de nieuwe inkoop 2022). De reserve frictiekosten die is gevormd, is gelijk aan de hiervoor bestemde uittreedvergoeding. Wij delen uw urgentie op dit onderwerp. Een belangrijke maatregel, het afschaffen van de Nee tenzij-regeling in combinatie met onder andere budgetverantwoordelijkheid gemeenten, is op verzoek van een meerderheid van gemeenten niet doorgevoerd. Net als u hechten wij veel belang aan de implementatie van de maatregelen en het halen van het daarmee beoogde effect. In het Aanjaagplan zijn 28 maatregelen opgenomen welke moeten leiden tot de beoogde kostenreductie van € 14,7 mln. Voor de meeste maatregelen zijn de gemeenten en Stichting Jeugdteams trekker. Gemeenten hebben in navolging van het Aanjaagteam een nieuwe governance-structuur opgezet, waarbij het netwerk MT+ jeugd met bestuurlijke opdrachtgevers van diverse gemeenten een cruciale rol speelt in de aansturing. De Serviceorganisatie neemt de maatregelen waarvoor zij verantwoordelijk is voortvarend ter hand. Dit betreft de nieuwe Inkoop 2022, contractmanagement 3.0 en de businesscase hl53/h329. De jaarlijkse besparing van de buca h!53/h329 bij een volledig jaar (businesscase geldt allen voor nieuwe cliënten vanaf 1 oktober 2020) is € 1.250.000.
De evaluatie over de beperkte nieuwe instroom in het laatste kwartaal geeft vooralsnog de bevestiging dat de beoogde besparing op de buca hl53/h329 bij een volledig jaar gehaald kan worden. We benadrukken dat het hier alleen gaat over de realisatie van de besparingen op de maatregelen vanuit de SOI (zoals nieuwe inkoop 2022, contractmanagement 3.0 en de businesscase hl53/h329) en niet die vanuit de gemeenten. De effecten van de ombuigingsmaatregelen die door gemeenten worden opgepakt zijn nog niet inzichtelijk
Op 12 november 2020 hebben wij van u het verzoek ontvangen om een zienswijze kenbaar te maken op conceptbegrotingswijziging 2021. Graag willen wij hierbij de zienswijze van onze gemeenteraad op de begroting van uw gemeenschappelijke regeling uitbrengen.
Zienswijze begrotingswijziging 2021 Wat betreft de voorgestelde begrotingswijziging 2021 hebben wij wederom het gevoel geen andere keus te hebben dan in te stemmen met deze wijziging. In uw schrijven zien wij namelijk dat er geen andere optie is beschreven. Omdat het wijzigen van uw begroting geen unicum is en wij vrezen dat in de loop van 2021 zienswijzen zich wederom zullen
Wij begrijpen uw zorg over de terugkerende wijzigingen in de begroting. Deze vinden hun oorsprong in het opnemen van forse taakstellingen in de begroting en een groeiende vraag naar jeugdhulp. Tegelijkertijd heeft de meerderheid van gemeenten zich uitgesproken tegen afschaffen van de Nee tenzij-regeling. Het is steeds ook de uitdrukkelijke wens van de
opstapelen, verwijzen wij inhoudelijk naar onze vorige zienswijze van 1 oktober 2020 (zie bijlage). Wij vertrouwen erop dat u gehoor geeft aan de oproepen die wij richting uw bestuur reeds hebben gedaan en verwachten dat u in de loop van het jaar niet wederom komt met nieuwe verzoeken tot zienswijzen voor het begrotingsjaar 2021. De gemeente Papendrecht gaat niet akkoord met de voorgestelde begrotingswijziging, maar draagt het bestuur op om de komende 11 maanden te gebruiken om maatregelen te nemen om binnen de begroting 2021 te blijven.
Wij vertrouwen erop dat onze zienswijze met deze brief voldoende helder is verwoord.
meerderheid van gemeenten geweest hoge taakstellingen in de begroting te verwerken. In de begroting waren ook behoedzamere scenario's opgenomen welke gemeenten konden volgen. Er zijn gemeenten die dat hebben gedaan. De stijgende vraag naar jeugdhulp is overigens ook een landelijk fenomeen, zo blijkt uit het landelijk AEF-onderzoek. De tekorten in onze regio zijn aanzienlijk lager dan de in het AEF-rapport opgenomen landelijke tekorten. AEF rapporteert ook dat zij verwacht dat de kosten voor jeugdhulp nog verder zullen stijgen en dat de onderzochte maatregelen hier onvoldoende tegenwicht bieden. Fundamentele discussie over het voorzieningenniveau en of invoering van eigen bijdragen zijn noodzakelijk om de tekorten significant terug te dringen volgens het AEF-rapport.
Wij delen natuurlijk uw urgentie op dit onderwerp. Net als u hechten wij veel belang aan de implementatie van de maatregelen en het halen van het daarmee beoogde effect. In het Aanjaagplan zijn 28 maatregelen opgenomen welke moeten leiden tot de beoogde kostenreductie van € 14,7 mln. Voor de meeste maatregelen zijn de gemeenten en Stichting Jeugdteams trekker. Gemeenten hebben in navolging van het Aanjaagteam een dedicated governance-structuur opgezet, waarbij het netwerk MT+ jeugd een cruciale rol speelt in de aansturing. De Serviceorganisatie neemt de maatregelen waarvoor zij verantwoordelijk is voortvarend ter hand. Dit betreft de nieuwe Inkoop 2022, contractmanagement 3.0 en de businesscase hl53/h329.
Slied recht
Het Algemeen Bestuur (AB) van de Gemeenschappelijke Regeling (GR) Dienst Gezondheid en Jeugd (DG&J) heeft op 12 november 2020 besloten de begrotingswijziging 2021 van de Serviceorganisatie Jeugd (SO]) ter zienswijze voor te leggen aan de gemeenteraden. Hiervoor hebben wij op 17 november een schriftelijk verzoek ontvangen. Met deze brief informeren wij u over de zienswijze van onze gemeenteraad op de begrotingswijziging voor 2021 van de SO]. Kansen Met een nieuw inkoopkader en een gewijzigde governance voor de jeugdhulp in Zuid-Holland Zuid vanaf 2022 komen meer bevoegdheden lokaal te liggen. Er komen dan meer knoppen waar gemeenten lokaal aan kunnen draaien. Wij zien 2021 als een jaar waarin gemeenten zich kunnen voorbereiden op de nieuwe taken vanaf 2022. Het inrichten van een lokaal perceel voor jeugdhulp in het kader van "jeugdhulp naar de voorkant" is hiervoor naar onze mening een mooi instrument. Hierbij willen wij wel benadrukken dat gemeenten hierbij de
ruimte moeten krijgen om naar eigen inzicht ervaring op te doen met en invulling te geven aan de nieuwe taak. Binnen het nieuwe inkoopkader verwachten wij dat het terugdringen van het aantal gecontracteerde jeugdhulpaanbieders gaat helpen om beter te kunnen sturen. Zo kan er beter contractmanagement worden gevoerd op het moment dat een gelijkblijvende formatie aan contractmanagers bij de SO] te maken heeft met een kleiner aantal gecontracteerde aanbieders. Zoals wij in eerdere zienswijzen al hebben aangegeven zijn wij van mening dat een alternatief voor de "Nee, tenzij regeling” een belangrijk middel is om meer grip te krijgen op de jeugdhulp. Als gemeente Sliedrecht willen we 2021 gebruiken onmogelijkheden te verkennen om strikter te sturen op de toepassing van de "Nee,tenzij regeling". Transformatie Hoewel wij kansen zien in de hiervoor genoemde ontwikkelingen moeten we ook constateren dat de beoogde maatregelen in 2020 niet of nauwelijks van de grond zijn gekomen. Wij zijn wij dan ook van mening dat de transformatie van de jeugdhulp in onze regio te traag verloopt. Al in het Beleidsrijk Regionaal Transitiearrangement uit 2014 waren maatregelen opgenomen die moesten leiden tot de noodzakelijke transformatie van de jeugdhulp.
In het Meerjarenperspectief uit 2018 en de Omdenknotitie uit 2019 zijn veel van deze maatregelen, hier en daar in aangescherpte vorm, en aangevuld met een aantal nieuwe maatregelen, opnieuw op papier gezet en vervolgens bestuurlijk bekrachtigd. In onze eerdere zienswijzen hebben wij er op aangedrongen om de plannen, zoals opgenomen in de genoemde documenten, daadwerkelijk uit te rollen en te implementeren. Echter, ook het aanjaagteam is er in 2020 naar onze mening onvoldoende in geslaagd om de jeugdhulp te transformeren. Jeugdbescherming en jeugdreclassering Met jeugdbescherming en jeugdreclassering warden nieuwe tariefafspraken gemaakt. Naar onze mening hoeft een tariefverhoging om de caseload binnen de jeugdbescherming en jeugdreclassering te verlagen niet noodzakelijk te leiden tot hogere kosten voor de totale jeugdhulp. Wij willen er op aandringen om bij tariefverhoging met als doel om de caseload te verlagen ook inhoudelijk afspraken te maken met de aanbieders om er voor te zorgen dat zij meer samenwerking zoeken met de lokale teams, zowel op het gebied van doorverwijzingen als op het gebied van de daadwerkelijke hulpverlening. Op deze manier kunnen de hogere tarieven binnen de jeugdbescherming en jeugdreclassering leiden tot kostenverlaging elders in de regionale zorgmarkt.
Wij delen dit. Het door het Algemeen Bestuur genomen besluit over jeugdhulp naar voren biedt deze mogelijkheid. Terugdring van het aantal aanbieders is inderdaad een doelstelling in het Inkoopkader. Tegelijkertijd hebben gemeenten aangegeven voldoende keuzevrijheid voor hun burgers te willen behouden, hetgeen grenzen stelt aan de reductie van het aantal aanbieders.
Wij ondersteunen dit van harte. Vanuit contractmanagement zal ook strakker gestuurd worden op de nee tenzij-regeling. Daarnaast zullen jeugdteams casus regie (meer) gaan uitvoeren.
Net als u hechten wij veel belang aan de implementatie van de maatregelen en het halen van het daarmee beoogde effect. In het Aanjaagplan zijn 28 maatregelen opgenomen welke moeten leiden tot de beoogde kostenreductie van € 14,7 mln. Voor de meeste maatregelen zijn de gemeenten en Stichting Jeugdteams trekker. Gemeenten hebben in navolging van het Aanjaagteam een dedicated governance-structuur opgezet, waarbij het netwerk MT+ jeugd een cruciale rol speelt in de aansturing. De Serviceorganisatie neemt de maatregelen waarvoor zij verantwoordelijk is voortvarend ter hand. Dit betreft de nieuwe Inkoop 2022, contractmanagement 3.0 en de businesscase hl53/h329. De Serviceorganisatie streeft maximaal rendement na op haar projecten en ondersteunt daar waar van toepassing de gemeentelijke projecten.
Vorig jaar heeft het Algemeen Bestuur van de serviceorganisatie besloten om het tarief voor de GI's niet op te hogen voor omlaag brengen van de caseload maar de uitkomst van de verschillende pilots af te wachten en in te zetten op de beweging naar de voorkant. In de regio worden verschillende activiteiten ondernomen om de beweging waar u op doelt te realiseren en wij steunen dat ook zeer. Op dit moment wordt door middel van de doorbraakaanpak gewerkt aan het terugdringen van de wachtlijsten en de keten beter te laten samenwerken rondom de jeugdigen. Wij willen die ontwikkelingen afwachten en daarna bekijken of
Realistische begroting In eerdere zienswijzen hebben wij al aangegeven het een positieve ontwikkeling te vinden, dat de SO3 is overgestapt op wat wordt genoemd "een realistische begroting". Inmiddels vragen wij ons wel af, in hoeverre kan warden gesproken van een realistische begroting, wanneer nog steeds structureel sprake is van forse overschrijdingen. Hoewel de meerjarenbegroting nu niet ter zienswijze voorligt, geeft u aan dat de beoogde kostenbesparingen een jaar opschuiven. Graag vernemen wij van u, op welke wijze u deze doorgeschoven kostenbesparingen denk te gaan realiseren en hoe realistisch u deze kostenbesparingen acht.
Begrotingswijziging 2021 Hoewel wij er moeite mee hebben te moeten constateren dat de beoogde maatregelen opnieuw niet zijn doorgevoerd, dan wel geen effect hebben gehad op de kosten, vinden wij het positief om te zien, dat er wel sprake lijkt te zijn van een trendbreuk in de omvang van de kostenstijging. Echter, wij vinden het vooral zorgwekkend, dat nog steeds sprake is van verdere stijging van de kosten. Omdat wij willen voorkomen dat er onvoldoende hulp en ondersteuning beschikbaar is voor onze inwoners stemmen wij nu, met tegenzin, in met de begrotingswijziging voor 2021.
Zwijndrecht
een hoger tarief voor het verlagen van de caseload (mogelijk in de nieuwe inkoop) nodig is.
De begrotingsoverschrijdingen zijn ontstaan door een combinatie van op verzoek van gemeenten opgenomen taakstellingen in de begroting enerzijds en de groei van de vraag naar jeugdhulp anderzijds. De kostenbesparingen zijn onderbouwd met de hierboven genoemde 28 maatregelen uit het Aanjaagplan. In de begroting waren overigens ook behoedzamere scenario's opgenomen welke gemeenten konden volgen. Er zijn gemeenten die dat hebben gedaan. De stijgende vraag naar jeugdhulp is daarbij ook een landelijk fenomeen, zo blijkt uit het landelijk AEF-onderzoek. De tekorten in onze regio zijn aanzienlijk lager dan de in het AEF-rapport opgenomen landelijke tekorten. AEF rapporteert ook dat zij verwacht dat de kosten voor jeugdhulp nog verder zullen stijgen en dat de onderzochte maatregelen hier onvoldoende tegenwicht bieden. Fundamentele discussie over het voorzieningenniveau en of invoering van eigen bijdragen zijn noodzakelijk om de tekorten significant terug te dringen volgens het AEF-rapport.
Wij delen uw urgentie op dit onderwerp. Een belangrijke maatregel, het afschaffen van de Nee tenzij-regeling in combinatie met onder andere budgetverantwoordelijkheid gemeenten, is op verzoek van een meerderheid van gemeenten niet doorgevoerd. Net als u hechten wij veel belang aan de implementatie van de maatregelen en het halen van het daarmee beoogde effect. Hierboven is reeds ingegaan op de verantwoordelijkheden en governance ten aanzien van de maatregelen.
Tot slot Tot slot verwachten wij van u dat u ons, voordat het Algemeen Bestuur het definitieve MJP vaststelt, laat weten op welke manier u invulling gaat geven aan de in onze zienswijze genoemde punten.___________________ De raad van de Gemeente Zwijndrecht heeft kennisgenomen van de voorgestelde begrotingswijziging 2021 voor het onderdeel Service Organisatie Jeugd (SOJ). Via deze brief ontvangt u onze zienswijze op de door u voorgestelde begrotingswijziging.
In de afgelopen jaren hebben wij als gemeenteraad met regelmaat onze zienswijzen gegeven op tal van begrotingswijzigingen. Wij vragen ons af hoe vaak dit nog nodig is? Wanneer krijgen we grip? In onze zienswijzen hebben wij altijd aangegeven waarde te hechten aan een realistische
Wij begrijpen uw zorg over de terugkerende wijzigingen in de begroting. Deze vinden hun oorsprong in het opnemen van forse taakstellingen in de begroting en een groeiende vraag naar jeugdhulp. Tegelijkertijd heeft de meerderheid van gemeenten zich uitgesproken tegen afschaffen van de